George Knight

Debat tussen links en rechts

Posts Tagged ‘Rokin

Waarom beoordeelt NRC onwaarschijnlijke bewering van Thierry Baudet als ‘niet te checken’? Wie beoordeelt de fact checker?

with 5 comments

aamsterdam_rokin_002_2sep2011_e_v_eis

Wie check de fact-checker? Een voorbeeld van wat het inhoudt geeft PolitiFact dat beweringen van politici tegen het licht houdt en van een oordeel voorziet. In navolging ervan heeft NRC sinds enkele jaren een rubriek Fact Check. Vandaag besteedt Wilmer Heck in een artikel aandacht aan een bewering van Thierry Baudet. Deze tegenstander van de associatie-overeenkomst van de EU met Oekraïne die qua politieke kleur tegen Wilders’ PVV aanleunt kreeg op 22 juli een item van 10 minuten in actualiteitenprogramma Een Vandaag. Hij  beweerde het volgende (na 13’24’’): ‘De Oekraïense geheime dienst had een pand gehuurd op het Rokin waar ze 50 man fulltime in dienst had om te trollen om .. te dingen. Daar was veel meer gaande dan men heeft gezien.’

Deze bewering wordt door geen enkele andere bron bevestigd. Desgevraagd zeiden de AIVD en de Nationale Politie tegen Een Vandaag dat ze niet op de bewering van Baudet wilden reageren. Heck heeft contact gezocht om Baudet te vragen waarop hij zijn bewering gebaseerd heeft, maar Baudet heeft niet gereageerd op verzoeken om het toe te lichten. Heck heeft instanties gebeld, maar heeft nergens een bevestiging kunnen vinden van Baudets bewering. Volgens Heck gaat het niet om de Oekraïense geheime dienst SBOe, maar om eem mediacentrum: ‘Het lijkt onwaarschijnlijk dat de SBU met vijftig man aanwezig was op het Rokin. Het lijkt waarschijnlijker dat Baudet doelde op het Ukranian Crisis Media Center (UCMC). Dat zat namelijk wél tijdelijk in Amsterdam. In Oekraïne telt deze ngo volgens medeoprichter Vasyl Mirosjnitsjenko zo’n 50 medewerkers. Twee van hen zaten tijdens de referendumcampagne in Amsterdam, onder wie Mirosjnitsjenko zelf.

Het is nogal een verschil. Een buitenlandse geheime dienst die 50 fulltime medewerkers onderbrengt in een gehuurd pand in het centrum van Amsterdam of een mediacentrum met twee medewerkers. Dat eerste is onlogisch en onwaarschijnlijk. Want een geheime dienst opereert liever in de anonimiteit en niet vanuit een gehuurd pand waar het 50 medewerkers bij elkaar onderbrengt die daarmee direct navolgbaar zijn. Dat Oekraïne in het centrum van Amsterdam tijdens het referendum een mediacentrum met twee medewerkers inrichtte is goed voor te stellen. Voor Oekraïne is die inzet gezien de middelen en het belang redelijk.

Heck besluit zijn verder vlekkeloze artikel met een conclusie die teleurstellend is: ‘Omdat hij niet meewerkt aan deze rubriek valt ook niet honderd procent uit te sluiten dat Baudet via een onbekende bron wel degelijk weet heeft van de massale aanwezigheid van de Oekraïense geheime dienst tijdens de referendumcampagne op het Rokin. Daarom beoordelen we de bewering van Baudet als niet te checken.’ Dat is een onnodig voorzichtig oordeel. Als Heck consequent zijn eigen journalistieke principes had gevolgd, dan was hij op zoek gegaan naar een tweede bron. Die heeft hij niet gevonden. Dat rechtvaardigt het oordeel dat de bewering van Baudet onjuist is. Mede door de onwaarschijnlijkheid dat een buitenlandse dienst vanuit een adres in het centrum van Amsterdam 50 geheime agenten laat opereren en de weigering van Baudet voor een toelichting.

Mij verbaast het steeds meer waarom types als Trump, Baudet, Farage, Boris Johnson of Wilders zoveel aandacht in de establishment pers krijgen. Van elke oprisping wordt verslag gedaan. En zo bouwen ze hun aanhang op. Waarom is dat? Welk beleid van deze media ligt daaraan ten grondslag? Het is goed dat NRC dit checkt –Een Vandaag heeft Baudets oprisping aandacht gegeven- maar het oordeel van Heck dat de bewering van Baudet niet te checken valt is naar mijn idee opvallend ontwijkend. En houdt Baudets leugen in stand.

