Kwestie Inès von Rosenstiel. Is Integrative Medicine een nieuwe visie op de gezondheidszorg of een marketingmodel dat geen medisch, maar een cultureel en economisch belang dient?

Schermafbeelding van deel artikelIM-gelovige kinderarts Inès von Rosenstiel krijgt lintje‘ op de Vereniging tegen de Kwakzalverij (VtdK), 11 november 2021.

Er bestaat verschil van mening over het feit of een kinderarts wel of niet aangesloten is bij de kinderartsenvereniging NVK. Het gaat om Inès von Rosenstiel over wie op een informatiepagina van het Rijnstate Ziekenhuis in Arnhem wordt gezegd dat ze lid is van de Nederlandse Vereniging voor Kindergeneeskunde (NVK). In een artikel van de Vereniging tegen de Kwakzalverij (VtdK) van 11 november 2021 lijkt het tegenovergestelde te worden beweerd: ‘In 2010 distantieerde haar beroepsgroep, de Nederlandse Vereniging voor Kindergeneeskunde (NVK) zich van haar alternatieve praktijken. Von Rosenstiel was overigens geen lid van de kinderartsenvereniging‘. Er staat in dit citaat ‘was‘ zodat het mogelijk is dat ze sinds 2010 alsnog lid is geworden.

Het artikel van de VtdK schetst dat Von Rosenstiel op 8 oktober 2021 op het eerste Nederlandse Integrative Medicine-Congres ‘In or outside the box?‘ in Amersfoort (niet in Arnhem ) is benoemd tot Officier in de Orde van Oranje-Nassau. Ze ontving een lintje uit handen van de Arnhemse burgemeester Ahmed Marcouch. In zijn lofrede zei hij over haar: ‘Zij stuurt deze mensen niet van functionele therapie naar complementaire therapie en hopelijk ook weer terug, maar ziet de mens als optelsom en zet dus alle methoden in die bewezen hebben te helpen. Patiënten zijn voor haar mensen die de regie kunnen nemen voor een gezonde levenswijze‘.

Schermafbeelding van deel aankondiging IM-congres ‘In or outside the box?’ op 8 oktober 2021 in de Flint, Amersfoort. Via Congressen met zorg.

De VdtK is daar niet gelukkig mee en zegt hierover: ‘De Vereniging tegen de Kwakzalverij vindt de benoeming tot Oranje-Nassau-officier betreurenswaardig, de alternatieve achterban van Von Rosenstiel reageert daarentegen juichend. ‘Inès von Rosenstiel heeft een ontzagwekkende staat van dienst’, aldus de Vereniging Homeopathie in een persverklaring‘. VdtK merkt op dat Von Rosenstiel op andere gebieden te prijzen valt, zoals haar inzet voor het verbeteren van de gezondheid van kinderen in met name ontwikkelingslanden. Maar daarvoor heeft ze het lintje niet gekregen.

De vraag is of Inès von Rosenstiel de deur open zet naar kwakzalverij. In genoemd artikel geeft de VtdK een verklaring over het handelen van Inès von Rosenstiel en de populariteit van de Integrative Medicine: ‘Na een aanvankelijk vlekkeloze loopbaan als kinderarts-intensivist in het AMC is Von Rosenstiel geleidelijk afgegleden naar een bedenkelijk niveau, kritiekloze liefde voor alternatieve geneeswijzen als visualisatie, yoga, babymassage, aromatherapie en muziektherapie. Zij meent dat er in de ziekenhuizen ook plaats moet worden gemaakt voor Chinese acupunctuur. De IM-arts beweert weliswaar dat zij alleen geneeswijzen introduceert, waarvan de werkzaamheid goed is aangetoond, maar legt daarbij geheel eigen zeer soepele criteria aan. Integrative medicine is niets anders dan het binnensmokkelen van alternatieve geneeswijzen in ziekenhuizen. Directies vinden dergelijke initiatieven vaak prima omdat er – op populistische wijze – klanten mee kunnen worden getrokken‘.

