George Knight

Debat tussen links en rechts

Posts Tagged ‘SBU

Jan Roos begeeft zich op glad Oekraïens ijs met zijn observaties over de kwestie Volodymyr Tsemach en zakt er glansrijk doorheen

with 6 comments

Jan Roos laat in een column voor DDS zijn licht schijnen over de kwestie van de pro-Russische Oekraïense Volodymyr Tsemach die onverwacht op last van een Oekraïense rechtbank werd vrijgelaten, terwijl hij getuige en mogelijk dader is van het neerschieten van de MH17 in 2014. We kennen nog niet alle feiten, maar Jan Roos laat niet na om de feiten die we wel kennen verkeerd voor te stellen. Het lijkt er niet op dat hij met kennis van zaken praat en zich op enigerlei verdiept heeft in deze kwestie. Mijn reactie bij deze column:

Eens met de observatie dat er iets merkwaardigs aan de hand is met de  vrijlating van Volodymyr Tsemach. Of de Oekraïense autoriteiten hem toestaan om linea recta naar de Russische Federatie of de twee afgescheiden zogenaamde volksrepublieken in Oost-Oekraïne te vluchten valt af te wachten.

Misschien blijkt hij een leeuwerik aan een touwtje te zijn die door de Oekraïense geheime dienst SBU scherp in de gaten wordt gehouden in de hoop om meer informatie te verzamelen over zijn netwerk.

Tsemach lijkt geen belangrijke speler in dit dossier. Mogelijk is ook dat hij door ondervraging al alles heeft verteld wat hij wist en relevant was voor het onderzoek. Wellicht is gebleken dat zijn wederwaardigheden en contacten in het voorjaar en de zomer van 2014 toch niet zo bijster interessant waren als wordt vermoed.

Op de achtergrond van deze kwestie speelt de gevangenruil met de Russische Federatie. Aan Oekraïense kant zijn er onder meer de zeelui die in de Straat van Kerch gevangen werden genomen door de Russische Federatie en filmregisseur Oleg Sentsov die om politieke redenen in een Russisch schijnproces is veroordeeld tot 20 jaar gevangenisstraf. Het is er de Oekraïense president Zelensky heel wat om te doen om deze Oekraïners naar thuis te brengen.

Het is vreemd dat Jan Roos stelt dat het ‘bijzonder vreemd’ is dat Oekraïne een van de deelnemers aan het internationale onderzoek naar het incident met de MH17 is. De rol van Oekraïne is volkomen in lijn met de richtlijnen van de ICAO en IATA zoals dat in Annex 13 wordt uiteengezet.
https://www.emsa.europa.eu/retro/Docs/marine_casualties/annex_13.pdf

Oekraïne in wiens territorium het ongeluk met de MH17 plaatsvond is de zogenaamde ‘State of Occurrence’. Hoofdstuk 5.1 zegt: ‘The State of Occurence shall institute an investigation into the circumstances of the accident and be responsible for the conduct of the investigation, but it may delegate the whole or any part of the conducting of such investigation to another State by mutual arrangement and consent. In any event the State of Occurrence shall use every means to facilitate the investigation.’ Dat delegeren is in de praktijk gebeurd omdat Oekraïne om praktische en politieke redenen (een deel van) het onderzoek aan Nederland heeft uitbesteed.

Het is dan ook onduidelijk waar Roos zijn kwalificatie op baseert dat het ‘bijzonder vreemd’ is dat Oekraïne deel van het onderzoek uitmaakt. Het is namelijk in lijn met de internationale richtlijnen. Het zou eerder ‘bijzonder vreemd’ zijn als het tegendeel waar was, namelijk als Oekraïne geen onderdeel van het onderzoek zou uitmaken. Het is bovenal ‘bijzonder vreemd’ dat Roos uitspraken doet over zaken waar hij aantoonbaar geen verstand van heeft.

Overigens, volgens de jaarlijkse rapportage over 2018 van Transparency International is niet Oekraïne (120/180), maar de Russische Federatie (138/180) het meest corrupte land van Europa. Waarbij de ontwikkeling in Oekraïne in de richting van minder, en in de Russische Federatie van meer corruptie gaat.

Foto: Schermafbeelding van deel artikelColumn Jan Roos: Oekraïne laat MH17-verdachte vrij. Waarom? Wie dat weet, kan de werkelijke daders aanwijzen’ in DDS, 6 september 2019.

