George Knight

Debat tussen links en rechts

Posts Tagged ‘Rekenkamer

Interpretatie door initiatiefneemster Simons van ontwerpwet: Rekenkamer Suriname mag haar verslag niet in media bespreken

leave a comment »

Een opvallende interpretatie van een ontwerpwet in Suriname. De Rekenkamer mag haar verslag niet in de media bespreken, zo is in een openbare commissie vergadering van 9 mei 2019 in de Nationale Assemblée besloten. ATV-Networks Suriname stipt voorzichtig aan dat Surinaamse media dit als beknotting ervaren en toont fragmenten uit de toelichting van Assemblée-voorzitter en initiatiefnemer van de wet Jennifer Simon op 9 mei. Zij is lid van de Megacombinatie NDP/MC van Desi Bouterse. De Rekenkamer van Suriname bevindt zich in ‘een verandertraject‘ en dat gaat blijkbaar niet vanzelf. Het lijkt een proces van vallen en opstaan.

Jennifer Simons zegt (na 22’05’’): ‘Zoals we al bespraken vinden we dat -ter bescherming van de kamer zelf, en zeker de voorzitter- de inhoud van de verslagen niet besproken wordt met de media, omdat de media alle toegang heeft tot het geproduceerde rapport’. Naast de media die geen melding mogen doen van verslagen, wordt ook voorzitter Charmain Felter van de Rekenkamer beperkt om in de media haar uitleg te geven.

De ontwerpwet noemt als taak van het Bureau van de Rekenkamer onder artikel 36, lid 3, sub i: ‘de zorg voor de in- en externe communicatie en informatievoorziening, mediazaken’. Dat laatste, ‘mediazaken’ is volgens Simons geschrapt in de definitieve wet omdat het onduidelijk is wat ermee bedoeld wordt. Uit welk wetsartikel concreet blijkt dat de Rekenkamer haar verslag niet in de media mag bespreken is onduidelijk en niet terug te vinden. In de Memorie van Toelichting wordt dat omfloerst en vaag via een omweg zo verantwoord: ‘Het Bureau zal verantwoordelijk zijn voor de ondersteuning van de Rekenkamer voor zowel de administratieve werkzaamheden als de meer professionele en wetenschappelijke werkzaamheden. Die ondersteuning zal op uiterst professionele wijze moeten geschieden. De administratieve werkzaamheden kunnen heel ruim worden opgevat en vallen in feite alle werkzaamheden die niet van professionele of wetenschappelijke aard zijn.’

Simons betoog staat haaks op het idee dat media het venster op en de poortwachter van de democratie zijn. Zij schrapt de rol van de media en beredeneert dat een overheidsdienst, in dit geval de Rekenkamer van Suriname, rechtstreeks via de website kan ‘zenden’ naar de bevolking of naar de media. Dat is eenzijdige communicatie die een direct debat of weerwoord door de media uitsluit en de media de taak ontneemt om meningen, behoeften en denkbeelden te selecteren, te toetsen en door te geven. Deze beknotting van de media past niet in een werkzame democratie. Dat de Rekenkamer van plan is een eigen informatieafdeling op te tuigen past een volwassen en volwaardige overheidsdienst, maar kan de rol van de media niet vervangen.

Advertenties

Evaluatie bevestigt opnieuw mislukking van F35-programma. Agendeert GroenLinks deze kritiek in informatiebesprekingen?

leave a comment »

Aan de hand van het laatste jaarrapport van de inmiddels gepensioneerde Michael Gilmore, als Director of Operational Test and Evaluation zet Dan Grazier voor War is Boring in een overzicht de kwaliteiten van de JSF (F-35) op een rijtje. Hij concludeert dat het F-35-programma een nationale ramp is die nodig grondig moet worden geëvalueerd. Vragen moeten niet aan generaals of bestuurders gesteld worden omdat ze er belang bij hebben dat het programma wordt voortgezet. Ze hebben geen prikkel om de harde waarheid over de mislukking te openbaren (‘no incentive to tell the hard truth because they have a vested financial interest in making sure the program survives — regardless of capability’). Het debat over de F-35 moet breder en opener.

