George Knight

Debat tussen links en rechts

Posts Tagged ‘Witte de With

Waarom ik de term ‘wit’ verkies boven ‘blank’. En ‘witte mensen’ boven ‘blanken’. Over dynamische identiteit

with 13 comments

Het gebruik van de termen ‘blank’ of ‘wit’ is gepolitiseerd. Ze passen in pakketten denkbeelden. De vraag is wat de afweging ervan betekent en of het een gevolg is van denken. Of dat het denken wordt gevormd door een politieke opstelling en eigenlijk geen denken meer genoemd kan worden. Het is niet onlogisch dat er beweerd wordt dat het propageren van de term ‘wit’ een opvatting van links-Nederland is. Toch is dat onjuist. Zo reken ik mezelf niet tot links-Nederland (en evenmin tot rechts-Nederland), maar ben ik toch een voorstander van de term ‘wit’ boven ‘blank’. Mogelijk niet om dezelfde reden als andere voorstanders ervan.

De term ‘blank’ is geen ‘volstrekt neutrale, louter beschrijvende aanduiding’. Het is per definitie bijna onmogelijk dat een zo beladen term met de connotatie van reinheid, helderheid en onbevlektheid volstrekt neutraal en louter beschrijvend kan zijn. Dat staat nog los van de afweging voor welke term men kiest. Maar neutraal is het gebruik van de term ‘blank’ zeker niet.

Omdat ‘wit’ die connotaties mist en kortweg gezegd minder pretentieus is, is de term ‘wit’ neutraler en meer beschrijvend. Het verwijst naar een witte huidskleur en niet naar een achterliggende geschiedenis en wereld vol machtsposities. Een ‘blanke huidskleur’ bestaat niet.

Ik ben het eens met de kritiek op het makkelijk vertalen van Amerikaanse modes van politiek correct denken naar Nederland. Sommige links-radicalen ruilen het ene monolithisch denken in voor het andere monolithisch denken. Zodat ze het vermoeden op zich laden niet meer als individu te denken, maar ondergaan in het groepsdenken. Dat alles gaat ten koste van de nuances en het onderscheidingsvermogen. Maar evenzeer ben ik het oneens met rechts-radicaal denken dat even weinig soepel is en alles bij het oude wil laten.

Mij gaat het erom om in de geleidelijkheid zonder grote schokken een optimale afweging te vinden voor een maatschappelijke oneffenheid. Als optimaal zoveel mogelijk mensen tevreden stelt en het beste werkt dan begrijp ik dat het niet alle mensen tevreden kan stellen. Dat is jammer, maar onvermijdelijk. Maar als het nalaten ervan een bepaalde groep diep raakt, dan zie ik voor de sociale cohesie en het sociale contract tussen overheid en burgers er geen principieel bezwaar in om de oneffenheid op te ruimen.

Het gesprek over de term ‘blank’ wordt pas een zwaar en beladen onderwerp van discussie als links-radicalen er van alles over diversiteit, kolonialisme, slavernij en wat dan ook allemaal bijhalen en er vanuit hun politieke betrokkenheid opplakken wat historisch nog maar aangetoond moet worden. Daarbij eigenen ze zich het alleenrecht toe om hierover het laatste woord te hebben. Dat is niet zoals een publiek debat gevoerd moet worden of een samenleving met elkaar ingericht dient te worden. Het is intolerant en anti-democratisch.

En als in de reactie hierop rechts-radicalen er hun eigen onverbiddelijkheid tegenover zetten en geen centje onderhandelingsruimte meebrengen in het debat, dan gijzelen de uiterste posities dit debat en blokkeren ze een organische uitweg van dialoog, raadpleging van deskundige historici of taalfilosofen en compassie met en begrip voor de ander.

