George Knight

Debat tussen links en rechts

Posts Tagged ‘Sociaal zwakkeren

Klopt claim dat kunst sociale cohesie in probleemwijken vergroot?

leave a comment »

Een interessant bericht op Buurt en Regio over kunst en cultuur die de sociale cohesie in probleemwijken (‘aandachtswijken’) zou vergroten. Kunst en cultuur wordt er door een Arnhemse ‘cultuurmakelaar’ als succesvol sociaal bindmiddel voorgesteld. Dat roept twee vragen op. Klopt de claim dat kunst de sociale cohesie in probleemwijken vergroot en wat is de onderbouwing daarvan? En wat betekent dat voor de functie van kunst en de kunstenaar als ze door de (lokale) overheid een sociale rol worden opgelegd?

Onderbouwing door harde cijfers zoals die blijken uit onderzoek wordt in het bericht niet gegeven. Het blijft bij aannames en impressies die maar niet concreet willen worden, zoals ‘een sterkere relatie met de wijkbewoners’, ‘er wordt hard aan gewerkt’, ‘er zijn (..) veel positieve ervaringen’ of ‘een hele leuke activiteit met elkaar doen die positieve energie kan geven’.  ‘Cultuurmakelaar’ en dramadocente Mieke Hendrikse wijst op succesvolle incidentele projecten, zoals een stage van scholieren bij een creatief ondernemer, het theaterproject ‘Open Deuren’ uit 2003 of een bus vol wijkbewoners uit Klarendal die het Kröller-Müllermuseum bezochten. Maar wat dat zegt over de stelselmatige vergroting van de sociale cohesie over een periode van 15 jaar maakt het bericht niet duidelijk. Niet te controleren valt hoe representatief deze voorbeelden zijn en welk blijvend effect ze hebben gehad voor de sociale cohesie in de probleemwijken. Op maatregelen die averechts werken en die de sociale cohesie doen afnemen wordt al helemaal niet gewezen.

Zoals de naam al zegt is het begrijpelijk dat een ‘cultuurmakelaar’ zich bezighoudt met cultuur. De verzamelterm cultuur kan op vele manieren opgevat worden. Het heeft overeenkomsten met kunst, maar ook verschillen. Want anders zou het onderscheid tussen kunst en cultuur niet gemaakt worden en zou de ‘cultuurmakelaar’ wel ‘kunstmakelaar’ heten. Cultuur is de verzameling leefwijzen, gedragskenmerken, gewoonten en gebruiken, normen en waarden van mensen in een samenleving. Kunst of een kunstuiting is daar een klein onderdeel van. Genoemde ‘cultuurmakelaar’ Mieke Hendrikse zet in opdracht van het openbaar bestuur kunst in als een sociaal instrument voor cohesie. Een ‘cultuurmakelaar’ gaat het niet in de eerste plaats om de kunst of de kunstenaar, maar om het middel, het instrument dat kunst is. De ‘cultuurmakelaar’ is een tussenpersoon, geen promotor van kunst, maar van een doel dat met kunst bereikt moet worden.

Opvallend aan het bericht is de overlap tussen probleemwijken, bewoners of sociaal achtergestelden uit die wijken en cultuureducatie in het lager en middelbaar onderwijs. Het loopt door elkaar heen en dat biedt weinig vertrouwen in een stelselmatige aanpak. Zelfs de kerndoelen van het vak CKV in het basisonderwijs lopen niet gelijk op met wat de ‘cultuurmakelaar’ beoogt met het vergroten van de sociale cohesie. Hoewel er wel raakvlakken zijn, zoals kunstzinnige oriëntatie en het in aanraking komen met culturele aspecten in de eigen leefwereld van de scholieren. Wat vooral blijft hangen na lezing van dit bericht over sociale cohesie in Arnhemse probleemwijken is de vraag of autonome kunst en instrumentele kunst elkaar in de weg zitten. Met als tussenpersoon de’ cultuurmakelaar’ die heen en weer schakelt en het onverenigbare probeert te verenigen.

Foto: Schermafbeelding van deel artikelCity na’ van Simon Trommel in Buurt en Regio, 26 juni 2017.