De politiek moet op zoek naar tegengeluid zodat het hele verhaal wordt verteld. In Nederland kan GroenLinks ervoor zorgen dat niet de pro-JSF lobby van VVD en CDA -vertegenwoordigd door communicatieadviesbureau Hill & Knowlton- alleen bepaalt hoe het defensiebudget wordt besteed. In september 2013 kwam toenmalig leider Bram van Ojik van GroenLinks met een petitie die ‘nee‘ tegen de JSF zei. Als de partij dat nog steeds vindt -en durft!- kan het dit standpunt in de besprekingen met informateur Edith Schippers agenderen.

Het is absurd dat in tijden waarin de Russische krijgsmacht als bedreigend wordt ervaren zo onverantwoord wordt omgesprongen met het defensiebudget. De JSF is te weinig waar voor te veel geld. En nog steeds een met veel onduidelijkheden omgeven eindproduct. Hoewel uitgaven aan de Amerikaanse wapenindustrie het Witte Huis tevreden zal stellen. Maar dat aspect gaat voorbij aan de beste verdediging van Nederland en West-Europa tegen Russische agressie. In november 2015 zei toenmalig presidentskandidaat Donald Trump in een verwarrend interview dat hij twijfels over de F-35 had. In 2013 maakte minister Hennis van Defensie bekend dat Nederland 37 JSF-toestellen aanschaft voor 14,6 miljard euro. Ondanks een meerderheid in de Tweede Kamer die in 2012 in een motie een streep door de JSF zette. CDA-minister en JSF-voorstander Hans Hillen manipuleerde in dat jaar de Algemene Rekenkamer met het door hem ‘bestelde’ rapport ‘Uitstapkosten Joint Strike Fighter’. In 2019 volgt een eindrapport met conclusies. De omgekeerde wereld van de wapenindustrie.

Luchtmacht over geluidsoverlast JSF: ‘Ik hoor de herrie heel graag’

leave a comment »

De JSF maakt meer herrie dan de F16. Dat is een gekend feit. De omwonenden van vliegbasis Volkel krijgen een meetsysteem die de herrie meet. Kabinet Rutte II heeft besloten 37 stuks aan te schaffen van de JSF. Er is veel kritiek op de JSF, onder andere van presidentskandidaat Donald Trump. Het zou in het dogfight met Russische toestellen uit de lucht geschoten worden. Het toestel zou ook veel te duur voor zijn geld zijn.

De geluidsoverlast wordt op een onnavolgbare en volstrekt onbegrijpelijke wijze weggeredeneerd door een woordvoerder van de luchtmacht: ‘Wat mij meeviel is dat het lijkt dat de frequentie waarop dat geluid geproduceerd wordt echt anders is en daardoor gevoelsmatig niet prettiger, alhoewel ik ben natuurlijk jachtvlieger vanaf mijn geboorte al bijna, dus ik hoor het geluid heel graag’. Opvallend is dat emoties zwaarder tellen dan feiten bij de luchtmacht. Een gebrek aan argumenten maakt zo’n opstelling weer logisch.

Donald Trump is niet voor de F-35. Of weet hij niet waarover hij praat?

with 2 comments

De Republikeinse kandidaat voor het presidentschap van de VS die het het beste doet in de peilingen is Donald Trump. Hij zoekt continu de publiciteit, maar of hij verstand van zaken heeft is de vraag. Zijn antwoord op een vraag in de radioshow van Hugh Hewitt maakt van alles duidelijk (video na 4’34’’). Steve Guest zet het op een rijtje voor The Daily Caller. Trump die zich op de borst klopt verstand van militaire zaken te hebben haalt de B-3 lange afstandsbommenwerper en het gevechtsvliegtuig F-35 (JSF) door elkaar. Trump houdt vol en zegt over de F-35: ‘But what bothers me tremendously is the fact that I heard test pilots saying that the old planes maneuver better, work better, and they like them better. That bothers me.

