Museum Het Valkhof en Museum Arnhem betrekken nieuwe publieksgroepen als klankbordgroep bij vier tentoonstellingen in project ‘Ontgrenzen’. Fundamenteel anders of handige marketing?

Daar is weer zo’n kop van een nieuwsmedium dat de lading van het artikel niet dekt. Er wordt in de kop iets gezegd dat in het artikel wordt weersproken. Heeft de eindredacteur die de kop heeft gemaakt het artikel niet gelezen of niet goed begrepen? Allebei is mogelijk.

De kop is onjuist. Ook iemand die geen verstand heeft van hoe een museum reilt en zeilt kan weten dat de kop niet klopt De kop veronachtzaamt de vakprofessional en vervangt dat door dom populisme. Wat volgt? ‘Publiek vormt voorhoede van Nederlands Elftal‘, ‘Publiek maakt eten in sterrenrestaurant‘ of ‘Publiek vervangt ministers in Vrijdagse ministerraad’?

In hoeverre De Gelderlander en beide musea publicitair onder een hoedje spelen om een wilt voetje te halen bij de regionale politiek en het binnenhalen van een miljoen overheidssubsidie te verantwoorden is de vraag. Het kan dat dit artikel dit experiment van beide musea meer beschadigt dan de eindredactie ervan beseft.

Beide musea laten het publiek niet zelf tentoonstellingen maken. Dat is uiteraard praktisch onmogelijk omdat het publiek de kennis, vaardigheid en het netwerk hiertoe mist. Dat is logisch omdat anders museummensen overbodig zouden zijn. Ofwel, het maken van tentoonstellingen gebeurt door museumprofessionals met ervaring. Ze hebben een vak dat niet zomaar door leken vervangen kan worden.

Het gaat erom dat twee musea, te weten Museum Het Valkhof in Nijmegen en Museum Arnhem samenwerken om nieuwe, moeilijk bereikbare publieksgroepen naar hun museum te trekken. Dat doen deze musea volgens eigen zeggen door ‘publieksgroepen te vragen de tentoonstelling mee in te richten‘. Het gaat om samenwerking met publieksgroepen terwijl de coördinatie zoals gebruikelijk bij het museum ligt. Wat er ‘fundamenteel‘ anders is aan zo’n vermeend nieuwe opzet is dan ook de vraag.

De betrokkenheid van de publieksgroepen bestaat eruit dat geselecteerde leden van achtereenvolgens vier verschillende publieksgroepen in vier tentoonstellingen als ‘public in residence‘ meedenken over de inhoud. Twee in Nijmegen, twee in Arnhem. Het heeft zelfs een projectnaam: ‘Ontgrenzen‘. De geselecteerde leden van de publieksgroepen leveren suggesties aan waarmee de medewerkers van de musea aan de slag gaan om een tentoonstelling te maken.

De Gelderlander voegt toe: ‘Voor dit plan hebben de musea subsidie gekregen van het ministerie van Onderwijs Cultuur en Wetenschappen, de zogeheten de BIS-gelden (Basis Infra Structuur). In totaal 1 miljoen euro, 250.000 voor elke tentoonstelling. De Raad voor Cultuur, die het plan beoordeelde, is enthousiast over de vernieuwende benadering van publiek die fundamenteel anders is.

Of dit plan werkelijk anders en vernieuwend is valt te bezien en moet geëvalueerd worden. Elke poging om publieksgroepen naar musea te trekken die tot nu toe het museum moeilijk weten te vinden is hoognodig en waardevol. Want musea zijn conservatieve bastions.

Maar het is onduidelijk of het betrekken van een geselecteerde publieksgroep de oplossing is. Nieuw is dat geenszins. Buitenstaanders zijn vaak al betrokken bij het maken van tentoonstellingen. Of als klankbordgroep, bruikleengever of experts. ‘Ontgrenzen‘ is een initiatief dat aan ‘de buitenkant’ blijft en de organisatie en werkwijze van het museum niet fundamenteel wijzigt. Zo beredeneerd kan het als een defensieve handelswijze van beide musea worden opgevat.

