George Knight

Debat tussen links en rechts

Posts Tagged ‘Neutraliteit

Irritant gebrek aan vooruitgang bij aanpak nepnieuws. Facebook ondersteunt verspreiding van gemanipuleerde video Nancy Pelosi

with 7 comments

Een vice-president van Facebook Monica Bickert ontkent in een gesprek met CNNs Anderson Cooper dat haar organisatie draait om nieuws en ‘in the news business’ is. Aanleiding is een gemanipuleerde video van Huisvoorzitter Nancy Pelosi waarin het lijkt alsof ze dronken of verzwakt is. Bickert kan niet goed uitleggen waarom Facebook de video niet verwijdert. Haar kanttekening dat er een waarschuwing bijgeplaatst wordt is onwaarachtig omdat Facebook pas tot actie overging nadat de Washington Post op de manipulatie gewezen had. Facebook ondersteunt zo de strategie van de Republikeinen voor 2020: gemanipuleerde berichten om de opponenten te verzwakken. Facebook blijft in gebreke en treedt nog steeds onvoldoende op tegen nepnieuws.

Waarom is de aanpak van nepnieuws zo moeizaam? Is het probleem van nepnieuws te groot om doelmatig aan te pakken of is de aanpak van de techbedrijven als Facebook te halfslachtig en onvoldoende? Of is het allebei waar? We kennen onderhand talloze analyses van deskundigen over de kwalijke rol van desinformatie en nepnieuws, zoals van Clingendael-deskundige Danny Pronk die voor de VPRO het probleem uiteenzet. Maar toch. We horen dit al zeker sinds 2016, maar de aanpak lijkt nog steeds onvoldoende. Van een probleem dat allang niet meer nieuw is, maar door velen nog op het niveau van bewustwording wordt gepresenteerd. Men zou toch in redelijkheid mogen verwachten dat tegen de strategie van de Republikeinse partij, de Russische Federatie of andere actoren nou eindelijk eens een doelmatige tegenstrategie wordt ontwikkeld en uitgevoerd.

Niet dus. Vanwaar dit gebrek aan vooruitgang en een doelmatige aanpak? Laat de duiding voortaan daar op focussen, namelijk op concrete tegenmaatregelen om de westerse democratie te beschermen. Herhaling van zetten is aardig, maar bewustwording bij opinieleiders en publiek is intussen voldoende aanwezig. Analisten moeten ook een volgende stap zetten om overheden en techbedrijven tot doelmatig handelen te dwingen.

In een artikel voor Politico dat een opsomming van stagnatie en gemiste kansen geeft, citeert Mark Scott de aftredende Europarlementariër van D66 Marietje Schaake over digitale veiligheid: ‘Wetgevers hebben de bal laten vallen, we staan pas aan het begin van het begrijpen van de uitdagingen voor liberale democratieën.’ Waarom zijn drie kostbare jaren verloren gegaan door inertie? Waar blijft het Deltaplan om dit aan te pakken?

Cenk Uygur van TYT gaat een stap verder en wijst in onderstaande video (na 12’ 50’’) op de obsessie van de journalistiek op neutraliteit die de meer belangrijke norm van objectiviteit beschadigt. Het ‘enerzijds – anderzijds’, ofwel hoor en wederhoor van de klassieke journalistieke code schiet tekort indien het tegenover een portie waarheid een even grote portie onwaarheid en leugens zet. De spanning tussen ‘eerbied voor de waarheid’ en ‘het recht op faire commentaar en kritiek’ staan in de gevallen van nepnieuws en desinformatie op gespannen voet met elkaar. Ook nog eens in een hooghartige houding van ‘dit zijn de normen van de journalistiek’ en ‘zo doen we het al jaren’. De vraag is of dit niet ontaardt in naïviteit en nog houdbaar is als de mate van desinformatie de (sociale) media overspoelt. Want het kan niet de opzet van journalistiek die gaat voor de feiten en de waarheid om onwaarheid te verspreiden. Zo beredeneerd is de reactie van Facebooks Monica Bickert zelfs in dubbel opzicht tekortschietend en onjuist. Zij ontkent zowel dat Facebook een journalistieke organisatie is die inzet op objectiviteit en het nastreven van de waarheid aan de hand van de feiten als dat Facebook een organisatie is die onvooringenomen hoeft te zijn. Anything goes in haar optiek.

