George Knight

Debat tussen links en rechts

Posts Tagged ‘Trouw

The New York Times en de journalistiek: de waarheid is …

with 6 comments

Media doen er verstandig aan om in het openbaar te antwoorden op aanvallen van populisten. Deze hebben er een handje van om media nep te noemen en van te beschuldigen vooringenomen te zijn. Zelfs om het idee van de waarheid te betwijfelen. Maar er past een onderscheid. Journalisten zijn vaak -maar zeker niet altijd- links. Media zijn echter doorgaans -maar evenmin altijd- rechts. Ze zijn immers onderdeel van concerns met grote economische belangen die tegen de zittende macht aanleunen. Mediaconcerns verdedigen daarom per definitie de gevestigde orde. Dus zijn het de rechtse contouren (mediaconcern) of de linkse schijnbewegingen (journalisten) die doorslaggevend zijn? Het verschilt per land, maar deze tweedeling is overal zichtbaar.

Media winnen aan belang als de persvrijheid onder druk wordt gezet. Mits ze de urgentie van de dreiging beseffen en zich goed en krachtig weten te organiseren. Zoals nu sinds een maand door het aantreden van Donald Trump als president in de VS gebeurt. In autoritaire landen als Turkije, China of de Russische Federatie is het al te laat. Daar zijn de media gelijkgeschakeld en tot spreekbuizen van het zittende regime gemaakt. Ze zijn hun bewegingsvrijheid kwijt. Dat schrikbeeld wapent media in westerse landen waar populisten in opkomst zijn om het niet zover te laten komen. Dat is de achtergrond van de actie van The New York Times.

In Nederland zijn media akelig stil. Tot nu toe zien ze voor zichzelf geen rol weggelegd om het publieke debat van feiten te voorzien. Waar blijven NRC, Volkskrant, Parool, Trouw, NOS, RTL Nieuws of De Groene om gezamenlijk de alternatieve feiten van populisten van PVV, VNL, FvD, 50Plus of DENK kritisch tegen het licht te houden? Het publieke debat vraagt om nuancering die media kunnen bieden over de grenzen van hun eigen achterban heen. Maar ze zwijgen en beseffen onvoldoende de urgentie dat ze zich in moeten spannen omdat hun eigen functioneren op het spel staat. Wilders dreigt met zijn PVV de grootste partij te worden. Hoewel de PVV geen schijn van kans maakt om in de regering te komen zijn z’n volgers daar absoluut niet van overtuigd.

Ruud Koopmans: Westen moet zich weerbaarder opstellen tegenover intolerante islam. Kansen voor de sociaal-democratie?

leave a comment »

ad

Als zoiets in naam van jouw religie gebeurt, heb je de verantwoordelijkheid om te handelen. Maar ook nu wordt weer gezegd dat dit niets met de islam te maken heeft’. Aldus de in Duitsland werkzame Nederlandse hoogleraar sociologie en migratie-onderzoek Ruud Koopmans in een interview met Wierd Duk in het AD naar aanleiding van de recente aanslag op een kerstmarkt in Berlijn in naam van de islam.

Het stoort Koopmans dat moslims, linkse media, linkse wetenschappers en politici zeggen dat zo’n aanslag niets met de islam te maken heeft. Dat kan uitgebreid worden met christelijke opiniemakers. Zo framede Trouw in 2015 in een kop in een indirect witwassen van het christendom dat de verwoesting van Palmyra niets met religie te maken had. President Obama en toenmalig premier Cameron meenden in 2014 zelfs te moeten zeggen dat ISIS niet met de islam te maken had, terwijl ze dat als niet-moslims helemaal niet te bepalen hadden. Het is menselijk om verdiensten te claimen en geen verantwoordelijkheid te nemen voor negatieve ontwikkelingen. Maar het wordt een politieke chaos als allerlei belanghebbenden vanwege de eigen politieke agenda de islam voor hun eigen karretje spannen. Dat ontneemt het zicht op de werkelijkheid en blokkeert een open debat over de islam. Het ontkennen van de kwalijke kanten van de islam is een politieke ramp.

