George Knight

Debat tussen links en rechts

Posts Tagged ‘Evangelisatie

Petitie ‘Het verbod op godslastering uit 1932 moet terug’ van Stichting Gravenberch is pover onderbouwd

with one comment

Een petitie vraagt om godslastering weer op de politieke agenda te zetten. De petitie verwijst naar het Wikipedia-lemma over de Wet inzake smalende godslastering (1932) die in maart 2014 uit het Wetboek van Strafrecht is geschrapt. Er is niets vreemds met dit verzoek, maar alles met de argumentatie van deze petitie.

De petitionisten ‘Eenheid van Christenen en Stichting Gravenberch’ beweren dat godslastering een aanval op het geloof is. De suggestie is dat de vrijheid van meningsuiting het geloof of de christenen onvoldoende bescherming biedt. Waarom dat zo zou zijn is onduidelijk. Dat grondrecht biedt levensovertuigingen en religies voldoende bescherming, dus waarom dit niet voor deze petitionisten geldt wordt niet onderbouwd.

De petitie wordt ronduit warrig als het zegt: ‘Ook kerken in de buurtwijken raken steeds leger. Sommige kerken komen zelfs helemaal leeg te staan of worden niet meer opgebouwd. De veiligheidsmaatregelingen in Nederland en de EU liegen er dan ook niet om.’ Wat heeft het een met het ander te maken? Is de suggestie dat leegstromende kerken tot meer godslastering leiden? Zelfs als dat zo is, wat moeten volgens de petitionisten dan de rechterlijke of uitvoerende macht doen? Mensen oproepen om een geloof te gaan belijden en naar de leegstromende kerken te gaan in de hoop dat daarmee de godslastering afneemt? Is dat een taak voor de overheid? Maar wacht even, hoe valt trouwens te voorzien dat met meer geloof, gelovigen en volle kerken de kans op godslastering afneemt? Evengoed kan het omgekeerde beweerd worden, namelijk dat door een zichtbaarder geloof met manifester aan de weg timmerende religieuze instellingen de godslastering toeneemt.

Foto: Schermafbeelding van deel petitieHet verbod op godslastering uit 1932 moet terug’, 15 mei 2017.

Jesus Café in Emmen probeert ongelovigen te vangen

with 2 comments

Het is weer eens iets geheel anders, een Jezus-café in het Drentse Emmen. In een mengelmoes van Engels en Nederlands Jesus Café Freedom geheten. Wie nooit in Jezus of Emmen is geweest kan zich er vermoedelijk niets bij voorstellen. Initiatiefnemer Louis heeft liever één persoon per week die ‘echt achter Jezus (of: Jesus?) aan wil’, dan 30 mensen per dag die ‘alleen maar’ willen discussiëren. Hoewel het café op Facebook toch promotie maakt voor ‘een goed gesprek over het geloof’. Deze gelovigen verstaan onder ‘een goed gesprek‘ niet een open discussie waarvan de uitkomst niet vooraf vaststaat, maar evangelisatie. Ofwel, het verbreiden van het christelijke geloof onder ongelovigen. In het Jesus Café is de communicatie niet tweezijdig, maar eenzijdig. Verticaal, van boven naar beneden. De ongelovige wordt beschouwd als de vis die gevangen moet worden. In deze opvatting verschilt het café niets van het traditionele christendom dat dit al eeuwen nastreeft.

Written by George Knight

19 maart 2017 at 14:44

Aangepaste wet beschermt namen ‘universiteit’ en ‘hogeschool’. En kan discriminatoire gedragingen en uitlatingen aanpakken

leave a comment »

Er is wetgeving in de maak die namen ‘universiteit’ en ‘hogeschool’ of vertalingen daarvan beschermt. Dat is voortaan voorbehouden aan bepaalde instellingen van hoger onderwijs. Een nieuwsbericht van februari 2016 zegt: ‘Minister Bussemaker wil met het voorstel een einde maken aan de praktijk dat instellingen zich ten onrechte universiteit, university (of applied science) of hogeschool noemen en studenten daardoor misleiden. Met het wetsvoorstel wordt onterecht gebruik van de namen verboden.’  Zo’n 40 opleidingsinstituten in Nederland inclusief de ‘Islamitische Universiteit Rotterdam’ moeten op zoek naar een nieuwe naam.

