George Knight

Debat tussen links en rechts

Posts Tagged ‘DENK

Bedenkingen bij de verbolgen toon én de opvattingen van het CDA Utrecht over kunst, de openbare ruimte en marketing

with one comment

Aldus een passage uit een artikel op de site van het CDA Utrecht. De vorm van de tekst is exemplarisch voor de inhoud. Het ziet er chaotisch, onsamenhangend en slordig uit. De titel maakt dat duidelijk: ‘Waarom kunst júist zichtbaar moet zijn in de stad’. Daar valt geen chocola van te maken. Wat wordt hier bedoeld?

Het CDA Utrecht meent dat ‘kunst omwille van de kunst zeker een waarde heeft’, maar … En dan komt het grote ‘maar’ dat dat eerste standpunt onderuit haalt en de grond inboort. Een wijziging maakt duidelijk hoe normatief de uitspraak is: ‘Religie omwille van de religie heeft zeker een waarde, maar als gemeente moeten we ook kijken hoe religie voor onze inwoners een meerwaarde kan hebben’. Ik vermoed niet dat religieuze organisaties dit zouden pikken onder verwijzing naar hun soevereiniteit in eigen kring. En gelijk hebben ze. Maar het CDA Utrecht wil die soevereiniteit die het voor religie claimt blijkbaar niet geven aan de kunst en de organisaties werkzaam in de kunstsector. Kunst moet in de visie van CDA Utrecht dienstbaar, zichtbaar en afhankelijk zijn. En vooral niet zichzelf. Het CDA Utrecht creëert daarnaast met een paternalistische houding tegenover kunst ook nog eens een tegenstelling die niet noodzakelijkerwijze  bestaat. Want waar concludeert het CDA Utrecht uit dat ‘kunst omwille van de kunst’ geen meerwaarde voor de inwoners van Utrecht heeft?

In het artikel geeft het CDA Utrecht het standpunt van DENK over kunst in de openbare ruimte verkeerd weer als het zegt dat DENK tegen het plaatsen van schilderijen in de openbare ruimte is. CDA Utrecht bedoelt daar ongetwijfeld de afbeelding van iconische schilderijen van oude meesters mee. Het wordt lastig met het oog op behoud en verzekering om schilderijen van oude meesters aan gevels in de wijken Overvecht en Kanaleneiland op te hangen. Aanleiding zijn schriftelijke vragen die door DENK-fractiemedewerker en kunsthistoricus Jelle Bouwhuis zijn geformuleerd en ingaan tegen de visie van het CDA Utrecht om ‘Utrechtse Meesters een gezicht’ in de openbare ruimte te geven. In een commentaar van 23 november 2018 besteedde ik aandacht aan deze aanvaring tussen DENK en het CDA. DENK lijkt echter niet zozeer tegen het voorstel om afbeeldingen van schilderijen in de openbare ruimte te plaatsen, maar wil daar wel de bewoners inspraak in geven en voorwaarden aan het soort afbeeldingen stellen opdat ze zinvol zijn voor alle inwoners van de stad.

Wat is er aan de hand als het CDA Utrecht op verbolgen wijze opmerkt: ‘En Utrecht Marketing krijgt op de kop omdat ze geschikte schilderijen selecteren’. Het kan toch nooit de taak van een uitvoerende dienst als Utrecht Marketing zijn om geschikte schilderijen voor een afbeelding te selecteren? Dat behoort toch op beleidsniveau te gebeuren door beleidsmakers op het snijvlak van openbare ruimte, cultuur en wijkgerichte participatie? Utrecht Marketing heeft 57 medewerkers met als expertise citymarketing, communicatie en het signaleren van ontwikkelingen. CDA Utrecht laat zich kennen omdat niet iedereen haar voorstel voor de Utrechtse Meesters in de openbare ruimte omarmt en verzet zich zelfs tegen de VVD dat ‘opeens’ het voorstel wel omarmde.

