George Knight

Debat tussen links en rechts

Posts Tagged ‘Religieuze instelling

Secularisme is geen vijand, maar beschermende vriend van kerken

leave a comment »

Barneveld Vandaag plaatste gisteren het opinie-artikelDe ark op drift’. Het komt erop neer dat kerken niet dwars moeten liggen op ‘de wind van de secularisatie’, maar die recht in de ogen moeten kijken. Met een conclusie over de gewenste opstelling van kerken: ‘Ze sluiten zich niet af voor de wereld om het goed met elkaar te hebben. Deze gemeenten hebben een missionaire drive, die tot hun DNA behoort. Met een grote vrijmoedigheid zoeken ze het gesprek met hun geseculariseerde stadgenoten in een taal die zij verstaan.’ Dit betoog beredeneert met Bijbels jargon en vanuit het perspectief van de innerlijke werking van de kerk dat kerken te winnen hebben bij openheid en contact met de buitenwereld. Dat idee lijkt me terecht en werk ik uit in een reactie die nuanceert wat secularisme is en ik op de FB-pagina bij dit opinie-artikel plaatste.

Als het betoog valt samen te vatten dat secularisatie niet vijandig staat tegenover religieuze of levensbeschouwelijke organisaties, dan kan ik me er in vinden. Het heeft voor religieuze organisaties weinig zin om dwars tegenover de buitenwereld te staan. En daar ook nog eens misnoegd en bitter over te doen.

Vaak wordt vanuit een defensieve en onwetende, maar soms ook vanuit een bewust misleidende houding, in orthodox-christelijke organisaties gesteld dat de politieke filosofie van het secularisme antireligieus of atheïstisch zou zijn. Maar dat is een misverstand, dat jammergenoeg door sommige kerkleiders van orthodoxe snit om kerkpolitieke redenen de wereld in wordt geholpen. Zij proberen het afkalven van hun machtspositie te vertragen.

Het secularisme is een filosofie die alle godsdiensten en levensovertuigingen zonder onderscheid gelijk behandelt. Of daar in elk geval naar streeft, omdat de praktijk achterloopt op de theorie. Traditionele godsdiensten hebben als relicten uit het verleden vaak nog voorrechten waar ze zich krampachtig aan vastklampen en geen afstand van willen doen.

Daarom suggereren sommige kerkleiders dat secularisme de vijand van godsdienst is. Wat dus absoluut niet zo is. Wat wel speelt is dat oude voorrechten de filosofie die streeft naar de gelijke behandeling van alle godsdiensten en levensovertuigingen -inclusief degenen die zich erdoor laten inspireren- in de weg zitten.

De ark kan niet dwars op de buitenwereld staan, maar maakt er onderdeel van uit. Kerkleiders en politici van christelijke partijen zouden er verstandig aan doen om ondubbelzinnig het secularisme te omarmen en zich er sterk voor te maken. Dat moeten ze niet alleen doen vanuit hun principe of geloof, maar juist vanuit hun eigenbelang. Ze moeten naar de toekomst kijken.

In Nederland zijn de verschillende stromingen binnen het christendom stuk voor stuk minderheidsreligies. Zoals uit nationale statistieken valt af te leiden zegt een kleine meerderheid van de Nederlanders zich niet te laten inspireren door godsdienst. Ze zijn ongebonden. Maar die ongebondenen zijn ook weer verdeeld en niet over één kam te scheren. Zo resteert wat religie en levensbeschouwing betreft een mozaïek van minderheden, stromingen en nuanceringen. De grondwet is de verantwoording voor gelijkheid die door de nationale overheid in de praktijk dient te worden gegarandeerd.

Door maatschappelijke ontwikkelingen zoals ontkerkelijking, educatie en emancipatie neemt elk jaar het aandeel af van degenen die zich laten inspireren door godsdienst. In 2015 noemde 16% zich protestant, met de Nederlands Hervormden als grootste subgroep met 6,5%. Dat percentage daalt gestaag. Kerkleiders en politici van christelijke partijen zouden beter dan nu te dienen te beseffen -en naar dat besef handelen- dat ze als vertegenwoordigers van sterk onder druk staande minderheidsgroeperingen in het secularisme geen vijand, maar een beschermde vriend vinden die hun positie ook voor de toekomst garandeert.