Artikel 1.3, vijfde lid gaat in op discriminatie: ‘De instellingen voor hoger onderwijs schenken mede aandacht aan de persoonlijke ontplooiing van hun studenten en de bevordering van hun maatschappelijk verantwoordelijkheidsbesef. De bevordering van maatschappelijk verantwoordelijkheidsbesef houdt ten minste in dat de instellingen, met inbegrip van degenen die hen formeel of informeel vertegenwoordigen, zich onthouden van discriminatoire gedragingen en uitlatingen. De instellingen richten zich in het kader van hun werkzaamheden op het gebied van het onderwijs wat betreft Nederlandstalige studenten mede op de bevordering van de uitdrukkingsvaardigheid in het Nederlands.

Hoe in Nederland gevestigde opleidingsinstituten die met buitenlands geld worden gefinancierd kunnen worden aangepakt is onduidelijk. Ook is het ongewis wanneer artikel 1.3, vijfde lid wordt overtreden. In een toelichting zegt het voorstel: ‘Er is ook sprake van een onmiskenbare verzaking van voornoemde plicht indien bijvoorbeeld intolerantie jegens bepaalde bevolkingsgroepen wordt uitgedragen op de website van de instelling. Er is nadrukkelijk geen sprake van strijd met artikel 1.3, vijfde lid, wanneer het gaat om wetenschappelijk of toegepast onderzoek. In het kader van de academische vrijheid moeten instellingen immers onderzoek kunnen doen. Onderzoek kan ook bijdragen aan het maatschappelijk debat. Dat is niet het geval wanneer wordt opgeroepen tot discriminatie. In dat geval wordt de grens overschreden van wat toelaatbaar is voor een instelling die deel uitmaakt van ons hoger onderwijs.’ Gezien de academische vrijheid zal de overheid terughoudend zijn met ingrijpen. In situaties van herhaalde discriminerende uitlatingen zoals door de rector van de Islamitische Universiteit Rotterdam biedt de wet voortaan een handvat om op te treden.

Verbiedt religieuze organisaties de toegang tot opvangcentra

with 2 comments

lr

Leefbaar Rotterdam stelt raadsvragen naar aanleiding van een artikel in het RD over de noodopvang voor asielzoekers. ‘Woedt er een geestelijke strijd in de Nederlandse opvangcentra?’ vraagt het dagblad zich af. Waar vroeger christelijke organisaties het alleenrecht hadden op de zorg voor vluchtelingen zijn er nu ook islamitische instellingen die het initiatief nemen. Maar volgens het RD stellen ze ontoelaatbare voorwaarden aan hun hulp, zoals het verplicht meedoen van niet-moslims aan islamitische feesten of het dragen van een hoofddoek voor vrouwen. Christelijke organisaties zouden weer bijbels uitdelen onder asielzoekers.

Willem van der Deijl, medewerker bij stichting Evangelie & Moslims hoopt niet dat er een ‘competitieve sfeer tussen christenen en moslims‘ ontstaat als het om vluchtelingen gaat: ‘Christenen moeten oog hebben voor de kwetsbare positie van vluchtelingen en daar geen misbruik van maken. Maar tegelijk kunnen we de rijkdom van het Evangelie delen’ Die competitie tussen de islam en het christendom is in de praktijk echter al aangetoond. Logisch omdat religieuze organisaties elkaar concurrenten zijn en ook in hun goede werken altijd als bijbedoeling het winnen van zieltjes hebben. De geestelijke strijd om asielzoekers is ontoelaatbaar.

