Avondshow van Arjen Lubach bekritiseert lintjesregen en monarchie

VPRO’s ‘De Avondshow met Arjen Lubach‘ is van maandag tot en met donderdag te zien op NPO1. Het lijkt te vaak te veel uitzendtijd voor de tekstschrijvers om constant een hoog niveau te handhaven. Zouteloosheid en gebrek aan scherpte is het gevaar.

Vooral de gesprekken aan het eind met cabaretiers, omroepcoryfeeën en VPRON’ers (Bekende Nederlanders voor een VPRO-publiek) zijn doorgaans nietszeggende invulling van de tijd. Waarom boekt het programma geen kunstenaars, wetenschappers en eigenzinnige individuen? Waarom moet dit gesprek in het frame van het cabaret of het lichte amusement gegoten worden?

Is het een voorwaarde van de netmanager om het populair en eenvoudig te houden zodat de gemiddelde NPO1-kijker het kan volgen? Mag als compromis tussen netmanager en de programmaleiding van de VPRO tijdens het hele programma de lat niet te hoog liggen om het brede publiek niet af te stoten? Het studiopubliek doet trouwens elke avond weer kritiekloos een poging om de applausmachine te verslaan, maar beseft onvoldoende dat het zo de nuance verslaat.

Te vaak ontbreekt de urgentie om naar het programma te kijken. Minder uitzenddagen zou raadzaam zijn zodat de kwaliteit op een hoger peil gebracht kan worden. Dat past blijkbaar niet in het format van NPO1. Er is geen tussenweg tussen marginale en brede programmering. Juist van die tussenweg zou gezien de niet onbegrensde middelen het team van Lubach kunnen profiteren. Er zouden daarom óf meer middelen moeten worden vrijgemaakt óf het tempo van de uitzendingen moet omlaag.

Ondanks die kritiek opereert presentator Arjen Lubach zienderogen met plezier en vergroot samen met zijn begeleidend team steeds meer het vakmanschap. Als het wel lukt en hij goede teksten en onderwerpen in de mond gelegd krijgt die perfect worden geserveerd, dan behoort De Avondshow tot het beste wat de Nederlandse omroep te bieden heeft.

Zo’n pareltje en voor Lubach en zijn team een terugkerend thema is het koningshuis. Mede gezien het profiel van een breed publiek van NPO1 zal het beseffen het niet te vaak te kunnen gebruiken. Maar het is een kernthema waarin het hart van Lubach en zijn team klopt.

Republikeinen zijn in opmars en de populariteit van het Nederlandse koningshuis neemt gestaag af. De nu beter dan sinds lange tijd goed georganiseerde Republikeinen hebben aan zelfvertrouwen gewonnen en demonstreren komende Koningsdag in Maastricht langs de route onder het motto ‘Willem de Laatste?‘, aldus een bericht van RTL Nieuws. Volgens voorzitter Floris Müller van Republiek zijn veel mensen klaar met het koningshuis. Uit een peiling van Ipsos in opdracht van de NOS bleek in 2021 nog maar 57 procent tevreden is met de Nederlandse monarchie.

Aanzwellende kritiek op het koningshuis geeft dit onderwerp rugwind en vindt nu daarom ook een steeds gewilliger oor bij een breed publiek. Juist dan kan De Avondshow zijn maatschappelijke nut bewijzen door te wijzen op aspecten die doorgaans op de publieke omroep een breed publiek niet in een kritische vorm bereiken. Dat is de winst van het compromis tussen verdieping en verbreding om in te spelen op een breed publiek.

Het is de hoogste tijd dat kritiek op het koningshuis op de publieke omroep klinkt omdat nog slechts een kleine meerderheid tevreden is met de Nederlandse monarchie. Dat is een kwestie van representatie van overtuiging. Weliswaar is de Oranjepropaganda nog de norm op media en in de publieke opinie. Het heeft nog steeds vele malen meer zendtijd en promotors die de monarchie verdedigen, dan de relativering van de waarde ervan.

Een kritische uitzending van De Avondshow maakt weinig verschil. Het tekent wel de geleidelijke wordende volwassenheid van de publieke omroep dat het ook kritiek op het koningshuis voor een breed publiek laat doorklinken. Eindelijk.

Meesterlijk is de afsluiting van het fragment over de Lintjesregen met een conclusie die dwingend, sluitend en onafwendbaar is: ‘Die hele lintjesregen is gewoon één grote PR-stunt voor het koningshuis. Het is heel goed om mensen in het zonnetje te zetten, maar daar hebben we die fucking koning toch niet voor nodig‘.

Advertentie

Gekte van het staatshoofd

File photo. Russian President Vladimir Putin arrives for a ceremony marking the promotion of senior officers to higher ranks in the Kremlin in Moscow, Russia, 6 November 2019. [Kremlin pool/EPA/EFE]

Aan erfopvolging kleeft hetzelfde bezwaar als aan dictatorschap. Het is niet hetzelfde, maar er zijn overeenkomsten.

Erfopvolging is de regeling die binnen een monarchie of dynastie geldt dat bij overlijden of aftreden van een heersende monarch de opvolging via de wet onderling wordt geregeld. Dus zonder inspraak van het volk werd toenmalig koningin Juliana opgevolgd door haar oudste dochter Beatrix die op haar beurt werd opgevolgd door haar oudste zoon Willem-Alexander.

