George Knight

Debat tussen links en rechts

Posts Tagged ‘Volkskrant

Antwoord over huur Museum Oud-Amelisweerd vertraagd

leave a comment »

STAM

Hoe staat het eigenlijk met de levensvatbaarheid van Museum Oud-Amelisweerd? Op 21 juni 2012 gaf de Utrechtse raad onder strikte voorwaarden toestemming voor een krediet dat bedoeld is voor het herstel van het rijksmonument waarop Utrecht terecht trots is. Exploitant Stichting Museum Oud-Amelisweerd is daarom op eigen initiatieven aangewezen. Een zware opgave met de huidige economische tegenwind. Gerenommeerde culturele instellingen hebben geluk als ze gekort worden en mogen overwinteren. Utrecht stopt geen cent gemeenschapsgeld meer in het gebouw zo heeft de raad expliciet bedongen en de wethouder toegezegd. Alleen zo kon een meerderheid ontstaan waarbij ook de kritische VVD en D66 zich uiteindelijk voegden.

Na de tijdelijke tentoonstelling ‘Het Gebouw‘ van 7 september tot 7 oktober 2012 met medewerking van de Utrechtse galerist en ondernemer Jaap Sleper werd het weer stil in het bos van Oud-Amelisweerd. Maar er ligt nog de motie 2012/M055 die vraagt om zorgvuldig beheer en een heldere huurprijs. Want dat laatste ontbrak in juni 2012. Wethouder Lintmeijer compliceerde het debat over de WOZ-waarden en huurwaarden van land- en koetshuis. Mede door schuivende bedrijfsplannen die als communicerende vaten op elkaar in werken.

Op 7 september 2012 begreep ik van de verantwoordelijke ambtenaar dat er reeds een second opinion was gevraagd en dat de antwoorden naar verwachting in de eerste week van oktober naar de raad gestuurd zouden worden. Technische informatie was dus al in september beschikbaar. Maar drie maanden later is er nog steeds niets gestuurd. In de planning staat dat uiterlijk in het vierde kwartaal van 2012 de raad het antwoord van het College over de huur had moeten ontvangen. Met een verdeling tussen land- en koetshuis. Da’s niet gebeurd. Ook die termijn is gepasseerd. Het is volop gissen naar de reden van het oponthoud.

MOAHuur

Foto 1: Schermafbeelding Stand van zaken op 7 januari 2012 van de commissie Mens en Samenleving op de site van de gemeente Utrecht.

Foto 2: Tekst van de aangenomen motie 2012/M055 van 21 juni 2012.

Terughacken door overheid beperkt privacy en cybersecurity

with one comment

Minister Ivo Opstelten van Veiligheid en Justitie wil dat de overheid terug gaat hacken. Daartoe wil hij meer opsporingsbevoegdheden. Hij licht zijn voorstellen toe in een brief aan de Tweede Kamer. Ze moeten begin 2013 leiden tot een conceptwetsvoorstel. ‘Er is een inhaalslag nodig om de opsporing en vervolging van cybercrime te versterken.’ Een en ander betekent dat de overheid computers, maar ook mobiele telefoons binnendringt en er zelfs spyware plaatst. De voorstellen kunnen nog bijgesteld worden door de politiek.

Ze zijn in lijn met wat Ronald Prins van Fox-IT zegt. Webwereld noemde het al in 2010 zijn stokpaardje: De overheid moet terug kunnen hacken. Omdat het nu over het randje van het toelaatbare gebeurt doordat het in strijd met de mensenrechten is, dient blijkbaar de wet aangepast te worden. De overheid is de grootste opdrachtgever van Fox-IT zodat dit bedrijf belang heeft bij de uitbreiding van de opsporingsbevoegdheden.

Directeur Ot van Daalen van digitale burgerrechtenbeweging Bits of Freedom noemt in De Volkskrant de voorstellen schokkend. Hij ziet in terughacken door de overheid geen oplossing, maar juist een risico voor de cybersecurity. Want een lek dat de politie gebruikt wordt niet gerepareerd, maar biedt cybercriminelen of China de mogelijkheid om in te breken. Terughacken maakt systemen kwetsbaar, is lastig binnen de perken te houden, heeft een internationale dimensie met onvoorziene gevolgen, kan tot misbruik in de opsporing leiden en raakt ook aan de privacy van burgers die deel van een onderzoek worden. Het voorstel is slecht doordacht.

