George Knight

Debat tussen links en rechts

Posts Tagged ‘Toe-eigening

Stopgezet kunstproject ‘Destroy my face’ legt breuklijnen bloot. Amerikaanse identiteitspolitiek irriteert een Brabants kunstfonds

with one comment


Afgelopen week was er relletje over het project ‘Destroy my face’ op de skatebaan Pier15 van Erik Kessels op BredaPhoto. Het ging om samengestelde beelden van fragmenten van vrouwengezichten. Onder druk van politieke activisten op sociale media die er met gestrekt been ingingen en die op hun beurt financiers van Pier15 onder druk zetten werd het project tegen de zin van BredaPhoto en Pier15 verwijderd.

Opmerkelijk is wat de directeur van BredaPhoto Fleur van Muiswinkel in een verklaring zegt: ’Wij hebben er begrip voor dat mensen zich niet kunnen vinden in de vorm en/of de inhoud van dit werk. Hierover kan je discussiëren. De keuze van BredaPhoto om dit project juist in een skatehal te tonen is een bewuste. Het is confronterend en het schuurt, en roept een zeer essentiële discussie op over de grenzen en de invloedsferen van de cosmetische chirurgie. Met name ook bij de jeugd en bij het nieuwe normaal van “InstaPerfect”. In tegenstelling tot dat wat er nu gebeurt: het polariseren van het debat en de cancel-culture die overwint is niet waar BredaPhoto voor staat. We hebben de initiatiefnemers van de online petitie tegen het werk dan ook aan tafel uitgenodigd. Helaas hebben ze de uitnodiging afgeslagen omdat ze uitdrukkelijk anoniem willen blijven.’

Deze anonimiteit en het afwijzen van elke discussie klonk door op een FB-post van het Nederlandse kunsttijdschrift Metropolis M waar kunstenaar Nelle Boer op sociale media vindbare foto’s van vijf ondertekenaars van een petitie tegen ‘Destroy my face’ doorplaatste. Metropolis M dreigde vervolgens Boers berichten te verwijderen omdat hij het portretrecht niet zou hebben gerespecteerd. Maar het tijdschrift heeft Boers gewraakte bericht met de vijf foto’s op zondag 20 september 2020 nog niet verwijderd.

Boer heeft aan deze episode weer een FB-post gewijd waarin hij het optreden van Metropolis M hekelt en meedeelt dat hij ervoor drie dagen van Facebook is verbannen. Hij is kritisch: ‘De cancel culture heeft dus ook de Nederlandse kunst bereikt en wordt zelfs gesteund door instituten binnen de kunstwereld. Een van de ondertekenaars tegen Kessels is nota bene lid van de Amsterdamse Kunstraad’ en komt tot de conclusie: ‘De nieuwe vijand van artistieke vrijheid komt dus niet van buitenaf, maar is onder ons, kunstenaars’.

Metropolis M noemt het in een berichteen golf van protest’, maar onduidelijk is hoe omvangrijk het aanvankelijke protest was en wat het probeert te bereiken. In een Engelstalige open briefWE ARE NOT A PLAYGROUND’ zeggen de briefschrijvers dat ze via sociale media kennis hebben genomen van Kessels project. Ze eisen niet alleen de verwijdering ervan, maar vragen ook om uitleg aan BredaPhoto over de selectie en de achtergrond van het werk. De briefschrijvers wijzen een dialoog als niet-neutraal af als ze zeggen: ‘This argument does not hold up in today’s polarised climate: a climate where violent tendencies against women don’t just stop at being “problematic” or somebody being “cancelled” – but have very real and harmful effects on half of the population of this planet. It is no longer up to others to decide what female-presenting faces and bodies should look like or are used for, especially not men.’ Ze claimen voor zichzelf het alleenrecht om te beslissen hoe ‘vrouwelijk gepresenteerde gezichten en lichamen’ in kunstwerken getoond worden.

In de open brief klinkt de echo van de Amerikaanse identiteitspolitiek door die de Atlantische oceaan is overgewaaid tot in Brabant. Vanuit een idee van apartheid worden gender, etniciteit en huidskleur gezien als breuklijnen die mensen van elkaar scheidt. Culturele toe-eigening wordt afgewezen wat inhoudt dat mensen niet vanzelfsprekend uitspraken mogen doen over anderen aan de andere kant van de breuklijn. Dit is een manier van denken die de samenleving verdeelt. Maar het is ook een misvatting omdat de breuklijnen niet zo hard zijn als wordt gesuggereerd. Streven naar emancipatie van achtergestelde groepen is uiteraard nodig, maar het valt te betwijfelen of dat via de (om)weg van de apartheid het meest doelmatig bereikt wordt.