Het bezwaar is tweeledig. Het is niet democratisch omdat niet iedereen tot het ambt van staatshoofd kan worden geroepen. Ook kan de troonopvolger incapabel of middelmatig zijn, terwijl aan het belangrijke ambt van staatshoofd hoge eisen gesteld zouden moeten worden.

Hoe dat fout kan gaan tonen allerlei voorbeelden aan. Gekte of incompetentie in de monarchie wordt er kwalijk op als het op de erfopvolger gaat die op een gegeven moment tot staatshoofd wordt benoemd of dicht bij de troon staat en sterke invloed op het staatshoofd heeft. Denk aan Prins Bernhard die nu toch als een charlatan, oplichter en leugenaar wordt gezien. In een normaal, democratisch proces was hij vermoedelijk niet door de screening gekomen.

Presidenten of staatshoofden die te lang bleven zitten zijn niet beter dan incompetente of middelmatige monarchen. President Donald Trump wilde zelfs met illegale middelen zijn vier jaar presidentschap met vier jaar extra oprekken. Dat is hem in 2020 niet gelukt, maar kan hem in 2024 wellicht wel lukken.

Met dictators of autoritaire leiders gaat het er nog slechter aan toe. Denk aan de Sovjet-dictator Stalin die een schrikbewind voerde en miljoenen mensen liet vermoorden of verhongeren of de Chinese leider Mao die ook boven de realiteit verheven was. Of de omhooggevallen korporaal Adolf Hitler die zijn land naar de ondergang voerde. Intellectueel komt dit type leider van ver en blijft dat gebrek aan ontwikkelingen aan hen kleven. Het zullen altijd zwakke sterke mannen zijn. Ze kunnen zichzelf niet overstijgen.

Nu hebben we de Russische leider Vladimir Poetin die sinds 2000 aan de macht is zonder dat het volk hem in eerlijke, open verkiezingen heeft gekozen. Hij had zich daarvoor nooit als opmerkelijk bewezen, behalve manipulatie en ambitie om de top te halen. De consensus is dat hij in zijn eerste jaren redelijk functioneerde en zijn land uit de chaos van de jaren 1990 voerde. Maar zoals bij alle autoritaire leiders komt er dan onherroepelijk een kantelpunt dat de nadelen van zo’n langzittende leider groter worden dan de voordelen. Maar omdat er geen mechanisme bestaat om zo iemand te lozen. gaat het van kwaad tot erger. In vol daglicht.

De invasie van Oekraïne met inzet van overweldigend militair geweld wordt als een daad van gekte gezien. Dat is het kantelpunt van Poetins politieke, intellectuele en psychische ontwikkeling. Wat hij doet is niet alleen in strijd met het internationaal recht, maar ook met realistische politiek die het landsbelang vooropstelt. De Russische Federatie wordt door het huidige leiderschap in het Kremlin niet naar de toekomst gevoerd, maar naar het verleden. De eigen rancune legt hij zijn land op. Maar het is de vraag of dat nog lang gepikt wordt.

Poetin stelt vanuit wrok en vijandschap zijn eigenbelang voorop. Hij is compleet losgezongen van de werkelijkheid. Geholpen door een kliek van meelopers, een propaganda-apparaat dat elke tegenstem laat zwijgen en met misleiding de waarheid verdraait, en een sterke krijgsmacht en geheime dienst die het recht uit de loop van een geweer laten komen. De tegenkrachten die in een samenleving voor redelijkheid, compassie en rechtvaardigheid moeten zorgen zijn uitgeschakeld. Dat is een onheilspellend scenario voor een land dat zich politiek, economisch en mentaal niet weet te ontwikkelen. Maar vanwege de kurk van gas- en olie-inkomsten toch blijft drijven. Zo wordt een land een psychisch niemandsland.

Monarch of president, niet altijd is de laatste geschikter dan een monarch. Feitelijk functioneren langzittende autoritaire leiders met dictatoriale trekjes als Poetin, Xi Jinping of Kim Jong-un door hun politieke macht en maatschappelijke isolatie slechter dan plichtmatige monarchen die op een troon zitten waar ze evenmin als de dictators op zijn gekozen.

Het is de vraag wat de beste regeringsvorm is om deze aberraties van een incompetente monarch of een dictatoriale autoritaire leider te voorkomen. Trump geeft het tegenvoorbeeld, evenals de monarchen die als een relict uit een ver verleden in Europese democratieën ceremonieel staatshoofd zijn. Hoe dan ook, laten we in onze oren knopen dat Poetin en koning Willem-Alexander een positie als staatshoofd innemen die ze in de schoot is geworpen. Dat is vragen om problemen.

Daniela Hooghiemstra én Johan Derksen menen dat Willem-Alexander vanwege zijn individualisme niet optimaal functioneert

Wat hebben Jelle van Baardewijk in gesprek met schrijver en columniste Daniela Hooghiemstra over haar boek: ‘Om de liefde, voor de troon‘ en het Team van Veronica Inside met elkaar te maken? Op het eerste gezicht weinig, maar bij nader inzien heel veel.

Hooghiemstra’s boek gaat over prinses Irene die trouwde met de Spaanse troonpretendent Carlos Hugo van Bourbon-Parma. Maar Carlos Hugo werd het niet, Juan Carlos wel.

Zowel Hooghiemstra als de mannen van Veronica Inside gaan niet mee in de bewieroking van de Nederlandse monarchie. Integendeel, ze zijn er kritisch op. Hooghiemstra vanuit het hoofd, Veronica Inside met Johan Derksen in de spits vanuit de onderbuik. Beide uitingen versterken elkaar.