Getuige bevestigt geluidsopnamen over Russische vervoerder van BUK die MH17 neerhaalde

with 3 comments

Meduza verwijst naar een artikel in de Russische oppositiekrant Novaya Gazeta over de MH17. Het gaat over de getuigenis van een ex-collega van de gepensioneerde Russische kolonel Sergei Doebinksi (pseudoniem Kmuryi of Hmuryi) over wie vermoed wordt dat hij in juli 2014 verantwoordelijk was voor de levering van de Russische BUK-raket in de Donbas aan een strijdgroep die de MH17 neerhaalde. In oktober 2015 werden door de Oekraïense inlichtingendienst onderstaande geluidsopnames gepubliceerd die dateerden van de dag dat de MH17 werd neergeschoten. Van 1’32’’ tot 2’40’’ zijn twee geluidsopnamen van onderschepte gesprekken te horen van Doebinski met ‘DPR-terrorist’ (Donetsk Peoples Republic) Buryat. Sergei Tiunov die beweert een ex-collega van Doebinski te zijn -en is opgespoord door Novaya Gazeta– bevestigt dat Doebinski te horen is op beide geluidsopnames. De gesprekken ondersteunen de claim dat de MH17 werd neergeschoten door een Russische Buk die naar de door de separatisten of hybride Russische strijdkrachten gecontroleerd gebied werd getransporteerd. Tiunov zegt ook dat hij na de MH17-crash met Doebinski de gevolgen ervan had besproken.

Foto: Schermafbeelding van deel artikelNovaya Gazeta finds colleague of alleged transporter of Buk missile that shot down flight MH17’ van Meduza, 25 april 2017.

Surkov Leaks en Glazyev Tapes tonen inmenging Kremlin bij oorlog in Oekraïne aan. Maar Westerse media zwijgen

with 9 comments

In een artikel voor Open Democracy besteedt Andreas Umland aandacht aan de Surkov Leaks en de Glazyev Tapes. Deze hacks tonen de betrokkenheid van het Kremlin bij het organiseren van de opstand in Oost-Oekraïne aan.  Ze weerleggen de suggestie dat het in Oekraïne een burgeroorlog betreft en bevestigen de inmenging en orkestratie van het Kremlin in een heuse Russisch-Oekraïense oorlog. Die alleen in het Westen nauwelijks die naam mag hebben. Vladislav Surkov en Sergey Glazyev zijn beide officieel adviseur van Putin.

De onthullingen tonen de nauwe betrokkenheid van medewerkers van president Putin aan in de aanloop naar de recente ontwikkelingen van februari en maart 2014 in Oekraïne, en kort daarna. Ze maken duidelijk dat de zogenaamde burgeroorlog in de zogenaamde Volksrepublieken Donetsk en Loehansk en op de Krim geen reactie was op de Oekraïense opstand (Euromaidan), maar er aan vooraf ging. Met andere woorden, het was een door het Kremlin met behulp van Russische speciale troepen georganiseerde en op touw gezette geheime operatie die tot bezetting door Russische troepen van grote delen van Oekraïne had moeten leiden. Maar dat mislukte omdat de Russisch sprekende Oekraïeners niet warm liepen voor deze agitatie door het Kremlin. Hun ‘bedreiging’ zou een voorwendsel voor een militaire invasie zijn geweest. De ‘burgeroorlog’ was plan B.

Umland stelt de vraag waarom de lekken in de Westerse media zo weinig aandacht kregen. De wereld gonsde de afgelopen maanden over de door WikiLeaks gelekte Podest Emails die de kansen van Hillary Clinton op het presidentschap hielpen verkleinen. Volgens Amerikaanse inlichtingendiensten een actie waarbij Russische hackers en overheidsdiensten waren betrokken. Westerse media pikten dat gretig op. Maar de Surkov Leaks en de Glazyev Tapes kregen weinig tot geen aandacht. Terwijl ze belastender zijn dan de Podesta Emails.

Het is merkwaardig dat als het lekken betreft die het Kremlin in diskrediet brengen Westerse media zo goed als zwijgen. Een verklaring kan zijn dat Russische veiligheidsdiensten professioneler opereren dan Oekraïense. Ook door het verschil aan middelen en financiën. Of dat bij Westerse establishment media te weinig expertise en menskracht voorhanden zijn om Russisch-talige berichten correct te duiden. Gevoegd bij het feit dat de aandacht ervoor commercieel weinig oplevert. Ook oppert Umland dat het mogelijk is dat een deel van de Oekraïense politiek of overheidsdiensten geen belang heeft bij openheid. Want dat er nog steeds mollen hoog in de Oekraïense politiek en overheid opereren die nog in hoge mate ge-Sovjetiseerd is leidt geen twijfel.