Advertenties

Verliest NRC in het willen bewijzen van haar neutraliteit in de kwestie Ruf niet juist haar neutraliteit?

with 3 comments

Afgelopen week gaf Rachel Maddow een analyse van het optreden van toenmalig FBI-directeur James Comey enkele weken voor de presidentsverkiezingen van november 2016. Comey bracht in strijd met de procedures een bericht naar buiten dat vertelde dat er een onderzoek naar Hillary Clinton liep. Statistisch onderzoek over die periode vlak voor de verkiezingen wekt de indruk dat dat bericht en Comey’s persconferentie hierover haar de overwinning heeft gekost. In 2017 werd Comey door president Trump ontslagen als FBI-directeur omdat hij hem zijn loyaliteit niet wilde geven.

Dat Comey tegen zijn eigen procedures handelde beredeneert Maddow vanuit het feit dat hij zich met een maandenlange barrage van negatieve berichten had laten intimideren door de Republikeinse partij en Donald Trump. Om zijn onafhankelijkheid tegenover Trump te bewijzen pakte hij Clinton harder aan dan toegestaan was en wat hij had moeten doen.

Hetzelfde mechanisme constateer ik bij de beide journalisten die voor NRC de kwestie Ruf volgen. Door hun hoofdredactie of door hun eigen innerlijke kompas zijn ze blijkbaar zo uit hun gewone journalistieke routine gebracht dat ze zich feitelijk het zwijgen op laten leggen. Zo geven ze niet eens meer een reactie op de vele berichten vanuit het Ruf-kamp die pleiten voor haar terugkeer en de claim dat haar naam gezuiverd is. Er is veel tegen in te brengen dat dat volstrekt niet het geval is en Ruf niet het geschikte ethische profiel heeft om directeur van het Stedelijk Museum te zijn.

De journalisten laten het bij een zogenaamde onpartijdig verslag waarbij ze zo duidelijk op eieren lopen dat hun terughoudendheid er potsierlijk en beklagenswaardig op wordt. Maar vooral krachteloos en ineffectief. Het tekent ook het dilemma dat de traditionele enerzijds/anderzijds-journalistiek volgens de Code van Bordeaux alleen werkt als redelijkheid en feiten het uitgangspunt zijn. Trump bewijst elke dag hoe het anders kan. Zo kan journalistiek niet bedoeld zijn.

Het gevolg is dat de kunstredactie van NRC niet langer vanuit de eigen betrokkenheid en kennis informeert over de kwestie-Ruf, maar vooral over de angst binnen de hoofdredactie van NRC om van vooringenomenheid beticht te worden. Maar Ruf laat zich niet beteugelen en blijft de feiten selectief presenteren. Kortom, zo won Trump het van Clinton dankzij Comey die in het krampachtig willen bewijzen van zijn neutraliteit juist die neutraliteit verloor. Daan van Lent en Arjen Ribbens moeten oppassen niet Comey’s rol te spelen. De geschiedenis leert dat dat weinig benijdenswaardig is en iets om trots op te zijn.

Foto: Schermafbeelding van deel artikelBeatrix Ruf wil wel terug naar het Stedelijk Museum’ van Daan van Lent en Arjen Ribbens in NRC, 18 juni 2018.

Petitie ‘Het creëeren van stilteruimte op Haagse Hogeschool’ is een slecht idee. Hoofddoek vs. vergiet, hipsterbaard vs. vlasbaardje?

leave a comment »

Met de wetmatigheid waarmee in de herfst bladeren van bomen vallen, in de lente de krokussen bloeien en in de zomer de kraaien van het dak vallen, doen moslimstudenten aan Nederlandse hogescholen verzoeken voor een gebedsruimte op hun school. Zoals een recente petitie van moslimstudenten aan de Haagse Hogeschool.

