De hielenlikkers van de Nederlandse monarchie zijn het ergst en ergerlijkst

Den Haag, 22 maart 2021: Koningin Máxima opent de Week van het geld met minister Hoekstra en minister Slob’. Beeld: © Wijzer in geldzaken Valerie Kuypers. Op koninklijkhuis.nl.

Van de Nederlandse monarchie ben ik geen fan, maar de onderdanigheid van de hielenlikkers vind ik nog moeilijker te verteren. Als republikein of monarchist kun je om politieke redenen tegen of voor de monarchie zijn. Dat is een standpunt. Maar de hielenlikkers gaan verder en verliezen zichzelf in onderworpenheid. Dat past niet bij een volwassen democratie met mondige burgers.

Het innemen van zo’n positie past bij autoritaire landen als Noord-Korea of de Russische Federatie waar de media gelijkgeschakeld zijn en de burgers niks te zeggen hebben. In Nederland nemen de burgers in navolging van de bevoorrechten die het voorbeeld geven welbewust en vrijwillig een kritiekloze positie in. Hoewel het de vraag is hoe bewust ze zich daar zelf van zijn. Er klinkt trouwens steeds meer kritiek op de monarchie waarbij het de vraag is of dat komt door de afnemende steun ervoor of toenemende kritiek op de bevoorrechten die de monarchie stutten.

Wat me elke keer weer verbaast als er een koningsdag of een andere festiviteit is waarbij de leden van de monarchie opdraven is de schaamteloosheid van de gladstrijkers, hermelijnvlooien, jaknikkers, hofmuizen en hielenlikkers van Oranje die zich naar voren dringen om zich te onderwerpen. Waarom doen ze het? Wat winnen ze erbij? Zijn ze betoverd door de magie van de operette waarvan ze hopen dat die op hen afstraalt en niet meer verantwoordelijk voor hun daden?

Dit gedrag is bevreemdend. Ik kan er niet aan wennen. Hoeveel kritiekloze aandacht voor het koningshuis kan de weldenkende burger aan? Wat heeft dit gedrag nog te maken met een volwassen democratie met mondige burgers die menen zich in de nabijheid van de troon te moeten aanstellen als clowns of ondergeschikten bij wie door een hersenoperatie het zelfbewustzijn is verwijderd?

Wat doen in hemelsnaam die burgemeesters, lokale bobo’s, hoofdredacteuren, ambtenaren, journalisten, gasten van talkshows en andere opinieleiders zichzelf en hun geloofwaardigheid aan door de monarchie in bescherming te nemen, te prijzen en uitgebreid te bewieroken? Dat gedrag is voor een buitenstaander die afstand wil houden tot nationalisme, koningshuis en sportverdwazing waarbij de kleur oranje leidend is ongewenst omdat het iedere keer weer het contact legt met iets onaangenaams. Met het vermoeden dat deze bijzaken dienen om de hoofdzaken te verhullen.

Schermafbeelding van deel columnTweedagenbaardje’ van Marcel van Roosmalen in NRC, 27 april 2021.

We weten niet of Nederlanders diep in hun hart monarchist of republikein zijn. Het beeld is vermoedelijk gemengd. Maar we kunnen het ook niet weten omdat in een sfeer van hosanna voor de monarchie opinieleiders in de media al decennialang hun bewondering ervoor ventileren en zo de Nederlanders een opvatting opleggen over de superioriteit of op z’n minst de onvermijdelijkheid van het koningshuis.

Dat effect wordt nog eens versterkt door een eenzijdig door het koningshuis opgelegde mediacode die de media knevelt in de verslaggeving over het koningshuis. De media worden verplicht zich in bochten te dwingen op straffe van uitsluiting door de monarchie. Ook media die er niet aan meedoen hebben er last van. Het programma Argos Medialogica wijdde er onlangs aandacht aan.

Na mij de zondvloed’ debiteren de voorstanders van de monarchie die claimen dat in deze woelige tijden de monarchie voor continuïteit en zekerheid zorgt. De niet onderbouwde claim is dat een republiek met een president als staatshoofd minder stabiel is. Omdat vanwege de vage omschrijving niet weerlegd kan worden dat we niet in woelige tijden leven kan een breed maatschappelijk debat over de vraag of Nederland een monarchie of republiek moet zijn eindeloos worden geblokkeerd.

Het meest fascinerende aan deze hielenlikkerij is de vraag waar het eigenlijk op is gebaseerd. De toenmalige Amsterdamse burgermeester Eberhard van der Laan zei in 2013 in een interview in Binnenlands Bestuur: ‘Ik ben een republikein, net als zestig, zeventig procent van de Nederlanders’. Waar hij dat percentage op baseerde is onduidelijk, maar het omgekeerde is evenmin vast te stellen. Namelijk dat een meerderheid van de Nederlanders monarchist is.

