Waarom heeft Terneuzen de geschiedenis veronachtzaamd en cultureel erfgoed verkwanseld?

Schermafbeelding van deel FB-post van Historisch Netwerk Oud Terneuzen, 8 april 2022. Inmiddels staat sinds 1 juni 2022 het betreffende kantoorpand voor € 545.000 te koop.

Mijn reactie bij bovenstaande FB-post. Voor de volledigheid, ik ben geboren in Terneuzen en ben daar door militaire dienst en studie in de jaren 1970 vertrokken:

Bestuurders van Terneuzen hebben geen historisch geheugen. Burgemeesters komen niet uit Terneuzen of Zeeuws-Vlaanderen en worden geparachuteerd zonder enig besef te hebben van de geschiedenis en het cultureel erfgoed van Terneuzen. Ron Barbé was de uitzondering. Raadsleden zijn vaak wel opgegroeid in de streek, maar missen de culturele nieuwsgierigheid, belangstelling en creativiteit. 

Krijgen burgemeesters, wethouders en raadsleden ‘De geschiedenis van Terneuzen‘ (1962) van Wesseling aangeboden om zich te oriënteren op hun omgeving? 

Een en ander vertaalt zich vanuit het stadhuis in een cartooneske poging om een maritieme achtergrond van Terneuzen te accentueren, gecombineerd met een onbehouwen opvatting van moderniteit. Het is het niveau van dukdalven in de Noordstraat dat weinig met de echte geschiedenis van Terneuzen te maken heeft. 

Door de infantilisering van de stad die gevoed wordt door middenstand en gemeentebestuur ontstaat een karikatuur van Terneuzen die niets met de echte ziel te maken heeft. Die trotse stad aan de Westerschelde met de rijke geschiedenis met rederij Lensen, het garnizoen en de vele sluizen is kinds gemaakt. 

Ansichtkaart Terneuzen Zeesluis Noordzijde‘. Op Dordsekaart.nl. Met rechts de sleepboot ‘Holland‘ van mijn grootvaders bedrijf Willem Muller NV (tussen 1954 en 1961).

Voeg daarbij de beelden op de Scheldeboulevard van goedwillende amateurs die het hobbyisme verder benadrukken en de ‘culturele’ sfeer van Terneuzen is bepaald. Vergeet evenmin de pogingen van kunstenaars/kunsthandelaren als Jan Juffermans (J34) en Frits Jansen (Kolkzicht) om goede beeldende kunst in Terneuzen te laten zien. Ze kregen geen poot aan de grond. Hun pogingen smoorden in onbegrip. Dat is Terneuzen dat gevangen zit tussen geldverdienen en orthodoxe religie. Er waren goede wethouders, maar die konden het tij niet keren. 

Ook ontbreekt het in Terneuzen aan een daadkrachtige en slimme lobby vanuit de burgerij om het belang van het cultureel erfgoed te benadrukken. De verschillende verenigingen zijn machteloos en lijken bij voorbaat het hoofd in de schoot te hebben gelegd. Hun opgave is ook lastig en onbegonnen werk. Zo’n uitgangspunt motiveert niet en smoort elke ambitie.

Ansichtkaart Watertoren, Terneuzen‘ van architect A.J. van Eck. De watertoren werd in 1956 gebouwd en in 2000 gesloopt. Het betreffende Wikipedia-lemma eindigt zo: ‘Op de huidige plek zijn twee woontorens (Waterfront) gebouwd. De stichting Laat Die Watertoren Staan en de Heemkundige Vereniging Terneuzen zijn er niet in geslaagd de watertoren te behouden.’

Terneuzen heeft een te groot verleden om geen waardevol cultureel erfgoed (gebouwen, industrie) te hebben en is te klein om het behoud ervan te realiseren. Tussen servet en tafellaken heeft Terneuzen deels onwetend en deels berekenend de eigen geschiedenis veronachtzaamd. Zoals gezegd, wat er voor in de plaats komt is een karikatuur van hoe het ooit was. Dat is jammer want vooral voor oudere bewoners is een stadsbeeld een herinnering die houvast geeft in het leven. 

Terneuzen is een stad met een rijk historisch verleden waar het historisch besef is verdwenen. Dat is een collectieve schuld. Troost is dat Terneuzen hierin niet uniek is. Maar bestuurders van Terneuzen hebben het cultureel erfgoed van het verleden waar ze zich blijkbaar onvoldoende mee verbonden voelen onherstelbaar uitgegomd. Ze beseffen waarschijnlijk niet eens wat ze hebben gedaan. Het bestuur van Terneuzen leeft sinds 1960 in een ambtelijk-bestuurlijke wereld van structuurvisies en toekomstplannen. Daarin is geen plaats voor cultureel erfgoed. 