Koopmans voelt zich een roepende in de woestijn. Hij neemt zowel afstand van de rechts-populisten van de PVV en AfD waar hij niets mee te maken wil hebben, als van de intolerante islam die naar zijn schatting zo’n 500 miljoen moslims omvat waarvan er 50 miljoen geweld zouden accepteren om de islam te verdedigen, als van de linkse kosmopolieten die hun kop in het zand steken en zich neerbuigend gedragen tegenover de critici van de multiculturele samenleving die al te makkelijk als achterlijk en racistisch worden benoemd.

Koopmans zegt zich een ouderwetse sociaal-democraat te voelen, maar geeft aan dat het lastig is om je met het onderwerp van integratie en islam politiek in het midden op te houden. Des te meer omdat het gezag van de sociaal-democratie is weggevaagd. Tussen ‘gewone’ religiekritiek op de islam en de islamofobie van rechts-populisten in. Koopmans gaat uit van een rechtsstatelijke opstelling en vraagt om wat gezond verstand: ‘We moeten veel duidelijker definiëren wat de kern van de rechtsstaat is. Nu is het enorm moeilijk om migranten, die zonder papieren of met valse identiteitsbewijzen zijn binnengekomen, uit te zetten. (..) Dit soort verwrongen gedrag ondermijnt juist de rechtsstaat. Het is een gevolg van verkeerde politieke beslissingen als hier zoveel kwaadwillenden kunnen rondlopen, die niet uitgezet kunnen worden. Dat zijn misstanden die doden kunnen kosten. Het is ook niet rechtsstatelijk om iedereen maar binnen te laten en daarmee gewetenloze mensensmokkelaars in de kaart te spelen. Hoe kan dat een ‘Europese waarde’ zijn?

Koopmans sluit aan bij sociaal-democratische denkers als Paul Scheffer die voorstander zijn van de EU, en het als noodzaak zien dat de buitengrenzen goed bewaakt worden en staten weer controle over het eigen territorium krijgen. Zie hier zijn artikel ‘Groot Europa is zwak Europa’. Niet de derde, maar de vierde weg. Tussen de 1) intolerante islam, 2) multiculturele denkers en goedwillende  kosmopolieten die vanuit hun eigen reservaat neerkijken op burgers die zich uit arren moede wenden tot het tegengeluid van rechts-populisten en 3) rechts-populisten die de EU en de democratie willen breken en de islam daarvoor als middel gebruiken.

Koopmans meent dat de westerse democratieën zich veel weerbaarder dan nu op moeten stellen om de eigen waarden overeind te houden. Feitelijk biedt deze klare rechtsstatelijke lijn de sociaal-democratie enorme kansen tussen het elitaire kosmopolitisme (GroenLinks, D66), het rechts-populisme (PVV, VNL, GeenPeil, FvD) en het goedpraten van de kwalijke kanten van de islam en religie in het algemeen in (DENK, CDA). PvdA-leider Lodewijk Asscher kan zo met gematigd nationalisme en anti-globalisme nieuwe kansen creëren voor zijn partij als hij bovengenoemde uitgangspunten duidelijk en overtuigend verwoordt. Luistert hij naar Koopmans?

Foto: Schermafbeelding van deel artikelHet Westen moet zich veel weerbaarder opstellen’’ in het AD, 4 januari 2017.

Campagne van PKN over geloven in de kerk is vaag en onbepaald

leave a comment »

Nieuwe campagne poster PKN bij verhaal waar Gerrit Jan over schrijft voor maandag krant

Trouw bericht over een campagne van de Protestantse Kerk in Nederland (PKN) die in januari 2017 gelanceerd wordt. De site gelovendejeindekerk waar op de affiches naar wordt verwezen is nog onder constructie. Trouw  vindt het opmerkelijk dat ‘God’ niet in het campagnemateriaal wordt genoemd. Dat is echter minder gek dan het lijkt omdat God geen uniek verkoopargument van de PKN is. Alle religieuze organisaties verwijzen in hun reclame immers naar God. Wat is dan nog het verschil tussen de God van kerk A, kerk B of kerk C? God is een catch-all begrip dat niet onderscheidt binnen de religieuze sector. Een woordvoerster van de PKN verklaart: ‘We willen het imago van de kerk bijstellen. Daarom gaat deze campagne nadrukkelijk niet over geloof en God.’ Dat de campagne niet over geloof gaat valt niet te rijmen met de slogan ’Geloven doe je in de kerk?’.