Het wordt bizar als Metropolis M in dat bericht zegt: ’PIER 15 heeft het huidige protest, dat mede door vrouwelijke skaters is aangewakkerd en wordt ondersteund door zijn partners, niet voorzien; het moet constateren dat de foto’s van Kessels op de vloer hun doel voorbij schieten en tot vrouwenhaat aanzetten in plaats van misstanden te bestrijden’. Dat is een verkeerde weergave van de verklaring van Pier15. Metropolis M doet met een te vrije interpretatie afbreuk aan de verklaring van Pier15 waarin niet valt te lezen dat het skatepark constateert dat de foto’s aanzetten tot vrouwenhaat. Pier15 komt juist tot een tegenovergestelde conclusie. Het betreurt namelijk dat er geen dialoog mogelijk is en respecteert dat het kunstwerk ‘andere associaties’ oproept, maar zegt niet dat het die associaties deelt. Deze verklaring roept de vraag op waar de journalistiek van Metropolis M stopt en waar politiek activisme het overneemt. Het lijkt er sterk op dat de hoofdredactie van Metropolis M door deze kwestie in verwarring is gebracht en niet meer zorgvuldig handelt.

Ik stelde op dezelfde FB-post waar Nelle Boer op reageerde Metropolis M op 19 september 2020 de volgende vraag waar ik nog geen antwoord op gekregen heb: ‘Welke positie neemt Metropolis M in ten aanzien van het genoemde kunstwerk met gefingeerde vrouwenportretten en ten aanzien van censuur van kunstwerken in het algemeen? Ofwel, waar kan ik de sterkste steunverklaring van Metropolis M vinden over de vrijheid voor kunstenaars in het maken van kunst? Klopt mijn waarneming dat Metropolis M de positie inneemt dat er politieke voorwaarden moeten worden verbonden aan het maken van kunst? Zoja, acht Metropolis M dat een duurzame positie en hoe vindt het dat zich dit verhoudt tot de vrijheid van kunstenaars?’. 

Inmiddels is er ook de petitie ‘Kunst mag knagen – geef ‘Destroy my Face’ een nieuwe plek’ van Frank Toeset die het opneemt voor het Kessels’ project en de identiteitspolitiek bekritiseert die tot de anti-Kessels open brief heeft geleid. Namen uit de Brabantse kunstsector reageren instemmend op een doorstart van dit project. Zo ontstaat een nieuwe breuklijn tussen het randstedelijk politiek correct denken dat uit de VS is overgewaaid en politiek boven kunst stelt en regionaal denken dat zich door dit randstedelijk en Amerikaans correct denken onterecht in de hoek gezet voelt. Investeringsfonds voor kunst- & cultuurprojecten Brabant C neemt het in bovenstaande verklaring ondubbelzinnig en voor haar doen tamelijk fel op voor Kessels’ project en tegen de actievoerders die het debat uit de weg gaan. Het Brabantse kunstfonds voelt zich in de wielen gereden door actievoerders die als leunstoel-generaals vanaf de andere kant van de oceaan blijkbaar een kunstproject kunnen torpederen: ‘Brabant C vindt het een bedenkelijke ontwikkeling, wanneer voor sommigen onwelgevallige kunst onder druk van social media verwijderd wordt’. De rol van sociale media is niet onzijdig.

Foto’s 1 en 2: BerichtBredaPhoto-project Destroy my face stopgezet, onder druk van social media’ van Brabant C, 17 september 2020.

Foto 3: Schermafbeelding van deel verklaring van Pier15 over het stopzetten van Erik Kessels’ project ‘Destroy my face’ op BredaPhoto, vermoedelijk 15 september 2020.

Interdisciplinariteit van kunst is het voorbeeld voor de politiek, het gebrek daaraan behoort niet het voorbeeld voor de kunst te zijn

leave a comment »

Nu iets geheel anders, maar toch bij nader inzien niet. Libanon, 1953/54. De Libanese zangeressen Hanan (Jeanette Nehme Hayek) en Fairuz (Nouhad Haddad). Allebei worden ze iconen genoemd. Ze eigenen zich hier Latijns-Amerikaanse ritmes toe. Vermenging van genres: rumba, jazz en Arabische muziek. Begrijpelijk voor musici die de vrijheid nemen om te ontlenen, te bewerken en door grenzen te gaan. Finse tango, oriëntaalse Griekse stadsmuziek (Rebetika), Arabische rumba of Japanse jazz? Het doet er niet toe waar het vandaan komt, het gaat erom wat het is. Zo zouden de kunsten die continu ontlenen van anderen een voorbeeld moeten zijn voor de wereld die een onderscheid wil maken in rassen, grenzen en culturen.