Het Consortium voor Integrale Zorg en Gezondheid (CIZG) probeert op haar site de kritiek voor te zijn dat de Integrative Medicine (IM) de deur open zet naar de kwakzalverij door te benadrukken dat het dit gevaar kent en daarom zorgvuldig handelt:

Schermafbeelding van deel rubriekVeelgestelde vragen & antwoorden‘ op site Consortium voor Integrale Zorg en Gezondheid (CIZG).

Maar dit antwoord van het CIZG gaat voorbij aan de vraag of er wel zoiets bestaat als alternatieve geneeskunde die wetenschappelijk is. Een artikel over Integratieve ‘gezondheidsmethoden’ uit 2017 van Stephen Barrett in Quackwatch ontkent dat en citeert een redactioneel artikel uit 1998 van de Journal of the American Medical Association: ‘Er is geen alternatieve geneeswijze. Er is alleen wetenschappelijk bewezen, evidence-based geneeskunde die wordt ondersteund door solide gegevens of onbewezen medicijnen, waarvoor wetenschappelijk bewijs ontbreekt. Of een therapeutische praktijk nu ‘oosters’ of ‘westers’ is, onconventioneel of mainstream is, of waarbij lichaamseigen technieken of moleculaire genetica betrokken zijn, is grotendeels irrelevant, behalve voor historische doeleinden en cultureel belang. (…) Desalniettemin moeten we, als gelovigen in wetenschap en bewijs, ons concentreren op fundamentele kwesties, namelijk de patiënt, de beoogde ziekte of aandoening, de voorgestelde of toegepaste behandeling en de noodzaak van overtuigende gegevens over veiligheid en therapeutische werkzaamheid.’

Schermafbeelding van deel artikel Be Wary of “Alternative,” “Complementary,” and “Integrative” Health Methods‘ van Stephen Barrett in Quackwatch, 30 oktober 2017.

Catherine J. de Jong, anesthesioloog en secretaris van de VtdK is de vermoedelijke auteur van het VtdK-artikel over IM en Inès von Rosenstiel. In 2010 kruisten de twee medici in Medisch Contact de degens. In reactie op een artikel van Von Rosenstiel schreef De Jong het volgende:

Schermafbeelding van deel briefRegulier-plus zoekt de consensus‘ van Catherine J. de Jong in Medisch Contact, mei 2010.

Is IM of integratieve geneeskunde nou kwakzalverij, geen kwakzalverij of iets daartussenin, namelijk een verlengstuk van de reguliere gezondheidszorg dat dient als extra verdienmodel voor ziekenhuizen en medische centra om geld binnen te halen? Dat laatste zou de in de afgelopen 20 jaar sterk toegenomen positie van IM binnen Nederlandse ziekenhuizen verklaren.

Dat is het verschil tussen het antwoord op de vraag of IM schadelijk, overbodig of niet zozeer direct schadelijk is maar de doelmatigheid van de gezondheidszorg wel doet afnemen en deze daarmee indirect schade aandoet. Kernvraag die beantwoord dient te worden door de medische sector is of IM een nieuwe visie op de geneeskunde is of een uit de VS overgewaaid handig marketingmodel dat geen medisch, maar vooral een cultureel en economisch belang dient.

Gezien de waardering voor IM en het sentiment in de samenleving dat het belang van wetenschap verregaand relativeert valt niet te verwachten dat de reguliere gezondheidszorg met verzekeraars, ziekenhuizen, medici, belangenverenigingen en overheden, kortom met veel tegengestelde en grote financiële belangen nog in staat is om op deze vraag een eerlijk antwoord te geven.

De Geschiedenis van Jan Kwak (1910) over wondermiddelen en kwakzalverij is nog steeds actueel

De prent ‘De Geschiednis van Jan Kwak of hoe men door bedrog in Nederland ongestraft tot rijkdom en tot eer komt. Geïllustreerd met teekeningen van Nelly Bodenheim. Uitgegeven door de ‘Vereeniging tegen de Kwakzalverij’ is vandaag nog even actueel als ruim 100 jaar geleden toen die werd uitgegeven.

