George Knight

Debat tussen links en rechts

Posts Tagged ‘Museum

Open brief van De Craen en Kraaijeveld aan Stedelijk Museum Breda over inzet vrijwilligers

with one comment

Publiciste en artistiek directeur van Hotel Maria Kapel in Hoorn Irene de Craen verzet zich tegen het rendementsdenken en de managementscultuur in de culturele sector. In haar analyses pleit ze er steevast voor om kunstprofessionals weer zeggenschap over de kunstsector te geven. Met andere woorden, handen terug aan het beeld. Ze keerde zich in september 2015 in een open brief tegen het voortijdige ontslag van directeur Lorenzo Benedetti van kunstcentrum De Appel in Amsterdam. Met de sleutelzin: ‘Is er nog plek voor artistieke visie, of is dit geheel secundair geworden aan de kwaliteiten van een manager?’ Zie hier mijn commentaren op de kwestie De Appel. Nu schrijft zij als bestuurslid van Platform BK samen met directeur  een open brief aan het Stedelijk Museum Breda (SMB). Over de inzet van vrijwilligers.

Ze stellen ‘dat de inzet van het toenemende aantal vrijwilligers dat in de culturele sector en in het bijzonder in de musea werkt’ zorgen baart. Daartoe verwijzen ze naar drie vacatures voor vrijwilligers van het SMB. Uit een voetnoot bij de open brief blijkt dat de vacatures door het museum tussentijds zijn aangepast. Maar nog steeds betwisten de briefschrijvers dat het SMB een beleid voert dat leidt tot een duurzame arbeidsmarkt. Ofwel, volgens De Craen en Kraaijeveld overvraagt het SMB de vrijwilligers, biedt te weinig tegenprestatie (onder meer ‘een leuke attentie op de verjaardag’) en werft het niet voor additioneel, maar voor vervangend werk: ‘Wat ook opmerkelijk is, is dat de werkzaamheden die de vrijwilligers moeten gaan uitvoeren structurele activiteiten zijn met een eigen creatieve bijdrage en veel eigen verantwoordelijkheid’. Het SMB werkt er met haar personeelsbeleid dus actief aan mee betaalde krachten te verdringen door de inzet van vrijwilligers.

De briefschrijvers hebben er enig begrip voor dat het SMB handelt vanuit een te krap budget, maar zijn toch van mening dat het museum zich verkeerd opstelt: ‘Waarschijnlijk zijn deze vrijwilligersfuncties een manier om aan alle eisen van een publiek instituut te voldoen binnen het budget dat het Stedelijk Museum Breda beschikbaar is gesteld uit publieke en private middelen. Platform BK heeft hier begrip voor, maar verlangt een andere houding van culturele instellingen.’ Ze eindigen hun brief positief door de directie en het bestuur van het SMB voor te houden hoe het wel correct zou kunnen handelen: ‘Het aandeel zzp-ers, 0-uren contracten en verkeerde inzet van vrijwilligers in de culturele sector zijn verontrustend. Deze arbeidscondities zijn onderdeel van het maatschappelijke probleem van een economie van onzekerheid, burn-out en verborgen armoede. Culturele instellingen, zoals het Stedelijk Museum Breda, zouden hun maatschappelijke voortrekkersrol moeten waarmaken in zowel de culturele programmering als het personeelsbeleid.

Er zijn in Nederland veel musea die financieel op het randje van het mogelijke opereren. Met vacatures voor vrijwilligers die structureel zijn. Dat is ongewenst en ongelukkig. Het pleidooi van De Craen tegen de inzet van vrijwilligers door het SMB valt rechtstreeks terug te voeren op haar pleidooi tegen het managementsdenken en de rendementscultuur in de kunstsector. Het accent moet weer bij de kunstprofessionals gelegd worden. Daartoe horen ook afgestudeerden die nu als vrijwilliger tot tweederangsmedewerkers worden gemaakt.

In Breda twijfelde het college de afgelopen jaren over de richting van de plaatselijke gemeentelijke musea, waardoor buitenstaanders het initiatief konden nemen. En er met de centen vandoor gingen. Uit een bericht van Breda Vandaag van 16 december 2014: ‘Het interim-management kostte in die periode 324.576,49 euro. Aan marketing werd in 5 jaar voor 349.104,25 euro aan extern management gespendeerd.’ Zoals ik in een commentaar concludeerde: ‘Een eindeloos proces van praten, overleggen, benoemen, initiatieven delen en ‘helder denken’ dat Breda zo op externe kosten voor personeel, en onderzoek en advies jaagt.’ De Craen en Kraaijveld trekken aan het eind van dit stroperige proces terecht de conclusie dat nu de vrijwilligers het kind van de rekening zijn. Het geld is op omdat het naar externe adviseurs, interim managers en bijklussende top-ambtenaren is gegaan. Het failliet van de managementcultuur in de museumsector is zelden beter aangetoond dan in Breda. Deze achtergrond geeft de open brief van Irene de Craen en Joram Kraaijeveld extra gewicht.

