Zijn hoge kosten voor Nederlandse monarchie verdedigbaar als de steun ervoor afbrokkelt?

Leuke video van RTL Nieuws/ RTL Z. Het prikt niet zozeer de mythe van het economische belang van Nederlandse monarchie voor BV Nederland door, maar stelt die wel ter discussie.

De monarchie van het betrekkelijk kleine Nederland is relatief duur. Het meer dan viermaal zo grote Duitsland heeft mindere kosten dan de Nederlandse monarchie. Overigens is het vergelijkend onderzoek naar Europese koningshuizen van de Gentse hoogleraar Herman Matthijs waarnaar in de video verwezen wordt niet optimaal en geeft het de regering een ontsnappingsmogelijkheid om niet in te grijpen en in de bijdrage te snijden van de staat aan de monarchie, zoals al in 2010 uit het antwoord van de toenmalige regering op kamervragen bleek. Het is een politieke keuze om niet in de vergoedingen van staat aan monarchie te snijden.

Over de opbrengsten van de Nederlandse monarchie bij buitenlandse handelsmissies is geen diepgaand onderzoek gedaan. Er is dan ook weinig zinvols over te zeggen. Republieken zouden niet minder succesvol zijn in hun handelsmissies, maar dat is opnieuw appels met peren vergelijken. Er valt eigenlijk niks negatiefs, maar evenmin iets positiefs te zeggen over de inzet van de Nederlandse monarchie bij buitenlandse handelsmissies. Een gunstig effect op de Nederlandse economie van handelsmissies waaraan de koning deelneemt valt niet vast te stellen.

Meten is weten, en niet meten is niet weten. Er zijn geen harde cijfers over kosten en opbrengsten van de Nederlandse monarchie. Men kan zich afvragen of dat toeval is of dat informatie door regeringen bewust vaag wordt gehouden. Hoewel zeker lijkt dat de Nederlandse monarchie waarschijnlijk absoluut en zeker relatief, duur is vergeleken met andere Europese monarchieën en republieken.

De keuze voor de staatsvorm speelt niet alleen op economisch, maar ook op maatschappelijk, mentaal en politiek vlak. Wat mag een mythe kosten? Dat geeft al aan dat het maken van een vergelijking over de kosten van de staatsvorm er niet makkelijker op wordt. Wat we wel kunnen zeggen is dat hoe meer de Nederlandse monarchie aan maatschappelijke steun verliest en als zinvol voor Nederland wordt gezien, hoe lastiger het voor de zittende regering is om vol te houden dat de relatief hoge kosten het waard zijn en niet naar beneden kunnen worden gebracht. Uit peilingen van de afgelopen jaren blijkt afnemende steun voor koning en koningshuis.

Een 15-jarig meisje werd seksueel uitgebuit door twee mannen onder wie een student rechten. Wat is een gepaste straf tussen vergelding en vergiffenis?

Schermafbeelding van deel artikelCelstraffen voor seksuele uitbuiting van 15-jarig meisje uit Drachten‘ van RTL Nieuws, 15 juli 2021.

De rechter ziet de ironie niet van de eigen opstelling. Het gaat om de uitbuiting van een 15-jarig meisje. Ze werd door twee mannen van 22 jaar seksueel uitgebuit. Ze hadden zelf seks met het meisje, boden haar aan op seksadvertenties en reden haar naar afspraken voor betaalde seks, waarna ze deelden in de opbrengst, aldus RTL Nieuws. De hoofdverdachte is veroordeeld tot 18 maanden cel, waarvan 8 voorwaardelijk.

Maar dan komt het: ‘De andere verdachte moet 79 dagen de cel in, omdat zijn aandeel kleiner was. Ook speelt mee dat zijn veroordeling sowieso al enorme gevolgen heeft voor zijn toekomstige maatschappelijke carrière. Hij studeert nu nog rechten‘.

Dat is een vreemde redenering die in de richting van klassenjustitie gaat. Het gaat immers niet om een incidentele misstap of uitglijder door de student rechten, maar om een patroon van kwalijke handelingen. De rechter noemt het mensenhandel. Dat is niet niks. De student kwam blijkbaar pas tot inkeer toen hij werd vervolgd. Is dat tijdig genoeg voor clementie van de samenleving?

Tja, vooropgesteld, iedereen in Nederland heeft na een misstap recht op een tweede kans. Dus straks loopt er wellicht een jurist rond die in zijn jeugd een 15-jarig meisje heeft uitgebuit en daar gedurende een langere tijd seksueel en financieel van heeft geprofiteerd.

Dat ‘Hij studeert nu nog rechten‘ geeft spanning aan het bericht van RTL Nieuws. Komen de student en zijn ouders tot het inzicht dat iemand die dit uitgevreten heeft nooit meer een geloofwaardige verdediger van de rechtsorde kan worden?

Men mag alleen maar hopen dat de student op geen enkele manier, dan wel als advocaat, dan wel als zittende magistraat, betrokken raakt in de rechterlijke macht. Dat zou niet alleen ongepast zijn, maar getuigen van ironische perversie.

Hoe zit het met de tweede kans voor het 15-jarig meisje? Is ze voor jaren getraumatiseerd door het misbruik door de twee mannen? Maar men mag evenmin hopen dat de student rechten om tot zelfkennis te komen switcht naar een studie psychologie en in de toekomst degene is die een volwassen vrouw die als 15-jarige meisje door twee mannen werd uitgebuit bijstaat in het verwerken van haar jeugdtrauma. Wat voor gesprek kan dat worden?