De Middeleeuwse beeldspraak is dat dwergen op de schouders van reuzen staan dankzij de ontdekkingen van voorgangers. Zo werkt het in de wetenschap en de kunsten, maar niet in de politiek. Dat is merkwaardig.

Er zijn ook activisten (doorgaans geen kunstenaars) die culturele toe-eigening in de kunst veroordelen. Dat is de verkeerde weg. De interdisciplinariteit van kunst is het voorbeeld voor de politiek, niet andersom. Knopen politici dat in hun oor? Kunstenaars zouden politici ervan kunnen overtuigen dat hokjesdenken niet loont.

Zie voor andere, bijzondere, vroege Arabische muziek de playlist Vintage Arabic Music op het YouTube-kanaal cdbpdx. De toelichting zegt: ‘Vintage Arabic ‘pop’ music recorded from an old 78 rpm record. A few years ago, I was fortunate enough to have acquired a collection of about 60 78 rpm records with Arabic music. I recorded them all and found they were very rare and valuable so I ended up selling them and paying off some bills. The recordings and label pictures remain, though. Doesn’t make for a very exciting video, but the sound is just about extinct.’ Dit geluid is zo goed als uitgestorven. Het verleden gaat met pensioen. De 78-toeren platen waren eigendom van Robert A. Bitar die tot zijn dood in 2000 in Bitar Mansion in Portland woonde. Informatie over het Libanese label Baida Records of Baidaphon benadrukt het internationale karakter ervan.

Gedachte bij foto ‘Mme. Paul Poiret modelling clothing designed by her husband: American Indian fashion’ (1913)

with one comment

Het is 1913 en daar staat de echtgenote en muse Denise van de befaamde Franse modeontwerper Paul Poiret die door haar man ontwerpen kleding draagt. Hier een native American met hoofdband en veer. Een wat slome Indiaanse overigens. Poiret was de concurrent van Coco Chanel die ook wel als de vergeten modernist wordt voorgesteld. Een blik op Wikipedia laat weten dat Poirot zich voor zijn jurken liet inspireren door de kimono en dat hij variaties introduceerde op de tulband als hoofdbedekking. Exotisme dus. Hoe afwijzend  wordt dat nu door sommigen beoordeeld. Het oordeel dat toe-eigening van de cultuur van andere volkeren niet mag is onzin, maar het wint aan instemming. Hoe oppervlakkig en slecht beredeneerd ook. Het brengt de globe terug tot een afgesloten lokaal. Komt er ooit een oproep om dit soort foto’s te verbieden? Het is niet te hopen, maar wie weet. Een kanttekening lijkt verstandiger: Denise Poiret houdt zich van de gekke in Indiaanse stijl.

Foto: [Mme. Paul Poiret modelling clothing designed by her husband, 1913: American Indian fashion w/ headband & feather], 1913. Collectie: Library of Congress.

Written by George Knight

3 juli 2020 at 17:14

Anti-racisme beweging moet niet doorslaan in intolerantie: de inperking van fictie, expressie, drama en verbeeldingskracht

leave a comment »

Het klopt dat ik Hanne, Marthe en Klaasje nog nooit zo zag. Want ik heb ze nog nooit gezien. Het is toch al een wonder dat toeschouwers een film die nog gedraaid moet worden al hebben gezien. Maar het gaat niet om de promotie van een film van meidengroep K3, maar om de kritiek daarop die nu al opborrelt. Op de maatschappelijke rugwind van de BLM-beweging. Volgens een bericht van Tim Engelbart op de rechtse site DDS scherpen scherpslijpers hun messen. Het is onduidelijk hoe breed en afwijkend hun kritiek is.

Deze critici van de film ‘K3 – Dans van de Farao’ hebben ongelijk. Want culturele toe-eigening of ‘cultural appropriation’ dat gaat over ‘de overname of het gebruik van elementen van een bepaalde cultuur door een andere cultuur’ wordt door hen te beperkt geïnterpreteerd. Dat leidt tot verboden en inperking van de vrijheid van expressie. Dat is ongewenst. Een neutrale term is het niet, want ‘toe-eigening’ bevat de noties ontfutselen, wegnemen of inpikken. Daarom valt te bezien of het voor een debat niet een onbruikbare term is die het gesprek over de overname van culturele of sociale kenmerken door een andere groep (acculturatie) bij voorbaar framet, politiseert en dichttimmert. De term ‘toe-eigening’ suggereert dat machtsverhoudingen tussen groepen de natuurlijke overname van elementen van de ene in de andere cultuur onmogelijk maakt.

