Vernielingen van ruiten hindoetempel door moslimjongeren in Haagse Schilderswijk. Islamitische PvdE wil protest verbieden

In de Haagse Schilderswijk is meer dan 90% van de geregistreerde bewoners van niet-westerse afkomst, aldus Wikipedia. Het percentage moslims bedroeg er in 2015 zo’n 50% volgens opgave van de gemeente. Omroep West doet verslag van vernieling door lokale jongeren aan een Hindoeïstische gebedsruimte, ofwel tempel, in de in de Schilderswijk gelegen Mijtenstraat. Het gebeurde in de nacht van 23 op 24 mei. Vrijwilliger Radjin Ramdhani is er duidelijk over, de scheldpartijen en vernielingen zijn naar zijn idee ‘religieus getint’. Dat wil zeggen geweld tegen religie vanuit religie. De hindoes worden met de scheldwoorden ‘duivels geloof’ en ‘afgoderij’ uitgescholden door moslimjongeren. Ramdhani vertelt dat de tempel heeft geprobeerd om met de ouders van de jongeren en de organisaties waar de jongeren onderdeel van uitmaken in gesprek te gaan, maar contact leggen met die groep lukt volgens hem niet. De tempel Ram Mandir heeft aangifte gedaan.

In de nacht van 29 op 30 mei zijn de ruiten van de tempel opnieuw ingegooid, volgens een bericht van Omroep West. Ramdhani vermoedt dat het dezelfde daders zijn die ook de eerdere vernielingen aanbrachten.

In reactie op deze vernielingen is de hindoegemeenschap in actie gekomen. De Amersfoortse motorclub Kali Mata Hindustan wil zondag 3 juni vreedzaam protesteren bij de tempel in de Mijtenstraat. Daarop heeft raadslid Arnoud van Doorn van de islamitische Partij van de Eenheid burgemeester Pauline Krikke verzocht om het protest, wat hij een ‘demonstratie’ noemt, in de Schilderswijk te verbieden, aldus een tweet. Het argument dat Van Doorn geeft is ‘dat de kans groot is dat deze demonstratie het karakter gaat krijgen van een anti-moslim bijeenkomst, met mogelijk verstoring van de openbare orde’. De motorclub is nog in onderhandeling met de gemeente over het protest waar zeker zo’n 25 mensen aan deel zouden nemen.

In een andere ontwikkeling veroordeelt het Haagse raadslid Pieter Grinwis van ChristenUnie/SGP in een tweet de vernielingen als schandalig en pleit hij voor cameratoezicht of een politiepost bij de tempel. Hij pleit ervoor dat politie en justitie de vernielingen ‘van andermans religieuze instellingen’ behandelt als hate crime en niet als vandalisme. Hate crime wordt opgevat als een ‘al dan niet bewuste poging een hele groep te treffen’. Vraag is overigens of Grinwis meent dat religieuze instellingen extra juridische bescherming moeten genieten. Als dat zo is, dan valt dat vanwege de rechtsongelijkheid af te wijzen. Islamoloog Maarten Zeegers voorziet in een tweet de vernielingen door de moslimjongeren van een context: ‘Er zijn tijdens de Ramadan twee absolute zekerheden. 1) Een deel van de moslims vast (behalve de Turkse cafégangers met een maand durende suikerziekte). 2) Een ruitschadeherstelbedrijf mag de ruiten van de hindoetempel Ram Mandir vervangen.’

Foto: Tweet van Arnoud van Doorn (Partij van de Eenheid), 1 juni 2018.

Aanval op Jesse Klaver. DENK haalt het slechtste in Farid Azarkan naar boven. En Azarkan haalt het slechtste in DENK naar boven

Het valt nauwelijks te geloven dat bovenstaande tweet van het Tweede Kamerlid van DENK Farid Azarkan echt is. Het kan immers een provocatie zijn van een politieke tegenstander. DENK voert een agressieve campagne op sociale media en kan daarom een koekje van eigen deeg verwachten. Maar het lijkt er er sterk op dat Azarkans tweet echt is. En dat is onvoorstelbaar. Het diskwalificeert hem als mens, denker en politicus samen met de partij die hij vertegenwoordigt. Azarkan probeert twijfel te zaaien over Jesse Klavers oprechtheid.