Het wordt er nog merkwaardiger op als het CDA zegt: ‘Het achterhoedegevecht van DENK en de VVD moeten ze lekker samen uitvechten, ik hoop dat veel inwoners en culturele organisaties met ons meedenken over hoe we onze cultuurgeschiedenis en toekomstig talent een mooie plek in het straatbeeld kunnen geven.’ Dit soort kinderachtige uitspraken over tamelijk ondergeschikte onderwerpen is er precies de reden voor dat burgers afstand van de politiek nemen en er vervreemd van raken. CDA Utrecht claimt voor zichzelf in de avant-garde van de kunst te opereren omdat het verder wenst te kijken dan kunst omwille van de kunst. CDA Utrecht is de artistieke spookrijder die de meerwaarde voor kunst vooral bij zichzelf legt. Hoe het CDA Utrecht meent door het realiseren van afbeeldingen van oude meesters in de openbare ruimte het ‘toekomstig talent’ een mooie plek in het straatbeeld te geven is illustratief voor het onzorgvuldig en lui denken van het CDA Utrecht.

Foto’s 1 en 2: Schermafbeelding van deel artikelWaarom kunst júist zichtbaar moet zijn in de stad’ van het CDA Utrecht, 27 november 2018.

Foto 3: Realisering van de afbeelding van een schilderij van een Utrechtse meester (Dirck van Baburen, De luitspeler) aan een gevel van een flat op Kanaleneiland, Utrecht; eigen foto 30 november 2018.

Advertenties

Hoe gepast is realisatie door het bestuur van christelijke werken in de openbare ruimte? DENK stelt vragen aan Utrechts college

with 4 comments

Utrechtse raadsleden willen Utrechtse meesters een gezicht geven. Bovenstaande motie 51 van 29 juni 2017 die werd ingediend door GroenLinks, CDA en Student&Starter verzocht het college mogelijkheden te onderzoeken ‘voor het permanent onder de aandacht brengen van enkele oude Utrechtse meesters in de binnenstad’. In een commentaar van 3 september 2018 had ik daar kritiek op. Ik schreef: ‘Laten de Utrechtse meesters niet ondergeschikt gemaakt worden aan de stadspromotie en de marketing van Utrecht. Een Utrechtse meester past per definitie niet in dat frame. Het surplus van een culturele icoon is niet te vangen. Dat moet daarom niet geprobeerd worden. Ook als de poging goedbedoeld en welgemeend is. Het wringt.’

Ook DENK dat in de raad met 2 zetels vertegenwoordigd is heeft twijfels over het idee om de Utrechtse meesters in de openbare ruimte te promoten met het oog op cultuureducatie en publieksbereik. Het lijkt er trouwens op dat gaandeweg de werking van de openbare ruimte is verruimd van de binnenstad uit motie 51 naar andere delen van de stad. Uit het antwoord op bovenstaande schriftelijke vragen van 18 oktober 2018 van DENK (‘Eerdere vragen Geef Utrechtse Meesters een Gezicht’) bleek al dat een partij die vragen stelt over het vanzelfsprekende dat niet zo vanzelfsprekend is een heel eind kan komen. Want het college stelt in haar antwoord weliswaar dat de Utrechtse meesters ‘Utrechtse iconen voor álle bewoners van Utrecht zijn’, maar het is nog maar helemaal de vraag of dat zo is, hoe dat aangetoond kan worden, of dat zo door alle inwoners ervaren wordt en het etnisch, cultureel en kunsthistorisch wel klopt. Het lijkt er sterk op dat het college met het volgen van motie 51 (2017) met ogen open het mijnenveld van de identiteitspolitiek in is gelopen.