De remedie is simpel. Op voorschrift van de landelijke overheid moeten lokale overheden erop toezien dat alle religieuze en niet-religieuze instellingen de toegang tot de opvangcentra ontzegd wordt. Mensen in een kwetsbare positie als asielzoekers moeten geen focus worden van een richtingenstrijd tussen concurrerende religieuze organisaties. Het COA en de gemeenten moeten er strikt op toezien dat religieuze organisaties geen toegang tot de opvangcentra krijgen. Ze hebben er niets te zoeken. Daarbij komt dat concurrentiestrijd tussen islamitische en christelijke organisaties de asielzoekers in het frame van religie trekt, terwijl ze de vrije keuze moeten hebben voor geen enkele religie te kiezen. De overheid moet zelf zorg bieden die neutraal is en asielzoekers geen onderdeel maakt van een religieuze richtingenstrijd en ze overlevert aan kerk of moskee.

Foto: Schermafbeelding van deel raadsvragenChristenen doodsbang in opvang Erasmus Universiteit’ van Leefbaar Rotterdam.

WieKiest Religie weet geen raad met groeiend aantal atheïsten

leave a comment »

wk

Niet als atheïst, maar als iemand die van logica en argumentatieleer houdt voel ik me aangesproken door volgende passage op WieKiest: ‘De impliciete atheïst kan niet tot nauwelijks argumenten geven waarom hij/zij niet religieus is. Vaak zijn dit mensen met een beperkte kennis of mensen die het zich niet kunnen veroorloven om kennis te vergaren omtrent religie en wetenschap. Impliciete atheïsten vindt men vaak in landen en gebieden waar het opleidingsniveau en het welvaartspeil laag is. Landen waar veel impliciete atheïsten wonen zijn: delen van China, India en grote delen van Afrika. Het is gebleken dat impliciete atheïsten met weinig moeite tot geloof zijn te brengen. Financiële redenen kunnen hier een rol bij spelen.’

Hier wordt heel wat overhoop gehaald met een merkwaardige reeks aannames die zowel zegt dat impliciete atheïsten gebrek aan kennis over religie en wetenschap hebben als geen argumenten hebben om niet religieus te zijn en ook nog eens makkelijk tot religie te brengen zijn. De schrijver bekijkt de atheïst vanuit een religieus perspectief als een spijtoptant en schuwt een zekere neerbuigendheid niet. De impliete atheïst is iemand die niet niet-religieus is, een beperkte kennis heeft over wetenschap of religie, vaak woont in een land met een laag opleidingsniveau en welvaartspeil en een duwtje nodig heeft om religieus te worden.

WieKiest maakt een onderscheid tussen een impliciete atheïst die niet beter weet en een overtuigde atheïst in een land waar geloof bijna geen rol meer speelt. Deze landen zijn ‘ver ontwikkeld, hoog opgeleid en zeer succesvol op veel vlakken’. Dit onderscheid is gekunsteld en onlogisch. Want dan moeten er ook impliciete gelovigen bestaan die niet tot nauwelijks argumenten kunnen geven waarom ze niet atheïstisch zijn. Waar laat dat de verwachtingen van WieKiest over christendom, islam en hindoeïsme als de gelovigen in landen als Brazilië, Nigeria, Egypte of India er nooit bewust voor gekozen hebben en die keuze zelf niet begrijpen?

Loont het de moeite om het betoog van WieKiest te ontmaskeren? Waarom moet een impliciete atheïst argumenten hebben om niet religieus te zijn? Evenmin hoeft een christen, moslim of hindoe argumenten te geven om uit te leggen waarom-ie niet atheïstisch is of geen ander geloof heeft. Gelovigen hebben het moeilijk in een seculariserende wereld. De verwachting van WieKiest dat er in 2050 meer gelovigen dan niet-gelovigen zijn gaat voor hoogontwikkelde landen als Nederland al jaren niet meer op. Het doet er ook niet toe. Hoofdzaak is dat iedereen de ander de vrijheid geeft om een geloof of levensovertuiging te kiezen en het daar bij te laten. En niet vervolgens de ander bij de eigen religie te claimen zoals WieKiest doet. Niet sportief. 

