George Knight

Debat tussen links en rechts

Posts Tagged ‘Radicaal-links

Museum moet zich breed opstellen en niet tot deelnemer aan het publieke debat maken door standpunten van radicalen te steunen

with one comment

Sinterklaas en Zwarte Piet zijn dit jaar weer voorbij en kerstmis kondigt zich al aan op markten, in winkels en huiskamers. Dat is een passend moment om los van de actualiteit terug te kijken op bovenstaande tweet van 16 november 2019 van het Stedelijk Museum. Wat zegt het, wat beoogt het, wat zijn de voor- en nadelen ervan en hoe plaatst het een kunstmuseum in het publieke debat vol voetangels en klemmen?

Laat ik om te beginnen mijn positie duidelijk maken over deze tweet. Ik meen dat het SM die nooit had moeten plaatsen en ermee de fout is ingegaan. Ik vind het te ongenuanceerd, te vrijblijvend en het verkeerde medium. Het is te makkelijk gedaan zonder dat het museum als institutie er enige verantwoordelijkheid voor neemt. Het is lui denken die volgt uit een combinatie van politieke correctheid en marketing. Ermee neemt een museum op een pamflettistische wijze stelling in een maatschappelijke kwestie door aan te sluiten bij een radicale opvatting die in de samenleving leeft. Dat is onverstandig. Daarmee maakt het museum zich nodeloos kwetsbaar voor kritiek zoals wel blijkt uit de vele reacties bij de tweet. Dat verzwakt -opnieuw onnodig- de positie van het museum. Van dezelfde categorie domheid was naar mijn idee het afschaffen van de term ‘Gouden Eeuw’ door het Amsterdam Museum. Daarvan was de onderbouwing zelfs nog ezelachtiger en onzinniger dan uit deze tweet van het SM blijkt die van inhoud tamelijk neutraal is. Maar van intentie niet.

De uitdaging voor een museum is om naar alle kanten kritisch en open te zijn. Zich niet te verbinden met een specifieke doelgroep. De uitdaging voor de staf van een museum is om de eigen persoonlijke voorkeur buiten het museumbeleid te houden. Het er niet direct in door te laten klinken. Want een museum als institutie is meer dan een persoonlijke mening van directeur, conservator of medewerker marketing of publiciteit. De verleiding voor het management van een museum is wellicht groot om de eigen persoonlijke mening op het beleid te drukken, maar aan die verleiding moet weerstand geboden worden. De eigen duim op het Twitter-account van het museum of de regie over het museale sociale medium moet niet tot ongebreideldheid, maar tot beheerstheid en terughoudendheid leiden.  De persoonlijke mening van een museummedewerker over de Gouden Eeuw of Zwarte Piet is van ondergeschikt belang en moet niet in het beleid doorklinken. Wat anders is het als een directeur of conservator zich op persoonlijke titel over een politieke kwestie uitspreken. Dat kan, maar dan moet duidelijk uit de context blijken dat het niet het standpunt van het museum is.

Over kwesties als slavernij, kolonialisme, inclusiviteit, diversiteit en identiteit wordt in de samenleving verschillend gedacht. Het zijn vooral degenen in de marge die zich het hardste roeren en het publieke debat hebben gekaapt. In Nederland laat radicaal-links zich voeden door het debat aan Amerikaanse universiteiten dat ten onrechte 1 op 1 naar Nederland wordt vertaald. Dat leidt tot aannames die de verschillen alleen maar vergroten. Het kan door de specifieke achtergronden van de harde Amerikaanse samenleving verdedigbaar zijn om Black Pete of Blackface in de VS als racistisch te beschouwen, maar het is vooralsnog niet zeker of dat voor Zwarte Piet in Nederland in dezelfde mate geldt. Ik betwijfel dat. Van de andere kant laat radicaal-rechts in Nederland zich ook door het Amerikaanse debat voeden en sturen. Met verbitterdheid, ongenuanceerdheid, felheid en gebrek aan een breed perspectief van dien. Ook het schema van Amerikaans nieuw rechts of alt right dat karakteristiek van aard en karakter is kan niet 1 op 1 naar de Nederlandse samenleving vertaald worden. Slotsom is dat het Nederlands is om afstand van zowel radicaal-rechts als radicaal-links te nemen.