Over een zelfde soort petitie bij dezelfde hogeschool in 2016 schreef ik in een commentaar het volgende: ‘Het verzoek om een gebedsruimte (verhullend stilteruimte genoemd) voor ‘religieuze studenten’ in te richten op een openbare, niet-bijzondere onderwijsinstelling is een slecht idee. Het komt niet uit de lucht vallen, zie hier en hier. Dat het hier een verzoek van islamitische studenten betreft is zeer waarschijnlijk. Het is niet aan de Haagse Hogeschool om ‘religieuze studenten’ een gebedsruimte te bieden. Dan is het einde zoek, want waarom onderscheid maken tussen ‘religieuze studenten’ en andersdenkenden? En wie beslist welke groep op welke tijdstip de gebedsruimte mag gebruiken? Want er zijn honderden religies of religieuze stromingen. Het wordt knap ingewikkeld om dat eerlijk te verdelen. En waarom vraagt deze petitie alleen om een gebedsruimte voor ‘religieuze studenten’ en niet om een ruimte voor humanistische, atheïstische of nihilistische studenten? Want ‘religieuze studenten’ zullen toch niet van zichzelf denken dat ze extra rechten hebben?

Tekenend is het perspectief van de moslimstudenten in een Update bij deze eerdere petitie van april 2016: ‘Zijn er studenten die geen geloof belijden en hebben ze vragen? Dan kunnen ze gerust langskomen!’ Dat is een verhulde oproep tot evangelisatie. Want van ‘studenten die geen geloof belijden’ wordt verondersteld dat ze vragen kunnen hebben die ze in de gebedsruimte kunnen stellen. Maar vragen waarover dan, toch niet over de leer van de islam? Dan wordt een gebedsruimte echt tot een evangelisatieruimte. Hoe dan ook zet dit de ‘studenten die geen geloof belijden’ apart en verdeelt het verzoek tot een gebedsruimte de gemeenschap van studenten aan deze hogeschool. De Update geeft duidelijk aan dat de moslimstudenten de gebedsruimte uitsluitend bedoelen voor religieuze studenten en niet voor studenten met andere levensovertuigingen. Zo wordt de gebedsruimte niet eerlijk en proportioneel verdeeld onder de studenten. Het risico is aannemelijk dat de best georganiseerde en meest gedreven groep de gebedsruimte claimt en in de praktijk gaat besturen.

De verbolgen en hoge toon van de moslimstudenten over hun ‘gebedskleden’ die in opdracht van het bestuur door de beveiliging zijn weggehaald spreekt boekdelen. Het einde aan de neutraliteit is zoek als studenten van allerlei verschillende levensovertuigingen en religies op school hun eigen plek gaan opeisen. Ook nog eens in dezelfde gebedsruimte. Tot en met de studenten die met hun vergiet op daar willen bidden volgens de regels van de Kerk van het Vliegend Spaghettimonster. Dan ligt er een confrontatie tussen vergieten en hoofddoeken, hipsterbaarden en vlasbaardjes op de loer. Het is begrijpelijk dat een schoolbestuur dat niet wil.

Overigens betreft het hier geen religieuze of islamitische hogeschool, maar een openbare hogeschool. De petitie mist de essentie, namelijk dat een openbare school niet bedoeld is om herverkaveld te worden tussen religies, maar neutraal moet zijn. Inrichting van een gebedsruimte staat haaks op dat neutraliteitsbeginsel.

Niets let islamstudenten of andere religieuze studenten om buiten collegetijd en buiten school te bidden. En in hun beleving tot hun God, Spaghettimonster of Hogere Macht te komen. Zodat vermeden wordt dat ze medestudenten sociaal onder druk zetten om volgens hun regels gebruik te maken van de gebedsruimte of die juist de toegang ontzeggen als het onwelkome stromingen binnen de islam betreft (Alavieten, Ahmadiyya).

Vrijheid van godsdienst is een kostbaar goed en moet verdedigd worden. Iedereen is vrij om een religie of levensovertuiging naar eigen keuze te kiezen en daar weer afstand van te nemen. Studenten die zich afficheren als islamstudenten en daar medestudenten mee confronteren geven een signaal van apartheid af. Ze zetten zich bewust apart. Islamisering van een semi-openbare ruimte als een hogeschool past niet bij een openbare hogeschool en bij het pluriforme Nederland met honderden religies en levensovertuigingen.

Foto: Schermafbeelding van anonieme petitieHet creëeren van stilteruimte op Haagse Hogeschool’ op Petities24.com, 18 maart 2018.

