George Knight

Debat tussen links en rechts

Posts Tagged ‘White supremacy

Van GOP naar GOD. Spellbound. Heeft Trump voor- of nadeel van de vraag of hij zijn partij omvormt tot een eredienst voor hemzelf?

with 3 comments

Verandert de Republikeinse partij door het optreden van president Trump in een cult? Afgelopen dagen heeft die vraag de kern van de nieuwscyclus in de VS bereikt. Opvallend is dat de vraag deze keer gesteld wordt door conservatieve Republikeinen en niet door progressieven zoals godsdienstwetenschapper Reza Aslan.

Er zitten twee kanten aan de vraag. Het kan opgevat worden als waarschuwing voor Trump die de democratie onder druk zet, uitholt en kapot dreigt te maken. Hij zou zijn persoonlijkheid als beslissende factor inzetten. Maar tegelijk kan het centraal stellen van Trumps almacht ook als afschrikkingsmiddel opgevat worden voor Republikeinse wetgevers die zich tegen Trumps macht verzetten. Hoe dan ook is dit een slechte ontwikkeling.

De a-religieuze Trump gedraagt zich als leider van een religieuze sekte en wordt door de gelovigen naar de mond gepraat. Hij voegt zich in de rij Stalin, Mao, Mussolini, Putin, Mugabe, Hitler, Erdogan en Kim Jung-un.

Advertenties

Commentaar van Roderick Veelo (RTLZ) over Roseanne Barr probeert recht te praten wat krom is. Hij beschadigt vooral zichzelf

with 4 comments

RTLZ-presentator Roderick Veelo bewijst zichzelf geen dienst met een commentaar over de Amerikaanse comédienne Roseanne Barr die na een racistische tweet door haar werkgever Disney-ABC Television werd ontslagen. TPO herplaatst dit commentaar, vermoedelijk omdat Veelo partij kiest voor Barr en haar racisme probeert te relativeren. Barr is een medestander van president Donald Trump. Maar Veelo gaat in zijn analyse uit van zoveel verkeerde aannames dat hij vooral zichzelf beschadigt. Mijn reactie bij het artikel op TPO:

Wat een vreemd commentaar uit de omgekeerde wereld van deze RTLZ-presentator. Het is namelijk in de eerste plaats Roseanne Barr die onverdraagzaam is. Alle reacties op haar zijn daar een gevolg van.

Veelo vergeet overigens te melden dat Roseanne zelf ook afstand van haar racistische tweet heeft geprobeerd te nemen. Ze wijt het aan de slaappil Ambien. Maar de fabrikant maakte snel duidelijk dat racisme geen bijwerking van Ambien is. Dat Roseanne afstand neemt van haar eigen tweet ondermijnt Veelo’s betoog dat rept van een tribunaal en Inquisitie. Roseanne zou daar dan immers zelf aan deelnemen.

Veelo spreekt zichzelf nog op een andere wijze tegen als hij opmerkt dat Roseanne vaker heeft geprovoceerd en daarbij over het randje is gegaan. De tweet staat dus niet op zichzelf en is geen toevalligheid.

En nog op een andere wijze slaat Veelo compleet de plank mis. Want Roseanne maakt met haar tweet geen grap, maar meende bloedserieus wat ze zei. Roseanne toonde in de tweet haar racistische overtuiging. Roseanne toont niet de inborst van een racist, zij is een racist.

En ook in zijn analyse aan wie het te wijten is dat Roseanne haar programma bij ABC geschrapt wordt heeft Veelo het bij het verkeerde eind. Het is niet de moraalpolitie op internet die de stekker uit de show van Roseanne trekt, maar Disney-ABC Television bij monde van baas Ben Sherwood. Hij gaf Roseanne ondanks haar smeekbede om een tweede kans geen herkansing en noemde haar tweet onvergeeflijk. Wat Roseanne deed was voor een meerderheid van de televisiekijkers onaanvaardbaar en daar had ABC Television rekening mee te houden.

Kortom, het is Roseanne die eigenhandig haar eigen glazen ingegooid heeft. Dat kan ze niemand anders of haar slaappil verwijten. Roderick Veelo haalt er van alles bij dat er niks mee te maken heeft of dat zelfs aantoonbaar onjuist is. Hij had zijn commentaar beter achterwege kunnen laten. Waarom TPO meent zo’n rammelend commentaar te moeten herplaatsen roept ook vragen op over het beoordelingsvermogen van degene bij TPO die hiervoor verantwoordelijk is.

