George Knight

Debat tussen links en rechts

Posts Tagged ‘Diederik Samsom

PvdA kan gerust toetreden tot een kabinet met VVD, CDA en D66. Hoofdzaak is dat de partij zich opent en verbreedt

with 3 comments

Er komt langzaam zicht op deelname van de PvdA aan het kabinet Rutte III met VVD, CDA en D66. PvdA-leider Lodewijk Asscher sprak in het kamerdebat over de formatie met informateur Tjeenk Willink verontwaardigd over de vluchtelingendeal die GL-leider Jesse Klaver had afgewezen. De PvdA kan uit elkaar halen wat GL niet kan. Namelijk 1) de beginselen van een partij waarbij de moraal een uitgangspunt kan zijn en 2) politiek als vak dat om een professionele opstelling en regie vraagt. Geen van de tegenstanders van GL heeft kritiek op dat eerste aspect. De kritiek op GL zit ‘m in dat tweede aspect. Want het is destructief om tijdens moeizame onderhandelingen met nieuwe eisen te komen zoals GL afgelopen donderdag deed. Is het onervarenheid, koudwatervrees of angst voor machtspolitiek? Op 18 maart pleitte ik in een commentaar voor aansluiting van de PvdA bij een kabinet en vreesde ik voor GL: ‘Het toetreden van GroenLinks tot een meerderheidskabinet of gedoogkabinet lijkt gezien de stabiliteit en onervarenheid van die partij voorlopig een brug te ver.’

Er bestaat geen wet die een verliezer verbiedt om in een regering te gaan zitten. Elke partij heeft het recht om mee te doen. Ook de PvdA. Het enige dat telt is dat het kabinet een meerderheid heeft in de Staten-Generaal. Dus de Eerste én Tweede Kamer. Je ziet het nu in het Verenigd Koninkrijk. De Tories hebben hun meerderheid verloren, maar premier May probeert toch een meerderheidsregering te vormen. Daar is niets vreemds aan.

Het is een interessante vraag welk perspectief voor de PvdA het beste is. Heeft het als zevende partij meer te winnen in de oppositie of in de regering? Beide scenario’s bevatten voor- en nadelen. De PvdA is een bestuurderspartij. Dat is er tegelijk de sterkte en zwakte van. Het kan kundige ministers leveren, maar is versteend en laat de jonge generatie onvoldoende doorstromen. Het omarmt niet de jonge activisten die in de VS Bernie Sanders hebben geholpen, maar houdt deze op afstand. Dat is geen toekomstbestendige strategie.

De vraag of de PvdA toe moet treden tot de regering is niet eens de belangrijkste vraag die de partij op dit moment moet beantwoorden. Het doet er niet zoveel toe. De uitdaging voor de PvdA ligt elders, namelijk in de partijorganisatie. Die moet vernieuwd, verjongd en hervormd worden. Niet onder een type partijbobo als Hans Spekman, maar onder een meer activistische, jongere, inspirerende leider die zich niet concentreert op het werk in de Tweede Kamer of de regering, maar op de partij zelf. Door lijnen naar de samenleving te trekken en de partij te openen. Als de PvdA inziet dat haar grootste belang toch buiten de regering ligt hoeft het geen bezwaren tegen deelname aan het kabinet Rutte III meer te hebben. Het kan ‘technische’ ministers als Jeroen Dijsselbloem (Financiën) of Diederik Samsom (Klimaat, Milieu) leveren die redelijk los staan van de PvdA als partijorganisatie die losser en minder centralistisch moet gaat opereren. Met als doel zich te verbreden.

Foto: Heteluchtballon, 1923. Collectie: Library of Congress.