War Is Boring besteedt in een artikel aandacht aan Trump die meent dat de F-35 niet deugt. Onder verwijzing naar een eerder artikel dat stelt dat de F-35 waardeloos is in het dogfight. Het brengt Aeschwin in een reactie zelfs tot de conclusie dat Trump moet oppassen omdat het hem kan vergaan zoals het Pim Fortuyn in 2002 overkwam. Een theorie is dat Fortuyn werd vermoord omdat hij tegen de aanschaf van de F-35 was.

Ondanks alle misverstanden en complottheorieën geeft de opstelling van frontrunner Donald Trump aan dat het lot van de F-35 nog lang niet zeker is. In maart 2015 zijn door de regering ‘de volgende 8 F-35’s voor Nederland besteld’. In 2019 volgt het eindrapport met de conclusies. Een hoogst merkwaardige volgorde.

Waarom zet Nederlands kabinet geen streep door tegenvallende F-35?

leave a comment »

Update 10 juli 2015: Naast de kritiek dat de F-35 het van Chinese, Franse of Russische toestellen verliest in een luchtgevecht waarop bouwer Lockheed Martin reageerde komt nu ook de kritiek dat het toestel evenmin geschikt is om deze concurrenten in de lucht over lange afstand uit te schakelen. War is Boring bericht. 

Het ministerie van Defensie stelt in het bericht ‘Vervanging F-16’ dat de F-35 (de ‘JSF’) een wendbaar toestel is. Nederland is van plan de F35A aan te schaffen. In 2019 heeft het zich verplicht er acht af te nemen, zo is in maart 2015 overeengekomen. Opzet is in totaal 37 toestellen te kopen voor zo’n 80 miljoen euro per stuk.

De F-35 is vanaf het moment dat er over de vervanging van de F-16 werd gesproken controversieel. In de partijpolitiek waar de PvdA dan weer voor en dan weer tegen was en met betrekking tot het ontwerp, de hoge aanschafprijs, de hoge ontwikkelingskosten, afhakende legeronderdelen, de lobby van de Nederlandse luchtmachttop en de prestaties. Daarbij kwam ook de vraag of het verstandig was dat Nederland investeerde in dit type bemande vliegtuigen en zich niet beter op drone-achtige onbemande luchtvaarttuigen kon richten.

Maar de vraag die steeds weer terugkwam was of de F-35 nou waar voor z’n geld was of een miskoop. War is Boring is duidelijk evenals ontwerper Pierre Sprey in het videofragment. Uit testvluchten blijkt dat de F-35 het in het dogfight verliest van de F-16. Hoe kan het dat de Nederlandse regering met de F-35 een toestel aanschaft dat in het luchtgevecht inferieur is aan het toestel dat het moet vervangen? Waarom trekt de Nederlandse politiek geen consequenties uit de tegenvallende prestaties van een toestel waarover het al geruime tijd weet dat het minder wendbaar (‘agile‘) is dan z’n voorganger en vele andere gebreken kent?

Twee kwesties in de kunst: PEN Nederland en Wereldmuseum. Slow Art?

with one comment

SFA04_SFA006004779_X

Twee kwesties in de kunsten: de benoeming van oud-reclameman en oud-zakelijk leider van het Rijksmuseum Jan Willem Sieburgh tot directeur ad interim van het Wereldmuseum Rotterdam en het niet aftreden van het bestuur van de schrijversvereniging van PEN Nederland naar aanleiding van de kwestie Kurt Westergaard. Zowel Sieburgh als PEN-voorzitter Manon Uphoff lijken een goed netwerk te hebben en daar hun positie aan te danken te hebben. Het is de Fast Art van marketing, netwerk en communicatie tegenover de Slow Art van inhoud en argumenten. Wat geeft de doorslag in een benoeming of het behoud van een positie?