De PKN doet er verstandig aan om reclame te maken voor het eigen product. Dat valt te omschrijven als het binnen de eigen organisatie geven van zingeving, troost, spiritualiteit, een thuisgevoel en het besef deelgenoot te zijn van een traditie en een machtscentrum. Aandacht en steun kan het niet voor zoete koek aannemen. Maar wel is merkwaardig dat in de vechtmarkt die de religieuze, christelijke sector is met tientallen religieuze organisaties één ervan komt met een slogan die voor alle kerkgenootschappen geldt. Want wat de PKN onderscheidend maakt van Remonstranten, Katholieken, Pinksterbeweging, Methodisten, Orthodoxe Gereformeerden en de vele christelijke splinterbewegingen en afsplitsingen is het raadsel van deze campagne.

De makers van de campagne geloven in elk geval in de kerk. Of het publiek ermee de weg naar de kerken van de PKN vindt is de vraag. Want wat de PKN als religieuze instelling uniek maakt en onderscheidt van andere kerkgenootschappen wordt in de campagne niet duidelijk gemaakt. Maar het is ook hondsmoeilijk om reclame te maken voor een religieuze instelling omdat de kenmerken ervan per definitie vaag zijn. Daarbij komt dat de PKN als brede paraplu-organisatie een onduidelijk profiel heeft. Om nieuwe leden te vangen of de oude vast te houden kan een campagne niet te specifiek zijn op straffe van uitsluiting van potentiële leden. Wat rest is een campagne die onbepaald moet blijven. En refereert aan een goed gevoel. Het is een gok die kan werken.

Foto: Affiche van campagne van de PKN zoals afgebeeld in Trouw, 7 november 2016.

Vraag over de juiste opinie is vraag naar de eigen kijk op de wereld

with one comment

ms

Wat is de juiste opinie? Dat is geen makkelijk te beantwoorden vraag. Het hangt er vanzelfsprekend vanaf wat de vragensteller beoogt. En wat zijn of haar achtergrond is. Gaat men voor verandering of dat alles bij het oude blijft? En als men voor verandering gaat, voor wat voor soort verandering gaat men dan? Revolutie of hervorming? En wat voor hervorming dan? Die van de kleine of de grote stappen vooruit? Maar wordt dat streven naar hervorming dan niet ingehaald door de tijd? Een fiets heeft snelheid nodig om niet om te vallen. Zo is het met hervorming ook. Hervorming als excuus om echt iets te veranderen is gedoemd om te vallen.

De ondertitel van dit blog ‘debat tussen links en rechts’ geeft aan welk antwoord te verwachten valt. Laat ik het indirect beantwoorden door erop te wijzen met wie of wat ik me verbonden voel. Niemand zal het ontgaan zijn dat ik een supporter ben van Bernie Sanders. Ik ben nog steeds van mening dat hij verreweg de beste president voor de VS zou zijn. Waarom? Sanders doet twee dingen tegelijk en is in die combinatie uniek. Hij blijft binnen de consensus van de gevestigde orde (de Democratische partij, waar hij trouwens geen lid van is), maar streeft ook naar hervormingen. Zowel van het politieke bestel dat het grote geld de politiek laat bepalen als van beleidsmaatregelen die de omstandigheden van de gewone mensen proberen te verbeteren. Zoals het verhogen van het minimumloon. Daarbij heeft Sanders een kwaliteit die bijna geen enkele politicus heeft en die hem nog unieker maakt: hij cijfert zichzelf weg. Precies het ontbreken daarvan maakt hedendaagse politici gehaat omdat ze het onderscheid tussen hun overtuiging en hun persoonlijk belang niet weten te maken.

Bij die positie horen nieuwsbronnen die verslag doen en hun opinie geven. Er zijn de hardliners die niet willen hervormen, maar willen omverwerpen. Daartoe zoeken ze steun bij de vijanden van hun vijand bij wie ze zich mentaal thuisvoelen. Wikileaks’ Julian Assange en Donald Trump spreken lovend over de Russische Federatie en handelen in een dystopisch wereldbeeld. Ze streven geen utopie na, maar blijven hangen in het diapositief daarvan. Dan zijn er de goedpraters die de gevestigde macht willen handhaven zonder stevig te willen hervormen. Dat zijn de gevestigde media zoals de New York Times, Washington Post, CNN, NRC en Trouw. In hun pluriformiteit laten ze kritiek toe, maar het wereldbeeld dat ze uitstralen is alles bij het oude laten.

