George Knight

Debat tussen links en rechts

Posts Tagged ‘Tegengeluid

Nijmegen observeert met camera’s tegen bijstandsfraude

with 3 comments

Update 2 augustus 2013: Voorzitter van het CBP Jacob Kohnstamm heeft in uitzonderlijke gevallen geen bezwaar tegen het inzetten van geheime camera’s voor het opsporen van uitkeringsfraudeurs. Kohnstamm legt uit aan de NOS. Hiermee schuift de voorzitter van het CBP de grenzen aan de privacy op. Kohnstamm begeeft zich hiermee op een hellend vlak. Niet in het minst wat zijn eigen geloofwaardigheid betreft.  

Volgens een bericht in het Reformatorisch Dagblad gaat de gemeente Nijmegen camera’s inzetten bij de bestrijding van bijstandsfraude. Als een vermoeden van fraude bestaat. Dat heeft de gemeente deze week bekendgemaakt. Volgens een woordvoerder houdt een auto met een observatiecamera de voordeur van de vermeende fraudeur in de gaten. De beelden worden dan elders bekeken en bij overtreding kan een sociale rechercheur in actie komen. Bijvoorbeeld als iemand niet op het aangewezen adres blijkt te wonen. Nijmegen zegt dat andere steden zoals Groningen al camera’s tegen uitkeringsfraude gebruiken. De aanschaf van een mobiele camera kost 30.000 euro. Hoe duur de inzet van auto, camera en surveillance is wordt niet genoemd. De inzet van de camera’s moet voor Nijmegen tot een bezuiniging van 4 miljoen euro op de bijstand leiden.

SP-kamerlid Sadet Karabulut heeft de staatssecretaris van Sociale Zaken er kamervragen over gesteld. Ze vraagt in het bijzonder naar de voorwaarden voor de inzet van de camera’s. Want wie geeft er toestemming, hoe sterk moet het vermoeden zijn om de inzet te rechtvaardigen en hoe lang worden camera’s ingezet? Mw. Karabulut wil ook weten hoe de inzet zich verhoudt tot het recht op eerbiediging van iemands privéleven.

Er is kritiek mogelijk op de proportionaliteit van deze maatregel. Surveillance met camera’s in de openbare ruimte is maatschappelijk geaccepteerd. Surveillance van zware criminelen of een risicovol uitgangsgebied is anders dan een camera die bij een idee van vermoeden continu op de voordeur van een bijstandsgerechtigde wordt gericht. Er zijn ook praktische bezwaren. Wat als iemand meerdere ingangen tot de eigen woning heeft of hoog in een flat woont? Nijmegen stelt dat de beelden in de openbare ruimte worden gemaakt, maar de ruimte achter de toegangsdeur kan ook in beeld komen. En passanten worden ongevraagd geregistreerd.

Inzet van camera’s wordt door Nijmegen als bezuinigingsmaatregel gepresenteerd. Het past in een patroon van de overheid om arbeidsintensieve en dus dure controles in te wisselen voor goedkopere technische oplossingen. Het perkt de privacy van burgers in zonder dat ze zich daartegen kunnen uitspreken. In dit geval niet alleen van de bijstandsgerechtigde, maar ook van bezoekers en passanten. De claim van Nijmegen dat de camera in de openbare ruimte de inzet rechtvaardigt is een luie redenering. Het zou onder het mom ‘Select Before You Collect‘ per geval moeten beredeneren dat andere methoden en instrumenten niet werken voordat deze methode van surveillance toegestaan wordt. Maar wie bewaakt in Nederland de privacy van de burger?

Foto: Mobiele observatie camera

Advertenties

Geen platform burgerrechten, stupid

with 24 comments

De gevolgen van Cablegate lijken breder dan de grote politiek tussen landen. Het daalt langzaam af naar het niveau van de burgerrechten. De grondrechten van de rechtsstaat. Door zichtbaarheid, flexibiliteit en massaliteit komt de relatie van de burger met de overheid in beeld. Dat proces is hopelijk onomkeerbaar.

Betaalfirma’s en internetmaatschappijen zijn klem komen te zitten tussen de dwang van de Amerikaanse regering en de burger die op zijn rechten staat. WikiLeaks of Julian Assange zijn slechts de aanleiding. Burgerrechten zijn centraal komen te staan.

Het uitblijven van een krachtdadige burgerrechtenbeweging in Nederland is al jaren een raadsel. Onder het mom van veiligheid worden burgerrechten langzaam uitgekleed. Slechts een enkele volksvertegenwoordiger of de plichtmatige, maar marginale Jacob Kohnstamm, voorzitter van het College Bescherming Persoonsgegevens (CBP) laten af en toe van zich horen.