We hoeven maar te denken aan wondermiddelen als Hydroxychloroquine of  Ivermectine die er niet voor ontwikkeld zijn om COVID-19 te genezen en geen helende werking hebben, maar ondanks het feit dat ze eerder schade aanrichten toch worden aanbevolen. Het valt niet te verwonderen dat de strip werd uitgegeven door de ‘Vereeniging tegen de Kwakzalverij’ die nog steeds bestaat. Wel lijkt in 100 jaar de focus verlegd. Het gaat nog steeds om bedrog, maar niet rijkdom en eer staan centraal, maar politieke doelen.

De cents-prent is opgenomen in de Britse Welcome Collection die gaat over gezondheid. Via open bronnen op internet is niet terug te vinden dat de strip in een Nederlandse collectie is opgenomen. In de beschrijving wordt als datum circa 1900 gegeven, maar dat rijmt niet met een annonce in het Nederlands Tijdschrift voor Geneeskunde jaargang 1910 waarin reclame wordt gemaakt voor de strip. De datum van uitgave zal dus eerder dateren uit 1909 of 1910:

Schermafbeelding van mededelingDe geschiedenis van Jan Kwak‘ in het Nederlands Tijdschrift voor Geneeskunde (1910).

Tekenaar was Nelly Bodenheim (1874-1951) over wie Wikipedia zegt dat zij een Nederlands kunstenaar was en vooral bekend werd als illustrator van kinderboeken. Met Rie Cramer zou zij ‘uitgroeien tot de twee belangrijkste illustratoren van hun tijd‘. De prent ‘De geschiedenis van Jan Kwak‘ is een ‘zwart-witje’ in Oost-Indische inkt. Het is de knipkunst-stijl waarmee de Duitse animator Lotte Reiniger in de jaren 1920 bekend werd.

De aap komt uit de mouw op de 20ste van de 24 tekeningen: ‘Jan Kwak zoekt beter hulp‘: Jan stuurt om Dokter Volverstand/ Die had aan Jan’s middelen verbazend het land,/ En wie zijn reclames als leugen erkent,/ Dien vindt Jan in zijn binnenste een pienteren vent. Jan Kwak is rijk en beroemd geworden door zijn wondermiddelen, maar gebruikt die zelf niet als hij ziek wordt.

Dat is een overeenkomst met tegenwoordig. De leidsmannen van de anti-vaccinatie beweging laten zich, vaak in het geheim, vaccineren terwijl ze hun achterban die erin gelooft de wondermiddelen blijven aansmeren. Er is in 110 jaar weinig veranderd. Bedrog is onuitroeibaar en zal blijven bestaan zolang zwendelaars er een mogelijkheid in zien om hun eigen positie ermee te verbeteren en anderen te misleiden en geld uit de zak te kloppen. Zoals gezegd is het er problematischer op geworden omdat het bedrog wordt ingezet voor politieke manipulatie die de democratie in gevaar brengt. Dat gaat verder dan gewone oplichterij.

Dat de prent volgens een van de metadata, namelijk het ‘tijdstempel’ pas sinds 2019 is opgenomen in de Welcome Collection is ondersteunend bewijs voor het verband dat verzamelaars leggen tussen de toenmalige kwakzalverij van Jan Kwak en de hedendaagse kwakzalverij die tijdens de COVID-19 pandemie gouden tijden beleeft.

Om pseudo-wetenschap in de media te bestrijden moet er een Vereniging tegen de Kwakzalverij in de Media worden opgericht

Het is opvallend dat zowel economen als filosofen de huidige COVID-19 pandemie gebruiken om zich als individu te profileren en hun zaak te bepleiten. Ook en zelfs juist als die slechts zijdelings iets met de pandemie te maken heeft. Het wordt er potsierlijk op als deze deskundigen net doen alsof hun vakgebied een wetenschap is, laat staan een exacte wetenschap. Maar het wordt er idioot op als deze deskundigen net doen alsof ze ook verstand hebben van een ander vakgebied. Dat hebben ze niet. Dat is bewuste misleiding en zelfoverschatting waar overigens de media ook een rol in te spelen hebben. Ze moeten zo’n opinieleider die buiten zijn of haar vakgebied gaat stoppen onder het mom: ‘tot hier en niet verder’. Media moeten de desinformatie niet aanwakkeren.