Machtsconflict in top van het Van Gogh Museum komt in openbaarheid. Directeur Gordenker heeft machtsstrijd van commerciële poot gewonnen

Schermafbeelding van deel artikelCommercieel directeur Van Gogh Museum weg na conflict‘ van RTL Nieuws, 28 juni 2021.

Gedonder bij het Van Gogh Museum. Algemeen directeur Emilie Gordenker trad in februari 2020 aan en vond dat het museum te commercieel was. Dat blijkt uit onderzoek van RTL Z waarover RTL Nieuws bericht. Ze voerde veranderingen door waarbij het belang van de commerciële dochter Van Gogh Museum Enterprises (VGME) werd afgeschaald. Voormalig directeur Ricardo van Dam van VGME is vanwege de herstructurering vertrokken. Ook andere MT-leden vertrokken, maar Gordenker ontkent dat dat een gevolg is van de herstructurering.

Dit conflict viel te verwachten. Het Van Gogh Museum liet zich de afgelopen jaren kennen als de hoer van de Nederlandse museumsector die zich voor veel geld verkocht. Dat was onprettig om te zien.

In september 2020 twijfelde ik over de koers van Gordenker en schreef in een commentaar het volgende:

'Wat is er aan de hand met de marketing (buying & merchandise, logistiek, retail, wholesale, licenties, e-commerce en new business) van het Van Gogh Museum? Dat lijkt alle terughoudendheid verloren te hebben, de kant van de commercie te hebben gekozen en zo het museum overgeleverd te hebben aan de meest biedende. Is dat in de geest van Vincent van Gogh? Of dat iets te maken heeft met een verschoven evenwicht in de directie waar Emilie Gordenker sinds 1 februari 2020 directeur is roept deze ontwikkeling op. Hoewel het commerciële denken al langere tijd in het managementteam vertegenwoordigd is. Ricardo van Dam is sinds 1 april 2017 directeur Van Gogh Museum Enterprises en heeft het vak geleerd op Schiphol met opdrachten op het gebied van commercie en businessmodellen'.

Ik was te ongeduldig. In september 2020 had Gordenker de machtsstrijd met Van Dam nog niet beslist. Ze zat er toen nog middenin. Zo’n machtsstrijd is taai en kan lang duren als medewerkers zich juridisch ingraven. Naar verluidt is de strijd pas begin 2021 beslist met het vertrek van Van Dam. RTL Nieuws zegt daarover: ‘Toen hij een beëindigingsvoorstel niet accepteerde, stapte het museum naar de rechter om hem te ontslaan’. Dat is uiteindelijk gebeurd.

Het was schaamteloos commercieel wat het van Gogh Museum de laatste jaren deed door relaties met bedrijven te zoeken die geen inhoudelijke relatie met Van Gogh hadden. Het Van Gogh Museum lanceerde in 2018 samen met het van oorsprong Californische Vans schoenen en een kledinglijn. En er zijn meer voorbeelden. In een commentaar van augustus 2018 zei ik daarover het volgende:

Het museum heeft de afdeling ‘Van Gogh Museum Enterprises’ die samen met bedrijven ‘branded producten’ ontwikkelt die zijn geïnspireerd op Van Goghs werk. Vans Global Marketing Manager Samantha Goretski verwoordt het in het filmpje vanuit Vans’ perspectief: ‘unfolding art as a fundamental vehicle for creative exploration’. Kunst ontplooien als fundamenteel middel voor creatieve verkenning. Het museum laat zich deze holle marketingtaal aanleunen.

Herstructering binnen een museum geeft altijd gedonder. Teleurgestelde medewerkers die dreigen ontslagen te worden weten altijd wel een nieuwsmedium te vinden die hun grieven en visie in de publiciteit weergeeft. Het bericht van RTL Nieuws zet de toon door directeur Gordenker af te schilderen als een potentaat door wie het hele MT zou zijn vertrokken. Gordenker ontkent dat.

In dit geval lijkt het gelijk echter ondubbelzinnig aan de kant van directeur Gordenker te liggen. Of ze de luxe had om tactisch te handelen om de commerciële poot VGME en Ricardo van Dam te breken die een machtspositie binnen het museum had verworven valt van een afstand lastig in te schatten. Hopelijk kan met het afschalen van het commerciële streven van het museum het aanzien van het museum weer op een hoger niveau worden getild.

Schaamteloze commercie zoals het Van Gogh Museum die bedreef zou voor geen enkel serieus kunstmuseum een aannemelijke optie moeten zijn. Maar niet alle museumdirecteuren doorzien dat. Ze laten zich verblinden door het geld dat zo’n commerciële afdeling binnenharkt. Maar daarmee verkoopt een museum zijn ziel.

In kwestie Omtzigt kiest RTL Nieuws partij voor CDA-top

Schermafbeelding van deel artikelCDA-top zinspeelt op breuk met Omtzigt: ‘De vraag is niet of, maar wanneer‘, RTL Nieuws, 11 juni 2021.
Update: In een brief die Pieter Omtzigt op Twitter heeft gezet verklaart hij 'met pijn in het hart' zijn lidmaatschap van het CDA op te zeggen. Hij geeft aan de intentie te hebben om terug te keren als zelfstandig Kamerlid. Maar hij zegt nog geen besluit te hebben genomen 'hoe hij zijn politieke toekomst gaat vormgeven'. 