Zo zegt Kohnstamm in een debat in november 2006 dat van een groot aantal recent aangenomen wetten in de strijd tegen terrorisme nut en noodzaak niet is aangetoond. De privacy is absoluut in het geding. Alles wat technisch mogelijk is, moet maar kunnen. We komen in een controle-samenleving terecht, aldus Kohnstamm. Hij hoopt dat het tij nog gekeerd kan worden en dat de balans tussen mensenrechten en overheidsbevoegdheden hersteld wordt.

Interessant is wat directeur techniek en ontwikkeling van internetbedrijf XS4ALL Simon Hania zegt: Internetproviders zijn verlengstuk geworden van de overheid. Wij worden soms gedwongen internettaps te plaatsen. Maar of die enig effect sorteren weten we niet. Hoogleraar computerbeveiliging Bert Jacobs pleit voor het principe select before you collect dat door overheden steeds meer wordt omgedraaid. Kostenoverwegingen bij veiligheidsdiensten zetten dat principe steeds verder onder druk.

Om deze redenen heeft een open samenleving een krachtige burgerrechtenbeweging nodig voor de betrokken burger die tevens calculerende consument en moralist is en politieke, economische en ethische macht in zich verenigt. Dominante overheden hebben tegenkrachten nodig omdat het controlerende parlement steken laat vallen vanwege het simpele feit dat het onderdeel van de macht is.

Burgerrechtenbewegingen zijn onafhankelijk en hoeven niet hecht georganiseerd te zijn en politiek opgetuigd te worden. Liever niet zelfs omdat het afstand tot de politiek nodig heeft om losjes en autonoom te functioneren. Een crypto-politiek initiatief als Stichting Bescherming Burgerrechten is geen oplossing, maar juist een probleem.

De praktisch gerichte internetgeneratie van WikiLeaks lijkt beter dan oudere generaties te begrijpen dat het zich niet moet laten inkapselen door politieke partijen of levensbeschouwelijke, door de overheid gesubsidieerde organisaties. Deze zitten vast in een wereldbeeld van conferenties en ambtelijke nota’s. WikiLeaks gaat verder en voegt de daad bij het woord. Nu vasthouden en uitbouwen.

Foto: Poster uit 1984 (1956) van Michael Anderson

Kunst zonder oren 3

with 11 comments

Is kunst het kind van de rekening? Het lijkt erop. Met name hedendaagse kunst wordt slecht begrepen. Dat betreur ik als liefhebber van beeldende kunst, film, literatuur en muziek. Het is een proces van jaren dat het zover is gekomen. Het raakt me recht in het hart. Kunst heeft geen reputatie, heeft geen oren zoals men zegt. Laatste uit een serie van drie.

Wie de nieuwe machthebbers zijn ligt in de toekomst verscholen. Tendens is dat de democratisering wereldwijd afneemt. Chinese, Russische of Indiase burgers krijgen eerder minder dan meer rechten dan burgers in een liberale democratie. Zelfs in het Westen wordt onder het mom van veiligheid de macht van de staat vergroot ten koste van de burgers. Op wat enclaves na ziet het er voor de komende jaren niet best uit wat burgerrechten betreft. Vele islamstaten stevenen af op een culturele kaalslag die de eigen bevolking apathisch achterlaat. Met steeds minder vermogen tot herstel.

De uitdaging voor kunstenaars is om nationale of mondiale tendenzen te verwoorden, te doorbreken en voor het publiek in een geëigende vorm te gieten. Afhankelijk van plaatselijke omstandigheden. Kracht van kunst is haar vermogen tot abstractie en haar bijzondere positie. Kunst komt waar politiek moet stoppen.

De Chinese kunstenaar Ai Weiwei is een icoon van onverzettelijkheid die z’n eigen leven op het spel zet en om gematigde democratisering vraagt. Zo groeien kunstenaars, soms samen met wetenschappers en journalisten, in een globaliserende wereld naar elkaar toe. Maar in het vinden van motieven en vormen zullen ze altijd teruggrijpen op hun eigen omgeving die nationaal gericht en cultureel specifiek is. Het kosmopolitisme zweeft daar boven op zoek naar een wereldcultuur. Theoretisch waardevol en in pure uitvoering de meest open houding. Maar onhaalbaar voor de massa en per definitie losgezongen van de lokale situatie.

Een organisatie die zich wenst te versterken moet nimmer bang zijn voor tegengeluid. Juist dat laatste maakt sterk. Zo is het ook met een land. Indirect is de functie van kunst het verzorgen van een tegengeluid. Kunst zet vraagtekens bij het vanzelfsprekende. Kunst maakt burgers sterker. Kunst die niet kritisch kan zijn is geen kunst maar behang. Da’s de overgesausde structuur in de kamer van de macht.