Foto: Schermafbeelding van deel commentaarLeven van Roseanne Barr moet kapot, daar gaan de hyena’s voor zorgen’ van Roderick Veelo op TPO, 2 juni 2018.

Open brief trekt identitaire kaart, maar gaat voorbij aan de dieperliggende reden voor de selectie van de Belgian Art Prize

with one comment

Het spookt in de Belgische kunstwereld. Deze keer niet surrealistisch. Vijf genomineerden (Sven Augustijnen, Koenraad Dedobbeleer, Jos De Gruyter, Gabriel Kuri en Harald Thys als duo) voor de tweejaarlijkse Belgian Art Prize hebben zich teruggetrokken. In een brief van 22 mei 2018 op Artnet lichten ze dat toe in een verklaring: ‘The all too rapid shift of public attention from artistic discourse or content—let alone merit—towards white male privilege is frankly something that we regret.’ Ze zijn allen wit, mannelijk, woonachtig in Brussel en geboren tussen 1965 en 1975. De jury verklaart in een verantwoording achteraf de selectie als volgt: ‘De keuze voor deze vier kunstenaars ligt besloten in het analytische en ruimtelijke karakter van hun artistieke praktijk.’ Een open brief en petitie op change.org van 12 mei 2018 was de aanleiding voor de beslissing van de genomineerden om zich terug te trekken. Die brief sprak van ‘flagrante exclusiviteit van deze selectie’.

Overigens leiden de veeltalige teksten van zowel voor- als tegenstanders die hetzelfde pretenderen te zeggen, maar dat niet altijd doen niet altijd tot eenduidigheid en helder taalgebruik. Voorbeeld in de open brief: ‘Deze selectie werpt tevens cruciale vragen op over hoe privilege zich voortbeweegt.’ Vooral zo’n onbegrijpelijke zin roept vragen op. Mogelijk verklaren slecht taalgebruik en povere vertalingen in de Belgische kunstsector een deel van het ongenoegen. Dat roept misverstanden op die tot ontsporingen en gebrek aan scherpte leiden.

Een voorbeeld maakt dat duidelijk. Op de site van de Belgian Art Prize wordt uitgelegd wat de prijs precies inhoudt. Die toelichting is van belang omdat de prijs in 2017 fundamenteel van karakter is veranderd. Zo is het leeftijdscriterium van een maximum van 35 jaar losgelaten. Wellicht verklaart dat mede dat bij de jaargang 2019 een inhaalslag gemaakt wordt met kunstenaars van de generatie 53-43 jaar die in aanmerking komen.

Waar in de Engelstalige (en Franstalige) tekst sprake is van een commissie die bestaat uit kunstprofessionals (‘art professionals’) en verzamelaars (‘collectors’), spreekt de Nederlandstalige tekst van ‘een pool van experts’.  Dat laatste is niet alleen minder specifiek omschreven, maar deze onnodige vaagheid en onvolledige vertaling geeft ook aan dat er in de Belgische kunstwereld een hiërarchie tussen taalgemeenschappen bestaat.

Iedereen heeft gelijk. De genomineerde kunstenaars als ze opmerken dat ze niet op hun artistieke kwaliteiten, maar op hun identiteit aangesproken worden. Buiten hun schuld om zouden ze terechtgekomen zijn in een identitair mijnenveld dat door het wereldwijde MeToo-debat aangescherpt is. Hoewel ze niet belangeloos zijn en in een maatschappelijk vacuüm opereren. Daarnaast is het de vraag is of dat vermeende verwijt van ‘white male privilege’ het enige verwijt is. Toch plaatst een ondertekenaar van de open brief een kanttekening bij deze houding van de genomineerden. Niels Poiz verwijt ze in een commentaar op Artnet dat ze gezwegen hebben en zich in het openbaar uitgesproken zouden kunnen hebben over het gebrek aan diversiteit:

De schrijvers van de open brief hebben gelijk als ze opmerken dat de shortlist niet representatief is voor de diversiteit van de Belgische kunstwereld (‘wensen we samen nogmaals zeer duidelijk te stellen dat wij staan voor een inclusieve artistieke gemeenschap die zijn sterkte vindt in diversiteit’). Ze zeggen duidelijk dat het ze niet alleen om de sekse van de genomineerden te doen is, maar ook om de ‘esthetische realiteit’ van de geselecteerde kunst. Ofwel, de kunstenaars zouden deel uitmaken van een bepaalde stroming binnen de kunstsector. Alleen is het jammer dat de briefschrijvers niet ingaan op de dieperliggende reden voor de selectie van de shortlist en voornamelijk de identitaire kaart trekken. Dat laatste is gemakzuchtig en modieus.