Dit gaat over identiteitspolitiek, ofwel over de vraag wie een in etniciteit gegrond verhaal mag claimen en mag ‘vertellen’. De hardliners stellen scherpe grenzen. In het geval van Egypte hebben de critici kritiek op het feit dat een Vlaamse of Nederlandse zangeres zich voordoet als iemand met een Egyptische etniciteit. Het lijkt erop dat ze menen dat alleen een Egyptenaar zich als Egyptenaar mag voordoen. Zelfs in een dramatisering van productiemaatschappij Studio100 Group die duidelijk een illusie is en geen weergave van de realiteit.

De critici houden blijkbaar niet van acteren, dus van ‘het doen alsof’. Of ze begrijpen de essentie niet van dramatisering en drama. In theaterstukken en films spelen acteurs doorgaans karakters met een andere achtergrond dan die van henzelf. De 21ste acteur die in een achterstandsbuurt geboren is kan moeiteloos de koning uit een 16de eeuws stuk van William Shakespeare verbeelden. Dat is de magie van het rollenspel. Dat is geen grap of mode, maar inderdaad een act. In de realiteit van deze critici liggen identiteiten onwrikbaar vast. Juist die onwrikbaarheid reduceert mensen tot één identiteit waaraan ze niet kunnen ontsnappen. Deze critici bouwen muren in de samenleving die mensen in hun apartheid niet mogen overschrijden.

De term suggereert dat culturele toe-eigening een overtreding is en daarom ontoelaatbaar. Dat is echter nog maar de vraag. Mag een wit iemand uitsluitend een wit verhaal vertellen of mag een wit iemand een zwart verhaal vertellen? En mag omgekeerd een zwart iemand een wit verhaal vertellen? Sommige gemeenschappen claimen dat ‘hun’ verhaal ‘hun’ eigendom is en dat een ander van een andere groep daar vanaf moet blijven. Dat gaat tot en met het eigen ontstaan en de voorouderverering aan toe. Dat is een kortzichtig standpunt.

Culturele toe-eigening die op scherp wordt gezet door een radicale minderheid is hypocrisie, dwingelandij en paradoxaal genoeg ook emancipatie van die minderheid. Het is een manier om machtsverhoudingen en culturele hegemonie te doorbreken. Daarom moet er een zeker begrip voor opgebracht worden. Maar als onverdraagzaamheid van een meerderheid wordt beantwoord met onverdraagzaamheid van een minderheid, dan is dat geen verbetering. Deze critici van de film van K3 haken aan bij terecht protest dat racisme bestrijdt, maar slaan door in hun kritiek door drama, expressie en verbeeldingskracht ondergeschikt te willen maken aan hun politieke opvattingen. Dat is een doodlopende weg voor allen die eindigt in collectieve segregatie.

Foto 1: Schermafbeelding van deel berichtZO ZAG JE KLAASJE, HANNE EN MARTHE NOG NOOIT!’ van productiemaatschappij Studio100 Group, 29 juni 2020.

Foto 2: Schermafbeelding van deel artikelJa hoor! Ook K3 gecancelled wegens “racisme”: Egyptisch verkleedpartijtje is “culturalappriopriation”’ van Tim Engelbart op DDS, 29 juni 2020.

KOZP monitort carnaval op racisme en culturele toe-eigening

with one comment

De NOS citeert in een bericht een anonieme woordvoerder van Kick Out Zwarte Piet (KOZP): ‘Met Kick Out Zwarte Piet zijn we altijd met name bezig geweest met racistische uitingen rond Sinterklaas. Maar met carnaval zien we eigenlijk elk jaar hetzelfde’. De woordvoerder bedoelt vermoedelijk het nevenschikkende ‘en’. KOZP verbreedt het werkterrein van Sinterklaas naar carnaval. Opvallend is de verwijzing van de woordvoerder naar ‘culturele toe-eigening’ dat als ongewenst wordt voorgesteld. Die verwijzing geeft aan dat KOZP haar interesse voor carnaval direct verbindt met haar belangstelling voor identiteitspolitiek. Het is onduidelijk wat de woordvoeder van KOZP hier precies probeert te beweren. Het blijft wat halfslachtig hangen.

