George Knight

Debat tussen links en rechts

Posts Tagged ‘Sjarel Ex

Small Art. Bedenkingen bij de tentoonstelling ‘Salon ’18 Utrecht – Amersfoort’ in Rietveldpaviljoen de Zonnehof in Amersfoort

with 8 comments

Groot en klein in de beeldende kunst, doet dat ertoe? Dus het formaat van de werken. Anne van der Zwaag (initiator van designbeurs OBJECT) organiseert voor de derde keer de tentoonstelling ‘Big Art‘. Na edities in de oude Amsterdamse diamantbeurs en het monumentale grachtenpand De Zonnewyser op Herengracht 82 opent op 11 oktober de derde editie in de Bijlmerbajes. Met meer dan ’50 oversized works’. Kunstenaar en kunstblogger Niek Hendrix schreef in 2017 over de tweede editie op zijn blog Lost Painters: ‘het criterium van het formaat blijft knagen. Na een paar verdiepingen is iets dat normaal in een huiskamer gigantisch moet zijn, tamelijk lullig. Voordeel is dan dat de werken op hun eigen merits bekeken kunnen worden als die sensatie van het formaat is weggevallen. Nadeel is dus dat er dan soms weinig van het werk overblijft.

Soms moeten kunstwerken de concurrentie aangaan met een imponerend gebouw – vaak tijdelijk leegstaand industrieel erfgoed dat de organisatie voor een prikje mag gebruiken – waarin ze gepresenteerd worden en pakt dat gebrek aan een neutrale plek slecht uit voor de kunst die meer bescherming nodig heeft. Anderzijds kan kunst die de concurrentie aankan voor een prachtige wisselwerking met de ruimte zorgen. Een kwestie van hoog reiken of diep vallen. Dat maakt het spannend en doorbreekt het verwachtingspatroon van een groep schilderijen dat waterpas hangt of spreekwoordelijke lege conceptuele kunst die de spreekwoordelijke witte kubus vult. Of niet dus. Uitdaging voor curatoren is om de fysieke aanwezigheid van het formaat te gebruiken door er wel en niet aan voorbij te gaan, maar het formaat niet te zichtbaar een format te laten zijn dat alles bepaalt. Dan verkeert het in een kunstgreep en wordt het een maniertje die de verrassing inperkt.

In Amersfoort opent op 12 oktober in het Rietveldpaviljoen de Zonnehof een ‘Salon ’18 / Amersfoort – Utrecht’. Het is een initiatief van de Amersfoortse kunstinstellingen Museum Flehite en kunsthal KAdE. Opzet is om deze Salon van Utrechtse hedendaagse kunst om de drie jaar te houden. Dit initiatief valt te zien als een voortzetting van de Salon van Utrechtse kunstenaars en vormgevers die door het Centraal Museum en partners werd georganiseerd onder het directoraat van Sjarel Ex. Ook in leegstaande, ruwe omgevingen zoals het leegstaande stadhuis of Hal 5 van de Utrechtse Jaarbeurs. De laatste vierde editie in de Jaarbeurs (2003) omvatte ‘een ruimte van 7.000 m² waarin circa 300 werken geëxposeerd werden van 63 geselecteerde Utrechtse kunstenaars’. In lijn met de Salon van het Centraal Museum is de tweejaarlijkse kunstroute ‘Utrecht Down Under’ die edities had in de leegstaande gevangenis aan het Wolvenplein (2015) en werfkelders aan de Oudegracht (2013-17) en wordt georganiseerd door het Utrechtse Genootschap Kunstliefde.