De vaderlandse geschiedenis leert dat Nederland afwisselend monarchie en republiek was. De grootste bloei maakte het door als republiek. De hardnekkigheid waarmee de monarchie nu wordt gestut door media, politiek, bedrijfsleven en maatschappelijk middenveld zonder dat de voorstanders van de republiek in gelijke mate een eerlijke kans krijgen om hun standpunt naar voren te brengen doet vermoeden dat er onraad aan de horizon nadert. Onheil voor de Nederlandse monarchie wel te verstaan.

Sitalsing geeft argumenten tegen ongekozen monarch en pleit voor open bestuurscultuur

Journaliste Sheila Sitalsing die voor de Volkskrant werkt is Republikein van het jaar (2020). Een bekroning door ‘Republiek’, sinds kort de nieuwe naam van het Republikeins Genootschap.

Sitalsing meent dat de monarchie die wordt bepaald door erfopvolging niet in een modern Nederland thuishoort. Het handhaven van de monarchie vindt zij niet passen bij een goede bestuurscultuur. Volgens haar kan Nederland goed zonder een monarchie. Zij meent dat we in een tijd leven dat de monarchie meer ter discussie staat dan pakweg 20 of 25 jaar geleden. Koning Willem-Alexander noemt ze een jetset-koning en die perceptie van het staatshoofd vergroot volgens haar de afstand van de burgers tot de monarchie. Sitalsing merkt op dat in het actuele debat over transparantie, een open bestuurscultuur, en macht en tegenmacht er geen plek is voor een ongekozen monarch.

Hoewel uit onderzoek blijkt dat de Nederlandse monarchie een van de duurste van Europa is en daarnaast de kosten niet eens transparant zijn vindt Sitalsing dit toch niet het hoofdargument tegen de monarchie. Dat is wel het democratische gemis. Ook vind ze het niet meer van deze tijd dat de kinderen van het staatshoofd gedetermineerd zijn en geen vrije keuze hebben om iets anders te doen.

Sitalsing heeft kritiek op de zogenaamde mediacode die in opdracht van het staatshoofd door de RVD eenzijdig wordt opgelegd aan de Nederlandse media. Op straffe van uitsluiting dienen ze daaraan te voldoen. Dat ziet ze als chantage door de monarchie, maar ook als zwakte van de Nederlandse media die zich bewust laten chanteren. Een en ander past volgens haar niet in een transparant land met een open bestuurscultuur. Zij meent ook dat de mediacode onnodig is omdat media voldoende waarborgen van een eigen journalistieke code hebben om dat te vermijden wat in de mediacode met overmacht wordt afgedwongen.

Eind 2020 bleek in een opiniepeiling van IPSOS in opdracht van Nieuwsuur dat het vertrouwen in koning Willem-Alexander fors is gedaald. De NOS zei in een bericht: ‘In april van dit jaar had nog 76 procent van alle Nederlanders tamelijk veel of veel vertrouwen in de koning, in december is dat nog maar 47 procent’. Als reden wordt het gedrag van  Willem-Alexander genoemd waar forse kritiek op kwam. Tekenend is Youp van ’t Hek die in zijn wekelijkse NRC-column de aanschaf van een 2 miljoen euro kostende speedboat door de koning ter discussie stelt. De later afgebroken reis naar Griekenland midden in de lockdown brachten de geloofwaardigheid en het inlevingsvermogen van het staatshoofd schade toe.

Het is de vraag of er al sprake is van een omslag in het denken over de rol en plaats van de monarchie. Dat er kritiek op de jetset-koning is die het liefst in het buitenland vakantie viert is duidelijk. Het is ook de vraag of de Oranjepropaganda die altijd zo sterk aanwezig was in de media, die zich gewillig lieten muilkorven, langzaam uitgewerkt begint te raken. De tijdgeest van transparantie, tegenmacht en een andere bestuurscultuur waar Sitalsing op wijst maakt steeds duidelijk hoe achterhaald de monarchie is. Die groeit door deze ontwikkelingen namelijk ‘uit de tijd’. Daarom is het moment gekomen om het pleidooi voor een Republiek serieus te nemen.

Is de tijd voor een breed maatschappelijk debat over de plaats van de monarchie binnen de Nederlandse samenleving aangebroken? Koning Willem-Alexander heeft de afgelopen jaren door zijn gedrag zijn eigen glazen en dat van de Nederlandse monarchie ingegooid. Het lijkt zelfs op een provocatie van iemand die er zelf graag het bijltje bij neergooit, maar dat nog niet goed aandurft. Hij wil de voorrechten van zijn functie niet combineren met de verplichtingen ervan. Dat wringt aantoonbaar en valt de Nederlandse bevolking steeds meer op. De volgende stap is dat het volk gevraagd wordt om zich er eens over uit te spreken wat voor staatsvorm Nederland dient te hebben. Dat debat is altijd van bovenaf gemanipuleerd. Dat past niet meer bij deze tijd. Ook in die zin ondermijnt de roep om een nieuwe bestuurscultuur de monarchie.