In de Zwarte Piet discussie nemen sinds 2012 de laatste twee kabinetten Rutte, Rutte II en Rutte III, een bemiddelende positie in. Ze pleiten voor een geleidelijke overgang en afbouw van de meest racistische stereotyperingen. Dat is een verstandige opstelling die als voorbeeld kan dienen bij al deze identiteits-kwesties waarbij radicalen aan beide kanten van het politieke spectrum zich fel uitspreken en hard tegenover elkaar staan. De les is dat de regering, een democratische institutie of een met gemeenschapsgeld betaald museum zich niet tot deelnemer van dat debat moeten maken door partij te kiezen. Ze dienen zich op te stellen als neutraal en dienen weliswaar niet hetzelfde initiatief te nemen als regering of politieke partijen, maar moeten er wel op z’n minst voor zorgen dat ze deze beweging en voortgang niet verstoren.

Door vrijblijvend, makkelijk en eenzijdig partij te kiezen zoals in 2019 het Stedelijk Museum en Amsterdam Museum deden bereikten ze het omgekeerde van wat ze beoogden. Steunen van een politiek controversieel standpunt roept weerstand op en geeft het foute signaal af over betekenis en functie van een museum. Dat moet in ambitie hoger mikken, zodat het zelf buiten het politieke debat blijft en de eigen positie erbinnen niet ter discussie stelt. Een museum moet signaleren, presenteren en documenteren, zonder zich te reduceren tot een spreekbuis of pamflet van een (radicaal-)politieke stroming. Dat betekent overigens niet dat een museum op een tentoonstelling, symposium of in een publicatie geen standpunt kan innemen over politieke kwesties. Liever wel zelfs. Het verschil is de context, samenhang en onderbouwing. Als een museum zich als opdracht stelt om veelvormig voor een breed publiek of vele deelpublieken te zijn met een goede (kunst)historische onderbouwing, dan volgt daaruit vanzelfsprekend dat het over maatschappelijke kwesties als verlengde van die eigen tentoonstelling, symposium of publicatie uitspraken doet. Ingebed en niet persoonlijk of ongeremd.

Foto: Tweet van het Stedelijk Museum Amsterdam, 16 november 2019.

Verenigd Koninkrijk onder Tories en Labour: kiezen tussen radicaal-rechts en radicaal-links

with one comment

Graag plaats ik hier m’n reactie op het artikelLabour onder Corbyn: kiezen tussen gratis breedband en joden; Jeremy Corbyn is de inzet van deze verkiezingen, niet brexit’ van Alexander van der Meer op Doorbraak.be. Hij publiceert onder meer op TPO. Zijn stuk is een voorbeeld van ‘framing’. Dat houdt in dat hij inzoomt op een deel van het verhaal en de rest ongenoemd laat. Van der Meer is naar mijn idee terecht kritisch op Labour-leider Jeremy Corbyn, maar moffelt kritiek op Boris Johnson en de Conservatieve partij weg. Zo is het onmogelijk om een beeld te schetsen van twee communicerende vaten die direct op elkaar reageren. Zo’n selectieve invalshoek kan nooit leiden tot voldoende inzicht in het volledige verhaal van de Britse politiek. Die ontbrekende ambitie om volledig te zijn is geen journalistiek en hoeft dat in een column ook niet te zijn, maar is evenmin het streven naar een evenwichtige column. Ik probeer hieronder wel een volledig beeld te schetsen:

De Schotse premier Nicola Sturgeon heeft inderdaad de deur voor samenwerking met Labour opengezet indien de Tories geen meerderheid behalen, maar verbindt daar duidelijk de voorwaarde aan dat Jeremy Corbyn dan een stapje terug doet en geen premier wordt. Dat aspect verdonkeremaant de auteur en omdat hij daar mede zijn verhaal op baseert komt het grotendeels in de lucht te hangen.

