Gilles Ehrmann fotografeert fietsende Nederlanders (1959)

Gilles Ehrmann, ‘Homme sur une mobilette‘ (1959). {Amsterdam]. Collectie: ©Donation Gilles Ehrmann, Ministère de la Culture (France), Médiathèque du patrimoine et de la photographie, diffusion RMN-GP.

Men ontkomt er niet aan dat buitenlandse fotografen die Nederland bezochten vaak aanhaakten bij de in het buitenland bestaande beeld van ons land. Marken, vissers in klederdracht, kerkgang of stadsgezichten.

De Franse fotograaf Gilles Ehrmann bezocht Nederland in maart 1959. Bovenstaande foto die in juni 2022 op de site van het Franse ministerie van Cultuur werd geplaatst heeft een opvallende titel: ‘Homme sur une mobilette‘. Dat wil zeggen ‘Man op een bromfiets’.

Maar we zien iets anders. Een Nederlandse man van middelbare leeftijd op een oerdegelijke fiets. De toelichting op een verkoopsite die een afdruk van deze foto in 2006 voor 1233 euro verkocht hanteert een meer neutrale titel: ‘Hollande Amsterdam‘.

Ehrmann laat zich uitdagen door het lamplicht in de nacht. Zo lijkt het. Of liever gezegd, de avond. Lampen larderen het straatbeeld. Haakt Ehrmann aan bij het cliché van een fietsend Nederland zoals ons land toen in het buitenland bekend stond of vat hij lampen, lichten en schimmen in de nacht als compositiestudie op? Of combineert hij een en ander?

Gilles Ehrmann, ‘Cyclistes dans la nuit‘ (1959). {Amsterdam]. Collectie: ©Donation Gilles Ehrmann, Ministère de la Culture (France), Médiathèque du patrimoine et de la photographie, diffusion RMN-GP.

Hitchcock als ultieme MacGuffin

Dit stukje verscheen eerder op George Knight Kort op 6 juni 2011. Licht gewijzigd.

Eind jaren 1950 is Hitchcock immens populair door zijn serie korte verhalen Alfred Hitchcock Presents. De openingstitels veranderen met de jaren maar Hitchcocks silhouet en Charles Gounod’s muziek Marche funèbre d’une marionnette blijven hetzelfde.

Alfred Hitchcock hield van koele blonde dames als Grace Kelly, Kim Novak en Tippi Hedren en van de glimprol, de cameo. In 39 van zijn 52 films betreedt hij een bus of trein, loopt over straat of zit aan tafel. Zijn korte verschijning blijf niet onopgemerkt. Zo’n handtekening trekt de aandacht. Het bouwt bij de toeschouwer ook verwachting op die afleidt van het verhaal. Een reden om de cameo aan het begin te zetten.

Alfred Hitchcock als cameo in North by Northwest

De ene bus is de andere niet. Stadsbus of streekbus, VS of Zuid-Frankrijk, North by Northwest of To Catch a Thief, 1959 of 1955. Maar in beide films is Cary Grant op de vlucht. Voor de spreekwoordelijke MacGuffin. Onbelangrijk wat het is, het houdt het verhaal gaande. Het verstoort een evenwicht en zet de boel in beweging. Alfred Hitchcock als cameo is de ultieme MacGuffin. Onbelangrijk en onmisbaar tegelijk.

Cary Grant en Alfred Hitchcock als cameo in To Catch a Thief

Estate Violenta en Temptation

Dit stukje verscheen eerder op George Knight Kort op 14 augustus 2011. Licht gewijzigd.

In Estate Violenta uit 1959 van de Italiaanse regisseur Valerio Zurlini klinkt tijdens een zomerse danspartij TemptationGezongen door Teddy Reno. De sfeer van verleiding in die gewelddadige zomer van 1943 wordt gevoelig getroffen. Jean-Louis Trintignant neemt als fascistische meeloper een voorschot op zijn rol in Il Conformista van 10 jaar later. Maar de ster is Eleonora Rossi Drago. Ze zou het als filmster nooit helemaal maken, ondanks optredens in films als Antonioni’s Le Amiche.