De ongeloofwaardigheid van Meghan Markle en prins Harry

Wat doet het met iemands karakter om tweede viool te moeten spelen? En (klein)kind van een beroemde ouder te zijn? Denk aan Ivanka of Donald Trump jr. Of een prins of prinses in een koningshuis die tandenknarsend en ontevreden met die positie achteraan in de lijn van de troonopvolging staat.

Deze (klein)kinderen maken zich groot door zich af te zetten tegen iets waar ze tegelijk krampachtig aan vasthouden omdat dat hun enige verdienste is. Hun enige manier om de roem van hun ouder die op hen afstraalt te verzilveren. Deze kinderen zijn tragisch in hun koersloosheid en afhankelijkheid.

De aandacht van de media voor deze kinderen heeft iets vals. Zeker als de (klein)kinderen zich tegen hun (groot)ouder verzetten. Denk aan de (klein)kinderen van nazi-leiders, zoals Ferdinand Von Schirach of Niklas Frank. Ofschoon ze een eigen carrière hebben weten op te bouwen. Maar dat kwam omdat het Derde Rijk na 1945 niet meer iets was om trots naar te verwijzen. Alleen afzetten ertegen werd aanvaard in de media en de politiek.

Nederland heeft trouwens met Maxima Zorreguieta een persoon in huis die zich het koningshuis heeft ingepitcht en zich sindsdien hult met de glorie van de Nederlandse monarchie. Of wat daar na alle uitglijers van over is. Opvallend is dat Maxima als echtgenote van het staatshoofd lijdt aan zelfoverschatting wat haar positie betreft. Het is staatsrechtelijke onzin dat ze haar schoonmoeder (prinses Beatrix) opvolgt zoals ze in 2013 zei. Ze heeft als staatshoofd geen duo-baan met koning Willem-Alexander. Máxima wordt koningin genoemd, maar dat is louter een aanspreektitel.

Het verhaal van Meghan Markle en prins Harry duidt op twee aspecten:
-1) Monarchie en erfelijke troonsopvolging zijn risicovol voor een land omdat er geen controle en toetsing op de kwaliteit van het staatshoofd en de directe omgeving van de koninklijke familie is. De grootste idioten en onbenullen kunnen er straffeloos deel van uitmaken. Feitelijk geldt dat trouwens ook voor iemand als Donald Trump jr. aan wie zijn vader geen verantwoordelijkheid toevertrouwt omdat hij hem zakelijk niet vertrouwt. Amerikanen zijn dol op dynastieën (Kennedy, Bush) die ze als koninklijk opvatten;
-2) De twee koningskinderen zijn in een mentaal niemandsland terechtgekomen waarin ze uitsluitend bekend zijn … omdat ze bekend zijn. Type BN’er van wie niemand weet wat hun expertise is, behalve hun vermeende bekendheid. Wie als uniek verkooppraatje tegen het Britse koningshuis aantrapt, waar het ook de positie van outsider aan heeft te danken omdat anders niemand aandacht zou hebben voor de niet heel bijzondere prins Harry, is ver afgedwaald. De media wrijven het er heerlijk in. Tegen fikse betaling van de media hebben Meghan en Harry de race naar de ongeloofwaardigheid definitief ingezet. Maar in de media wordt het uiteraard anders genoemd.

Republicanisme in Nederland groeit. Republikeins Genootschap ontwikkelt zich tot geloofwaardig alternatief

Men kan zich alleen maar verwonderen over het gebrek aan empathie van koning Willem-Alexander die middenin een gezondheidscrisis en een uitgestelde, maar onvermijdelijk komende economische crisis aan zijn eigen portemonnee denkt. De Nederlandse monarchie behoort tot een van de duurste van Europa, terwijl Nederland geen groot land is. De koning had voor kunnen stellen om pas op de plaats te maken en zijn uitkering niet te laten stijgen. Maar dat doet hij niet. Dat zijn onbarmhartige opstelling verband houdt met de afnemende populariteit van het koningshuis leidt geen twijfel.

Het Republikeins Genootschap (RG) ontwikkelt zich tot een serieuze oppositie van de Nederlandse monarchie. Voor het eerst sinds jaren biedt deze oppositie een geloofwaardig tegenwicht dat voorbijgaat aan het niveau van malloten, amateurs en politieke radikalinski’s. Het RG is een serieuze burgerbeweging. Het voert publieksacties en juridische processen. Deze petitie is er een uiting van.

Het is een lange weg om als deelnemer een gelijkwaardige rol op te kunnen eisen in het maatschappelijke debat over de vraag of Nederland het meest gediend is met een monarchie of een republiek. Dat debat is momenteel een taboe, maar komt geleidelijk dichterbij. Nederlandse politieke partijen en media kiezen tot nu toe in meerderheid ondubbelzinnig partij voor de monarchie. Dat is een bolwerk van Oranje propaganda dat niet zomaar omver gekegeld wordt.