Hedwig Saam van Museum Het Valkhof houdt een slag om de arm: ‘Het is een toegepast onderzoek dat kan leiden tot een nieuwe aanpak in musea. Dat is wat wij hopen en waarom de Raad voor Cultuur ons steunt‘. Maar niets is zeker.

Wat is het nieuwsfeit van het bericht dat Museum Arnhem de collectie digitaliseert?

Museum Arnhem digitaliseert de collectie van 25.000 kunstwerken. Dat neemt twee jaar in beslag. Het is op dit moment gesloten voor het publiek in afwachting van een renovatie waarover in oktober 2018 zou worden beslist in de gemeenteraad. Maar die deadline is inmiddels gepasseerd. Het nieuwsfeit van dit bericht over de digitalisatie is dat het geen nieuws is. Elk groot of middelgroot museum digitaliseert of heeft die operatie inmiddels al grotendeels achter de rug. Maar niet het Museum Arnhem dat net doet alsof het het wiel uitvindt door bij nul te beginnen. Directeur Saskia Bak gooit ook nog wat openstaande deuren open door uit te leggen wat het voordeel van digitalisatie is in het bruikleenverkeer met anders musea. Zo ontstaat de indruk dat het in Museum Arnhem in vele opzichten nog 1990 is. Is het een wonder dat het dit museum zo tegenzit?

Bij Museum Arnhem ligt dure kunst voor het grijpen in niet-beveiligde binnentuin. Gemeente Arnhem ontkent het probleem

Het dievengilde is gewaarschuwd door een bericht in de Gelderlander. Kunst ligt voor het grijpen in Arnhem bij de binnentuin achter dranghekken met groene zeilen van Museum Arnhem. De Gelderlander: ‘Er zit onder meer kostbaar werk tussen van gerenommeerde kunstenaars als Allghiero Boetti, Sjoerd Buisman, Pearl Perlmuter, Wessel Couzijn, Hildo Krop, Klaas Gubbels en Henry Moore. Van die laatste, Engelse beeldhouwer werd zes jaar geleden een werk – Reclining Figure: Festival – voor ruim 21 miljoen euro verhandeld.

Volgens critici kan iedereen gewoon naar binnen lopen en beelden weghalen. Beeldend kunstenaar Jeroen Huisman spreekt van  een ‘onzorgvuldige en amateuristische oplossing‘. Museumdirecteur Saskia Bak ziet dat anders, volgens haar is de beveiliging op orde. De Gelderlander: ‘De gemeente benadrukt ook dat de beelden voldoende beveiligd zijn, dankzij camera’s en met hulp van leegstandsbeheerder Ad Hoc, die in het lege museumgebouw anti-kraakwachten heeft gehuisvest.’ De verzekeraar zou volgens de gemeente akkoord zijn gegaan met deze situatie. De gemeente zegt ook dat ‘de beelden net zo goed bewaakt zijn als vroeger’, maar dat is onjuist en onwaarachtig omdat ze nu niet ingegraven en gefundeerd zijn maar los boven de grond liggen. Dus kwetsbaarder en makkelijker weg te halen. Arnhemse kunstenaars willen graag de beeldentuin openen totdat er duidelijkheid is over de toekomst van het museum. Het besluit over de verbouwing ligt stil.

Met dank aan kunstenaar Erik Buijs die op Facebook zegt: ‘Deze beelden zijn miljoenen waard. Het minste wat je moet doen, is het bekisten en in een professionele opslag doen. Een verzekering brengt het origineel niet terug namelijk. Dit is een grove belediging naar de kunst en makers van dit werk.’ Hij vraagt ons aandacht te besteden aan deze kwestie en Museum Arnhem en Gemeente Arnhem om tot inkeer te komen. Bij deze, Erik.

Foto: Schermafbeelding van deel artikelDure kunst ligt voor het grijpen bij Museum Arnhem’ van Anita van Rootselaar in de Gelderlander, 12 juli 2018.