Bij het artikelCDA-top zinspeelt op breuk met Omtzigt: ‘De vraag is niet of, maar wanneer’‘ van 11 juni 2021 op de Facebook-pagina van RTL Nieuws dat als inleidende zin heeft ‘Een breuk lijkt onvermijdelijk‘ plaatste ik onderstaande reactie. Ik vind dat RTL Nieuws hiermee en met andere artikelen over de kwestie Omtzigt de normen van zorgvuldige journalistiek uit het oog verloren heeft. Het vereenzelvigt zich met de positie van het CDA en conformeert zich aan de opvattingen van deze partij:

Het is opmerkelijk dat RTL Nieuws met dit bericht verder gaat dan verslaggeving of analyse en zichzelf tot deel laat maken van de politiek. Dat is onverstandig van de hoofdredactie van RTL Nieuws en niet de taak van de journalistiek. 

RTL Nieuws moet geen partij kiezen in de kwestie Omtzigt en zich tot spreekbuis laten maken van de CDA-top, maar op afstand blijven. Nu stelt RTL Nieuws zich op als deelnemer in een lopend debat. Omdat RTL Nieuws dat doet op een onverholen, om niet te zeggen schaamteloze partijdige wijze valt het des te meer op. 

De rol van voormalig CDA-voorlichter Frits Wester die in het artikel sprekend wordt opgevoerd kan niet ongenoemd blijven. Het lijkt er sterk op dat hij meerdere petten op heeft. Hoe dan ook heeft hij de schijn tegen en zou juist hem hierover niet om een mening gevraagd moeten worden. Hij is zowel parlementair verslaggever van RTL Nieuws als CDA-lid. In 2006 verklaarde hij in te zijn voor een staatssecretariaat namens die partij.

RTL Nieuws citeert anonieme bronnen binnen het CDA en geeft hun mening weer als een voldongen feit. RTL Nieuws stelt dat er een breuk tussen Omtzigt en het CDA is die niet ter repareren valt. Het netwerk van Frits Wester is de argumentatie die deze mening moet onderbouwen. Jos Heymans herhaalt de stemmingmakerij tegen Omtzigt in een column van 12 juni 2021 met de titel ‘Omtzigt heeft niets meer te zoeken bij het CDA’. RTL Nieuws kiest partij.  

Je zou hieruit bijna een andere titel destilleren om het niveau van de journalistiek van RTL Nieuws te karakteriseren: ‘Journalistiek heeft in kwestie Omtzigt niets meer te zoeken bij RTL Nieuws’.

RTL Nieuws laadt de verdenking op zich dat het zich door de partijtop van het CDA laat sturen in het beschadigen van Omtzigt. RTL Nieuws speelt blijkbaar maar al te graag een rol in de volgende fase van de fluistercampagne van de CDA-top tegen Omtzigt. 

Tegelijk werpt het zich op als instrument in de crisiscontrole van het CDA om de publicitaire schade voor de partij te beperken. RTL Nieuws helpt door de afleiding over Omtzigt eraan mee om de negatieve publiciteit over het CDA en het onvast en onhandig opereren van partijleider Hoekstra te neutraliseren. 

RTL Nieuws leent haar kolommen om in een partijpolitieke kwestie stelling te nemen. Zowel de analisten en verslaggevers maken zich tot spreekbuis van de top van het CDA. Zelfs de doorgaans gebruikelijke slagen om de arm ontbreken. Dat is geen journalistiek, maar politiek activisme. RTL Nieuws overtreedt in de kwestie Omtzigt de journalistieke zorgvuldigheid. Dat is ongewenst en ongelukkig. 

Als RTL Nieuws zich tot een evenknie van de activistische Telegraaf wil maken, dan is het daarin succesvol wat de opinievorming over het CDA betreft. Wellicht is dit geen opzet, maar een ongelukkige samenloop van omstandigheden die hiertoe heeft geleid. Inclusief de dubbelrol van Frits Wester.

Toch wijst het patroon dat volgt uit meerdere artikelen over de kwestie Omtzigt – CDA op een opvallende politieke stellingname van RTL Nieuws. De keuze is aan RTL Nieuws of het hierover partijdig of onpartijdig wil informeren. Nog is het niet te laat om tot bezinning te komen en weer terug te keren naar de normale journalistieke normen.

RIVM en Volksgezondheid dachten in februari 2020 dat COVID-19 minder dodelijk was dan griep. Dat onderscheidt hen niet van complotdenkers

Groot nieuws. Complotdenkers zitten niet alleen in rechts-radicale netwerken op sociale media, maar ook op sleutelposities binnen de overheid. Dat vraagt om nader onderzoek.

Dat zit zo. Uit vrijgegeven stukken van de ICCb, de Interdepartementale Commissie Crisisbeheersing blijkt volgens de berichtgeving van RTL Nieuws dat nog op 26 februari 2020 het ministerie van Volksgezondheid en het RIVM dachten dat COVID-19 minder dodelijk zou zijn dan de griep.

Niet alleen achteraf bleek dat onjuist te zijn, maar ook in februari 2020 bleek dat al onjuist. COVID-19 eist meer slachtoffers en is besmettelijker.

Zo geeft een wetenschappelijk artikel van 24 februari 2020 de schatting dat COVID-19 meer dan 20 maal dodelijker is dan de griep. Hoe kan het dat dit niet tot RIVM en het Ministerie van Volksgezondheid was doorgedrongen?