Drie uitgangspunten om Wilders te weerstaan. Niet richten op de persoon, geen isolatie PVV en vernieuwing middenpartijen

with 3 comments

Wat is de beste strategie om politici als Donald Trump of Geert Wilders te weerstaan? Jimmy Dore verwijst naar een opinie-artikel van Luigi Zingales in The New York Times dat een les trekt voor de aanpak van Trump uit de opkomst van Silvio Berlusconi. Zingales ziet parallellen tussen Trump en de Italiaanse oud-premier. Hij vreest dat de Trump-dynastie twee decennia aan de macht blijft als Donald Trump nu niet goed aangepakt wordt. Voor Nederlanders is het interessant om die les ook op Wilders te betrekken. Hoewel hij niet aan partijvorming doet. Hier volgen de aanbevelingen voor het counteren van Berlusconi, Trump en Wilders (BTW):

a) de oppositie moet zich competent opstellen en niet richten op de persoon BTW, maar op het beleid. Probleem hierbij is dat BTW doorgaans een hap-snap beleid voert en dat op één A4-tje samenvat (Wilders) of vaag blijft over de voornemens (Trump). De hoofdlijn van BTW biedt echter nog voldoende aangrijpingspunten om het beleid centraal te zetten en aan te vallen. Zoals standpunten over moslims en immigratie die in strijd zijn met de grondwet (Trump, Wilders). De Nederlandse les: Media en politieke partijen moeten terug naar de basis: het politieke programma van de PVV en het stemgedrag in de Tweede Kamer. Dit biedt de mogelijkheid om woordvoerders van de PVV die hun beleidsterrein verwoorden centraal te zetten. Dat heeft een tweeledig effect: minder focus op Wilders door verbreding op andere PVV-politici en meer aandacht voor het beleid.

b) de oppositie moet de standpunten van BTW op eigen verdiensten beoordelen en niet op voorhand vanuit een voorgevormde mening afwijzen. Als een standpunt van BTW waardevol is en aansluit bij het programma van een politieke partij dan kan die betreffende partij het omarmen en politieke steun geven. Politieke isolatie van BTW werkt averechts omdat het gematigde kiezers die meegaan in de anti-establishment retoriek van BTW in hun richting jaagt. De Nederlandse situatie: Om de tweedeling tussen PVV en de middenpartijen (VVD, CDA, PvdA, D66) te bestrijden moet de PVV in de beeldvorming zoveel mogelijk gepresenteerd worden als een genormaliseerde politieke partij die in het politieke proces dingen voor elkaar krijgt. Succesjes relativeren de positie van de PVV als paria. De SP kan samenwerking zoeken met de PVV over beleid in de zorg, met de PvdD over dierenwelzijn, met de VVD over strenger immigratiebeleid (dat binnen de grondwet blijft), met D66 over bestuurlijke hervorming, met 50PLUS over pensioenen, met het CDA over drugsbeleid en de joods-christelijke wortels en met de PvdA over de aanpak van fraude in het openbaar bestuur of investeringen in infrastructuur.

c) de oppositie moet zich verjongen en door de-academisering verbreden door leden van jongere generaties van buiten de eigen partijstructuur in de eigen machtsstructuur op te nemen en belangrijke posities te geven. Dat slaat BTW het argument uit handen dat het als enige namens het volk spreekt, haar noden begrijpt en gevestigde partijen de belangen van het establishment vertegenwoordigen. Politieke partijen die BTW willen weerstaan moeten zich opstellen als een beweging en niet als een politieke partij die het eigen voortbestaan centraal zet. De Nederlandse situatie: De Nederlandse politieke partijen hebben in totaal minder dan 290.000 leden en nog slechts 2,2% van de kiesgerechtigden is lid van een politieke partij. Dus de partijpolitiek is hevig aan vernieuwing toe. Een autoritaire leider als Wilders in een partij zonder interne partijdemocratie als de PVV moet niet bestreden worden door andere langgedienden en partijtijgers als Rutte, Samsom, Asscher, Pechtold, Van der Staaij of Zijlstra, maar door jongeren als Jesse Klaver die Wilders juist uit doen komen als bedaagd en gevestigde orde en één van de langzittende parlementariërs die zelf het politieke establishment symboliseert.