Bij allebei voel ik me niet thuis. Revolutie zonder te weten waar het heengaat lijkt me onverstandig. Zeker niet als de woordvoerders populistische types als Nigel Farage, Boris Johnson, Geert Wilders of Donald Trump zijn die goed zijn in kritiek, maar die niet de indruk geven te weten waarmee ze precies bezig zijn en zich goed voorbereid te hebben op de toekomst. Maar het gezegde ‘men moet veranderen om alles bij het oude te laten blijven’ diskwalificeert de gevestigde media en politiek die weliswaar inzien hoewel maatschappelijke woede en ongenoegen zich tegen het establishment keert, maar die niet beseffen dat ze door het verdedigen van de status quo zelf een actieve rol spelen. Ze zijn even onverantwoord en gemakzuchtig bezig als de hardliners.

De oplossing is dus een beweging tussen hervorming en revolutie in. Een activistische beweging die binnen het bestaande systeem probeert optimale veranderingen te bewerkstelligen in de richting van machtsdeling en terugdringen van de macht van megaondernemingen, inkomensgelijkheid en aandacht voor de natuur.

Bij de landelijke verkiezingen van 15 maart 2017 zal ik volgens bovenstaande overwegingen mijn stem bepalen. De hardliners en de verdedigers van de status quo vallen dus af. Vooralsnog zie ik in GroenLinks de enige partij die binnen mijn overwegingen past. Zonder dat ik nou echt dol op die partij ben en er veel liefde voor voel. Want al sinds de fusie huizen er anti-democratische elementen binnen die partij zoals René Danen  of Mohamed Rabbae. En net als het links-liberale D66 lijkt GroenLinks te soft voor echte machtspolitiek en liever in de eigen bubbel te willen leven. Maar veel soeps is het niet in de Nederlandse politiek en politici die respect afdwingen zijn zeldzaam. De vraag over de juiste opinie is een vraag naar de eigen kijk op de wereld.

Foto: Maspes en Sacchi sur place, 1950-1960.

Paul Nolte meent dat islamisten en populisten de moderniteit niet bij kunnen benen

leave a comment »

BER1930

De islamisten en de populisten zitten in hetzelfde schuitje: ze vinden die moderne, open wereld maar moeilijk te vatten.’ Aldus de Duitse neoconservatieve historicus Paul Nolte in een interview in Trouw. Nog maar 10 jaar gelden was hij nog tegen het homohuwelijk, maar nu heeft hij ook de moderne wereld omarmd. Het is een inzichtelijk gesprek van Merlijn Schoonenboom met een misleidende titel van de eindredactie: ‘Paul Nolte: ‘Het tijdperk-Merkel is voorbij’’. Dit suggereert dat het politiek leven van kanselier Merkel ten einde loopt, maar niets is minder waar. Nolte wijst erop dat de brede consensus van CDU, SPD en Groenen voorbij is en de breuklijnen geheeld moeten worden. Hij ziet een coalitie van de CDU met de Groenen als mogelijk. Nolte: ‘Dat zou de triomf zijn van Merkels ideeën over een ecologisch en op waarden gebaseerd liberalisme.’

Nolte definieert het populisme: ‘Populisme past niet bij democratie, waarin je immers over standpunten kunt discussiëren. Het heeft veel kenmerken van een complottheorie: wij zijn het volk, en we worden door een paar daarboven voor de gek gehouden.’ Hij zegt dat de opkomst van het populisme hem grote zorgen baart. Nolte relativeert de tegenstelling elite – volk die hij minder scherp ziet dan doorgaans wordt voorgesteld. Hij meent dat 70% van de bevolking het vluchtelingenbeleid van Merkel steunt, terwijl de rechts-populistische ‘AfD elitairder is dan je zou denken’. Nolte: ‘Het is een hybride partij: het kent populistische tendensen met kritiek op de elite, maar het is ook een partij van economiehoogleraren en andere intellectuelen.’

Opkomst van en steun voor het populisme in de VS met Donald Trump en in West-Europa met Geert Wilders, Nigel Farage en Marine Le Pen verklaart Nolte niet uit kritiek op het linkse denken, maar op de moderniteit: ‘Daarom is de AfD ook zo aantrekkelijk voor veel mannen. Nu blijkt: ze kunnen een gesprek over het homohuwelijk helemaal niet aan, want ze hebben nog niet eens verwerkt dat vrouwen gelijke rechten hebben (..)De westerse maatschappijen zijn de laatste vijftien jaar in een moderne stroomversnelling terechtgekomen.’