Een Utrechtse Salon van Hedendaagse Kunst is dus niet echt een gat in de markt, maar een moderne traditie. Hoewel het opvallend is dat het Centraal Museum het initiatief sinds 2003 heeft losgelaten en het blijkbaar niet meer als hoofdtaak ziet om aan de bevolking periodiek de stand van zaken van de Utrechtse hedendaagse kunst en vormgeving te tonen en de Utrechtse kunstenaars aan zich te binden. Mee kan spelen dat het Centraal Museum door haar maat van te groot voor een servet en te klein voor een tafellaken worstelt met de vraag wat voor museum het is en of haar focus lokaal, provinciaal, nationaal of internationaal moet zijn, of een combinatie daarvan. In Amersfoort is die focus duidelijk: provinciaal. Maar Amersfoort dat het Armando Museum de stad uitjoeg heeft wellicht wel de ambitie die het Centraal Museum mist, maar niet de middelen om zo’n groepstentoonstelling te organiseren. De een kan wel en wil niet, de ander kan niet, maar wil wel.

Dat wreekt zich in de voorwaarden voor deze Salon in Amersfoort. Een email van de organisatie van 1 augustus 2018 zegt onder meer het volgende: ‘De groep deelnemers is groot (50) en de ruimte in de Zonnehof is beperkt. Daarom is er per deelnemer maar 2 x 2 meter wand- of vloeroppervlak beschikbaar. Die ruimte kunnen jullie benutten voor één of meer werken, afhankelijk van de grootte.’ Dat is een opvallende beperking die op voorhand veel kunstwerken uitsluit. En dus kunstenaars. Maar het is vooral een manier van redeneren die niet uitlegt, maar vragen oproept over de keuze van de organisatie voor zoveel kunstenaars op deze gekozen plek. Is het toeval dat beeldhouwer Ruud Kuijer die bekend is om zijn grote beelden langs het Amsterdam-Rijnkanaal niet is uitgenodigd? En wat te denken van de soms immens groot werkende tekenaar Robbie Cornelissen, de doormeanderende Tanja Smeets of de niet te stoppen originele Couzijn van Leeuwen?

Met de beperking van het formaat draait de organisatie het om. Niet de kunst en de kunstenaars staan centraal, maar de beperking en doelstelling van de organisatie. Dit lijkt te gaan om een beschikbaar gebouw, onvoldoende middelen en profilering van de Zonnehof om politieke redenen. Maar zelfs dat is de halve waarheid, want waarom 50 kunstenaars in de Zonnehof tentoongesteld, en niet 5 of 10? Moet de afgestofte traditie van de Salon de publiciteit een kontje geven en museaal Amersfoort op de kaart zetten? Daarbij is de Zonnehof door de architectuur minder geschikt voor de presentatie van niet-ruimtelijk werk. Het wordt een bazar van kunst waarbij het formaat van de werken een te opzichtige beperking is. Kunstenaars zijn financieel en procedureel vaak sluitpost van tentoonstellingen en schikken zich tandenknarsend in hun lot. Maar zo ongegeneerd en grof de organisatie van deze ‘Salon ’18 / Amersfoort – Utrecht’ voorbijgaat aan het belang van kunstenaars om hun werk goed te kunnen presenteren en positioneren wordt nog zelden vertoond.

Foto: Werk van Carel Blotkamp op ‘De Salon van Utrechtse kunstenaars en vormgevers, Stadhuis (org. Centraal Museum)/
Utrecht Salon of artists and designers, City Hall (organized by the Centraal Museum), Utrecht’, 1998.

Advertenties

Zij waren tegen. Eindelijk groen licht voor Collectiegebouw Boijmans door uitspraak Raad van State

leave a comment »

tegen

In een uitspraak heeft de Raad van State de meeste bezwaren tegen het Collectiegebouw van Museum Boijmans van Beuningen in het Museumpark te Rotterdam ongegrond verklaard. Het bestemmingsplan schiet volgens de Raad op enkele punten tekort, maar blijft grotendeels in stand. Dit houdt in dat het museum kan gaan bouwen. Ruggengraat van de tegenstand was het Erasmus MC dat grenst aan het Museumpark en vreesde ‘voor het welzijn van de patiënten van de kinderpsychiatrische kliniek die tegenover het geplande collectiegebouw ligt’. Twee andere organisaties, te weten Erfgoedvereniging Bond Heemschut en Vrienden van het Park Stichting, en een omwonende hadden cultuurhistorische bezwaren.

