George Knight

Debat tussen links en rechts

Posts Tagged ‘Van Gogh Museum

Gedeputeerde Rijsberman denkt groot: een museum in het rijtje Stedelijk Museum, Van Gogh Museum en Rijksmuseum in Almere

with 2 comments

Het is een wetmatigheid van het Nederlandse openbaar bestuur dat in veel gevallen cultuurwethouders of gedeputeerden D66’ers zijn. Dat betekent grootse plannen en ambities, maar nog geen zeggenschap over het budget. Als dat door andere partijen wordt beheerd, dan komen de plannen nog verder in de lucht te hangen.

Gedeputeerde Michiel Rijsberman (D66) meent dat Almere een museum voor hedendaagse kunst moet krijgen dat wat status betreft past in het rijtje Stedelijk Museum, Van Gogh Museum en Rijksmuseum. Het idee is dat Almere ruimte heeft en zich daarom dient te specialiseren in grote kunstwerken. Een gedachte van het niveau Mickey Mouse. Toe maar, de vijand van goed is beter, en een museum dat past bij de schaal van Almere of Flevoland is niet goed genoeg. Wie herinnert zich Museum De Paviljoens in Almere dat op 1 september 2013 de deuren moest sluiten omdat de overheidssubsidie van de gemeente Almere stopte na negatief advies van de Raad voor Cultuur? Terwijl het tot de top van de Nederlandse kunstmusea gerekend werd. Precies waar het toen aan ontbrak gaat Rijsbergen nu verder: steun van het Rijk. Hij kent zijn klassieken en klutst toerisme, stadsontwikkeling en kunst door elkaar zoals het een modale D66’er in het openbaar bestuur betaamt.

Van Gogh Museum en Vans lanceren kledinglijn en schoenen. Dit zou eraan meehelpen om mensen te verrijken en te inspireren

with 2 comments

Het Van Gogh Museum heeft samen met het van oorsprong Californische Vans schoenen en een kledinglijn gelanceerd. Zakelijk leider van het museum Adriaan Dönszelmann zegt erover erg blij te zijn: ‘We zijn erg blij met de samenwerking tussen Vans en het Van Gogh Museum, omdat het project nauw aansluit bij onze missie om het leven en werk van Vincent van Gogh toegankelijk te maken voor zoveel mogelijk mensen om hen te verrijken en te inspireren.’ De claim is dat kleding en schoenen van Vans eraan meehelpen om via Van Goghs werk mensen te verrijken en te inspireren. De winst uit dit project ‘komt ten goede aan het behoud en het beheer van het nalatenschap van Vincent van Gogh en de kunst van zijn tijd’. Het museum heeft de afdelingVan Gogh Museum Enterprises’ die samen met bedrijven ‘branded producten’ ontwikkelt die zijn geïnspireerd op Van Goghs werk. Vans Global Marketing Manager Samantha Goretski verwoordt het in het filmpje vanuit Vans’ perspectief: ‘unfolding art as a fundamental vehicle for creative exploration’. Kunst ontplooien als fundamenteel middel voor creatieve verkenning. Het museum laat zich deze holle marketingtaal aanleunen.

Actiegroepen hebben kritiek op sponsorrelatie van het Van Gogh Museum met Shell

with 4 comments

Update 31 augustus 2018: Het Van Gogh Museum en het Mauritshuis hebben de sponsorrelatie met Shell met wederzijdse instemming beëindigd aldus een bericht van The Art Newspaper. 

De actiegroepen Fossil Free Culture NL en Fossielvrij NL protesteren tegen de sponsorrelatie van het Amsterdamse Van Gogh Museum met Shell. Een nieuwsbrief zegt: ‘Toon je deze zondagmiddag solidair met de performers van Fossil Free Culture NL! Zij verrasten het Van Gogh Museum afgelopen vrijdag met de onaangekondigde performance ‘Drop the Shell’, in protest tegen de giftige sponsorrelatie met oliereus Shell. Anders dan Tate en Louvre kan het Van Gogh Museum blijkbaar slecht omgaan met kritiek en stuurde gelijk de politie op hen af. Vier van de acht performers zitten nog steeds vast.

En: ‘Daarom hebben we last-minute onze plannen voor de afsluiting van de Global Divestment Mobilisatie gewijzigd. We vragen iedereen om naar de solidariteitsactie voor de #VanGogh8 te komen. We verzamelen vanmiddag om 14.00u bij de letters I AMSTERDAM op het Museumplein. We roepen het Van Gogh Museum op om geen aanklacht in te dienen, maar juist kritisch naar zichzelf te kijken.