Denk aan de economen Coen Teulings en Barbara Baarsma die de afgelopen maanden voorlopig hun plek in de geschiedenis hebben verspeeld met slecht onderbouwde, onzinnige uitspraken. Ze hadden moeten zwijgen over gezondheidskwesties waar ze niet echt verstand van hebben en hadden niet de schijn moeten wekken dat de deskundigheid op hun economisch terrein niet zonder meer uitgebreid kan worden naar andere terreinen. Want daarop zijn ze net zo onwetend en ondeskundig als elke willekeurige, nadenkende burger. Voor Ad Verbrugge geldt hetzelfde.

Verbrugge neemt een loopje met de waarheid. Is het angst of realisme dat er in de VS nu al meer dan een half miljoen geregistreerde doden zijn als gevolg van COVID-19? Overheden handelen aarzelend en nemen soms de verkeerde beslissingen omdat ze dit (sinds 1919) niet meer bij de hand hebben gehad. De macht van overheden en techbedrijven moet ingeperkt worden en de privacy en vrijheid van burgers moet beschermd worden. Dat is zinvolle kritiek, maar het is grotesk en gevaarlijk voor de volksgezondheid om dit direct te koppelen aan de bestrijding van de huidige pandemie.

Afgelopen maand was er op de Vlaamse publieke omroep VRT de 3-delige serie BDW met de rechtse politicus Bart De Wever. Voorzitter van de rechts-nationalistische N-VA en burgemeester van Antwerpen. Hij gaf een inkijkje in zijn handelen en de strategie van de (partij)politiek. Of men het nou met zijn politieke overtuiging eens is of niet. Hij zei dat politici moeten zwijgen als ze niks te zeggen hebben. Daarmee doelde hij vooral op PS-voorzitter Paul Magnette die volgens hem telkens de onderhandelingen over een regeringscoalitie bemoeilijkte en zelfs onmogelijk maakte door er in de media bijna dagelijks zijn commentaar op te geven. Interessant is dat de kritiek van De Wever deels bestaat uit fundamentele mediakritiek en deels uit eigen politieke profilering. Hij is zo door de wol geverfd dat moeilijk valt te zien waar het een in het ander overgaat.

Wat zou het helpen als we weten dat als een politicus of opinieleider publiekelijk spreekt en daar in de media verslag van gedaan wordt we er vanuit konden gaan dat zo iemand dan ook echt iets zinvols te melden heeft. De talkshows en krantenkolommen zouden er opgeruimd door worden (‘Less is more’) en de kwantiteit van de loze beweringen zou ingewisseld worden voor de kwaliteit van de inhoud. En we weten nu toch al dat er eerder een te groot dan een te gering beroep wordt gedaan op de tijd, het geduld en de goede smaak van de nieuwsconsument? Het is zoals gezegd niet in de laatste plaats aan omroep of krant om de oprispingen en losse flodders van ‘wetenschappelijke’ opinieleiders die zich buiten hun vakgebied begeven en zich manifesteren als pseudo-deskundigen geen plek te geven.

Sommigen noemen het hoogmoed, publiciteitsgeilheid of een verdienmodel van al die (pseudo)-wetenschappers die met hun praatjes als een plaag de media teisteren. Het is de hoogste tijd dat de loze beweringen, schijnwaarheden en filosofietjes in het publieke debat fundamenteel worden bestreden. Nu gebeurt dat goedbedoeld, maar halfslachtig vanuit het idee om desinformatie te bestrijden. Het valt te bezien of dat de juiste invalshoek is. Verboden of blokkades zijn niet het juiste antwoord, maar een aanschouwelijke weerlegging met argumenten als boter bij de vis is dat wel.