Deze psychologisch-culturele uitleg die een verre echo is van de maatschappijkritiek van de Frankfurter Schule spoort niet met allerlei verklaringen die de opkomst van het populisme in sociaal-economische factoren zoeken. Die noemt Nolte niet. Een hogere kosmopolitische klasse zou vooral van het globalisme geprofiteerd hebben terwijl de werkende klasse en de lagere middenklasse door het verdwijnen van banen en het verplaatsen van de productie naar lageloon-landen het slachtoffer werden. Daar bovenop verdwijnen door de digitalisering de banen in het middensegment. Welvaart wordt door het globalisme en de digitalisering ongelijker verdeeld dan voorheen. Maar Nolte heeft gelijk dat islamisten en populisten die moderniteit niet kunnen vatten. Hoe deze malcontenten er precies bijgetrokken kunnen worden blijft de onbeantwoorde vraag.

Foto: Berlijn, 1930.

EU heeft kunst en cultuur hard nodig, maar doet er te weinig mee

with 2 comments

Steven ten Thije van ‘museumconfederatie L’Internationale’ geeft in een video uit mei 2014 een aanzet tot een debat om kunst en cultuur een belangrijke rol te geven binnen de EU, maar heeft geen antwoord hoe dat concreet moet. Hij wijst erop dat er binnen de EU geen politiek of economisch tekort is, maar vooral wat hij omschrijft als een empathisch tekort. Burgers leven niet meer met elkaar mee of verplaatsen zich onvoldoende in de ander. Ze zetten zich apart zodat via die burger de EU fragmenteert. De uitdaging voor kunst en cultuur is om eraan mee te helpen een debat op gang te helpen brengen om die ontwikkeling terug te dringen.

In een interview in Trouw pakt de directeur van Museum de Fundatie Ralph Keuning dit onderwerp op in een vraag over internationaal engagement van kunst: ‘Waar ik stiekem een beetje op hoop, is dat kunstenaars iets zullen doen met het verbleekte Europese ideaal. Eigenlijk zouden de Europese en de nationale overheden werk moeten maken van het esthetiseren van hun boodschap. Waarom kan Nike dat wel en de Europese Commissie niet? Laat ze iemand als Anselm Kiefer zo’n opdracht geven – geen schilder die meer weet van de Midden-Europese perikelen dan hij. Of anders Neo Rauch, geboren in de DDR, een schilder die toch al grote historiestukken maakt (..)’. Het is de hoogste tijd dat kunst uit kan pakken met een mooi verpakte boodschap.

bs-04-11-DW-Kultur-Potsdam

Het is opvallend dat de EU op dit moment de kunst nauwelijks inzet als verbindend middel. Terwijl het zich in het recente verleden op de borst klopte op te komen voor ‘zachte waarden’ zoals vrijheden, mensenrechten, kunst en cultuur. Kunst blijft weggestopt in de natiestaat of wordt vanuit landelijk perspectief ingezet voor landenpromotie en in het vakje grensoverschrijdend gestopt. Dat dient de EU als geheel niet. De Europese Commissie zou hier meer werk van kunnen maken. Het zet kunst onvoldoende in bij de marketing van de EU. Of in het helpen overbruggen van de verschillen waar Ten Thije op wijst. De geschiedenis en identiteit van Europa zijn nauw verbonden met kunst, maar de instellingen van de EU zetten kunst alleen plichtmatig in in het gebruikelijke domein kunst. Terwijl kunst een overstijgende functie heeft die nu ongebruikt wordt gelaten.

Ten Thije en Keuning wijzen op een tekort van de EU en de nationale overheden die een te beperkte visie hebben op de rol van kunst. Uiteraard moet kunst geen vehikel worden om de EU te promoten, want kunst kan uit hoofde van wat het in de kern is alleen zichzelf dienen en geen andere meester boven zich dulden. Maar kunst kan op vele manieren eraan meehelpen om het huidige ‘geestkrachtige’ tekort binnen de EU te helpen bestrijden. De EU als waardengemeenschap heeft kernwaarden die het waard zijn om verdedigd te worden. De EU kan door de inzet van kunst kleur op de wangen krijgen die het nu mist. Dat dient niet alleen ter bevestiging van de eigen richting, maar ook als visitekaartje voor de eigen bevolking en andere landen.