Ook ik ben van mening dat COVID-19 vele malen dodelijker is dan de griep. Of dat meer dan 20-maal is of iets meer of minder zal blijken uit de jaarstatistieken die nog niet afgerond zijn. Het overzicht van de John Hopkins University komt nu (4-12-2020) tot 1.508.906 geregistreerde doden ten gevolge van COVID-19. Omdat er om politieke redenen in landen als Iran, de Russische Federatie of Noord-Korea, maar deze landen niet alleen, sprake is van onderregistratie geven de globale cijfers nog niet het totale aantal doden weer. De statistieken zijn dus vervuild. Dat moet straks per land geëxtrapoleerd worden in de statistieken. Waarschijnlijk zullen we de precieze aantallen nooit weten.

De WHO geeft als schatting van het aantal doden ten gevolge van de jaarlijkse griepgolf 290.000 to 650.000. Omdat het seizoen nog tot februari 2021 loopt (in februari 2020 begon de telling) en de cijfers nog niet actueel zijn zal dat nog hoger worden dan 1,5 miljoen. Hoe dan ook klopt de inschatting van RIVM en het ministerie van Volksgezondheid van 26 februari 2020 niet dat COVID-19 minder dodelijk is dan de griep. Ik ben van mening dat deze instanties met de kennis van toen hadden moeten kunnen weten dat COVID-19 dodelijker was dan de griep.

Het ging in februari 2020 niet zozeer om de actuele doden, maar om de inschatting van de doden die nog ten gevolge van COVID-19 zouden sterven. Bedenk ook dat er veel overheidsgeld is besteed om de pandemie te beteugelen. De inschatting van meer dan 20 maal zo dodelijk is moet dan ook gerelateerd worden aan een ’normale’ bestrijding zoals bij de jaarlijkse griepgolf. Als die factor straks minder dan 20 blijkt te zijn, kan dat mede komen door de extra bestrijding van de pandemie, zonder dat dat volgt uit de medische aard van het virus.

Het is niet niks om het etiket complotdenken te plakken op twee gerespecteerde instanties die aan de Nederlandse overheid verbonden zijn. Ik kom mede tot die kwalificatie vanwege de gelijkenis met president Trump. Terwijl hij in dezelfde maand februari 2020 bij herhaling in de publiciteit zei dat de griep dodelijker was dan COVID-19 bekende hij in interviews met Bob Woodward gedurende die periode voor diens boek ‘Rage’ dat hij wel degelijk wist dat COVID-19 dodelijker was, maar dat ontkende om de bevolking niet ongerust te maken. Dat betekent dat de in de beeldvorming slecht geïnformeerde Trump die zijn stukken niet leest in februari 2020 beter geïnformeerd was het RIVM en Volksgezondheid. Welnu, als we Trump een complotdenker noemen, dan moeten niet te schijterig zijn om die kwalificatie niet ook aan het RIVM en Volksgezondheid te geven.

Een en ander geeft ook aan dat RIVM en Volksgezondheid in februari 2020 nauwelijks wisten waar ze mee te maken hadden. Dat gebrek aan urgentie verontrust nog het meest voor wie de fouten van het RIVM over de mondkapjesplicht en van Volksgezondheid over de krakkemikkige aanpak van de testcapaciteit daar bij optelt.

Foto: Schermafbeelding van deel artikelMinisterie dacht nog in februari dat coronavirus minder dodelijk was dan griep’ van RTL Nieuws, 3 december 2020 (aangepast).

Beoordeelt adviescommissie Erfgoed van het AFK aanvragen wel volgens de juiste criteria? Over Museum Ons’ Lieve Heer op Solder

Daar gaat ie weer. Gedoe over de eisen aangaande diversiteit en inclusie die gesteld worden aan culturele instellingen. Daar in volop ongenuanceerde kritiek op. Maar soms maken adviescommissies het wel bont omdat ze hun eigen criteria niet goed toepassen. Dan wordt kritiek wel erg makkelijk. Dat is jammer.

Het advies over een subsidieaanvraag van Museum Ons’ Lieve Heer op Solder van een commissie van het Amsterdams Fonds voor de Kunst (AFK) over de periode 2021-2024 leest als een cultureel misverstand, maar ook als een verkeerd afgesteld bestuurlijk instrument van deze commissie. Het museum vroeg € 695.344 aan en het advies houdt het op € 604.272 per jaar dat echter niet toegekend wordt omdat er ‘onvoldoende budget beschikbaar is om de aanvraag te honoreren’. Wat is dan eigenlijk het nut van een advies van zo’n commissie?

In de toelichting staat dat de gemeente Amsterdam aan alle instellingen die in aanmerking willen komen voor een vierjarige Kunstenplansubsidie vraagt een actieplan op te stellen over diversiteit en inclusie. De gemeente volgt hierbij de Code Diversiteit & Inclusie. Dat gaat over verschillen in gender, beperking, seksuele oriëntatie, religie, sociaaleconomische status, opleidingsniveau en leeftijd. Dat gaat verder dan denken over huidskleur.

