George Knight

Debat tussen links en rechts

Posts Tagged ‘Sociologie

Hoe verhouden sociologie en economie zich tot elkaar? Platform De Nieuwe Winkelstraat DNWS kijkt naar toekomst van de winkelstraat

leave a comment »

De toelichting bij de video zegt: ‘Platform De nieuwe winkelstraat (DNWS) is een (onafhankelijk) kennis- en netwerkcentrum dat zich richt op de toekomstbestendigheid van Nederlandse winkelgebieden. Daarvoor werken we nauw samen met partnerorganisaties uit alle relevante sectoren.’ Moeten we vrolijk of depressief worden van het filmpje? Ik twijfel. In elk geval is het een prima poging om het wereldrecord cliché gebruik te breken. De Nederlandse winkelstraat kan wel een opknapbeurt gebruiken. De sociologie van de (winkel)straat wordt door de verschillende gesprekspartners teruggebracht tot een Bedrijven Investeringszone (BIZ). Of zo’n economische invalshoek ‘toekomstbestendig’ genoeg is om de winkelstraat te redden valt niet te voorzien.

Duyvendak: achterban PVV denkt over emancipatie niet anders dan laagopgeleide Nederlands-Marokkanen. Niet vooruitstrevend

with one comment

0bf4dd39b7bc0bd5b2fb85fe3e67bd8bb2b0fce477fa4cd5ee54a6673b961abe

Mijn ogen bleven haken op twee zinnen in een essay van de Amsterdamse socioloog Jan Willem Duyvendak in De Groene van 10 maart 2016 dat ook in S&D van de Wiardi Beckman Stichting verschijnt: ‘Bij precieze analyse blijkt dat de achterban van Wilders qua emancipatiegezindheid sterk lijkt op laagopgeleide Nederlands-Marokkanen. Niet heel vooruitstrevend dus’. Hij verwijst hierbij naar het onderzoekAcceptatie van homoseksuelen, biseksuelen en transgenders in Nederland‘ van Lisette Kuyper en Saskia Keuzenkamp.

Duyvendak focust op de vraag welk beeld van Nederland ‘wordt uitgedragen in reactie op dergelijke aanslagen en, breder, in discussies over migranten en asielzoekers.’ Aanleiding voor het essay is een recente publicatie van de Franse demograaf Emmanuel Todd die stelt dat de demonstraties na de terroristische aanslagen van januari 2015 (Charlie Hebdo, kosjere supermarkt) vooral een uiting van islamofobie waren. Duyvendak wijst die claim af en vindt dat Todd de plank mis slaat. Hij ontleent er wel het perspectief aan hoe Nederlanders zichzelf presenteren in reactie op dit soort aanslagen of de instroom van migranten en asielzoekers.

Duyvendak gaat in op drie aspecten die kort samengevat de culturele kwestie vormen: vrouwenrechten, homorechten en de scheiding van kerk en staat. Hij geeft een goed overzicht van recente ontwikkelingen. Nog in 1960 was Nederland een van de meest traditionele landen van Europa op het gebied van gender (man/ vrouw relaties) en (homo)seksualiteit. Deels is dat nog zo, men hoeft maar te kijken naar de in vergelijking met andere Europese landen slechte positie van vrouwen op de arbeidsmarkt. En in de debatten over de scheiding van kerk en vindt Duyvendak de dubbelzinnigheid nog groter dan bij gender en (homo)seksualiteit: ‘Dezelfde partijen die het hardste roepen dat een modern land zich kenmerkt door een volledige scheiding van kerk en staat, stellen tegelijkertijd dat Nederland een joods-christelijke traditie heeft en moet houden. Voorstellen om bijvoorbeeld vrije dagen minder stringent te koppelen aan christelijke feestdagen kunnen op woedende reacties rekenen. Want dan is er plotseling sprake van een aanval op ‘onze cultuur’.’

Uiteindelijk is toch door de verwerking van de verworvenheden van de jaren 1960 een omslag gekomen die Nederland tot een progressief land hebben gemaakt. Vaak is dat een revolutie in woorden geweest die nog niet altijd en overal in de praktijk van de samenleving zijn terug te vinden, maar het onderscheidt volgens Duyvendak Nederland wel van meer traditionele landen als de VS of Frankrijk die nog voor het proces staan dat zich in Nederland al voltrokken heeft. Door de snelheid van de veranderingen kijkt Nederland er dubbelhartig tegenaan. En met enige mate van geheugenverlies. Want die culturele verworvenheden die nu als vanzelfsprekend worden gepresenteerd zijn behalve in progressieve enclaves van D66- en GroenLinks-kiezers nog niet overal ingedaald. Pikant is trouwens dat Duyvendak in het PvdA-huisblad S&D Paul Scheffer te kijk zet als iemand die nog in 2005 in het openbaar ‘demonstratieve homoseksualiteit’ afwees. Wat geeft dat aan?