De EU in Brussel en in de hoofdsteden van de EU-lidstaten zou er verstandig aan doen om beter dan nu te beseffen en in het openbaar te erkennen hoe veelomvattend de inmenging van het Kremlin in Oekraïne is. En hoe ondermijnend dat uitpakt. Daardoor kan dit land maar steeds geen goede start maken op weg naar democratisering en hervorming. Deels heeft Oekraïne dat aan zichzelf te wijten, maar deels wordt dat veroorzaakt door de Russische militaire interventies en de Russische inmenging tot op het hoogste niveau in de Oekraïense politiek. De EU moet beseffen dat de afspraken van Minsk niet bedoeld kunnen zijn om een agressor te belonen. Het Kremlin als partij die zegt geen partij te zijn in Oekraïne claimt een speciale status voor de zogenaamde Volksrepublieken die het zelf heeft gecreëerd op het grondgebied van een ander land. Dat is volkenrechtelijk onaanvaardbaar. Zelfs in de pragmatische of neorealistische opvatting van geopolitiek.

Waarom beoordeelt NRC onwaarschijnlijke bewering van Thierry Baudet als ‘niet te checken’? Wie beoordeelt de fact checker?

with 5 comments

aamsterdam_rokin_002_2sep2011_e_v_eis

Wie check de fact-checker? Een voorbeeld van wat het inhoudt geeft PolitiFact dat beweringen van politici tegen het licht houdt en van een oordeel voorziet. In navolging ervan heeft NRC sinds enkele jaren een rubriek Fact Check. Vandaag besteedt Wilmer Heck in een artikel aandacht aan een bewering van Thierry Baudet. Deze tegenstander van de associatie-overeenkomst van de EU met Oekraïne die qua politieke kleur tegen Wilders’ PVV aanleunt kreeg op 22 juli een item van 10 minuten in actualiteitenprogramma Een Vandaag. Hij  beweerde het volgende (na 13’24’’): ‘De Oekraïense geheime dienst had een pand gehuurd op het Rokin waar ze 50 man fulltime in dienst had om te trollen om .. te dingen. Daar was veel meer gaande dan men heeft gezien.’

Deze bewering wordt door geen enkele andere bron bevestigd. Desgevraagd zeiden de AIVD en de Nationale Politie tegen Een Vandaag dat ze niet op de bewering van Baudet wilden reageren. Heck heeft contact gezocht om Baudet te vragen waarop hij zijn bewering gebaseerd heeft, maar Baudet heeft niet gereageerd op verzoeken om het toe te lichten. Heck heeft instanties gebeld, maar heeft nergens een bevestiging kunnen vinden van Baudets bewering. Volgens Heck gaat het niet om de Oekraïense geheime dienst SBOe, maar om eem mediacentrum: ‘Het lijkt onwaarschijnlijk dat de SBU met vijftig man aanwezig was op het Rokin. Het lijkt waarschijnlijker dat Baudet doelde op het Ukranian Crisis Media Center (UCMC). Dat zat namelijk wél tijdelijk in Amsterdam. In Oekraïne telt deze ngo volgens medeoprichter Vasyl Mirosjnitsjenko zo’n 50 medewerkers. Twee van hen zaten tijdens de referendumcampagne in Amsterdam, onder wie Mirosjnitsjenko zelf.

Het is nogal een verschil. Een buitenlandse geheime dienst die 50 fulltime medewerkers onderbrengt in een gehuurd pand in het centrum van Amsterdam of een mediacentrum met twee medewerkers. Dat eerste is onlogisch en onwaarschijnlijk. Want een geheime dienst opereert liever in de anonimiteit en niet vanuit een gehuurd pand waar het 50 medewerkers bij elkaar onderbrengt die daarmee direct navolgbaar zijn. Dat Oekraïne in het centrum van Amsterdam tijdens het referendum een mediacentrum met twee medewerkers inrichtte is goed voor te stellen. Voor Oekraïne is die inzet gezien de middelen en het belang redelijk.