In een commentaar schreef ik eerder: ‘De belangen en bezwaren van de aanklagers zijn niet identiek. Zo lijkt het Erasmus MC dat in Rotterdam functioneert als een staat in de staat vooral machtspolitiek te bedrijven. Het bestuur heeft geen last van bescheidenheid, (..). Het is opmerkelijk dat het Erasmus MC zich in het openbaar op deze wijze tegen de gemeente Rotterdam blijft verzetten. Waarom gemeente, museum en medisch centrum niet gewoon rond de tafel kunnen gaan zitten om de zaak uit te praten is het grote raadsel. De bezwaren van de Erfgoedstichting en de stichting Vrienden van het Park zijn van een andere orde. Ze sluiten direct aan bij hun doelstellingen. De omwonende vreest voor aantasting van zijn woongenot.

Opvallend is dat de tegenstanders nauwelijks de achtergrond van HAL Investments en de familie Van der Vorm in hun kritiek betrokken. De financiering is deels geprivatiseerd. Geldschieter Stichting De Verre Bergen is gelieerd aan HAL Investments, een investeringsmaatschappij van de Rotterdamse familie Van der Vorm. Dat tekent het opportunisme bij voor- en tegenstanders. Het debat had fundamenteler kunnen zijn door dit erin te betrekken. Vermenging van publiek en privaat geld is blijkbaar onmisbaar om grote projecten te realiseren.

Het is goed dat het Collectiegebouw er komt. Want in de museumsector die snel internationaliseert is stilstand achteruitgang. Een groot museum met een grote collectie en grote ambities als Boijmans van Beuningen moet in beweging blijven om relevant te zijn. Nederlanders zijn dol op hun musea zoals stijgende bezoekcijfers uitwijzen. Dat botst op pleidooien voor kleinschaligheid. Daarnaast moest Boijmans vrezen dat bij stortbuien de depots onderliepen, zoals nog in juni 2016 gebeurde, zoals RTV Rijnmond in een bericht optekent.

Foto: StillWij zijn tegen’ uit ‘Aller-aller-allerlaatste aflevering Boijmans TV: het Collectiegebouw’.

Raad van State behandelt bodemprocedure tegen Collectiegebouw

with one comment

Vandaag 31 mei 2016 diende bij de Raad van State de bodemprocedure tegen het bestemmingsplan van het Collectiegebouw aan de noordzijde van het Rotterdamse museumpark. Een initiatief van de gemeente Rotterdam, stichting de Verre Bergen en Museum Boijmans van Beuningen. Het werd door vier partijen aangespannen, te weten het Erasmus Universitair Medisch Centrum Rotterdam, de Stichting Vrienden van Het Park, de Erfgoedvereniging Bond Heemschut en een omwonende. De uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State volgt over zes weken. De procedure zorgt voor vertraging.

De belangen en bezwaren van de aanklagers zijn niet identiek. Zo lijkt het Erasmus MC dat in Rotterdam functioneert als een staat in de staat vooral machtspolitiek te bedrijven. Het bestuur heeft geen last van bescheidenheid, zoals het profiel van voorzitter Ernst Kuipers leert. Het is opmerkelijk dat het Erasmus MC zich in het openbaar op deze wijze tegen de gemeente Rotterdam blijft verzetten. Waarom gemeente, museum en medisch centrum niet gewoon rond de tafel kunnen gaan zitten om de zaak uit te praten is het grote raadsel. De bezwaren van de Erfgoedstichting en de stichting Vrienden van het Park zijn van een andere orde. Ze sluiten direct aan bij hun doelstellingen. De omwonende vreest voor aantasting van zijn woongenot.