Het is te simpele framing om de algemene verkiezingen van 12 december die als directe aanleiding de falende parlementaire behandeling in het Lagerhuis van de uittredingsovereenkomst met de EU hebben voor te stellen als een stem voor of tegen Corbyn. Evengoed kan beredeneerd worden dat die verkiezingen een stem voor of tegen Boris Johnson zijn. Maar voor wie de realiteit volgt is het toch echt een stem voor of tegen de Brexit of een stem voor het gewenste soort Brexit. De Brexit is de belangrijkste politieke beslissing na de Tweede Wereldoorlog waarover het VK moet beslissen. Corbyn is van voorbijgaande aard. Een Brexit is fundamenteler en raakt aan de relatie die het VK heeft met haar belangrijkste economische en politieke partner: de EU.

Waar de thematiek van het antisemitisme binnen Labour en de onduidelijke stellingname over de Brexit de achilleshiel van Corbyn zijn, zijn Johnsons onbetrouwbaarheid en losse omgang met de feiten en zijn onhoudbare, onrealistische beloftes over de afhandeling van de uittreding uit de EU zijn zwakke punten. In weerwil van een snelle afhandeling die Johnson belooft zal ook de meest ’snelle’ uitkomst vele jaren onderhandelingen met de EU in beslag nemen. Ofwel, ook bij een No-Deal is het VK nog lang niet losgekoppeld van de EU. Johnsons wankele en makkelijk door te prikken standpunten lijken er ook de reden voor te zijn dat Johnson weigert zich te laten interviewen door BBC’s Andrew Neil. Boris Johnson wil niet achter zijn Potemkin-façade laten kijken waar droomland ligt.

Feit is dat zowel Labour en Tories na 2016 geradicaliseerd zijn. Radicale facties hebben de partijen in hun greep gekregen. Bij Labour is dat de goed georganiseerde Momentum-beweging die alle gematigde leden zoals Stephen Kinnock naar de marge schoof. Bij de Tories is dat de gedisciplineerde ERG-factie. Gematigde leden van de Tories, zoals Dominic Grieve, Ken Clarke, Philip Hammond of Oliver Letwin zijn door Johnson in september 2019 uit de partij gezet. De succesvolle en sociale politieke leider van de Schotse Conservatieven Ruth Davidson trad in augustus 2019 af als partijleider. Ze voerde persoonlijke redenen aan, maar duidelijk was dat ze zich niet met Johnsons politiek kon verenigen. Bij Labour kondigde vice-partijleider Tom Watson in november 2019 zijn terugtreden aan. Hij voerde ook als reden persoonlijke omstandigheden aan, maar bekend was dat Watson ontevreden was over de aanpak van het antisemitisme binnen de partij en er met weinig succes voor pleitte dat Labour een duidelijker pro-Remain standpunt over de Brexit zou innemen, wat niet gebeurde.

De Britse partijpolitiek kreunt en steunt en de beide grote partijen laten zich van hun slechtste kant zien. Afgelopen maanden was het dieptepunt dat de regering Johnson ondanks zorgvuldig doorlopen procedures en screening door de inlichtingendiensten op politieke gronden een rapport van een Lagerhuis-commissie over de Russische inmenging in de Britse politiek in een lade heeft geschoven. Het rapport is door een commissie onder voorzitterschap van de voormalige Conservatief Dominic Grieve tot stand gekomen en zou erop wijzen dat Britse Russen uit de omgeving van het Kremlin door donaties invloed hebben gekocht op de politiek van de Conservatieve partij. Johnson hield naar verluidt daarom de publicatie ervan tegen om dat blamerende feit te verbergen tot na de verkiezingen van 12 december.

