Willem Treur legt ultra-rechtse omvolkingstheorie langs lat van satire

Satire is het beste middel om de leugens van ultra-rechts aan te pakken. Want als met feiten en argumenten de rechtse achterban niet meer bereikt wordt, dan is humor nog het enige middel. Zo lijkt het. Wie diep verscholen zit in rechts-radicale mentale bunkers vol leugens koestert de eigen bunkermentaliteit als kwaliteit om niet te veranderen.

In de ultra-rechtse bunkers blijft de complottheorie over omvolking populair. Die steeds weer opgepoetste complottheorie van Bat Ye’or, pseudoniem van Gisèle Littman, die claimt dat een witte, christelijke, conservatieve wereld vervangen wordt door moslims die naar Europa worden gehaald is al vele malen weerlegd. Maar weerlegging lijkt in rechtse kringen geen verschil te maken.

Omvolking is volgens complotdenkers het masterplan van progressieven die in een opmerkelijke eensgezindheid achter de schermen aan alle touwtjes zouden trekken.

De paradox is echter dat niet vermeende manipulatoren als George Soros, maar de complotdenkers Europa willen verzwakken. Dat geven deze complotdenkers niet publiekelijk toe. Ze claimen het volk te versterken, maar doen dat door aan te haken bij de vijanden van dat volk die de landen waar dat volk woont willen verzwakken. Hoe ongerijmd kan de leugen zijn?

Omvolkingstheorie over Europa is onzin. Het is een verdienmodel en een cliché achtige stijlfiguur van ultra-rechtse opinieleiders om de eigen achterban te misleiden en aan zich te binden. Zonder nadenken of origineel te hoeven zijn trekken deze opinieleiders in een automatisme telkens deze clichés uit de kast. Zodat deze opinieleiders meer macht naar zich toe kunnen trekken. Het is eerder platte machtsuitoefening en marketing, dan een welgemeende analyse van een politieke of demografische ontwikkeling.

Statistieken van het CBS zeggen dat het aandeel moslims dat de islam aanhangt in Nederland al sinds 2010 stabiel is: 5% van de bevolking. Er vindt nog steeds immigratie van moslims naar Nederland plaats, maar tegelijkertijd ontwikkelt een groot deel van de in Nederland wonende moslims zich zoals alle Nederlanders: ze emanciperen en nemen afstand van het geloof.

TPO’er Willem Treur is in een tweet van 15 mei 2022 positief over een tweet van Sander Schimmelpenninck die kritisch is op de ruimte die complotdenkers als Filip Dewinter en Raisa Blommestijn in de publieke opinie krijgen zonder dat ze worden tegengesproken. Hoe gevaarlijk dat is blijkt uit de recente moord van de 18-jarige Payton Gendron op 10 Afro-Amerikanen in een zwarte buurt in Buffalo.

Tweet van Willem Treur, 15 mei 2022.

In de VS hebben ultra-rechtse politici als Elise Stefanik en radicaal-rechtse omroepen als Fox News deze racistische moord jarenlang helpen voorbereiden door hun omarming van complottheorieën. Dat maakt zo’n moord sociaal acceptabel voor degenen die meegaan in zo’n complottheorie. In Nederland zijn politici als Thierry Baudet en de beginnende omroep Ongehoord Nederland minder invloedrijk, maar toch kunnen ze zonder veel tegenspraak doorgaan met het verspreiden van complottheorieën. Ook over omvolking. Dat is niet ongevaarlijk. De kans op een massamoord uit de ultra-rechtse achterban wordt er groter door.

Wat is onze gezamenlijke verantwoordelijkheid om ultra-rechtse opinieleiders in de publieke opinie zonder tegenspraak ruimte te geven om de democratie, de rechtstaat en de waarheid aan te vallen? Wat als ook satire niet helpt tegen dit beschamende en beschadigende radicalisme van ultra-rechtse opinieleiders?

Op welk moment dient een democratie op te treden tegen vijanden als de weerbaarheid ervan ondermijnd wordt? In de VS lijkt dat moment genaderd. In Nederland gebeurt alles later, maar de garantie dat hier de complottheorieën van ultra-rechtse opinieleiders niet tot een massamoord zullen leiden bestaat niet. Nauwlettendheid van ultra-rechts is geboden. Hun complottheorieën zijn niet vrijblijvend.