Dus ik ben voor de term ‘wit’ boven ‘blank’ niet vanwege een vermeend historisch onrecht of een achterstelling. Dat wil ik loskoppelen van de afspraak om het met elkaar voortaan over witte mensen in plaats van blanken te hebben. Het gaat erom dat in een open, dynamische, volwassen samenleving mensen naar elkaar luisteren en de grieven van anderen serieus dienen te nemen. En als die uit de weg gegaan kunnen worden, waarom zou men dat dan niet doen?

Foto: Het kwartet van Benny Goodman doorbrak in de muziekwereld de interraciale grenzen en bestond uit twee witte (Benny Goodman en Gene Krupa) en twee zwarte (Teddy Wilson en Lionel Hampton) musici, 1937.

Advertenties

Reactie aan De Grauwe Eeuw over actie naamsverandering Witte de With

with 3 comments

Reactie op FB-pagina van Witte de With Center for Contemporary Art in antwoord op De Grauwe Eeuw, 9 september 2017:

Ik leef niet in het verleden, maar in het heden. Degenen die steeds eenduidig verwijzen naar de oudhollandse held Witte de With, maar de betekenissen die er in de moderne tijd zijn opgelegd vergeten, leven in het verleden. Waar op zich helemaal niets mis mee is. Jullie actiegroep grijpt ook terug op het verleden. In jullie naam en in jullie acties. Bijvoorbeeld als jullie een standbeeld van Coen in Hoorn met verf bekladden.

Laten we niet te simpel reageren. Het gaat om de methode. Ons de juiste aanpak. Welk probleem los je op met een naamsverandering van een breed internationaal opererend instituut dat naar een straat genoemd is die die naam sinds 1871 heeft? En heeft de naamsverandering van dit kunstencentrum de hoogste prioriteit? Dat laatste betwijfel ik zeer.

Daarbij komt dat de roep om een naamsverandering een nieuwe dynamiek van tegenkrachten creëert. Hoe simpel die tegenkrachten ook redeneren, het is wel iets waar de Raad van Toezicht en bestuur van WdW rekening mee hebben te houden. Ze opereren niet in een politiek vacuüm. Raad en bestuur hebben een grotere verantwoordelijkheid dan de kern van activisten die verwijst naar de ongewenstheid van de naam Witte de With. Raad en bestuur zijn ingehuurd om het belang van het instituut te dienen, niet om politiek te bedrijven. Ze moeten zich niet op laten jagen door wie of wat dan ook, maar eigenstandig het belang van het instituut dienen. Bijvoorbeeld in de overweging dat een naam die sinds 1990 nationaal en internationaal is gevestigd publicitaire waarde heeft.

De keuze van de activisten om zich te richten op de naamsverandering van kunstencentrum Witte de With is om twee redenen ongelukkig. Het is altijd die zwakke kunstensector die onder druk wordt gezet. Halbe Zijlstra deed het in 2011 en activisten doen het nu. Men zou wensen dat activisten of overheid eens sterke tegenstanders als de multinationals, de krijgsmacht, het professionele voetbal of het koninklijk huis aanvallen. En niet de kunst die het al zo moeilijk heeft. Zelfs als het positief is bedoeld wordt de kunst hiermee toch extra belast. Daarnaast is voor vele inwoners van Rotterdam of Nederland een internationaal opererend kunstencentrum met hedendaagse kunst een ver van hun bed show waarmee ze zich slecht kunnen identificeren. Anders gezegd, de voorbeeldfunctie van een maatschappelijk debat over racisme slaat grotendeels dood als de meerderheid van de bevolking niet weet waarover het precies gaat en hoe dat instituut reilt en zeilt.

Natuurlijk bestaan racisme en neo-kolonialisme. Nog steeds. Die moeten binnen de wet en de rechtsstaat bestreden worden. Liefst met goede voorlichtingscampagnes van de overheid en onderwijsprogramma’s. In die bestrijding mag van mij wel een tandje bijgezet worden. Want het is een ernstig probleem.