Advertenties

De blinde vlek van Rijxman en Sengers: praten over media zonder mediakritiek

with 2 comments

social-media-getbright1-1-1

Misschien is het wel zaak als de media zich wat minder op meningen richten. Nederlandse media grossieren in opinie. Feiten zijn schaars. Daarom kan de feitenvrije politiek floreren en zit er een kabinet dat flink heeft bezuinigd, maar glashard volhoudt dat het nergens in de samenleving pijn heeft gedaan. Bestuurders en volksvertegenwoordigers volharden in een papieren werkelijkheid; als het op papier goed geregeld is, dan zal het in de praktijk vast ook wel zo zijn. Er zijn verontruste burgers (PGB-alarm) en Bekende Nederlanders (ouderenzorg) nodig om dat beeld te corrigeren.’ Aldus Fred Sengers in een opinie-artikel in Villamedia.

Naast feiten en opinie in de establishment media is er ook de analyse. Aan die driedeling gaat Sengers wat al te makkelijk voorbij. Begrijpelijk, want dat past niet in zijn betoog omdat feiten, opinie en analyse in elkaar overlopen en er tussen deze categorieën geen waterdichte schotten bestaan. Met feiten bedoelt hij trouwens ook dat wat het resultaat is van onderzoekjournalistiek. Dan krijgen feiten een andere lading omdat de taak van de journalistiek niet zozeer het weergeven, maar het achterhalen ervan is. Maar zijn observatie om de columns, persoonlijke opinies en commentaartjes in de media te vervangen is zinvol. Het spaart een hoop ruimte en tijd voor iedereen. De analyse die zich baseert op de feiten kan dan opgewaardeerd worden.

Kern van Sengers’ betoog is dat het rechts-populisme niet moet worden overschat. De Boze Witte Man (BWM) is een constructie van zoekende media die menen de voeling met de polsslag van de samenleving kwijt te zijn. En vervolgens uit paniek wat roepen voordat ze aan een analyse toekomen. Daarom zijn ze na de winst van Trump in de overdrijving geschoten. Voorzitter Raad van Bestuur Publieke omroep Shula Rijxman laat in een ingezonden brief in De Volkskrant zien hoe dat werkt. Ze maakt het bont. De titel boven haar brief ‘Publieke omroep gaat leren van Trump’ tekent Rijxmans paniek. Wat zouden in hemelsnaam Nederlandse media kunnen leren van Trump? Toch niet het feitenvrije betoog en het uit de context halen van de feiten door de rechts-extremistische site Breitbart waarmee Trump verbonden is? Rijxmans pleidooi komt neer op een opwaardering van de opinie (‘de stem van alle groepen’) en de emotie (‘de gevoelens in onze samenleving’) in de publieke omroep. Hier keert Sengers zich terecht tegen. Rijxman bewandelt een doodlopende weg.

Juist nu moeten media uitgaan van feiten. Juist nu moeten media verder gaan dan de politiek op te hangen aan personen en een schematisch dualisme dat te simpel is om de realiteit te vangen. Het begin van een analyse over de opkomst van president-elect Trump begint bij president Obama en de Democratische partij die de macht van Wall Street niet hebben aangepakt en zich vervreemd hebben van grote delen van hun achterban. Het is niet zozeer dat de Amerikaanse media het ongenoegen daarover van de Boze Witte Man niet hebben gesignaleerd, ze hebben eerder de stap daarvoor gemist. Namelijk de feiten en analyse over het angsthazerige en slappe beleid van Obama die is ingekapseld door de macht van het grote geld en zijn kiezers uit 2008 en 2012 in de steek liet. Hillary Clinton verloor de verkiezingen omdat ze de failliete boedel van de Democratische partij kaapte zonder daar iets aan te willen veranderen. Met als gevolg dat kiezers uit de achterban van de partij haar niet steunden in cruciale staten als Pennsylvania, Ohio of Wisconsin.