Als Willem-Alexander niet enthousiast is over Nederland, dan kunnen burgers niet enthousiast over hem zijn. Dat inzicht sijpelt steeds meer door in de publieke opinie. Daar zijn deze twee uitingen de uitdrukking van.

Of men het nou eens is met deze critici is niet eens van belang. Het gaat erom dat in de publieke opinie de Nederlandse monarchie vanuit de macht beschermd wordt. De pers is wat het koningshuis betreft gelijkgeschakeld en heeft zich laten breidelen. Daarom zijn deze kritische geluiden verfrissend. Ze komen niet van hielenlikkers die zich onderwerpen.

Eerder dit jaar schreef ik in een commentaar: ‘Van de Nederlandse monarchie ben ik geen fan, maar de onderdanigheid van de hielenlikkers vind ik nog moeilijker te verteren. Als republikein of monarchist kun je om politieke redenen tegen of voor de monarchie zijn. Dat is een standpunt. Maar de hielenlikkers gaan verder en verliezen zichzelf in onderworpenheid. Dat past niet bij een volwassen democratie met mondige burgers.

Deze kritiek valt steeds meer in vruchtbare bodem Volgens een opiniepeiling van IPSOS in opdracht van Nieuwsuur van december 2020 is het vertrouwen in koning Willem-Alexander fors gedaald. De NOS zei in een bericht: ‘In april van dit jaar had nog 76 procent van alle Nederlanders tamelijk veel of veel vertrouwen in de koning, in december is dat nog maar 47 procent’. Een meerderheid die vertrouwen heeft in de koning is in 2020 veranderd in een minderheid.

Na 35’40” in het interview voor De Nieuwe Wereld gaat het over de rol van koning Willem-Alexander die Hooghiemstra vergelijkt met zijn moeder: ‘Willem-Alexander die had daar eigenlijk geen zin in. Het heeft echt wel even geduurd voordat hij zich kon verenigen daarmee en hij heeft toen wel een belangrijke opmerking gemaakt tegen Paul Witteman. Hij heeft toen gezegd als het Nederlandse volk niet accepteert met wie ik wil trouwen, dan word ik geen koning‘. Dit geeft aan dat de koning niet veel zin had in zijn functie en zijn eigen individualisme belangrijker vindt dan de functie van staatshoofd. Dat lijkt niet veranderd te zijn.

De volgende logische stap is dan om Willem-Alexander van zijn functie te bevrijden, de erfopvolging af te schaffen en van Nederland een republiek met een president als staatshoofd te maken. Dat heeft niet eens te maken met de vraag of een monarchie of republiek het best bij Nederland past. De vaderlandse geschiedenis wijst uit dat Nederland een verleden heeft met succesvolle republikeinse en monarchistische perioden en vertegenwoordigers. Republiek en monarchie passen beide bij de Nederlandse geschiedenis, volksaard en traditie.

Als men stelt dat Nederland recht heeft op een staatshoofd dat volledig gaat voor de functie en er zin in heeft om die functie te vervullen, dan is Willem-Alexander een mismatch. Als staatshoofd is hij niet de optimale combinatie.

Vanuit hoofd en gevoel wijzen Hooghiemstra en Johan Derksen op exact hetzelfde, namelijk dat koning Willem-Alexander zich vooral opstelt als individu die ook nog eens liefst in het buitenland vakantie viert en niet het optimale staatshoofd is dat Nederland nodig heeft. Nu neemt Nederland genoegen met een staatshoofd die het dienen van Nederland als tweede keus ziet en niet echt zin heeft in het vervullen van zijn functie. Het is geen wonder dat zo’n afstandelijke houding van de koning steeds meer kritiek oproept.

Willem-Alexander is de beste dubbelganger van zichzelf. Hij en de familie Van Oranje zijn niet wat ze beweren te zijn

Hoe noem je een lookalike of dubbelganger die totaal niet lijkt? Een plaatsvervager? Artiestenbureau JB Productions maakt publiciteit voor iemand van wie het claimt dat die op koning Willem-Alexander lijkt. Naar eigen zeggen was hij te zien in campagnes voor De Staatsloterij, Ter Stal, Toto, Burger King en Albert Heijn. Artiestenbureau JB Productions zegt over zichzelf ‘al 32 jaar uw partner voor het boeken van artiesten, winkelcentrum promotie, huren van attracties, kindershows en Sinterklaas entertainment en Kerst entertainment‘ te zijn.

De tragiek van het Nederlandse koningshuis is dat koning Willem-Alexander de beste dubbelganger van zichzelf is. Het verschil tussen schijn en wezen is immens. De kloon van Artiestenbureau JB Productions komt niet in de buurt van wat Willem-Alexander is.

Het kenmerk van de Nederlandse monarchie is de gespletenheid ervan. Een voorbeeld daarvan is de omgang met kunstbezit dat goed de mentaliteit verraadt. De koninklijke familie claimt belang te hechten aan kunst en als vertegenwoordiger daarvan heeft het de kunstminnende prinses Beatrix naar voren geschoven omdat ze op goede voet zou staan met allerlei kunstenaars. Maar tegelijk liegt, fraudeert, steelt en verkoopt de monarchie op slinkse wijze kunstbezit dat het zichzelf heeft toegeëigend en zeer vermoedelijk rijksbezit is. Dus van u en mij.