Kortom, het lijkt er sterk op dat het niet Labour, of in elk geval niet alleen Labour is, dat connecties heeft met buitenlandse betrokkenen die het daglicht niet kunnen verdragen. De Conservatieve partij hebben die connecties evenzeer en als regeringspartij sinds 2005 onder de premiers Cameron, May en Johnson zit de partij zelfs veel dichter bij de kern van de macht en heeft het meer opdrachten, contracten en uitzonderingen op voorwaarden te vergeven dan oppositiepartij Labour.

Ja, Jeremy Corbyn is de verkeerde man op de verkeerde plek. Maar ja, Boris Johnson is eveneens de verkeerde man op de verkeerde plek. Feitelijk is hij geen conservatief die de democratische waarden en normen respecteert, maar een nieuw-rechtse populist die niet eens een nationalist genoemd kan worden. Bij hem draait alles om zijn eigen carrière. Tekenend is het verhaal dat hij in 2016 bij het referendum twee versies van zijn standpunt over de Brexit in zijn binnenzak had. Een voor en een tegen de Brexit. Hij koos uiteindelijk voor de Leave-versie waarvan hij dacht dat die hem de meeste persoonlijke macht zou opleveren. Wat gebeurde. Waar Corbyn te ideologisch is, is Johnson een lege huls die gevuld kan worden door de meest biedende.

De hoop voor de nabije toekomst van de Britse politiek ligt niet in het geradicaliseerde Labour of de Conservatieve partij, maar in de regionale partijen van Schotland en Wales, de Groenen en de Liberaal-Democraten. De twee grote partijen zullen het de komende jaren moeilijk krijgen om weer terug te keren naar hun eigen gedachtengoed, te weten het conservatisme en de sociaal-democratie. Ze zijn daar ver van afgedwaald. Het is een les voor de Belgische en Nederlandse partijpolitiek dat het trouw aan zichzelf moet blijven. Voorwaarde voor de herleving van de twee partijen is dat er een nieuwe generatie aan de macht komt die met meer realiteitszin en minder extremistische standpunten weer de weg naar de normale politiek en de normale politieke omgangsvormen weet te vinden. Vooralsnog is het zoeken op de tast, daar in het Westminster van het perfide Albion.

Foto: Schermafbeelding van deel artikelLabour onder Corbyn: kiezen tussen gratis breedband en joden; Jeremy Corbyn is de inzet van deze verkiezingen, niet brexit’ van Alexander van der Meer op Doorbraak.be, 6 december 2019.

Toenemende kritiek op besluit Boris Johnson om rapport Grieve over inmenging van Kremlin op Britse politiek niet te publiceren

with 2 comments

Op 12 december 2019 zijn er verkiezingen voor het Britse Lagerhuis. De Conservatieve premier Boris Johnson hoopt een meerderheid achter zich te krijgen die hij nu mist. Inzet is de Brexit. Theoretisch kan die afgezwakt of zelfs gestopt wordt. Hoewel dat laatste onwaarschijnlijk is. De strijd is hard en asynchroon. Dat laatste houdt in dat partijen elkaar op hun vermeend zwakke punten aanvallen. Een zwak punt van Johnson is de uitstel van de publicatie van een rapport over de invloed van de Russische Federatie dat onder leiding van de onlangs uit de fractie gezette Conservatief Dominic Grieve al in maart 2019 is opgesteld en daarna door de Britse inlichtingendiensten is gescreend op gevoelige informatie. De procedure is afgelopen en het rapport was voor publicatie gereed, maar de regering Johnson weigerde voordat het parlement vanwege de campagne onlangs werd verdaagd het rapport te publiceren. Daar is van vele kanten kritiek op gekomen. Onder meer van de Onafhankelijke Dominic Grieve, maar ook van oud-presidentskandidaat Hillary Clinton en activist Bill Browder die wordt beschouwd als de felste en meest vasthoudende criticus van de Russische president Putin.