Er is in Nederland een vrije pers, maar de interne correctiemechanismen van de journalistiek zoals Ombudsmannen zijn verregaand uitgekleed. Het mechanisme van zelfregulering heeft weinig tanden. Op sociale media is de tegenspraak en correctie zo goed als uitgeschakeld door het eilandenrijk van de bubbels.

Waar de publieke uitspraken van politici en opinieleiders raken aan of gaan over wetenschappelijk onderwerpen is in de media een evenknie van de Vereniging tegen de Kwakzalverij nodig die per omgaande en wijd verspreid corrigeert, in de goede context zet en deskundigen die onder de pretentie van alwetendheid buiten hun vakgebied gaan terechtwijst. Dan kunnen in elk geval de misverstanden die opgeroepen worden snel opgeruimd worden. Als het vuil van het land dat uit de studio’s en krantenredacties wordt verwijderd. En ook van de universiteiten.

Foto 1: Schermafbeelding van deel artikelOnze angst voor het virus geeft de staat te veel ruimte’ van Kees Versteegh in NRC, 28 februari 2921.

Foto 2: Schermafbeelding van deel aankondigingWebinar 2020 On demand: Sociale media, slecht voor de gezondheid?’ van de Vereniging tegen de Kwakzalverij, 19 augustus en 21 oktober 2020.

Ik denk dat ik kwaad word over de onkunde en onnozelheid van de tentoonstellingsmakers van Museum Volkenkunde: Helende Kracht

Steevast twijfel ik bij aankondigingen van de musea van het Nationaal Museum van Wereldculturen (NMvW) of ik erom moet schaterlachen of dat ik kwaad moet worden over de onbenulligheid en het platte vertoon van modieusheid en onkunde. Serieus kan ik tentoonstellingen van deze musea (Tropenmuseum, Afrika Museum, Museum Volkenkunde) niet meer nemen, zoals ik die van het Stedelijk Museum, het Rijksmuseum, Museum Boijmans, het Gemeentemuseum Den Haag, het Centraal Museum en al die zorgvuldig en behoedzaam opererende musea serieus neem. Waar het aan ligt is me niet geheel duidelijk, maar het kan niet anders zijn dat bij het NMvW de tentoonstellingsmakers samen met de directie en de afdeling marketing de macht hebben gegrepen en de deskundigen het nakijken hebben. Met als gevolg dat niet de kunst centraal staat, maar de politiek correcte blik op de kunst, en dat de niet-deskundigen zonder veel vakkennis -met uitsluiting van de deskundigen- museumpje mogen spelen. Dat wreekt zich in de tentoonstellingen en de presentatie ervan.

Neem de aankondiging van de tentoonstelling ‘Helende Kracht’ die vanaf 12 juni 2019 te zien is in Museum Volkenkunde te Leiden. Een passage luidt: ‘Loopt het even niet zo lekker, dan zijn er naast doktersbezoek volop andere mogelijkheden om de balans te herstellen. Van orakelkaarten, ayahuasca, handoplegging, klankschalen en hypnotiserende troms tot sjamanen, heksen en vodunpriesters: het aanbod is enorm. De verzamelnaam voor al die therapeutische behandelingen waarbij de balans tussen lichaam, geest en ziel voorop staat, is healing.’ Een weerlegging ervan zou een kolfje naar de hand van de Vereniging tegen de Kwakzalverij zijn. Neem het artikel ‘Wie is hier gek? Healing-praktijken in een GGz’ uit 2006 van Cees Renckens waarin hij zegt: ‘De VtdK acht het ten enenmale ontoelaatbaar patiënten die het ten gevolge van hun angsten en/of depressiviteit toch al moeilijk genoeg hebben, wijs te maken dat zij kunnen profiteren van bovennatuurlijke krachten zoals dat bij de zogenaamde ‘healings’  zou geschieden. Hoe bewerkstelligt men vervolgens dat een dergelijke patiënt wordt afgeschermd van verpleegkundigen of andere artsen, die natuurlijk hun lachen niet kunnen houden als deze beweert dat de healing zo goed helpt? Zoiets is praktisch onmogelijk.’ Promotie voor healing praktijken kan dus gevolgen hebben voor de gezondheid van patiënten.