Onderzoeksjournalisten van onder meer Zembla en NRC hebben afgelopen jaren misstanden en financiële en juridische scheve schaatsen van leden van de koninklijke familie blootgelegd. Het heeft de Tweede Kamer in beweging gebracht. Want wat rijkseigendom is moet niet door de familie van Oranje ontvreemd kunnen worden.

Het recent verschenen boek Tussen Kunst en Cash van NRC-journalisten Arjen Ribbens en Pieter van Os zet de malversaties door leden van het Nederlandse koninklijke huis op een rijtje in het hoofdstuk ‘Familie Van Oranje’. Ook voor iemand die de feiten al kent is voor het aanzien van de Nederlandse monarchie de opsomming vernietigend om te lezen.

Eruit blijkt dat de leden ervan worden gedreven door hebzucht, elk ontbrekend respect voor kunst en erfgoed, de brutaliteit en arrogantie om procedures opzij te zetten en mensen die van hen afhankelijk zijn voor hun karretje te spannen en het totaal gemis aan verbondenheid met de Nederlandse kunst, geschiedenis en samenleving. Het beeld ontstaat dat het eigen welzijn en het spekken van de bankrekening het enige is dat telt voor de familie Van Oranje. Botheid, lompheid en intimidatie van ‘onderdanen’ blijkt een Oranje-traditie te zijn. Die verhuld wordt voor de Nederlanders.

Onrecht kan nooit in zichzelf bestaan. Dat wordt pas mogelijk als anderen het mogelijk maken. In dit geval degenen die óf tegen hun zin onder druk worden gezet door de familie Van Oranje om frauduleus te handelen óf uit vrije wil de nabijheid van de kroon zoeken om daar enig voordeel uit te kunnen halen. Dat houdt in dat de Nederlandse monarchie niks is als de samenleving er afstand van neemt en niet accepteert.

Oranjepropaganda is het tegengif tegen deze kritische houding. De meer populaire media worden door de Rijksvoorlichtingsdienst gemuilkorfd door een mediacode en journalisten van serieuze media worden gefêteerd en uitgenodigd door de monarchie zodat elke neiging om kritiek te hebben door Oranje wordt geneutraliseerd.

Hoe dat werkt en hoe ver die steun kan gaan bleek toen prinses Beatrix in 2013 aftrad en ze werd bewierookt in de media. PowNews noemde toen de ‘Beatrix-journalistiek’: ‘Historisch slechte televisie’. Ribbens en Van Os hebben met terugwerkende kracht met hun boek de eer van NRC gered die de toenmalige Vlaamse hoofdredacteur Peter Vandermeersch in 2013 door zijn kritiekloos pro-Oranje mediaoptreden te grabbel gooide.

In een commentaar schreef ik op 30 april 2021:

Wat me elke keer weer verbaast als er een koningsdag of een andere festiviteit is waarbij de leden van de monarchie opdraven is de schaamteloosheid van de gladstrijkers, hermelijnvlooien, jaknikkers, hofmuizen en hielenlikkers van Oranje die zich naar voren dringen om zich te onderwerpen. Waarom doen ze het? Wat winnen ze erbij? Zijn ze betoverd door de magie van de operette waarvan ze hopen dat die op hen afstraalt en niet meer verantwoordelijk voor hun daden?'
Dit gedrag is bevreemdend. Ik kan er niet aan wennen. Hoeveel kritiekloze aandacht voor het koningshuis kan de weldenkende burger aan? Wat heeft dit gedrag nog te maken met een volwassen democratie met mondige burgers die menen zich in de nabijheid van de troon te moeten aanstellen als clowns of ondergeschikten bij wie door een hersenoperatie het zelfbewustzijn is verwijderd?

Wat moet Nederland met een door een artiestenbureau het land ingestuurde slecht lijkende dubbelganger van koning Willem-Alexander die aan het hoofd staat van een controversiële familie, om het neutraal en netjes te zeggen? Het valt het artiestenbureau niet kwalijk te nemen dat het inspeelt op een behoefte die blijkbaar in Nederland bestaat. Het raadsel is waarom de Nederlandse samenleving nog interesse wil tonen in een familie die de kantjes er zo afloopt. Als het een gewone familie was geweest waren ze allang aangeklaagd en veroordeeld wegens wangedrag.

De hielenlikkers van de Nederlandse monarchie zijn het ergst en ergerlijkst

Den Haag, 22 maart 2021: Koningin Máxima opent de Week van het geld met minister Hoekstra en minister Slob’. Beeld: © Wijzer in geldzaken Valerie Kuypers. Op koninklijkhuis.nl.

Van de Nederlandse monarchie ben ik geen fan, maar de onderdanigheid van de hielenlikkers vind ik nog moeilijker te verteren. Als republikein of monarchist kun je om politieke redenen tegen of voor de monarchie zijn. Dat is een standpunt. Maar de hielenlikkers gaan verder en verliezen zichzelf in onderworpenheid. Dat past niet bij een volwassen democratie met mondige burgers.

Het innemen van zo’n positie past bij autoritaire landen als Noord-Korea of de Russische Federatie waar de media gelijkgeschakeld zijn en de burgers niks te zeggen hebben. In Nederland nemen de burgers in navolging van de bevoorrechten die het voorbeeld geven welbewust en vrijwillig een kritiekloze positie in. Hoewel het de vraag is hoe bewust ze zich daar zelf van zijn. Er klinkt trouwens steeds meer kritiek op de monarchie waarbij het de vraag is of dat komt door de afnemende steun ervoor of toenemende kritiek op de bevoorrechten die de monarchie stutten.