De term ‘culturele toe-eigening‘ -in het Engels ‘cultural appropriation’– gaat volgens genoemd lemma van Wikipedia over ‘de overname of het gebruik van elementen van een bepaalde cultuur door een andere cultuur’. Een neutrale term is het niet, want ‘toe-eigening’ of ‘appropriation‘ bevat de noties ontfutselen, wegnemen of inpikken. Daarom valt te bezien of het voor een open debat niet een onbruikbare term is die het gesprek over de overname van culturele of sociale kenmerken door een andere groep (acculturatie) bij voorbaar politiseert, dichttimmert en een bepaalde richting opstuurt. De term ‘toe-eigening’ suggereert dat machtsverhoudingen tussen groepen de natuurlijke overname van elementen van de ene in de andere cultuur onmogelijk maakt.

Dit gaat over identiteitspolitiek, ofwel over de vraag wie een specifiek in etniciteit gegrond verhaal mag ‘vertellen’. In het geval van carnaval lijkt KOZP kritiek te hebben op het feit dat iemand zich verkleedt als een ander. KOZP is vaag en daarover niet helder, maar het lijkt erop dat het vindt dat alleen een Japanse geisha in een geishapak mag lopen, een Afro-Nederlander met een afropruik en een indiaan met een indianentooi. KOZP houdt blijkbaar niet van verkleedpartijen en acteren, dus ‘het doen alsof’. In de realiteit van KOZP liggen identiteiten onwrikbaar vast. De realiteit van KOZP reduceert mensen tot één identiteit waaraan ze niet kunnen ontsnappen. KOZP bouwt muren in de samenleving die mensen in hun apartheid niet mogen overschrijden.

De term suggereert dat culturele toe-eigening een overtreding is en daarom ontoelaatbaar. Dat is echter nog maar de vraag. Mag een wit iemand uitsluitend een wit verhaal vertellen of mag een wit iemand een zwart verhaal vertellen? En mag omgekeerd een zwart iemand een wit verhaal vertellen? Sommige gemeenschappen claimen dat ‘hun’ verhaal ‘hun’ eigendom is en dat een ander van een andere groep daar vanaf moet blijven. Dat gaat tot en met het eigen ontstaan en de voorouderverering aan toe. Dat is een kortzichtig standpunt.

Culturele toe-eigening die op scherp wordt gezet door een radicale minderheid is hypocrisie, dwingelandij en paradoxaal genoeg ook emancipatie van die minderheid. Het is een manier om machtsverhoudingen en culturele hegemonie te doorbreken. Daarom moet er een zeker begrip voor opgebracht worden. Maar als onverdraagzaamheid van een meerderheid wordt beantwoord met onverdraagzaamheid van een minderheid, dan is dat geen verbetering. KOZP geeft aarzelende aanzetten, maar geen duidelijkheid over wat het wil.

De woordvoerder van KOZP overdrijft door identiteit rechtstreeks te verbinden met carnaval. Notabene het feest van de omkering, het rollenspel en het voor drie dagen uit de werkelijkheid treden. KOZP gaat de fout in als het carnavalvierders het recht van expressie probeert te ontzeggen. Simpelweg omdat ze een identiteit aannemen die ze zich volgens KOZP niet mogen toe-eigenen. KOZP baseert zich op een wankele basis.

Culturele identiteit kan nooit met reden exclusief geclaimd worden door een bepaalde groep. Zoals een zwarte, gele, groene of rode Nederlander zich uit mag spreken over carnaval, zo mag een witte Nederlander zich verkleden, vermommen of identificeren als een zwarte, gele, groene of rode Nederlander. Het neemt bizarre vormen aan als KOZP zich opstelt als fatsoenspolitie of een kliklijn opent om overtredingen van identiteit te signaleren. Iedereen heeft het recht om tijdens carnaval te spelen met, te commentariëren en te variëren op kleur, gender, religie, etniciteit of wat dan ook. Dat vervaagt juist de grenzen tussen identiteiten en dat is exact waar KOZP voor pleit. Het lijkt er dan ook sterk op dat KOZP niet echt begrijpt wat carnaval is.

Foto 1: Deel van artikelKick Out Zwarte Piet let op racistische outfits met carnaval’ op NOS, 21 februari 2020.

Foto 2: J.P.M. Waterloo, Carnaval van Aruba, Oranjestad 1965.

Foto 3: Bericht op FB-pagina ‘Carnaval Racisme Monitor’ van KOZP Den Bosch.