Of racisme uit slavernij voortkomt lijkt me trouwens een onderwerp voor debat. Waarschijnlijk is het omgekeerd. Slavernij is historisch ook meer dan witte suprematie over zwarte mensen. Slavernij is ook suprematie van zwarte mensen over zwarte mensen, of van Arabieren over andere volkeren. En wat te zeggen over de nog steeds bestaande slavernij in Oost-Aziatische landen waar mensen onderhorig worden gehouden, praktisch in gevangenschap? Dat is slavernij die niet in het verleden leeft, maar nu bestaat. Witte de With leeft nog steeds, maar alleen niet in Nederland.

Zou het niet mooi zijn als het kunstencentrum Witte de With voor hedendaagse kunst zich bezighoudt met hedendaagse slavernij? De middelen zijn echter beperkt. Daarom is het logisch om in de bestrijding van neo-kolonialisme, racisme of slavernij prioriteiten te stellen. Ook trouwens in de programmering van tentoonstellingen waarin altijd keuzes moeten worden gemaakt. Zodat wat het ergst en het meest bedreigend is het eerst aangepakt kan worden. Van een Nederlandse vlootvoogd Witte de With die in 2017 uitvaart gaat geen directe dreiging meer uit. Maar van racisten in Charlottesville, West-Birma of Oost-Duitsland wel.

Samenvattend: Het is goed dat de discussie over hedendaags racisme, neo-kolonialisme of slavernij wordt gevoerd. Het is een wisselwerking tussen verleden en het nu. De bewustwording over dit onderwerp dient vergroot te worden. Maar dat debat vraagt om zorgvuldigheid en de effecten ervan moeten de hele bevolking meenemen. De keuze om dat via de beeldende kunst te realiseren is ongelukkig wegens de kwetsbaarheid van die sector en de uitstraling ervan op een breed publiek. De verbreding van het debat is de uitdaging. De valkuil is dat het tegenkrachten oproept die zich verzetten zodat het onderwerp onnodig gepolitiseerd wordt. Een radicale opstelling kan zinvol zijn om een debat te agenderen, maar het is stukken lastiger om vervolgens een meerderheid van de bevolking mee te krijgen. En daar is het ons toch allen om te doen.

Foto: Witte de Withstraat Rotterdam, 1933

Raad van Toezicht van het Rotterdamse kunstencentrum Witte de With wacht een wijs en evenwichtig besluit over de naamgeving

with 13 comments

De rol van de geschiedenis is een onderwerp waar iedereen een mening over heeft. En waar radicaal-links en radicaal-rechts zich heerlijk mee kunnen profileren. Ten koste van elkaar, en van de middengroep. Het is grote politiek die kleine politiek nadert. Dat vraagt van bestuurders om terughoudendheid, afstandelijkheid en bezinning als vanaf de flanken de verbale bommen over en weer over hun vergadertafel vliegen. Ze moeten het hoofd koel houden en zich niet op laten jutten door belangengroepen met een gespierde overtuiging.

De Raad van Toezicht van ‘Witte de With Center for Contemporary Art’ in Rotterdam heeft naar eigen zeggeneen onderzoek in gang gezet naar de naam van het instituut’. Het geeft gemengde signalen af of er al beslist is of de naam verdwijnt of dat nu uitsluitend geïnventariseerd wordt of dit wenselijk is. Zoals het een kunstencentrum betaamt maakt het van de nood een deugd en thematiseert het zichzelf in de tentoonstellingWitte de With; What’s in a name? die opent op 8 september. In het spiegelpaleis van de creatieve klasse.

Nuancering is dat de naam van kunstencentrum Witte de With niet direct verwijst naar de historische figuur  ‘dubbelwit’ die van 1599 tot 1658 leefde, maar naar de straat waar het instituut aan is gelegen. Uiteraard gaat een zelfstandige organisatie over de eigen naamgeving. Bedrijven of semi-overheidsinstellingen wisselen voortdurend van naam, vaak pseudo-Griekse namen die een traditie moeten suggereren die ontbreekt. Zoals de uitgevonden traditie van de volkscultuur, bijvoorbeeld de in de 19de eeuw ontstane Sinterklaas-viering.