Jean-Louis Trintignant (links) en Eleonora Rossi Drago in Estate Violenta (1959) ofwel ‘Gewelddadige zomer’.

You came, I was alone
I should have known
You were temptation.

I’m just a slave, only a slave
to you, temptation
I’m your slave!

In Estate Violenta klinkt nog een verre echo van Bing Crosby die Tempation in 1933 naar bekendheid croont in Going Hollywood. Tegenover Marion Davies de protégé van William Randolph Hearst die Orson Welles inspireerde tot Citizen Kane. Het fragment lijkt voornamelijk het Koelesjov-effect te onderbouwen. Crosby legt het uit als een eerste poging om een lied in de stijl van een drama te maken. Monsterlijk raak.

Hier is op YouTube de volledige versie van Estate Violenta (1959) te zien. 

Transitie 1959

Dit stukje verscheen eerder op George Knight Kort op 13 mei 2011.

Dr. von Braun briefs President Eisenhower at the front of the S1 Stage (first Stage) of the Saturn 1 vehicle at the Marshall Space Flight Center (MSFC) on September 8, 1960. The President’s visit was to dedicate Marshall Space Flight Center as a new NASA field center in honor of General George C. Marshall.

Westenwind voert zachte lucht aan. De ene president gaat en de andere komt. De oude is minder technocraat dan de charmeur. Belgisch-Congo zakt in elkaar. Niet lang genoeg om de opwaardering van Eisenhower en de afwaardering van Kennedy te zien. Toeschouwers laten zich met alle plezier in het ootje nemen. Verlangen wordt zichtbaar.

Ruimtesonde Loena 3 fotografeert de achterkant van de maan. Ornette Coleman Shapes the Jazz To Come. Toekomst ontbrandt en wordt avontuur. Inclusief verveling van Antonioni’s L’AvventuraVrijheid wringt. Raket wordt totempaal. De New Frontier krijgt de ruimte. Thuis verzacht door Bonanza. Lifestyle is geen design, maar zoektocht. Johnny Cash zet ons met beide voeten op de grond met all around cowboy 1959.

Sen. John F. Kennedy (L) shaking hands, 1959.

Gedachte bij de foto ‘Easter ritual’ (1959)

George Brich, Easter ritual, 1959. Collectie: Valley Times Collection.

Als je een rol speelt, dan moet je erin geloven. Anders wordt het niks. Dat geldt voor alles in het leven. Het is een kwestie van geloofwaardigheid. Of in dramatische termen gezegd, vraisemblance. De rol kan niet overeenkomen met de waarheid, maar dient er wel sterk op te lijken. De speler moet zich inspannen om de waarheid van het ritueel te benaderen. Zonder zich af te laten leiden.

De deelnemer wisselt het Individualisme tijdelijk in voor een hoger doel. Juist dat maakt iemand tot speler. Dat is de afspraak van drama waar spelers en toeschouwers zich aan onderwerpen. Ze doen alsof ze niet doen alsof. Dat is de noodzakelijke voorwaarde voor doen alsof.

Rituelen in godsdienst, theater, performance kunst, openbare optredens of wat dan ook zijn geformaliseerd in afgezaagde vormen. Dat dient het gemak en de verwachting van spelers en toeschouwers. Ze stappen in een model dat zich door herhaling in de tijd bewezen heeft.

Dat is deel van de maatschappelijke orde die op zijn beurt ook een afspraak is die dit zowel mogelijk maakt als er door versterkt wordt. Daarom is de macht zo dol op rituelen. Hoe autoritairder de macht, hoe meer de protagonisten ervan belang hechten aan rituelen.

Parades, massabijeenkomsten en samenwerking met godsdiensten met hun traditie van rituelen en hun steun onder de lokale bevolking die tegen een tegenprestatie worden ’uitgeleend’ aan de lokale dictator of autoritaire leider zijn hiervan het symbool.