De les van Trumps populisme voor Nederlandse politieke partijen

leave a comment »

krauze-populism

Een commentaar van George Ciccariello-Maher voor US Uncut. Het pleit voor progressieve politiek. Het is getiteld ‘Dear Neoliberal Democrats: This is Your Mess, Own It’ en zegt dat de Democraten het aan zichzelf te wijten hebben dat Trump tot president is gekozen. Samen met de establishment media die te dicht tegen het bedrijfsleven aanleunden. Ze prezen de schijnwereld van de Democraten als nastrevenswaardig aan. Maar dat was het niet.  Het samenspel van gevestigde media, bedrijfsleven, de Clinton machine en de partijleiding van de Democratische partij hield de kiezers een presidentschap van Clinton voor als een Potemkin-dorp dat niets met de realiteit te maken had. Het was een lege dop. Die leugen is doorgeprikt. Nu wacht de fascist Trump:

left

Het kan goed dat Clinton de popular vote heeft gewonnen en een meerderheid van kiezers achter zich heeft gekregen, maar daar gaat het in het Amerikaanse kiesstelsel niet om. De kiesmannen per staat tellen.

Trump is niet echt een anti-establishment kandidaat, maar heeft zich wel op die manier geprofileerd. En zo kiezers gemobiliseerd. Hij was hierin halfslachtig. Want hij hengelde wel naar de gunsten van de grote donors, maar kreeg die niet altijd. Zoals de Koch broers die hem links lieten liggen. Maar casinobaas Sheldon Adelson steunde hem daarentegen wel. Clinton is een 100% establishment kandidaat. Daarop wijzen haar ‘geheime’ toespraken voor Goldman Sachs en de tegendiensten die ze leverde voor donaties aan de Clinton Foundation. Handelen dat wettelijk is toegestaan, maar moreel verwerpelijk is. Dat was haar onmogelijke uitgangspositie.

Wat valt uit de foute opstelling van de Democratische partij te leren voor Nederlandse partijen?  Want dat de geest uit de fles is bewijzen de Brexit, de NEE-stem in het Oekraïne referendum en de winst van Trump. Populisme is niet per definitie slecht en een wisselwerking tussen politiek en burger. Ze richten zich naar elkaar. Kiezers volgen politici die hun ongenoegen het beste verwoorden. Of uitvergroten. De vergelijking tussen de beweging van Trump (of Bernie Sanders) die van onderop wordt gevoed en Clintons campagne die van bovenaf wordt gevoed maakt duidelijk wat het meeste perspectief heeft. De beweging van onderop.

Dat brengt politieke partijen in een moeilijk parket. Naar hun aard zijn ze gesloten en op eigen voortbestaan gericht. Maar om de beweging uit het volk in te sluiten moeten ze zich openen. Dat druist tegen hun natuur in. Nederlandse partijen doen er verstandig aan om voor de komende verkiezingen voor de Tweede Kamer op 15 maart 2017 goed de beweging van onderop te bestuderen. Klassieke campagnes die politieke programma’s centraal zetten zijn grotendeels uitgewerkt. De PvdA wacht een grote afstraffing als het meent dat Lodewijk Asscher en Diederik Samsom aantrekkingskracht hebben als ze onder elkaar voor partijleden het programma uitleggen. Burgemeester Ahmed Aboutaleb zou de schade kunnen beperken, maar weigert zich in de strijd te mengen. Geert Wilders volstond met een conceptprogramma op een A4-tje. Zo werkt het.

Partijen moeten de-professionaliseren door het zoeken van samenwerking tussen een kern van eigen professionals met deskundige buitenstaanders. Zo kunnen ze de ongenoegens van onrecht en miskenning die in de samenleving leven oppikken en insluiten. Partijen moeten niet vertrouwen op gevestigde media, zoals de NOS, RTL4, NRC, De Volkskrant of Trouw, maar er juist afstand van nemen. Deze media vormen een valkuil omdat veel kiezers vinden dat ze het establishment en de status quo vertegenwoordigen. Partijen moeten zich niet afzetten tegen het populisme, maar het juist voor zich laten werken door het in hun richting bij te buigen.

Partijen moeten buitenstaanders op hun kieslijsten zetten. Partijen moeten minder op hun eigen belang en voortbestaan gericht zijn. Partijvertegenwoordigers moeten hun eigen functie en carrière niet langer voorop zetten. Linkse partijen moeten krachtige standpunten innemen, zoals rechtse partijen ook doen. Partijen moeten het belang van Nederland en de burger centraal zetten en verbinden met hun gedachtegoed. Mooie woorden van president Obama die woorden blijven zijn niet het goede voorbeeld. Het gaat om actie. Partijen moeten werken aan de legitimatie en het draagvlak van de democratie door belastingontwijking te bestrijden en privileges af te schaffen. Zonder oppervlakkig te worden moeten partijen verbreden, niet verdiepen.