Voor het museum en de gemeente is deze procedure een onwelkome kink in de kabel van de planning. Want hoewel dit soort procedures in Nederland lang kunnen lopen maakte Museum Boijmans al in juli 2007 bekend dat het een Collectiegebouw wilde realiseren. Waarna rechtszaken elkaar opvolgden. Over de locatie, het bouwplan en aanbestedingsregels. Sommige kritiek lijkt ingegeven door de emotie zoals deze video uit 2014 met toenmalig directeur Jelle Reumer van het Natuurhistorisch Museum verduidelijkt. Hoe nu verder? Wachten.

Verkoop ateliers Rotterdam: Heeft D66 een cultureel geheugen?

leave a comment »

so

D66! Dit zijn de momenten om nog eens terug te denken aan de schwung van Van Mierlo. Aan Jan Terlouw. Aan Els Borst. Aan het belang dat ooit werd gehecht aan cultuur, onderwijs, et cetera. Waar is dat in hemelsnaam gebleven?’ Aldus de Rotterdamse beeldende kunstenaar en activist tegen wil en dank met liefde voor het Wereldmuseum Olphaert den Otter op zijn FB-pagina. Aanleiding voor deze vraag is het bestaande beleid van het Rotterdamse college (nu: Leefbaar Rotterdam, CDA, D66) om Stadsontwikkeling opdracht te geven om rendement te maken op het vastgoed. Ravage-webzine zet het uiteen in een bericht.

De kwestie spitst zich toe op atelierpanden in de Rotterdamse wijk Delfshaven die volgens het Rotterdamse college plaats moeten maken voor zogenaamde kluswoningen in een voormalig schoolgebouw in de Osseweistraat. Voor 50 duizend euro kunnen belangstellenden een casco kopen dat ze dienen op te knappen. Het gaat dus uitdrukkelijke niet om leegstaande of verwaarloosde panden. De kunstenaars die in de ateliers werken lieten het er niet bij zitten en begonnen een petitie samen met kunstenaars in een ander gebouw, de Schonebergerweg. Daarop kwamen de fracties van PvdA, de SP en de Partij voor de Dieren op 12 januari 2016 met een motie waarin ze vroegen om te bekijken of de kunstenaars de panden konden verwerven. Later ondertekende ook GroenLinks de motie. De motie werd in de raadsvergadering van 28 januari 2016 niet aangenomen. Alle oppositiepartijen inclusief VVD, NIDA en SGP/CU stemden voor de motie.

Culturele kopstukken, zoals directeuren van culturele instellingen stuurden de raad een burgerbrief waarin ze verzochten ‘de kunstenaars niet te laten zakken’. Ze zeiden de kunstenaars ‘voor de stad van groot belang te vinden‘ omdat ze ‘mede aan de basis van een bloeiend cultureel klimaat staan‘. Kunstenaars (of: culturele ondernemers) kunnen een meerwaarde zijn voor de stad en het vestigingsklimaat verbeteren. Ook directeur Sjarel Ex van museum Boijmans stuurde een brief aan wethouder Ronald Schneider (Leefbaar Rotterdam) met de oproep om het besluit te heroverwegen om ateliers te verkopen: ‘Voor de stad is het van belang dat er voor kunstenaars een gunstig klimaat is om zich in de stad te vestigen (..) Het zou een aderlating zijn voor het Rotterdamse kunstklimaat als deze ateliers (..) verdwijnen uit het centrum van de stad’.