Gisteren beweerde ik in een kritisch commentaar ‘Misleiding over identiteitspolitiek maakt kapot, nu is de kunst aan de beurt. Een afwijkende mening van Roderick Veelo over codes’ over een opinie van Roderick Veelo over vermeende identiteitspolitiek in de kunsten het volgende: ‘Men kan zich wel afvragen in hoeverre de beoordelaars bij fondsen die nieuwere CD&I [= Code Diversiteit & Inclusie] al hebben verinnerlijkt of dat ze nog mentaal aanhaken bij de oudere CDD [= Code Culturele Diversiteit]. Want de CDD is opgegaan in de CD&I, dus door het accent te leggen op de normen van de CDD kan in theorie toch verdedigd worden dat de CD&I wordt gevolgd. Want een oordeel is per definitie subjectief en niet te kwantificeren.’

Ik word op mijn wenken bediend. Het advies van de commissie van het AFK doet niet alleen de vraag rijzen volgens welke code deze adviescommissie de aanvragen beoordeelt, maar doet sterk vermoeden dat het de oude code is. Vandaar mijn observatie dat de adviescommissie bestuurlijk verkeerd staat afgesteld. Het zegt zich op de nieuwere CD&I te beweren, maar werkt praktisch, maar vooral mentaal nog volgens de oude CDD.

Want hoe kan anders de volgende zin in het advies over Museum Ons’ Lieve Heer op Solder verklaard worden? ‘De voorzichtige terminologie die het museum op dit punt van de aanvraag bezigt (ook de term bicultureel valt) wekt bij de commissie de indruk dat het museum niet voluit inzet op het werven van mensen van kleur en/of met een totaal andere dan een Nederlandse achtergrond.

Wat voor gedachtepatroon valt hieruit te herleiden? Of anders gezegd, welk vooroordeel van de commissie verraadt deze zin? Er blijkt niet alleen uit dat verschillen eenzijdig worden beredeneerd vanuit een verschil in huidskleur, maar ook dat het immigranten die integreren in de Nederlandse samenleving afzet tegen mensen met een Nederlandse achtergrond. Dit wij/zij-denken is vreemde acrobatiek van het AFK. In een pleidooi voor diversiteit scherpt het verschillen aan. Want heeft niet iedereen in Nederland een Nederlandse achtergrond?

Wie de adviezen van het Fonds Podiumkunsten legt naast die van het AFK ziet een wereld van verschil in kwaliteit. Het Fonds Podiumkunsten treft weliswaar kritiek vanwege de afwegingen die als onevenwichtig beoordeeld kunnen worden, maar valt niet te betrappen op de slordigheden, onnauwkeurigheden en onhandige formuleringen van het AFK. De vraag die alleen al dit flodderachtige advies van de commissie van het AFK over Museum Ons’ Lieve Heer op Solder oproept is wie de adviescommissie instrueert en beoordeelt.

Foto’s: Schermafbeelding van delen advies ‘Museum Ons’ Lieve Heer op Solder’ over een subsidieaanvraag van adviescommissie Erfgoed van het Amsterdams Fonds voor de Kunst over de periode 2021-2024. De adviescommissie Erfgoed bestaat uit Rocky Tuhuteru (Voorzitter), Agnes Grondman, Elles van Vegchel, Wim Manuhutu, Nicolette Bartelink en Behrang Mousavi. 

Misleiding over identiteitspolitiek maakt kapot, nu is de kunst aan de beurt. Een afwijkende mening van Roderick Veelo over codes

Er bestaat bij opinieleiders onduidelijkheid over de toepassing van de Code Diversiteit & Inclusie die bij de toekenning van overheidssubsidies voor de kunst wordt gehanteerd. Onlangs was dat weer actueel bij de toekenning van de subsidies van het Fonds Podiumkunsten. Dat was toch al een beschamende bedoeling omdat vele positief beoordeelde gezelschappen en groepen geen geld toegekend kregen omdat … dat op was.

RTL-commentator Roderick Veelo is er in het opinie-artikelIdentiteitspolitiek maakt alles kapot, nu zijn de kunsten aan de beurt’ een voorbeeld van. Hoewel zijn onbegrip en foute weergave gespeeld kunnen zijn om een politiek punt te maken. Hoe dan ook lijkt Veelo niet uit te gaan van de realiteit, maar van zijn stokpaardjes over identiteitspolitiek. Het wordt er absurd op als hij verwijst naar de Code Diversiteit & Inclusie (CD&I) en dat reduceert tot ‘verschillen op basis van huidskleur, afkomst en gender’. In welk jaar leeft Veelo?

(Overigens ben ik een criticus van identiteitspolitiek als die gebruikt wordt om te verdelen en niet om te verbinden. Zo’n nieuwe apartheid die maatschappelijke scheidslijnen probeert te verwijderen door die te bevestigen doet niet wat het beweert te doen. Ofschoon ik begrijp dat enige positieve discriminatie nodig is om verschillen weg te werken. Als dat tot nieuwe uitsluiting en hegemonie, zelfs tot nieuw racisme leidt, dan schiet het zijn doel voorbij. De beste manier om deze verdelende identiteitspolitiek te neutraliseren is een combinatie van verbeterde sociaal-economische omstandigheden en verhoogd sociaal-cultureel bewustzijn.)

In theorie is de CD&I breder en vervangt het de oude Code Culturele Diversiteit (CDD). Alle verschillen tussen mensen worden er onder verstaan. Zoals gender, beperking, seksuele oriëntatie, religie, sociaaleconomische status, opleidingsniveau en leeftijd. Men kan zich wel afvragen in hoeverre de beoordelaars bij fondsen die nieuwere CD&I al hebben verinnerlijkt of dat ze nog mentaal aanhaken bij de oudere CDD. Want de CDD is opgegaan in de CD&I, dus door het accent te leggen op de normen van de CDD kan in theorie toch verdedigd worden dat de CD&I wordt gevolgd. Want een oordeel is per definitie subjectief en niet te kwantificeren.

