Bijproduct van de Filipijns-Amerikaanse Oorlog: een studiofoto uit Japan (1899)

Studio portrait of young Japanese woman with parasol in rickshaw, pulled by man in traditional dress and hat‘, 1899. Collectie: California State Library.

Deze studiofoto uit 1899 van een Japanse vrouw in een riksja is niet bijzonder. De aanleiding voor de verwerving van deze foto is het wel.

Volgens de toelichting ging sergeant Frank Freeman Atkinson vanuit California naar de Filipijnen, toentertijd een Amerikaanse kolonie, om te helpen een opstand neer te slaan. De Filipijns-Amerikaanse Oorlog duurde van 1899 tot 1913. Repatriërende troepen brachten verlof door in Nagasaki, Yokohama of Tokio. Voor het thuisfront kocht sergeant Atkinson daar als aandenken deze standaard studiofoto vol couleur locale.

In 1913 verklaarde president Wilson dat de Filipijnen onafhankelijk konden worden. Dat was in lijn met zijn latere belofte om Europese landen na de Eerste Wereldoorlog autonomie te gunnen.

Nieuwjaarswens 2022

New Year’s greeting, Japan‘, circa 1915-1917. Collectie: Library of Congress.

Het oude jaar vertrekt en het nieuwe jaar verschijnt. Die laatste staat nog wat verscholen en maakt zich nog niet bekend. Wat zal het worden?

Ach, de jaarwende is geen breuk, maar een voortzetting van wat er is. Dat weten we wel zo’n beetje. Klimaatverandering, een opstand in de VS, landen die elkaar beloeren en de loef proberen af te steken, onze manier van leven en omgang met elkaar of de gezondheidszorg.

In onze jaartelling is een nieuw jaar aangebroken. Wat wint of verliest in 2022 aan kracht? We weten het pas bij de volgende terugblik. Verder valt er nu nog weinig over te zeggen.

Ik wens u het allerbeste in 2022! Een goede gezondheid, gelukkige tijden met familie en vrienden, en prikkeling van de geest met interessante discussies en reflecties gewenst.

Gedachte bij foto ‘Coaling a ship, Nagasaki’ (1918 – 1930)

Bestaat het woord ‘bekolen’? Ik betwijfel het, maar als dat niet zo is wordt bij deze voorgesteld om het te gebruiken. Zolang het nog mag.

Een beschrijving van deze ansichtkaart van een schip dat in het Japanse Nagasaki wordt gebunkerd of bevoorraad met kolen zegt (vertaald): “Ze zijn aan het bekolen in Nagasaki en dit wordt gedaan door een menselijke ketting van vrouwen, die manden met kolen van de een naar de ander doorgeven totdat de vrouw op de bovenste trede de kolen in de stortkoker leegt en de mand terug in de grote platte boot gooit die met kolen is gevuld – deze boten strekken zich aan weerszijden over de gehele lengte van het schip uit. Het is een raar en vreemd gezicht–LMB”.

Het is een opmerkelijke compositie van linksonder naar rechtsboven. Het lijkt op het gefriemel van termieten die zich strikt aan de aan hen opgelegde orde houden en daar perfect hun plaats in weten te vinden. De diagonaal snijdt schuin door het beeld. We zien de stellage op de platbodem die tegen het vrachtschip ligt met daarop vrouwen en mannen die als een lopende band aan het ‘bekolen’ zijn.

De toelichting zegt dat er aan weerszijden over de hele lengte van het vrachtschip dit soort stellages zijn opgetrokken. Er zijn honderden mensen aan het werk. Dat is een indrukwekkend beeld dat deze foto slechts gedeeltelijk weet te vangen.

Dit was tussen 1918 en 1930 in Japan. Nog niet eens zo heel lang geleden. De jaren dat de moderniteit in Japan aanbelandde, maar zo te zien nog niet overal was doorgedrongen. Er is iets zonneklaar op deze foto. Het is om te stikken zo warm. Dat maakt het werk des te harder.

Klassieke Japanse film: ‘Sansho the Bailiff’ (1954)

Sanshô dayû of Sansho the Bailiff (1954) van de Japanse regisseur Kenji Mizoguchi (1898 -1956) is een meesterwerk. Samen met On the Waterfront (Kazan), De zeven samoerai (Kurosawa) en La strada (Fellini) won de film in 1954 de Zilveren Leeuw van het Filmfestival van Venetië. Mizoguchi wordt met Kurosawa en Ozu als een van de grote drie van de klassieke Japanse cinema beschouwd.