Op 22 november heeft DENK opnieuw schriftelijke vragen gesteld (‘Geef Utrechtse Meesters een Gezicht’) die inzoomen op de openbare ruimte van Kanaleneiland en Overvecht. DENK merkt op over het antwoord van het college op de vragen van 18 oktober: ‘Hierin werd duidelijk dat het Centraal Museum en Utrecht Marketing enkele monumentale wandschilderingen willen realiseren in de wijken Kanaleneiland en Overvecht, bij wijze van publiciteit voor de aanstaande overzichtstentoonstelling van Caravaggisten in het Centraal Museum.’ Op 16 december 2018 opent de tentoonstellingUtrecht, Caravaggio en Europa’ in het Centraal Museum. DENK stelt vragen ‘over de aard van deze werken, en de informatie erover naar de Raad en de buurtbewoners’ en vraagt zich in het bijzonder af hoe gepast het is dat ‘instellingen ( ..) monumentale werken met religieuze thematiek realiseren in de openbare ruimte’. De schilderijen van de Caravaggisten staan bij uitstek bekend om ‘de Christelijke, bijbelse thematiek’ zo stellen deze vragen met kunsthistorische invalshoek. DENK meent dat het gemeentebestuur hierover ‘duidelijk’ de raad moet informeren ‘aangezien het gaat om religieuze uitingen in de openbare ruimte die buiten het domein staan van religieuze instellingen en gebouwen’.

Deze vragen stellen op een demonstratieve wijze dat deze religieuze uitingen niet neutraal of onpartijdig zijn in een stad als Utrecht waar de grote meerderheid van de inwoners vrijdenker of niet-christen is. Het tonen van wandschilderingen met christelijke, bijbelse thematiek in Overvecht en Kanaleneiland mag dan marketing zijn voor een lokale tentoonstelling en verkocht worden als promotie voor de kunst en cultuur van Utrecht, maar valt tevens op te vatten als religieuze propaganda voor het christendom in de openbare ruimte. Dat is ongewenst. De principiële vraag die DENK stelt is volgens welk grondrecht het gemeentebestuur dit meent te kunnen doen of waarom het een uitzondering op dit grondrecht meent te kunnen maken. Deze vragen gaan over heel wat meer dan marketing en stadspromotie alleen. Ze gaan er ook over van wie de stad is en hoe gewenst en neutraal de realisatie van ‘culturele’ werken met religieuze thematiek in de openbare ruimte is.

Foto 1: Schermafbeelding van motie 51 (2017) ‘Geef Utrechtse meesters een gezicht’ van Reinhild Freytag (Student & Starter), Steven de Vries (GroenLinks) en Marloes Metaal-Froon (CDA) in gemeenteraad Utrecht, 29 juni 2017.

Foto 2: Schermafbeelding van deel schriftelijke vragen (met antwoord) 140 (2018) ‘Eerdere vragen Geef Utrechtse Meesters een Gezicht’ van College  B&W aan Mahmut Sengur (DENK) in gemeenteraad Utrecht, 18 oktober 2018.

Foto 3: Caravaggio, De graflegging van Christus (‘Deposizione’), 1602-04. Collectie: Pinacoteca Vaticana, werk wordt getoond op tentoonstellingUtrecht, Caravaggio en Europa’ in het Centraal Museum (16 december 2018 – 24 maart 2019).

Foto 4: Schermafbeelding van schriftelijke vragen 160 (2018) ‘Geef Utrechtse Meesters een Gezicht’ van Mahmut Sengur (DENK) in gemeenteraad Utrecht, 22 november 2018.

Gemeenteraadsverkiezingen: Keuze is nog nooit zo moeilijk/ makkelijk geweest

with one comment

De keuze om te stemmen is nog nooit zo makkelijk geweest. Morgen zijn er gemeenteraadsverkiezingen. Er zijn namelijk maar twee partijen. Partijen die politiek willen bedrijven binnen het bestaande politieke systeem en de partijen die dat niet willen, maar het systeem op willen blazen. En bewust of onbewust steun zoeken bij of geven aan tegenstanders van dat politieke systeem. Daarmee verkleinen ze de legitimiteit ervan. Gelovigen in de diepe staat en complotdenkers vallen in de tweede categorie. Ze willen puinhopen creëren om er iets nieuws op te bouwen. Of ze te laten smeulen als waarschuwing voor iets wat ze nog moeten ontdekken.