Wat me elke keer weer verbaast als er een koningsdag of een andere festiviteit is waarbij de leden van de monarchie opdraven is de schaamteloosheid van de gladstrijkers, hermelijnvlooien, jaknikkers, hofmuizen en hielenlikkers van Oranje die zich naar voren dringen om zich te onderwerpen. Waarom doen ze het? Wat winnen ze erbij? Zijn ze betoverd door de magie van de operette waarvan ze hopen dat die op hen afstraalt en niet meer verantwoordelijk voor hun daden?

Dit gedrag is bevreemdend. Ik kan er niet aan wennen. Hoeveel kritiekloze aandacht voor het koningshuis kan de weldenkende burger aan? Wat heeft dit gedrag nog te maken met een volwassen democratie met mondige burgers die menen zich in de nabijheid van de troon te moeten aanstellen als clowns of ondergeschikten bij wie door een hersenoperatie het zelfbewustzijn is verwijderd?

Wat doen in hemelsnaam die burgemeesters, lokale bobo’s, hoofdredacteuren, ambtenaren, journalisten, gasten van talkshows en andere opinieleiders zichzelf en hun geloofwaardigheid aan door de monarchie in bescherming te nemen, te prijzen en uitgebreid te bewieroken? Dat gedrag is voor een buitenstaander die afstand wil houden tot nationalisme, koningshuis en sportverdwazing waarbij de kleur oranje leidend is ongewenst omdat het iedere keer weer het contact legt met iets onaangenaams. Met het vermoeden dat deze bijzaken dienen om de hoofdzaken te verhullen.

Schermafbeelding van deel columnTweedagenbaardje’ van Marcel van Roosmalen in NRC, 27 april 2021.

We weten niet of Nederlanders diep in hun hart monarchist of republikein zijn. Het beeld is vermoedelijk gemengd. Maar we kunnen het ook niet weten omdat in een sfeer van hosanna voor de monarchie opinieleiders in de media al decennialang hun bewondering ervoor ventileren en zo de Nederlanders een opvatting opleggen over de superioriteit of op z’n minst de onvermijdelijkheid van het koningshuis.

Dat effect wordt nog eens versterkt door een eenzijdig door het koningshuis opgelegde mediacode die de media knevelt in de verslaggeving over het koningshuis. De media worden verplicht zich in bochten te dwingen op straffe van uitsluiting door de monarchie. Ook media die er niet aan meedoen hebben er last van. Het programma Argos Medialogica wijdde er onlangs aandacht aan.

Na mij de zondvloed’ debiteren de voorstanders van de monarchie die claimen dat in deze woelige tijden de monarchie voor continuïteit en zekerheid zorgt. De niet onderbouwde claim is dat een republiek met een president als staatshoofd minder stabiel is. Omdat vanwege de vage omschrijving niet weerlegd kan worden dat we niet in woelige tijden leven kan een breed maatschappelijk debat over de vraag of Nederland een monarchie of republiek moet zijn eindeloos worden geblokkeerd.

Het meest fascinerende aan deze hielenlikkerij is de vraag waar het eigenlijk op is gebaseerd. De toenmalige Amsterdamse burgermeester Eberhard van der Laan zei in 2013 in een interview in Binnenlands Bestuur: ‘Ik ben een republikein, net als zestig, zeventig procent van de Nederlanders’. Waar hij dat percentage op baseerde is onduidelijk, maar het omgekeerde is evenmin vast te stellen. Namelijk dat een meerderheid van de Nederlanders monarchist is.

De vaderlandse geschiedenis leert dat Nederland afwisselend monarchie en republiek was. De grootste bloei maakte het door als republiek. De hardnekkigheid waarmee de monarchie nu wordt gestut door media, politiek, bedrijfsleven en maatschappelijk middenveld zonder dat de voorstanders van de republiek in gelijke mate een eerlijke kans krijgen om hun standpunt naar voren te brengen doet vermoeden dat er onraad aan de horizon nadert. Onheil voor de Nederlandse monarchie wel te verstaan.

Sitalsing geeft argumenten tegen ongekozen monarch en pleit voor open bestuurscultuur

Journaliste Sheila Sitalsing die voor de Volkskrant werkt is Republikein van het jaar (2020). Een bekroning door ‘Republiek’, sinds kort de nieuwe naam van het Republikeins Genootschap.

Sitalsing meent dat de monarchie die wordt bepaald door erfopvolging niet in een modern Nederland thuishoort. Het handhaven van de monarchie vindt zij niet passen bij een goede bestuurscultuur. Volgens haar kan Nederland goed zonder een monarchie. Zij meent dat we in een tijd leven dat de monarchie meer ter discussie staat dan pakweg 20 of 25 jaar geleden. Koning Willem-Alexander noemt ze een jetset-koning en die perceptie van het staatshoofd vergroot volgens haar de afstand van de burgers tot de monarchie. Sitalsing merkt op dat in het actuele debat over transparantie, een open bestuurscultuur, en macht en tegenmacht er geen plek is voor een ongekozen monarch.

