George Knight

Debat tussen links en rechts

Posts Tagged ‘Werkgroep

Bevestigt een goedbedoelde tentoonstelling in Dordrecht over gevluchte lhbti’ers stereotyperingen over zwarte Afrikanen of niet?

leave a comment »

Tot 24 maart zijn in Dordrecht op de tentoonstelling ‘No land for love’ in een pand op de Spuiboulevard 4 ‘beelden van gips en glas te zien van lhbti-asielzoekers die naar Nederland vluchtten’, aldus een bericht van RTV Dordrecht. Maker is Marcel Joosen. De expositie is onderdeel van de ‘Roze Ode aan de Synode‘: vrijdag vindt in de Grote Kerk een congres plaats over de verhouding tussen religieuze instellingen en LHBTI’ers.

Vraag is of de tentoonstelling stereotyperingen over zwarte Afrikanen bevestigt of niet. Ik kan hierover geen uitspraak doen omdat ik de tentoonstelling niet heb gezien, maar de video doet me sterk de wenkbrauwen fronsen over het getoonde. Het doet me denken aan de kritiek die onlangs ontstond bij het heropende en herbouwde Afrika Museum in het Belgische Tervuren. Zie hier mijn commentaar daarover. Weliswaar ging die kritiek over ‘koloniale propaganda’ die het museum zou goedpraten en directeur Guido Gryseels ontkende. Hij zei zich verkeerd begrepen te hebben, en meende het goede te doen. Maar iets wat goedbedoeld is, kan toch voor sommigen goed verkeerd uitpakken. Dat lijkt de overeenkomst met de tentoonstelling in Dordrecht.

Foto: Impressie van de tentoonstelling ‘No land for love’ met beelden van Marcel Joosen in berichtTentoonstelling in teken van gevluchtte lhbti’ers’ van RTV Dordrecht, 14 maart 2019.

VN-werkgroep heeft harde kritiek op België en het Afrika Museum

with one comment

Op 17 januari 2013 schreven leden namens vier VN-organen (Werkgroep van mensen van Afrikaanse afkomst; de speciale rapporteur van culturele rechten; de onafhankelijke expert van minderhedenkwesties; en de speciale rapporteur over hedendaagse vormen van racisme, raciale discriminatie, vreemdelingenhaat en aanverwante intolerantie) een brief naar de Nederlandse regering om de feiten en het anti-racisme beleid te checken. Ze zeiden ervan op de hoogte te zijn gebracht dat ‘de Nederlandse viering van Zwarte Piet elk jaar deel is van het Sinterklaasfeest en voorafgaat aan en de viering van de kerstman begeleidt’. Zwarte Piet zou racistische stereotyperen bevestigen. De afloop is bekend, de Nederlandse regering ondernam actie en zette een programma in werking waarin de stereotyperingen geleidelijk werden ontdaan van hun ergste racistische kenmerken. Eind goed, al goed, hoewel dat door velen in het Nederlandse debat anders wordt ervaren.

Afgelopen week bezocht de Werkgroep van mensen van Afrikaanse afkomst (‘Working Group of Experts on People of African Descent‘) België. Met andere leden dan in 2013. In een persverklaring van 11 februari 2019 komt het met een lijst van 74 opmerkingen waarvan enkele pittig zijn. De werkgroep constateert binnenlandse racistische discriminatie (‘racial discrimination is endemic’) aldus de inleiding van een verklaring over de eigen werkwijze. In september 2019 volgt een eindrapport. Het verschil met de brief uit 2013 die aan Nederland was gericht en diende om de feiten te checken en de Nederlandse regering een mogelijkheid tot antwoord gaf is dat de toon van de persverklaring harder is. Dat heeft in de Belgische samenleving tot felle reacties geleid.