Written by George Knight

21 februari 2020 at 23:55

Gesteggel over culturele toe-eigening is niet alleen hypocrisie, het onttrekt ook het sociaal-economische debat aan het zicht

leave a comment »

Culturele toe-eigening is hypocrisie. Een manifestatie van identiteitspolitiek. Het is bij dit debat in de kunst niet verkeerd dat mensen het met elkaar oneens zijn. Wat verkeerd is dat deelnemers aan het debat het recht van spreken ontzegd wordt. Omdat ze de verkeerde identiteit zouden hebben ‘om ergens over te mogen spreken’. Dat is racisme. Dat schrijnend genoeg vaak een reactie is op racisme. Zo komt er geen debat tot stand omdat betreffende deelnemers ervan worden beschuldigd de verkeerde motivatie te hebben. Dat is onaanvaardbaar en een aanklacht waar men zich niet tegen kan verweren. Iets anders is het als iemand de eigen culturele eigenheid wil prijzen of bewaken. Dat mag. Maar culturele identiteit kan nooit met reden exclusief geclaimd worden. Laten we beseffen wat dit debat aan het zicht onttrekt en wie daarvan profiteert. Het schuift een culturele schil voor problemen van sociaal-economische aard. Zodat iedereen het heeft over kleur, gender, religie, etniciteit of hegemonie en niet over belastingontwijking, eigendom, rijkdom, macht of inkomensongelijkheid. Conclusie is dat het debat over culturele toe-eigening op twee manieren invalide is.

Modehuis Carolina Herrera beschuldigd van culturele toe-eigening. Wat moeten we ermee?

leave a comment »

De Resort 2020 Collection van de Venezolaans-Amerikaanse ontwerpster Carolina Herrera wordt beschuldigd van culturele toe-eigening. In een reactie reageert de Mexicaanse historica en deskundige van traditionele stoffen Manuela López-Mateos met afschuw op de collectie Carolina Herrera. De traditionele Mexicaanse ontwerpen waar het modehuis zich op baseert zouden ‘behoren tot specifieke inheemse gemeenschappen’. López-Mateos: ‘Wanneer een vrouwelijke of mannelijke ontwerper deze elementen neemt zonder toestemming te vragen en zonder een samenwerking aan te gaan met de ambachtslieden, stelen ze feitelijk’. Maar behoren de ‘culturele elementen’ exclusief aan de specifieke inheemse gemeenschappen toe?

De term ‘culturele toe-eigening‘ -in het Engels ‘cultural appropriation– gaat volgens genoemd lemma van Wikipedia over ‘de overname of het gebruik van elementen van een bepaalde cultuur door een andere cultuur’. Een neutrale term is het niet, want ‘toe-eigening’ of ‘appropriation‘ bevat de noties ontfutselen, wegnemen of inpikken. Daarom valt te bezien of het voor een open debat niet een onbruikbare term is die het gesprek over de overname van culturele of sociale kenmerken door een andere groep (acculturatie) bij voorbaar politiseert, dichttimmert en een bepaalde richting opstuurt. De term ‘toe-eigening’ suggereert dat machtsverhoudingen tussen groepen de natuurlijke overname van elementen van de ene in de andere cultuur onmogelijk maakt.

Dit gaat over identiteitspolitiek, ofwel over de vraag wie een specifiek in etniciteit gegrond verhaal mag ‘vertellen’. De term alleen al suggereert dat culturele toe-eigening een overtreding is en daarom ontoelaatbaar en ongewenst. Dat is echter nog maar de vraag. Mag een wit iemand uitsluitend een wit verhaal vertellen of mag een wit iemand een zwart verhaal vertellen? Sommige gemeenschappen menen en claimen dat ‘hun’ verhaal ‘hun’ eigendom is. Tot en met het eigen ontstaan en de voorouderverering aan toe.

Dit heeft alles met identiteit en zelfbewustheid te maken. Die begrippen die zo in de mode zijn. Nu ook in de mode. Waarbij zelfbewustheid negatief uitpakt als weerbaarheid en zelfverzekerdheid omslaan in gekwetstheid en een defensieve houding. Dan gaan het groepsgevoel en de emancipatiestrijd boven de verbinding met anderen. Waarbij kunst en cultuur, niet meer universeel toegankelijk voor iedereen is, maar afgesloten wordt voor anderen. De commerciële invalshoek van Carolina Herrera helpt er niet aan me om begrijp voor de Resort 2020 Collection pop te brengen. De interventie van de Mexicaanse overheid om het erfgoed te verdedigen wekt juist wel begrip. Maar toch moeten we oppassen om mee te gaan in dat verhaal van toe-eigening dat grenzen opwerpt waar die voorheen niet waren. Al zijn het grenzen aan de commercie.

Foto: Carolina Herrera New York, Resort 2020, Look 7.