Eddy Terstall beroept zich op het secularisme in zijn afwijzing van het dragen van een hoofddoek bij een politie-uniform

with 3 comments

Eddy Terstall geeft voor RTL Nieuws zijn opinie over het secularisme. Dit naar aanleiding van het positieve, niet-bindende advies van het College voor de Rechten van de Mens over de Rotterdamse politie-ambtenaar Sarah Izat die een uniform bij haar hoofddoek wil dragen. Terstall vindt het dragen van religieuze symbolen bij een politie-uniform een slecht idee: ‘Ik antwoordde hem dat het toestaan van die religieuze symbolen mij geen goed idee leek. To say the least. Zichtbare uitingen van levensovertuigingen tasten het neutrale karakter van het ambt aan. Hetzelfde gaat voor mij op voor de verschillende functies in een rechtbank.’

Terstall ziet in het secularisme de beste garantie voor gewetensvrijheid: ‘Het gelijke speelveld is de enig echte garantie dat aanhangers van één gedachtengoed de anderen niet dwingen om naar hun regels te leven. De enige garantie voor het overeind houden van de rechtstaat met haar -na vrije verkiezing-  uitonderhandelde wetten.’ Secularisme is een politieke filosofie die verzekert dat niemand onderworpen zal worden aan religie. Inclusief leden van een minderheidsreligie die door een machtige religie worden onderdrukt. Zoals Terstall opmerkt neemt het secularisme geen stelling voor of tegen religie. Dat dit misverstand bestaat komt omdat door leden van onder druk staande religieuze organisaties -die hun voorkeurspositie en traditionele macht verdedigen- de indruk wordt gewekt dat secularisme atheïstisch is of anti-religieus. Dit is een misvatting.

Daarnaast eisen leden van nieuwe godsdiensten zoals de islam voorkeursposities voor zichzelf op. Onder meer met als doel om hun positie en zichtbaarheid in het publieke domein te vergroten. Terstall: ‘Sommige gelovigen willen extra rechten. Meer rechten. Andere rechten. Willen een uitzonderingspositie, want de meeste gelovigen menen dat net hun geloof het ware is en dus ietwat gelijker dan de rest is. Die uitzonderingspositie kan nu eenmaal niet. Er is één wet voor allen. Dat wil de meerderheid zo.’ Want als iedereen zich vanwege een godsdienst of levensovertuiging gelijker acht dan de rest, dan wordt de wet uitgehold. Die immers voor allen geldt. Dan wordt de wet een lege huls. Het effect is dat minderheden niet meer, maar minder beschermd zijn.

Het debat over een hoofddoekje bij een politie-uniform is gevoerd en het dragen ervan wordt afgewezen. Het past niet bij de Nederlandse traditie van neutraliteit, secularisme en rechtsgelijkheid. Dit zal voor sommigen paradoxaal en verwarrend klinken omdat de voorstanders van het dragen van een religieus symbool bij een politie-uniform zich beroepen op hetzelfde argument. Maar zoals gezegd ondermijnen uitzonderingsposities voor gelovigen uiteindelijk de werking van de wet die de posities van minderheden beschermt en uitgaat van het principe ‘gelijke monniken gelijke kappen’. Terstalls betoogt komt rond als hij stelt dat een meerderheid voor gelijke rechten is. Terstall: ‘De discussie over hoofddoeken bij de politie is gevoerd. Zowel de landelijke als lokale politiek zag er niets in en ook in het publieke debat was de afwijzing van links tot rechts te horen.

Foto: Ruben L. Oppenheimer, Gelijke monniken, mei 2017. (Een pastavergiet is voor de gelovigen van de Kerk van het Vliegend Spaghettimonster een religieus symbool). 

Onregelmatigheden bij inrichting stemlokalen zodat neutraliteit niet gewaarborgd is. Religieuze gebouwen zijn ongeschikt

with 3 comments

Onregelmatigheden over de inrichting van een stemlokaal in een Turkse moskee in Amsterdam-Oost roepen de vraag op hoe neutraal stemlokalen en stembureaus volgens de wet geacht worden te moeten zijn. Mogen er Turkse nationalistische posters en vlaggen hangen in het stemlokaal of binnen het stembureau op weg naar het stemlokaal? Elise Steilberg twitterde erover, De Telegraaf meldde het in een bericht en de gemeente Amsterdam verwijderde een vlag van de Turkse religieuze organisatie Diyanet in genoemd stemlokaal.