Zoals bovenstaand artikel in Het Nieuwsblad verduidelijkt voelt directeur Guido Gryseels van het pas heropende en herbouwde Afrika Museum in Tervuren zich verkeerd begrepen. In de persverklaring noemt de werkgroep het Afrika Museum, ofwel Royal Museum for Central Africa (RMCA) op twee plekken. De werkgroep geeft aan dat het beseft dat het Afrika Museum wel heeft geprobeerd om het koloniale perspectief te verbreden door opname van kritiek daarop, maar daar slecht in zou zijn geslaagd omdat het daarin niet ver genoeg is gegaan. De werkgroep meent dat het van belang is dat het museum ‘alle koloniale propaganda’ verwijdert en de wreedheden van Belgische koloniale verleden nauwkeurig presenteert.

Directeur Guido Gryseels ontkent de aantijgingen en meent dat die ‘koloniale propaganda’ tot het erfgoed behoort en daarom getoond moet worden. Dat het daarom niet voor de hand ligt om die objecten te verwijderen, des te meer omdat het museum ze volgens hem wel van een context, een kritische bijsluiter heeft voorzien. Dit verschil van mening lijkt terug te voeren tot een verschil in perspectief én taakopvatting tussen mensenrechtenactivisten en museale of erfgoed-specialisten. Hun werelden zijn zo verschillend dat ze elkaar niet begrijpen. Daarnaast wijzen beide partijen ook op een geleidelijk proces dat nog in ontwikkeling is en de oplossing in zich draagt. Net als bij het Zwarte Piet-debat in Nederland. Verschillen zijn overbrugbaar.

Punt 13 uit de verklaring roept vragen over de onderbouwing van de werkgroep op: ‘Het maatschappelijk middenveld meldde gemeenschappelijke uitingen van rassendiscriminatie, xenofobie, Afrofobie en daaraan gerelateerde onverdraagzaamheid waarmee mensen van Afrikaanse afkomst worden geconfronteerd. De grondoorzaken van de hedendaagse mensenrechtenschendingen liggen in het gebrek aan erkenning van de ware omvang van geweld en onrechtvaardigheid van kolonisatie.’ Dat er racisme jegens donkergekleurde mensen in België voorkomt leidt geen twijfel en moet door regeringsbeleid aangepakt worden. Vraag is of de werkgroep de oorzaak ervan juist ziet, dientengevolge wel tot de goede aanbevelingen komt en niet blijft hangen in een denkfout. Want het is de vraag of de samenhang tussen racisme en kolonialisme zo is dat racisme altijd voortkomt uit kolonialisme. Het koppelt namelijk slachtoffers van racisme in alle gevallen aan kolonialisme. Dat kan niet de bedoeling van de werkgroep zijn, maar komt zo toch in de beeldvorming over.

De werkgroep verbindt al het racisme jegens mensen van Afrikaanse herkomst in België aan het Belgische kolonialisme in Afrika. Dat is een lastig te verdedigen standpunt. Een kolonialisme dat in de jaren ’60 van de vorige eeuw met een klap eindigde, weliswaar achter de schermen economisch en politiek nog tientallen jaren voortduurde, maar toch in de Belgische samenleving al meer dan 50 jaar een taboe-onderwerp is. In die zin heeft de werkgroep gelijk dat er volop winst te halen is door bewustwording van de bevolking over de nadelen en wreedheden van het kolonialisme. De paradox is dat de bewustwording inzichtelijk kan worden gemaakt met de voorbeelden die in het Afrika Museum in Tervuren worden getoond. Maar evengoed kan verdedigd worden dat de beste methode om het racisme te bestrijden er juist in bestaat om het los te koppelen van het historisch kolonialisme doordat dit laatste een te beperkt perspectief biedt op het hedendaagse racisme. Zo’n koloniale invalshoek verklaart actuele culturele, sociale en economische ontwikkelingen onvoldoende.

Foto 1: Schermafbeelding van deel artikelVN heeft zware kritiek op vernieuwd AfricaMuseum: “Alle racistische beelden moeten verdwijnen”’ in Het Nieuwsblad, 12 februari 2019.

Foto 2, 3 en 4: Fragmenten uit de persverklaring (‘Statement to the media by the United Nations Working Group of Experts on People of African Descent, on the conclusion of its official visit to Belgium, 4-11 February 2019′) van het Bureau van de Hoge Commissaris van de Verenigde Naties voor de mensenrechten, 11 februari 2019.

