Antwoord aan Sergej Loznitsa. Eis voor verbod op Russische cultuur is in strijd om voortbestaan van staat, taal en cultuur van Oekraïne niet krankzinnig

Schermafbeelding van deel artikelVerbod op Russische cultuur eisen is immoreel en krankzinnig” van Sergej Loznitsa op Raam op Rusland, 24 mei 2022.

Mijn reactie op een artikel van de Oekraïense regisseur Sergej Loznitsa die een eis tot een verbod op Russische cultuur immoreel en krankzinnig vindt. In vertaling bij Raam op Rusland. Daar denk ik anders over. Maar wel onder voorwaarden:

Er is in de Russische Federatie vanuit het centrale gezag een campagne van Russificatie gaande. Die is gericht op etnische niet-Russen met ‘afwijkende’ talen, religies en culturen. De Russische Federatie is immers een veelvolkerenstaat.

In Oekraine is sinds 2014 een campagne van de-Russificatie gaande die door de recente Russische invasie extra is versneld. Niet in alle gevallen wordt dat van bovenaf opgelegd.

In die campagnes spelen iconen uit de kunst een rol. Door ze op de voorgrond te plaatsen en zo de eigen taal en cultuur als superieur te profileren of ze te verwijderen zodat de cultuur van de opponent als minderwaardig kan worden gezien. Want als Oekraïense iconen uit de kunst niet bestaan doordat ze niet worden genoemd of doordat ze geannexeerd zijn door de Russische cultuur, dan kan er ook niet naar verwezen worden. Dat ondermijnt weer de zelfbewustheid en het streven naar autonomie.

De context is dat de leiders in het Kremlin de Oekraïense staat met een eigen taal, kunst en geschiedenis niet erkennen en uit willen wissen. In 2014 werden Oekraïense boeken verbrand door pro-Russen in de Krim, zoals dat ook in Hitlers Duitsland in 1933 gebeurde.

Russificatie door het ontkennen van Oekraine was het doel van de huidige Russische invasie in Oekraïne. Die overigens tot nu toe slecht is gelukt en wat de positie van de Oekraïense taal en cultuur betreft tot een omgekeerd effect heeft geleid.

Het verbod op Russische of Oekraïense cultuur staat niet los van politieke en militaire strijd. Het verbod op de Russische cultuur in Oekraïne dat overigens geen regeringsbeleid van Kyiv is kan beschouwd worden als defensief, tijdelijk en noodzakelijk. Het is wellicht immoreel, maar niet krankzinnig omdat het raakt aan het zelfbehoud van Oekraïne dat ook op het culturele front vecht voor zelfbehoud. Hier hoort ook bij dat televisiezenders die propaganda uitzenden in het buurland worden verboden.

De luxe van een liberale houding om de vijand binnen de poorten te laten kan tijdens een oorlog die gaat om overleven van staat, taal en cultuur opgevat worden als risicovol en onrealistisch. Bij alle hens aan dek om de eigenheid te verdedigen hoort blijkbaar een houding die in normale tijden ongepast wordt geacht. Nood breekt wetten. Mits tijdelijk.

Advertentie