Foto 1: Cartoon.

Foto 2: Schermafbeelding van deel artikel ‘Dear Neoliberal Democrats: This is Your Mess, Own It’ van George Ciccariello-Maher voor US Uncut, 9 november 2016.

Kop nu.nl suggereert dat Monasch zegt dat hij verkiezingen PvdA-lijsttrekkerschap niet kan verliezen als procedure eerlijk verloopt

with 5 comments

mon

Deze kop doet Trumpiaans aan. Kamerlid Jacques Monasch die een van de kandidaten voor het leiderschap van de PvdA is wordt geïnterviewd door Avinash Bhikhie van nu.nl. De kop vertelt dat Monasch heeft gezegd dat hij bij eerlijke verkiezingen de lijsttrekker van de PvdA wordt. Dat houdt in dat als Monasch verliest van Diederik Samsom, Lodewijk Asscher of een andere kandidaat de verkiezingen niet eerlijk waren. Deze kop laat twee mogelijkheden toe. Of Monasch wint bij eerlijke verkiezingen of Monasch verliest omdat de verkiezingen niet eerlijk waren. Gemanipuleerd waren. Donald Trump noemt dat ‘rigged’. Deze kop sluit de mogelijkheid uit dat Monasch verliest bij eerlijke verkiezingen. Is Monasch werkelijk zo’n arrogante kwast die meent dat hij alleen kan verliezen door manipulatie van het PvdA-bestuur? Te weten voorzitter Hans Spekman die de Debbie Wasserman Schulz van de PvdA is en door het benadelen van Bernie Sanders haar functie moest neerleggen?

Wat heeft Jacques Monasch in het interview gezegd? Het gaat om de volgende passage:
NU:  Denkt u dat u kans maakt om lijsttrekker te worden?
-JM: “Ja, mits er een eerlijke procedure komt waar flitsleden zich makkelijk voor 2 euro kunnen registreren.”
NU:  Heeft u er geen vertrouwen in dat het eerlijk zal verlopen?
-JM: “Ik heb volgende week een gesprek met voorzitter Spekman. De belofte is er dat niet-leden zich voor 2 euro kunnen registreren en makkelijk kunnen meedoen. Als dat zo is, dan ga ik winnen. Daar ben ik van overtuigd.”

Monasch zegt in het interview niet wat de kop suggereert dat hij zegt. Namelijk dat hij de mogelijkheid uitsluit dat hij bij eerlijke verkiezingen kan verliezen. Dat doet hij niet. Eerst zegt Monasch dat hij ‘kans‘ maakt om lijsttrekker te worden bij een procedure waarin flitsleden zich makkelijk kunnen registreren. Maar dat is iets wat elke kandidaat zegt en ook dient te zeggen bij het begin van een campagne. In de vervolgvraag wordt het ingewikkeld als Bhikhie vraagt of Monasch vertrouwen heeft in een eerlijk verloop van de procedure. Hij geeft daar geen direct antwoord op en zegt een gesprek met Spekman te hebben. Dan verwijst hij opnieuw naar de registratie van flitsleden waar hij blijkbaar kansen in ziet vanwege de toestroom van leden van buiten de partij. Monasch spreekt de overtuiging uit dat hij gelooft dat hij in dat geval gaat winnen. De zinsnede ‘dan ga ik winnen’ getuigt van overmoed die prima past bij de lancering van een campagne. Het is wensdenken, tonen van ambitie en grootspraak, maar niet meer dan dat. Hij beweert niet dat het onbestaand is dat hij bij eerlijke verkiezingen kan verliezen. Monasch wordt door nu.nl woorden in de mond gelegd die hij niet heeft gezegd en die hem kunnen beschadigen. Dat is onzorgvuldige journalistiek van de eindredactie van nu.nl.