Komt het door de traditionele journalistieke code van enerzijds-anderzijds, woord en weerwoord? Soms een verworvenheid, maar vaak een blok aan het been van goede journalistiek. Volgens het boekje herschrijft een type journalisten de eigen mening tot objectiviteit. Wat het niet alleen langdradig maakt, maar ook verkeerde meningen die aantoonbaar zijn gefundeerd op foute feiten in hetzelfde kader plaatst als meningen die op de juiste feiten gebaseerd zijn. Dat deed Een Vandaag met Baudet die door een item van 10 minuten voor een breed publiek aan autoriteit wint. Waarom doet Een Vandaag dat? Dat NRC dat niet afwijst is een teken aan de wand. Heck en andere journalisten die hun vak professioneel willen uitoefenen zitten verstrikt in de codes van hun vak en zijn op hun dood om door hun chef, hoofdredacteur of het lezerspubliek ervan beschuldigd te worden activistisch te zijn. In die kringen een doodzonde. Dan gewoon liever de Code van Bordeaux uit 1954 voor de zoveelste keer afgestoft. Alhoewel die ontstond in een andere wereld met andere media.

Foto: Rokin, Amsterdam.

Recensie over ArtDeli. Over betaalbaarheid en toegankelijkheid van kunst

with one comment

o

Is het gewone volk in voor een ‘Dubbel gebakken kassoufflé met witte druivenchutney’ van 8,50 euro, een ‘Tartaar van Albacore tonijn/ papadum/ kruidensla en citroen aïlo’ van 9,50 euro met een Cristal champagne van Louis Roederer van 225 euro?  Volgens Ingelise de Vries van The Post Online wel. Zij recenseert het recent geopende ArtDeli aan het Amsterdamse Rokin. Een combinatie van beeldende kunst en delicatessen. Met ook een shop met merken als Studio Roex, Toiletpaper, Bas van Beek, Dieter Volkers en Matilda Bekman.

De Vries meent dat kunst in Nederland over het algemeen niet heel toegankelijk is. Want: ‘Een galerie loop je niet snel binnen en een museum kost geld.’ Met jaarlijks ruim 26 miljoen museumbezoekers valt op deze observatie nogal wat af te dingen. Museumbezoek is het favoriete culturele uitje voor Nederlanders zoals het Rapport Cultuurbeleving van MarketResponse in opdracht van de NMV in 2014 duidelijk maakte. Inderdaad zijn kosten van vooral vrouwen en jongeren tot en met 24 jaar een reden om geen uitstapje te maken. De gemiddelde entreeprijs ligt nu op een tientje, met een Museumkaart (€54,95/jaar) is dat aanzienlijk minder.

De kritiek op de toegankelijkheid van galeries lijkt meer hout te snijden. Hoewel er veel cliché’s bestaan over de nuffige met felrood gestifte lippen in zwarte coltrui gestoken gewichtig achter de iMac tikkende galerie-assistente die de bezoekers geen blik waardig keurt omdat ze hard werkt aan haar ‘studie’ als curator, hebben afgelopen jaren de meeste galeries door teruglopende verkopen om economische redenen de omslag naar toegankelijkheid wel moeten maken. Zelfs ’s winters staat de deur open, activiteiten die gericht zijn op het binnenhalen van een nieuw publiek zoals galerieweekenden worden georganiseerd en galeristen hebben hun prijzen naar beneden bijgesteld en proberen in prijs een gevarieerd aanbod te bieden met kassakoopjes. Maar in de beeldvorming waarbij De Vries aanhaakt lopen Nederlandse galeries nog achter de feiten aan.

Wat ArtDeli toevoegt aan het bestaande kunstaanbod is de vraag. Het lijkt even laagdrempelig als galeries en musea voor mensen voor wie niet geld, maar tijd het probleem is. Het valt daarom te bezien of marketing die draait om toegankelijkheid en betaalbaarheid zich richt op de juiste doelgroep. Hoe het met een uitgebreide wijnkaart, goede koffie en bijzondere hapjes naast een expositieruimte de oplossing biedt voor betaalbaarheid is het raadsel dat de recensie oproept. Het risico voor ArtDeli is dat het de vrijblijvendheid van een winkel en het gebrek aan urgentie combineert: ‘De exposities hebben geen begin en geen eind. ‘Doe ermee wat je wil’, zo zeggen initiatiefnemers Jessica Voorwinde en Bram Claassen. Bij ArtDeli staat kunst niet centraal, maar wordt kunst tot middel voor een concept waarbij kunst mooi kan dienen. Consumptie in een fijne omgeving.

Foto: Interieur ArtDeli.