Hoewel uit onderzoek blijkt dat de Nederlandse monarchie een van de duurste van Europa is en daarnaast de kosten niet eens transparant zijn vindt Sitalsing dit toch niet het hoofdargument tegen de monarchie. Dat is wel het democratische gemis. Ook vind ze het niet meer van deze tijd dat de kinderen van het staatshoofd gedetermineerd zijn en geen vrije keuze hebben om iets anders te doen.

Sitalsing heeft kritiek op de zogenaamde mediacode die in opdracht van het staatshoofd door de RVD eenzijdig wordt opgelegd aan de Nederlandse media. Op straffe van uitsluiting dienen ze daaraan te voldoen. Dat ziet ze als chantage door de monarchie, maar ook als zwakte van de Nederlandse media die zich bewust laten chanteren. Een en ander past volgens haar niet in een transparant land met een open bestuurscultuur. Zij meent ook dat de mediacode onnodig is omdat media voldoende waarborgen van een eigen journalistieke code hebben om dat te vermijden wat in de mediacode met overmacht wordt afgedwongen.

Eind 2020 bleek in een opiniepeiling van IPSOS in opdracht van Nieuwsuur dat het vertrouwen in koning Willem-Alexander fors is gedaald. De NOS zei in een bericht: ‘In april van dit jaar had nog 76 procent van alle Nederlanders tamelijk veel of veel vertrouwen in de koning, in december is dat nog maar 47 procent’. Als reden wordt het gedrag van  Willem-Alexander genoemd waar forse kritiek op kwam. Tekenend is Youp van ’t Hek die in zijn wekelijkse NRC-column de aanschaf van een 2 miljoen euro kostende speedboat door de koning ter discussie stelt. De later afgebroken reis naar Griekenland midden in de lockdown brachten de geloofwaardigheid en het inlevingsvermogen van het staatshoofd schade toe.

Het is de vraag of er al sprake is van een omslag in het denken over de rol en plaats van de monarchie. Dat er kritiek op de jetset-koning is die het liefst in het buitenland vakantie viert is duidelijk. Het is ook de vraag of de Oranjepropaganda die altijd zo sterk aanwezig was in de media, die zich gewillig lieten muilkorven, langzaam uitgewerkt begint te raken. De tijdgeest van transparantie, tegenmacht en een andere bestuurscultuur waar Sitalsing op wijst maakt steeds duidelijk hoe achterhaald de monarchie is. Die groeit door deze ontwikkelingen namelijk ‘uit de tijd’. Daarom is het moment gekomen om het pleidooi voor een Republiek serieus te nemen.

Is de tijd voor een breed maatschappelijk debat over de plaats van de monarchie binnen de Nederlandse samenleving aangebroken? Koning Willem-Alexander heeft de afgelopen jaren door zijn gedrag zijn eigen glazen en dat van de Nederlandse monarchie ingegooid. Het lijkt zelfs op een provocatie van iemand die er zelf graag het bijltje bij neergooit, maar dat nog niet goed aandurft. Hij wil de voorrechten van zijn functie niet combineren met de verplichtingen ervan. Dat wringt aantoonbaar en valt de Nederlandse bevolking steeds meer op. De volgende stap is dat het volk gevraagd wordt om zich er eens over uit te spreken wat voor staatsvorm Nederland dient te hebben. Dat debat is altijd van bovenaf gemanipuleerd. Dat past niet meer bij deze tijd. Ook in die zin ondermijnt de roep om een nieuwe bestuurscultuur de monarchie.

De ongeloofwaardigheid van Meghan Markle en prins Harry

Wat doet het met iemands karakter om tweede viool te moeten spelen? En (klein)kind van een beroemde ouder te zijn? Denk aan Ivanka of Donald Trump jr. Of een prins of prinses in een koningshuis die tandenknarsend en ontevreden met die positie achteraan in de lijn van de troonopvolging staat.

Deze (klein)kinderen maken zich groot door zich af te zetten tegen iets waar ze tegelijk krampachtig aan vasthouden omdat dat hun enige verdienste is. Hun enige manier om de roem van hun ouder die op hen afstraalt te verzilveren. Deze kinderen zijn tragisch in hun koersloosheid en afhankelijkheid.

De aandacht van de media voor deze kinderen heeft iets vals. Zeker als de (klein)kinderen zich tegen hun (groot)ouder verzetten. Denk aan de (klein)kinderen van nazi-leiders, zoals Ferdinand Von Schirach of Niklas Frank. Ofschoon ze een eigen carrière hebben weten op te bouwen. Maar dat kwam omdat het Derde Rijk na 1945 niet meer iets was om trots naar te verwijzen. Alleen afzetten ertegen werd aanvaard in de media en de politiek.

Nederland heeft trouwens met Maxima Zorreguieta een persoon in huis die zich het koningshuis heeft ingepitcht en zich sindsdien hult met de glorie van de Nederlandse monarchie. Of wat daar na alle uitglijers van over is. Opvallend is dat Maxima als echtgenote van het staatshoofd lijdt aan zelfoverschatting wat haar positie betreft. Het is staatsrechtelijke onzin dat ze haar schoonmoeder (prinses Beatrix) opvolgt zoals ze in 2013 zei. Ze heeft als staatshoofd geen duo-baan met koning Willem-Alexander. Máxima wordt koningin genoemd, maar dat is louter een aanspreektitel.