Kamerlid Azarkan houdt de religie niet buiten de politiek, zoals christelijke politici van SGP, CU en CDA doen, maar trekt religie juist bewust de politiek in. Niet dat deze hun standpunten die op hun christelijke beginselen zijn gebaseerd niet naar voren brengen, maar ze beroepen zich in het gesprek met andersdenkenden niet onnodig op hun religieuze beginselen en terminologie. Nederlandse christelijke partijen hebben door jarenlange praktijkervaring geleerd hoe ze zich in de praktische politiek het meest effectief kunnen gedragen. Ze schakelen in het gesprek met de tegenstander naar een niveau waar godsdienst geen referentie is. Dat alles heeft Farid Azarkan niet geleerd. Hij introduceert de religie bewust in de politiek en gaat er met gestrekt been in. Met de fijnzinnigheid van een loden deur. Azarkan gaat zelfs nog een stap verder en reduceert de leider van Groen Links tot een Marokkaanse Nederlander die tijdens de Ramadan onderhandelt. Dit terwijl Klavers identiteit heel anders luidt. De leider van GroenLinks heeft weliswaar een Marokkaans vader die hem op jonge leeftijd in de steek gelaten heeft, maar komt uit een katholiek nest in Roosendaal. Klaver is belijdend christen.

Azarkan maakt zichzelf ongeloofwaardig. Azarkan benadert Klaver eendimensionaal door hem te reduceren tot een Marokkaanse Nederlander die zich iets gelegen zou moeten laten liggen aan de Ramadan. Maar dit is een vastenmaand die uitsluitend geldt voor moslims waarvan moeilijk in te zien valt waarom anderen zich erdoor zouden moeten laten beperken. Buiten of in de onderhandelingen. Azarkan maakt stemming. Azarkan sluit Klaver op in een islamitische of Marokkaanse identiteit, terwijl Klaver veel pluriformer is en gewoon een meervoudige identiteit heeft. Zoals overigens alle Nederlanders. Azarkan en DENK willen om electorale redenen etnische Nederlanders opsluiten in hun etnische of religieuze identiteit om zo hun stem te claimen. Onder de belofte dat DENK ze vervolgens zal bevrijden. Dat is de cirkelredenering als groeimodel van DENK.

Arzarkan valt bij gebrek aan argumenten zijn tegenstander persoonlijk aan. Azarkan is het slachtoffer van zijn eigen politieke marketing. Azarkan misbruikt religie en etniciteit voor de politiek van DENK. Azarkan wacht emancipatie. Azarkan is er een voorbeeld van hoe partijpolitiek het slechtste in de mens naar boven haalt.

Foto 1: Tweet van Farid Azarkan, 13 juni 2017.

Foto 2: Schermafbeelding van informatie bij Twitter-account van Farid Azarkan op 13 juni 2017.

Overheid moet zich niet met de ramadan bemoeien. Op geen enkele manier. Het is in strijd met de scheiding van kerk en staat

avs

Waarom deze tweet van de minister van Veiligheid en Justitie Ard van der Steur niet kan legt publicist Sebastien Valkenberg in een opinie-artikel voor NRC uit. Het gaat voorbij aan de scheiding van kerk en staat. Valkenberg verwijst naar de Amerikaanse grondwet: ‘Het amendement leert dat de overheid op twee manieren afstand houdt tot het geloof. Ze moet niemand hinderen in de uitoefening van zijn geloof, mits dit binnen de grenzen van de wet gebeurt (in jargon: de free exercise-clausule). Maar de staat mag ze ook niet ondersteunen, bijvoorbeeld via subsidies en andere douceurtjes (de establishment-clause).’

Omdat de Nederlandse grondwet geen ‘establishment-clause’ kent voelen beleidsmakers zich niet beperkt om de scheiding van kerk en staat op te rekken. Omdat het niet nadrukkelijk verboden is gaan ze ervan uit dat ze ermee wegkomen om de ene boven de andere religie te ondersteunen. Hiermee gaan ze in tegen de geest van de scheiding van kerk en staat. Ministers, burgemeesters (Job Cohen met zijn idee van compenserende neutraliteit) of andere bestuurders hebben zich niet rechtstreeks te bemoeien met de ondersteuning van religie. Want daardoor mengen ze zich in de interne werking ervan. Daar moeten ze verre van blijven.