De naamsverandering van de V.P.R.O. in VPRO geeft een passend voorbeeld hoe de Raad van Toezicht de recente geschiedenis van het kunstencentrum in een nieuwe naam kan laten terugkomen zonder daar onnodig veel afstand van te nemen. De VPRO sneed de band met de verwijzing naar het vrijzinnig-protestantisme door omdat dat gedachtegoed binnen de V.P.R.O. zo goed als verdwenen was. Een geabstraheerde naam als ‘WdW Institute for Contemporary Art‘ is dan een optie. Of  het cynische ‘DoubleWhite Center for Contemporary Art’.

In elk geval moet de Raad van Toezicht van kunstencentrum Witte de With het beeld vermijden dat het zich door belangengroepen op laat jagen en niet meer autonoom beslist. Of zich zelfs op laat zadelen met schuld. Want als de ene ongewenste naamgeving die volgt uit politisering (kolonialisme, Nederlands imperialisme) wordt vervangen door een andere ongewenste naamgeving die volgt uit politisering (anti-kolonialisme, anti anti-racisme) dan is dat geen winst. Een valkuil voor de Raad is de radicalisering die zegt dat er geen normaal bestaat. Maar onderdrukking of een historische werkelijkheid is geen racisme of een situatie die gecorrigeerd of weggepoetst kan worden. De Raad moet een middenweg van normaliteit bewandelen waarin het toelicht wat verkeerd was met de uitleg dat dat een historische werkelijkheid is die niet veranderd kan worden. Tussen radicaal-rechts die alles bij het oude wil laten en radicaal-links die alles wat het niet bevalt wil veranderen.

Schermafbeelding van FB-pagina van Witte de With met eigen reactie, 7 september 2017.

Varoufakis bedrijft politiek in WdW Review. Is dat onafhankelijk?

with one comment

yv

In een blogdiscussie over de Griekse ex-minister Varoufakis wees King Billy in een reactie op het volgende: ‘Politieke getinte bijdragen van Varoufakis ingebed in emotionele sfeerverslagen, die samen met zijn vrouw de culturele organisatie Vital Space.org beheert welke als ‘Athens desk’ van het Witte de With Center for Contemporary Art in Rotterdam (sponsors Min. van OCW en SNS Reaal) fungeert. Geplaatst in WdW Review.

Kunstinitiatieven zijn soms heerlijk naïef en eenzijdig. Ze hoeven in hun publicaties ook niet wetenschappelijk verantwoord of representatief te zijn. Alles kan gezegd. Maar ik vraag me af of Witte de With zich er bewust van was wie het met de internationale correspondent en neo-marxist Yanis Varoufakis precies in huis haalde. Dat hij zich ferm uitspreekt hoeft geen bezwaar te zijn. Maar wel dat hij politiek bedrijft onder het mom van maatschappijkritiek of anti-politiek. Varoufakis is iemand met een politieke agenda die anderen voor zich probeert te winnen. Moet een kunstinitiatief als Witte de With zich daartoe lenen? Het lijkt niet omdat het zich daardoor niet afzet tegen of kritisch uitlaat over de politiek, maar zich er tot onderdeel en vehikel van maakt.

Witte de With moet als culturele organisatie onafhankelijk en zonder dwang van de politiek kunnen opereren. En het biedt met een uitdagend tentoonstellingsprogramma doorgaans goede kwaliteit en exposities die zeer de moeite waard zijn. Laat dat in hemelsnaam zo blijven. Zoveel culturele vrijplaatsen zijn er niet in Nederland nu de musea zo angstvallig op veilig spelen. De pijn lijkt hem echter niet in het tentoonstellingsprogramma, maar in de publicatie, de WdW Review te zitten dat volgens het Jaarverslag 2014 46.081 euro per jaar kost.