Foto: Sworup Nhasiju

Groen licht voor Museum Oud-Amelisweerd ondanks bezwaren

with 9 comments

Update 28 juni: Geen besluit zonder spin. De slag in de publiciteit gaat niet over gelijk hebben, maar over gelijk krijgen. Op radio 1 (26 juni: 7.20/8.20/9.20) claimt de beoogd directeur van Museum Oud-Amelisweerd haar gelijk, samen met wethouder Lintmeijer die niet over de inhoud gaat, maar wel over de inhoud praat. Oud-hoofdconservator en vriend van Armando Rini Dippel ziet de combinatie Armando en Oud-Amelisweerd als ongelukkig. Hier geven raadsleden en fractiemedewerkers van PvdA-Utrecht, GroenRechts-Utrecht en Trots-A’foort hun mening. Ieder denkt het zijne of hare. Het gelijk bestaat niet. Gelijk krijgen blijkbaar wel. 

De Utrechtse gemeenteraad heeft gisteravond met een onverwachts grote meerderheid ingestemd met de kredietaanvraag Oud-Amelisweerd. Ter elfder ure voegden VVD en D66 zich bij een meerderheid die mogelijk werd door het CDA. Omdat cultuurwethouder Frits Lintmeijer de restauratie van dit rijksmonument koppelde aan de Stichting Museum Oud-Amelisweerd wordt aan deze de exploitatie gegund. Maar er bestaan in de raad twijfels over de onderbouwing van het ondernemingsplan, de concurrentiekracht en dus de levensvatbaarheid van dit museum. VVD en D66 legden dit in moties vast die door de wethouder werden overgenomen. Hij zegt toe dat Utrecht via de huur of steun geen cent aan de exploitatie zal bijdragen. Ook niet bij een faillissement.

Het nieuwe museum is een voortzetting van het Armando Museum dat in 2007 na de brand in de Elleboogkerk uit Amersfoort moest verdwijnen omdat een nieuw college om economische redenen eenzijdig een contract uit 1998 met Armando, zijn ex-echtgenote Tony de Meijere en de Stichting Armando verbrak. Toenmalig cultuurwethouder van Amersfoort Mirjam Barendregt belde wethouder Lintmeijer om hem over een alternatieve locatie te polsen. Ervoor en erna waren er allerlei sondaties, intenties, plannen en onderzoeken van een stevige lobby die parallel liep aan de besluitvorming van de Utrechtse raad. En deze feitelijk verving.

In het slotdebat hadden raadsleden de mond vol over ‘cultureel ondernemerschap‘ van een exploitant op afstand. Het CDA vergeleek het met een snackbar waarover de gemeente ook niets te zeggen heeft. Een rare vergelijking omdat Utrecht geen snackbars in eigendom heeft en Oud-Amelisweerd een rijksmonument is met zeldzaam 18de-eeuws behang. Het mooiste wat Utrecht te bieden heeft. De verwijzing naar ‘cultureel ondernemerschap‘ is dubbelzinnig omdat de raad er bij de wethouder nooit op heeft aangedrongen om actief ondernemers te interesseren. Vanaf eind 2010 was duidelijk dat het Armando Museum het moest worden.

De debatten over Oud-Amelisweerd hebben de kunstenaar Armando beschadigd. Hoewel betrokken bestuurders het ongetwijfeld goed bedoelden hadden ze zich zijn positie beter moeten beseffen toen ze met elkaar hun plannen bespraken. Er was sprake van een dubbele gijzeling. Armando werd gegijzeld door het Armando Museum en had geen behoefte om na Amersfoort nog een nieuwe stap te zetten. Tony de Meijere haalde in 2011 haar eigen collectie weg bij het Armando Museum en gaf het in bruikleen bij het Kröller-Müller Museum. Zijn ongenoegen liep zo hoog op dat Armando voorjaar 2011 ook zijn collectie weghaalde bij het Armando Museum. Dat betekende het einde aan alle plannen. Armando ging na druk uiteindelijk overstag. Vanuit die positie kon het Armando Museum als enige kandidaat de gemeente Utrecht gijzelen.

Kranten als NRC en de Volkskrant hebben nauwelijks aandacht besteed aan de huisvesting van de Armando Collectie. Toch een interessant cultuurpolitiek onderwerp. Alleen toen het om de poppetjes ging besteedde de Volkskrant aandacht aan de belangenverstrengeling tussen twee hoofdrolspelers en partners. Edwin Jacobs, de directeur van beheerder Centraal Museum en Yvonne Ploum, directeur Armando Museum. Het AD deed het beter door het te coveren vanuit het lokale nieuws. Het typeert waar het de politiek en media om gaat. Niet de zaak is van belang in publiciteit en gemeenteraad, maar de macht en de poppetjes. Cultuur is een bijzaak.