De film is gebaseerd op een kort verhaal van de Japanse schrijver Ogai Mori die in het moderniserende Japan van begin 20ste eeuw een voorvechter van moderne literatuur was. Het verhaal is simpel. De vader die in de 11de eeuw gouverneur is valt in ongenade wegens zijn verzoenlijke houding jegens de bevolking. Hij pleit voor mededogen, geeft dat ook als les aan zijn zoon mee, maar wordt afgezet. Apart van echtgenote, zoon (Zushio) en dochter (Anju) gaat hij in ballingschap. De laatste twee belanden in gevangenschap in een concentratiekamp-achtige omgeving waar Sansho de alleenheerser is. Zushio vergeet daar aanvankelijk de les van zijn vader, maar komt tot inzicht. Anju offert zich bij een vluchtpoging op om hem te redden. Zushio vlucht en wordt opvolger van zijn vader. Hij bevrijdt de slaven die zuchten onder het bewind van Sansho en neemt ontslag omdat hij zijn mandaat heeft overschreden. Uiteindelijk vindt hij zijn moeder terug die hem eerst niet herkent. Ze gelooft zonder aarzeling dat Zushio volgens de leer van zijn vader heeft geleefd.

Interessant is wat Mark Le Fanu in zijn boekMizoguchi and Japan‘ (2005) schrijft over de religiositeit van deze film waarvan het de vraag is of hij niet eerder spiritualiteit of bovenzinnelijkheid in het algemeen bedoelt:

‘Hier zegt de muziek in feite wat niet gezegd kan worden in dialogen – het snijdt het ‘onuitsprekelijke’ aan, want, eenmaal gehoord en verankerd in het hart van de kinderen, werkt het voor hen als voedsel in tegenspoed. En de hulp die het geeft, bevat zeker elementen van religie. Echt religieuze kunstwerken zijn natuurlijk zeldzaam, vooral in de twintigste eeuw en vooral in de bioscoop. Zelfs degenen die beweren dat te zijn (denk aan bepaalde films van Dreyer en Tarkovsky) blijken bij onderzoek niet zonder hun gecompliceerde dubbelzinnigheid te zijn. Sansho ‘religieus’ noemen is dus een gok. En toch, als het woord ook maar iets betekent, hecht ik denk ik eindelijk iets van de aura van religie aan dit meesterwerk. Het is een film over barmhartigheid en vergeving, verheven tot het niveau van [een] groots kosmisch principe.’

Le Fanu citeert instemmend de Schotse schrijver en filmcriticus Gilbert Adair die over Mizoguchi’s Sansho zegt: ‘Sansho the Bailiff is een van de films waarvoor de cinema bestaat – net zoals deze misschien bestaat ten behoeve van de laatste scene’. Het slot waarin moeder en zoon elkaar terugvinden is emotioneel overweldigend. De blinde moeder en de zoekende en aan zichzelf twijfelende zoon vinden troost in een fysieke omhelzing en verwerken wat verloren is gegaan.

Wij als toeschouwers worden door Kenji Mizoguchi ook in een positie van vergeving geplaatst tegenover Zushio als de moeder tegen hem zegt: ‘Er valt niets te vergeven! Zonder te weten wat je hebt gedaan, weet ik dat het is omdat je naar je vader hebt geluisterd dat we hier eindelijk samen kunnen zijn!’. Dat is zoals we weten de halve waarheid, want wij weten dat Zushio in het kamp van Sansho tijdelijk handelde in strijd met de les van zijn vader. Overigens een versterking van het scenario dat in Mori’s verhaal ontbrak. Het vertrouwen van de moeder in de zoon wist in een universeel gebaar van medegevoel en vergeving het voorbije leed uit.

NB: Voor Engelse ondertiteling: klik op icoon ‘Ondertiteling’

Nieuwsjaarswens 2021

De overgang van oud naar nieuw is wat ons nu enkele dagen bezighoudt. Met terugblikken, vooruitzichten en vergezichten. Het zal niet zozeer een wending, maar een doorstart door verbinding blijken. Zoals altijd. De jaarwende is geen breuk, maar overbrugging. Opvallend is dat wat ‘normaal’ genoemd wordt zo uitgebreid ter discussie staat. Racisme, klimaatverandering, onze manier van leven en omgang met elkaar of de gezondheidszorg. Dat geeft aan dat de claim op de macht verschuift. Wat is normaal en wie mag en kan dat bepalen? In onze jaartelling is een nieuw jaar aangebroken. Verder valt er weinig over te zeggen. Ik wens u het allerbeste in 2021.

