George Knight

Debat tussen links en rechts

Posts Tagged ‘Toezicht

Barneveld en de kiem van de eiercrisis (1964-2017)

with 5 comments

In deze foto uit 1964 komt veel samen dat ook de huidige eier/fipronil-crisis kenmerkt: Barneveld, het geloof van de Protestants Christelijke Organisatie van Pluimveehouders, Boer Koekoek die het protest ondermijnt en lak heeft aan de overheid, onder druk staande eierprijzen en een overheid op afstand. In Nederland regelland ziet het ernaar uit dat het toezicht op de voedselveiligheid van eieren onvoldoende was en verantwoordelijk staatssecretaris Martijn van Dam (PvdA) niet passend optrad. Eieren, het symbool van potentie en het zaad van voortplanting. Ook van conflicten. Het is volgens een volkswijsheid ongelukkig om van eieren te dromen.

Foto: ‘In de Eierveiling van Barneveld is donderdagmiddag een protestvergadering gehouden tegen de bijzonder lage eierprijzen. De vergadering, belegd door de Protestants Christelijke Organisatie van Pluimveehouders en bedoeld als een grote demonstratie, werd een volledig fiasco. In de eerste plaats was de opkomst bijzonder slecht en ten tweede trok de voorzitter van de Boerenpartij, boer Koekoek, meer belangstelling dan de secretaris van de PCOP. Boer Koekoek in gesprek met een pluimveehouder over de eierprijzen’, 16 juli 1964. Collectie: Nationaal Archief.

Written by George Knight

10 augustus 2017 at 12:58

Burgers pakken macht terug van financiële sector: CommonEasy

with 4 comments

Echt begrijpen hoe het werkt doe ik niet. Maar de opzet is duidelijk. Een derde weg tussen verzekeren via de financiële sector en niet verzekeren. Het past in het patroon van burgerinitiatieven van de laatste jaren om de macht van de financiële sector (inclusief banken en verzekeringsmaatschappijen) te breken en de macht terug te pakken. Kritiek is dat banken of verzekeraars niet georiënteerd zijn op de burger en goed toezicht door de overheid op de financiële sector ontbreekt, maar ze bijna uitsluitend redeneren vanuit hun marktpositie en winstgevendheid. Uitzonderingen zijn kleinschalige banken die echter onvolledig zijn in de producten die ze aanbieden. Ook zij vullen het gat niet tussen klein en groot. Bankiers en verzekeraars zijn klojo’s en idioten.

De reactie hierop is zelfbewustzijn van burgers over de eigen machtspositie met als gevolg dat de burger zich weer opstelt als burger en niet door overheid of bedrijven weggezet wordt als consument. Een burger praat mee, deelt de macht en beslist over het eigen lot, een consument is een verbruiker die alleen passief af kan nemen wat aangeboden wordt. CommonEasy zegt terug te gaan naar de kern en zet digitale middelen in om dat te bereiken. Hier zijn de details te lezen. Om echt te begrijpen hoe het werkt. Het is een zinvol initiatief. Al is het maar om de bewustwording te vergroten dat burgers niet afhankelijk zijn van banken en verzekeraars.

Rachel Maddow: Ontslagen aanklager Bharara had Trump in vizier

with one comment

In de uitzending van maandagavond 13 maart 2017 gaat Rachel Maddow in op de zakelijke belangen van Donald Trump en zijn familie, de kwalijke rol van Deutsche Bank als facilitator bij Russische witwas-praktijken en het ontslag afgelopen zaterdag 12 maart van de New Yorkse aanklager Preet Bharara. Hij kocht zich 24 uur door niet zelf zijn ontslag te nemen. Maddow suggereert dat Bharara die extra tijd benutte om de lopende onderzoeken naar de Trump Organisatie, de Trump regering en het Trump campagneteam waar hij leiding aan gaf veilig te stellen. Wie weet. Het is een verhaal over een politieke klasse in China, de Russische Federatie en de VS die zich vanwege eigen gewin niet aan regels houdt en toezichtsorganen verzwakt of zelfs blokkeert.