Het is nog helemaal niet zo makkelijk om te bepalen welke partijen in welke categorie vallen. Wat te doen met de SGP dat weliswaar het bestaande politieke en sociale systeem op wil blazen omdat het gaat voor de theocratie ‘waarin de godheid als onmiddellijke gezagsdrager wordt beschouwd’, maar dat tevens binnen de bestaande politieke structuur zich gouvernementeel gedraagt. En wat te doen met de SP die aanhaakt bij krachten die de EU en de bestaande Europese veiligheidspolitiek willen verzwakken of zelfs opblazen, maar die zich tegelijk evenals de SGP correct gedraagt binnen het bestaande systeem? En wat te denken van de VVD dat in theorie zegt te gaan voor het bestaande politieke systeem, maar dat in praktische politiek ondermijnt door corrupt gedrag en een buitenlandse politiek die minimalistisch steun geeft aan de EU en de slagkracht van de defensie in de afgelopen decennia tot een onaanvaardbaar laag niveau heeft teruggeschroefd? De VVD is over de grenzen heen loyaler aan de bestuurskamers van de multinationals dan aan Nederlandse burgers.

De keuze om te stemmen is nog nooit zo moeilijk geweest. Want als we politieke partijen langs de meetlat van steun voor het bestaande politiek systeem leggen, dan is niet op voorhand duidelijk wat een systeempartij en een anti-systeempartij is. Wel is duidelijk wie er in de tweede categorie vallen: PVV, Forum voor Democratie, DENK en allerlei links-radicale of rechts-radicale partijen die of hun loyaliteit buiten Nederland hebben liggen of het bestaande politieke systeem willen afbreken. Als hetzelfde voor de SGP, SP en de VVD geldt, dan weet de kiezer wat een systeem- en een anti-systeempartij is. De afweging om voor de ene of andere categorie te kiezen is bepalend. Hoe men vervolgens binnen de categorie stemt maakt minder uit. Hoewel de ketelmuziek van de campagne anders suggereert. Wetmatigheid is dat overeenkomsten gekleineerd worden en verschillen uitvergroot. Complicatie voor de kiezer is dat anti-systeempartijen zich voordoen als systeempartijen en hun ware aard slechts gedeeltelijk laten zien. Dan lijkt het zelfs alsof het totaal niet uitmaakt waarop men stemt.

Foto: Bord met verkiezingsaffiches voor de gemeentaadsverkiezingen van 21 maart 2018 in Den Bosch in artikelSneue foto’s, holle frases: zijn verkiezingsaffiches nog van deze tijd?’ in het het BD, 10 maart 2018; © copyright Marc Bolsius.

Written by George Knight

20 maart 2018 at 16:06

Bij herdenking Februaristaking Hilversum weigeren antifascisten rechtse media. Herrie tussen radicaal-links en radicaal-rechts

leave a comment »

In Hilversum werd vandaag 77 jaar na de Februaristaking in 1941 een strijd uitgevochten tussen radicaal-links en radicaal-rechts. De uit het communistische verzet uit de Tweede Wereldoorlog voortgekomen vereniging Antifascistische Oud-Verzetsstrijders Nederland / Bond van Antifascisten (AFVN) weigerde rechtse media de toegang tot de herdenking. Het gaat om PowNed, GeenStijl, WNL, De Dagelijkse Standaard en The Post Online.

Hilversums burgemeester Pieter Broertjes distantieert zich van de herdenking. Hij zegt over organisator Arthur Graaff in een reactie voor de NOS: ‘Er is niet samen te werken met de man. Toen hij vanmiddag ook nog die mail over de pers verstuurde, was ik er helemaal klaar mee.’ Volgens Broertjes had De Graaff de organisatie van de herdenking naar zich toegetrokken. De gewraakte mail waarin De Graaff zegt dat de genoemde rechtse media niet welkom ondertekent hij met ‘lid NVJ’. Op een inmiddels verwijderde Wikipedia-pagina die als waarschuwing geeft dat de neutraliteit ervan wordt betwist is meer te lezen over zijn journalistieke verleden.