Onpartijdig is zo’n inzet van kunst niet, want het staat haaks op de intenties van sommigen om de EU te laten fragmenteren. Thierry Baudet en andere nationalisten keren zich met hun theorie over het thuisgevoel en de vrees voor het eigene ook tegen het modernisme in de kunst dat het gevoel van vervreemding zou versterken. Baudet noemt dat oikofobie. De EU moet zich weerbaar maken tegen dit soort krachten en niet bevreesd zijn om de strijd ermee frontaal en zelfbewust aan te gaan. Dat kan door de inzet van kunst en cultuur en onder de voorwaarde alle burgers te bereiken. Zo’n inzet die het zelfvertrouwen in de EU thematiseert kan de empathie tussen de burgers binnen de EU helpen vergroten, zodat de EU voor velen vanzelfsprekender wordt en het ongenoegen lastiger geëxploiteerd kan worden door onruststokers die de EU om zeep willen helpen.

Foto: Kanselier Angela Merkel houdt een openingspraatje voor een schilderij van Anselm Kiefer uit de reeks ‘Europa’ in Potsdam, Berlijn, 2011.

Naïef reageren op interview van Bernie Sanders met NY Daily News is partij kiezen

with one comment

tr

Op 19 april zijn de primaries in New York. Bij de Democraten en bij de Republikeinen. Bij de Democraten staan er 247 kiesmannen op het spel die proportioneel worden verdeeld. Op California na is New York de belangrijkste staat. Dus de strijd is fel. En vooral in New York waar de media gevestigd zijn wordt het spel uitermate gemeen gespeeld. Bernie Sanders houdt vol en heeft 1.096 toegezegde kiesmannen tegenover Hillary Clinton 1.308. Los van de supergedelegeerden die minder gebonden zijn. De campagne van Sanders is de laatste weken in vorm, en die van Clinton niet. Daarom moet Sanders met alle middelen gestopt worden.

Op 1 april was er een interview van Sanders met de redactieraad van NY Daily News dat veelt stof heeft doen opwaaien. Zijn tegenstanders zeggen dat hij door de mand viel omdat hij zijn zaken niet op een rijtje had en zijn voorstanders zeggen dat het geen behoorlijke journalistiek was en hij er welbewust ingeluisd is. Lachende derde is Clinton die op de hand van het bedrijfsleven is en door de corporate  media wordt gesteund.

Door aanhaken bij de ene of de andere mening kiezen andere media partij. Of ze nemen het op voor Sanders door op de manipulatie door NY Daily News te wijzen, of ze nemen het op voor Clinton die zich presenteert als een redelijke kandidaat met ervaring. Het noemen van de framing wordt zo een bewuste keuze. Maar soms lijkt het onbewust te gebeuren, zoals een bericht van Bas den Hond in Trouw verduidelijkt. Of het moedwil of misverstand wordt niet volledig duidelijk. In elk geval gaat hij volledig mee in de framing van de gevestigde media tegen Sanders. Hij baseert zich vermoedelijk op berichtgeving over dit interview in The Washington Post of op CNN die de framing van NY Daily News grotendeels volgt. Alleen al door het eigenbelang van de media in deze zaak in zijn berichtgeving niet aan de orde te stellen mist Den Hond de gekleurde rol van de media.

Feitelijk gaat deze controverse allang niet meer over Sanders, maar over het functioneren van de Amerikaanse media die vooringenomen zijn, tegen de gevestigde macht aanschuren en niet alle kandidaten op dezelfde manier tegemoet treden. Dat is geen journalistiek meer, maar activisme. Precies dat waar deze gevestigde media The Intercept journalisten als Glenn Greenwald of Jeremy Scahill -die van hun activisme geen geheim maken en het als een geuzennaam opvatten- van beschuldigen. En uiteraard is er Cenk Uygur van The Young Turks die elk mediacomplot tegen Sanders fileert en maar al te graag op een hoogst trefzekere en amusante wijze ontmaskert. Als teken van wat er fundamenteel mis is met de Amerikaanse politiek. Door het grote geld.

Foto: Schermafbeelding van deel artikel ‘Sanders kan paar dagen rust in Rome wel gebruiken’ van Bas den Hond in Trouw, 10 april 2016.