Foto: Hiroshige Andō, [Evening moon at Ryogoku Bridge], 1827- 1858. Houtsnede, (Ukiyo-e). Collectie: Library of Congress.

Gedachten bij de foto: ‘Three Japanese men, possibly journalists, seated on the steps of a gazebo’ (1905)

Hoe weten we wie journalist is? De titel van deze foto uit 1905 is: ‘Three Japanese men, possibly journalists, seated on the steps of a gazebo’. Onder dat laatste moet een paviljoen-achtig bouwwerk verstaan worden. Ik heb er geen idee meer van wat de grens aan de journalistiek is. Duidelijk is wat hard core journalistiek is en die floreert meer dan ooit, maar minder duidelijk is hoe journalistiek zich aan de marge manifesteert.

Die marge is steeds breder en diffuser geworden. Er zijn volop voorbeelden van gevestigde media die eraan meehelpen om desinformatie van rechts-populisten te verspreiden. Ze schijnen het niet eens meer te beseffen. Het maakt somber dat journalisten zich hebben laten verleiden om mee te gaan op dat pad. Ze worden ongetwijfeld ook somber van zichzelf. In 1905 had je niet meer nodig dan een kostuum, gepoetste schoenen, papier, pen en een aanleiding als de Russisch-Japanse oorlog om over te schrijven. In alle rust.

Foto: [Three Japanese men, possibly journalists, seated on the steps of a gazebo], Collectie: Library of Congress.

India heroverweegt de relatie met China. Andere landen beginnen dezelfde heroverweging te maken

FT geeft een analyse van de toegenomen spanningen tussen India en China. Behalve de militaire opbouw van beide landen in hun grensgebied is er de economische relatie tussen beide landen. Net als Europese landen is India steeds afhankelijker geworden van China. De afweging die India nu maakt om de afhankelijkheid van China te verminderen is dezelfde afweging die in Brussel en andere Europese hoofdsteden de komende tijd gemaakt wordt. China dat de afgelopen decennia sinds de opening naar het Westen werd geholpen door andere landen en zich nu publiekelijk laat kennen om niet te willen integreren binnen Azië, maar te willen domineren wordt met terugwerkende kracht door die andere landen als valsspeler gezien. Dat wordt versterkt door de machtsverhoudingen binnen China. Niet langer staat de economische expansie centraal, maar is het zwaartepunt verschoven naar militaire expansie en de nationale veiligheid. In de analyse blijft de rol van president Trump onderbelicht. Dat China nu toeslaat in de Zuid-Chinese Zee en in het Chinees-Indiase grensgebied kan niet los worden gezien van het geopolitieke vacuüm dat door het gebrek aan leiderschap van Trump is ontstaan. Hij heeft de relatie met de traditionele bondgenoten van de VS veronachtzaamd. Op India na. Tegelijkertijd loopt China het risico dat het allerlei landen in de regio, van India, Australië, Vietnam, Japan, Zuid-Korea, Maleisië, de Filippijnen, Indonesië en daarnaast de VS en het VK tegen zich in het harnas jaagt.

Communistische Partij China doet greep naar de macht in Hong Kong. Hoe reageert de internationale gemeenschap hierop?

De toekomst van Hong Kong als vrije, internationale stad is in het geding. De Communistische Partij China (CPC) zet eenzijdig het Brits-Chinese akkoord van 1997 bij het oud vuil. Een overeenkomst die beide landen verzekerden door het internationaal te borgen. Het pseudo-parlement van de CPC zet hiermee het ‘Een land, twee systemen’ beleid overboord. Zelfs de gedelegeerden van Hong Kong waren niet geraadpleegd. Het is van bovenaf beslist. Interessant is wat de internationale reactie is. Tot nu toe valt de lauwe reactie van het VK op. Lord Patten, de laatste gouverneur van Hong Kong, noemt de Chinese greep naar de macht een ‘uitgebreide aanval op de autonomie, de rechtsstaat en de fundamentele vrijheden van de stad’. Maar het VK is machteloos en heeft door de Brexit, de uitbraak van COVID-19 en de aangetaste gezondheid van premier Johnson genoeg zorgen aan het eigen hoofd. Het land is niet langer de macht van weleer. De Amerikaanse regering en de EU reageren feller. Maar de vraag blijft of het Westen en Aziatische bondgenoten als Japan, Zuid-Korea, Vietnam en Singapore een geloofwaardige internationale houding kunnen optuigen die China tot zinnen brengt. Complicatie is ook dat landen als Vietnam, Zuid-Korea en Singapore er belang bij hebben om bedrijven te huisvesten die Hong Kong verlaten als de Chinese greep naar de macht daar de democratie om zeep helpt.