In een brief aan informateur Opstelten stelt in augustus 2010 de Raad voor Cultuur: cultuur als verbindend en mobiliserend element [is] een onmisbare factor. De brief tekent de kloof die bestaat tussen de gepolitiseerde belangenbehartigers en de kunstenaars. Het is de verkeerde cultuurpolitiek van gevestigde instellingen zoals de Raad voor Cultuur die de kunst meer schade doet dan de aanvallen van de PVV. Want ruwheid past meer bij kunst, dan sociopraat die de aard van kunst verhult.

Werking van kunst kan uitgelegd worden, maar hoeft niet verdedigd te worden. Kunst zet op scherp, kunst maakt de omgeving als nieuw en kunst biedt in vrijheid hetzelfde als religie: zingeving, troost en schoonheid. Kunst staat dwars op de consensus, kunst zet vragen bij het vanzelfsprekende. Kunst is de mythe, kunst geeft diepte en kunst biedt mogelijkheden tot identificatie, onderscheid en aanscherping van de geest. Kunst raakt het individu.

De stand van zaken van een democratische samenleving kan afgemeten worden aan steun voor kwetsbaren. Hoogbejaarden, geestelijk gehandicapten en zieken kunnen niet voor zichzelf zorgen. Zo is het ook met kunst. Hoewel de noodzaak voor steun afneemt als kunst meer verbonden raakt aan commercie. Dat kan van geval tot geval bekeken worden.

Net als in het onderwijs en de zorg zijn in de cultuursector de managers, de culturele ondernemers en kunstmakelaars opgedrongen. Hoewel het door de kleinschaligheid en de onderbetaling in de sector gelukkig nog meevalt. Maar de tendens bestaat. Zij eten een groot deel van het budget op. Kunstenaars zijn te verdeeld en te veel met zichzelf bezig om daarop eensgezind te reageren.

Zelfregulering van de sector is de sleutel. Sommige kunst kan niet opereren op een open markt en moet gesteund blijven worden. Daar blijft een compact voorwaardenscheppend administratie- en kenniscentrum voor nodig. Maar alle inspanningen vanuit de overheden dienen vervolgens gericht te zijn op de kwaliteiten van kunst alleen.

Niet het doelgroepenbeleid, de emancipatie, de economie of de politieke bedoelingen dienen leidend te zijn in het cultuurbeleid. Kunst gaat om kunst alleen, anders is kunst geen kunst meer. Dan wordt het een afgeleide van zichzelf. Als macramé van de politiek, de gedomesticeerde variant van kunst die voor de politiek kunstjes mag vertonen.

Algemene maatregelen zijn zinnig voor acceptatie van kunst, maar juist daar is de politiek halfslachtig. Onderwijsprogramma’s over media, kunst en cultuur kunnen behulpzaam zijn voor begripsvorming en draagvlak, maar komen onvoldoende van de grond. Want hoe absurd is het niet dat jongeren -in wat men zegt een beeldcultuur te zijn- niet veel meer dan nu geleerd wordt beelden en kunstuitingen te lezen, te plaatsen en te doorgronden? Ze zijn ongewapend in het mediabombardement. Leren het uiteindelijk wel, maar op een verre van doelmatige manier. Zo missen vele jongeren delen van wat kunst is en kan zijn. Ze blijven hangen in een leerproces, uitgezonderd de hoogopgeleiden die er altijd wel komen.

Cultuurbeleid en kunst is een onderwerp waarover veel te zeggen valt en wat blijft boeien door de vormende en overstijgende rol. Ons zwijgen ontstaat niet vanwege een tekort, maar een teveel aan aspecten. Die veelkoppigheid speelt velen parten. Het terugkerende motief is echter dat kunst geen reputatie heeft en niet wordt gehoord.

Ik ben voorstander van een daadkrachtig cultuurbeleid met een behoorlijk budget. Geen vanzelfsprekendheid zoals een Synovate onderzoek van april 2010 uitwijst. Het recente verleden leert dat cultuurpolitieke daadkracht vaak zijn doel voorbijschiet. Zeker als kunst aangehaakt wordt bij sociaal beleid. Da’s oneigenlijk gebruik van kunst en tekent het wantrouwen van beleidsmakers in de kracht van kunst. De pest voor de kunst is dat politici zich er niet sterk voor wensen te maken en dat besluitmakers menen dat kunst ingezet dient te worden voor andersoortige doelen. Opmerkelijk is dat vele goedwillende specialisten uit de kunstwereld hierin getrokken worden en zich laten corrumpereren. Zonder zelfvertrouwen en ambitie. Het slechte image van kunst en cultuur bij de achterban van alle partijen tekent het ontbrekende draagvlak.

Foto: F.S. Shurpin, De Ochtend van ons Vaderland  (1948) met afbeelding van Joseph Stalin