Foto: Schermafbeelding van ‘Snelst groeiende religie: christendom, islam of hindoeïsme?’ op WieKiest.

Gezinsbeurs Wegwijs etaleert de reformatorische subcultuur

leave a comment »

Een inkijkje in een typisch Nederlandse subcultuur als deel van de protestante cultuur: de reformatorische bevolkingsgroep. De Gezinsbeurs Wegwijs 2014 vindt plaats van 21 tot 25 oktober in het Rotterdamse Ahoy en wordt georganiseerd door Erdee Media Groep dat onder meer het Reformatorisch Dagblad (RD) uitgeeft.

In de video wordt de stand van de Stichting Reformatorische Omroep (RO) getoond. De Stichting RO heeft dus geen leden, zoals de Vereniging EO wel heeft. Ander verschil is dat de EO sinds zo’n 10 jaar evangeliseert en zich op ongelovigen richt, terwijl de RO uitsluitend de reformatorische doelgroep bedient. Inzichtelijk is wat de RO zegt over de identiteit die ook toepasbaar is op de deelnemers aan Wegwijs en de Erdee Media Groep: ‘De grondslag van de stichting is Gods onfeilbaar Woord, waarvan belijdenis wordt gedaan in de Nederlandse Geloofsbelijdenis (artikel 2-7). Zij onderschrijft onvoorwaardelijk de Drie Formulieren van Enigheid, zoals zijn vastgesteld in de Nationale Synode (Dordrecht, 1618-1619). Zij belijdt het absolute gezag van Gods Woord over alle terreinen van het leven en daarom mede over massacommunicatie en mediagebruik.

De reformatorische subcultuur kent in het opzoeken van de openbaarheid en de inzet van media een spanning die volgt uit het volgen van de beginselen en de verkondiging ervan voor een breed publiek. Wat is haalbaar en verantwoord, waar eindigt het een en begint het ander? Het is een helse taak om daarin de goede afweging te vinden in een samenleving die ook nog eens steeds verandert. Want teveel accent op de beginselen hindert de optimalisering van het bereik, terwijl teveel accent op verkondiging in strijd kan komen met de beginselen.

De reformatorische subcultuur is niet altijd vrijheid blijheid. Op RefoWeb.nl -ook maker van het videoverslag- stelt een ouder iemand dominee Elsman een vraag over de zonde: ‘Ik zit al weer jaren in de kerk, maar soms denk ik: ze moesten eens weten, niemand weet er van. Maar God heeft het gezien en gehoord en dat drukt me te neer. Nu staat er in Ps. 103:6: “Zo ver het west verwijderd is van het oosten zo ver heeft hij om onze ziel te troosten, van ons de schuld en zonde weggedaan.” Maar ook staat in de bijbel dat we verantwoording moeten afleggen van onze zonden. Hoe krijg ik (ondanks veel bidden daarom) een gevoel van vergeving? De schuld is zwaar!’ De dominee antwoordt onder meer: ‘Het wezen van de zonde is dat zij doorwerkt ten verderve tenzij en totdat zij is beleden en van haar kracht beroofd onder het dierbaar Bloed van de Heere Jezus Christus. Onbeleden zonden werken smet en schuld. Zij maken onrein en bezwaren ons geweten. De HEERE verlost van de macht en heerschappij van de zonde en Hij verlost ook van de schuld van de zonde.’ Leven als inleiding.

refo

Foto: Schermafbeelding van tweet RefoWeb, 23 oktober 2014.