Museum Volkenkunde suggereert dat waar de reguliere geneeskunde faalt de alternatieve geneeswijzen uitkomst kunnen bieden, maar op welke onderzoeksgegevens het museum zich baseert is twijfelachtig. Hoe kunnen volgens dit museum orakelkaarten, handoplegging, klankschalen en hypnotiserende troms een balans tussen lichaam, geest en ziel herstellen die de reguliere geneeskunst niet kan herstellen? Hoe gaat dat dan? Museum Volkenkunde volgt in deze aankondiging de lijn van de kwakzalverij. Het is verbijsterend om te constateren dat dit museum meent zich hiermee in een tentoonstelling te moeten profileren. Met kwakzalverij.

Het wordt er nog doller op als de aankondiging zegt: ‘Het uitgangspunt is ook gelijk: het geloof dat er meer is tussen hemel en aarde, meer dan we vanuit onze ratio en de (westerse) wetenschap kunnen verklaren.’ Ermee gooit Museum Volkenkunde de luiken wijd open voor bedrog, bluf en de charlatans van de healing industrie.

Museum Volkenkunde steunt kritiek op de reguliere geneeskunde en plaatst die op een lijn met orakelkaarten, handoplegging, klankschalen en hypnotiserende troms van healing. Hiermee neemt het museum echter een positie in die tot maatschappelijke schade kan leiden, zoals zich dat de laatste jaren onder andere aftekent in het complotdenken over vaccinaties. Daar geeft dit museum met deze tentoonstelling voeding aan, volgens de aankondiging die dat suggereert. Uiteraard kan een museum allerlei redenen hebben om een tentoonstelling over alternatieve geneeswijzen te maken. Maar deze aankondiging wijst niet op een goed doordachte en evenwichtige tentoonstelling over alternatieve geneeswijzen, geluk en gezondheid die door deskundigen en met voldoende deskundigheid en kennis van zaken opgezet is. Ik denk dat ik kwaad word over de onkunde en onnozelheid van de tentoonstellingsmakers van Museum Volkenkunde. Dit is te serieus om weg te lachen.

Foto: Schermafbeelding van artikelHelende Kracht’ van het Museum Volkenkunde te Leiden, 2019.

Bij een commentaar van de Vereniging tegen de Kwakzalverij. Waarom is er geen Vereniging tegen de Claims van Godsdiensten?

Laat het duidelijk zijn, ik ben een aanhanger van het secularisme en daarom per definitie niet tegen godsdienst. Een voorstander ervan ben ik overigens evenmin. Secularisme is een politieke filosofie die zegt dat religies en levensovertuigingen volgens de wet in gelijke mate door de overheid gegarandeerd zijn en verdedigd moeten worden. Kortom, vrijheid, blijheid. Iedereen is vrij om een geloof, overtuiging, gemoedsstemming, zienswijze of standpunt te kiezen en is ook vrij om daar weer afstand van te nemen.

Daarmee is niet gezegd dat godsdienst geen kwakzalverij is. Als vanouds is dat het ‘strikt genomen het onbevoegd uitoefenen van de geneeskunde’, zoals Wikipedia uitlegt. Volgens een uitspraak uit 2007 komt iemand een kwakzalver noemen overeen met iemand een bedrieger noemen. ‘Zeggen dat de vermeende voordelen van een geneeskundige behandeling ongegrond zijn, betekent dat er geen onweerlegbaar bewijs van werking is. Dit betekent gewoonlijk dat de behandeling niet wetenschappelijk werd getest, dat het wetenschappelijk bewijs voor de werking bijzonder zwak is, of dat de behandeling herhaaldelijk de wetenschappelijke toets niet heeft doorstaan‘, aldus de omschrijving in Het woordenboek van de Skepticus.