Museum Arnhem gaat twee jaar dicht wegens verbouwing. RvT ontslaat voltallig lager personeel

Een geval van klassenongelijkheid in het sinds 1 januari 2014 verzelfstandigde Museum Arnhem. In verband met een verbouwing van twee jaar die tot tijdelijke sluiting van het museum leidt wordt het volledige lagere, technische personeel ontslagen, maar mag het middenkader en hogere personeel blijven zitten. Desgevraagd hebben de lagere medewerkers er weinig vertrouwen in dat ze na de verbouwing terug kunnen keren. Zo is toekomstig tuinonderhoud al uitbesteed aan een particulier bedrijf. De Gelderlander maakt er melding van in een bericht: ‘Achttien van de 37 medewerkers moeten op 1 december weg, als de verbouwing van Museum Arnhem een aanvang neemt en het gebouw twee jaar dicht gaat. Het betreft louter mensen die betrokken zijn bij de dagelijkse openstelling: technische medewerkers, tentoonstellingbouwers, beveiligers, winkelmedewerkers. Het hogere kader kan blijven, ter voorbereiding van de heropening.’

Het is logisch en gebruikelijk dat projectmedewerkers en conservatoren in dienst blijven om de opening over twee jaar voor te bereiden. De laatsten hebben ook een collectie te beheren en dat werk gaat gewoon door tijdens de verbouwing. En de voorbereidingen van onder meer de inrichting van een nieuwe vaste opstelling vragen veel werk. Maar waarom het lagere personeel nu ontslagen wordt en niet voor twee jaar gedetacheerd wordt is een gemiste kans. Hier wreekt zich de verzelfstandiging van dit gemeentelijk museum. Deze kwestie geeft aan dat verzelfstandiging van musea niet louter voordelen biedt. De Arnhemse gemeenteraad heeft niets meer te zeggen over het personeelsbeleid en kan niet aandringen op sociaal beleid. Als werkgever heeft nu de Raad van Toezicht het laatste woord. Met notabene een arbeids- en organisatiepsycholoog als voorzitter.

Foto: Schermafbeelding van deel artikel ‘Ontslagen personeel Museum Arnhem voelt zich als oud vuil’ door Piet Venhuizen voor De Gelderlander, 5 april 2017.

RTV Arnhem: Museum Arnhem ‘krijgt’ 11,2 miljoen euro

Volgens RTV Arnhem ‘krijgt’ Museum Arnhem 11,2 miljoen euro. Alsof het een verjaardagscadeautje is. Met de notie innen, beuren en opstrijken en de achterliggende gedachte of het wel echt verdiend is. Ach, het zal hedendaags taalgebruik zijn, maar er zit toch een manier van denken achter die niet deugt. Alsof overheden geven en instellingen nemen. Dat is natuurlijk niet zo, want overheden zelf verdienen doorgaans nauwelijks iets en krijgen hun geld van anderen. Ze nemen het van de belastingbetaler. Die geeft als enige. Onder dwang of vrijwillig. Als een belastingbetaler geniet in Museum Arnhem met het mooiste uitzicht van Nederland, dan roept dat al snel de vraag op waar we het allemaal aan te danken hebben. En dat is weer een ander aspect.

Boris Lange weet niet wat kunstkenners zijn. Of doet net alsof

Da’s lachen. Maar wie zet nou wie voor de gek? Naar aanleiding van dit filmpje van Life Hunters TV kopte AD  ‘Kenners zien Ikea-kunst aan voor uniek topstuk’. Als echter iets duidelijk wordt is dat de in beeld gebrachte bezoekers van Museum Arnhem weinig verstand van kunst hebben. Het belachelijk maken van mensen die zo goedwillend zijn om mee te werken is makkelijk manipuleren. Presentator Boris Lange zegt veel lol beleefd te hebben aan het maken van het filmpje. Dat valt goed te geloven. Maar hij roept leedvermaak op. Lange kijkt met de blik van de buitenstaander naar kunst door de marktwaarde centraal te stellen en komt zelf niet verder dan de buitenkant. Hij krijgt wat hij wil, maar wat hij precies denkt aan te tonen wordt niet helder. Wellicht dat museumbezoekers niet per definitie kunstkenners zijn. Lange toont vooral zijn eigen onbegrip van kunst aan.