Het verhaal van Meghan Markle en prins Harry duidt op twee aspecten:
-1) Monarchie en erfelijke troonsopvolging zijn risicovol voor een land omdat er geen controle en toetsing op de kwaliteit van het staatshoofd en de directe omgeving van de koninklijke familie is. De grootste idioten en onbenullen kunnen er straffeloos deel van uitmaken. Feitelijk geldt dat trouwens ook voor iemand als Donald Trump jr. aan wie zijn vader geen verantwoordelijkheid toevertrouwt omdat hij hem zakelijk niet vertrouwt. Amerikanen zijn dol op dynastieën (Kennedy, Bush) die ze als koninklijk opvatten;
-2) De twee koningskinderen zijn in een mentaal niemandsland terechtgekomen waarin ze uitsluitend bekend zijn … omdat ze bekend zijn. Type BN’er van wie niemand weet wat hun expertise is, behalve hun vermeende bekendheid. Wie als uniek verkooppraatje tegen het Britse koningshuis aantrapt, waar het ook de positie van outsider aan heeft te danken omdat anders niemand aandacht zou hebben voor de niet heel bijzondere prins Harry, is ver afgedwaald. De media wrijven het er heerlijk in. Tegen fikse betaling van de media hebben Meghan en Harry de race naar de ongeloofwaardigheid definitief ingezet. Maar in de media wordt het uiteraard anders genoemd.

Vertrouwen in Willem-Alexander is in 2020 fors gedaald. Dat biedt kansen voor een debat over de staatsvorm: Monarchie of Republiek

Volgens een opiniepeiling van IPSOS in opdracht van Nieuwsuur is het vertrouwen in koning Willem-Alexander fors gedaald. De NOS zegt in een bericht: ‘In april van dit jaar had nog 76 procent van alle Nederlanders tamelijk veel of veel vertrouwen in de koning, in december is dat nog maar 47 procent’. Een meerderheid die vertrouwen heeft in de koning is in 2020 veranderd in een minderheid. Als reden wordt het gedrag van  Willem-Alexander genoemd waar forse kritiek op kwam. Tekenend is Youp van ’t Hek die in zijn wekelijkse NRC-column de aanschaf van een 2 miljoen euro kostende speedboat door de koning ter discussie stelt. Voor een later afgebroken reis naar Griekenland midden in de lockdown die reizen naar het buitenland verhoogde Willem-Alexander evenmin zijn acceptatie.

Sinds 10 oktober 2020 ben ik lid van het Republikeins Genootschap. Dat heeft met Floris Müller een woordvoerder die de Republikeinse zaak redelijk kan bepleiten. Wat journalist Max Westerman in de video zegt verklaart grotendeels de tot voor kort grote steun voor de Nederlandse monarchie. Voor zijn zelfstandigheid en zijn gebrek aan onderdanigheid wordt hij gestraft met uitsluiting. Maar de Oranjepropaganda die altijd zo sterk aanwezig was in Nederland en in de media was verankerd lijkt uitgewerkt. De tijdgeest wijst de andere kant op. Daarom is het moment gekomen om het pleidooi voor een Republiek serieus te nemen.

In commentatoren noemde ik afgelopen jaren de hielenlikkers, pluimstrijkers, hermelijnvlooien, gladstrijkers en jaknikkers die de monarchie bewieroken. Sommigen ervan durven zichzelf journalist te noemen. Op 13 april 2020 schreef ik in een commentaar het volgende: ‘Maar één gegeven staat als een paal boven water. De bewieroking van de monarchie door de hielenlikkers, pluimstrijkers en hermelijnvlooien zal niet veranderen. Dat is in beton gegoten. Journalisten, kamerleden en opinieleiders blijven het koningshuis kritiekloos volgen. Op een uitzondering als Max Westerman na die de overdadige luxe van het koningshuis ter discussie stelt in een opinie-artikel. Het Nederlandse koningshuis is volgens onderzoek van de Gentse hoogleraar Herman Matthijs het duurste of op een na duurste van Europa. Na Noorwegen. Dat is bizar. Maar nog vreemder is dat er totaal geen politiek debat over is. Hoe kan dat? Nederlandse politici hebben over alles en nog wat een mening, of menen die te moeten hebben, maar over de monarchie zwijgen ze. Of worden ze tot zwijgen gebracht. Er is af en toe kritiek zoals in 2014 van het toenmalige Groningse PvdA-kamerlid Jan Vos. Maar hij moest van zijn eigen partij zijn kritiek inslikken.

Is de tijd voor een maatschappelijk debat over de zin en onzin van de monarchie aangebroken? Koning Willem-Alexander heeft door zijn gedrag in 2020 zijn eigen glazen en dat van de Nederlandse monarchie ingegooid. Het lijkt zelfs op een provocatie van iemand die er zelf graag het bijltje bij neergooit. Het is gewenst dat het nu aan het volk is om zich er eens over uit te spreken wat voor staatsvorm Nederland dient te hebben. Dat debat is altijd van bovenaf gemanipuleerd. Dat past niet meer bij onze tijd.

Coronacrisis geeft één zekerheid. Hielenlikkers, pluimstrijkers en hermelijnvlooien blijven de Nederlandse monarchie bewieroken

We kunnen niet voorspellen welke verandering de coronacrisis teweeg zal brengen. Commentatoren zijn het er over eens dat er iets zal veranderen, maar welke kant het opgaat is vooralsnog onduidelijk. Meer of minder populisme? Meer of minder uitvoering van klimaatmaatregelen? Meer of minder globalisering en outsourcing van productie naar lageloonlanden? Meer of minder inkomensongelijkheid, belastingontwijking en macht voor multinationals? Meer of minder samenwerking in de politiek? Meer of minder budget voor vitale beroepen? Meer of minder maatschappelijke saamhorigheid? Er is voorlopig geen zinnig woord over te zeggen.