D66 kan het verschil maken, zoals de HavenloodsNoord in een bericht stelt waar het een van de kunstenaars Nelis Oosterwijk van de Schonebergerstraat citeert: ‘Coalitiepartner D66 heeft aangegeven toch nog over het bestemmingsplan te willen nadenken voor er in september dit jaar over wordt gesproken. Op dit moment hebben de gebouwen namelijk nog geen woonbestemming. Dus we hebben onze hoop gevestigd op deze kleine kier (..)’ Dit geldt dan niet de vier panden in de Osseweistraat waarvan het huurcontract is opgezegd, maar wel andere ateliers in Rotterdam die dreigen vermarkt te worden door Stadsontwikkeling. De houding van wethouder Schneider die onder verwijzing van vastgoedbeleid dat al sinds 2009 bestaat zich beroept op het volgen van de correcte procedure laat weinig ruimte voor beleidsbijstelling. Het is aan D66 met een cultureel geheugen dat het gelijk hebben van het college gewijzigd kan worden in beleid dat de stad dient.

Foto: Schermafbeelding van deel pagina ‘Stadsontwikkeling‘ van de gemeente Rotterdam, 30 januari 2016.

Musea moeten stoppen zich de maat te laten nemen door de media over hun bezoekcijfers

with 10 comments

Als musea een televisie zijn, dan zijn de bezoekcijfers de kijkcijfers. Het gaat niet om de waardering, het maatschappelijk belang of het experiment -of zelfs: de beleving- maar om het aantal bezoekers. Doorgaans komt die fixatie op de cijfers niet eens van de musea zelf, maar zijn het lokale of regionale media die ‘hun’ museum langs de meetlat leggen. Het is een laagdrempelig aspect voor een algemene verslaggever zonder veel kennis van kunst en musea. Naast het feit dat lijstjes lekker licht verteerbaar en amusant zijn verklaart dat de aandacht. De museumdirecties zijn zo dom én verstandig daarin mee te gaan. In het besef dat het beter is om de lokale media niet tegen de haren in te strijken en daarom maar in dat kader van laagdrempelig amusement te stappen. Zo ontstaat aan het eind van elk jaar een non-discussie over bezoekcijfers van musea.

Lijstjes circuleren en er wordt meer belang aan gehecht dan ze verdienen. Onvergelijkbare categorieën worden vergeleken en tegen elkaar afgezet. Zijn het Anne Frank Huis, NEMO of het Spoorwegmuseum kunstmuseum of toeristische attractie? Maar zonder dat de cijfers worden gecorrigeerd vanwege een extra blockbuster of festiviteit, lustrum, nieuwbouw, (gedeeltelijke) sluiting, educatieve programma’s (scholen), overheidssubsidie, buitenmuseale activiteiten of het bereik van de website heeft zo’n vergelijking weinig waarde. Dus niet alleen zijn er vragen te zetten bij de aandacht voor de bezoekcijfers van waar van alles van wordt afgeleid en aan opgehangen (kwaliteit, beleid), maar ook over de validiteit van de vergelijking. Als vergelijken dan toch moet zou daarvoor een bruikbaar model ontwikkeld moeten worden. Een taak voor de Museumvereniging.

Hoe de media ontsporen maakt een bericht op RTV Rijnmond duidelijk. Het constateert dat Museum Boijmans van Beuningen net buiten de top 15 van best bezochte Nederlandse musea scoort.  Het zou 5 plekken zijn gezakt naar plek 18 hoewel Boijmans in 2015 8000 bezoekers meer trok dan in 2014. Gevraagd om commentaar laat directeur Sjarel Ex in het midden of hij nou meegaat in de fixatie van de media op de bezoekcijfers of in zijn antwoord juist de absurditeit ervan wil aantonen: ‘Het ligt eraan wat je meerekent en wat je als kunstmuseum ziet. Spoorwegmuseum en Anne Frank Huis zijn geen kunstmusea.” Ook vindt hij dat de musea in Amsterdam sowieso buiten beschouwing moeten worden gelaten, omdat die stad veel toeristen trekt.’ Dat laatste klopt, zo kwamen in 2014 meer dan 80% van de bezoekers van het Anne Frank Huis en het Van Gogh Museum uit het buitenland, aldus het onderzoekMuseumcijfers 2014’ van de Museumvereniging.