Maddow schetst een beeld van zakenmensen die de politiek opkopen en hun eigenbelang boven het algemeen belang stellen. Dat geeft spanning tussen ethiek en banditisme en roept een vraag op. Zijn oplichters als Trump of Vladimir Putin af te remmen als ze het justitie-apparaat en toezichtsorganen naar hun hand zetten?

HNI laat het opnieuw afweten bij ‘100 Jaar De Stijl’

with one comment

nai

NRC’s Cultureel Supplement van 9 februari dat grotendeels gaat over 100 jaar De Stijl bevat bovenstaande, opmerkelijke column over Het Nieuwe Instituut (HNI) in Rotterdam met Guus Beumer als directeur. Niet ondertekend, maar vermoed mag worden dat architectuurjournalist Bernard Hulsman het heeft geschreven.

De strekking van de column past in de kritiek op het HNI zoals dat hier en op het blog De Box van architect Kees van der Hoeven al enkele jaren valt te lezen. NRC zet niet het gebrekkig toepassen van de Governance Code Cultuur en de belangenverstrengeling door directeur en Raad van Toezicht (RvT) van HNI centraal, maar de programmering van tentoonstellingen over architectuur. NRC concludeert: ‘Het ongemerkt laten passeren van de eeuwfeesten van De Stijl en de Amsterdamse School is tekenend voor de positie van architectuur in HNI. Hoewel het instituut met de nietszeggende naam in zekere zin de opvolger is van Het Nederlands Architectuurinstituut (NAi), en het zichzelf nog altijd niet alleen ‘Museum en Agentschap voor Design, Architectuur en Digitale Cultuur’ noemt maar ook het ‘Rijksarchief voor Architectuur en Stedenbouw’, heeft HNI in de vier jaar van zijn bestaan slechts één behoorlijke tentoonstelling over architectuur laten zien.

hni2

Een vraag is hoe het zover heeft kunnen komen dat HNI niet in staat is om tentoonstellingen over architectuur te maken. Terwijl onderwerpen, thema’s, jubilea en dwarsverbanden tussen architectuur en andere disciplines voor het opscheppen liggen. Een belangrijke vraag is waarom er niet ingegrepen wordt door de RvT die bestaat uit voorzitter Judith van Kranendonk en leden Ruben BrouwerHenk ChristophersenCaroline Nevejan  en Farid TabarkiDe belangrijkste vraag luidt nog anders, namelijk waarom deze RvT vol beroepsbestuurders -met op Brouwer na een vooropleiding in sociale wetenschappen- zonder architecten of kunstenaars bestaat.

De essentiële vraag is waarom er door minister Jet Bussemaker achter de schermen niet ingegrepen wordt door de RvT op te schonen en de directie te vervangen. De meest essentiële vraag is hoe objectief Bussemaker en haar beleidsambtenaren zijn in hun oordeel over het reilen en zeilen van HNI. Pogingen van OCW om het gebrek aan kwaliteit van HNI glad te strijken, niet op te treden en zich te verschuilen achter de autonomie van HNI beschadigen de Nederlandse museumsector. Heeft het zover moeten komen dat nu een  columnist van NRC het nodig acht om het falen zichtbaar te maken en voor heel Nederland te benoemen? Tegenover HNI ligt het bruisende Boijmans dat evenement na evenement organiseert. Bij HNI is het stil en naargeestig omdat de vakmensen buiten de deur zijn gezet. Er knipperen wat lampen aan de gevel als teken van beweging.

Foto 1: ColumnHet Nieuwe Instituut laat weer verstek gaan’ in NRC, 9 februari 2017. Doorscrollen naar beneden.

Foto 2: Aankondiging op site HNI over deelname aan het programma ‘100 jaar De Stijl’.