Foto 1: Schermafbeelding van deel ‘Open brief aan Stedelijk Museum Breda’ van Irene de Craen en Joram Kraaijeveld op Platform BK, 11 juli 2017.

Foto 2: Schermafbeelding van vacatures Stedelijk Museum Breda, stand 16 juli 2017.

Marketing ‘Grootste Museum van Nederland’ geeft valse knipoog. Het is schadelijk voor de definitie van wat een museum is

leave a comment »

Op initiatief van het Museum Catharijneconvent -een rijksmuseum voor religieuze kunst in Utrecht- zijn 13 gebedshuizen de actie het ‘Grootste Museum van Nederland’ gestart. Het gaat om 11 christelijke kerken en 2 joodse synangogen. In de toelichting wordt dit als volgt uitgelegd: ‘In het buitenland is het heel normaal om die indrukwekkende kathedraal te bezoeken. Toch lopen veel mensen er in Nederland ongemerkt aan voorbij. En dat terwijl Nederlandse kerken de prachtigste kunstvoorwerpen herbergen, gemaakt door de beste kunstenaars en opgenomen in magistrale decors. Met elkaar vormen ze het grootste museum van Nederland.

Het is een actie met een valse knipoog. De claim klopt niet dat deze 13 religieuze gebedshuizen het grootste museum van Nederland zijn. Het is zelfs een schadelijke actie omdat het een misverstand laat ontstaan over wat een museum in de kern is. De initiatiefnemers zetten zowel het brede publiek als opiniemakers op het verkeerde been door hun bewust een verkeerd beeld te geven. Juist in een tijd van bovenmatige bezuinigingen op de cultuurbudgetten is dat ongelukkige beeldvorming. Want het laat het idee ontstaan dat de meest zichtbare functie van een museum, namelijk de presentatie door tentoonstellingen, feitelijk de enige functie is. Met de onuitgesproken mening dat de andere functies secundair zijn en minder essentieel zijn. Dat is het misverstand dat deze actie van het Museum Catharijneconvent en de 13 gebedshuizen oproept.

Waar het aan schort is dat deze 13 gebedshuizen per definitie geen museum kunnen zijn omdat ze niet alle functies van een museum omvatten. Ze zijn hooguit staalkamers van hoogwaardige kunst. Presentatie is slechts één van de functies van musea. De internationale museumvereniging ICOM hanteert in haar statuten een definitie van een museum die wordt overgenomen door de Museumvereniging: ‘Een museum is een permanente instelling, niet gericht op het behalen van winst, toegankelijk voor publiek, die ten dienste staat van de samenleving en haar ontwikkeling. Een museum verwerft, behoudt, onderzoekt, presenteert, documenteert en geeft bekendheid aan de materiële en immateriële getuigenissen van de mens en zijn omgeving, voor doeleinden van studie, educatie en genoegen.’ Het ‘Grootste Museum van Nederland’ mist de functies verwerving, behoud, onderzoek, documentatie en wetenschappelijke verdieping en is geen museum.

De marketingsactie van de 13 gebedshuizen brengt instellingen in andere sectoren wellicht op de gedachte om de actie te beginnen ‘Het Nog Grotere Museum van Nederland’. Wat te denken van Rijkswaterstaat met de Deltawerken in Zuid-West Nederland en spectaculaire waterkeringen elders zoals de Maeslantkering. Deze ‘kunstwerken’ zijn evenmin musea als de 13 gebedshuizen, dus zo’n claim is even onterecht. Maar niet minder bedrieglijk dan de claim van het ‘Grootste Museum van Nederland’ dat 13 gebedshuizen samen een museum vormen. Het Rijksvastgoedbedrijf, de binnensteden van oude steden of welke betrokkene dan ook kunnen met evenveel retoriek als de 13 gebedshuizen claimen het grootste museum van Nederland te zijn.