Moeilijk om hier een mening over te vormen. Het Van Gogh Museum mag zelf kiezen met welke bedrijven het een sponsorrelatie aangaat. Waarom de actievoerders een zacht doel om te protesteren kiezen is de vraag. Waarom een museum als mikpunt en niet Shell is de vraag. Musea hebben het bij een terugtrekkende overheid toch al zo moeilijk om geld uit de markt te halen. Actiegroepen weten dat musea binnenshuis demonstraties niet kunnen toestaan in verband met de veiligheid. Het is jammer dat de actievoerders niet met de directie van het Van Gogh Museum tot een compromis voor hun actie zijn gekomen. In overleg hadden afspraken gemaakt kunnen worden over een beperkte omvang ervan, bijvoorbeeld in een publieksruimte. Nu voelde het als een overval waarvan de beveiliging niet wist waar het zou eindigen. Shell zegt zelf de afslag naar duurzaamheid te hebben ingeslagen, zoals blijkt uit stukken voor de aandeelhoudersvergadering. Maar doet dat halfslachtig.

Etnisch profileren in het Van Gogh Museum met een ‘servicegesprek’

with 8 comments

maxresdefault-1

Met deze bezoeker is een zogeheten servicegesprek gevoerd. Dat doen we dagelijks op reguliere basis. Deze gesprekken zijn erop gericht om bezoekers bijvoorbeeld wegwijs te maken in het wachtrij-gebied, of om bezoekers met grote bagagestukken te informeren over de mogelijkheden deze te stallen.’ Aldus Nieuws.Marokko dat in een bericht deze reactie van het Van Gogh Museum citeert over de Marokkaanse-Nederlander Jaouad die door een museummedewerker werd aangesproken toen hij in de rij voor de kassa stond te wachten. Het museum ontkent dat er sprake was van discriminatie, maar heeft de schijn tegen.

Sprekend over Jaouad gaat de reactie van het museum verder: ‘Hij beschuldigde de museummedewerker van discriminatie, leek niet meer voor rede vatbaar en werd zowel verbaal, als non-verbaal agressief. Het gedrag werd als intimiderend ervaren en is door de museummedewerker getypeerd als een risico-indicator.’ Jaouad ontkent dat hij non-verbaal agressief werd en voelde zich onheus bejegend: ‘Ik had geen tas bij me, stond gewoon rustig te wachten en heb aan niemand gezeten, waarom pikken ze mij uit in de rij? Het is toch raar een zogenaamd servicegesprek te beginnen met de vraag ‘wat kom jij hier doen?’ En dat bij een museum!’ 

Opvallend is dat de museummedewerker volgens Jaouad het volgende heeft gezegd: ‘Er is wel duidelijk op camera te horen dat de beveiliger zegt ‘ik wilde gewoon een normaal gesprek’ en vervolgens vraagt ‘waarvoor wil je die (doelend op de schilderijen die Jaouad aan geeft te willen zien) zien dan en wat is je doel?

Nieuws.Marokko verbindt dit voorval met de zogenaamde profilers die bij en in het Van Gogh Museum en het Rijksmuseum bezoekers observeren. Het Parool besteedde hier in 2015 in een bericht aandacht aan: ‘Zien ze iets verdachts, dan spreken ze iemand aan. ‘Hard nodig in een tijd van toenemende dreiging.’ Dat Jaouad werd aangesproken is dus geen beslissing van een individuele medewerker, maar staand beleid dat van bovenaf is ingesteld. Bezoekers worden door profileren geobserveerd en aangesproken als ze als risico worden beschouwd. Jaouad werd blijkbaar als bedreigend gezien omdat het vreemd wordt gevonden als een Marokkaanse-Nederalnder een museum bezoekt om schilderijen te bekijken. De publicitaire schade voor het Van Gogh Museum is groot. De leiding van het museum moet zich schamen dat het dit heeft laten gebeuren. Jaouad heeft een klacht ingediend en zegt ‘zeer aangedaan te zijn’. Hij zet zijn aangifte vooralsnog door.

Foto: Rij bij het Van Gogh Museum.