De trend is duidelijk: de Nederlandse monarchie krijgt steeds meer kritiek en ondervindt steeds minder steun bij de bevolking. Niet in het laatst is het parvenu-achtig gedrag van de koning daar debet aan. Dat is naast een politieke ook een culturele aangelegenheid. Culturele veranderingen gaan langzaam, maar als ze eenmaal in gang zijn gezet, dan zijn ze lastig te keren. In die fase zijn we aangeland.

Zoals door de secularisering van Nederland het percentage van de bevolking dat verklaart zich niet te laten inspireren door godsdienst in een onomkeerbaar proces elk jaar met 1 of 2 procent toeneemt met nu een meerderheid van meer dan 54% (2019), zo brokkelt de steun voor de monarchie elk jaar af. Het is aan het RG om dat proces maatschappelijk, publicitair en politiek voeding en richting te geven. Zie het beleidspan 2021 – 2025 van het RG waar onderstaande afbeelding uit afkomstig is:

Foto 1: Schermafbeelding van deel petitieZet de koning op de Balkenendenorm’ van het RG op Petities.nl, 18 oktober 2020. (Vreemd afgekort tot ‘Balkenenden-orm’)

Foto 2: Schermafbeelding van de introductie in het beleidspan 2021 – 2025 van het RG (eind 2020 opgesteld).

Vertrouwen in Willem-Alexander is in 2020 fors gedaald. Dat biedt kansen voor een debat over de staatsvorm: Monarchie of Republiek

Volgens een opiniepeiling van IPSOS in opdracht van Nieuwsuur is het vertrouwen in koning Willem-Alexander fors gedaald. De NOS zegt in een bericht: ‘In april van dit jaar had nog 76 procent van alle Nederlanders tamelijk veel of veel vertrouwen in de koning, in december is dat nog maar 47 procent’. Een meerderheid die vertrouwen heeft in de koning is in 2020 veranderd in een minderheid. Als reden wordt het gedrag van  Willem-Alexander genoemd waar forse kritiek op kwam. Tekenend is Youp van ’t Hek die in zijn wekelijkse NRC-column de aanschaf van een 2 miljoen euro kostende speedboat door de koning ter discussie stelt. Voor een later afgebroken reis naar Griekenland midden in de lockdown die reizen naar het buitenland verhoogde Willem-Alexander evenmin zijn acceptatie.

Sinds 10 oktober 2020 ben ik lid van het Republikeins Genootschap. Dat heeft met Floris Müller een woordvoerder die de Republikeinse zaak redelijk kan bepleiten. Wat journalist Max Westerman in de video zegt verklaart grotendeels de tot voor kort grote steun voor de Nederlandse monarchie. Voor zijn zelfstandigheid en zijn gebrek aan onderdanigheid wordt hij gestraft met uitsluiting. Maar de Oranjepropaganda die altijd zo sterk aanwezig was in Nederland en in de media was verankerd lijkt uitgewerkt. De tijdgeest wijst de andere kant op. Daarom is het moment gekomen om het pleidooi voor een Republiek serieus te nemen.

In commentatoren noemde ik afgelopen jaren de hielenlikkers, pluimstrijkers, hermelijnvlooien, gladstrijkers en jaknikkers die de monarchie bewieroken. Sommigen ervan durven zichzelf journalist te noemen. Op 13 april 2020 schreef ik in een commentaar het volgende: ‘Maar één gegeven staat als een paal boven water. De bewieroking van de monarchie door de hielenlikkers, pluimstrijkers en hermelijnvlooien zal niet veranderen. Dat is in beton gegoten. Journalisten, kamerleden en opinieleiders blijven het koningshuis kritiekloos volgen. Op een uitzondering als Max Westerman na die de overdadige luxe van het koningshuis ter discussie stelt in een opinie-artikel. Het Nederlandse koningshuis is volgens onderzoek van de Gentse hoogleraar Herman Matthijs het duurste of op een na duurste van Europa. Na Noorwegen. Dat is bizar. Maar nog vreemder is dat er totaal geen politiek debat over is. Hoe kan dat? Nederlandse politici hebben over alles en nog wat een mening, of menen die te moeten hebben, maar over de monarchie zwijgen ze. Of worden ze tot zwijgen gebracht. Er is af en toe kritiek zoals in 2014 van het toenmalige Groningse PvdA-kamerlid Jan Vos. Maar hij moest van zijn eigen partij zijn kritiek inslikken.