Een burgerinitiatief als #giveitup4ramadan is prima, zoals vele burgerinitiatieven goed zijn. De doelstelling om het extremisme binnen de islam te bestrijden is zinvol. Maar bij een burgerinitiatief moet het blijven. In een bericht van 23 mei zegt Beveiligingsnieuws: ‘Een groep getalenteerde en betrokken jongeren afkomstig uit 13 Europese landen heeft maandag 23 mei een bijzondere anti-radicaliseringscampagne gepresenteerd aan ministers Van der Steur (Veiligheid en Justitie) en Asscher (Sociale Zaken) en vertegenwoordigers van Google, Facebook en Twitter.’ Met hun aanwezigheid overtreden de ministers Asscher en Van der Steur de scheiding van kerk en staat en gaan hiermee voorbij aan de neutrale opstelling van de overheid. Het is tijd dat aan de Nederlandse grondwet een establishment-clause wordt toegevoegd zodat ministers en vertegenwoordigers van het openbaar bestuur wettelijk worden behoed voor overtreding van de scheiding van kerk en staat.

Foto: Schermafbeelding van tweet van minister Ard van der Steur, 23 mei 2016.

Marokkaanse TV-kok Choumicha helpt integratie België. Terloops

De Marokkaanse TV-kok Choumicha is populair in Marokko, en in België. En waarschijnlijk ook in Nederland. Op TV Limburg BE geeft de Belgisch-Marokkaanse integratie-expert Isai Kalai uitleg. Over integratie, de taalkennis van de jongere generatie immigranten, diversiteit, Marokkaanse satelliettelevisie, beeldvorming en pluriformiteit in de media. Uiteindelijk een discussie over alledaagse onderwerpen zoals koken en eten.

Slagter: religieuze overtuiging is niets anders dan een mening

sar

Ons rest niets anders dan de geprivilegieerde status die godsdienstige opvattingen ook in de westerse wereld nog steeds hebben, ter discussie te stellen. In het debat met moslims moet het Westen zich consequent op het standpunt stellen dat een religieuze overtuiging niets anders dan een mening is.’ Aldus de conclusie van filosoof Martin Slagter in een artikel in NRC. Hoe gelijk heeft Slagter en hoe slecht wordt dat begrepen.

De samenleving kent een verschil in benadering van gelovigen en andersdenkenden. Want: ‘Ook volledig geseculariseerde mensen denken vaak nog dat religieuze overtuigingen meer respect verdienen dan ‘wereldse’ opvattingen. Zo zijn bijvoorbeeld op vrijwel alle middelbare scholen petjes verboden, maar mogen moslimmeisjes wel een hoofddoek dragen.’ Dit valt niet met redelijke argumenten te verklaren, alleen door de macht en invloed die religies in onze samenleving hebben. Want: ‘Zolang door een van beide partijen aan een willekeurige verzameling oude geschriften meer autoriteit wordt toegekend dan aan empirie en rationele gevolgtrekkingen, is redelijke overeenstemming uitgesloten.

De eindredactie van NRC begrijpt evenmin wat een seculiere samenleving is. Secularisme is een politiek idee dat kerk en staat gescheiden zijn. Secularisme spreekt zich er niet over uit of er een God bestaat. Het doet er welbeschouwd niet toe. Omdat secularisme geen vijand van religie is, kunnen uiteenlopende religies er naast elkaar bestaan. Juist daar bescherming vinden. Maar NRC voegt door een  ondertitel een schijntegenstelling toe: ‘Behandel gelovigen en ongelovigen als gelijken, betoogt Martin Slagter’. Los van het feit dat Slagter het adjectief ongelovig slechts eenmaal onder voorbehoud (‘  ‘) gebruikt betoogt hij wat anders. Hij stelt dat in een seculiere samenleving een religieuze overtuiging evenveel respect verdient als een wereldse opvatting.

Slagter geeft het voorbeeld van islamitische docenten die begrip krijgen omdat ze het tijdens de Ramadan lieten afweten, terwijl docenten die het laten afweten tijdens het WK Voetbal geen begrip van hun collega’s krijgen. Dit is krom. Met de term ‘werelds’ introduceert Slagter overigens ruis. Dat suggereert dat het secularisme tegenover religie staat, maar dat is niet zo. Religie schuilt onder de paraplu van het secularisme en is even ‘werelds‘ als welke willekeurige opvatting. Begripsverwarring typeert de overgangssituatie waarin religies aan macht en invloed inboeten en hun voorkeurspositie verliezen. Maar in het openbare debat is dat nog niet goed doorgedrongen. Er zijn nog geen algemeen aanvaarde woorden die dat einddoel van het secularisme passend omschrijven. Nu is het nog behelpen met de aan religies ontleende termen.