Maar die zin dus over de achterban van de PVV die niet heel vooruitstrevend is en over emancipatie niet heel anders denkt dan laagopgeleide Nederlands-Marokkanen. Henk en Ingrid denken over culturele kwesties hetzelfde als Achmed en Fatima. Duyvendak constateert dat ze veel gemeen hebben: ‘zowel PVV-stemmers als de laagopgeleiden onder de Nederlands-Marokkanen voelen zich vaak miskend, niet gezien door de politiek; ze wonen in de ‘slechtere wijken’; en ze hebben traditionelere opvattingen.’ Het is niet nieuw wat Jan Willem Duyvendak zegt en het komt niet verrassend, maar het is goed om het opnieuw te beseffen.

Er bestaan theorieën over maatschappelijk kloven: tussen nationalisten en kosmopolieten (wereldoriëntatie), progressieven en conservatieven (culturele waarden), laag- en hoogopgeleiden (ontwikkelingsniveau), individualisme en gemeenschap (burgermaatschappij, zie ook Wiki-lemma Communitarisme) of autochtonen en nieuwkomers (herkomst). Hoe dan ook stelt Duyvendak met zijn essay de claims van het Wij/Zij-denken bij dat mensen eenzijdig probeert te ronselen. De werkelijkheid is genuanceerder en veelzijdiger. Godzijdank. 

Foto: ‘Demonstratie in Amsterdam, provo Hans Tuijnman wordt door enige agenten weggesleept‘, 17 juli 1966. Collectie nationaal Archief. Credits: Joost Efers / Anefo.

Ross Williams verstoort met Amerikaans cultureel imperialisme de blik op Zwarte Piet

with 2 comments

In plaats daarvan legt hij Nederlanders een nadrukkelijk uit de VS stammende opvatting van racisme op.’ Dat is de sleutelzin uit de ingezonden brief in de NRC van dr. Hans Siebers die als wetenschapper aan de Universiteit Tilburg gespecialiseerd is in culturele diversiteit en etnische identiteit. Hans Siebers heeft het over de Afro-Amerikaanse regisseur Roger Ross Williams die met een Nederlander getrouwd is en in opdracht van CNN de documentaire Blackface maakte die vorige week online ging. Een bij vlagen humoristisch verslag met een ernstige ondertoon dat bedoelt lijkt om racisme te bestrijden. Maar Siebers ziet in de stellingname van Ross Williams juist het omgekeerde: ‘Zijn bewering mist elk fundament en dreigt racisme juist te bevorderen.

Siebers stelt dat ‘de relevante vraag is of Zwarte Piet de sinterklaasvierders hier en nu aanzet tot racistische gedachtes en handelingen. Hiervoor is geen enkel bewijs.’  Vervolgens meent Siebers dat het racisme in Nederland onlosmakelijk is verbonden met de Holocaust dat leidde tot ‘naoorlogse antiracisme in dit land’. Een complexe redenering waarvan het niet op voorhand duidelijk is of het klopt. Want door sinterklaasvierders van racisme te betichten, zou je ze er volgens Siebers van beschuldigen de Holocaust te legitimeren.

Siebers heeft een punt dat Ross Williams als Amerikaans staatsburger cultureel imperialisme bedrijft door zijn in de Amerikaanse situatie gewortelde opvattingen over racisme naar Nederland te transformeren en deze zonder enig voorbehoud voor andere omstandigheden voor Nederland geldig te verklaren. Ondersteunend bewijs voor het feit dat Ross Williams cultureel imperialisme bedrijft is dat in de documentaire degenen die het beste Engels spreken, de Amerikaanse opvatting over racisme het meeste delen en zich het meest lijken te vereenzelvigen met de Amerikaanse kritiek Ross Williams bijvallen in de verontwaardiging over Zwarte Piet.

Maar zal iemand zich mogelijk afvragen is gelijkheid dan geen universele waarde die in gelijke mate geldt voor alle landen? Dat ligt genuanceerd. De activisten tegen Zwarte Piet verwarren discriminatie en racisme met elkaar. Discriminatie als sociologisch verschijnsel  kan een positieve sociale werking hebben omdat het door binding dient om groepsvorming te bevorderen. Zoals gelovigen zich verzamelen binnen een religie en zich onderscheiden van andersdenkenden. Positieve discriminatie wordt maatschappelijk en juridisch toegestaan en komt in alle landen voor. Dat is geen racisme. Daarvoor is meer nodig, zoals het als minderwaardig bestempelen van alle leden van een ras. Dat is bij het Sinterklaasfeest niet aan de orde. Stereotyperende uiterlijkheden zoals dikke lippen, kroeshaar en krom praten die vermoedelijk sinds het midden van de 19de eeuw in de Sinterklaastraditie zijn ingeweven worden de afgelopen jaren juist van bovenaf afgezwakt.