De foto toont een paasritueel van een Oosters-orthodoxe kerk in Los Angeles, 1959. Het bijschrift zegt (vertaald): ‘Kerkenraadsleden van St. Innocent Eastern Orthodox Church in Encino, 5501 Newcastle Ave., tonen de begrafenis van Christus, die vanavond zijn hoogtepunt zal bereiken in de opstandingsdiensten voor leden van de oosters-orthodoxe kerken. Met pope Sergei A. Glagolev, rector, van links, zijn George Vag, Edward Sutyak, Stephen Kosct en Nicholas T. Geeza. Mannen houden ‘het opwindlaken’ of de lijkwade van Christus vast. De lijkwade wordt van de kist verwijderd en de verduisterde kerk wordt verlicht nadat woorden, ‘Christus is opgestaan’, zijn gesproken.”‘

De drie middelste mannen Edward Sutyak, Stephen Kosct en Nicholas T. Geeza loeren naar fotograaf Brich. Ze laten zich afleiden van het ritueel dat ze uitvoeren. Waarschijnlijk is het een eer dat zij daarvoor zijn uitgekozen. Het is wellicht te veel gezegd dat ze zich betrapt voelen en twijfelen over de handeling die ze verrichten, maar ze laten evenmin zien dat ze er ondubbelzinnig in geloven.

Gedachten bij drie foto’s van een carrousel in Parijs (1957-1959)

Walter Silver, Amusement Park (1957-1959). Collectie: The Miriam and Ira D. Wallach Division of Art, Prints and Photographs: Photography Collection (IMAGE ID 5216886).

Op een foto van een carrousel in Parijs loopt een man met hoed met een aktetas in zijn linkerhand. Fotograaf Walter Silver neemt hem op de bovenste foto op de korrel. De man is zichtbaar in het midden van het vlak achter de draaimolen.

De attractie wordt opgebouwd of afgebroken. Waarschijnlijk het eerste. Een ladder staat tegen het kraam. In de rechterhoek is de nummerplaat van een vrachtauto met open laaddeur te zien. Met het departementsnummer ’82’ van Tarn-et-Garonne, in Zuidwest-Frankrijk.

Op de tweede foto is de man verder gelopen en komt hij links in beeld. Precies tussen de eend en het hoofd van een paardje. Silver heeft zijn camera naar links gedraaid. Hij heeft even moeten wachten om af te drukken toen de man vanachter het kraam weer tevoorschijn kwam. De man kijkt in de richting van de fotograaf. Is het een geruisloze aanzegging?

Walter Silver, Merry go round (1950-1959). Collectie: The Miriam and Ira D. Wallach Division of Art, Prints and Photographs: Photography Collection (IMAGE ID 5183953).

Op de derde foto is de man met hoed en aktetas blijkbaar verder gelopen en uit beeld verdwenen. Op de achtergrond is duidelijk een kerk met trappen te zien. Er staat links bouwmateriaal tegen een pilaar, zodat men mag aannemen dat er aan de kerk verbouwd wordt. Een jongen met Franse baret op een fiets kijkt in de richting van de fotograaf. Deze staat nu iets hoger en heeft zijn camera verder naar links gedraaid.

Het zou te ver gaan om te zeggen dat we nu leegte voelen. Maar de man met hoed en aktetas is weg. Voorgoed. Hij komt niet meer terug. Voor altijd verdwenen.

Walter Silver, Merry go round, Paris (1957-1959). Collectie: The Miriam and Ira D. Wallach Division of Art, Prints and Photographs: Photography Collection (IMAGE ID 5147415).

De symboliek van een carrousel is voor elk wat wils. Er worden betekenissen aan verbonden, zoals jeugd, onschuld, terugkerend verloop of iets dat regelmatig terugkeert. Het heeft geen begin en geen eind. Het is een vorm van illusie. Echt? De carrousel zou geen ontwikkeling in de tijd kennen omdat het uitsluitend in zichzelf ronddraait.

Dat is onzin die dient om ons houvast te verschaffen in het leven dat eindig in de tijd is. Daarom zijn deze foto’s zo aardig omdat ze daar een voetnoot bij plaatsen. Echter alleen in een reeks, want apart doen ze dat niet. Ze hebben elkaar nodig.