Foto: Sarkis, ‘Landscape Forever‘ in Museum Boijmans Van Beuningen, 2008.

Alles Okay met islam? Of toch bij nader inzien niet?

Okay Pala ziet islam als oplossing voor alle problemen in de wereld.  Met (de hegemonie van) de islam komt alles goed is z’n boodschap. Hij spreekt vanuit islamitisch-soennietisch perspectief namens de politieke organisatie Hizb-ut-Tahrir, ofwel de Partij van de bevrijding. Dat standpunt verklaart z’n uitspraak over Syrië waar sjiitische moslims vechten tegen soennietische moslims: ‘En met name hen in Syrië die onder extreme omstandigheden hun nobele strijd voortzetten enkel omwille van de dominantie van islam‘. Heiligt dat doel de middelen van een burgeroorlog met vele doden en een uitzichtloze strijd in naam van een religie van vrede?

Want over welke islam heeft Pala het? Hij stelt islam voor als een ondeelbare, eensgezinde gemeenschap die het opneemt tegen de rest van de wereld. Maar die ondeelbare gemeenschap bestaat alleen bij politici die de islam voor hun karretje spannen en in nostalgische ballades en heilsverwachtingen over het kalifaat. De tragiek van de hedendaagse islam is dat de bloedigste strijd niet tegen de islam, maar binnen de islam woedt. De wereld is niet verdeeld tegen de islam, maar islam tegen de wereld. Die waarheid ziet Pala niet in de ogen.

Ophef over exotische ramadan staat emancipatie in de weg

fight-between-carnival-and-lent-1559.jpg!Large

Deel van de Nederlandse moslims viert deze maand ramadan. Gedurende de dag vasten ze. Niet iedereen echter. Zo doet eenderde van de van oorsprong Turkse moslims niet mee. Jonge kinderen, zieken, zwangere vrouwen, soldaten in de oorlog, reizigers en anderen voor wie het vasten een bedreiging vormt zijn dat niet verplicht. Aldus Wikipedia. Maar zelfs degenen die aan de ramadan meedoen zijn niet op voorhand belijdend moslim. Hetzelfde effect als ‘christenen’ die naar de kerstdienst gaan en het daar voor een jaar bij laten.

In de NRC ontstond een debatje tussen gelijkgezinden toen schrijver Hafid Bouazza reageerde op een open brief van vrijdenker Anton van Hooff. De laatste roept uit: ‘Stop ophef over de Ramadan‘. En: ‘Ik herinner me niet dat er indertijd zoveel aandacht voor de katholieke veertigdaagse vasten was. Roomsen liepen gewoon niet zo te koop met hun versterven, moslims doen dat wel.‘ Historisch hebben de moslims het vasten van de joden en christenen afgekeken. Van Hooff begrijpt dat toen moslims zich in Nederland vestigden er stil werd gestaan bij de Ramadan omdat het exotisch was. Maar: ‘nu is het zo gewoontjes dat het tijd is maar eens de spot te drijven met die hovaardige en soms schadelijke vorm van groepswaan.’ Bouazza onderschrijft dat en ziet in de reacties van de inheemse Nederlanders sentimentaliteit en verrukking over de heilige nobele wilden.

Van Hooff en Bouazza hebben sterke argumenten. Ze proberen een debat op gang te brengen. De in Marokko geboren Bouazza stelt uitdagend: ‘De moslims -en laten we eerlijk zijn: vooral Marokkanen zijn hieraan schuldig- hebben constant de behoefte, de uitzonderlijke, overheersende, onredelijke behoefte aan erkenning van onhebbelijkheden en tradities die zij zelf niet eens begrijpen.’ Bouazza begrijpt waarom de Nederlandse moslims zich in deze positie laten drukken: ‘in welk islamitisch land krijgt men subsidie voor een iftar?’