Is de tijd voor een maatschappelijk debat over de zin en onzin van de monarchie aangebroken? Koning Willem-Alexander heeft door zijn gedrag in 2020 zijn eigen glazen en dat van de Nederlandse monarchie ingegooid. Het lijkt zelfs op een provocatie van iemand die er zelf graag het bijltje bij neergooit. Het is gewenst dat het nu aan het volk is om zich er eens over uit te spreken wat voor staatsvorm Nederland dient te hebben. Dat debat is altijd van bovenaf gemanipuleerd. Dat past niet meer bij onze tijd.

Toenemende aansporing aan de politiek om de Nederlandse monarchie te moderniseren en de kosten ervan omlaag te brengen

Hoogleraar staatsrecht Paul Bovend’Eert doet in een artikel in het AD interessante uitspraken over de modernisering van de monarchie. Aanleiding is de vakantie van de koning en zijn gezin in Griekenland. Hij kreeg daar kritiek op omdat het inging tegen de coronamaatregelen van het kabinet. Modernisering die overigens maar niet wil doorzetten omdat de wil van de politieke partijen daartoe lijkt tee ontbreken. Waarom is onduidelijk omdat koning Willem-Alexander zich in het verleden positief heeft uitgesproken over modernisering. Ofschoon het kan dat de koning in het openbaar wat anders zegt dan achter de schermen.

In het AD worden de standpunten van hoogleraar Bovend’Eert over de monarchie aldus geparafraseerd:

Dat lijkt een prima model voor modernisering. Het is aan de politiek om nu eindelijk eens door te pakken. De Nederlandse monarchie behoort volgens onderzoek uit 2009 van de Gentse hoogleraar Herman Matthijs tot de duurste van Europa. Dat is buiten proportie omdat Nederland een klein land is. Wat de kosten van de Nederlandse monarchie precies zijn valt lastig te zeggen, omdat het niet in het belang van de monarchie is om de kosten openbaar te maken. Openbaarmaking gebeurt tot nu toe niet, maar die transparantie is wel nodig.

Modernisering van de Nederlandse monarchie zou zowel de kosten zichtbaar moeten maken als het budget voor het koninklijk huis verkleinen tot een aanvaardbaar, lager niveau. Als vervolgens Willem-Alexander er de brui aan geeft omdat hij vindt dat hij te weinig geld uit de staatskas ontvangt, dan kan van Nederland een Republiek gemaakt worden. Zoals het al eerder in haar glorietijd van 1588 tot 1795 was. Dát is de identiteit van Nederland. Nederland is niet afhankelijk van een koning en zijn familie. Nederland is meer dan dat.

Foto’s: Schermafbeelding van delen van het artikelGoed mogelijk dat Oranjes er geen zin meer in hebben als ze minder geld krijgen‘ van Jeroen Schmale in het AD, 21 oktober 2020.

Nederland, God of Oranje. Waar hebben we het minste mee?

OMG (Oh Mijn God) in Amsterdam is een YouTube-kanaal dat levensvragen beantwoordt. Dominees van de protestante gemeente geven in ‘Dominuutje’ afwisselend een antwoord van zo’n minuut lang. Dit is een leuke vraag: ‘God, Nederland en Oranje zijn al heel lang met elkaar verbonden. Waar heb je het minste mee?

Bas van der Graaf doet er lacherig over, loopt even weg en komt dan tot zijn antwoord. Zijn rangorde is: 1) God; 2) Nederland en 3) Oranje. Een voor een dominee begrijpelijk antwoord. Het is een gewetensvraag voor allen. Mijn individuele rangorde is: 1) Nederland; 2) God en 3) Oranje. Hoewel ik twijfel tussen God en Oranje.

Mijn keuze voor de ‘God’ die ik als Nescio in Titaantjes opvat als de God van Nederland, als God die zich manifesteert in de mensen en de natuur, staat ver af van de God van het Nederlandse Protestantisme. Ook op een andere manier valt de God van Nederland samen met land en bevolking omdat die God een constructie is van de Nederlanders. Buiten die projectie is het bestaan van God niet aan te tonen. Die God is een projectie waarin de Nederlanders zo’n 15 eeuwen lang hun wensen, angsten, behoeften en verlangens afgebeeld hebben. Zeg maar hun dijkbewaking tegen de leegte van het leven. Die God valt samen met Nederland en is er niet in tegenstelling mee. Oranje valt in vergelijking met Nederland en God in een andere, ‘lagere’ categorie.

Waar Nederlanders zich eeuwenlang projecteerden in de God van Nederland, en de God van Nederland als kader, omlijning eeuwenlang Nederland hielp vormen, is Oranje een constructie (met Duitse elementen) die in de geschiedenis toch wat wezensvreemd is gebleven en gaten, haperingen, mankementen, onregelmatigheden en gekunsteldheden bevat. De paradox is dat de constructies ‘Nederland’ en ‘God van Nederland’ deugdelijker constructies zijn die natuurlijker en echter aanvoelen en juist daarom minder als constructies ervaren worden.