Dat opent een zienswijze die een direct verband legt tussen kwakzalverij en godsdienst. Want evenmin als de claims van de kwakzalverij kunnen religieuze en spirituele overtuigingen die godsdiensten claimen getoetst worden. Zoals bij testen de claims van de kwakzalverij niet bewaarheid kunnen worden, kunnen de claims van godsdiensten dat evenmin. Het is dat de term kwakzalverij aan geneeskunde is voorbehouden, maar anders zou godsdienst kwakzalverij kunnen worden genoemd. Via een omweg kunnen stafleden van godsdienst bedriegers worden genoemd. Dit alles betekent nog niet dat zij zwendelaars zijn, maar wel dat ze een geloof promoten waarvan het geclaimde voordeel of de werking ongegrond is. Met dat uitgangspunt valt het commentaar uit 2011 van bestuurslid Henk Timmerman van de Vereniging tegen de Kwakzalverij te lezen.

In 2011 had Henk Timmerman zoals hij zelf aangeeft een christelijke overtuiging. Hij was toen voorzitter van de Raad van Kerken in Oegstgeest. Hij meent dat ‘christenen zich tegen elke vorm van bedriegerij en oplichterij moeten verzetten’. Timmerman gaat voorbij aan religieuze en spirituele claims, en de werking van godsdienst. Want het valt niet te rijmen dat christenen die lid zijn van de Vereniging tegen de Kwakzalverij zich tegen het bedrog in de geneeskunde verzetten, maar niet tegen het bedrog in de godsdienst. Zijn commentaar is tegenstrijdig en komt voort uit het hanteren van een dubbele standaard. Want het patroon is dat testen de claims van godsdiensten keer op keer weerleggen. Een godsdienst die claimt het bovennatuurlijke te ondersteunen wordt door geen enkele wetenschappelijke studie hierin gevolgd.

Het lijkt er sterk op dat Timmerman aan wishful thinking doet en redeneert vanuit een blinde vlek. Hij is kritisch op bedrog in de geneeskunde, maar sluit zijn ogen voor bedrog in de godsdienst. Zo combineert hij een wetenschappelijke geest met fantasie. Dit roept de vraag op of hij dan lid van de Vereniging tegen de Kwakzalverij kan zijn als hij het bedrog in de godsdienst goedpraat of via een omweg sanctioneert door godsdienst boven kritiek te stellen. Zijn instinct waarmee hij zo kritisch is op het bedrog in de geneeskunde praat het bedrog van zijn eigen christendom goed. Hij redeneert in dit commentaar uit 2011 dubbelhartig door de geneeskunde langs de lat van de wetenschap en de wetenschappelijke methode te leggen, maar de godsdienst langs de lat van de fantasie en het wensdenken. Dat is onbetrouwbaar en onecht omdat de claims van de godsdienst volgens dezelfde wetenschappelijke methode als de kwakzalverij getoetst kunnen worden.

Het is gezien de afbakening van de kwakzalverij, die zich immers richt op de geneeskunde, begrijpelijk dat de Vereniging tegen de Kwakzalverij zich niet waagt aan de vraag of godsdienst bedrog is. Om deze reden had Timmerman er in het commentaar verstandiger aan gedaan om godsdienst niet uit de wind te houden of goed te praten door te suggereren dat er een tegenstelling met kwakzalverij is. Zo smokkelt hij legitimiteit voor godsdienst binnen. Hij had er verstandig aan gedaan om dit commentaar niet te schrijven omdat hij de claims en de werking van godsdienst wetenschappelijk niet kan ondersteunen door ze te toetsen, zoals hij evenmin de claims van kwakzalvers kan ondersteunen. Het is aanbevelenswaardig als er een Vereniging tegen de Claims van Godsdiensten opgericht zou worden die even kritisch naar godsdienst kijkt als de Vereniging tegen de Kwakzalverij naar geneeskunde kijkt. Dan kunnen valse claims van godsdiensten weerlegd worden.

Foto’s: Schermafbeeldingen van commentaarLidmaatschap Vereniging tegen de Kwakzalverij en religie’ van Henk Timmerman op Vereniging tegen de Kwakzalverij, 14 januari 2011.