Tot wat voor misverstanden en onzinnige uitspraken de ramadan bij inheemse Europeanen leidt maakt een toespraak van de Britse premier David Cameron duidelijk. Hij ziet er spiritualiteit en humanisme in. En plakt moslims het etiket van hulpbehoevendheid, inertie en slachtofferschap op. Vrijheid van godsdienst geeft in Europa alle moslims de vrijheid om de ramadan te vieren. Zoals iedereen met een geloof of levensovertuiging zo’n vrijheid heeft. Da’s een kostbaar goed dat gekoesterd moet worden. Maar het is absurd dat van al deze groeperingen alleen degenen die aan ramadan doen daarvoor door de samenleving beloond moeten worden.

De niet-slijtende aandacht voor het exotisme van de ramadan is merkwaardig en wordt tot inheemse folklore als antwoord op uitheemse folkore. Nodig is emancipatie van niet-moslims die stoppen om die moslims die aan ramadan doen schouderklopjes te geven. Dat doet God wel. Pas dan kunnen moslims volwassen worden.

Foto: Pieter Bruegel (de Oude), Het gevecht tussen Carnaval en Vasten1559.

Meldpunt Geloof en Werk ingesteld door CNV Jongeren

Nederland kent een door CNV Jongeren ingesteld Meldpunt Geloof en Werk. Volgens Spits brengt het knelpunten in kaart die optreden door de vastenmaand voor moslims, de ramadan. De CNV Jongeren concluderen uit een steekproef onder 100 werkende moslims dat bijna tachtig procent van de 300.000 werkende moslims in Nederland tijdens ramadan ‘concentratieverlies ervaart‘. Bovendien is 42 procent vermoeider dan anders. Ongeveer 65 procent heeft hierover geen afspraken gemaakt met de werkgever, maar 82 procent zou dit graag willen.

De PVV’ers Ino van den Besselaar, Joram van Klaveren en Geert Wilders hebben kamervragen gesteld naar aanleiding van het bericht aan de ministers van Sociale Zaken en Immigratie. De PVV wil weten wat de kosten zijn voor de economie ‘door het jaarlijkse ritueel dat aanhangers van de islam vrijwillig kiezen voor honger, vermoeidheid en concentratieverlies in het kader van de Ramadan‘. De partij vraagt zich af of de mohammedanen die ‘ramadan-proof’ willen werken dit niet beter in een islamitisch land kunnen doen.

Uit de homepage van het Meldpunt Geloof en Werk blijkt niet dat het uitsluitend voor moslims bedoeld is. Zo worden voorbeelden genoemd als het verplicht werken op zondag of het niet mogen dragen van een kruisje. De CNV Jongeren ‘vinden dat in een tolerante samenleving er ruimte moet zijn voor verschillen. Ook op het werk.’ Uiteindelijk willen de CNV Jongeren in de collectieve arbeidsovereenkomsten (CAO’s) de combinatie geloof en werk aan de orde stellen.

Het Meldpunt Geloof en Werk doet weinig kwaad, maar zet gelovigen apart van andere werknemers. Een stap terug in de tijd richting verzuiling. Een steekproef van 100 op een populatie van 300.000 werkende moslims is methodologisch niet representatief. Het Meldpunt geeft de PVV munitie om de ‘islamitische ideologie’ te bekritiseren, maar kan op zich geen beletsel zijn voor het instellen van een Meldpunt. Het is de taak van een vakbond om voor werknemers op te komen. Vraag is of de CNV Jongeren dat in hun zelfprofilering op de juiste manier doen. Religie komt zo te staan voor het belang van werknemers die ook gelovig zijn.

Foto: Werk als religie

Groot-Brittannië trekt de stekker uit het Iraanse Press TV

De Britse mediawaakhond Ofcom ontnam de Iraanse staatsomroep Press TV gisteren de licentie. Het is Engelstalig en was in Groot-Brittannië op satelliet te zien. De onafhankelijke Britse journalist Phil Rees denkt dat onregelmatigheden aan Iraanse zijde worden gebruikt om het station te sluiten. Zoals de druk door de Iraanse machthebbers op de Canadees-Iraanse Newsweek-journalist en filmmaker Maziar Bahari om te bekennen dat-ie betrokken was bij de ‘groene‘ beweging van 2009. Bahari kwam na 4 maanden vrij.

De sluiting speelt tegen de achtergrond van verhoogde spanningen tussen Groot-Brittannië en Iran. Zoals de bestorming van de Britse ambassade in Teheran in november 2011 in antwoord op aangescherpte Britse sancties. Iraanse veiligheidstroepen grepen niet in. En de recente Iraanse dreiging om de Straat van Hormuz af te sluiten. Volgens Rees is dat de echte reden en gaat het niet om journalistieke redenen. Rees denkt dat de Britse regering een en ander aangrijpt om dit Iraanse tegengeluid voorgoed tot zwijgen te brengen.