Heck besluit zijn verder vlekkeloze artikel met een conclusie die teleurstellend is: ‘Omdat hij niet meewerkt aan deze rubriek valt ook niet honderd procent uit te sluiten dat Baudet via een onbekende bron wel degelijk weet heeft van de massale aanwezigheid van de Oekraïense geheime dienst tijdens de referendumcampagne op het Rokin. Daarom beoordelen we de bewering van Baudet als niet te checken.’ Dat is een onnodig voorzichtig oordeel. Als Heck consequent zijn eigen journalistieke principes had gevolgd, dan was hij op zoek gegaan naar een tweede bron. Die heeft hij niet gevonden. Dat rechtvaardigt het oordeel dat de bewering van Baudet onjuist is. Mede door de onwaarschijnlijkheid dat een buitenlandse dienst vanuit een adres in het centrum van Amsterdam 50 geheime agenten laat opereren en de weigering van Baudet voor een toelichting.

Mij verbaast het steeds meer waarom types als Trump, Baudet, Farage, Boris Johnson of Wilders zoveel aandacht in de establishment pers krijgen. Van elke oprisping wordt verslag gedaan. En zo bouwen ze hun aanhang op. Waarom is dat? Welk beleid van deze media ligt daaraan ten grondslag? Het is goed dat NRC dit checkt –Een Vandaag heeft Baudets oprisping aandacht gegeven- maar het oordeel van Heck dat de bewering van Baudet niet te checken valt is naar mijn idee opvallend ontwijkend. En houdt Baudets leugen in stand.

Komt het door de traditionele journalistieke code van enerzijds-anderzijds, woord en weerwoord? Soms een verworvenheid, maar vaak een blok aan het been van goede journalistiek. Volgens het boekje herschrijft een type journalisten de eigen mening tot objectiviteit. Wat het niet alleen langdradig maakt, maar ook verkeerde meningen die aantoonbaar zijn gefundeerd op foute feiten in hetzelfde kader plaatst als meningen die op de juiste feiten gebaseerd zijn. Dat deed Een Vandaag met Baudet die door een item van 10 minuten voor een breed publiek aan autoriteit wint. Waarom doet Een Vandaag dat? Dat NRC dat niet afwijst is een teken aan de wand. Heck en andere journalisten die hun vak professioneel willen uitoefenen zitten verstrikt in de codes van hun vak en zijn op hun dood om door hun chef, hoofdredacteur of het lezerspubliek ervan beschuldigd te worden activistisch te zijn. In die kringen een doodzonde. Dan gewoon liever de Code van Bordeaux uit 1954 voor de zoveelste keer afgestoft. Alhoewel die ontstond in een andere wereld met andere media.

Foto: Rokin, Amsterdam.

Oekraïne achterhaalt gestolen schilderijen uit Verona. Wat zegt dit positief nieuws?

with 3 comments

Soms roept een bericht meer vragen op dan het beantwoordt. Neem nou de vangst van schilderijen op een Oekraïens eilandje in de Dnister rivier aan de grens met Moldavië. Ze werden op 19 november 2015 gestolen uit het Castelvecchio museum in het Italiaanse Verona. De schilderijen van onder meer Tintoretto, Rubens, Hans de Jode en Mantegna zouden een waarde van 15 miljoen euro vertegenwoordigen. De in plastic zakken verpakte schilderijen werden gevonden door de grenspolitie. Dat geeft de Oekraïense president Porosjenko de kans om te praten over een ‘briljante operatie’ en ‘de doelmatige aanpak van smokkel en corruptie’. De president meent dat Oekraïne hiermee haar prestige bevestigd zou hebben door de ‘doelmatige actie’.

Er is veel onduidelijk in de berichtgeving. Stuitte de grenspolitie toevallig op de schilderijen of ging er een uitgebreide operatie aan vooraf? Of werden de Oekraïense autoriteiten getipt? De opdrachtgevers zouden uit Tsjetsjenië afkomstig zijn, een door Ramzan Kadyrov op autoritaire wijze geregeerde autonome republiek in de Kaukasus die zich onder diens leiding steeds onafhankelijker van Moskou opstelt. En het Kremlin door de eigenzinnige koers steeds meer hoofdbrekens kost. Waren Kadyrov en mensen uit zijn entourage betrokken bij de opdracht? En wat is de rol van de Russische, Oekraïense en Moldavische maffia in de diefstal?