Misbruik van identiteitspolitiek voor politieke profilering is een probleem. Belgische indianen op het strand van Zeebrugge

leave a comment »

Dit gaat over identiteitspolitiek, die uit de VS geïmporteerde mode die Mickey Mouse of Coca Cola naar de kroon steekt. Het debat over identiteitspolitiek verdringt het sociaal-economische debat over eigendom, inkomensverschillen, belastingontduiking en machtsstructuren. Het debat over identiteitspolitiek is een afleiding die radicaal-links en radicaal-rechts in de mond wordt gelegd en die de macht goed uitkomt om alles bij het oude te laten en bestaande machtsstructuren te handhaven. Identiteitspolitiek biedt politici en opinie-makers op beide flanken van het politieke spectrum volop kansen om te verdelen, te onderscheiden, mensen van elkaar te scheiden en zo de gemeenschappelijke strijd tegen sociaal-economisch onrecht door te snijden en te belemmeren. Het debat over identiteitspolitiek houdt fundamentele veranderingen op afstand.

Yasmine Daelman is studente Arabisch en Islam en houdt zich bezig met mensenrechten. Zij constateert in een opinie-artikel voor VRT Nieuws onrecht op het strand van Zeebrugge tijdens het zomerfestival WeCanDance. Zoals Vlamingen zeggen, het gaat om ‘sukkelaars’. Daar maakt ze zich druk om. Daarbij schuwt ze grote woorden als kolonialisme, culturele toe-eigening of witte suprematie niet. Die containerbegrippen die alles en niets betekenen en als zetstuk voor het eigenlijke onderwerp worden gezet. Daelman: ‘Culturele toe-eigening is het gebruik van elementen uit culturen van sociaal-etnische minderheden door leden van de dominante cultuur. Het onderscheidt zich van culturele uitwisseling door de onderliggende machtsstructuren die aanwezig zijn, daar culturele toe-eigening een bijproduct is van kolonialisme en etnische onderdrukking.

Het lijkt er sterk op dat Daelman niet voldoende begrijpt dat ze zichzelf tot zetstuk maakt die het tegendeel bereikt van wat ze beoogt. Zij focust op de machtsstructuur van de identiteitspolitiek en verliest zo de grote lijn van de echte sociaal-economische machtsstructuur uit het zicht. Daelman zwelgt in een radicaal-links begrippenapparaat weg in grote woorden en verliest zo uit het oog voor welk karretje ze zich laat spannen.

Je kunt haar betoog trouwens ook omkeren. Dit soort rollenspel op het strand van Zeebrugge is blijkbaar onderdeel van de cultuur van een groep witte, Belgische mensen waartoe Daelman niet behoort. Zeg maar de traditie van Bobbejaansland, country-and-western, Bonanza, pretparken Western City en Bison Ranch in de Waalse Ardennen. Volgens de logica van Daelman heeft iemand van een andere cultuur daar niet over te oordelen en al zeker niet met gebruikmaking van dezelfde argumenten waarmee ze anderen veroordeelt.

Het is van tweeën een. Of cultuur is niet het exclusieve domein van één specifiek volk, etniciteit, religie of doelgroep, maar kan gedeeld wordt door allen. Of cultuur is wel het exclusieve domein van één specifiek volk, etniciteit, religie of doelgroep, zodat niemand over culturele grenzen heen uitspraken over die andere cultuur kan doen. De reactie van Daelman vermengt een en ander. Ermee bereikt ze het omgekeerde van wat ze boogt. Volgens de laatste mode uit de VS die de eerdere mode van Marlboro Man en The Virginian verdringt.

Foto: Schermafbeelding van deel artikelMisbruik van andermans cultuur voor commercieel winstbejag is een probleem’ van Yasmine Daelman op VRT NWS, 14 augustus 2018.

Transformaties en interventies van Chitra Ganesh

leave a comment »

Van de al een kleine 20 jaar in New York actieve kunstenaar Chitra Ganesh is tot 4 november 2018 de tentoonstelling ’The Scorpion Gesture’ in het Rubin Museum in New York te zien. Waar zij op uit is maakt de titel van een bespreking in Hyperallergic duidelijk: ‘A Feminist Artist’s Postcolonial Animations’. Ganesh is een geëngageerde kunstenaar die met verhalende beelden en animaties de vanzelfsprekendheid van de macht ter discussie stelt. Hyperallergic: ‘Not surprisingly, the stories reflect the racial, religious, socio-economic and gender prejudices of India’s predominantly patriarchal and religious orthodoxy, which privileges fair-skinned, upper-caste Hindu males’. Ganesh begeeft zich vol moed in een mijnenveld door vooroordelen  van de Indiase religieuze orthodoxie aan te spreken. Dat is niet iets voor bange kunstenaars of museumdirecteuren die het een podium geven. Met animatie legt ze dwarsverbanden en probeert ze het ongeziene zichtbaar te maken.