Musea moeten stoppen zich de maat te laten nemen door de media over hun bezoekcijfers

with 10 comments

Als musea een televisie zijn, dan zijn de bezoekcijfers de kijkcijfers. Het gaat niet om de waardering, het maatschappelijk belang of het experiment -of zelfs: de beleving- maar om het aantal bezoekers. Doorgaans komt die fixatie op de cijfers niet eens van de musea zelf, maar zijn het lokale of regionale media die ‘hun’ museum langs de meetlat leggen. Het is een laagdrempelig aspect voor een algemene verslaggever zonder veel kennis van kunst en musea. Naast het feit dat lijstjes lekker licht verteerbaar en amusant zijn verklaart dat de aandacht. De museumdirecties zijn zo dom én verstandig daarin mee te gaan. In het besef dat het beter is om de lokale media niet tegen de haren in te strijken en daarom maar in dat kader van laagdrempelig amusement te stappen. Zo ontstaat aan het eind van elk jaar een non-discussie over bezoekcijfers van musea.

Lijstjes circuleren en er wordt meer belang aan gehecht dan ze verdienen. Onvergelijkbare categorieën worden vergeleken en tegen elkaar afgezet. Zijn het Anne Frank Huis, NEMO of het Spoorwegmuseum kunstmuseum of toeristische attractie? Maar zonder dat de cijfers worden gecorrigeerd vanwege een extra blockbuster of festiviteit, lustrum, nieuwbouw, (gedeeltelijke) sluiting, educatieve programma’s (scholen), overheidssubsidie, buitenmuseale activiteiten of het bereik van de website heeft zo’n vergelijking weinig waarde. Dus niet alleen zijn er vragen te zetten bij de aandacht voor de bezoekcijfers van waar van alles van wordt afgeleid en aan opgehangen (kwaliteit, beleid), maar ook over de validiteit van de vergelijking. Als vergelijken dan toch moet zou daarvoor een bruikbaar model ontwikkeld moeten worden. Een taak voor de Museumvereniging.

Hoe de media ontsporen maakt een bericht op RTV Rijnmond duidelijk. Het constateert dat Museum Boijmans van Beuningen net buiten de top 15 van best bezochte Nederlandse musea scoort.  Het zou 5 plekken zijn gezakt naar plek 18 hoewel Boijmans in 2015 8000 bezoekers meer trok dan in 2014. Gevraagd om commentaar laat directeur Sjarel Ex in het midden of hij nou meegaat in de fixatie van de media op de bezoekcijfers of in zijn antwoord juist de absurditeit ervan wil aantonen: ‘Het ligt eraan wat je meerekent en wat je als kunstmuseum ziet. Spoorwegmuseum en Anne Frank Huis zijn geen kunstmusea.” Ook vindt hij dat de musea in Amsterdam sowieso buiten beschouwing moeten worden gelaten, omdat die stad veel toeristen trekt.’ Dat laatste klopt, zo kwamen in 2014 meer dan 80% van de bezoekers van het Anne Frank Huis en het Van Gogh Museum uit het buitenland, aldus het onderzoekMuseumcijfers 2014’ van de Museumvereniging.

OCW bedrijft propaganda met bericht over indemniteitsregeling

leave a comment »

in

Een merkwaardig bericht van het ministerie van OCW dat kopt dat het voor ‘meer musea makkelijker kunst lenen’ wordt. Wat betekent dat? Het gaat om de garantstelling door de landelijke overheid van bruiklenen, de zogenaamde indemniteitsregeling. In feite de overdracht van (een deel van) aansprakelijkheid/ risico van het museum dat de bruikleen aanvraagt aan de staat (zie p. 9 Toolkit). Indien toegekend neemt de staat dan 30% van de verzekeringskosten op zich. Uit het persbericht blijkt in de laatste alinea dat het ook langdurige bruiklenen betreft, zoals een overzicht Criteria indemniteitsregeling ook stelt. Dit maakt het rekensommetje van 300 gedeeld door 4 dat als voorbeeld dient minder inzichtelijk en eenduidig dan hier wordt verondersteld.

que

Op zich is het verstandig dat OCW de voorwaarden van de regeling aanpast, maar doordat het bedrag van 300 miljoen niet wordt verhoogd, is OCW vooral bezig met het verschuiven van problemen. OCW maakt de taart niet groter, maar houdt zich bezig met de verdeling ervan. Het roept weer nieuwe problemen op, zoals de bovengrens van 75 miljoen euro met als gevolg toenemende onduidelijkheid welke bruiklenen van een grote tentoonstelling waarop de indemniteitsregeling van toepassing is gedekt zijn door de staat. De tentoonstelling Munch: Van Gogh nu te zien in het Van Gogh Museum heeft een beroep van 290 miljoen euro gedaan op de indemniteitsregeling, zo bleek in juni 2015 uit een item van Nieuwsuur. Dat gefixeerde bedrag verzwakt de concurrentiepositie van Nederlandse musea tegenover buitenlandse musea, zoals Britse, Italiaanse en Franse.