Ansichtkaart Terneuzen Juliana Ziekenhuis‘ van architect J.P. Kloos dat in 1955 door toenmalig koningin Juliane werd geopend en in 1989 afgebroken. In een commentaar noemde ik het in 2021 ‘een prachtig, weliswaar laat voorbeeld van dat nieuwe bouwen met transparantie, ruimte. licht en lucht‘.
Advertentie

Gedoogbeleid Terneuzen ontspoorde door onkunde gemeentebestuur

Update 28 november 2017: De Volkskrant: ‘Het gerechtshof in Den Bosch heeft de ooit grootste coffeeshop van Nederland, Checkpoint in Terneuzen, dinsdag alsnog veroordeeld als ‘criminele organisatie’ die de voorwaarden van het gedoogbeleid heeft overtreden. Maar zowel het bedrijf als zijn eigenaar krijgt geen straf opgelegd omdat het huidige ‘paradoxale’ coffeeshopbeleid de strafbare feiten in de hand heeft gewerkt.’

Het Zeeuws-Vlaamse Terneuzen kende de grootste coffeeshop van het land. En van de wereld. Eigenaar Meddie Willemsen runde Checkpoint, een nieuw pand aan de rand van de binnenstad tegenover de plaatselijke Schouwburg. In 2008 grepen de burgemeester van Terneuzen en het parket Middelburg van het OM in en sloten de coffeeshop. Maar in hoger beroep is het OM door het Haagse gerechtshof niet ontvankelijk gesteld. Het OM kan nog in cassatie gaan bij de Hoge Raad. Kortom, de zaak van het bevoegd gezag is stuk gegaan.

Terneuzen is een havenstad op 17 kilometer van de Belgische grens en de grootste Zeeuwse gemeente. Sinds begin jaren ’70 kent het een bloeiende handel in soft drugs. Eerst in cafés, dan in slooppanden die door druk verkeer voor overlast zorgen. Vanaf midden jaren ’90 geconcentreerd in twee coffeeshops in de Westkolkstraat: Checkpoint en het kleinere Miami. Ongeveer 90% van de bezoekers komt uit België en Frankrijk. Want met zo’n 106.000 inwoners en een licht krimpende bevolking is de bevolking van de regio te klein om een coffeeshop met 100 medewerkers en een jaaromzet van 26 miljoen euro in de lucht te houden.

Onder CDA-burgemeester Ron Barbé (1989-2003) ontwikkelt Terneuzen een gedoogbeleid. Mede omdat de tijdgeest na 2002 is verhard wordt de gemeente, het OM en de fiscus de samenwerking met een criminele organisatie nagedragen. Zo wordt Checkpoint in maart 2010 in een rechterlijke uitspraak genoemd. Maar ook toen al was het een exces, zoals rechtsgeleerde Peter Tak uitlegt. Samenwerking bestond er onder meer uit dat de gemeente bezoekers via verkeersborden de weg naar Checkpoint wees. Ooit bedacht om overlast in te perken, maar met als neveneffect aanzuigende werking en marketing op kosten van de gemeente.

Een verklaring waarom dit zo ontspoorde is dat Zeeland een zwak openbaar bestuur kent. Terneuzen werd na de Tweede Wereldoorlog aangewezen als groeigemeente. Maar op de Vlissingse Zeevaartschool na kende Zeeland geen hoger onderwijs, dus scholieren vertrokken naar elders. In Zeeland ontwikkelde zich een regenteske bestuursstijl door de geïsoleerde ligging, het tekort aan kritische massa en de calvinistische geest.

PVV-kamerlid Andre Elissen heeft over Checkpoint en het beleid van de gemeente Terneuzen kamervragen gesteld aan minister Opstelten. Naar aanleiding van een commentaar in De Telegraaf. Hij vraagt of de minister vindt of Terneuzen heeft deelgenomen aan strafbare feiten door gegeven steun. De kamervragen komen 15 jaar te laat. Dat valt Elissen niet te verwijten. Toch gaat het verder dan omkijken. Want 15 jaar geleden spraken Terneuzenaars zich al uit tegen Checkpoint en een slap gemeentebestuur dat actief meewerkte aan het laten ontstaan van een exces. Burgemeester Ron Barbé en zijn wethouders hoorden de bevolking niet.

Foto: Een speciaal bord voor drugstoeristen naar coffeeshops in Terneuzen.