Maar één gegeven staat als een paal boven water. De bewieroking van de monarchie door de hielenlikkers, pluimstrijkers en hermelijnvlooien zal niet veranderen. Dat is in beton gegoten. Journalisten, kamerleden en opinieleiders blijven het koningshuis kritiekloos volgen. Op een uitzondering als Max Westerman na die de overdadige luxe van het koningshuis ter discussie stelt in een opinie-artikel. Het Nederlandse koningshuis is volgens onderzoek van de Gentse hoogleraar Herman Matthijs het duurste of op een na duurste van Europa. Na Noorwegen. Dat is bizar. Maar nog vreemder is dat er totaal geen politiek debat over is. Hoe kan dat? Nederlandse politici hebben over alles en nog wat een mening, of menen die te moeten hebben, maar over de monarchie zwijgen ze. Of worden ze tot zwijgen gebracht. Er is af en toe kritiek zoals in 2014 van het toenmalige Groningse PvdA-kamerlid Jan Vos. Maar hij moest van zijn eigen partij zijn kritiek inslikken.

Kritiek op de monarchie is in Nederland een taboe dat door de coronacrisis niet veranderen zal. Wat resteert is gebazel over het staatshoofd, de kleding van zijn echtgenote, de vlag en het Wilhelmus. Er is geen debat over de vraag waarom de echtgenote van het staatshoofd een royale vergoeding krijgt, hoewel dat niet logisch is.

Het debat over de kosten is echter niet het fundamentele debat dat gevoerd moet worden. Dat is het debat hoe Nederland bestuurd moet worden en welk type staatshoofd daarbij past. Dat wordt door media en politiek krampachtig vermeden. Er is bij de onzekerheid door de coronacrisis één  zekerheid. De hielenlikkers, pluimstrijkers en hermelijnvlooien blijven amechtig de Nederlandse monarchie ophemelen en verheerlijken.

Prins Andrew is publicitaire ramp en goede reclame voor de republiek

In de huidige populaire cultuur brengen sportsterren, artiesten uit het lichte amusement of ‘royals’ de meeste publiciteit teweeg. Plus een vastgoedondernemer als Donald Trump die buiten zijn bedoeling om president van zijn land werd. Dat tekent onze samenleving. Wie nog niet cynisch was zou het er alsnog van worden.

Deskundigen zouden bij het grote publiek uit de gunst zijn, zo wordt beweerd. Zodat om die leemte op te vullen personen zonder deskundigheid tot de nieuwe deskundigen worden gebombardeerd. De ironie ontgaat de promotors van deze nieuwe deskundigheid. Want de zendtijd, de krantenkolommen en de ‘klikaas’-berichten op sociale media moeten worden gevuld en de suggestie van inhoud suggereren. Met wat is bijzaak. Kunstenaars, filosofen of wetenschappers hebben het nakijken. Ze komen er nauwelijks meer tussen.

Van sportsterren, artiesten uit het lichte amusement en BN’ers die alleen bekend zijn omdat ze bekend zijn zonder dat iemand begrijpt waarom ze bekend zijn, kan men nog zeggen dat ze hun status zelf verdiend hebben. Via het trainingsveld, het bed van een agent of hun handigheid om steeds weer hetzelfde kunstje te doen. Maar die ‘royals’ hebben zelf niks bereikt en liften mee op de status van hun familie. Waarvan overigens ook niemand meer begrijpt waar die familie die status door heeft gekregen. Of aan zichzelf heeft gegeven.

Erfopvolging is het zwakste aspect van de monarchie. Volgens critici zo’n fundamenteel zwak aspect dat het de bestaansreden ervan tot nul terugbrengt. Het systeem is het probleem. De leden van een koningshuis doen geen toelatingsexamen, zodat ook de zwakste, corruptste en domste individuen ertoe behoren. We kennen de namen: prins Laurent in België, prins Bernhard sr. en jr. in Nederland en prins Andrew in het Verenigd Koninkrijk. Het wordt er nog erger op als ze aan de macht zijn: Prins Mohammed bin Salman in Saoedi-Arabië.

Beschermers en ijveraars van de monarchie kunnen de rotte appels niet zomaar uit de mand gooien. Een oplossing is om ze formeel geen deel meer uit te laten maken van het koningshuis. Ze blijven dan nog wel onderdeel van de koninklijke familie. Prins Andrew, Duke of York, is nog wel lid van het Britse koningshuis en als derde kind van koningin Elisabeth op dit moment de achtste in de lijn van de troonopvolging. Als de zeven leden die hoger in die lijn staan om het leven komen, dan is Andrew de nieuwe Britse koning. Een sjacheraar, een wapenhandelaar, een klant van Jeffrey Epstein, een individu met de ontwikkeling van een middelbare school leerling die alleen vanwege zijn afkomst in 2013 werd benoemd in de Royal Society. Het laatste nieuws is dat Andrew niet wil getuigen tegenover de FBI in de zaak Epstein. Dat zet de spanning tussen de VS en het VK extra onder druk. Andere geschilpunten zijn Huawei en de privatisering van de National Health Service. Republikeinen mogen tevreden zijn met Andrew. Betere reclame tegen de monarchie dan hij bestaat niet.