Gedachten bij ansichtkaart van een gotisch gemaskerd bal in Zutphen (1910-1919)

Johan Wilhelm Jr. Brincker, Three musicians, one in drag, in bizarre masks for an “Olympia” masked ball. Photographic postcard by Brincker, 191-. Collectie: James Gardiner Collection.

Bij de toelichting van deze ansichtkaart staat: ‘An unusual example of Gothic drag. The central character in drag holds a tambourine and looks deathly, like a zombie.The man on the left plays a violin, while the man on the right plays a barrel-organ and has a wooden leg. An extraordinarily gothic trio, photographed on a studio set in the Netherlands. The three characters, dressed for a masked ball , all wear sinister ‘Phantom of the opera’ style masks which cover portions of their faces. The masks are by J. Dirkmaat‘.

Het spook van de opera‘ (Frans: Le Fantôme de l’Opéra) is een Franse roman van Gaston Leroux. Het verscheen van 23 september 1909 tot 8 januari 1910 als feuilleton in de Parijse krant Le Gaulois, aldus Wikipedia. Het werd daarna in maart 1910 uitgegeven als boek en werd populair. Onderzoek heeft uitgewezen dat het een misverstand is dat de roman bij aanvang geen succes was. En dat pas werd na verfilming uit 1925 met Lon Chaney als Erik.

De rest is geschiedenis, met talloze bewerkingen en musicals van Le Fantôme de l’Opéra van Gaston Leroux. Het verhaal over het operaspook Erik, Christine en Raoul heeft in het populaire, lichte amusement veel succes gekregen.

Een en ander is van belang om de ansichtkaart te dateren en begrijpen. Want als het boek van Leroux geen succes zou zijn geweest, is het niet logisch om te veronderstellen dat het redelijk kort na verschijnen in Nederland als inspiratie voor een gemaskerd bal zou dienen. De datering van de James Garner Collection geeft 1910 tot 1919.

Of de in november 1918 beëindigde Eerste Wereldoorlog met zoveel verschrikkingen en verminkte militairen tevens een inspiratie vormde voor deze gotische vermomming weten we niet zeker. Het houten been van de orgelman en de zombie-achtige kijk van de middelste figuur die bijna een symbool van de dood zelf is wijzen in die richting. Dat zou dus kunnen wijzen op een datering aan het eind van de jaren 1910.

Het lijkt aannemelijk om te veronderstellen dat we van links naar rechts losse verbeeldingen zien van de hoofdpersonages uit Le Fantôme de l’Opéra, te weten met viool Erik, zangers Christine en de aristocratische Raoul.

Het gemaskerd bal was een initiatief van ‘Olympia’. Het verkocht de ansichtkaart waarschijnlijk aan de leden om uit de kosten te komen. Over de naam ‘Olympia’ worden geen verdere bijzonderheden gegeven. Dat maakt het lastig omdat het een veel voorkomende naam van verenigingen was.

De vermelding van fotograaf Brincker, leidt bijna zeker naar de Zutphense fotograaf Johan Wilhelm Jr. Brincker (1876-1950). Op de fotoPortret van Annie Koch (…)’ van Atelier Brincker uit 1908-1920 is met enige moeite dezelfde studioachtergrond te herkennen (met rechts een boom of struik en links een afscheiding met gordijn) als op de ansichtkaart van Olympia. De Zutphense gymnastiekvereniging Olympia die in 1875 werd opgericht is waarschijnlijk het Olympia dat op de ansichtkaart wordt genoemd en het bal masqué organiseerde.

De ondraaglijke partijdige lichtheid van Clemens Cornielje (VVD)

VVD’er Clemens Cornielje spreekt geen kwaad over VVD’er Loek Hermans. Hoe zou dat nou toch komen? Voor Hermans is geen draagvlak onder de Zutphense bevolking voor een waarnemend burgemeesterschap. In een petitie spraken in korte tijd duizenden mensen zich uit tegen Hermans. De bevolking behoort te gaan over de benoeming van de eigen burgemeester. Zo simpel is het, maar in de regenteske visie van Cornielje allicht niet.

Ook wat hij zegt klopt bij nader inzien van geen kanten. Dat Loek Hermans beschadigd raakte valt vooral Cornielje aan te rekenen doordat hij hem als kandidaat presenteerde. Hij had dat kunnen voorkomen door Hermans niet voor te dragen. Zijn voetbal-metafoor over de tweede kans gaat op vele manieren mank. Niet hij, maar de bevolking is de trainer die de voetballer opstelt. En Hermans is geen voetballer die even uit vorm was, maar een bestuurder die het vertrouwen verloren heeft. Cornielje begrijpt daar hoegenaamd niets van.