De opeenvolging van drie foto’s onthult een toneelstukje. Van een langslopende man in Parijs aan het eind van de jaren 1950 op wie we van alles kunnen projecteren. Over jeugd, tijd, vergankelijkheid, eeuwigheid en dood. Of over de jacht op een goed beeld van een fotograaf. Of over de alledaagse opbouw van een kermisattractie door kermisklanten in het voor hen verre Parijs. Of wat dan ook waar we op ons moment van kijken mee bezig zijn.

Klassieke film noir: Odds Against Tomorrow (1959)

Voor de liefhebbers, een klassieke film noir: Odds Against Tomorrow (1959). In prachtig zwart wit wat de film een korrelig realisme geeft. Cameraman is Joseph C. Brun. Een project van Robert Wise in de overgang naar de jaren 1960.

Vergelijkbaar in toon, met andere (deels) in New York City opgenomen films: Alexander Mackendricks Sweet Smell of Success (1957), Cassavetes’ Shadows (1958) en Shirley Clarkes The Connection (1961) en The Cool World (1964).

Het verhaal is volgens IMDB simpel: ‘Dave Burke (Ed Begley) huurt twee zeer verschillende mannen met schulden (Harry Belafonte en Robert Ryan) in voor een bankoverval. Achterdocht en vooroordelen dreigen hun partnerschap te beëindigen’. Uiteraard moet het slecht aflopen.

De muziek is geschreven door pianist en componist John Lewis die jarenlang deel uitmaakte van het populaire Modern Jazz Quartet. De muziek ondersteunt de groezelige sfeer.

De vrouw en de trein

Het gezegde luidt ‘Het verleden is een vreemd land’. Wat zich 55 jaar geleden in 1959 langs de spoorweg afspeelt lijkt eerder een vreemd continent. De vervreemding die dat nu oproept volgt niet zozeer uit de verbazing van de hedendaagse mens over tempo, gebruiken, omgangsvormen of oude procedures, maar uit het besef dat de overwegwachter ons even exotisch is als de vluchteling nu in Zuid-Soedan of de boer op het Indiase platteland. Maar de 61-jarige mevrouw Van Kempen had tegelijk ook onze tante of grootmoeder kunnen zijn. Die combinatie van afstand en nabijheid maakt de vervreemding pas echt schrijnend. Kijker en bekekene zijn tot elkaar veroordeeld in een onbegrepen huwelijk dat nooit meer ontbonden kan worden.

Kunnen we het commentaar dat even traag vordert als de routine die het beschrijft begrijpen? Laat staan op waarde schatten. Als iets snel veroudert dan is het het komische. Zijn de koeien die de overweg oversteken een ‘grappig’ bedoeld beeldrijm (‘melkweg’) en een reflectie op Fanfare (1958) van Bert Haanstra, of niet?

De vrouw staat haar mannetje, die geest van ruimdenkendheid draagt het verslag uit. We beseffen dat deze werkende vrouwen in 1959 het niet makkelijk hadden. Ze doen hun ding, en dat jarenlang. Mochten ze er zijn omdat de mannen wel wat anders te doen hadden? Idyllisch is het niet om door de klok geleefd te worden.

De mannelijke collega neemt de wacht in de nacht over. Zo wordt de vrouw alsnog behoed. De verhoudingen worden op tijd rechtgetrokken. Teruggebracht tot roodkapje uit een sprookje passeert voor haar de laatste trein van de dag. Vanuit het raam kijkt, wat een kind lijkt, met de camera mee naar de passerende trein. Zodat nacht, trein, overwegwachter, raam en kind door de onzichtbare camera in een beeld gevangen worden. In dat Limburgse niemandsland aan de spoorweg. Een langdurige Brief Encounter van 25 jaar. Ons wacht de rol van finale gluurder. Vlot neemt de overwegwachter de telefoon op en spreekt een collega in het toenmalige heden en ons ondoorgrondelijk uit het verleden toe. De stem zegt dat de trein voorbij is. Maar dat wisten we al.

vro

Foto: Still uit ‘Vrouwen bij de Nederlandse Spoorwegen’. YouTube-kanaal van het Nederlands Instituut voor Beeld en Geluid.