In Nederland werd Press TV bekend toen in 2009 de Zwitsers-Egyptische islamoloog Tariq Ramadan het door de gemeente Rotterdam gefinancierde bijzondere hoogleraarschap aan de Erasmus Universiteit moest neerleggen vanwege zijn programma Islam and Life. Ramadan had hiermee het Rotterdamse gemeentebestuur verrast. Rotterdam wilde niet met het Iraanse regime geassocieerd worden. Ramadan vocht het ontslag aan, maar werd in het ongelijk gesteld. De rechter vond in 2010 Ramadans ontslag door Rotterdam rechtmatig.

Johanna en George over religie en islam 11

Deel 11 van een discussie tussen Johanna Nouri en George Knight.

Johanna: Het gaat er niet om dat moslims iets typisch islamitisch doen wat op eigen merites beoordeeld moet worden. Nee, zij volgen de begane paden van de maatschappij waarin zij leven en moeten dus naar nationaal geldende maatstaven beoordeeld worden. Daar ontbreekt het nogal eens aan.

= Ik vind je opstelling legalistisch. Staatsrechtelijk heb je gelijk. Maar da’s maar een deel van het verhaal. Het gist aan politiek en maatschappelijke processen. De angst regeert en wordt aangewakkerd. Er is een Nederlandse islam die zoals je zegt niet hierarchisch en strikt georganiseerd is als de andere monotheistische stromingen in Nederland. Dus verdeeld en lastig aanspreekbaar is. Dat maakt kwetsbaar. =
Er is niets legalistisch aan het uitgangspunt dat in ons land rechten en plichten voor iedereen gelijkelijk gelden. Het is de basis van onze democratische rechtsstaat. Dezelfde rechtsstaat die we terecht met hand en tand verdedigen.
Angst regeert, mee eens. Het kan echter niet zo zijn dat we ons laten regeren door angst en op basis van die angst anderen hun rechten gaan ontnemen en hen gaan discrimineren. Dat is het paard achter de wagen spannen, want daarmee breken we de rechtsstaat af die we zeggen te verdedigen.

= Je kunt vervolgens twee richtingen op. Blijven volhouden dat alleen de wet telt of verdergaan en toelichten wat de intenties zijn. Communicatie dus, waarvan je gelukkig ook het belang inziet. Het lijkt me de sleutel die veel te weinig gebruikt wordt. Uitleg is geen knieval, geen terugvallen in een positie die je al dacht overwonnen te hebben. Ik begrijp dat je geen boodschap hebt aan wij-zij denken -dat overigens van beide zijden komt- en denkt dat voorbij te zijn. Maar dat moet elke dag weer veroverd worden. =
Communicatie en uitleg is geen drempelcriterium voor het hebben van burgerrechten. De rechten en plichten die iedere burger heeft gelden dus ongeacht de mate waarin en het niveau waarop die burger communiceert. Wat onverlet laat dat (betere) communicatie kan bijdragen aan het verminderen of wegnemen van angst. Van de andere partij vraagt het de bereidheid tot luisteren en een open houding.

= Denk aan de homosexuelen die nog steeds in elkaar geslagen worden. Die moeten ook blijven vechten voor hun rechten en kunnen niet volstaan met het wijzen naar de grondrechten. Juist de homobashers verdienen die voorlichting. Zo werkt het jammergenoeg met minderheidsgroepen. Hun acceptatie verloopt traag en kent terugslagen. =
Het in elkaar slaan van homo’s heeft voor mij niks met integratie te maken. Het is in strijd van de wet en komt ook voor onder mensen die hier geboren en getogen zijn. Het in elkaar slaan van homo’s is strafbaar. Daders moet je oppakken en veroordelen. Welk geloof of levensovertuiging de dader heeft speelt daar geen rol in.

= Kortom, ik maak me zorgen over een Nederlandse islam die slecht communiceert met het grote publiek. Die kansen laat liggen om de burgers van Nederland op een redelijke, niet-polemologische of islamiserende manier te benaderen op het niveau van bedoelingen, organisatie, integratie, burgerschap en democratisch besef. Ik maak me zorgen dat blijkbaar het preken voor de eigen gemeenschap doorgaat, maar ik moet blijven gissen wat er gist. =
Die zorg begrijp ik. Een tweede zorg is dat er een tendens is om zeer argwanend, zelfs achterdochtig naar moslims te kijken en op basis van die achterdocht wetten te willen maken die grondrechten aantasten. Ook daar moeten we wat aan doen.