Coronacrisis geeft één zekerheid. Hielenlikkers, pluimstrijkers en hermelijnvlooien blijven de Nederlandse monarchie bewieroken

We kunnen niet voorspellen welke verandering de coronacrisis teweeg zal brengen. Commentatoren zijn het er over eens dat er iets zal veranderen, maar welke kant het opgaat is vooralsnog onduidelijk. Meer of minder populisme? Meer of minder uitvoering van klimaatmaatregelen? Meer of minder globalisering en outsourcing van productie naar lageloonlanden? Meer of minder inkomensongelijkheid, belastingontwijking en macht voor multinationals? Meer of minder samenwerking in de politiek? Meer of minder budget voor vitale beroepen? Meer of minder maatschappelijke saamhorigheid? Er is voorlopig geen zinnig woord over te zeggen.

Maar één gegeven staat als een paal boven water. De bewieroking van de monarchie door de hielenlikkers, pluimstrijkers en hermelijnvlooien zal niet veranderen. Dat is in beton gegoten. Journalisten, kamerleden en opinieleiders blijven het koningshuis kritiekloos volgen. Op een uitzondering als Max Westerman na die de overdadige luxe van het koningshuis ter discussie stelt in een opinie-artikel. Het Nederlandse koningshuis is volgens onderzoek van de Gentse hoogleraar Herman Matthijs het duurste of op een na duurste van Europa. Na Noorwegen. Dat is bizar. Maar nog vreemder is dat er totaal geen politiek debat over is. Hoe kan dat? Nederlandse politici hebben over alles en nog wat een mening, of menen die te moeten hebben, maar over de monarchie zwijgen ze. Of worden ze tot zwijgen gebracht. Er is af en toe kritiek zoals in 2014 van het toenmalige Groningse PvdA-kamerlid Jan Vos. Maar hij moest van zijn eigen partij zijn kritiek inslikken.

Kritiek op de monarchie is in Nederland een taboe dat door de coronacrisis niet veranderen zal. Wat resteert is gebazel over het staatshoofd, de kleding van zijn echtgenote, de vlag en het Wilhelmus. Er is geen debat over de vraag waarom de echtgenote van het staatshoofd een royale vergoeding krijgt, hoewel dat niet logisch is.

Het debat over de kosten is echter niet het fundamentele debat dat gevoerd moet worden. Dat is het debat hoe Nederland bestuurd moet worden en welk type staatshoofd daarbij past. Dat wordt door media en politiek krampachtig vermeden. Er is bij de onzekerheid door de coronacrisis één  zekerheid. De hielenlikkers, pluimstrijkers en hermelijnvlooien blijven amechtig de Nederlandse monarchie ophemelen en verheerlijken.

Prins Andrew is publicitaire ramp en goede reclame voor de republiek

In de huidige populaire cultuur brengen sportsterren, artiesten uit het lichte amusement of ‘royals’ de meeste publiciteit teweeg. Plus een vastgoedondernemer als Donald Trump die buiten zijn bedoeling om president van zijn land werd. Dat tekent onze samenleving. Wie nog niet cynisch was zou het er alsnog van worden.

Deskundigen zouden bij het grote publiek uit de gunst zijn, zo wordt beweerd. Zodat om die leemte op te vullen personen zonder deskundigheid tot de nieuwe deskundigen worden gebombardeerd. De ironie ontgaat de promotors van deze nieuwe deskundigheid. Want de zendtijd, de krantenkolommen en de ‘klikaas’-berichten op sociale media moeten worden gevuld en de suggestie van inhoud suggereren. Met wat is bijzaak. Kunstenaars, filosofen of wetenschappers hebben het nakijken. Ze komen er nauwelijks meer tussen.

Van sportsterren, artiesten uit het lichte amusement en BN’ers die alleen bekend zijn omdat ze bekend zijn zonder dat iemand begrijpt waarom ze bekend zijn, kan men nog zeggen dat ze hun status zelf verdiend hebben. Via het trainingsveld, het bed van een agent of hun handigheid om steeds weer hetzelfde kunstje te doen. Maar die ‘royals’ hebben zelf niks bereikt en liften mee op de status van hun familie. Waarvan overigens ook niemand meer begrijpt waar die familie die status door heeft gekregen. Of aan zichzelf heeft gegeven.

Erfopvolging is het zwakste aspect van de monarchie. Volgens critici zo’n fundamenteel zwak aspect dat het de bestaansreden ervan tot nul terugbrengt. Het systeem is het probleem. De leden van een koningshuis doen geen toelatingsexamen, zodat ook de zwakste, corruptste en domste individuen ertoe behoren. We kennen de namen: prins Laurent in België, prins Bernhard sr. en jr. in Nederland en prins Andrew in het Verenigd Koninkrijk. Het wordt er nog erger op als ze aan de macht zijn: Prins Mohammed bin Salman in Saoedi-Arabië.