Het is aan de Museumvereniging om het bij het museumregister aangesloten Museum Catharijneconvent om uitleg te vragen over haar initiatief. Want dit museum heeft voor eigen doeleinden de verwarring de wereld in geholpen. En brengt zo schade toe aan het merk ‘museum’. Probleem is dat museum geen beschermde term is en daarom voor iedereen vrij te gebruiken is. Iedere instelling kan zich museum noemen, maar is daarmee nog geen museum. Zoals de Museumvereniging als brancheorganisatie voor de Nederlandse musea in een verklaring zegt, ziet het als één van haar taken duidelijkheid te geven over de definitie van een museum.

Foto: Schermafbeelding van deel toelichting over ‘Grootste Museum van Nederland’, een initiatief van Museum Catharijneconvent.

Museum Arnhem gaat twee jaar dicht wegens verbouwing. RvT ontslaat voltallig lager personeel

leave a comment »

Een geval van klassenongelijkheid in het sinds 1 januari 2014 verzelfstandigde Museum Arnhem. In verband met een verbouwing van twee jaar die tot tijdelijke sluiting van het museum leidt wordt het volledige lagere, technische personeel ontslagen, maar mag het middenkader en hogere personeel blijven zitten. Desgevraagd hebben de lagere medewerkers er weinig vertrouwen in dat ze na de verbouwing terug kunnen keren. Zo is toekomstig tuinonderhoud al uitbesteed aan een particulier bedrijf. De Gelderlander maakt er melding van in een bericht: ‘Achttien van de 37 medewerkers moeten op 1 december weg, als de verbouwing van Museum Arnhem een aanvang neemt en het gebouw twee jaar dicht gaat. Het betreft louter mensen die betrokken zijn bij de dagelijkse openstelling: technische medewerkers, tentoonstellingbouwers, beveiligers, winkelmedewerkers. Het hogere kader kan blijven, ter voorbereiding van de heropening.’

Het is logisch en gebruikelijk dat projectmedewerkers en conservatoren in dienst blijven om de opening over twee jaar voor te bereiden. De laatsten hebben ook een collectie te beheren en dat werk gaat gewoon door tijdens de verbouwing. En de voorbereidingen van onder meer de inrichting van een nieuwe vaste opstelling vragen veel werk. Maar waarom het lagere personeel nu ontslagen wordt en niet voor twee jaar gedetacheerd wordt is een gemiste kans. Hier wreekt zich de verzelfstandiging van dit gemeentelijk museum. Deze kwestie geeft aan dat verzelfstandiging van musea niet louter voordelen biedt. De Arnhemse gemeenteraad heeft niets meer te zeggen over het personeelsbeleid en kan niet aandringen op sociaal beleid. Als werkgever heeft nu de Raad van Toezicht het laatste woord. Met notabene een arbeids- en organisatiepsycholoog als voorzitter.

Foto: Schermafbeelding van deel artikel ‘Ontslagen personeel Museum Arnhem voelt zich als oud vuil’ door Piet Venhuizen voor De Gelderlander, 5 april 2017.

Written by George Knight

5 april 2017 at 12:49

Neo-nazi’s ‘bewaken’ Europese 18de eeuws kunst in Museum Minneapolis. Deze interesse voor kunst is in Nederland onmogelijk

with one comment

rs

Reuring in een Amerikaans museum. Het is weer eens iets anders, een groepje van drie neo-nazis dat naar de derde verdieping van een museum gaat om 18de eeuwse Europese kunst ‘te bewaken’. Gevolgd door linkse activisten. Witte kunst bevestigt in de ogen van de drie ‘Heil Trump’ roepende demonstranten de blanke hegemonie. Een handgemeen ontstond waarbij de bewaking moest optreden om erger te voorkomen. Het Minneapolis Institute of Arts heeft een befaamde collectie schilderijen. Raw Story doet in een bericht verslag.

Hoe anders gaat dat in Nederland. Daar hebben rechts-radicale partijen geen interesse in Nederlandse kunst. Op geen enkele manier speelt Nederlandse cultuur een rol in hun politieke strijd. Niet als verwijzing, niet als symbool dat helpt om zich af te zetten tegen buitenlandse kunst of als bevestiging van het thuisgevoel. Elke interesse voor kunst ontbreekt, zelfs als het louter voortkomt uit politieke interesse. Voor Nederlands radicaal-rechts bestaat Nederlandse kunst niet. Hoe anders was dat vroeger en hoe anders is dat nog steeds in andere landen als België, Duitsland, Frankrijk of de VS waar Europese kunst in elk geval binnen het blikveld van neo-nazi’s valt. Hoe gespeeld hun beweegredenen ook zijn. Kan iemand het zich voorstellen, Nederlandse rechts-radicalen die het Rijksmuseum inlopen om de Europese 17de of 18de eeuwse kunst te gaan ‘bewaken’?