Gedachten bij foto’s van de Churin-winkel in Harbin (1930-1939)

Wat zien we? Twee vrouwen en één man in een winkel. Wacht even, bij nader inzien gaat het om één man en twee paspoppen. Dat voldoet aan de eis van 1,5 meter afstand houden en elkaar met niet meer dan drie mensen ontmoeten. Enfin, paspoppen tellen niet mee. De man in de stoel mag nog twee mensen ontmoeten. Maar zo te zien loopt het geen storm. Er is volop ruimte in de winkel. Het zijn de jaren 1930. Dat zal wel aan de damesmode af te leiden zijn. Pas in 1898 werd Harbin gesticht door Russen die het in 1905 verloren aan Japan. In 1946 kwam de stad definitief onder Chinese controle. De man is een Russische immigrant, of wellicht iemand die gewoon gebleven is tijdens regime-wisselingen. Kan men dan trouwens wel van een immigrant spreken als niet de inwoners uitwijken, maar de landsgrenzen dat doen? De fotograaf is Vladimir Pavlovich Ablamskii die het leven van de Russische immigranten in Harbin vastlegde. Beide foto’s tonen het beroemde Churin-warenhuis in Harbin. Het lijkt eerder een museum. Het warenhuis bestaat nog steeds als deel van de Chinese Qiulin Group. Wat houdt geschiedenis ons toch soms een onbegrijpelijke spiegel voor.

Foto 1: Vladimir Pavlovich Ablamskii, ‘Inter’er magazina Churina v Kharbine’, (‘Het interieur van de Churin-winkel in Harbin’). 1930-1939. Collectie: Library of Congress.

Foto 2: Vladimir Pavlovich Ablamskii, ‘Znamenityĭ magazin Churina v Kharbine’, (‘De beroemde Churin-winkel in Harbin’), 1930-1939. Collectie: Library of Congress.

Uitweidende gedachten als rode draad bij de foto ‘Armour and Weapons of Ancient Warriors’ (1910)

Deze foto van de Japanse fotograaf Ogawa Kazumasa uit 1910 krijgt op photogravure.com de titel ‘Amour and Weapons of Ancient Warriors’. Vertaald uit het Frans en Engels is dat: ‘Liefde en wapens van oude krijgers’. De titel zal wel ‘Armour’ bedoelen dat zoiets als harnas betekent. Want hoeveel liefde óf dood kennen de wapens van oude krijgers? Het gaat om een collotype, een drukproces dat in 1856 door Alphonse Louis Poitevin in Frankrijk werd uitgevonden, en daarna via onder meer Duitsland en Japan over de wereld verspreid raakte.

Volgens petapixel uit 2015 is dit proces sinds 1970 zo goed als verdwenen en zijn er in Kyoto, Japan nog twee bedrijven die ermee werken. Benrido is de grootste. In een video op YouTube wordt het proces van Benrido stap voor stap gevolgd. Daar zijn ook workshops over het drukproces te vinden van artisanale kunstenaars.

Waarom de keuze voor deze foto met zo’n lange uitleg met mits en maren? Ik moest door de rode accenten op de foto denken aan kunst van hedendaagse (textiel)kunstenaars als Hinke Schreuders, Choi Wong, Maurizio Anzeri of Lynn Skordal. Ze borduren op oude ansichtkaarten, foto’s uit tijdschriften of boekpagina’s en geven er met hun ingreep nieuwe betekenis aan waarbij het materiaal van beelddrager en textiel benadrukt wordt. Zie hier voor een artikel over die ‘nieuwe kunst van het borduren’. Onderhand zijn we aan hun interventie door conditionering zo gewend geraakt dat we op oude foto’s borduurwerk herkennen dat er helemaal niet is.

Foto: Lynn Skordal, Red Rivers (mixed media, geborduurde boekpagina), 2011 (de rode draden lopen door tot onder de pagina).