Jan Cunen Museum moet sluiten. Ondanks breed protest

with 9 comments

2000_evolutieaquarium

Update 10 januari 2015: Is het toeval dat de ontvangst van het plan dat extern adviseur Marco van Vulpen van het Amersfoortse BMC voor de verzelfstandiging voor het Jan Cunen Museum geeft uitgewerkt met teleurstelling wordt ontvangen? Kritiek van oud-directeuren is dat de inbreng van de burgers en kunstenaars uit de stad Oss en omgeving hierin ‘totaal verwaarloosd’ wordt, aldus Het Brabants Nieuwsblad. Oud-wethouder voor de SP Jules Iding voorspelt dat het op deze manier een mottenballenmuseum wordt. Het voorliggende plan wijkt volgens Iding en de oud-directeuren af van het besluit dat de Osse gemeenteraad vorig jaar nam over de toekomst van het museum. Van Vulpen was ook betrokken bij de planontwikkeling van Museum Oud-Amelisweerd in Bunnik die volgens critici niet op een bestuurlijk correcte wijze is verlopen. 

Sluiting van het Jan Cunen Museum in Oss gaat door als er geen externe financiering gevonden wordt. De bezuinigingen van een half miljoen euro op het museum en het Stadsarchief zet de gemeente Oss volgens plan door. Zo bleek gisteren uit de behandeling van de Voorjaarsnota. De SP, D66, Beter Oss en GroenLinks stemden tegen. Uit die korting trok directeur Nicolette Bartelink eerder de conclusie dat voortzetting niet zinvol is. Ondanks een hoop verontwaardiging van kunstliefhebbers, een pleidooi van kunstenaars als Paul Klemann en Mai van Oers, Jan Marijnissen, een protestsite, een petitie, de initiatiefgroep Red Museum & Archief en het ultieme konijn uit de hoed van het Nederlandse poldermodel: ‘een werkgroep van wijzen‘.

Is het erg dat het Jan Cunen Museum in Oss moet sluiten? Ach, Nederland, Brabant en Oss overleven het wel. Ondanks het feit dat een meerderheid van de bevolking tegen sluiting is, inclusief de Osse ondernemers en de Rotary die vrezen voor een verslechterd vestigingsklimaat. Het deert de collegepartijen VVD, CDA, PvdA en Voor De Gemeenschap niet. De macht van het getal is hun argument. Vooraf zei de Osse VVD dat ‘exploitatie van een museum geen primaire gemeentelijke taak is‘. Met als eindplaatje ‘Een zelfstandige cultuursector‘. Met dezelfde redenering kan alles verzelfstandigd worden: onderwijs, zorg, gevangenissen of krijgsmacht.

Directeur Peter Jongsma van het Golfbad verwoordt in een tweet als antwoord op SP’er Jules Iding opnieuw het gezonde volksoordeel: ‘Kunst IS elitair! Vandaar zoveel subsidie voor handje vol bezoek.’ De culturele sector zou zich dit standpunt aan moeten trekken. Een schande is het trouwens niet dat kunst elitair is. Zoals in een land vol minderheden sport, film, popmuziek, religie of De Efteling ook elitair zijn. Met een Museumkaart werden in 2012 19,5 miljoen bezoeken aan een Nederlands museum gebracht. Het geeft mensen veel plezier. Een massale elite, zoals ook de top-50 dagattracties over 2012 leert met 10 musea. Deze mix van musea, attractieparken, dierentuinen, zwembaden en recreatiegebieden biedt elk wat wils. Oud, jong, laagopgeleid, hoogopgeleid, sportief, natuurliefhebber, cultuurliefhebber, energiek, intellectueel, reflectief, noem maar op.

Het Jan Cunen Museum is onderdeel van die infrastructuur. Wie aan de onderkant onderdelen weghaalt moet niet verbaasd zijn als na verloop van tijd het hele bouwwerk instort. Da’s de consequentie van de sluiting van een plaatselijk museum met landelijke uitstraling. Da’s precies de verantwoordelijkheid van het Osse college.

Foto: Paul Klemann, Aquarium of evolution. Tekening, 2000. Credits: Paul Klemann.