Ze gaan niet in op het belang van de commercie bij de selectie en laten de vermenging van kunsthandel en kunstsector ongenoemd. Het feit dat de genomineerden door prestigieuze galeries worden vertegenwoordigd (Esther Schipper, ClearingGallery Dépendance, Jan Mot) is geen toeval en had in een evenwichtige brief die werkelijk de structuur van de Belgische kunstsector aan de kaak wil stellen niet ongenoemd kunnen blijven. Want wat betekent het zakelijk als de nominatie van kunstenaars mede door verzamelaars tot stand komt?

Dat er ook een intriest menselijk aspect aan deze kwestie zit laat de positie van Sven Augustijnen zien. Samen met onder meer Manon de Boer en Anouk De Clercq heeft hij het Brusselse platform Auguste Orts opgericht. Hij is een van de genomineerden die in de open brief onder vuur wordt genomen. Twee van de ondertekenaars van de open brief die kritiek op de nominatie hebben zijn Manon de Boer en Anouk De Clercq. Zo worden door deze kwestie ook loyaliteiten en vriendschappen binnen de kunstsector onder druk gezet.

Foto 1: Schermafbeelding van deel petitie en open brief ‘Response to the BelgianArtPrize exclusionary shortlist 2019’ op change.org, 12 mei 2018.

Foto 2 en 3: Schermafbeelding van deel van de Engels- en Nederlandstalige versie van de paragraaf le-belgianartprize op belgianartprize.be.

Foto 4: Schermafbeelding van deel artikelIn an Open Letter, Members of Belgium’s Art Community Denounce the BelgianArtPrize’s ‘Flagrant Exclusivity’ op Artnet, 11 mei 2018.

De Grauwe Eeuw kondigt lawaaidemonstratie tijdens dodenherdenking aan. De ideale excuustruus van de macht 

with 2 comments

‘Reacties zijn uitgeschakeld voor dit bericht’ staat bij een aangekondigd evenement op Facebook. Een echt debat stellen de opstellers blijkbaar niet op prijs. Het gaat om een lawaaidemonstratie tijdens de Nationale dodenherdenking op 4 mei om 20.00 uur.  De radicaal-linkse actiegroep ‘De Grauwe Eeuw’ verschuilt zich achter de actiegroep ‘Geen 4 mei voor mij’ volgens een bericht van de NOS. Daarom plaats ik mijn reactie hier:

Actiegroep De Grauwe Eeuw heeft het recht om op 4 mei lawaai te maken. Maar jammergenoeg maakt het een janboel van feiten en analyse die de actie moeten toelichten. Dat is jammer, want zo bereikt het het omgekeerde. Niet het creëren van steun, maar van weerstand. Het onderwerp is interessant genoeg voor een breed maatschappelijk debat.

Zo is het zo aantoonbaar onjuist dat de 22.000 slachtoffers die tijdens WOII vielen allen wit waren dat het pijn doet aan de ogen. Wie dat zegt geeft zelfs aan weinig van de recente Nederlandse politiek en maatschappij te begrijpen. En volgens het oorlogsrecht had het Japanse Keizerrijk dat vanaf 1942 het toenmalige Nederlands-Indië de verantwoordelijkheid voor de bevolking. Niet Nederland. De Grauwe Eeuw husselt van alles door elkaar, gooit het op een grote hoop en snijdt er vervolgens grove brokken geschiedenis van die aan elkaar hangen als los zand.

Ja, er zijn in Nederlands-Indië oorlogsmisdaden door Nederlandse militairen gepleegd. Raymond Wesseling is een bekende naam in dit verband. En ja, zij verdienen het niet om herdacht te worden samen met ‘echte’ slachtoffers van het oorlogsgeweld. Maar zeg dat dan en niet iets anders. Want nee, dat gebeurde niet binnen de structuur van een dictatuur als die van het Nazisme zoals gesuggereerd wordt. Dat blokkeert het zicht op een duidelijk standpunt als startpunt van het debat.