In februari 2019 verscheen het eindrapport van de commissie Damian Collins waarover ik toen in een commentaar schreef: ‘Vandaag is het eindrapportDisinformation and ‘fake news’: Final Report’ van de Digital, Culture, Media and Sport Commissie onder voorzitterschap van Damian Collins (Conservatieven) van het Britse Lagerhuis verschenen waaruit hierboven enkele afbeeldingen zijn te vinden. Paragraaf 273 is een oproep aan de regering May om een onafhankelijk onderzoek in te stellen naar de Russische inmenging bij de algemene verkiezingen van 2017, het Brexit-referendum van 2016 en het Schotse referendum in 2014. De toelichting waarom dat gewenst is leest als een waslijst van onregelmatigheden en een relativering van de legitimiteit van de uitslag van deze verkiezingen, waaronder het Brexit-referendum.(..) Wat ook als les voor de toekomst onderzocht kan worden benoemt de commissie Collins pijnlijk en onomwonden: ‘buitenlandse beïnvloeding, desinformatie, financiering, manipulatie van kiezers en het delen van gegevens’.

Nu is er het rapport van de commissie Grieve dat vooralsnog niet wordt gepubliceerd. Wellicht over een half jaar. Het gevolg is dat de speculaties niet van de lucht zijn. De Russische Federatie zou zich via oligarchen ingekocht hebben in de Britse politiek. Een naam die genoemd wordt is de Russisch-Oekraïense Dmtryo Firtash die gelieerd zou zijn aan de georganiseerde Russische criminaliteit én het Kremlin en in Oostenrijk zijn uitlevering naar de VS aanvecht. Vooral de Conservatieve partij zou zich hebben laten opkopen door Russisch geld. Dat wordt als de hoofdreden genoemd dat Johnson de publicatie ervan blokkeert. Het inmiddels op sterven na dode UKIP zou via miljonair Arron Banks Russisch geld doorgesluisd hebben. UKIP was de partij van Farage voordat hij met Banks overstapte naar de Brexit Party. Dat geld zou zonder dat het gemeld was ook terecht zijn gekomen bij de Leave campagne voor het referendum in 2016. Dat roept vragen op over de legitimiteit van het Brexit-referendum. Blairs spindoctor Alistair Campbell beschuldigt Nigel Farage ervan Russisch geld te hebben aangenomen en een Russische ‘asset’ te zijn. Farage is dikke maatjes met president Trump die er eveneens van beschuldigd wordt een Russische ‘asset’ te zijn. Hij zou door het Kremlin al sinds de 1980’s ‘opgekweekt’ zijn. En dan is er nog de leider van Labour Jeremy Corbyn die niet enthousiast is over de NAVO of de EU en er eveneens van wordt beschuldigd een ‘asset’ van het Kremlin te zijn. Hij zou in 1986 geworven zijn door de agent Jan Dymic van de toenmalige Tsjechische geheime dienst StB.

De wetmatigheid is dat alle Leave partijen ervan worden beschuldigd boter op hun hoofd te hebben en onder invloed van het Kremlin te staan. Ze hebben gemeen dat ze afstand nemen van de EU terwijl ze weten dat dat niet in het economisch belang van hun land is. De Brexit leidt tot de verzwakking van de EU wat een hoofddoel is van de Russische buitenlandse politiek. Jeremy Corbyn heeft voortdurend zijn invloed aangewend om te verhinderen dat het voor meer dan 80% naar Remain leunende Labour een ondubbelzinnig Remain-standpunt zou innemen. Uiteraard zijn er nog andere overwegingen bij de Brexit die niet direct uit de hoge hoed van het Kremlin komen. Maar beïnvloeding en ondermijning werkt indirect door politici op hun zwakte (geld, prestige, invloed, politieke functie) aan te spreken en ze zo toch de gewenste kant van een Brexit op te sturen.