Foto: Schermafbeelding van deel artikel ‘De ark op drift…’ (anoniem) op Barneveld Vandaag, 18 januari 2018.

Advertenties

Racistische uitspraak van Trump is minachtend, kortzichtig en politiek dom

with one comment

President Trump heeft kritiek gekregen over een uitspraak die velen als racistisch en grof zien. Hij zei in een bijeenkomst met senatoren over immigratie ‘Why are we having all those people from shithole countries come here?’ Hiermee verwees hij volgens sommige aanwezigen naar Haïti en Afrikaanse landen. Trump voegde nog toe dat immigranten uit landen als Noorwegen zijn voorkeur genieten. Hij sprak op 10 januari met de Noorse premier Erna Solberg. Eruit blijkt dat Trump het verschijnsel immigratie niet doorgrondt. Migranten verhuizen naar een ander land in de verwachting om het voor zichzelf of hun kinderen beter te krijgen. Wat het voordeel voor Noren zou zijn om de verworvenheden van hun goed georganiseerde, egalitaire verzorgingsstaat in te wisselen voor de VS met een onberekenbare president, een onberekenbaar en vastgeroest politiek systeem dat danst naar de pijpen van big money en een in snel tempo afbrokkelende verzorgingsstaat is de vraag.

Is Trump een racist? Ja, dat is hij en is geen verrassing. In vele commentaren wordt opgemerkt dat Trump een uitzondering is. Andere presidenten toonden in het openbaar in woord en daad -zoals hulpprogramma’s- compassie met minder bedeelden in minder bedeelde landen. Trump probeert zijn minachtende houding niet eens te verbergen. Hij gaat ermee de boer op om zijn steeds smaller wordende basis -die dik onder de 40% is gezakt- krampachtig vast te houden. Meest verbazingwekkend is nog de uitblijvende reactie van kerkelijke leiders en zijn partij om afstand te nemen van dit soort uitspraken van Trump. Kerken en de Republikeinse partij lopen de kans om voor tientallen jaren de steun van jongeren -de Millennials– te verliezen. De gezaaide wind wordt bij de tussentijdse verkiezingen van november 2018 voor het eerst als storm geoogst.

Kwestie Michael Afanasyev/ TU Delft. Oordeel van het College voor de Rechten van de Mens over het pastafarisme biedt perspectief

with 4 comments

Het College voor de Rechten van de Mens zegt in een niet bindend oordeel over pastafaripriester Michael Afanasyev (38) die aan de TU Delft wil promoveren in piratenkostuum: ‘Uitingen worden beschermd als zij algemeen, althans in brede kring, binnen een bepaalde godsdienst worden beschouwd als uitdrukking van die godsdienst. Het moet dus niet gaan om een persoonlijke invulling. Dit gaat echter weer niet zo ver dat iedere pastafari hierover hetzelfde moet denken of dat de godsdienstige voorschriften steeds op dezelfde manier moeten worden geïnterpreteerd en nageleefd.’ Afanasyevs verzoek om een piratenkostuum te dragen op zijn promotie was door het Delftse College voor Promoties afgewezen. Tegen deze beslissing maakte hij bezwaar bij het College voor de Rechten van de Mens waar hij nu op 11 december 2017 ook nul op het rekest krijgt.

Het College zegt zich er niet over uit te spreken of het pastafarisme (Kerk van het Vliegend Spaghettimonster) een godsdienstige overtuiging is. Maar het College is wel van oordeel ‘dat het piratenkostuum niet in brede kring wordt gezien als een uiting daarvan en dat evenzo priesters verplicht zijn om bij officiële gelegenheden een piratenkostuum te dragen.’ Dit voert het College aan als reden om de eis van de verzoeker af te wijzen.

Dat is een opmerkelijk uitspraak die weliswaar ‘aan de buitenkant’ van het pastafarisme lijkt te blijven, maar zich tegelijk toch laat verleiden tot een inhoudelijke uitspraak en daarom wat dubbelhartig toont. Het College is geen theologisch college en is niet geëquipeerd om theologische doctrines af te wegen. Wat de verzoeker door het College wordt verweten is het ontbreken van samenhang, consistentie en ‘doorleving’ in zijn geloof.