Broertjes heeft gelijk dat wat Arthur Graaff en zijn Comité Februaristaking Gooi doen ontoelaatbaar is. Het is ongepast om media de toegang tot een openbare bijeenkomst te ontzeggen. Rechtse politieke partijen als de PVV of Forum van Democratie of het links-conservatieve DENK hebben in het verleden ook media de toegang geweigerd of geboycot en krijgen daar terecht kritiek op. Dat past niet in een open democratie. Het tekent de mentaliteit van radicaal-links en radicaal-rechts die de tolerantie voorbij zijn. Graaff suggereert dat de vijf media die hij de toegang ontzegt ontspoord zijn en ontspoort zelf in de weigering ze niet toe te laten. Tot een herdenking waar buiten Hilversum niemand ooit van had gehoord. Dat is nu veranderd. Niet in gunstige zin.

Foto 1: Voorpagina van website afvn.nl. De site bevat onder meer een persbericht over de Herdenking Februaristaking Gooi/ Hilversum.

Foto 2: Schermafbeelding van de e-mail van Arthur Graaf over weigering om media toe te laten tot herdenking Februaristaking in Hilversum, 26 februari 2018. 

Turkije-politiek van DENK leidt tot uitsluiting van deze partij door VVD Deventer. Waarom zwijgen niet-Turkse kaderleden van DENK?

with 3 comments

De VVD Deventer wil niet met DENK in debat. In een bericht op de website met de veelzeggende titel ‘Geef het Erdoganistische gif van DENK geen kans in Deventer’ kwalificeert fractievoorzitter Daan Ledeboer DENK als ‘Een regelrechte aanval op onze waarden en onze democratie.’ Dit naar aanleiding van de oproep van DENK-leider Tunahan Kuzu om Turks-Nederlandse kamerleden en bestuurders te bevragen over hun stellingname in de Armeense kwestie. In een opvallende reactie noemde hij kamerleden die de Armeense genocide erkenden landverraders. De vraag die Kuzu ongenoemd laat is welk land ze volgens hem zouden verraden. Noorwegen? Thailand? Japan? België? Honduras? Het enige relevante land is Nederland omdat de kamerleden en raadsleden Nederlandse staatsburgers zijn die een controlerende en wetgevende rol in de Nederlandse politiek hebben.

Met zijn fanatisme, gespeelde onbegrip en onnozelheid neemt Kuzu met zijn partij afstand van Nederland en doet hij zich kennen als vijfde colonne in Nederland voor de politiek van de Turkse leider Recep Erdogan. Valt zo’n opstelling van de pro-Erdogan Kuzu nog enigszins te begrijpen, vraag is wat niet-Turkse kaderleden van DENK die als vanouds zo’n duidelijke pro-Erdogan opstelling missen binnen DENK te zoeken te hebben. Want de Turkije-politiek van DENK zoals Kuzu die verwoordt trekt deze partij naar de marges van het politieke spectrum. Dat is ook van invloed op kandidaat-raadsleden in Deventer, Rotterdam, Utrecht of Amsterdam die door deze pro-Erdogan politiek van DENK straks belemmerd kunnen worden in hun raadswerk. Kunnen ze zich vereenzelvigen met Kuzu’s Turkije-politiek die de andere programmapunten van DENK marginaliseert?

Hoelang nog blijven niet-Turkse kaderleden van DENK zwijgen en wanneer nemen ze afstand van de Turkije-politiek van DENK die de partij verwijdert van de redelijkheid, de Nederlandse democratie en een solide plek tussen andere partijen in Tweede Kamer en gemeenteraden? Of kent DENK net als Forum voor Democratie geen interne partijdemocratie, met als gevolg dat grieven van de basis genegeerd worden en niet in openheid en zonder dwang van de partijtop op een ledenvergadering besproken kunnen worden? Het lijkt er sterk op.