Ross Williams lijkt door zijn begripvolle houding heel wat van het Sinterklaasfeest te begrijpen, maar begrijpt er uiteindelijk toch te weinig van. De grootste fout die hij maakt is dat hij zijn Amerikaanse opvatting van racisme die wortelt in de keiharde politieke en maatschappelijke Amerikaanse verhoudingen zonder voldoende rekening te houden met fundamentele verschillen projecteert op de Nederlandse situatie. Dat gaat mank. Ross Williams heeft gelijk dat racisme bestreden moet worden en onder alle omstandigheden onaanvaardbaar is, maar waarom hij dat met het Sinterklaasfeest verbindt is de vraag. Door ‘wit’ en ‘zwart’ tegenover elkaar te zetten introduceert hij juist het racisme in het Sinterklaasfeest dat er helemaal niet is.

Twijfel. Heeft het CBS nog grip op de niet-westerse allochtonen?

leave a comment »

cbs

Heb ik iets tegen ouderen of niet-westerse allochtonen? Welnee. Gelegd langs de religieuze meetlat heb ik met deze twee groepen echter het minste omdat ze in meerderheid godsdienstig zijn. Niet dat mensen niet godsdienstig zouden mogen zijn. Nederland kent vrijheid van godsdienst die een van de beste ter wereld is. Hoewel ik niks met godsdienst heb ben ik daar trots op en hoop ik dat dat zo blijft. Secularisme biedt prima bescherming en steun voor pluriformiteit en diversiteit. Als hoogopgeleide mannelijke autochtoon vind ik het best. Voor de groep ouderen valt te verwachten dat op termijn het aandeel godsdienstigen fors terugloopt.

Hoe zich dat bij niet-westerse allochtonen ontwikkelt valt te bezien. Je zou verwachten dat ze het voorbeeld van hun seculiere omgeving -weliswaar op afstand- volgen. Maar daar ziet het niet naar uit, het aandeel godsdienstigen loopt in vier jaar slechts minimaal terug. Hoe kan dat gebeuren of kloppen de cijfers niet? Wie weet onderhand nog wat niet-westerse allochtonen zijn en wat niet? Voorzichtige conclusie: de cijfers van het CBS geven de werkelijkheid niet weer en hebben geen grip meer op de groep niet-westerse allochtonen.

Zie hier voor onderzoek ‘Religieuze betrokkenheid van bevolkingsgroepen, 2010–2014’ van Hans Schmeets en Carly van Mensvoort.

Foto: Schermafbeelding van persberichtCBS: Aandeel religieuzen verder gedaald, behalve bij niet-westerse allochtonen en ouderen’ van 13 mei 2015.

Saskia Sassen geeft te denken over de instabiele digitale wereld

leave a comment »

De Nederlands-Amerikaanse sociologe Saskia Sassen laat ons nadenken. Over de instabiliteit van de digitale wereld. Over hoe algoritmen ons leven veranderen. De financieel-economische wereld wordt er hoogst onvoorspelbaar door. Amazone en Google vormen ons en denken vóór ons zonder dat we dat nog beseffen. En zelfs als we dat al deden, zouden we dat terug kunnen en willen draaien? Richting zelfdenken en zelfdoen?

Zie voor meer gedachten over de digitale wereld: @stifterverband voor de Duitse wetenschap.

Over genres en generaties binnen de beeldende kunst

leave a comment »

Hedendaagse beeldende kunst kent talloze genres die verschillende soorten mensen aantrekken. Kunstenaars en bijpassend publiek vinden elkaar. Genres proberen zich ten opzichte van elkaar te onderscheiden. Het kan confronterend of beeldbestormend zijn. Typisch iets voor de aanstormende generatie. Het kan museaal of kunsthistorisch zijn. Vooral bedoeld om het museum te halen. Typisch iets voor een generatie in opmars. Deze kunst onderstreept zowel zichzelf als een bijkomende opzet die naar de samenleving verwijst.

Dan zijn er de genres waarin kunst een belangrijke bijzaak is. Dan wordt kunst tot halfproduct voor sociale wisselwerking tussen gelijkgestemden. Dan wordt kunst een excuus voor gezelligheid, voor afbakening van de eigen sociale klasse en voor netwerken. Smaakvol en risicoloos zijn hierbij de steekwoorden. Doorgaans gesymboliseerd door ooit krachtige kunstenaars die ingelijfd worden omdat ze het aanzien van rebellie nog in zich dragen, maar die door de jaren heen tandeloos zijn geworden. Typisch voor een gearriveerde generatie vol blablabla die meent van alles verstand te hebben, zelfs van beeldende kunst, maar vooral op zeker speelt.