Maar wat doet het ertoe of een pastafaripriester een piratenkostuum heeft of dat nog moet aanschaffen en dat niet of onregelmatig draagt? Het College gaat haar boekje te buiten door de verzoeker te verwijten dat hij weinig kennis van zijn godsdienst heeft of onvoldoende kan uitleggen op welke gronden hij zijn kostuum op de promotieplechtigheid wil dragen. Dat zijn eisen die niet gesteld kunnen worden aan een gelovige en waarover het College zich niet uit te  spreken heeft. Vele godsdiensten grossieren in onwaarschijnlijkheden en tegenstrijdigheden, en zijn het tegendeel van logisch. Daarom heet een geloof ook een geloof. Gelovigen volgen hun geloof en zijn geen theologen die de werking vn hun godsdienst moeten kunnen uitleggen.

Het College zit met de uitspraak op het verkeerde spoor. Het kan vanwege de Algemene Wet Gelijke Behandeling niet zeggen dat er op het dragen van het voorgeschreven promotiekostuum bij de TU Delft voor geen enkele godsdienst of levensovertuiging een uitzondering mogelijk is. Die uitzondering op religieuze gronden bestaat wel. Ontbreken van discriminatie zou inhouden dat er voor geen enkele godsdienst en levensovertuiging een uitzondering gemaakt wordt. Nu blijft het vermoeden hangen dat een gevestigde godsdienst een streepje voor heeft op een jonge godsdienst die nog weinig maatschappelijke invloed heeft.

Toch biedt het oordeel perspectief. Het College verwijt de verzoeker een gebrek aan samenhang, consistentie en kennis, maar wijst het pastafarisme als godsdienst niet principieel af. Zo kan het oordeel van het College een gebruiksaanwijzing zijn voor een volgende verzoeker die dicht bij de bekende, alledaagse uitingen van het pastafarisme blijft. Tactisch is het verstandig om stapsgewijs te werk te gaan en bij zo’n plechtigheid te verzoeken om met een vergiet op te mogen promoveren. Mogelijk als de bezoeker al een foto voor het rijbewijs met vergiet als ID heeft. De Kerk voor het Vliegend Spaghettimonster zou er verstandig aan doen om dit landelijk te coördineren door de gelovigen te begeleiden in hun verspreiding van het pastafarisme.

Disclaimer: Ik ben sinds 26 oktober 2015 Pastafarian bij de Nederlandse Kerk van het Vliegend Spaghettimonster.

Foto 1: Schermafbeelding van deel oordeelGeen discriminatie door het College van Bestuur van de Technische Universiteit Delft door een man niet toe te staan tijdens de promotiezitting het traditionele kostuum van zijn ambt als pastafaripriester te dragen’ van het College voor de Rechten van de Mens, 11 december 2017.

Foto 2: ‘Antoinette Vlieger (m) vandaag voor haar promotie aan de UvA, in traditionele Arabische kledij. Ze verschijnt op het podium in een abaja, een Arabisch kledingstuk, dat als onderdrukkend wordt gezien. Haar paranimfen dragen ook een gezichtsbedekkende nikab.’  Foto © Dingena Mol, 21 december 2011.

Opkomst van de Kerk van het Vliegend Spaghettimonster is onontkoombaar. Omdat het van deze tijd is

with one comment

De religieuze sector is een vechtmarkt. Er zijn toetreders en in het Westen neemt het percentage gelovigen gestaag af. De spoeling wordt steeds dunner. Kerken worden in snel tempo afgestoten omdat veel gelovigen het christendom de rug toekeren. De groei van de islam lijkt over het hoogtepunt heen en stabiliseert.

Als reactie ontstaan nieuwe religieuze instellingen die de vorm van de oude godsdiensten deels of gedeeltelijk overnemen. Inclusief de rituelen en de terminologie. Dat is iets van alle tijden en een eeuwenoud proces. Voor het eigen bestaan hebben godsdiensten altijd handig gebruikt gemaakt van de toe-eigening van tradities.

Religieuze instellingen worden beschermd door of zijn verbonden aan gevestigde belangen. Daarom wordt door de gevestigde orde de opkomst van de Kerk van het Vliegend Spaghettimonster -met veel jonge leden- als inbreuk op de bestaande verhoudingen gezien. Die Kerk moet daarom met juridische middelen buiten de deur van de religieuze sector worden gehouden. Het gaat om het beschermen van de macht. Dat opgeven gaat niet vrijwillig. Maar de opkomst van het nieuwe dat van deze tijd is en het oude vervangt is onontkoombaar.

Petitie ‘Erken geloof en religie als een mentale stoornis’ is onnodig

with 4 comments

Het bestaan van een god is nooit aangetoond en het geloven erin en aanbidden ervan kan tot gestoord gedrag leiden dat veel slachtoffers kost. Dat zijn goed verdedigbare standpunten. Maar is hiermee religie ook een mentale stoornis zoals de petitionaris J.G stelt die oproept tot behandeling van de stoornis bij gelovigen? Nee, dat gaat te ver. Nederland kent vrijheid van godsdienst. Dat betekent dat iedereen zonder dwang een religie, levensovertuiging of nihilisme moet kunnen kiezen. Die vrije keuze wordt door de overheid gegarandeerd of zou idealiter moeten worden. Over de inhoud van die keuze hoeft geen verantwoording afgelegd te worden.

Gestoord gedrag blijft niet beperkt tot de harde kern onder gelovigen die diep in hun hart andersdenkenden beschouwt als afvallige gelovigen die met lichte dwang en overtuiging of zelfs zulke impliciete claims op ‘het rechte pad’ moeten worden gebracht. Dit is gestoord gedrag van gelovigen die niet kunnen aanvaarden dat de vrijheid van godsdienst het afzien van godsdienst inhoudt. Verbieden van godsdienst of het willen behandelen van alle gelovigen aan een stoornis die het geloof zou zijn getuigt echter van dezelfde intolerantie.

De petitionaris hecht te veel waarde aan de inhoud van religie en verbindt er te veel conclusies aan. In een seculiere samenleving zoals Nederland zijn religies en levensovertuigingen ondergeschikt aan de nationale rechtsstaat. Het doet er niet toe hoe krom gelovigen denken of hoe slecht onderbouwd de argumenten voor de oorsprong van een specifieke religie zijn. Er zijn juridische uitspraken die aan religie een zeker mate van begrijpelijkheid, serieusheid, samenhang en importantie vragen om religie maatschappelijk te aanvaarden. Tegelijkertijd is de drempel hoog om in de juridische praktijk een religie als religie te weigeren. Een gelovige die een geloof praktiseert hoeft niet consistent te zijn. Een geloof is een systeem dat niet per definitie uitblinkt door redelijkheid, realisme, samenhang en logica. De nationale rechtsstaat moet met actief beleid de gevolgen inperken van de werking van religies die schade aanbrengen aan anderen of aan de eigen gelovigen die het inspireert. Maar verbieden van of pro-actief optreden tegen religies past niet binnen onze rechtsstaat.

Foto: Schermafbeelding van deel petitieErken geloof en religie als een mentale stoornis’.

Normalisering van de Kerk van het Vliegend Spaghettimonster in Nederland

leave a comment »

Studenten van het Sint Lucascreative community’ College in Eindhoven maakten dit verslag over de Kerk van het Vliegend Spaghettimonster. Ofwel, het Pastafarisme. Waarmee de geïnterviewde Jeroen Otten gefeliciteerd wordt is overigens onduidelijk. Resultaten zijn nog niet denderend. Want de Kerk krijgt het niet cadeau in de Nederlandse rechtsstaat. Een rechter waant zich theoloog en meent te kunnen oordelen over de interne werking van deze organisatie die zich als godsdienst presenteert. Belemmeringen worden opgeworpen en staan de acceptatie in de weg. In de schaduw van godsdiensten met gevestigde belangen en hun claim op de ultieme waarheid. Omdat juridische goedkeuring achterloopt op maatschappelijke ontwikkelingen is dat een achterhoedegevecht. Weliswaar hardnekkig en niet makkelijk te winnen, maar een gevecht waar de uitkomst van vaststaat. Het verslag is daar uiting en ondersteuning van. De honden blaffen en de karavaan trekt verder.

Disclaimer: Ik ben sinds oktober 2015 lid van de Kerk van het Vliegend Spaghettimonster. Gratis aanmelden kan hier.

Rechter Den Bosch waant zich theoloog en oordeelt over de interne werking van de Kerk van het Vliegend Spaghettimonster

with 4 comments

4

Een opmerkelijke uitspraak van de meervoudige kamer van de rechtbank in Den Bosch. Het gaat er in de kern om of de Kerk van het Vliegend Spaghettimonster serieus genoeg is om een godsdienst volgens artikel 9 van de EVRM genoemd te worden. De rechter meent van niet. Aanleiding is het maken van een pasfoto voor een rijbewijs bij de gemeente Eindhoven. Een godsdienstige of levensbeschouwelijke reden biedt volgens artikel 28.3 van de Wet Paspoortuitvoeringsregeling (‘indien de aanvrager heeft aangetoond dat godsdienstige of levensbeschouwelijke redenen zich verzetten tegen het niet bedekken van het hoofd‘) een uitzonderingsgrond om met een hoofddeksel op de foto te verschijnen. In dit geval een pastavergiet. Als de Kerk niet als een religie beschouwd wordt, dan hoeft Eindhoven om formele gronden de aangifte van het rijbewijs niet in behandeling te nemen. Eiser eiste dat in hoger beroep, maar wordt nu door de rechter in het ongelijk gesteld.

2

3

De rechter verwijst naar ‘vaste jurisprudentie van het Europese Hof van de rechten van de mens’ om aan te merken wat opvattingen of meningen van een geloof of levensovertuiging zijn en baseert zich daarbij op de volgende beschrijving die ook in bovenstaande opsomming van Elizabeth Prochaska wordt genoemd: ‘It must attain a certain level of cogency, seriousness, cohesion and importance’. De rechter vertaalt dat in de uitspraak als: begrijpelijkheid, serieusheid, samenhang en importantie. Maar Prochaska voegt een dimensie en nuancering toe die aan de uitspraak van de rechter in Den Bosch ontbreekt: ‘There are very few examples of a belief being rejected on this ground and the House of Lords has questioned the propriety of this enquiry by courts, which are not equipped to weigh up theological doctrines’. Dit relativeert de jurisprudentie waarop de uitspraak is gebaseerd door te stellen dat er weinig voorbeelden van een levensovertuiging zijn die op deze grond afgewezen worden, en dat ‘rechtbanken, niet zijn geëquipeerd om theologische doctrines af te wegen.’

Essentie is dat de rechter oordeelt over de interne werking van een godsdienst of levensovertuiging, maar daar niet de expertise voor heeft en zich dit oordeel niet toe zou moeten meten. De rechter moet de wet toepassen, maar daarbij ‘aan de buitenkant’ blijven en niet een oordeel vellen over wat een godsdienst is. Een rechter is geen godsdienstwetenschapper en daarom is het ongepast dat een rechter dit meent te kunnen onderzoeken, zoals ook de verwijzing naar de kritiek van het Britse Hogerhuis zegt. De rechter stapelt eisen op elkaar die niet aan godsdienst of levensovertuiging gesteld hoeven worden. Zoals de overweging dat het een volwaardig systeem van denken moet zijn. Het oordeel dat de Kerk als godsdienst of levensovertuiging afgewezen kan worden omdat het niet voldoende serieusheid zou bezitten is ongepast en normatief.

Wat aan de uitspraak ook opvalt is dat de rechter meent de rechtmatigheid van het geloof van de Kerk van het Vliegend Spaghettimonster grotendeels af te kunnen leiden uit de consistentie van de opvatting van de gelovige over zijn geloof. Maar dat is een onhoudbare en onjuiste benadering. Een geloof is nu eenmaal een systeem dat niet altijd uitblinkt door redelijkheid, realisme, samenhang en logica. Aan een gelovige kan niet als eis gesteld worden dat hij zijn geloof voldoende moet kunnen beschouwen om het een geloof te laten zijn.

Foto 1: Schermafbeelding van deel uitspraak in zaak Coolen-gemeente Eindhoven van Rechtbank Oost-Brabant, 15 februari 2017.

Foto 2 en 3: Schermafbeelding van deel notitie ‘THE DEFINITION OF ‘RELIGION OR BELIEF’ IN EQUALITY AND HUMAN RIGHTS LAW’ van Elizabeth Prochaska, 2013. (google: ‘religion attain a certain level of seriousness’ en download).