Hoe nu verder? De Brexit gijzelt het VK al 3,5 jaar en heeft het land verzwakt en gedemoraliseerd. Het aanzien van de politiek is geslonken. Als uit het rapport Grieve zou blijken dat het referendum niet eens legitiem was en dat het resultaat door Russisch geld ‘gekocht’ is, dan wordt het er nog schrijnender op. Want de impasse en de chaos sinds 2016 zouden dan op een onrechtmatig referendum zijn gebaseerd. En totaal onnodig zijn geweest. Het belangrijkste argument van de Leave-partijen om door te gaan met de Brexit omdat het op een democratisch besluit zou zijn gebaseerd zou dan in de huidige campagne worden ondermijnd. Uit peilingen blijkt tamelijk consistent dat al sinds maart 2018 gemiddeld 5% meer Britten voor Remain dan Leave opteren. Maar Conservatieven en Labour zetten met een beroep op de legitimiteit van het referendum hun weg naar de uitgang van de EU voort. Daarbij passen geen transparantie en inzicht in de invloed van de Kremlin op de Britse politiek. Gezien de belangen die op het spel staan is het niet ondenkbaar dat delen uit het rapport Grieve nog voor de verkiezingen van 12 december worden gelekt. Zodat een onontkoombaar besluit over de Brexit in januari 2020 hopelijk nog tijdig van de juiste tegenargumenten kan worden voorzien.

Foto 1: Tweet van Guardian-onderzoeksjournaliste Carole Cadwalladr, 31 oktober 2019.

Foto 2: Tweet van Labour-Lagerhuislid Ben Bradshaw, 12 november 2019.

Foto 3: Tweet van Labour-Lagerhuislid David Lammy, 12 november 2019.

Foto 4: Schermafbeelding van artikel ‘UK Inquiry was warned of Russian infiltration, leaked testimony shows’ met video van CNN, 11 november 2019.

Foto 5: Tweet van ChangeUK-Lagerhuislid Mike Gapes, 12 november 2019.

Tom Watson verlaat Labour. De twee belangrijkste partijen radicaliseren en alle Britse politieke leiders zijn impopulair

with 2 comments

De aankondiging dat de tweede man van Labour het voor gezien houdt sloeg gisteren in als een bom. De timing aan het begin van de campagne voor de verkiezingen van 12 december 2019 was afgestemd met het leiderschap van de partij. Tom Watson verenigde en vertegenwoordigde de gematigde vleugel van de partij, of wat daar na vier jaar partijleiderschap van de links-radicale Corbyn nog van over is. Sociaal-democraten binnen Labour delven het onderspit tegenover socialisten die met de beweging Momentum en de invloed van vakbondsleiders als Len McCluskey de partij in hun greep houden. Watson werd ingeperkt door deze radicale facties die hem tegenwerkten en niet automatisch het leiderschap wilde geven als Corbyn zou vertrekken. Het antisemitisme dat onder Corbyn de partij vergiftigt wordt niet afdoende aangepakt. Overigens verlaten nu eveneens vele gematigde Tories de partij of het parlement, zodat ook deze partij in snel tempo radicaliseert. Het is een verlate echo van wat er in de Amerikaanse politiek gebeurt waar de Republikeinse en Democratisch partij sinds enkele jaren zijn geradicaliseerd, hoewel de gematigde Democraten de hoop nog niet opgegeven hebben de partij op een middenkoers te houden. In de VS komt de druk tot radicalisering vanuit het land.

Watsons vertrek benadrukt extra waarom de uitnodiging van de PvdA aan Corbyn om te spreken in Nederland zo’n blunder was. Ik schreef in een commentaar van 8 augustus 2018: ‘De paradox is dat als Asscher een Britse Labour-politicus was hij net als de gematigde Stephen Kinnock, Chuka Umunna of Chris Leslie door de links-radicale Momentum-beweging van Corbyn op een zijspoor gemanoeuvreerd zou zijn’. Tom Watson is de Lodewijk Asscher van Labour. De PvdA begrijpt zelf niet waar het voor staat en waar Labour (nog) voor staat.