Zo bekeken is de les voor Nederlandse media waar Rijxman en Sengers op zoek naar zijn makkelijk te vinden. Namelijk het met feiten openbaren hoe de macht werkt met als doel om de macht van het establishment (‘de elite’) terug te dringen en die van de gewone burger te vergroten. Als media dan toch een maatschappelijke en politieke functie zeggen te willen hebben is het blootleggen van de oorzaak van het ongenoegen zinvoller dan het blootleggen van de gevolgen van het ongenoegen. Daarom schiet de analyse van Rijxman tekort als ze zegt aandacht te willen besteden aan de opinie en emotie van de sociaal achtergestelden, de BWM.

Maar dat levert twee problemen op. Onderzoeksjournalistiek is duur en arbeidsintensief en grotendeels wegbezuinigd. Het tweede probleem is principiëler van aard, namelijk de macht van mediabedrijven zelf. Ze opereren niet in een maatschappelijk vacuüm, maar nemen een economische en politieke positie in. Vooral de top van een mediabedrijf heeft er niet altijd belang bij dat alle feiten ongefilterd gepubliceerd worden. Daar helpt geen redactiestatuut aan. Het mechanisme om dat te blokkeren werkt subtiel en indirect. Onder meer door overplaatsing van journalisten of het korten van onderzoeksbudgetten. Daarnaast zijn de politiek en journalistiek onaanvaardbaar met elkaar verknoopt. Rijxman en Sengers voeren een debat over de media dat de macht van de media buiten beschouwing laat en daarom precies dat bevestigt dat ze willen corrigeren.

Foto: Sociale media.

Commerciële porno van KPN, Rijksmuseum en Leger des Heils

with 3 comments

Museale marketing van de KPN in het Rijksmuseum. KPN-topman Jan Kees de Jager noemt het iets moois doen voor de samenleving. Maar hij vergist zich deerlijk. Hij probeert iets moois te doen voor KPN. De genodigden worden getoond in hun kwetsbaarheid. Als trofee van KPN’s voortreffelijkheid. KPN handelt tenenkrommend. Vals en onwaarachtig. KPN maakt er samen met verhuurder Rijksmuseum maatschappelijke porno van. Het geeft aan hoe lastig het voor grote organisaties is om integer te zijn. Integriteit is niet vanzelfsprekend, KPN.

Basisinkomen: geen sociaal instrument, maar een politiek principe

leave a comment »

Update 5 augustus 2015: Utrecht en Tilburg starten een experiment met een ‘basisinkomen’, aldus het AD. Staatssecretaris Jetta Klijnsma moet toestemming geven voor de proef. Maar is dit experiment wel gewenst? 

Iedereen een basisinkomen, is dat een gek idee? Stichting Ancient Power vindt dat de participatie van mensen in een uitzichtloze situatie vergroot moet worden. Dat speelt dus eerder op het vlak van ondersteuning van individuen, dan op een keuze voor de ordening van de samenleving. De Vereniging Basisinkomen lijkt principiëler, maar beredeneert het basisinkomen ook vanuit zwakte: ‘een onvoorwaardelijk basisinkomen aan iedereen die dat nodig heeft mensen zelf de regie weer in handen geeft’. In Tilburg wordt erover gedacht een experiment te starten met een onvoorwaardelijk basisinkomen voor uitsluitend mensen in de bijstand.

De paradox van het basisinkomen zit in de spanning tussen individu en groep. Wat betekent het voor de claim op burgers? Dus voor hun accommodatie en collaboratie aan de samenleving. Kunnen bij een basisinkomen mensen zich daar nog aan onttrekken? Voorzitter van de Vereniging Basisinkomen Adriaan Planken ziet in het basisinkomen een basiszekerheid, een voorziening, een vergoeding, een recht, een welzijnsverdeling en een historische rente. Maar is het niet vooral een gebrek aan focus om het dat allemaal tegelijk te laten zijn?

Het is gewenst om het idee van het basisinkomen te herijken en vanuit sterkte te gaan beredeneren. Het niet langer vooral te beschouwen als sociaal instrument, maar als politiek-filosofisch principe. In de publiciteit zou de koppeling met de steun aan sociaal zwakkeren niet langer centraal moeten staan. Vaak beargumenteerd door voorbeelden over de graaicultuur van bankiers en topbestuurders bij ondernemingen. Bewustwording centraal dus. De greep vanuit Sociale Zaken en Werkgelegenheid op het basisinkomen dient af te nemen.