Voor het eerst lijkt het ondermaatse Nederlandse kunstonderwijs vruchten af te werpen. Nederland heeft weer iets om trots op te zijn. Nederland als gidsland van nihilisme en gebrek aan interesse voor eigen cultuur. Waar ‘foute’ mensen nooit op verkeerde ideeën over kunst worden gebracht omdat kunst voor hen totaal niet telt.

naamloos-2

Foto 1: Schermafbeelding van deel artikel ‘‘Heil Trump!’: Brawl erupts inside the Minneapolis Institute of Art as protesters confront neo-Nazis’ in Raw Story, 27 februari 2017.

Foto 2: Hendrick ter Brugghen, De Gokkers (The Gamblers), 1623. Collectie: Minneapolis Institute of Art (The William Hood Dunwoody Fund). 

NRC reageert op kritiek over berichtje Trump en islamitische kunst. Maar wil niet toegeven dat het feitenvrije journalistiek bedreef

leave a comment »

nrc

Op 30 december besteedde ik aandacht aan bovenstaand berichtje in NRC. Mede naar aanleiding van een FB-posting van Olphaert den Otter. Hij vond het een maf bericht, ik vond het een bericht dat politiek ontspoorde. Ik schreef er een kritisch commentaar over en attendeerde met een tweet NRC-ombudsman Sjoerd de Jong.

Hij zorgde dat m’n kritiek bij de reactie belandde. In een lezersbrief naast de rubriek van De Jong laat de redactie vandaag weten dat het berichtje van Gretha Parma niet zo bedoeld was. De redactie van NRC geeft toe dat het anders dan bedoeld uitpakte. De uitleg is deels verhelderend, maar deels onnodig defensief. Want de redactie verschuilt zich achter de bron The Art Newspaper en neemt geen verantwoordelijkheid voor de eigen journalistieke afwegingen. Daarbij interpreteert het het bericht van The Art Newspaper verkeerd.

In het berichtje heeft NRC het verband dat The Art Newspaper impliciet legde tussen de politiek van Trump (‘US prepares to inaugurate a president who once proposed banning Muslims from entering the country’) en de tentoonstelling in Dallas (‘the museum is reaffirming its commitment to Islamic art’) expliciet gemaakt. NRC suggereert een causaal verband waar The Art Newspaper de feiten alleen nevengeschikte. Ook nog eens met een beroep op die bron. Het woord ‘ondanks’ maakt het verschil tussen causaliteit en nevenschikking en is dus meer dan een vormverschil. De redactie gaat hieraan voorbij en accepteert de kritiek niet dat het om feitenvrije journalistiek gaat. Die feitenvrijheid bestaat er echter uit dat NRC een verband tussen feiten suggereert die zowel het Dallas Museum of Modern Art als The Art Newspaper niet voor hun rekening nemen.

Daarnaast is de actualisering van Gretha Pama nog om een andere reden ongepast en niet relevant. Het gaat voorbij aan de langdurige bruiklenen van de van oorsprong Europese Keir Collectie die niets met Trump te maken hebben. De erfgenamen kregen ruzie met een Berlijns museum en haalden ze daarom weg. Als Hillary Clinton de verkiezingen gewonnen had, was de tentoonstelling op exact dezelfde wijze gepresenteerd.

nrc

Foto 1: Schermafbeelding van bericht ‘Islamitische kunst Te zien in Dallas, ondanks Trump’ in NRC, 29 december 2016.

Foto 2: Schermafbeelding van lezersbrief George Knight en reactie van de redactie NRC, 7 januari 2017. (achter betaalmuur).

NRC ontspoort met bericht over islamitische kunst en Trump

with 3 comments

nrc

Olphaert den Otter besteedt op Facebook kritische aandacht aan dit bericht in NRC: ‘Wat is dit nu voor maf nieuws, vandaag in NRC? Gaan we NU AL de werkelijkheid zo vormgeven dat hij niet tegen het vreemde haar van Trump instrijkt?’ Den Otter heeft volkomen gelijk. NRC ontspoort grandioos met dit bericht.

Wat vooral stoort is het gebruik van het voorzetsel ‘ondanks’ in kop en bericht. Het betekent volgens een toelichting van Taaladvies ‘tegen de wil van‘ of ‘in weerwil van’. NRC suggereert dat de islamitische kunst in het Dallas Museum of Art tegen de wil van Trump te zien is. Trouwens niet vanaf 16 maar vanaf 18 april 2017. Maar het is onwaarschijnlijk dat de president-elect zich over deze tentoonstelling heeft uitgesproken of over het tentoonstellen van islamitische kunst in het algemeen. Wat zou hij tegen 16de eeuwse islamitische kunst hebben? NRC maakt zich met dit bericht dus tot een fact-free medium. In de campagne was Trump kritisch op de islam en de toestroom van moslims naar de VS, maar dat is wat anders dan het tentoonstellen van kunst.