Het persbericht wordt ontsierd door een onnodig politieke ingreep als marketing voor minister Jet Bussemaker (PvdA). De directe koppeling van de indemniteitsregeling aan museumbezoek is te simpel. Daar helpen geen algemeenheden aan over ‘de ontwikkeling van kennis, historisch besef en identiteit’. Het is jammer dat de politieke assistenten van minister Bussemaker zich niet terughoudend hebben weten op te stellen en een zakelijk persbericht over gewijzigde voorwaarden van een technische regeling meenden te moeten aangrijpen om propaganda voor hun minister te bedrijven. Een wijziging die naast voordelen dus ook nadelen kent.

Foto 1: Persbericht van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, 4 november 2015.

Foto 2: Schermafbeelding van tabel ’Total value of objects covered by the indemnity scheme’ (p. 17) in: ‘Toolkit – Practical ways to reduce the cost of lending and borrowing of cultural objects among Member States of the European Union’, 2012.

Gevraagd: overheidsbijdrage van € 30 miljoen in museumkaart. Cultuurparticipatie!

with 3 comments

sTJEYmbAlNTrWPzj.png

Een volwassenticket voor het Stedelijk Museum kost € 15, voor het Rijksmuseum € 17,50, voor Boijmans € 17,50, voor het Van Gogh Museum € 17, voor het Nederlands Openluchtmuseum  € 16, voor het Anne Frank Huis € 9 en voor het Haags Gemeentemuseum € 13,50. Vooral incidentele bezoekers als toeristen of minder trouwe museumbezoekers betalen de volle prijs. Met een museumkaart (€ 54,95 exclusief eenmalige € 4,95 inschrijvingskosten per jaar), een Rembrandtpas (€ 65 per jaar) of lokale passen is gratis toegang mogelijk, hoewel musea voor bijzondere tentoonstellingen steeds vaker een kleine toeslag van € 2,50 of € 5 vragen.

De Zweedse regering Löfven (sociaal-democraten en Milieupartij) heeft volgens The Local een plan de toegang tot de rijksmusea gratis te maken. Zoals het Moderna Museet (toegang nu: € 12,85), het Nationalmuseum (nu: € 10,70), het Marinmuseum (nu: € 13,95) of het  Världskulturmuseet i Göteborg (nu: € 4,30 per jaar). The Local constateert dat de Zweedse musea ‘momenteel relatief prijzig’ zijn volgens Europese standaard. Uit de vergelijking blijkt dat Nederlandse musea tegen niet-gereduceerd tarief nog iets prijziger zijn dan de Zweedse musea. Cultuurminister Alice Bah Kuhnke (Milieupartij) zegt: ‘We moeten de boel opengooien en onze gezamenlijke schatten laten zien om andere groepen te bereiken dan degenen die meestal naar musea gaan.’

Ter compensatie van de weggevallen inkomsten heeft Bah Kuhnke aangeven dat ze € 8,6 miljoen beschikbaar stelt aan de rijksmusea. Dat bedrag kan opgehoogd worden als dit zoals wordt vermoed te weinig is. Kan het Nederlandse kabinet hier iets van leren? Dat ligt eraan of het serieus werk wil maken van cultuurparticipatie en mensen naar het museum wil trekken die er doorgaans niet komen. Ook een museumkaart is met € 54,95 (jongeren t/m 18 jaar: €27,50) voor bepaalde sociale groepen te duur. De brede Nederlandse museumsector is minder gecentraliseerd dan de Zweedse en meer afhankelijk van lokale overheden. De museumkaart heeft een omzet van zo’n € 50 miljoen. Met een relatief kleine jaarlijkse bijdrage van € 30 miljoen kan het kabinet ervoor zorgen dat de museumkaart met zo’n € 25 per jaar betaalbaar blijft voor allen. Wat pleit hier tegen?

Foto: J.W.M. Turner, The Fifth Plague of Egypt, bruikleen van het Indianapolis Museum of Art te zien t/m 3 januari 2016 op de tentoonstelling ‘Gevaar & Schoonheid – Turner en de traditie van het sublieme’ in Rijksmuseum Twenthe.