Dan is er het meest ontwapenende, maar ook wel stakkerige genre van de non-kunst binnen de kunst. Een grensgebied dat samengaat met bezigheidstherapie, miskendheid en gebrek aan kwaliteit. Typisch iets voor een generatie die tussen wal en schip is gevallen, dat beseft maar toch niet erkennen kan. Deze non-kunst is gangbare kunst in lokale galerieën, op kunstmarkten en rustieke molens die knus draaien op de volksgunst.

Soms lopen de vier genres door elkaar heen en begint het spel van dubbele bodems en spiegelingen. Dan verliest de kijker de zekerheid van wat nou wat is. Net als bij onroerend goed gaat het bij kunst om de locatie. Die bepaalt grotendeels de betekenis. Guillaume Bijl die een caravanshow nabouwt in het museum. Of de ZomerExpo in het Haags Gemeentemuseum waarin amateurs een plek in het museum krijgen. Vermenging, grenzeloosheid en fusion worden zo steekwoorden van een zich nieuw aftekenend genre. Is dit een bewuste genrevervaging bedoeld om de afzonderlijke genres weer samen te vatten binnen hetzelfde kader? Het kan zo bedoeld zijn, het samenvoegen oogt soms zelfs wat geforceerd en vaag, maar daarmee zijn de achterliggende sociologische aspecten nog niet doorbroken. Die zijn hardnekkiger dan de grenzen tussen de genres.

134_guillaume-bijl-installation-caravan-show-1989

Foto: Guillaume Bijl, Caravan Show, 1989.

Gedachten bij dubbele standaard in de politiek. En in onszelf

with one comment

14mw8kw

De dubbele standaard van de ander wordt ergerlijk gevonden. Dus als iemand het een zegt en het ander doet. Voorbeelden genoeg. Premier Mark Rutte die in Den Haag de eurocriticus speelt, maar in Brussel al sinds 2010 het staande beleid onderschrijft en mede vorm geeft. Of de over straat rollende leiders van 50Plus die zeggen op te komen voor de positie van de ouderen, maar dat niet doen omdat ze zich verliezen in een spel om de macht in hun partij. Of de Franse president François Hollande die z’n mond vol heeft over mensenrechten, maar niet afziet van de verkoop van twee Mistral oorlogsschepen ter waarde van 1,2 miljard euro aan Rusland waarvan een ervan notabene in het geannexeerde Sepastopol op de Krim gestationeerd zal gaan worden.

Het leven is schipperen tussen het volgen van een innerlijk kompas en het sociaal omgaan met anderen. Daarin moet een evenwicht gevonden worden. Niet altijd werkt het om te zeggen wat men vindt. De nieuwe jas, het kapsel, de snelle auto, de verbouwing van de keuken, het pas gekochte schilderij, ze vinden hun waarde in het enthousiasme van de eigenaar ervan en niet in het antwoord op de vraag wat de ander ervan vindt. Die al ingepakt is door de verwachting voordat het antwoord klinkt. Zoals bij alles, is kritiek een kwestie van maatvoering. De wijsheid leert daar je moment voor te kiezen. Hetzelfde geldt voor politieke standpunten, de analyse van Thomas Piketty en inkomensongelijkheid, de Haagse politiek of het verbeteren van de wereld.

In de politiek hebben partijen die niet hoeven schipperen tussen theorie en praktijk, tussen programma en uitvoering, tussen plannen en implementeren het makkelijker dan partijen die het compromis nodig hebben om zaken met rivalen of opponenten te doen. In het Haagse jargon spreekt men over de middenpartijen VVD, CDA, PvdA en ook D66 omdat deze elkaar door het centrum vinden en hun concurrenten meer uit het centrum van de politieke macht staan: PVV, CU/SGP en SP. D66 is een uniek fenomeen omdat het in de innerlijke tweeslachtigheid tussen links en rechts, tussen behoud en vernieuwing haar eigen tegenspraak is.

Waar het politieke handwerk van geven en nemen, van de koehandel van de veemarkt overgaat in een dubbele standaard wordt het interessant. Wat is binnen de regels van het politieke métier nog gebruikelijk en waar gaat het die regels te buiten? Een concreet voorbeeld is de samenwerking van VVD en PvdA die elkaar voor de verkiezingen van september 2012 verketterden. Is dat pragmatische politiek of dubbele standaard? Of is de dubbele standaard een normaal instrument uit de timmerkast van het politieke handwerk? Een paardenmiddel om het onoverbrugbare te overbruggen. Met andere woorden ‘Bruggen slaan’ over het gekanaliseerde bedrog. Rutte, 50Plus, president Hollande en u en ik doen het allemaal op z’n tijd, we schipperen ons door het leven en verliezen zo een stukje van onszelf om het toe te voegen aan ons sociale weefsel. Als desertie van onszelf.

Foto: Sluiskil, verkeersbrug, 1945.