Marokko verbiedt import, fabricage en verkoop van burka en niqaab. Moet Europa dit initiatief volgen?

leave a comment »

De Marokkaanse regering voert veiligheidsmaatregelen als reden op om import, fabricage en verkoop van burka’s en niqaab’s binnen 48 uur te verbieden. Verkopers kunnen in de tussentijd deze kledingstukken aanpassen. Of er ook een verbod komt op het dragen van burka’s en niqaab’s is onduidelijk. Maar een verbod op import, fabricage en verkoop zal betekenen dat ze geleidelijk uit het Marokkaanse straatbeeld verdwijnen.

Maartje Bakker constateert in een bericht in De Volkskrant dat de kledingstukken die alleen de ogen vrijlaten van oudsher niet bij Marokko pasten. Onder invloed van strenge islamitische geestelijken uit het Midden-Oosten hebben ze de laatste decennia een opmars gemaakt. Als een soort missiewerk vanuit Saoedi-Arabië. Marokko is het eerste land waar dit soort maatregelen wordt genomen. Opzet is vermoedelijk om de radicale islam de pas af te snijden en burka en niqaab niet langer te accepteren als wandelend reclamebord daarvoor.

Westerse landen worstelen met deze kledingstukken die door de radicale islam worden gepromoot. Ook in Westerse landen horen ze van oudsher niet thuis, maar zijn ze geïmporteerd vanuit het Midden-Oosten of vanuit landen als Marokko waar ze onder invloed van de radicale islam uit het Midden-Oosten verspreid zijn. Bij het uitbannen uit het straatbeeld van deze kledingstukken beroepen Westerse regeringen zich doorgaans op het veiligheidsaspect. Terroristen zouden zich er in kunnen verschuilen. In een samenleving die de weg naar de controlestaat inslaat met steeds meer cameratoezicht is geen ruimte voor uitzonderingen hierop. Maar vanwege de vrijheid van godsdienst is het lastig om religieuze uitingen te verbieden.

Het zou eerlijker zijn als Europese regeringen in hun argumentatie dat veiligheidsaspect achterwege laten omdat het niet het hoofdbezwaar tegen burka’s en niqaab’s is. Dat is de opkomst van de radicale islam die als ongepast wordt gezien binnen de Europese traditie. Onder meer vanwege de slechte positie van vrouwen binnen de islam die niet past bij de nationale rechtsstaat. Deze strenge versie van de islam wordt met geld uit onder meer Saoedi-Arabië en Qatar in Europese landen ondersteund. Europese landen zouden oprechter én doelmatiger zijn als ze deze landen duidelijk te verstaan zouden geven dat ze op moeten houden met hun islamitisch missiewerk op straffe van het verbreken van diplomatieke banden. Dat zou pas echt indruk maken.

HNI werpt zich op als coördinator van nieuw designmuseum in Amsterdam. De vlucht vooruit als afleiding van eigen problemen

leave a comment »

hni

Het Nieuwe Instituut (HNI) in Rotterdam zoekt als afleiding de vlucht naar voren door verbreding. En het kiezen van een nieuwe naam: ‘Museum voor Architectuur, Design en Digitale cultuur’. De reden hiervoor is het ontbreken van eigen scherpte en diepte. Maar of die schijnbewegingen ook maar iets veranderen is de vraag.

Het museum verkeert in crisis en ligt onder vuur. Het kwam afgelopen jaren negatief in de publiciteit wegens belangenverstrengeling waarbij directeur Guus Beumer betrokken was, wilde op de bovenste twee etages een hotel-restaurant beginnen, had onvoldoende toezicht vanuit de Raad van Toezicht, kreeg een negatief advies van de Raad voor Cultuur en overtrad vele malen de Governance Code Cultuur volgens Cultuur+Ondernemen. Architect Kees van der Hoeven die HNI kritisch volgt wijst onder verwijzing naar een artikel in Pi-interieur opnieuw op belangenverstrengeling en het buiten de regels om direct gunnen van ontwerpopdrachten. Hij concludeert: ‘Hoe lang moeten we dat gehannes in Het Nieuwe Instituut nog verdragen?