Een netwerk van relaties verdedigt voor en achter de schermen posities. Zo gaat het in de cultuursector waarvan het een publiek geheim is dat het bestuurlijk niveau ervan niet hoog is. Verdediging van belangen gebeurt met inzet van krakkemikkige middelen. Zo werd de inhoudelijke kritiek door dichter Elly de Waard op de lafheid en dubbelhartigheid van het PEN-bestuur niet zakelijk beantwoord, maar gelijkgeschakeld met hatelijke reacties op sociale media en ‘het monster van de publieke opinie’. Dat raakt aan karaktermoord en het uit de weg gaan van debat. Met als bijzonderheid dat het populisme waarmee De Waard werd bejegend beantwoord werd met het verwijt van … populisme. Een schrijver als Tommy Wieringa liet zich ertoe verleiden om zonder besef van argumenten voor zijn schrijversvrienden in de bres te springen. Hij besefte blijkbaar onvoldoende wat hij hiermee zichzelf aandeed door zijn geloofwaardigheid voor vriendschap in te zetten.

De overeenkomst van Sieburgh met de oud-directeur van het Wereldmuseum Stanley Bremer is treffend: de reclamewereld. Hopelijk is Sieburgh het rendements- en managementdenken voorbij, hoewel zijn reputatie bij het Tropenmuseum wel anders zegt. Oppervlakkigheid ligt op de loer met de focus op marketing en communicatie. Maar precies dat is de verwachting die Sieburgh kan weerspreken omdat hij weet dat de museumwereld hem op dat profiel in de gaten houdt. Maar hij moet 14 jaar wanbeleid rechttrekken, waarschijnlijk een monumentaal gebouw afstoten en een fusie voorbereiden. Want de gemeente Rotterdam geeft natuurlijk geen fluit om kunst als het extra geld kost. Kortom, in de kunsten gaat het niet om de kunst of de kunstenaars, dat leren deze twee kwesties. In de kunsten gaat het om posities, relaties en doen alsof.

Foto: Walter Blum, Feestdiners, 1950-1960.

Wereldmuseum moet snel doorstart maken om steun te verzilveren

with one comment

Het Wereldmuseum krijgt een nieuwe directeur omdat de oude gisteren de laan is uitgestuurd door de Raad van Toezicht. Onder druk van de publieke opinie, de museumsector en de Rotterdamse politiek. Maar hoe nu verder? Zoals wethouder Adriaan Visser (D66) terecht opmerkt zit de problematiek van het Wereldmuseum op verschillende fronten. Problemen worden niet zomaar opgelost door een directeur te benoemen. Vraag is op welke voorwaarden kandidaten de stap willen zetten en welke zekerheden ze eisen. Vooral over het budget.

Zo hangt alles met alles samen: 1) politieke steun van de gemeente Rotterdam inclusief het herstel van het oude niveau van subsidie om tot een levensvatbaar bedrijfsmodel te komen; 2) heroriëntatie van het gebouw op tentoonstellingen en collectie (beheer, documentatie, ontsluiting), en afwaarderen van de niet-kerntaken (restaurant, banqueting) die trouwens toch verliesgevend waren; 3) herstel van de kerntaken van het museum door het opnieuw opbouwen van een wetenschappelijke staf en een tentoonstellingsafdeling die zo’n twee grote, vier middelgrote en zes kleinere presentaties per jaar maakt ; 4) herstel van het vertrouwen bij politiek, publiek, museumsector en collega-volkenkundige musea, bruikleengevers, vermogensfondsen en sponsoren.

Kansen voor een succesvolle doorstart van het Wereldmuseum zijn gunstig. Velen hebben zich voor en achter de schermen vooral de laatste vier jaar ingezet om het Wereldmuseum weer op het rechte pad te brengen. Dat engagement kwam zowel voort uit betrokkenheid, zelfs liefde, met het museum en de collectie, als uit eigen zorgen voor de precedentwerking (oprekken ontzamel-richtlijn, wegvallen van schenkingen, imagoschade voor de museumsector en verminderde subsidies door terugtredende overheid). De als een wildeman tekeer gegane directeur Stanley Bremer was de ideale boeman en bliksemafleider op wie zich alle kritiek kon richten. Terwijl zijn handelen het instituut Wereldmuseum geen schade deed maar juist steeds meer steun opleverde.

Het is aan de nieuwe directeur en de Raad van Toezicht om politiek, bedrijfsleven, publiek, kunstfondsen en collega-musea als de bliksem aan het Wereldmuseum te binden voordat dit positieve gevoel weer wegebt.