Protesten bij bezoek Erdogan leiden af van Turkse tegenstellingen

with 4 comments

Taqiyye

Update 21 januari 2014: VVD-Kamerlid Pieter Duisenberg pleit voor intrekking van de accreditatie van de Islamitische Universiteit in Rotterdam, aldus Trouw. Aanleiding zijn uitlatingen van de rector, dr. Ahmet Akgündüz die het geweld van de regering-Erdogan tegen demonstranten goedpraat. Nog in oktober 2013 dreigde vice-premier Asscher met intrekking van de accreditatie na anti-westerse uitspraken van de rector. 

De Islamitische Universiteit Rotterdam (IUR) is een academische instelling in wording. De titel ‘Universiteit’ is in Nederland onvoldoende beschermd waardoor elke instelling zich zo kan noemen. In 2009 oordeelde een commissie over de hoogste opleiding, de masteropleiding Islamitische geestelijke verzorging dat het ‘voldoet aan de eisen voor de basiskwaliteit die een voorwaarde zijn voor accreditatie’. Maar de IUR laat weten dat deze opleiding door de  Nederlandse en Vlaamse Accreditatieorganisatie NVOA nog steeds niet geaccrediteerd is. Dat betekent dat een officieel keurmerk ontbreekt, dat de voorwaarde voor bekostiging door de overheid ontbreekt en dat de IUR geen recht heeft om erkende diploma’s af te geven. Opmerkelijk is dat dr. Jan Peters zowel deel uitmaakte van de accreditatiecommissie uit 2009 als lid is van de Raad van Toezicht van de IUR.

De IUR presenteert zich als een instituut voor moslims met diverse achtergronden. Maar da’s schijn. Het is een Turks-soennitische instelling waar Turkse namen in de staf de meerderheid vormen. Ondanks die Turkse steun dreigde in 2003 een faillissement door de aankoop van het kapitale pand van 2,5 miljoen euro aan de Bergsingel. De Triodos Bank schoot de IUR  te hulp met een lening. Wat een criticus tot de verzuchting brengt waarom een bank die uit de antroposofie voortkomt islamisten steunt. In 2002 merkte Johan Meuleman van de concurrerende Islamitische Universiteit Europa (IUE) op over de IUR: ‘(..) een groot deel van de bestuurders zit gewoon in Ankara achter een bureau. De meeste docenten, inclusief de rector zelf, spreken geen woord Nederlands. Dus wie zouden dan die financiers moeten zijn?‘ De IUE staat ook onder Turkse invloed.

Volgens Jan Felix Engelhardt heeft de IUR hechte banden met de Nurcu-beweging. Een nadeel voor studenten. Een hedendaagse representant die zich internationaal manifesteert is Fethullah Gülen die tegenstanders als pseudo-modernist zien. De beweging brengt de moderniteit naar de islam, maar niet omgekeerd. Het wijst de moderne wetenschap echter niet af. De samenwerking tussen premier Erdogan en de Gulen-beweging lijkt sinds kort voorbij. Binnen de regerende AK-partij bestaan verschillende facties. Premier Recep Erdogan is een Nakşiler, een aanhanger van de Nakşibendi die ook voortkomt uit de spirituele Soefi-beweging.

Erdogan bezoekt komende donderdag de IUR. Turkse-Nederlanders combineren zijn bezoek met een protest tegen de plaatsing van Yunus. Dat wijst in hun ogen op verkeerde keuzes die de Nederlandse pleegzorg maakt. Door de commotie over Yunus en de aandacht die Turkse media en politici voor de vermeende onverenigbaarheid van islam en homosexualiteit opeisen wordt de interne Turkse strijd gemaskeerd. Daar waar extreem-rechts, nationalisme en conservatieve islam elkaar kruisen. Premier Erdogans bezoek geeft het zoveelste signaal dat-ie de assimilatie van Europeanen van Turkse herkomst afwijst. Maar frappanter is dat-ie zich waagt in een bolwerk van de Fethullah Gülen beweging. Voor nu een binnenlandse vijand in Rotterdam.

Foto: Banner bij ‘To taqiyye or not to taqiyye? De Gulenbeweging = Vijfde colonne..?‘ op www.fethullahgulen.nl.