De gemeente Rotterdam gaf over 2013 413.000 euro ondersteuning aan presentatie-instelling Witte de With dat een begroting van zo’n 1,5 miljoen euro heeft. De politiek moet verre van de kunst blijven, maar in het geval Varoufakis en WdW Review kan ik me voorstellen omdat zijn politiek niet verre van de kunst blijft dat fracties uit de Rotterdamse raad willen weten welke afspraken en garanties er precies gemaakt zijn over de onafhankelijkheid van het WdW Review. Het kan niet dat het partijpolitiek met andere middelen bedrijft.

Foto: Yanis Varoufakis, slot van ‘The Serpent’s Greek Lair’ in WdW Review november 2013. Zie hier voor overzicht bijdragen van Yanis Varoufakis vanuit het initiatief Vital Space voor WdW Review

New Art Space Amsterdam beweegt richting faillissement

with 2 comments

Bism

In het advies Slagen in Cultuur van mei 2012 over de basisinfrastructuur 2013-2016 was de Raad voor Cultuur duidelijk over de nieuwe Amsterdamse presentatie-instelling ‘Stichting New Art Space Amsterdam’ (NASA). Een bundeling per 1 januari 2013 van Smart Project Space (SPS) en het Nederlands Instituut voor de Mediakunst (NIMk). Het werd niet opgenomen in de basisinfrastructuur. Nu is het op 13 mei 2013 voorlopige surseance verleend. Trendbeheer signaleert. Als reden voerde de Raad artikel 3.29 van de Regeling op het specifiek cultuurbeleid aan dat in lid 4 zegt: ‘Op grond van dit artikel wordt aan ten hoogste één instelling per grote gemeente subsidie verstrekt‘. Op 10 juni 2011 werd de concept-regeling naar de kamer gestuurd.

Opvallend is dat in artikel 3.1 van deze vierjaarlijkse regeling onder grote gemeenten Amsterdam, Rotterdam en Den Haag wordt verstaan. Zodat alleen in grote gemeenten de te subsidiëren presentatie-instellingen zijn gemaximaliseerd op 1. Dit legt de taak bij besturen om te beredeneren waar een instelling de beste kans maakt op overleving door kunstnomadisme. De politieke lobby volgend. Het hakken-over-de-sloot advies voor Witte de With doet trouwens afvragen waarom NASA in juni 2011 niet besloot naar Rotterdam te verhuizen. Uiteindelijk beloonde de rijksoverheid zes presentatie-instellingen: in Amsterdam (De Appel), Rotterdam (Witte de With), Groningen (Noorderlicht)*, Utrecht (Bak), Eindhoven (MU) en Maastricht (Marres).

Hoe verder met NASA daar aan de Arie Biemondtstraat? Inclusief kantine en filmtheater. In het voormalig Pathologisch Anatomisch Laboratorium. Op 31 juli om 10 uur komen de crediteuren bijeen om de situatie te bespreken. De Amsterdamse Kunstraad (AKr) biedt een basis die niet stevig genoeg lijkt. De AKr is lovend over de nieuwe samenwerking tussen Smart Project Space en het Nederlands Instituut voor de Mediakunst en stelt 300.000 euro beschikbaar. Maar kwaliteit geeft in de Nederlandse cultuur niet langer de doorslag. Welbeschouwd is een broedplaats van experiment een aangekondigde dood die alleen met gewiekstheid, politieke lobby en openheid vermeden kan worden. NASA wacht de taak over het eigen graf te springen.

* Correctie: in een eerdere versie werd vermeld dat het Haagse Stroom in de basisinfrastructuur opgenomen was. Zo luidde het advies van de Raad voor Cultuur. Omdat Stroom niet voldeed aan de eigen inkomstennorm werd het vervangen door Noorderlicht. Hier de kamerbrief en toekenningen van september 2012.

Foto: Pierre Bismuth en Aaron Schuster, Famous, 2008 in tentoonstelling ‘ An Ocean of Lemonade’ in Smart Project Space, 2011.