George: Ik suggereerde niet dat het in elkaar rammen van homosexuelen iets met geloof en/of allochtonen te maken heeft. Hoewel dat in praktijk wel zo schijnt te zijn. Ik gaf het als voorbeeld aan de ontvangende kant voor het feit dat niets vanzelfsprekend komt. Homosexuelen kunnen wel achteroverleunen en wijzen naar de constitutie, maar dan nog worden ze om hun gezindheid in elkaar geramd als ze hand-in-hand door Amsterdam lopen. Wat de meeste homosexuelen al lang niet meer durven overigens.

Hetzelfde geldt voor Nederlandse moslims die uiteraard dezelfde grondrechten hebben als wie dan ook. Maar da’s de theorie. Ik bracht naar voren dat het actie vraagt om ook dat in de praktijk te verwerven. Achteroverleunen en wijzen naar de constitutie is te mager. De eigen plek bevechten hoort bij een open samenleving en de zelfredzaamheid maakt sterk.

Ik vermoed dat we het er inhoudelijk over eens zijn waar we uit willen komen, maar dat er tussen ons een accentverschil is hoe dat bereikt wordt. Ik leg meer verantwoordelijkheid en zelfwerkzaamheid bij het individu, jij beroept je daarnaast ook op de beschermende overheid.

Maar hoe gek of gezocht het ook klinkt, in vele gevallen zie ik dat laatste juist als een beperkende factor voor individuele ontwikkeling. Zeker als het om religie gaat worden Nederlandse overheden betuttelend en patriarchaal. Actieve partij in een debat dat ze vanwege hun rol alleen zouden moeten garanderen. Kijk naar de ramadan. Los van de uitzonderingen die het geloof biedt, doet niet elke moslim eraan mee. Schattingen zijn dat tot 1/3 van de Nederlands-Turkse moslims niet aan de ramadan meedoen door overdag niet te vasten. Het is hun eigen vrije wil die gerespecteerd dient te worden en trouwens in de islam zelf enige rechtvaardiging vindt.

De media geven het beeld van een monolithisch blok van moslims. Een soort jaren ’50 gevoel van saamhorigheid. Echter, ook vanuit de islam zelf wordt dat beeld onvoldoende gecorrigeerd. Dat proces van eigen initiatief mis ik. Ik herhaal het maar weer.

Wie de bladen opslaat en met name de inspanningen van de emancipatie- en minderhedendesks van lokale overheden overziet wordt wee van het exotisme waarin Nederlandse moslims nog steeds worden opgesloten. Notabene door overwegend niet-moslims. In wezen is ook dat uitsluiting door de overheid en maatschappij die mogelijk gevaarlijker is dan het nationaal-exotisme van de PVV. Want minder zichtbaar en dientengevolge lastiger bestrijdbaar.

De individualiteit van de moslim wordt in Nederland in de praktijk nog steeds niet erkend. In het gunstigste geval wordt de moslim als het verlengde van een groep gezien. Wat logischerwijze in de hand gewerkt wordt door de gevestigde islam die zichzelf sterk wenst te presenteren en niet primair bedoeld is voor de emancipatie van de eigen mensen. Daarom ben ik tegen deze de-invidualisering. Of de inperking nu van Wilders, de imam of de overheid komt.

Want laten we wel beseffen dat de tegenwerking en de reactionair te noemen krachten niet eenduidig zijn en op vele niveau’s en in verschijningsvormen voorkomen. Ze zitten in de overheid, de linkse politiek, de rechtse politiek, de zachte sector en de islam zelf. Dat moet ontmanteld worden. Wilders is mogelijk de bliksemafleider die de aandacht trekt door incidenten, terwijl achter zijn rug de structuren aangehaald worden. Ik begrijp dat de individuele moslim enorm baalt van de trage ontwikkelingen, zoals ik daar als democraat en individu ook van baal. Dat vraagt om actie.

Foto: In Londen zwaait een groep van ongeveer 20 demonstranten met banners bij het bezoek van Geert Wilders aan het Britse parlement, oktober 2009