Identiteitspolitiek die het onrecht van de geschiedenis uitsluitend verklaart vanuit huidskleur schiet overigens tekort omdat het andere aspecten buiten schot laat. Is het niet interessanter om het economische belang van De Bataafsche Petroleum Maatschappij erbij te betrekken of de geopolitiek van het toenmalige Nederland tijdens het interbellum?

Toegegeven, spreken over witte hegemonie is tegenwoordig populair bij zowel radicaal-links als radicaal-rechts. Om niet te zeggen modieus, denk aan Charlottesville.

Identiteitspolitiek is makkelijk en het naar voren brengen als verschijnsel vergt weinig kennis over geschiedenis, economie of maatschappij. Identiteitspolitiek is vakantie van de echte politiek. Praten over identiteitspolitiek is gemakzucht. Identiteitspolitiek is een afleiding van sociaal-economische aspecten als machtsdeling, eigendomsverhoudingen, belastingontwijking en inkomensongelijkheid. Praten over identiteitspolitiek valt de gevestigde orde niet aan, maar onderschrijft die juist. Via een omweg, die blijkbaar de activisten van De Grauwe Eeuw niet doorzien.

Door zich over identiteit een moralistisch oordeel toe te eigenen en dat tegelijk de anderen te ontzeggen menen radicalen vanaf beide flanken straffeloos het centrum onder vuur te kunnen nemen. Zelf leggen ze geen verantwoording af. Aan wie zouden ze dat moeten doen? Aan hun eigen geweten? Leden van De Grauwe Eeuw opereren anoniem als vrijschutters van de publieke opinie. Projectie van standpunten van anderen voor wie ze zeggen op te komen is hun focus. Het is dus ook nog eens oncontroleerbaar hoe gemeend en vrij van bijbedoelingen hun standpunten zijn.

Radicalen wanen zich in hun zelfbeeld de helden die alles mogen zeggen en kunnen doen vanwege de omstandigheden die de uitzonderingstoestand zouden rechtvaardigen. Dat wil zeggen, voor henzelf, niet voor de vertegenwoordigers van de staat. Die moeten zich aan de regels van de rechtsstaat houden. Radicalen niet. Een open debat wordt vermeden omdat dat burgerlijk en achterhaald zou zijn. Zo werkt de bunkermentaliteit van radicalen die geen tegenspraak veelt.

Net als alt-right voorman Stephen Bannon willen radicalen als rechtgeaarde Leninisten de staat ontmantelen. Daar passen alle middelen bij. Uitleg om de eigen daden te rechtvaardigen is daarbij geen hoofdzaak, maar eerder een halfslachtige beeldvorming tussen werving, propaganda en de schijn van argumentatie in.

De framing door te spreken over witte hegemonie dient ongetwijfeld ter motivatie en opwaardering van de achterban zodat het eigen vuistje uiteindelijk tot een krachtige vuist wordt. Wat wil een politieke actiegroep nog meer dan aandacht en perspectief op de macht?

De weerbare democratie laat zich alles aanleunen en heeft een hoge tolerantiedrempel. De anonieme leden van De Grauwe Eeuw weten toch dat hun rechten gewaarborgd zijn en ze in de rechtsstaat zonder risico of gevaar voor eigen leven alles kunnen zeggen.

Zo dollen de radicalen verder in hun domein dat ook een speeltuin van nietszeggendheid is. Er staat niks op het spel. De gevestigde orde tolereert het en calculeert in dat het roepen vanaf de marge er nu eenmaal bij hoort. Vanuit het perspectief van de zittende macht is het zelfs beter dat het lawaai blijft klinken vanaf de marge. Dat lawaai versterkt automatisch het eigen tegengeluid.

Actiegroep De Grauwe Eeuw is de ideale excuustruus van de macht.

Foto: Schermafbeelding van FB-pagina van actiegroep  ‘Geen 4 mei voor mij’ met aankondiging van demonstratie tijdens de Nationale dodenherdenking op 4 mei 2018.