Het is goed nieuws dat de schilderijen zijn teruggevonden. Immers openbaar kunstbezit. Ongemerkt maken Nederlanders een vergelijking met de diefstal in 2005 in het Westfries Museum in Hoorn. Vier schilderijen werden op 14 april 2016 teruggevonden in Oekraïne, maar nog veel is onduidelijk. Wie de uitvoerders en opdrachtgevers van die diefstal waren is nog steeds in nevelen gehuld. Ondanks de onduidelijkheid over de details werd in de Nederlandse publiciteit in de aanloop naar het Oekraïne-referendum van 6 april 2016 de diefstal door sommige media en het NEE-kamp gebruikt als stok om de Oekraïense regering mee te slaan. Maar evenmin als toen de ondoelmatigheid -laat staan de betrokkenheid zoals gesuggereerd werd vanuit het Westfries Museum- van de Oekraïense overheid werd aangetoond is nu de doelmatigheid aangetoond.

8195DFC226585E8D040506800B3C7122

Kunstdiefstal lijkt lucratief en is door het grensoverschrijdend karakter ervan lastig aan te pakken. Landen geven geen prioriteit aan opsporing. Dat schilderijen opduiken in een land als Oekraïne is geen toeval omdat in dat redelijk open land met de hoogste corruptie van Europa de georganiseerde misdaad er veel ruimte heeft. Het is er dit soort landen dan ook alles aan gelegen om in de beeldvorming de indruk te wekken dat het de misdaad bestrijdt. Die trouwens in dit geval in Nederland en Italië begaan werd. In ‘beschaafd’ Europa dus. Oekraïne is afgelopen jaren druk bezig geweest om de politie te hervormen en op Westerse leest te schoeien. Dat is succesvol verlopen. Dat Porosjenko nu de vruchten plukt is de publicitaire wetmatigheid. Feit is dat Oekraïne onder druk van de publieke opinie positief heeft meegewerkt aan het oplossen van twee diefstallen.

Foto: Hans de Jode, Zeehaven, olieverf op doek. Op 19 november 2015 gestolen uit het Museo di Castelvecchio in Verona.

Geerdink neemt afstand van complottheorieën. Kunstroof Westfries Museum diende Telegraaf als middel in Nee-campagne referendum

with 16 comments

De toekomst zal uitwijzen of hij het bij het juiste eind had’, aldus museumdirecteur Ad Geerdink in een bericht van BNR Nieuwsradio over kunstspeurder Arthur Brand. Dit is een nieuwe kanttekening bij wat eerder een tweemanschap leek dat door dik en dun samen optrok. Voor het eerst houdt Geerdink in het openbaar duidelijk afstand van niet onderbouwde beweringen, zoals de laatste in een reeks dat resterende schilderijen in handen zijn van Russische criminelen: ‘Als dat klopt is dit geen prettige boodschap, maar er zijn wel meer uitspraken gedaan die later niet bleken te kloppen.’ Een understatement te elfder ure, maar een terechte opmerking van Geerdink. Het lijkt er sterk op dat hij lange tijd heeft vertrouwd op complottheorieën en slecht onderbouwde aannames, maar nu tot inzicht is gekomen of gebracht dat dat het Westfries Museum niet dient.

Zo was er op de dag van het Oekraïne-referendum een bericht in De Telegraaf zonder harde feiten met verwijzing naar ‘welingelichte bronnen’ waarin werd beweerd dat 12 van de 24 schilderijen zich in de buurt van de Poolse stad Krakau zouden bevinden. De Telegraaf stelde dat de opsporingen van de Oekraïense autoriteiten nog zonder resultaat waren, wat nu dus als aantoonbaar onjuist kan worden vastgesteld. Want op 6 april waren naar zeggen van de Oekraïense regering al twee schilderijen teruggevonden. Uitspraken die vanuit de marge van het Westfries Museum werden gedaan dat de nog niet teruggevonden schilderijen eerst in handen van personen in de entourage van oud-president Janoekovitsj waren, toen overgingen naar de extreem-rechtse OUN militie met medewerking van de geheime dienst SBU, toen naar Polen verhuisden en nu weer in handen van Russische criminelen zouden zijn moeten met een korreltje zout worden genomen.

betrokkenen

Welke rol de publiciteit over de kunstroof gespeeld heeft bij het Oekraïne-referendum valt te bezien. In de publiciteit beweert de Oekraïense minister van Buitenlandse Zaken Pavlo Klimkin dat het teruggeven van de schilderijen voor 6 april het Nederlandse referendum hadden kunnen beïnvloeden. Dat valt te betwijfelen.