Het is lastig voor Britse kiezers om te moeten kiezen tussen de clown en demagoog Boris Johnson en de antisemiet en anti-Westerse Corbyn die ervan beschuldigd wordt een ‘asset’ van het Kremlin te zijn. Corbyn populariteitscijfers staan met 36% onder water (23% + tegenover 59% -), terwijl Johnson met 14% onder water staat (34% + tegenover 48% -). Na meer dan drie jaar Brexit-geworstel waarin de onmacht van de Britse politiek uitgebreid is uitgemeten is geen enkele leider nog populair. Op een enkeling na als de vertrokken Schotse sociaal-conservatieve leider Ruth Davidson. Maar net als Watson voelde ze zich haar partij uitgejaagd door de onrealistische en harde politiek en net als hem voerde ze in een verklaring persoonlijke redenen aan voor haar vertrek. Maar iedereen weet beter. Kiezen tussen Johnson en Corbyn is een onmogelijke keuze. In een politiek landschap dat weliswaar steeds minder een keuze is tussen de twee grootste partijen, maar waar verkiezingen toch nog een tweestrijd zijn tussen Labour en Conservatieven. Voor vele Remain Labour-kiezers die hoopten dat hun partij ooit weer zou deradicaliseren is Tom Watsons vertrek een teken aan de wand.

Foto: Tweet.

Diversiteit is niet het belangrijkste, inclusie wel

leave a comment »

De woorden inclusie en diversiteit worden door elkaar gebruikt. Maar ze zijn niet inwisselbaar. Een voorbeeld maakt dat duidelijk als de in Marokko geboren politievrouw Fatima Aboulouafa (die vanwege haar kritiek door de politieleiding op non-actief is gezet) in een interview in NRC zegt: ‘Toch is het belangrijkste niet diversiteit, maar inclusie. Als je collega’s met Marokkaanse, Surinaamse en Turkse wortels bij elkaar zet, krijg je mogelijk ook wantoestanden. Diversiteit is geen toverwoord en je moet het niet door de strot duwen. Dat leidt tot polarisatie binnen de organisatie.’ Diversiteit is dus geen doel, maar een middel om tot inclusie te komen. Dat laatste betekent dat iedereen zich in een samenleving thuis kan voelen en de voorwaarden daarvoor door de overheid geschapen moeten worden. Kortom, diversiteit levert nog niet vanzelfsprekend inclusie op.

Inclusie is vergelijkbaar met het secularisme. Dat is een politieke filosofie, een paraplu waaronder het uitgangspunt is dat iedereen gelijk is in het zich laten inspireren door een religie of levensovertuiging. Inclusie is daar de sociale variant van. Dat het debat dat diversiteit als doel nastreeft radicale en bizarre aspecten bevat kan niemand ontgaan zijn die het politieke debat volgt. Identiteitspolitiek en dekoloniale theorie zijn er de aanjagers van die niet per definitie bij inclusie uitkomen, maar vaak blijven hangen in diversiteit dat zo een doel op zichzelf wordt. Waarmee evenmin gezegd is dat het nastreven van diversiteit per definitie verkeerd is. Maar het gaat om de maatvoering ervan. Hoe ontkomen we aan het radicalisme dat diversiteit als dwaalweg, emancipatiemachine, grenspaal en einddoel gebruikt en het maatschappelijk debat op slot gooit, zelfs met het opschorten van de vrijheid van meningsuiting? De eerste stap uit dit theoretische doolhof is om te beseffen dat diversiteit niet zo belangrijk is als vooral in radicaal-linkse kringen wordt beweerd, maar inclusie wel.

Tim Carney steekt hand in eigen boezem: het conservatisme moet beter uitgelegd, en afgebakend worden tegenover racisten

with one comment

Ook in Nederland bestaat er verwarring over wat conservatisme is. Door radicaal-links én radicaal-rechts wordt het soms op een lijn gesteld met racisme. Linkse opinieleiders als Merijn Oudenampsen dichten het conservatisme zelfs een revolutionaire dimensie toe zodat ze het naadloos kunnen verbinden met de denkwereld van Thierry Baudet of Donald Trump. Dat is bedenkelijke en kwaadaardige retoriek. Dat is ongelukkige, linksige intellectuele acrobatiek die vanwege de eigen politieke agenda het onverenigbare probeert te verenigen. Dat zou niet erg zijn als het de verwarring niet vergroot over wat conservatisme is.