Beschermers en ijveraars van de monarchie kunnen de rotte appels niet zomaar uit de mand gooien. Een oplossing is om ze formeel geen deel meer uit te laten maken van het koningshuis. Ze blijven dan nog wel onderdeel van de koninklijke familie. Prins Andrew, Duke of York, is nog wel lid van het Britse koningshuis en als derde kind van koningin Elisabeth op dit moment de achtste in de lijn van de troonopvolging. Als de zeven leden die hoger in die lijn staan om het leven komen, dan is Andrew de nieuwe Britse koning. Een sjacheraar, een wapenhandelaar, een klant van Jeffrey Epstein, een individu met de ontwikkeling van een middelbare school leerling die alleen vanwege zijn afkomst in 2013 werd benoemd in de Royal Society. Het laatste nieuws is dat Andrew niet wil getuigen tegenover de FBI in de zaak Epstein. Dat zet de spanning tussen de VS en het VK extra onder druk. Andere geschilpunten zijn Huawei en de privatisering van de National Health Service. Republikeinen mogen tevreden zijn met Andrew. Betere reclame tegen de monarchie dan hij bestaat niet.

Voorstel voor een permanente invulling van Oud Amelisweerd. Met aandacht voor topografie en het zwaartepunt op provincie Utrecht

Voorgeschiedenis en bestuurlijke afspraken
In 2018 ging de Stichting Museum Oud Amelisweerd (MAO) in landhuis Oud Amelisweerd failliet en liet schulden na. Het was vanaf het begin niet levensvatbaar. Dat had te maken met de lastige plek van een historische buitenplaats in een Bunniks bos, de strikte voorwaarden voor het uitbaten van een museum in verband met klimatisering, antiek 18de eeuws Chinees behang en het landgoed dat een rem op het bezoek zette, de slechte bedrijfsvoering en matige organisatie van Stichting MOA en de onvoldoende aansprekende en te smalle thematiek die was gebaseerd op het werk van de inmiddels overleden kunstenaar Armando. Hij nam gaandeweg afstand van de museumorganisatie waarmee hij een dubbelzinnige verhouding onderhield.

Gemeente Utrecht is eigenaar van het landhuis en heeft het onder beheer van het Centraal Museum en met medewerking van gemeentelijke diensten (Utrechtse Vastgoed Organisatie) en de Rijksdienst Cultureel Erfgoed met inzet van vele specialisten voorbeeldig gerestaureerd. De kosten voor Utrecht bedroegen € 1,66 miljoen wat de raad voldoende vond en het college in juni 2012 via de ingetrokken, maar door het college overgenomen motie 56 (Armando zonder overheidsgeld) tot de afspraak dwong dat er geen euro in de exploitatie gestoken zou worden. Dat hield ook in geen huurderving of culturele subsidies. Het Utrechtse college hield zich niet aan de afspraak toen wethouder Kees Diepeveen in december 2016 aan de gewraakte Stichting MOA een subsidie van 75.000 euro gaf. Die toekenning was tegen de afspraken in ondanks het feit dat de voorwaarden door de raad oneigenlijk waren opgerekt door later over ‘structurele subsidie’ te spreken.

In november 2016 vroeg de Utrechtse raad in motie 188 het college om ‘een toekomstbestendige en realistische openstelling van het landhuis Oud Amelisweerd’. Dat leidde tot een onderzoek en vergelijking van scenario’s. Opnieuw was het kostenaspect hierbij leidend. In die zin dat de gemeente Utrecht de financiële ruimte om het landhuis open te stellen en te beheren wilde maximaliseren op € 100.000 per jaar. Dit werd in juni 2017 vastgelegd in de aangenomen motie 111.

Huidige situatie
In november 2018 publiceerde de Utrechtse Vastgoed Organisatie het ‘SELECTIEDOCUMENT TIJDELIJKE EXPLOITATIE LANDHUIS OUD AMELISWEERD (BUNNIK)’. Dat begint zo: ‘De gemeente Utrecht zoekt een tijdelijke huurder voor de periode 1 maart 2019 tot 1 maart 2020 voor het Landhuis Oud Amelisweerd. (…). Uiteindelijk wil de gemeente vanaf 1 maart 2020 een nieuwe permanente invulling geven aan het landhuis.’ Het was op initiatief van Museum Huis Doorn dat gesteund door de partners van de Stichting Samenwerkende Kasteelmusea Utrecht (SSKU)  in juni 2019 een ‘popup museum’ inrichtte waarover werd gezegd dat het een tijdelijk karakter had. Objecten uit de depots van de vier verschillende kastelen worden er tentoongesteld. Een bericht van de DUIC van 26 april 2019 zegt: ‘Het Huis Doorn huurt het museum één jaar, met ruimte voor verlenging als de tentoonstellingen succesvol blijken’. Dat laatste lijkt niet volledig in lijn met het Selectiedocument dat vanaf 1 maart 2020 zegde een ‘nieuwe permanente invulling te geven aan het landhuis’.