Foto: Eigen tweet in antwoord op een tweet van DENK, 24 februari 2018.

Alliantie in Rotterdam tussen links en het islamitisch geïnspireerde NIDA. Waar laat dat de progressief-vrijzinnige kiezer?

with 10 comments

In Rotterdam hebben de drie linkse partijen GroenLinks, PvdA en SP voor de gemeenteraadsverkiezingen een alliantie gesloten met de islamitisch geïnspireerde lokale partij NIDA. NRC meldt het in een bericht. De vier partijen presenteren zich als ‘Links Verbond’ en niet als ‘Links-islamitisch Verbond’. De opzet is tegenwind te bieden aan het rechtse Leefbaar Rotterdam dat een alliantie met Forum voor Democratie (FvD) is aangegaan. Omdat de leider van Leefbaar Joost Eerdmans geen afstand neemt van de uitspraken over afkomst, ras en IQ van FvD heeft Said Kasmi van D66 samenwerking met Leefbaar uitgesloten. Zo kondigt zich in Rotterdam een rechts (Leefbaar/FvD, VVD, CDA, SGP), links (GL, PvdA, SP, NIDA, PvdD) en centrumblok (D66, CU) aan. Met NIDA’s concurrent, het eveneens islamitisch geïnspireerde DENK als links-conservatief buitenbeentje.

Voor vrijzinnige kiezers die zich niet willen laten inspireren door religie en religieus geïnspireerde partijen of partijen met extreem-rechtse denkbeelden wordt de spoeling dun. Ze kunnen alleen terecht bij D66 en de PvdD. Zo wordt het duidelijk kiezen in Rotterdam. Allianties, blokvorming en uitsluitingen maken het een interessante proeftuin voor politiek Nederland. Partijen rekenen zich nu electoraal rijk. Tegen beter weten in.

Foto: Tweet van NIDA, 14 februari 2018.

Written by George Knight

14 februari 2018 at 14:56

2018: Het is de rechtsstaat, stupid! Op weg naar een kleurenblind, religieblind en natieblind Nederland

with 3 comments

Laat 2018 het jaar worden dat de flanken van het politieke spectrum aan vaart, charme en aantrekkingskracht verliezen. PVV, Forum voor Democratie, DENK of Sylvana Simons met haar nieuwe politieke partij Bij1 hebben Nederland niets te bieden. Deze partijen zoeken niet de verbinding om het algemeen belang te behartigen, maar blijven hangen in hun deelbelang dat ze als niche in de politieke marketing hebben ingenomen en voor eigen gewin uitmelken. Hun stellingname wordt wit, zwart, niet-islamitisch of islamitisch beredeneerd. Deze continue verwijzing naar identiteit, religie of huidskleur is vermoeiend en vervelend. Cultuurstrijd lost niets op, maar staat een oplossing in de weg. Nederland heeft in 2018 behoefte aan een kleurenblind, religieblind en natieblind debat. Het doet er niet toe wat iemand is of waar hij vandaan komt, maar wel wat iemand doet.

De relatie tot de rechtsstaat is de enige norm waar de burger op aangesproken zou moeten en mogen worden aangesproken door politiek en maatschappij. Dus geen gebazel van Simons over witte hegemonie, van Wilders over joods-christelijke tradities of van Baudet over cultuurmarxisme. Dat is klinkklare onzin en bedoeld voor de eigen politiek marketing en niet voor de behartiging van het algemeen belang van Nederland. Ook de middenpartijen VVD, CDA, D66 en PvdA moeten afstand nemen van hun identiteitspolitiek en meer dan tot nu toe de loepzuivere toepassing van de beginselen van de rechtsstaat centraal zetten in hun beleid. Zodat door het afschaffen van de voorrechten voor religies, multinationals of financiële instellingen de noodzaak bij de meeste burgers om de flankpartijen het voordeel van de twijfel te geven vanzelf afneemt. Zo simpel is het.