Naastenliefde: Van Kerst Inn (1960) tot Eetkast (2020)

Eind jaren 1960 kwam in Nederland de Kerst Inn in de mode. Interessant is wat een bericht van de TU Eindhoven daarover zegt. Het geeft perfect het tijdsbeeld van die tijd weer: ‘Rond de kerstdagen slaat het medeleven met de minder bedeelden in de samenleving onverbiddelijk toe. Aan het eind van de jaren zestig bouwt de THE een naam op met het organiseren van een zogenaamde Kerst Inn. Tweeduizend bezoekers komen in de kerstnacht naar het Auditorium voor een interkerkelijke dienst. Er is eten en drinken, de lokale kunstschilder Sjef Smeets vervaardigt live een paar grote schilderijen op panelen, er treedt een bewegingsgroep op en de muziek wordt verzorgd door de Experimental Lighttown Gospelsingers. Op eerste en tweede kerstdag gaan de deuren van studentencentrum de Bunker open voor bezoekers uit de stad. Er zijn optredens van wat we nu interculturele muziekgroepen zouden noemen.

In een toelichting legt toentertijd Ton de Wilde, een van de organiserende studenten, uit waarom er een Kerst Inn wordt gehouden: ‘Wij proberen om hier een maatschappelijke integratie tot stand te brengen tussen verschillende groepen welke normaal aan de rand van de maatschappij gesitueerd zijn, zoals studenten, buitenlandse arbeiders, ouden van dagen, gehandicapten en dergelijke. En tenslotte willen we proberen een alternatief te bieden voor de kerstviering zoals die vroeger plaats vond in de huiselijke kring, terwijl er duidelijk een andere behoefte bestaat op dit moment.’

Tijden veranderen en het medeleven met de minder bedeelden zoekt nieuwe vormen. De Kerst Inn van de jaren 1960 is vervangen door de Eetkast van de jaren 2020. Mensen die het minder breed hebben kunnen tamelijk anoniem en buiten groepsverband op buurtniveau hun voedsel halen uit een lokale voedselbank. Ook naastenliefde vindt nieuwe vormen.

Petitie over halalpakketten bij voedselbank kan breder opgevat worden. Scheiding van kerk en tafel

hal

In de petitie wordt met hallal waarschijnlijk halal bedoeld. Een islamitische term waarmee wordt aangegeven wat voor moslims toegestaan is. In dit geval gaat het om eten en drinken. Petitionaris Susanne van Beek verzoekt de Tweede Kamer om het voedsel bij de voedselbank halal te maken. Ze wil vooral varkensproducten vervangen. Maar dan komt er een verrassende tweetrapsraket. Eerst zet Van Beek uiteen voor wie ze opkomt: mensen die een beroep doen op de voedselbank en in hun eten en drinken belemmerd worden door hun geloof. Maar dan constateert ze belemmeringen bij de voedselbank. Zijn dat dezelfde belemmeringen? Want werpt het geloof nou belemmeringen op of de voedselbank? Om in voedseltermen te blijven: kip of ei?

Daarna constateert Van Beek dat in een multicultureel land de noodzaak bestaat om rekening te houden met geloofsovertuigingen. Daarin heeft ze gelijk. Zoals er met allerlei levensovertuigingen rekening gehouden dient te worden. De één eet geen rundvlees, de ander geen varkensvlees en de derde is vegetariër en eet helemaal geen vlees. Nederland is een land waarin een kleine minderheid zich niet door religie laat inspireren. Er zijn duizenden religies en levensovertuigingen met hun eigen gewoonten en voedselregels. Het zou verstandig zijn als er daarom duizenden soorten voedselpakketten bij de voedselbank zijn voor geloof A, A1, A2, A3, B, B1, B8, C5, D78, E44, E98 en de levensovertuigingen 1 tot en met 1500. Want als we dan toch een petitie opstellen laten we het dan gelijk goed regelen. In een hedendaagse taxonomie van het voedselpakket.

Foto: Schermafbeelding van petitie ‘Hallalpakketten bij de voedselbank’.

Ontkerkelijking neemt toe. Hoe kun je een kerkgebouw verkopen?

Door de ontkerkelijking komen kerken leeg te staan. Ze zijn door het teruglopende bezoek nauwelijks nog in gebruik. Wat moet het nieuwe verdienmodel van een gemeente of parochie zijn? In Overijssel wordt het onderzocht. Voedselbank, zorgcentrum of sportschool? Maar niet alle kerken wacht zo’n herbestemming.

Kent Nederland armoedebeleid? Is de welvaart verkeerd verdeeld?

Uit dit verslag resteert een gemengd beeld. En onzekerheid. Onduidelijk is wat de bron voor genoemde cijfers is. Hoe concreet is de beschrijving ‘het risico in armoede te vallen’? Dat kan inhouden dat een huishouden het nu nog redelijk goed heeft, maar dat donkere wolken van alle kanten op komen zetten. Zetten ze door?

Krapuul laat de welvaart de armoede ontmoeten in een kritisch verslag van Jaap de Pauw: ‘Momenteel, in 2014, zijn er zo’n 150 officiële voedselbanken in Nederland die wekelijks ongeveer 70.000 Nederlandse huishoudens van voedsel voorzien. Het zijn vooral mensen die in de schuldsanering zitten of een uitkering hebben, maar ook mensen met een klein inkomen en hoge vaste lasten, zoals zzp’ers.’ En: ‘En ook al is die armoede, zoals alles, relatief, het is een ziekmakende en uitzichtloze situatie waarin bijna 1 miljoen Nederlandse huishoudens verkeren. Ruim 200.000 huishoudens verkeren al langer dan 4 jaar achtereen in relatieve armoede. Ruim 300.000 kinderen groeien in armoede op. Het is de prijs die we betalen voor de geleende welvaart van de jaren 80 van de vorige eeuw. Het is mede het gevolg van de onbegrensde zucht naar winst van “de markt” en de financiële dienstverleners. Het is het gevolg van asociale politieke keuzes die gemaakt zijn en nog dagelijks gemaakt worden.’

Hoe kan de armoede in Nederland bestreden worden? Er zijn voorstellen voor een oplossing zoals het sluiten van de grenzen, het terugdraaien van de recente lastenverzwaringen, armoedebeleid dat de zwakkeren extra steunt of het extra belasten van de veelverdieners. Of moet er gekozen worden voor een radicale oplossing die leidt tot herverdeling van de welvaart? Maar wat is er voor nodig om dat te realiseren? Revolutie? Andere politieke machtsverhoudingen? Doelmatige politieke leiders met durf en compassie? Er is voorlopig geen antwoord. Het is met name onverteerbaar dat in een van de meest welvarende landen ter wereld honderdduizenden kinderen in armoede opgroeien en sociaal geïsoleerd worden. Dat zou niet zo moeten zijn en valt met name de politieke partijen aan te rekenen die de armoede vooral met mooie woorden bestrijden.

717px-Wybrand_Hendriks_(1744-1831),_De_Soepuitdeling,_1815,_Olieverf_op_doek

Foto: Wybrand Hendricks, De Soepuitdeling, (1815). Collectie: Teylers Museum Haarlem.