Het is overigens merkwaardig dat betreffende moskee op het stembiljet een ‘multicultureel centrum’ wordt genoemd. Een nationalistische, Turkse moskee is per definitie niet multicultureel, maar monocultureel. Zoals dat overigens ook voor gebouwen van andere religieuze organisaties geldt. Een bericht in Het Parool roept de vraag op hoe alert, neutraal en gekwalificeerd de voorzitter van genoemd stembureau is. Rob Thijssen: ‘Het is een multicultureel centrum, er hangen hier vooral Turkse symbolen. Het is niet politiek, maar religieus.’ Hij ziet geen relatie tussen politiek en religie, en waardeert nationalistische, Turkse symbolen als neutraal. Hij heeft het echter mis omdat het kiezers kan beïnvloeden. Bijvoorbeeld seculiere Turkse-Nederlanders die zich geïntimideerd voelen door de inrichting van het stemlokaal met nationalistisch-religieuze symbolen. Dit wijst op gebrek aan invoelingsvermogen en een foute taakopvatting (§ 10) van een voorzitter van een stembureau.

Dit incident staat niet op zichzelf, in Nijmegen was volgens een bericht in De Gelderlander in een in een Turks Cultureel Centrum gevestigd stemlokaal ‘een grote poster van een Turkse nationalistische leider’ te zien. Het gaat om Alparslan Türkeş die in 1997 overleed. Dat wekte volgens de krant ergernis bij Nijmegenaren die kwamen stemmen. Zoals deze kritiek: ‘Een stemruimte moet neutraal zijn. Dit had ik niet verwacht.’

De kieswet zegt in Artikel J 19 over het stemlokaal: ‘Bij algemene maatregel van bestuur kunnen nadere regels worden gesteld betreffende de inrichting van het stemlokaal’. Het is de burgemeester die zorg draagt voor de inrichting van het stemlokaal en heeft te zorgen voor handhaving. Maar deze overdracht van verantwoordelijkheid naar een lager bestuurlijk niveau draagt het risico in zich dat er verschillen tussen gemeenten ontstaan. In gemeenten die het minder nauw met de neutraliteit van het stembureau nemen kunnen afwijkingen ontstaan zodat kiezers met een niet-neutraal stemlokaal geconfronteerd worden.

Het is de hoogste tijd dat de politiek zich bewust wordt van dit probleem en herstelwerk verricht. Want de voorbeelden in Amsterdam en Nijmegen laten zien dat er gemeenten zijn die niet optreden volgens de neutraliteit die de Kieswet vraagt. Het lijkt er sterk op dat hier achterstallig onderhoud verricht moet worden en er strikte richtlijnen moeten worden opgesteld die gemeenten opdragen om a) een stembureau in te richten in een neutrale omgeving dus niet een kerk, moskee of een ‘Turks cultureel centrum’ met niet-Nederlandse vlaggen en allerlei religieuze symbolen en om b) wettelijke regels landelijk uit te werken die de volstrekt neutrale inrichting van het stemlokaal verplicht stelt. Het is verbazingwekkend dat dit nog niet is gebeurd en er in 2017 nog dit soort incidenten zijn. Beschamend voor de Nederlandse overheid. Stemmen moet in neutrale ruimtes zoals gemeentehuizen, buurtcentra en scholen. Niet in religieuze gebouwen.

Foto 1: Tweet van Elise Steinberg: ‘Stemmen in een Turkse moskee onder Turkse vlaggen, met de Turkse radio op de achtergrond en Diyanet folders op de tafels verspreid’, 15 maart 2017.

Foto 2: ‘NIJMEGEN: Stembureau 33 Turks Cultureel Centrum Citroenvlinderstraat © Paul Rapp’ 15 maart 2017. 