Kwestie Henk van Deún en de ULU-moskee: Het simplisme van DutchTurks steekt dat van de PVV naar de kroon

leave a comment »

In het opinie-artikelHet PVV-gif in de samenleving is het product van pro-israëlische haatgroepen’ op het ‘Turks-Nederlandse’ DutchTurks bestrijdt Volkan simplisme met simplisme. Hij is naar eigen zeggen ‘Political reporter, blogger, concerned citizen’. Het blog zegt over zichzelfeen multicultureel en multireligieus platform dat een niche opvult, als er al gesproken kan worden van links of rechts, aan de linkerzijde van het mediaspectrum.’ Of dat betekent dat DutchTurks zich ook links van het politieke spectrum plaatst is de vraag.

Het stuk van Volkan gaat in op een uitspraak van de lijsttrekker van de PVV in Utrecht Henk van Deún voor de gemeenteraadsverkiezingen op 21 maart 2017. Van Deun zei in een radiointerview voor Bingo FM dat hij de Utrechtse ULU-moskee liever ziet afbranden. Van Deún nam achteraf afstand van zijn uitspraken die hij ‘onhandig’ noemde. Raadsleden van diverse partijen spraken hun afkeuring uit over de uitspraak van de PVV’er waar een ongeoorloofde oproep tot geweld in werd gezien. De ULU-moskee wordt beheerd door de Islamitische Stichting Nederland (een tak van het soennitisch-Turkse directoraat Diyanet), aldus Wikipedia.

Maar de opinie van Volkan gaat verder dan nodig is om de uitspraak van Van Deún af te wijzen en in een context te plaatsen. Hij overtreft de rancune van Van Deún met zijn eigen rancune. Of onmacht. In zijn opinie maakt Volkan het nog bonter dan Van Deún. Dat is niet mis, want het is een hele prestatie om de domme uitspraak van Van Deún in dommigheid en blinde haat te overtreffen. Maar het lukt Volkan. Dat geeft te denken over de democratische gezindheid, het gezond verstand en de journalistieke koers van DutchTurks.

Kritiek op Volkans opinie is tweeledig. Die is impliciet antisemitisch door het gebruik van verwijzingen als ‘pro-israëlische haatgroepen’ en een opsomming van joodse opinieleiders die ‘islamofoob’ zouden zijn. Volkan censureert zichzelf door ‘joods’ ‘Israëlitisch’ te noemen. Dat verandert niets aan het antisemitisme dat uit zijn opinie spreekt. Zijn benadering is eerder cultureel dan politiek. Zelfs de plichtmatige verwijzing naar de Joodse George Soros onthoudt Volkan ons niet. De nuancering die in Volkans opinie ontbreekt is dat de Hongaars-Amerikaanse Soros Kop-van-jut van aanhangers van alt-right, neo-nazi’s of Trumps achterban is.

Volkan mist de tweedeling binnen extreem-rechts over Israël en de acceptatie van Joden. Dat varieert van de omarming van Israël die vaak vanuit een christelijke invalshoek wordt beredeneerd tot een afwijzing die joden niet accepteert als wit. In de reacties bij een commentaar over Leon de Winter geef ik verwijzingen naar dat debat. Volkan mist dat er een oorlog of op zijn best gewapende vrede bestaat tussen de Joden en de niet-Joden binnen de regering Trump. Volkan zal het niet willen toegeven of ten volle beseffen, maar met zijn starre opinie zonder grijstinten zit hij op dezelfde lijn als de Daily Stormer, Steve Bannon of Richard Spencer.

Groepsdenken over moslims door radicaal-rechts geeft geen afdoende verklaring omdat het voorbijgaat aan nuances tussen en individualisering van moslims. Groepsdenken door moslims is evenzeer contra-productief en zinloos omdat het voorbijgaat aan de gelaagdheid en verscheidenheid van de wereld. Volkan redeneert net als Henk van Deún en andere scherpslijpers volgens een zwart/wit-schema dat alles omvat. Daarmee poetst hij wat niet in zijn kraampje komt uit zijn betoog weg dat daarom geen weergave is van wat er werkelijk aan de hand is. Zoals het zo goed als in de steek laten van de Palestijnen door de Arabische wereld. Gelukkig vormen hardliners als Volkan, Van Deún, Wilders of Baudet een minderheid. Ze moeten het met hun retoriek hebben van het aandikken van het onderlinge verschil met hun tegenpool aan de andere kant van het politieke spectrum. Maar de wijsheid en de nuancering liggen in het midden. Noch bij Henk van Deún, noch bij Volkan.

Foto: Schermafbeelding van deel artikel ‘Het PVV-gif in de samenleving is het product van pro-israëlische haatgroepen’ van Volkan op DutchTurks, 9 januari 2018.