Foto: Schermafbeelding van deel artikel Monasch: ‘Bij eerlijke verkiezingen word ik nieuwe PvdA-lijsttrekker’ van nu.nl, update: ‘22 oktober 2016 12:07’. 

PvdA moet handelen naar wat het zegt te zijn: een brede volkspartij. Met een andere partijtop

with 4 comments

692eb13bffb223e5fe59730a718bbbda

Dus in een tijd van anti-elitisme en identiteitspolitiek is het voor sociaal-democraten nogal bijzonder een stemmenkanon af te wijzen die in Marokko voor een dubbeltje geboren werd. Het laat zien dat die PvdA zozeer in handen is van hoger opgeleiden dat ze de eigen bestaansreden niet meer ziet. Geheel de weg kwijt. Ware PvdA’ers zouden Aboutaleb moeten smeken de lijst aan te voeren. En als hij zelf een ware PvdA’er is, zou hij zich niet terugtrekken – maar die partij-elite bestrijden tot z’n laatste snik.’ Aldus de conclusie van de NRC-column van vandaag van Tom-Jan Meeuws. Hij meent dat de partijtop van de PvdA de weg kwijt is.

Het sluit aan bij mijn commentaar van gisteren over Nigel Farage die zich profileert door te schoppen tegen de elite terwijl hij er het product en de vertegenwoordiger van is. Evenals elitaire types als Boris Johnson, Geert Wilders, Thierry Baudet, Jort Kelder of Donald Trump die zich positioneren als anti-establishment. Het is een ongeloofwaardige constructie die door de media onvoldoende doorgeprikt wordt. En: ‘De sociaal-democratie moet zich trouwens schamen dat het deze valse profeten en gokkers met het lot van hun land de ruimte heeft gelaten om zich als vertegenwoordigers van het volk te presenteren. Dat moet hersteld.’ De band van de PvdA met degenen die zich sociaal achtergesteld voelen moet hersteld worden. Dat kan Ahmed Aboutaleb beter dan Lodewijk Asscher of Diederik Samsom die door hun achtergrond onmiskenbaar de elite vertegenwoordigen en met zich meedragen. De PvdA-partijtop weigert de urgentie te zien van het doorgesneden zijn met het volk.

De PvdA pretendeert nog steeds een brede volkspartij te zijn die brede lagen van de bevolking onderdak kan bieden. Maar handelt daar niet naar. Interessant is waarom bij de PvdA het kwartje niet valt. Is het de bekende bubble die de partijtop meisleidt? Vanuit electorale overwegingen is het onverstandig van de PvdA om zich als een soort GroenLinks of D66 te richten op hoger opgeleiden en beter gesitueerden. Dat zijn drie partijen die vissen in dezelfde vijver met studenten, vrijgestelden, bestuurders in de semi-overheid en kosmopolieten.

De positionering van de PvdA gaat verder dan het belang van deze partij alleen. Ook wie geen aanhanger is van het sociaal-democratisch gedachtegoed zal moeten erkennen dat Nederland voor het politieke evenwicht een sterke en gezonde parlementaire sociaal-democratische partij nodig heeft. De SP voldoet niet aan dit profiel omdat het te extra-parlementair is gericht. Het gaat om het landsbelang in de strijd met de populisten van SP, PVV en organisaties die tegen de PVV aanleunen zoals Forum voor Democratie, Geen Stijl en allerlei malcontenten die grossieren in kritiek, maar niet in oplossingen. De PvdA heeft een leider nodig die het volk aanspreekt en de strijd frontaal, krachtig en kansrijk aangaat met PVV en SP. Om in voetbaltermen te spreken, de partijtop van de PvdA moet inzien dat het kluitjesvoetbal voorbij is. De partij moet zich verbreden door een milde vorm van nationalisme over te nemen dat het harde nationalisme van de radicalen de pas afsnijdt.

Foto: Verwelkte rozen.