Gretha Pama en een eindredacteur van de NRC voeden met deze kop het rechts-populisme. En begrijpen de complexiteit van de VS niet. De kop suggereert dat Trump de hele samenleving naar zijn hand kan zetten. Maar dat is exact de vraag die zich aandient en nog niet beantwoord is. Het te kort door de bocht om zoiets te veronderstellen. Het gaat voorbij aan allerlei progressieve en traditioneel-conservatieve groepen die zich nu al wapenen om Trump en z’n regering van generaals, bestuurders van bedrijven en multimiljonairs te weerstaan.

De hoofdredactie van NRC moet eens goed nadenken waar haar verantwoordelijkheid uit bestaat en hoe het de democratie kan dienen. En de populisten de pas af te snijden. Door dit soort ondoordachte koppen maakt het populisten als Trump, Wilders, Putin of Farage alleen maar belangrijker en groter dan ze zijn. Hiermee dient NRC de democratie niet. De hoofdredactie moet Gretha Pama maar op een cursus logica, argumentatie en politieke oriëntatie sturen. De slijpsteen van de geest hapert en is sleets geworden. De NRC doet steeds meer aan lui denken. Dat moet scherper, doordachter en directer om als nieuwsmedium relevant te zijn.

Foto: Schermafbeelding van berichtIslamitische kunst Te zien in Dallas, ondanks Trump’ in NRC, 29 december 2016.

Sexy Ceramics: Princessehof seksualiseert maakproces keramiek

leave a comment »

In Keramiekmuseum Princessehof te Leeuwarden is de tentoonstelling Sexy Ceramics te zien. In de publiciteit haalt het museum alles uit de kast. ‘Binnen de kortste keren voelt u de blosjes op uw wangen verschijnen’ zo zegt het in een toelichting. Klei en keramiek worden geseksualiseerd. ‘Met een beetje fantasie ziet u overal sensuele vormen. Rondingen en welvingen doen denken aan de vormen van het menselijk lichaam.’ Echt?

Musea willen terecht de verbinding met een breed publiek leggen. Aangejaagd door de politiek. Maar hoe dat precies moet is niet makkelijk. Daar worstelen musea mee. Op het verwijt af om elitair te zijn schieten ze vaak door in popularisering. Met pop-up museabinnenhalen van BN’ers of het zich overleveren aan commercie. Het vinden van een werkbaar evenwicht tussen populisme en elitarisme is een kwestie van goede smaak, ethiek, profilering en geloof in de eigen koers. Vele musea voeren een zwalkend tentoonstellingsbeleid.

Sexy Ceramics doet twee dingen tegelijk. Het toont keramiek dat thematisch refereert aan seksualiteit. Dat is een normale kunsthistorische keuze. Zo komen jaarlijks duizenden tentoonstellingen tot stand. Een   verschijningsvorm van keramiek wordt belicht. Maar de Princessehof schiet uit de bocht als het suggereert dat deze seksualisering voor alle keramiek geldt. Vooral wat het maakproces betreft. Dat is aantoonbaar onjuist.

Seksualisering van het maakproces van keramiek is een onverdedigbaar standpunt. Zoals kunstenaar Isabel Ferrand in een video uitlegt kan het maakproces van klei ook vanuit een tegenovergestelde houding worden benaderd. Geen seksualiteit maar cerebraliteit. Maar de Princesshof beweert door leentjebuur te spelen bij de populaire cultuur: ‘De opzwepende scène met Patrick Swayze en Demi Moore in de film Ghost laat zien hoe erotisch het werken met klei kan zijn. Intiem zitten zij achter een draaischijf en laten hun handen glijden door de natte, zachte klei. Keramisten ondervinden dagelijks de unieke eigenschappen van dit materiaal.’

De Princessehof redeneert te simpel. De seksuele omgang door keramisten met klei kan bestaan, maar geldt niet voor alle keramisten. Of alle soorten keramiek die niet traditioneel gedraaid worden. De Princessehof als keramiekmuseum had kunnen weten dat dit niet klopt en had dit in de publiciteit genuanceerder moeten brengen. Des te meer omdat het door het eigen simplisme alle keramisten in de hoek van de seksualisering zet. Het lijkt eerder omgekeerd: de staf van Keramiekmuseum Princessehof is vergaand geseksualiseerd.