Het principe is dat een basisinkomen de samenleving waardevoller, interessanter en beter maakt. Als uiting van positivisme en zinvolle inrichting van de samenleving. Politiek een herwaardering van het Rijnlands model. Om als succesvol project brede maatschappelijke steun te krijgen zou het debat over het basisinkomen weg moeten uit de hoek van welzijn, bijstand, welzijnsindustrie en sociaal zwakkeren. Dat werkt stigmatiserend en vult onder uitsluiting van velen het idee van een basisinkomen te eenzijdig in. Het principe ervan heeft daar immers even weinig mee van doen als met de miljoenenbonussen voor bankiers en topbestuurders.

Marokkaans straattuig mishandelt en daarmee is alles gezegd

with 17 comments

Parool.nl besteedt op 5 mei met twee berichten aandacht aan hetzelfde feit. Om 11.00 uur zegt een stuk Baby na straatruzie overleden: ‘Een zwangere  Amsterdamse die op de Nieuwendijk door vijf Marokkaanse mannen was mishandeld, is kort daarop te vroeg bevallen, waarna de baby is overleden‘. Het stukje zegt verder dat de vrouw van Marokkaanse komaf was, een Surinaamse vriend had en door de vijf mannen voor ‘negerhoer’ werd uitgescholden. Om 16.02 uur doet een ANP-stuk Baby mishandelde zwangere vrouw overleden verslag van hetzelfde feit met weglating van de etnische bijzonderheden. Het sluit af met de mededeling dat de verdachten onder de 18 jaar waren, maar ‘de politie kon verder niets zeggen over hun identiteit‘.

Eerst plaatst Het Parool om 11.00 uur dus een verslag van de mishandeling op de Nieuwendijk met vermelding van bijzonderheden. Maar 5 uur later plaatst om 16.02 uur hetzelfde nieuwsmedium een bericht online dat alle bijzonderheden over de achtergronden van zowel daders als slachtoffers weglaat. Wat is hier aan de hand?

Inmiddels kent het bericht op Google Nieuws meer dan 50 vindplaatsen. Aan de hand van het bericht in Het ParoolBaby na straatruzie overleden‘ zijn kamervragen gesteld. Op 7 mei vraagt Joram van Klaveren (PVV) met ‘De dood van een baby na de racistische mishandeling van de moeder door Marokkaans straattuig‘ naar de strafafhandeling van de daders die blijkbaar onbestraft zijn. Khadija Arib (PvdA) vraagt op 9 mei met ‘Mishandeling van zwangere vrouwen naar het verband tussen het overlijden van een ongeboren vrucht en mishandeling. Zij vraagt ook of de mishandeling van zwangere vrouwen voldoende kan worden bestraft.

Bart Schut vraagt in een opiniestuk in De Volkskrant op 8 mei of Marokkanen een racismeprobleem hebben. Hij merkt op dat de mishandeling al op 26 maart plaatsvond en hij vindt het opmerkelijk dat de gebeurtenis nu pas opgepikt wordt door de media. Een en ander maakt opnieuw duidelijk dat racisme niet voorbehouden is aan een bepaalde etniciteit of politieke stroming, maar overal voorkomt. Dat ontkennen of wegpoetsen zoals Het Parool met het tweede bericht lijkt te doen werkt averechts. Dat het om Marokkaans straattuig gaat lijkt een voldoende constatering waar ook andere Marokkanen zich krachtig tegen moeten kunnen uitspreken.

Foto: Foto bij bericht Baby na straatruzie overleden op Parool.nl. Credits Maarten Brante

Liberale democratie

with 19 comments

I. Liberale democratie kan een voorbeeld zijn. Er zit perspectief in een kleine, krachtige nationale staat, vrijheid voor het individu, een grondwet met grondrechten en een open samenleving met een krachtig publiek debat. De politieke filosofie die dat schraagt is het liberalisme. Als onderstroom van het conservatisme. Da’s geen tegenstelling van progressiviteit, maar van anti-revolutionarisme. Daarom kan er progressief liberalisme bestaan, maar geen revolutionair liberalisme. Vandaar dat de ongelijksoortige VVD, D66 en GroenLinks in dezelfde stroming onder te brengen zijn.