Wegen beoordelaars een subsidieaanvraag die in bereik, productie en organisatie verwijst naar iemand met een handicap even zwaar als een aanvraag die verwijst naar iemand met een niet-witte huidskleur?

De kritiek die de lezing van adviezen oproept is een andere dan die van Veelo, namelijk het sterke accent dat op marketing wordt gelegd. Munitie voor die stelling geven de subhoofdstukken PUBLIEKSFUNCTIE in de MEERJARIGE SUBSIDIES 2021-2024 FONDS PODIUMKUNSTEN. Het is de vraag of in de adviescommissie onder leiding van oud-museumdirecteur Valentijn Byvanck de expertise over marketing goed is vertegenwoordigd. Want de twee ‘zakelijke leiders’ in de commissie, te weten Jessica de Jaeger en Renée Trijselaar zijn nog geen experts op het gebied van marketing en publieksbereik. Hoewel mogelijk deze adviseurs geadviseerd zijn door echte marketingsdeskundigen maken die laatsten niet de afweging. Wie toetst met welke expertise wat?

Dat leidt tot dit soort observaties (Instant Composers Pool): ‘De marketingactiviteiten staan in het plan beschreven als een zeer korte opsomming van acties. De commissie vindt echter geen aanknopingspunten hoe deze acties stapsgewijs tot de gewenste publieksgroei moeten leiden.’ De adviescommissie vindt geen aanknopingspunten. De vraag of dat iets over de ICP of de commissie zegt doet afbreuk aan de adviezen.

Foto: Schermafbeelding van deel artikelIdentiteitspolitiek maakt alles kapot, nu zijn de kunsten aan de beurt’ van Roderick Veelo op RTL Nieuws, 6 augustus 2020

Media blunderen door anti-islam-tweet van Wilders voor te stellen als anti-D66-tweet

Nederland is een beetje in rep en roer omdat Twitter de PVV’er Geert Wilders tijdelijk heeft geblokkeerd. Aanleiding is een tweet met de volgende inhoud: ‘Laten we altijd opstaan tegen de sukkels van @D66 die de grenzen open laten en meer en meer islam importeren om vervolgens krokodillentranen te huilen over de gevolgen daarvan zoals antisemitisme, eerwraak, vrouwenbesnijdenis, terrorisme en haat’. Hoelang Wilders’ schorsing duurt is vooralsnog onbekend. Twitter voert als reden ‘hatelijk gedrag’ (hateful conduct) aan.

Het is begrijpelijk dat rechtse media als DDS dit uitvergroten en framen als een partijtje vrij worstelen van Wilders met D66 dat immers hun favoriete schietschijf is. Maar het is onjuist om deze tweet te lezen als ‘anti-D66-tweet’. Want het is een anti-islam-tweet. Het bericht gaat niet over D66, maar over de islam. Wilders wil dat het als anti-D66-tweet wordt geframed waarin hij zijn meer controversiële anti-islam boodschap ‘netjes’ kan verpakken. Het valt niet in te zien waar het hatelijk gedrag tegenover een politieke partij als D66 uit zou bestaan. De reden die Twitter daarover aanvoert zegt niets over hatelijk gedrag tegenover een politieke partij. Maar wel over dat gedrag tegenover mensen op basis van onder meer ras, nationaliteit, geloof en etniciteit.

Wie de koppen in de media over de schorsing leest ziet dat het Geert Wilders evenals de spindoctors en waterdragers van de PVV gelukt is om hun framing aan de media op te leggen. Ze kunnen lachen in hun vuistje. Wilders kan in de slachtofferrol kruipen zonder dat zijn racistisch en discriminerend gedrag aan de kaak wordt gesteld. De schorsing door Twitter wordt niet genoemd wat het echt is en zoals het in de richtlijnen van Twitter over hatelijk gedrag verwoord wordt. Media als NOS en RTL Nieuws trappen in Wilders’ framing en missen de essentie van zijn tweet. Ze zijn in de val getrapt en doorgronden niet wat er staat.

Zonder nadenken maken media van een anti-islam-tweet een anti-D66-tweet. Zalig is het land waar de media slapend hun werk doen en zich de framing door Wilders van een tweet domweg in de maag laten splitsen.

Foto 1: Schermafbeelding van deel artikelBLOCK! Twitter bant Geert Wilders vanwege “haatzaaiende” anti-D66-tweet’ op DDS, 31 mei 2019.

Foto 2: Schermafbeelding van deel artikelWilders: geblokkeerd door Twitter na bericht over D66’ op NOS, 31 mei 2019.

Foto 3: Schermafbeelding van deel artikelWilders: geblokkeerd door Twitter na bericht over D66’ op RTL Nieuws, 31 mei 2019.