Trumpisme, Forum voor Democratie of alt-right met ondergangsfantasieën, racisme en een stop op migratie passen niet binnen de hoofdstroom van het conservatisme. Wat traditionele conservatieven verweten kan worden is dat ze rechts-radicalen teveel politieke ruimte hebben gegeven. Ze hebben onduidelijkheid daarover laten bestaan. Vele conservatieven hebben de afgelopen 2,5 jaar overigens de Republikeinse partij verlaten omdat ze vinden dat die te veel naar rechts is getrokken en tot een sekte rond Trump is geworden.

Tim Carney probeert dat beeld te veranderen en breekt in een belangrijke column in de rechtse Washington Examiner een lans voor herwaardering van het conservatisme. Hopelijk is dat een wekroep voor Nederlandse opinieleiders om conservatisme en alt-right niet langer gelijk te stellen en het begin van de ontmaskering van radicaal-rechtse columnisten van het type Wierd Duk of Leon de Winter die zich losjes met het conservatisme associeren om zo aan legitimiteit te winnen. Als ze niet kunnen begrijpen dat conservatisme het racisme niet oogluikend toestaat of kritiek op migratie billijkt, dan begrijpen ze niet alleen niet wat conservatisme is, maar begrijpen ze evenmin waar ze zelf voor staan. Hopelijk geeft het Nederlandse conservatieven zelfvertrouwen en ambitie om afstand te nemen van Baudet, Wilders en radicaal-rechtse en nationalistisch-populistische organisaties en opinieleiders die het conservatisme de laatste jaren zo’n slechte naam hebben bezorgd.

Met ondersteuning van deze opvatting van conservatisme hoeft men er geen pleitbezorger of voorstander van te zijn, maar het brengt deze stroming als legitieme partner aan tafel voor politiek overleg. Dat is de winst.

Foto’s: Schermafbeelding van delen van het artikel ‘It’s time to create a conservative ecosystem that doesn’t welcome racists’ van Tim Carney in de Washington Examiner, 4 september 2019.

Eerste editie van Democratiefestival lijkt nog op zoek naar identiteit

with 2 comments

Gisteren en vandaag is de eerste editie van het Democratiefestival op het stadseiland Veur Lent bij Nijmegen. Gratis te bezoeken, kosten 1 miljoen euro. Minister Kajsa Ollongren zegt de inspiratie ervoor uit Zweden te hebben gekregen waar het een groot succes schijnt te zijn. Voorspelbaar is dat radicaal-links en radicaal-rechts een Democratiefestival afwijzen en het kleineren. Ze zien het als een te duur feestje voor ambtenaren en wethouders. Wie weet. Toch is het niet zo gek om de Democratie te vieren. Hoe incrowd, dikdoenerig, van bovenaf geregisseerd en overlopend van goede bedoelingen die eerste editie ook is. Want democratie is niet vanzelfsprekend. Democratie is de moeite waard om weerbaar gemaakt te worden en te verdedigen. Precies tegen die populisten aan de flanken die de democratie willen afschaffen. Aanloopproblemen worden in de evaluatie hopelijk objectief beoordeeld. Interessant is om te weten wat de organisatie onder democratie verstaat en waar het in de programmering de accenten legt. Het debatje in de video over ‘de multiculturele samenleving’ geeft aan dat er nog veel te verbeteren valt. Platgetreden paden over democratie bewandelen en naïviteit kunnen niet de bedoeling zijn. Instrumenten aanreiken om weerbaarder te worden lijken zinvoller.

Written by George Knight

31 augustus 2019 at 09:36