Dit houdt in dat iedereen vrijheid heeft te doen wat-ie wenst, maar niet met voorbijgaan aan bepaalde uitgangspunten. Een duidelijke grens zijn de voorwaarden van de rechtsstaat die uitmonden in het secularisme waaronder de meest uiteenlopende meningen gebracht kunnen worden zonder dat ze conflicteren. Iedereen die de vrije keuze van de open samenleving en het levendig publieke debat accepteert kan er een plaats vinden. Alles gegarandeerd door een neutrale overheid.

Vanzelf gaat het niet. Verhoogde dijkbewaking is nodig. De waakvlam moet aanblijven. De liberale democratie moet elke dag verdedigd worden. Het getuigt van naïviteit om te denken dat er nooit gecorrigeerd hoeft te worden. Ofwel, dat een kleine staat niet optreedt. Anderen de eigen wil opleggen of beperken hoort niet thuis in een liberale democratie. Zo is het ongewenst dat godsdienstig geïnspireerden anderen hun normen opleggen. Hierop kan niet afwachtend gereageerd worden. De staat dient pro-actief op te treden.

De liberale democratie staat van verschillende kanten onder druk. Merkwaardig is dat de grootste dreiging van binnenuit komt. Het is een mechanisme dat fijn afgestemd moet zijn om optimaal te werken. Partijen dienen terughoudend te zijn om hun eigen doelstelling erin te willen verwezenlijken. Daar gaat het mis. Politieke partijen verwarren hun verschillende functies van controleren, beleid maken en besturen. Het is ongewenst dat een regering partij kiest tussen burgers. Daarom is het de vraag of politieke partijen bij de liberale democratie passen.

In elk geval moet voorkomen worden dat partijen een loopje met de rechtsstaat nemen. Zo is de ene partij (PvdA) selectief in het formuleren van plichten en de andere (PVV) in het formuleren van rechten. Zo handhaven partijen (CDA, CU, SGP) de extra juridische bescherming van religie in het publieke debat. Zo zijn bijna alle partijen onvoldoende kritisch jegens het bedrijfsleven.

Partijen die actief het mechanisme van instituties en waarden in standhouden verdienen onze voorkeur. Op dit moment zie ik dat het beste vertegenwoordigd door de liberale partijen van Nederland. Het komt voort uit de uitgangspunten van hun politieke filosofie en doordat ze de laatste jaren het minste zijn blootgesteld aan de verleidingen van de macht.

II. Aan de huidige VVD zijn onvolkomenheden te herkennen. De omgang met duurzaamheid, met cultuur, met veiligheid boven burgerrechten, met de gevolgen van de bankencrisis en de hypotheekrenteaftrek komt gemankeerd over.

Interessant zou zijn om een actuele vorm van liberalisme te formuleren die de meest waardevolle elementen uit het gedachtengoed van de VVD, D66 en GL combineert. Immers levensvatbare parlementaire partijen met een gemeenschappelijke liberale kern. Een vorm die optreedt waar de gemeenschap wordt beschadigd en vrijlaat waar initiatieven worden genomen. Maar partijen zitten zichzelf in de weg.

Dan resteert een vorm van liberalisme waarin duurzaamheid, compassie met de zwakkeren, culturele en educatieve focus, rust in huis boven open grenzen, individualisering en vergroting van burgerrechten, actief burgerschap, politieke hervormingen en een kleinere overheid samengaan met een straf bezuinigingsbeleid, geen staatssteun voor banken en afschaffen van allerhande overbodige subsidies. VVD, D66 en GL kunnen dat afzonderlijk niet bieden, maar samen wel. Door een verstandige uitruil van programmapunten. Een idee voor de toekomst.

Foto: Eugène Delacroix, De Vrijheid leidt het volk (La Liberté guidant le peuple), 1830