Friese partijleden boos op partijtop. Ze willen hun partij terug

leave a comment »

Weinigen zullen het beseffen, maar kinderboekenschrijfster Janny van der Molen uit het Friese De Knipe past in het rijtje Bernie Sanders, Jeremy Corbyn en Donald Trump. Ze is onderdeel van de opstand van onderop tegen het establishment. In dit geval het establishment van de PvdA. Dat is een scheidslijn tussen hoog- en laagopgeleid, kansrijk en kansarm, binnen en buiten. Dertig kritische PvdA’ers hebben het partijbestuur een open brief geschreven die in de Leeuwarder Courant is gepubliceerd. Ze willen hun eigen partij terug.

De reactie van PvdA-leider Diederik Samsom toont zijn onbegrip en het gelijk van de briefschrijvers:. Hij is geïrriteerd. Samsom begrijpt niet waar het echt om gaat. Het gaat niet om kinderpardon, onderwijs, gasboringen of welk onderwerp dan ook. Dat is slechts een aanleiding. Het gaat om het feit niet gehoord te worden, buitengesloten te worden door een in zichzelf verstrikt zittende partijelite in Amsterdam en Den Haag. Het gaat om de afstand van het establishment tot de gewone partijleden. Ze voelen zich belazerd en pikken het niet langer. Ze komen in opstand. Ze vinden dat de politieke discussie verkeerd gevoerd wordt.

In 2014 was er het rapport ‘De PvdA Fryslân en de toekomst van het Rode Noorden; Samen sterk naar 2018!’ waar vertrekkend PvdA-kamerlid en cultuurwoordvoerder Jacques Monasch aan meeschreef. Hij verlaat teleurgesteld de kamer omdat hij het niet eens is met de koers. Uit de column in NRC van Tom-Jan Meeus blijkt dat het verhaal gaat dat Monasch ‘volgend jaar als niet-PvdA’er terugkeert op het Binnenhof – hij wil er niets over zeggen.’ Monasch: ‘De leiding ziet de eigen smetvrees voor de eigen kiezers niet meer’. Dat verzet tegen de eigen bestuurlijke elite is de hoofdreden voor de Friese briefschrijvers. Een andere reden is dat ze het sociaal-democratisch gedachtengoed weer centraal willen zetten. Ofwel, het belang van de werknemer.

Wat gebeurt er met de uitslag van het referendum? Dreigt binnen kabinet een tweedeling tussen VVD en PvdA?

with 6 comments

media_xl_1961652

Naar het referendum op 6 april over de associatie-overeeenkomst van de EU met Oekraïne kan men op verschillende manieren kijken. Los van de politieke stellingname voor of tegen. Het valt te beredeneren vanuit wat in de verdragstekst ‘opgesloten is’. Wat er logischerwijs direct uit volgt. Dat betreft onder meer de mate van stabilisering door hervormingen van Oekraïne, handelsbelangen, soevereiniteit van Oekraïne dat een eigen koers kiest, geopolitieke belangen in Oost-Europa en de Europese veiligheidssituatie, de relatie tussen Europese natiestaten en de supranationale EU en tenslotte belangen van maatschappelijke groeperingen, politieke partijen en individuen die zich om uiteenlopende redenen (profilering, carrière, overtuiging, partijbelang, financieel gewin) betrokken voelen bij de associatie-overeenkomst. Of dat suggereren te zijn.

Men kan het ook beredeneren vanuit de buitenkant. Daarmee wordt niet de informatievoorziening bedoeld. Want zelfs als het gaat om misleiding als onderdeel van een informatie-oorlog wordt dat nog vanuit de verdragstekst beredeneerd. Of dat onzin is doet er niet toe. De kritiek die trouwens van vele kanten klinkt is dat de informatievoorziening onvoldoende is en het publiek slecht wordt voorgelicht. Dat betreft zowel delen van de overheid als radicale partijen die pro-Kremlin standpunten verkondigen. Misleiding en verwarring gaan tot aan de top. Zo wijst premier Rutte op de handelsbelangen als voordeel van de associatie, maar in het referendum wordt daarover de Nederlandse kiezer geen uitspraak gevraagd. Handelsbetrekkingen vallen wettelijk gezien onder de bevoegdheid van de Europese Unie en daar heeft de kiezer geen invloed meer op. Dit is al sinds begin februari in de Nederlandse publiciteit bekend, maar wordt toch niet overgenomen.