Nieuwe permanente invulling
De ‘permanente invulling’ van landhuis Oud Amelisweerd heeft dus nogal wat voeten in de aarde. Een externe dynamiek is nodig om de patstelling te doorbreken die al sinds 2012 bestaat toen de Utrechtse raad besloot dat er geen euro in de exploitatie gestoken mocht worden. Die dynamiek kondigde zich afgelopen week aan met de berichtgeving in een uitzending van onderzoeksprogramma Zembla (BNNVARA) over de omstreden verkoop van de Atlas Munnicks van Cleeff door het Koninklijk Huis aan de Utrechtse ondernemer John Fentener van Vlissingen. Kunsthistoricus Rudi Ekkart verklaarde in de uitzending dat het het meest logisch zou zijn geweest als de 1600 topografische tekeningen en prenten van de stad Utrecht en omgeving uit de 17de en 18de eeuw in Het Utrechts Archief (HUA) zouden zijn terechtgekomen. Aan de Utrechtse Hamburgerstraat heeft HUA een tentoonstellingsruimte. In een debat beweerde premier Rutte dat de Atlas eerst aan Utrechtse culturele instellingen was aangeboden, maar zij lieten desgevraagd aan Zembla weten nooit benaderd te zijn. Over deze kwestie hebben D66 en Groenlinks, evenals SP afgelopen week kamervragen gesteld aan Rutte.

Zo kondigt zich een mogelijkheid aan om met als kern de Atlas Munnicks van Cleeff een nieuwe invulling voor landhuis Oud Amelisweerd te vinden. Historisch sluit de Atlas goed aan bij het 18de eeuwse Chinese behang en de historisch buitenplaats. Omdat de Atlas in particulier bezit is dient nog wel overeenstemming bereikt te worden over bruiklenen of toekomstige verkoop aan HUA. Premier Rutte heeft wat goed te maken in dit dossier en kan zijn goede wil tonen door de familie Fentener van Vlissingen een ruimhartige fiscale tegemoetkoming over toekomstige erfbelasting aan te bieden als het de Atlas verkoopt aan het HUA zodat deze collectie voor Nederland bewaard blijft. HUA is het archief van de stad en de provincie Utrecht zodat ook de provincie in beeld komt als partner die betrokken wordt bij de exploitatie van landhuis Oud Amelisweerd.

Uitwerking
De rest is uitwerking. Zo zijn er geklimatiseerde vitrines met een beperkt lichtniveau nodig om de tekeningen en prenten te tonen. Ze kunnen vanwege de kwetsbaarheid voor licht vermoedelijk niet langer dan 6 weken achtereen getoond worden. HUA is een archief dat geen museum is en ook niet de kennis en denkwijze van een museum in huis heeft, maar een digitale voorsprong heeft genomen in presentaties die het een zekere reputatie heeft opgeleverd. Juist dat is in het lastig te klimatiseren landhuis Oud Amelisweerd prima inzetbaar en kan een mooie aanvulling geven aan de tekeningen en prenten. Voor de museale component kan samenwerking met het Centraal Museum gezocht worden, de voormalige beheerder van Oud Amelisweerd.

Hedendaagse kunst van Utrechtse (provincie) kunstenaars kan samen getoond worden met een selectie uit de Atlas Munnicks van Cleeff. Beide illustraties van Utrechtse kunstenaars bij dit commentaar geven aan wat kan. Een mogelijkheid is om de topografie van Utrecht als uitgangspunt te nemen. Zodat inwoners van de provincie Utrecht hun stad, dorp of buurtschap belicht kunnen zien. Ook via een website die als verlengde van de tentoonstelling fungeert. Een en ander kan gethematiseerd en uitgewerkt worden in een museumbeleid dat bijzondere aandacht besteedt aan topografie en landkaarten. Ook in historisch en mentaal opzicht. Dit benadrukt halverwege kunst en realiteit de feitelijkheid van kunst. Dat kan goed aansluiten bij een educatief programma voor scholen omdat topografie zich hier bijzonder voor leent. Zoals gezegd, met digitale hulpmiddelen. De tentoonstellingsruimte van HUA in de Hamburgerstraat kan aanvullend gebruikt worden door objecten te tonen die vanwege de klimatisering niet in Oud Amelisweerd getoond kunnen worden. Samenwerking met de collectie en de conservator Stadsgeschiedenis van het aan dezelfde Lange Nieuwstraat gelegen Centraal Museum kan voor verdere verdieping en maatschappelijke en politieke borging zorgen.

Foto 1: Isabel Ferrand, wereldkaart World Lace samengesteld uit 1300 porseleinen tegeltjes, 2013.

Foto 2: Harmen Brethouwer, Hurricane (in de serie: Delft Waves Suite), 2004. Inkjetprint op forex.