Duidelijk is dat verschillende uitingen van de Telegraaf Media Groep, zoals dagblad De Telegraaf en weblog Geen Stijl actief campagne hebben gevoerd tegen de associatie-overeenkomst van de EU met Oekraïne. Hiertoe gebruikten ze de kunstroof van het Westfries Museum dat hun vanwege alle suggesties, aannames en complottheorieën een ideale focus bood voor hun eigen suggesties, aannames en complottheorieën over de EU en Oekraïne. Geen enkele bewering hoefde bewezen te worden, alles kon straffeloos worden beweerd. Het werd een succes omdat andere media de suggesties tamelijk kritiekloos verspreidden en zo de werking van de geruchten op het referendum hielpen vergroten. Dat werkte volgens het model: aandacht opwekken, de interesse wekkeneen mening opwekkeneen mening doen postvatten. Een ingreep van de Oekraïense regering had daar in een later stadium geen invloed meer op. Het vooroordeel was al in het onderbewuste vastgezet bij de doelgroep van vooral sociale achterblijvers, laagopgeleiden en malcontenten.

Foto: Afbeelding van Schema van Betrokkenen volgens het Westfries Museum in een bericht van december 2015. (Doorklikken op ‘Afbeeldingen gestolen kunst WFM’).

Een Vandaag brengt twee dagen voor referendum reportage over diefstal Westfries Museum zonder nieuwswaarde. Journalistiek?

with 9 comments

wm

Een Vandaag had vanavond een reportageWestfries Museum slaat alarm over onderzoek roofkunst’ dat de vraag opriep in welke categorie journalistiek het thuishoort. Het was geen onderzoeksjournalistiek zoals we die afgelopen week zagen bij de Panama Papers of de onthulling van Julian Röpcke van het Duitse Bild over de Donbas-regering. Een Vandaag bleef steken in veronderstellingen en suggesties. Het kwam niet met (nieuwe) feiten en baseerde zich op twee getuigen die hun eerdere verhaal mochten herhalen: museumdirecteur Ad Geerdink en kunstonderzoeker Arthur Brand. Twee betrokkenen die in december 2015 stelling hadden genomen dat extreem-rechtse Oekraïeners en de voormalige chef van geheime dienst SBU waren betrokken. Dat zette het museum zelfs in een schema. De twee mannen kregen van Een Vandaag de kans om dat verhaal te herhalen. Maar wat is de nieuwswaarde ervan? Een Vandaag noemt zelfs politiemol Mark Milczarek niet.

Opvallend is dat Een Vandaag dit twee dagen voor het Oekraïne-referendum uitzendt. Dus zonder dat er enig nieuw feit wordt vermeld. Het enige ’nieuwe’ dat gemeld wordt is dat er weinig voortgang in het onderzoek zit. Een onderzoek dat al 9 maanden loopt. Is het dan toevallig dat Een Vandaag daar twee dagen voor het Oekraïne-referendum aandacht aan besteed? Had de reportage niet gewoon volgende week uitgezonden kunnen worden om het referendum niet te belasten met suggesties en veronderstellingen? Of als het Een Vandaag om serieuze onderzoeksjournalistiek te doen was geweest had het aan dit onderwerp aandacht kunnen besteden op het moment dat het een nieuw feit te melden had gehad of een getuige had opgespoord.

Dat Oekraïne en door en door corrupt land is leidt geen twijfel. En dat de veiligheidsdiensten er niet volgens Westerse normen werken is ook geen geheim. Ze moeten bijklussen omdat ze slecht worden betaald.  De rechtsstaat functioneert er niet naar behoren. Niemand zal ontkennen dat onderzoeksjournalistiek duur is en tijd en expertise vraagt, zeker als het zich afspeelt in het buitenland. Goede onderzoeksjournalistiek verdient respect. Maar wat Een Vandaag doet is van een ander kaliber. Het presenteert de meningen van Geerdink en Brand over Oekraïne als bewijs. Feitelijk hoeven ze er niet eens naast te zitten, maar journalistiek die dat vervolgens niet hard kan maken schiet tekort. Wat dan overblijft is de sensatie. De suggestie. De compensatie voor een gemiste bron of getuige. Juist de hervormers in Oekraïne die een eind aan de corruptie willen verdienen betere journalistieke ondersteuning dan wat Een Vandaag in haar gemakzucht heeft laten zien.

Foto: Schermafbeelding van artikelWestfries Museum slaat alarm over onderzoek roofkunst’ van Een Vandaag, 4 april 2016.

Zie hier voor reportage van Hromadske TV van 3 maart 2016.