Verslaggeving Nederlandse media over Mueller-rapport stemt tot nadenken over middelen en gestelde eisen aan correspondenten

Nederlandse media hebben het moeilijk in hun kleinschaligheid. Wereldwijd moeten correspondenten verslag doen van kwesties waar ze onvoldoende kennis van hebben, maar hun hoofdredactie verwacht toch een verslag. Hoewel ze zich snel in kunnen lezen is dat oneerlijk en zou zoiets niet van deze journalisten geëist moeten worden. De hoofdredactie zou deze correspondenten óf van voldoende middelen moeten voorzien óf minder van hen moeten verlangen. Een hoofdredactie kan in alle redelijkheid niet verlangen dat een correspondent zich naast alle andere lopende zaken tot in de details verdiept in een specialistische kwestie die raakt aan juridische en constitutionele finesses, en complexe aspecten van geopolitiek, nationale veiligheid, contraspionage en partijpolitiek en ook nog eens tot een evenwichtige en kwalitatief hoogstaande duiding komt. Dat is vragen om ongelukken zoals bovenstaande video van RTL Nieuws aantoont.  Het gaat om het onderzoek van speciale aanklager Robert Mueller dat in mei 2017 begon en nog niet volledig is afgerond.

In de VS media zijn het specialisten die hierover op televisie, op blogs en in kranten het debat vormgeven: juridische hoogleraren, oud-aanklagers, oud-medewerkers van de inlichtingendiensten, politici die lid zijn van commissies op het onderzoeksgebied dat Mueller onderzocht en vakjournalisten die zich uitsluitend hiermee bezighouden. In debatten met elkaar zetten ze de puntjes op de i. Het springende punt is niet zozeer dat de Nederlandse media niet kunnen tippen aan dat niveau en zich noodgedwongen grotendeels baseren op deze opiniemakers, maar van de weeromstuit net doen alsof ze ook kundig zijn. Ze spelen Amerikaantje. Maar dat blijft vorm en buitenkant. Hoe dat kan ontsporen bleek toen de Nederlandse journalisten in de dagen na 24 maart de VS media napraatten en de fout ingingen toen de VS media die ze volgden ook de fout ingingen. Mijn reactie bij de video:

De commentator mist de essentie van de conclusies van de door minister Barr geredigeerde versie van het Mueller-rapport als hij zegt dat de conclusie ‘no collusion’ is, en die conclusie ook terecht is. Zijn weergave van de feiten en de duiding ervan kloppen niet.

Zijn conclusie is om zes redenen onjuist:

1) het team van de speciale aanklager heeft het niet over ‘collusion’ omdat dit geen juridische term is, maar over ‘conspiracy’. Dus samenzwering. Uit het ontbreken van ‘conspiracy’ kan men niet afleiden dat er geen sprake van ‘collusion’ is. Voorbeeld, als iemand van een zwaar misdrijf wordt vrijgepleit betekent dat niet dat die persoon van een lichter misdrijf wordt vrijgepleit. Iemand die geen moordenaar is kan toch een inbreker zijn. Barr en Trump schreeuwen van de daken dat Mueller zegt ’no collusion’, maar zowel letterlijk als volgens de strekking van het rapport zegt Mueller dat geenszins.

2) de twee componenten, te weten ‘conspiracy’/‘collusion’ en ‘obstruction’ hangen hecht samen. In het Mueller-onderzoek volgt het een uit het ander. Concreet, de obstructie door Trump zadelde Mueller met inhoudelijke en juridische beperkingen op waardoor hij over de ‘conspiracy’ niet tot conclusie kon komen die zonder obstructie door Trump gedetailleerder, ruimer en ongetwijfeld vernietigender geformuleerd had kunnen worden. Ofwel, Trump heeft het onderzoek in hoge mate gefrustreerd door tegenwerking zodat Mueller geen voldoende data kon verzamelen om tot een afrondende conclusie over ‘conspiracy’ te komen.

3) naast het onderzoek door de speciale aanklager naar het criminele gedrag van Trump en zijn medewerkers bevat het onderzoek ook een ‘counterintelligence’ component die vanwege de gevoelige aard ervan geheim is, door de FBI wordt uitgevoerd en niet publiekelijk wordt gepubliceerd. Deze component gaat met name om de vermeende samenzwering van Team Trump met het Kremlin. Gezien de aard van dit ‘conterintelligence’ onderzoek dat nog gaande is en inzoomt op de relatie van Team Trump met het Kremlin zijn daar naar verwachting de meest verregaande conclusies over ‘conspiracy’ te verwachten.

4) uit de vele aanklachten door Mueller van de afgelopen 22 maanden van Russen, maar ook Trumps voormalige campagnemanager Paul Manafort is nauwgezet af te leiden dat er een hoge mate van samenwerking en verstandhouding was tussen leden van Team Trump en vertegenwoordigers van de Russische overheid.

5) het Mueller-rapport mag op dit moment veel publiciteit trekken, maar is niet het enige onderzoek dat tegen Trump loopt. Er lopen nog tientallen andere onderzoeken naar allerlei aspecten van de criminele handel en wandel van Trump en zijn bedrijven. Met name het onderzoek door de procureur van het Southern District of New York (SDNY) waar Trumps zakenimperium is gevestigd wordt voor Trump als gevaarlijker beschouwd dan het Mueller-onderzoek. Het SDNY benadert de Trump organisatie met zogenaamde RICO-wetgeving die in het verleden ook werd ingezet tegen maffia-organisaties die uiteindelijk ontmanteld werden. Dat lot wacht Trumps organisatie ook. Het onderzoek spitst zich toe op de samenwerking van Trump sinds de jaren ’80 met de Russische maffia en witwaspraktijken, bankfraude en belastingontduiking door de Trump Organisatie bij de verkoop van vastgoed. Die samenwerking met Russische en andersoortige vertegenwoordigers uit de invloedssfeer van de vroegere Sovjet-Unie is een duidelijk geval van ‘collusion’. Feitelijk valt het buiten het Mueller-onderzoek, maar gezien de beperkingen in zijn opdracht heeft Mueller onderdelen van het onderzoek ondergebracht bij lokale procureurs.