Foto: Armando (links) en Jan Cremer, 1960

Heilig geloven ontneemt ons het weten: Antoine Bodar

with 5 comments

Altijd weer genieten als de geest van Antoine Bodar de goddelozen fileert. VK-Opinie geeft deze katholieke leidsman ter ere van Pasen de ruimte in het stuk Heilig weten ontneemt ons het geloof. De titel krijgt door de toevoeging ‘Heilig’ ironische lading. Bodar bereikt ermee dat heilig weten en heilig geloven gelijkgeschakeld worden. Da’s niet het eerste leugentje van de jokkebrokkende eerwaarde. Het wordt nog verwarrender. 

Bodar schrijft: Christenen verkondigen dat Christus uit de doden is opgestaan. (..) Hoe kunnen dan sceptici onder u, vaderlanders, weten dat verrijzenis van de doden niet bestaat? Als die niet zou bestaan, dan zou Jesus de Christus niet zijn opgestaan en dan zou onze prediking toen, tweeduizend jaar geleden, en nu nog steeds zinloos zijn en dus geloof in Christus waardeloos. Daarom blijft de verkondiging van Christus en Zijn verrijzenis. Die is noodzakelijk.

Bodar baseert zijn argumentatie uitsluitend op ondersteunend bewijs. Hij voert geen enkel direct bewijs aan voor de verrijzenis van Christus, maar speelt het via het geloof in de verrijzenis van Christus en de vermeende zin daarvan. Zijn redenering komt erop neer dat een klein aantal mensen voor korte tijd voor de gek gehouden kan worden. Maar dat veel mensen gedurende eeuwen niet bedrogen kunnen worden. Vanwege de grootte zou een godsdienst niet waardeloos kunnen zijn. Deze moral hazard van religie is een onzinnig argument.

Mensen leven in hun eigen werkelijkheid en ontlenen daar zin aan. Ze zijn pas in volle harmonie met hun activiteit als ze zichzelf via een omweg hiervoor kunnen belonen. Dat weifelt tussen weten en niet-weten omdat het naast de werkelijkheid kijken de natuurlijkheid van de activiteit vergroot. Die indirecte claim op vanzelfsprekendheid is deel van het plan. De diepte van de zin lijkt immens en van buiten te komen. Maar mensen leggen het er eerst zelf in. Precies wat Bodar doet met zijn religie.

Individuen hebben er behoefte aan om opgenomen te worden in een groter verhaal. Dat hoeft geen religie te zijn. Gamers kennen hun virtuele werkelijkheid die zwaarder weegt dan de echte werkelijkheid. Voor Second Life geldt hetzelfde. Kinderen geloven dat heksen op bezems vliegen en reuzen met zevenmijlslaarzen over de aarde denderen. Filmliefhebbers zien zombies uit hun graf opstaan of Chinese zwaardvechters door de lucht dansen. Door de kracht van het verhaal vergeten ze de montage.

Bodar opereert met zijn theologie in het domein van de sociale wetenschappen. Zijn maatschappijkritiek snijdt hout, maar is breder dan de positie van het Christendom. Bodar komt tot zijn kern: In tegenstelling tot agnosten (..) beweren veelal atheisten slechts beter na te denken dan gelovigen. In feite denken zij anders na en wensen  hun denken te beperken tot het verstand alleen – de leiding gevende faculteit van de mens, nochtans niet de enige. In dit kader moet herhaald worden dat het niet bestaan van God even onbewijsbaar is dan het wel bestaan van God. 

Opmerkelijk is dat Bodar agnosten voor hun twijfel aan het bestaan van God looft, maar voor atheisten in hun ontkenning geen goed woord over heeft. Paradox is dat gelovigen evenmin twijfelen maar toch gespaard blijven voor zijn hoon. Bodar vermengt doel en middelen. Zijn heilig doel heiligt alle middelen. Twijfelen aan God als constructie van de mens is hetzelfde als twijfelen aan het bestaan van de mensheid.

Als niet aan te tonen valt dat God buiten de mens bestaat, dan is het de verantwoordelijkheid van de gelovers in God om die onbewijsbaarheid toe te geven. De bewijslast ligt immers bij degenen die beweren dat God bestaat. Zoals ik en niet Bodar moet bewijzen dat er groene marsmannetjes bestaan als ik dat zou stellen. Bodar bouwt een kathedraal van argumenten, zadelt anderen op met zijn gebrekkige bewijsvoering en laat de kern, het mysterie buiten schot.

Foto: Jongens aan het bidden in Willibrorduskerk, Amsterdam, 15 september 1951 (C IISG)