Als klap op de vuurpijl was er vandaag een bericht in het cultuurblog van De Volkskrant met de titel ‘HNI wil designmuseum in Amsterdam’. HNI zou in Amsterdam een tijdelijk museum willen openen en daar langdurige bruiklenen van andere musea tonen. Genoemd worden het Textielmuseum in Tilburg, het Stedelijk Museum Den Bosch, het Amsterdam Museum en het Wim Crouwel Instituut. Ook Museum Boijmans van Beuningen, het Groninger Museum en natuurlijk het Stedelijk Museum zou HNI ‘aan zich willen binden’. Maar het is voorbarig nieuws omdat het om verkennende gesprekken gaat en nog niets beklonken is. Dit nieuwe HNI in Amsterdam zou  ‘dienen als een vitrine voor de deelnemende musea’. In hedendaagse termen: een pop-up museum.

Deze vlucht vooruit van het HNI roept vooral wantrouwen op. Hoe kan een museum dat zelfs de eigen zaken overduidelijk niet op orde heeft en hoe dan ook een belast verleden met zich meedraagt zonder een nieuwe start te kunnen of willen maken, negatief advies van de Raad voor Cultuur krijgt en waarvan de directie telkens weer beschuldigd wordt van belangenverstrengeling zich opwerpen als coördinator voor andere musea? Dat is volstrekt ongeloofwaardig. HNI is de laatste die deze taak geloofwaardig op zich kan nemen.

Daarbij komt dat hoofd beleid en actualiteit van HNI Floor van Spaendonck in De Volkskrant een merkwaardige opmerking maakt: ‘Het aanleggen en beheren van een vormgevingsarchief behoort niet tot de opdracht van HNI. Bovendien is er behoefte aan één plek die geheel in het teken staat van design.’ Deze medewerker van HNI -dat zich met een nieuwe naam onder meer ‘Museum voor Design’ noemt- zegt dat design bij HNI niet in optimale handen is. Maar er een museum moet komen dat uitsluitend aan design gewijd is. Dat ondermijnt de bestaansreden van HNI dat in Rotterdam drie deelcollecties (Architectuur, Design, Digitale cultuur) huisvest.

Wat musea als Boijmans of het Stedelijk -die HNI ‘aan zich wil binden’- aan moeten met de schijnbewegingen van HNI die bedoeld zijn als afleiding van de eigen problemen en voor het profijtelijk aanboren van nieuwe geldstromen is de vraag. Proefballonnetjes zijn leuk en het is nog leuker als een krant als De Volkskrant zich ertoe leent om ze zonder enige kritische noot op te laten. Maar de Nederlandse museumsector heeft er niets aan. HNI kan als het zichzelf serieus zou nemen nu al prachtige tentoonstellingen over design maken, en bruiklenen bij genoemde musea aanvragen. Zonder zalen leeg te hoeven laten staan. Maar dat laat het na. De vlucht vooruit in de breedte is een brevet van onvermogen van HNI. Hoelang gaat deze doodstrijd nog duren?

Foto: Onlangs gerenoveerd kantoor van HNI, zoals beschreven in artikel in Pi-interieur, november 2016.

Crisis bij ‘Het Nieuwe Instituut’ geeft architecten kans op een nieuw eigen architectuurinstituut. Weg van het stylisme

with one comment

js_ni_ext_2

Zonder dat het echt opgemerkt wordt herbergt Rotterdam een tweede Wereldmuseum. Of liever gezegd het Wereldmuseum zoals dat functioneerde onder de vorige directeur Stanley Bremer voordat het voor de kunst werd gered en voor de poorten van de horeca, marketing en styling werd weggesleept. Het betreft ‘het sectorinstituut voor de creatieve industrie’ Het Nieuwe Instituut (HNI) met Guus Beumer als directeur. Deze vergelijking mag sommigen vergezocht voorkomen, maar de overeenkomsten tussen het oude Wereldmuseum en het huidige HNI zijn verbluffend. Zo wil volgens een bericht van architectenweb HNI ook een hotel beginnen: ‘Opmerkelijk is het voornemen om kantoorruimte een bestemming te geven als hotel-restaurant’.