Rotterdamse raad stemt in met Collectiegebouw in Museumpark

leave a comment »

De Rotterdamse gemeenteraad stemde afgelopen donderdagavond in meerderheid (33 van de 45 raadsleden) in met de herziene voorstellen over het Collectiegebouw. De financiering is geprivatiseerd. De Stichting De Verre Bergen is gelieerd aan HAL Investments, een investeringsmaatschappij van de Rotterdamse familie Van der Vorm. Zie ook hier. Wethouder Adriaan Visser (D66) die vanwege persoonlijke omstandigheden eerder dit jaar afstand nam van de portefeuille cultuur bleek tot op het eind een steunpilaar voor de plannen.

De bouw kan nog vertraging oplopen als het Erasmus MC bezwaar aantekent. Zo komt een lastig dossier met vele soorten tegenstand in rustiger vaarwater. Die tegenstand varieerde van musea die concurrentie vreesden, tot de adviserende Kunstraad (RRKC) die op de stoel van de politiek ging zitten, omwonenden die zich zorgen zeiden te maken om hun leefomgeving, landschapsarchitecten en milieu-activisten die de aantasting van het Museumpark vreesden, calculerende raadsleden die het risico wilden uitsluiten dat de gemeente met een strop werd opgescheept en allerlei opinieleiders die graag hun zegje wilden doen om in de stad gehoord te worden.

Het is goed dat het Collectiegebouw er komt. Want in de museumsector die snel internationaliseert is stilstand achteruitgang. Een groot museum met een grote collectie en grote ambities als Boijmans van Beuningen moet in beweging blijven om relevant te zijn. Nederlanders zijn dol op hun musea zoals stijgende bezoekcijfers uitwijzen. Dat botst op pleidooien voor kleinschaligheid. Opvallend is dat de tegenstanders nauwelijks de achtergrond van HAL Investments en de familie Van der Vorm in hun kritiek hebben betrokken. Dat tekent het opportunisme aan beide kanten en de vermenging van publiek en privaat geld dat blijkbaar onmisbaar is om grote projecten te realiseren. De terugtredende overheid en haar vertegenwoordigers hebben het nakijken.

Rotterdamse raad omarmt langzaam collectiegebouw van Boijmans

with one comment

De Rotterdamse gemeenteraad bestaat uit 45 leden. De vermoedelijke voorstanders D66, VVD, CDA en CU/SGP hebben samen 13 zetels. Om het plan door te laten gaan zijn 23 stemmen nodig. Die zijn te vinden bij de strategische twijfelaars Leefbaar Rotterdam (14 zetels), PvdA (8), GroenLinks en Nida Rotterdam (elk 2). Het is opvallend dat coalitiepartij Leefbaar en oppositiepartij PvdA die geconditioneerd zijn om zich tegenover elkaar op te stellen nu schijnbaar in hetzelfde kamp te vinden zijn. Maar hun invalshoek is verschillend.

Leefbaar gebruikt steun voor het collectiegebouw waarschijnlijk als wisselgeld binnen de coalitie. Plat gezegd om een D66-standpunt elders in het programma weg te onderhandelen. Van de PvdA dat zich graag uitspreekt als kunstvriendelijk valt niet te verwachten dat het het collectiegebouw principieel afwijst. Daartoe opereert woordvoerder cultuur Co Engberts te genuanceerd. Hij wil de garantie dat bij financiële tegenslag de cultuurbegroting niet wordt geschaad.  In maart 2014 voerde kunsthandelaar Klaas de Geus voor de PvdA een solocampagne met de leus ‘Kies Kunst Kies Klaas‘. In de gelederen van de tegenstanders is trouwens bij de PvdD kunsthandelaar Ruud van der Velden te vinden. Het zou wel eens zo kunnen zijn dat PvdA en Leefbaar niet te lang moeten wachten met het geven van steun omdat anders de ander er met de deal vandoor gaat.