Musea en kunstinitiatieven moeten afstand houden tot cancelcultuur. Emancipatiestreven eindigt vaak in intolerantie en nieuw vooroordeel

Ik moest bij lezing van een artikel in Het Parool over cancelcultuur in de kunsten met bovenstaand citaat van Raisa Blommestijn (docent en promovendus aan de rechtenfaculteit van de Universiteit Leiden) denken aan een observatie van Renate Rubinstein die Paul Scheffer in zijn NRC-column van 27 november 2020 noemt:

Rubinstein verwijst vanuit de vorige eeuw naar andere verschijnselen, maar het principe is hetzelfde. Wat zij constateert is afgelopen jaren gebeurd in de kunsten. Zoals zij het meer dan 30 jaar geleden voorzag. Men kan zich alleen maar afvragen waarom er in de publieke opinie geen Rubinstein 2.0 is opgestaan die met een scherpe analyse de promoters van de cancelcultuur alle hoeken van de kamer liet zien. Dat is het verschil met toen. Kritiek op de cancelcultuur was er wel, maar die bleef tamelijk onopgemerkt. Wellicht heeft dat te maken met de fragmentatie van de publieke opinie die in Rubinsteins tijd nog niet in die mate bestond. Nu kwamen actie en reactie uit de Angelsaksische wereld en waren de Nederlandse opinieleiders en kunstsector een tamelijk passieve partij. Tekenend was dat de Nederlands-Britse commentator Ian Buruma in de Nederlandse publieke opinie zich het felst uitsprak tegen de cancelcultuur. Mede omdat hij er persoonlijk het slachtoffer van was geworden.

Een groep die valt te omschrijven als links-radicaal en opkomt voor gelijkheid en streeft naar emancipatie is doorgeslagen en in haar tegendeel verkeerd. Tijdelijk kunnen best vanzelfsprekendheden worden opgeschort om achterstanden van minderheidsgroepen weg te werken, maar als dat een nieuwe structurele ongelijkheid introduceert dan schiet het zijn doel voorbij.

Ongelukkig is ook dat de kwetsbare, weerloze en kleine, maar oh zo sexy kunstsector het doelwit is. Waar heeft de kunst die onwelkome aandacht aan te wijten? Het tragische is dat vele Nederlandse kunstinstellingen zich niet goed weten te verhouden tot die doorgeslagen en niet meer te begrenzen emancipatie en in vele gevallen met open ogen in de fuik van de intolerantie lopen. Waarmee deze musea of kunstinitiatieven vooral zichzelf beschadigen en achter het verkeerde vaandel aanlopen. Als ze zich hiervan uiteindelijk bewust werden, dan moeten ze tot hun schrik constateren dat ze niet meer op hun schreden kunnen omkeren.

De les voor Nederlandse musea en kunstinitiatieven is dat een afkoelingsperiode moeten inlassen. De verstandige en goed bestuurde instellingen hebben dat ook gedaan. Ze moeten zich even stilhouden en pas op de plaats maken. Niks doen. Ze moeten zich niet op laten jagen door een radicale minderheid en de veiligheid inbouwen dat die niet het interne debat overnemen en gaan domineren.

Musea en kunstinstellingen moeten zich niet onder druk laten zetten door een vaak van buiten de Nederlandse grenzen opererende kosmopolitische links-radicale lobby. Hoe sympathiek en lovenswaardig hun uitgangspunten ook zijn. De actievoerders zijn vaak niet eens goed op de hoogte van de situatie in de Nederlandse kunstsector, of worden uitsluitend voorgelicht door selectieve ’tolken’ die de internationale agenda weer met hun Nederlandse agenda en eigenbelang combineren. De projecties en dwarsverbanden zijn eindeloos en werken verwarrend, ook wat de herkomst ervan betreft.

Mikpunt zijn naïeve bestuurders die zich laten intimideren. Dieptepunt was het debat in het Rotterdamse kunstcentrum Witte de With met een bestuur dat zich onder druk liet zetten door een radicale minderheid en een nieuwe generatie die de kans rook om een voet tussen de deur te krijgen. Zo grijpen incidentele en structurele wetmatigheden in elkaar. Dat is van alle tijden. Zoals de ontsporingen van emancipatiebewegingen die in hun tegendeel verkeren en de roep om gelijkheid en tolerantie inwisselen voor een houding van ongelijkheid en intolerantie en dat ook zijn. De kunstsector is gewaarschuwd om alert en niet al te naïef te zijn. Meegaan met een bevrijdingsstrijd is in beginsel niet verkeerd, maar omdat je nooit weet waar het eindigt valt het toch af te raden.

Foto 1: Schermafbeelding van deel artikelCancelcultuur in de kunstwereld: hoe compromisloos kan kunst nog zijn?’ van

Foto 2: Schermafbeelding van deel columnWie bij zichzelf te rade gaat is nooit vrij van angst’ van Paul Scheffer in NRC, 27 november 2020.