Gedachten bij foto ‘Op de Dam te Amsterdam werden met een projectie-apparaat de uitslagen van de gemeenteraadsverkiezingen op een groot scherm getoond. In de muziekkiosk zorgden de Ramblers voor de muzikale opluistering’ (1958)

Het was nog maar in 1958 dat verkiezingen werden gevierd op pleinen en voor gebouwen van kranten waar de uitslagen druppelsgewijs binnenkwamen. De beschrijving bij deze foto toont een Nederland dat we nog nauwelijks kennen. Het doet ouderwets aan, maar kondigt al het begin van de moderne tijd met nieuwe communicatiemiddelen aan: ‘Op de Dam te Amsterdam werden met een projectie-apparaat de uitslagen van de gemeenteraadsverkiezingen op een groot scherm getoond. In de muziekkiosk zorgden de Ramblers voor de muzikale opluistering’.

De televisie is in 1958 nog nauwelijks doorgedrongen tot de huiskamers. Die opmars begint pas zo’n vijf jaar later als de welvaart over Nederland komt. Mede dankzij het gasveld van Slochteren. Ook toen al moest de verkiezingsavond ‘opgeluisterd’ worden. Zeggen we nu ‘oppimpen’? Welbeschouwd is zo’n avond een saaie bedoeling met veel dode momenten. Een enkel hard feit en vooral analyses, speculaties en projecties die toch nooit uitkomen zoals op deze verkiezingsavond wordt gezegd.

’t Heerlijk avondje is gekomen, ’t Avondje van het verkiezingsfeest, Vol verwachting klopt ons hart, Wie de koek krijgt, wie de gard, Vol verwachting klopt ons hart, Wie de koek krijgt, wie de gard.

Maakt het veel uit wie er wint? Dat valt te bezien. Alles is best als partijen binnen de democratie blijven en geen alternatief rechtssysteem willen optuigen. Daarom ben ik van mening dat de SGP en FvD ontbonden moeten worden omdat ze niet binnen de democratie passen en er een destabiliserende invloed op uitoefenen. Maar verder maakt het weinig uit. Zolang partijen de democratie niet omver willen werpen en min of meer hetzelfde wereldbeeld schetsen is er voor elke partij (behalve FvD en SGP) wel iets te zeggen. Met chips en bier, en wellicht een boek erbij, is het kijken naar de verkiezingsavond en het spieden naar de harde cijfers draaglijk infotainment.

Foto: Peter van Zoest (ANP), ‘Op de Dam te Amsterdam werden met een projectie-apparaat de uitslagen van de gemeenteraadsverkiezingen op een groot scherm getoond. In de muziekkiosk zorgden de Ramblers voor de muzikale opluistering’, 28 mei 1958. Collectie/ Archief: Fotocollectie Elsevier

CDA danst de polonaise. Subcultuur van burgerlijkheid

De verkiezingen zijn geweest en de uitslagen druppelen binnen. De VVD is de grootste partij en het ziet er naar uit dat de PVV de tweede partij wordt. CDA en D66 volgen daar kort achter. En daar weer achter SP en GroenLinks. De PvdA heeft grandioos verloren. Een aantal kleinere partijen snoept de winst van het PvdA op.

Uit de verslagen van de bijeenkomsten van de partijen op de uitslagenenavond was te zien dat elke achterban een subcultuur is. SP is een sociale werkplaats van communale snit met een leider die door de voorzitter op de achterste rij gecontroleerd wordt. VVD als een jolijtig clubje dat overduidelijk tevreden met zichzelf is en waar ontwikkeling de pret niet in de weg staat. D66 dat de beschaving van de hogere burger uitdraagt en dat zo gereserveerd doet dat het een kennisgeving is. GroenLinks als de zoekende partij die tot op het laatste moment gevangen zit in de greep van de marketing waar de spontaniteit moeite doet om door te breken. En dan is er het CDA als de meest kleinburgerlijke partij met de meest bekrompen en humorloze leider die Nederland op dit moment heeft. Het CDA waagt zich aan de polonaise. Als uiting van haar ultieme fantasie.