Weliswaar bestaat het besef bij publiek, politiek en museumsector dat het niet goed gaat bij HNI, maar die kritiek vertaalt zich niet in actie zoals dat bij het Wereldmuseum gebeurde. Hoewel zich daar het tegengeluid met een publieksactie pas in de zomer van 2014 doelmatig bundelde, terwijl de kritiek al sinds 2011 klonk. Het vraagt blijkbaar enige tijd voordat voor als achter de schermen de tegenkrachten worden gecoördineerd.

HNI kwam in 2015 negatief in het nieuws door belangenverstrengeling binnen de directie en het ontbreken van goed bestuur, mede door onvoldoende toezicht vanuit de Raad van Toezicht. Afgelopen week werd die neergang geaccentueerd door het negatieve advies van de Raad voor Cultuur over de subsidieaanvraag voor de basisinfrastructuur 2017-2020. HNI houdt wel zicht op een subsidie van 5.640.000 euro als het onder meer alsnog voldoet aan voorwaarden van goed bestuur, positionering, kwaliteitszorg, educatie en financiële verslaglegging. Maar hoe dan ook is de subsidie met een derde gekort. HNI staat er financieel goed voor. 

Het advies liegt er niet om. Het vindt de resultaten van HNI te mager: ‘De raad vindt dat de instelling zijn rol en meerwaarde van zijn activiteiten voor de sector beter dient te beschrijven en uit te voeren. Hij kan uit de aanvraag niet opmaken hoe HNI zich bij de uitvoering van zijn taken verhoudt tot relevante spelers in de creatieve industrie.’ Wie verder kijkt dan het advies van de raad ziet waar de pijn zit. Een tweet van architect Thijs Asselbergs is veelzeggend: ‘Het Nieuwe Instituut doet niets voor de De Nieuwe Architect maar draagt wel bij aan imago ‘architect als stylist’. En de criticus van het eerste uur architect Kees van der Hoeven twittert: ‘Hoop – tenminste voor de architectuur – dat er eindelijk (kan het zijn) rigoureus wordt ingegrepen.’

Hier tekent zich een richtingenstrijd tussen architecten en stylisten af. Het gaat over het antwoord op de vraag wat architectuur is. Grofweg gezegd, is architectuur het vormgeven van ruimte als vastlegging van politieke verhoudingen of versiering? Anders gezegd, is het onderwerp van een architectuurinstituut een architectuur die verslag doet van ontwikkelingen of een architectuur die de ambitie heeft om de ontwikkelingen zelf te helpen vormen? HNI heeft onder directeur Guus Beumer duidelijk gekozen voor dat eerste: stylering.

De crisis die zich nu bij HNI aftekent zet deze tegenstelling op scherp, maar geeft de architecten ook kans om verloren terrein terug te winnen in een nieuw instituut: het NNAI, het Nieuw Nederlands Architectuur Instituut met een grotere rol voor techniek en leefomgeving. Nu is het moment om een weeffout te herstellen die de museale architectuur bevrijdt uit het klusterdenken over creatieve industrie en maakt tot vehikel van lifestyle of een modieus politiek debat. Kees van der Hoeven oppert in een tweet een verdeling in drie afdelingen (design, architectuur, e-cultuur): ‘Oplossing simpel: 3 vakgebieden, 3 krachtige curatoren voor komende 4 jaar, daarboven deskundige zakelijk directeur.’ Ik antwoordde in een tweet: ‘Of splitsing in twee musea: 1) Museum voor Stilering; 2) Architectuurmuseum. In R’dam staan zoveel gebouwen leeg. Dat moet kunnen.’

Foto: Het Nieuwe Instituut in Rotterdam. Credits: Johannes Schwartz.