De buitenkant is wat er gebeurt met de uitslag van het referendum als het is gehouden. Wat doet het kabinet en welke reactie geven betrokkenen daar vervolgens weer op? In een ingezonden brief in NRC van 23 maart spreekt het oud-lid van de Tweede Kamer (D66) Bob van den Bos de verwachting uit dat het kabinet de associatie-overeenkomst zal ratificeren. Wat de uitslag ook is van het niet bindende referendum: ‘Ook als de (zeer lage) drempel van 30% gehaald wordt, zal de regering het advies niet opvolgen. (..) Na zorgvuldige heroverweging gaat de regering over tot ratificatie, zelfs als de Tweede Kamer haar oproept om dit na te laten.’ Hij schat in dat de regeringspartijen het eigen kabinet niet met de verkiezingen van maart 2017 in het vooruitzicht naar huis sturen. Maar de voorkeur van VVD-stemmers die volgt uit een opinieonderzoek van I&O-Research maakt dat minder vanzelfsprekend omdat het kan leiden tot meningsverschillen in het kabinet.

io

De achterban van D66 en GroenLinks is het meest positief over het goedkeuren van de associatie-overeenkomst van de EU met Oekraïne. Beide partijen tellen veel hoogopgeleiden in hun achterban en profileren zich als vanouds als internationaal en EU-gezind. Een tegengesteld beeld laten de SP en PVV zien die EU-kritisch zijn, weinig hoogopgeleide kiezers hebben en gaan voor een nationalistische oriëntatie. Deze tweedeling komt niet onverwachts en sluit aan bij de politieke standpunten van genoemde partijen. Anders is het gesteld met de opstelling van de kiezers van PvdA en VVD die een onverklaarbaar verschil laten zien.

De PvdA-kiezers zijn het meest positief over de associatie met Oekraïne. Dat kan behalve programmatisch verklaard worden door het afstand nemen van PVV en SP en in tweede instantie de rechts-populisten van GeenStijl en de nationalistisch-conservatieve Thierry Baudet. Een verschil kan tevens zijn dat de PvdA voor en de VVD tegen het referendum is en laatstgenoemde partij zich nauwelijks laat horen in de campagne. Of zoals gezegd, als Rutte zich laat horen dan komt hij met verkeerde argumenten over handel. De PvdA’ers vice-premier Lodewijk Asscher of fractieleider Diederik Samsom spreken zich onomwonden en met overtuiging uit voor de associatie. Voormalig PvdA-partijvoorzitter Michiel van Hulten voert actief campagne met Stem Voor.

De tragiek van de VVD is dat het geen overtuiging heeft en lijdt aan intellectuele armoede. Een oude klacht die zich nu tegen de partij keert. De VVD beseft niet dat bij een buitenlands beleid dat de handelsbetrekkingen voorop zet een solide veiligheidsbeleid hoort met een defensie die op sterkte is en een pragmatische, neorealistische koers vanwege de verstoring van de internationale rechtsorde door Rusland uitgewerkt is. De VVD kan niet de kool en de geit blijven sparen in buitenlandse betrekkingen of in de binnenlandse electorale opstelling. De VVD moet spieren en kloten durven tonen en niet lachend wegdraaien als het menens wordt. De VVD moet zich niet laten gijzelen door een idee van een verdeelde achterban, maar er juist op inzetten om die het JA-kamp binnen te loodsen. Binnen de VVD zijn nog veel JA-stemmen te mobiliseren als de politieke leiders afstand durven nemen van de PVV, het nationalisme en de eigen angst om zich uit te spreken. Als dat niet lukt valt het niet uit te sluiten dat er op 7 april binnen het kabinet een tweedeling ontstaat tussen de PvdA die de uitslag naast zich neer wil leggen en de VVD die blijft twijfelen over de eigen standpunten.

Foto 1: Premier Mark Rutte en Europarlementariër Hans van Baalen op het najaarscongres 2013 van de VVD. Credits: ANP. 

Foto 2: Grafiek 4.1 uit het rapportHet referendum over de associatie-overeenkomst met Oekraïne’ van Onderzoek I&O Research, maart 2016.