Racistische uitspraak van Trump is minachtend, kortzichtig en politiek dom

with one comment

President Trump heeft kritiek gekregen over een uitspraak die velen als racistisch en grof zien. Hij zei in een bijeenkomst met senatoren over immigratie ‘Why are we having all those people from shithole countries come here?’ Hiermee verwees hij volgens sommige aanwezigen naar Haïti en Afrikaanse landen. Trump voegde nog toe dat immigranten uit landen als Noorwegen zijn voorkeur genieten. Hij sprak op 10 januari met de Noorse premier Erna Solberg. Eruit blijkt dat Trump het verschijnsel immigratie niet doorgrondt. Migranten verhuizen naar een ander land in de verwachting om het voor zichzelf of hun kinderen beter te krijgen. Wat het voordeel voor Noren zou zijn om de verworvenheden van hun goed georganiseerde, egalitaire verzorgingsstaat in te wisselen voor de VS met een onberekenbare president, een onberekenbaar en vastgeroest politiek systeem dat danst naar de pijpen van big money en een in snel tempo afbrokkelende verzorgingsstaat is de vraag.

Is Trump een racist? Ja, dat is hij en is geen verrassing. In vele commentaren wordt opgemerkt dat Trump een uitzondering is. Andere presidenten toonden in het openbaar in woord en daad -zoals hulpprogramma’s- compassie met minder bedeelden in minder bedeelde landen. Trump probeert zijn minachtende houding niet eens te verbergen. Hij gaat ermee de boer op om zijn steeds smaller wordende basis -die dik onder de 40% is gezakt- krampachtig vast te houden. Meest verbazingwekkend is nog de uitblijvende reactie van kerkelijke leiders en zijn partij om afstand te nemen van dit soort uitspraken van Trump. Kerken en de Republikeinse partij lopen de kans om voor tientallen jaren de steun van jongeren -de Millennials– te verliezen. De gezaaide wind wordt bij de tussentijdse verkiezingen van november 2018 voor het eerst als storm geoogst.

Gedachten bij een oproep tot boycot van rapper Boef

with 4 comments

Programmamaker Guilly Koster gaat in op de oproep tot boycot van de Frans-Nederlandse rapper Boef. Met voorbeelden uit het lichte amusement toont hij dat wat Boef heeft gezegd niet uitzonderlijk is. Boef wordt erop afgerekend en andere artiesten als Hans Teeuwen of Youp van ’t Hek niet. Er lijkt hier met twee maten te worden gemeten omdat Boef een moslim is. Wat trouwens in een geconditioneerde reflex wordt gerelativeerd door de geïnstitutionaliseerde islam zoals godsdiensten altijd afstand nemen van probleemgevallen in eigen huis om hun blazoen schoon te poetsen. Of Boefs huidskleur of religie de hele verklaring is valt te betwijfelen.

Het lijkt er eerder om te gaan dat Teeuwen en Van ’t Hek publiekstrekkers in theaters en op televisie zijn, politieke dekking hebben en een machtspositie hebben opgebouwd die Boef mist. Maar wel vanuit hun witheid. Daarom heeft een oproep tot boycot bij de machteloze Boef succes en bij Teeuwen en van ’t Hek niet. Daarom richten de pijlen van verontwaardiging zich op Boef omdat de anderen onschendbaar zijn voor kritiek.

Wat in Kosters betoog ontbreekt is de context waarin deze artiesten hun uitspraken doen. Satire vormt binnen het cabaret een alibi om straffeloos alles te kunnen zeggen. Die context ontbreekt bij Boef. Dat is zijn pech.

Nederlands cabaret is een stilzwijgende afspraak aan twee kanten. Het is een uitlaatklep voor de gevestigde orde om binnen de bescherming en grenzen van een gedramatiseerde alsof-situatie voor burgermannetjes door burgermannetjes alle burgermannetjes en burgervrouwtjes van Nederland af te zeiken. Nederlands cabaret is een door de overheid getolereerd en geregulariseerd escapisme. De oproep tot boycot van Boef kan via een omweg als herkenningsteken van zijn authenticiteit worden opgevat. Het lijkt alsof wat hij zegt echt waar is en hij gemeend zegt. Die indruk ontbreekt bij de spelende en vrijblijvende Teeuwen en Van ’t Hek.