Dit gaat over ‘cultural appropriation’, ofwel over de vraag wie een specifiek religieus of in etniciteit gegrond verhaal mag ‘vertellen’. De term alleen al suggereert dat culturele toe-eigening een overtreding is en daarom ontoelaatbaar en ongewenst. Dat is echter nog maar de vraag. Mag een paars iemand uitsluitend een paars verhaal vertellen of mag een paars iemand een andersgekleurd verhaal vertellen? Sommige gemeenschappen menen dat ‘hun’ verhaal ‘hun’ eigendom is. Tot en met het eigen ontstaan en de voorouderverering aan toe.

Dit heeft alles met identiteit en zelfbewustheid te maken. Waarbij  dit laatste negatief uitpakt als weerbaarheid en zelfverzekerdheid omslaan in gekwetstheid en een defensieve houding. Dan gaan het groepsgevoel en de emancipatiestrijd boven de verbinding met anderen. Waarbij kunst en cultuur, inclusief ‘het verhaal over religie’ niet meer universeel toegankelijk voor iedereen is, maar afgesloten wordt voor anderen. Het lijkt in een steeds kleiner wordende wereld een onhoudbaar standpunt dat voor radicale groeperingen echter nut heeft om zich politiek te profileren. Maar anderen hoeven zich van die claim weinig aan te trekken. Het is de verdienste van Chitra Ganesh dat zij aan dit aspect een goede vorm geeft en eraan meewerkt om grenzen te overschrijden. Niet met de botte bijl, maar met eerbetoon en alternatieven vanuit haar feministische optiek.

Foto: Beeld uit animatie The Scorpion Gesture (2018) van Chitra Ganesh.

Controversiële kunst van Margaret Bowland in Raleigh’s CAM. Wie heeft het laatste woord over de grenzen aan de kunst?

with one comment

In de media is kunst die controversieel genoemd wordt, pas kunst die de volle aandacht krijgt. Neem de tentoonstelling ‘Painting the Roses Red’ van Margaret Bowland in het Contemporary Art Museum (CAM) in Raleigh, North Carolina. Daar klinkt kritiek op. Haar werk zou doel missen. Zij als in de staat geboren witte kunstenares zou zich volgens sommige critici het zwarte verhaal toe-eigenen. Anderen, zoals conservator Dexter Wimberly nemen het voor Bowland op. De meningen zijn verdeeld. Er waait een hoop stof op.

Wie heeft er gelijk en wie stelt grenzen aan de kunst? Bezondigen Bowlands critici zich aan omgekeerde apartheid en censuur? Naar aanleiding van een kunstenaarsdebat van conservator Alexandra van Dongen van het Wereldmuseum/Boijmans met kunstenaar Paul Bogaers in 2017 in Galerie Sanaa, Utrecht naar aanleiding van de tentoonstelling Apparitions van de Frans-Gabonese kunstenaar Myriam Mihindou schreef ik het onderstaande. Uit de heftige publieksdiscussie bleek dat dit een onderwerp is dat niemand ongemoeid laat.

De term ‘culturele toe-eigening‘ -in het Engels ‘cultural appropriation– gaat volgens genoemd lemma van Wikipedia over ‘de overname of het gebruik van elementen van een bepaalde cultuur door een andere cultuur’. Een neutrale term is het niet, want ‘toe-eigening’ of ‘appropriation‘ bevat de noties ontfutselen, wegnemen of inpikken. Daarom valt te bezien of het voor een open debat niet een onbruikbare term is die het gesprek over de overname van culturele of sociale kenmerken door een andere groep (acculturatie) bij voorbaar politiseert, dichttimmert en een bepaalde richting opstuurt. De term ‘toe-eigening’ suggereert dat machtsverhoudingen tussen groepen de natuurlijke overname van elementen van de ene in de andere cultuur onmogelijk maakt.

(…) Uiteindelijk is het een vraag over de vrijheid van de kunstenaar en wat in de beroepspraktijk zwaarder telt. Wat is de ultieme opdracht van een kunstenaar? Die vraag wordt in de openbaarheid niet zo vaak gesteld en getoetst aan de hand van een sprekend voorbeeld. Daarom was het in Galerie Sanaa een interessant debat dat verder ging dan een gesprek over culturele toe-eigening. Moet de kunstenaar zich ondergeschikt maken aan culturele, sociale en politieke beperkingen en gevoeligheden of is het de functie om door hokjes te breken? Zelfs als dat onopzettelijk en terloops gebeurt.

Foto: Margaret Bowland, ‘Wedding Cake, 2009’; Oil on linen, 82 x 66 inches. Uit de serie: ‘Excerpts from the Great American Songbook’.

%d bloggers liken dit: