Religieuze doping in Russisch-Oekraïense oorlog

Still uit een filmpje in een tweet van 14 juli 2022 op Nexta van een massabegrafenis van gestorven pro-Russische militairen in Loehansk die met een religieuze plechtigheid ter aarde worden besteld.

Hoe men ook over de Russisch-Oekraïense oorlog denkt en aan welke kant men staat, het zijn gouden tijden voor de georganiseerde godsdienst. Vooralsnog zijn ze met de wapenfabrikanten de enige winnaars.

Priesters zegenen militairen voordat ze ten strijde trekken en nemen afscheid van hen als ze op het slagveld zijn gedood. Dat is een win/win-situatie zonder aansprakelijkheid én  toerekeningsvatbaarheid.

Deze religieuze doping valt niet te rechtvaardigen én logisch recht te breien als de militair aan de ene kant op dezelfde manier als de militair aan de andere kant wordt gezegend om te vertrouwen op steun en bescherming van dezelfde God. Aan welke kant staat de God van Rusland of Oekraïne in hemelsnaam? Hoe steekt de goddelijke boekhouding in elkaar?

Het is een vals spel waar zo’n godsdienst zich welbewust toe leent. Er valt wat de schuldvraag betreft een onderscheid te maken tussen de agressor die een soeverein land binnenvalt en genoemd land dat zich tegen die agressor verdedigt. Dat religie in zo’n oorlog een hoofdrol speelt is een zwaktebod. Weg pluriformiteit, weg eigen verantwoordelijkheid, weg rationaliteit.

Wat zegt dat voor de militairen die een andere godsdienst of geen godsdienst belijden? Moeten ze tegen hun zin meedoen aan de poppenkast waar ze niet in geloven? Dat zou nog wel eens averechts kunnen werken. Dat motiveert niet, maar ontmoedigt.

Tweet zonder details. Via Nexta, 14 november 2022.

De opgepoetste glorie van vaderland, leider en religie is bovenal misleidend. En misdadig van de wereldse en religieuze leiders. Religieuze bovenzinnelijkheid biedt geen oplossing voor de oorlogsvoering met raketten en beschietingen met artillerie. Sociologen hebben straks hun handen vol aan een onderzoek over het vertrouwen in God en de steun voor godsdienst bij een verloren oorlog. Wat waren alle mooie religieuze praatjes eigenlijk waard?

Men kan zich afvragen waarom militairen die deelnemen aan deze godsdienstige ceremoniën dit lijdzaam ondergaan. Ze weten dat de priesters een som presenteren die niet kan kloppen, maar als doodse bijfiguren geven ze inhoud aan het ritueel. Hun lot wordt er negatief door bepaald.

Advertentie

Gedachte bij de foto ‘Gottesdienst auf der Presenaspitze’ (1918)

Gottesdienst auf der Presenaspitze‘, 1.1.1918. Collectie: ÖNB (Österreichische Nationalbibliothek).

Godsdienst. We raken er niet over uitgepraat. Wat is de functie ervan en wanneer gaat het die te buiten? Vooral daarover raken we niet uitgepraat. We hebben het antwoord niet.

Wie terugkijkt ziet een Oostenrijkse kerkdienst op de top van de Presena-gletscher. Begin 1918. Nu in de Alpen in Trentino ten noorden van het Garda-meer. Moest de dienst troost bieden? Italië won van Oostenrijk-Hongarije de harde strijd in de bergen. Wie weet hadden de Italianen harder gebeden.

Op de foto wonen Oostenrijkers, Hongaren, Kroaten, Bosniërs, Tsjechen, Slowaken, Slovenen en anderen een kerkdienst in het veld bij. Wat er gezegd werd en wat of wie werd aangeroepen weten we niet. We kunnen het vermoeden. Want het past in een patroon. Voor de overwinning in de strijd, de bescherming van en het vertrouwen in God en zelfbehoud. Zoiets zal het wel geweest zijn.

Religieuze doping dus. Alle strijdende partijen dienden het hun troepen toe. Zie hier het commentaar ‘Religieuze doping, commercie en oorlogspropaganda tijdens de Eerste Wereldoorlog: ‘A Church Service On The Battle Field’ (1916)‘ over de reconstructie van een Britse kerkdienst voor het thuisfront.

De groep Oostenrijkse militairen in donkere jassen in de witte sneeuw toont verlaten. In de steek gelaten. Geïsoleerd. Onzalig in zaligheid. Het contrast tussen zwart en wit verhardt hun noodlot. Zo legt de fotograaf het vast. We raken er niet over uitgepraat. In onze horizontale spitsvondigheid.

Religieuze doping, commercie en oorlogspropaganda tijdens de Eerste Wereldoorlog: ‘A Church Service On The Battle Field’ (1916)

Schermafbeelding van de grammofoonplaat ‘A Church Service On The Battle Field‘.

Nog enigszins kan ik me voorstellen om als militair te sterven in de verdediging van het eigen land. Het is een slecht idee, maar alla. Om echter als militair te sterven voor de God van Engeland, Frankrijk, Duitsland, Rusland, Servië, Oostenrijk-Hongarije, Nederland of welk land ook is onzinnig.

Het valt niet te rechtvaardigen én logisch recht te breien als de tegenstander die aan de andere kant van de loopgraven zit door zijn wereldse, militaire en religieuze meerderen met een beroep op een in andere landen identieke God van het christendom op dezelfde manier als de tegenstander wordt opgeroepen om zich op te offeren voor dezelfde God. Aan welke kant staat deze God in hemelsnaam? Het is een perverse oproep.

De in Frankrijk opgerichte site Archeophone.org laat oude, kwetsbare was- en celluloid-cilinders horen die tussen 1888 en 1928 werden geproduceerd. Deze geluidsopnames zijn kwetsbaar en slijten snel als ze op vintage grammofoons worden afgespeeld. Daarom zet Archeophone ze over op andere, meer duurzame geluidsdragers, zoals CD’s die op een computer of MP3-speler kunnen worden afgespeeld.

Hieronder ook de geluidsopname ‘A Church Service On The Battle Field‘ uit de Eerste Wereldoorlog die van historische waarde is. Hier is de opname van 2’57” te beluisteren. Na hoorngeschal, de nabootsing van hoefgetrappel en marcherende militairen roept de persoon die de predikant van de Church of England moet voorstellen op om het gezang ‘Rock of Ages, cleft for me‘ (= Rots der Eeuwen, gespleten voor mij) aan te heffen: ‘Rock of Ages, cleft for me, // Let me hide myself in Thee; // Let the water and the blood, // From Thy riven side which flowed, // Be of sin the double cure, // Save me from its guilt and power.’

Het idee van deze hymne is dat Jezus Christus een stabiele rots is in wiens gespletenheid of opening de militairen zich kunnen verschuilen. Dit is een passend gezang voor de artilleriebombardementen van militairen die betrekkelijk weerloos in hun loopgraven zijn. Ze kunnen zich nergens verschuilen. Het is echter bovenal misleidend en zelfs misdadig omdat een hymne die verwijst naar bovenzinnelijkheid geen oplossing biedt voor de praktische oorlogsvoering. Er zijn geen verhalen overgeleverd van militairen die tijdens een bombardement hun leven hebben gered door in de gespletenheid van een rots te vluchten.

De predikant vervolgt: ‘Let us command ourselves bodies and souls into the hands of our mighty God. Asking him to take from us all doubt and fear. And to give us courage and strength to do our best as loyal soldiers of a King and the faithful sons of our motherland and Empire. We wil therefore go for … trusting in God. May the grace of our Lord Jesus Christ and the love of God and the fellowship of the Holy Ghost be with you all evermore. Amen.’


Ansichtkaart ‘Church Service Before Battle” depicts a group of World War I-era soldiers kneeling to pray at a church service before going into battle.

Deze opname is geen registratie van een religieuze dienst te velde in Frankrijk, maar een studioproject van Pathé dat commercie en oorlogspropaganda combineert. De stem van de predikant is van de Amerikaanse entertainer en geluidspionier Russell Hunting die sinds 1898 in Engeland woonde. Hij had een managementfunctie bij Pathé en leende in zijn latere carrière incidenteel zijn stem voor opnames. ‘A Church Service On The Battle Field‘ is een van de drie opnames met Russell Hunting die Archeophone heeft weten te archiveren.

Na deze oproep tot strijd door de vermeende religieuze leidsman wordt met geluidseffecten gesuggereerd dat de vijand op de rechterflank massaal dreigt door te breken. Gezegend voor de strijd en onder de vermeende bescherming van God, Jezus Christus en de Heilige Geest mogen de Engelse militairen zich opofferen voor het goede doel. Opgewekt dat ze zich in het zwaard van de tegenstander kunnen storten.

Gezien de commerciële opzet van Pathé lijkt het eerder het thuisfront dan het front dat door deze opname aangesproken wordt. De christelijke retoriek is bedoeld om de militairen moed en sterkte te geven en de twijfel en angst weg te nemen. Maar de opname richt zich ook op het thuisfront om vertrouwen te houden op de goede afloop en defaitisme te bestrijden. In 1916 stond de afloop van de oorlog nog lang niet vast. Of echte kerkdiensten te velde met soortgelijke christelijke retoriek zo gewerkt hebben bij de door de wol geverfde frontsoldaten is de vraag.

Naast deze religieuze doping is de inzet van drugs tijdens oorlogen gangbaar om frontsoldaten in het gareel te houden. Łukasz Kamieński schrijft daarover in het artikel Drugs (vertaald): ‘De Eerste Wereldoorlog was in dat opzicht geen uitzondering: de belangrijkste ‘oorlogsdrugs’ waren alcohol (voornamelijk bier, cognac, rum, schnaps, wijn en wodka), morfine en cocaïne. Deze werden zowel “voorgeschreven” door militaire autoriteiten als “zelf voorgeschreven” door soldaten. Net als in het verleden varieerden de redenen voor het gebruik van drugs: van puur medisch (pijnstillend, verdovend en stimulerend) tot prestatieverbetering, van het verhogen van de vechtlust tot het verlichten van gevechtstrauma’s, van het versterken van de banden tussen metgezellen tot het verminderen van de angst voor de strijd.’

Schermafbeelding van fiche van Archeophone ‘A Church Service On The Battle Field‘ met Russell Hunting voor Pathé