Bruno De Lillo: zichtbaarheid religieuze symbolen mag als het het gedrag in het werk niet beïnvloedt

leave a comment »

bdl

In een opinieartikel voor het Vlaamse Knack breekt politicus (GROEN) Bruno De Lillo een lans voor de zichtbaarheid van religieuze symbolen. Of liever gezegd, hij wijst het onzichtbaar maken ervan onder het mom van de invoering van ‘laïciteit’ af. Hij ziet geen enkel bezwaar als iemand in overheidsdienst een hoofddoek, keppeltje of pastavergiet op het hoofd draagt. Dat laatste als symbool van de Kerk van het Vliegend Spaghettiwonder wordt trouwens in Nederland ondanks de vrijheid van godsdienst door de Rijksdienst van de Identiteitsgegevens dat onder Binnenlandse Zaken valt in een advies aan de gemeente Emmen afgewezen. De vrijheid van godsdienst in Nederland wordt zo onder het uitsluiten van nieuwe toetreders tot de religieuze sector een door de overheid beschermde markt van gevestigde godsdiensten.

De Lillo stelt een voorwaarde aan de zichtbaarheid van religieuze uitingen door werknemers. Het moet niet het gedrag van de werknemer beïnvloeden: ‘Ben je een ambtenaar die van 9 tot 5 aan een loket moet zitten, dan neem je geen 5 pauzes om te bidden. Is de winkel waar je werkt de hele week open, dan ben je er af en toe ook op zaterdag of zondag. Wil je dat niet, dan vertrek je maar.’ De norm voor gewenst gedrag is dat een werknemer met verwijzing naar de eigen religieuze inspiratie geen beperkingen opwerpt. Zoals de moslim die klanten geen hand wil geven, de katholieke arts die niet wil meewerken aan euthanasie of de ambtenaar die weigert een homohuwelijk te voltrekken. Ze maken zich ongeschikt voor hun functie omdat ze het gedrag in hun werk laten beïnvloeden door hun religieuze achtergrond en dat tussen zichzelf en hun werk zetten.

Religieuze uitingen van werknemers zijn toegestaan indien ze niet van invloed zijn op het werk. Wel past de kanttekening dat een hoofddoek, keppeltje of pastavergiet tamelijk bescheiden uitingen zijn. Hoe dat met religieuze uitingen zit die uitbundiger zijn en uit kostuums kunnen bestaan zoals Candomblé of Satanisme en in strijd kunnen komen met de representativiteit van een organisatie blijft de vraag. Ook valt een beperking te maken in functies die de neutraliteit van de staat symboliseren, zoals het openbaar onderwijs, de politie of de rechterlijke macht. Ofschoon daar geen eenduidigheid over bestaat. Maar het is ongewenst om andersom te redeneren en bij voorbaar te veronderstellen dat iemand met een hoofddoek of een volle baard het gedrag door religie laat beïnvloeden. Diversiteit mag, binnen alle voorwaarden die het werk niet in de weg staan.

Foto: Schermafbeelding van deel artikelWaarom het onzichtbaar maken van elke verwijzing naar religie niet wenselijk is’ door Bruno De Lillo in Knack, 8 januari 2016.

Bidden op openbare school vraagt gebedsruimte. Kan het zonder?

with 3 comments

rijs

Aldus de briefVerklaring met betrekking tot bidden op school’ van de rector van het Rijswijks Lyceum. Of betrokken docent een ruimte eiste om te bidden is de vraag. Het gaat er dus niet om of hij op een openbare school mag bidden, maar of de school allen die willen bidden of anderszins willen voldoen aan religieuze plichten dient te faciliteren. Het valt niet aannemelijk te maken dat dat een taak is voor een openbare school.

De leraar zegt echter dat hij geen aparte ruimte om te bidden eiste, maar alleen tijd en de gelegenheid om te bidden. Een en ander sluit niet uit dat hij een ruimte bezette en blokkeerde voor andere activiteiten. Of de interpretatie in een interview van Al-Yaqeen met de betreffende leraar Landbrug dat hij een ‘gebedsverbod kreeg opgelegd’ klopt is dan ook de vraag. Vandaag zijn er door de PvdA kamervragen over deze kwestie gesteld. Deze kwestie kan het best opgelost worden door zo formeel mogelijk naar de richtlijnen te kijken.

Foto: Schermafbeelding van  brief ‘Verklaring met betrekking tot bidden op school’ van de rector van het Rijswijks Lyceum, 9 december 2015.