6) de opdracht aan Mueller voor zijn onderzoek was beperkt en betrof de criminele en andersoortige relaties van Trump met de Russische overheid. Daarnaast was Mueller in zijn mandaat niet autonoom, maar afhankelijk omdat hij resorteerde onder het ministerie van Justitie en verantwoording af moest leggen aan de top van dat ministerie. Zoals hij in zijn rapport aangeeft hing zijn positie aan een dun draadje. Dat was gedurende lange tijd onderminister Rod Rosenstein en sinds enkele maanden minister William Barr. Beide Republikeinen, zoals Robert Mueller en vele andere hoofdrolspelers in dit onderzoek ook Republikeinen zijn. De strekking van Muellers onderzoek was dus relatief beperkt evenals zijn zelfstandigheid om het onderzoek uit te voeren. Daarnaast is de wetgeving met name waar het de onaantastbare positie van een zittende president betreft, waarmee Mueller en zijn team te maken hadden, zo streng en was de taakopvatting van Mueller zo hoog en vol redelijkheid dat hij de lat heel hoog heeft gelegd om te concluderen dat er geen sprake van ‘conspiracy’ was. Maar het feit dat Mueller om diverse redenen niet besloot om Trump aan te klagen voor ‘conspiracy’, wil nog lang niet zeggen dat hij geen aanwijzingen voor ‘conspiracy’ heeft gevonden. Laat staan dat Trump zou zijn vrijgepleit van het ruimere begrip ‘collusion’.

DDS is agitatie voorbij en in een glijvlucht richting amusement en tijdverdrijf terechtgekomen waarbij desinformatie vooral verwart

Je kunt er op twee manieren tegenaan kijken. Of het radicaal-rechtse opinieplatform De Dagelijkse Standaard (DDS) dat zich identificeert met alt-right doet vol opwinding en spektakel aan opruiing en volksmennerij en zet de achterban bekwaam op tegen de gevestigde macht. Of DDS is de agitatie en politieke voorlichting voorbij en is in een glijvlucht richting amusement en tijdverdrijf terechtgekomen waarbij desinformatie het unieke verkooppunt is. DDS informeert de achterban zo slecht dat het die achterban niet machtigt voor de strijd met de macht, maar juist verzwakt. Dit is des te schrijnender omdat het marketingbedrijf MediaBookers meent dat het lezerspubliek ‘hoger opgeleid’ is. De claim dat de artikelen en interviews voor ‘deining in medialand’ zorgen maakt het er nog onwaarachtiger op. DDS met hoofdredacteur Michael van der Galien lijkt nog vooral in gesprek met zichzelf te zijn, zelfs niet met de achterban die op de koop toe wordt genomen.

DDS heeft het financieel lastig omdat grote adverteerders zijn afgehaakt, maar toch is het opvallend dat Vattenfall-dochter NUON adverteert op DDS. Vattenfall dat in een recent NRC-artikel wordt beschuldigd van bevoordeling van Siemens door onregelmatigheden bij aanbestedingen en het onder druk zetten van het eigen personeel om aan die fraude mee te werken. Die dochter NUON van dat Vattenfall adverteert dus op DDS.

In het artikelTrump-hater Erik Mouthaan slaat weer toe: ‘Als het sneeuwt kan het klimaat niet veranderen?’’ van 11 februari 2019 richt Van der Galien zijn pijlen op Erik Mouthaan, de VS-correspondent van RTL Nieuws. Wat zijn vijandigheid verklaart is onduidelijk. Dat Mouthaan wel eens is aangeschoven bij MSNBC-presentator Rachel Maddow die in haar show nauwgezet de onderzoeken tegen president Trump volgt en analyseert verklaart mogelijk Van der Galiens schuim op de lippen. De lezer van DDS is het kind van de rekening bij het vereffenen van deze persoonlijke rekening en moet het als ‘hoger opgeleid lezerspubliek’ doen met zo’n artikel dat de lezer informeert noch middelen tot desinformatie biedt, maar vooral in verwarring brengt. Dat kan niet de opzet van een geslaagde agitator zijn die de gevestigde orde wil afbreken. Met dank aan NUON.

Foto 1: Schermafbeelding van deel artikelTrump-hater Erik Mouthaan slaat weer toe: ‘Als het sneeuwt kan het klimaat niet veranderen?’’ van Michael van der Galien op DDS, 11 februari 2019.

Foto 2: Schermafbeelding van informatie van MediaBookers over adverteren op DDS.

Foto 3: Schermafbeelding van advertentie ‘Nuon Powerdeal: € 250,- korting en 5% Blijven Loont-korting op stroom’ van NUON zoals die door doorklikken wordt opgeroepen op 11 februari 2019 bij het artikelTrump-hater Erik Mouthaan slaat weer toe: ‘Als het sneeuwt kan het klimaat niet veranderen?’’ op DDS, 11 februari 2019.

Foto 4: Schermafbeelding van mijn reactie bij het artikelTrump-hater Erik Mouthaan slaat weer toe: ‘Als het sneeuwt kan het klimaat niet veranderen?’’ van Michael van der Galien op DDS, 11 februari 2019.

Zie hier voor stemgedrag van senator Amy Klobuchar in het 115de en 116de congres (januari 2017 – heden).