Om pseudo-wetenschap in de media te bestrijden moet er een Vereniging tegen de Kwakzalverij in de Media worden opgericht

Het is opvallend dat zowel economen als filosofen de huidige COVID-19 pandemie gebruiken om zich als individu te profileren en hun zaak te bepleiten. Ook en zelfs juist als die slechts zijdelings iets met de pandemie te maken heeft. Het wordt er potsierlijk op als deze deskundigen net doen alsof hun vakgebied een wetenschap is, laat staan een exacte wetenschap. Maar het wordt er idioot op als deze deskundigen net doen alsof ze ook verstand hebben van een ander vakgebied. Dat hebben ze niet. Dat is bewuste misleiding en zelfoverschatting waar overigens de media ook een rol in te spelen hebben. Ze moeten zo’n opinieleider die buiten zijn of haar vakgebied gaat stoppen onder het mom: ‘tot hier en niet verder’. Media moeten de desinformatie niet aanwakkeren.

Denk aan de economen Coen Teulings en Barbara Baarsma die de afgelopen maanden voorlopig hun plek in de geschiedenis hebben verspeeld met slecht onderbouwde, onzinnige uitspraken. Ze hadden moeten zwijgen over gezondheidskwesties waar ze niet echt verstand van hebben en hadden niet de schijn moeten wekken dat de deskundigheid op hun economisch terrein niet zonder meer uitgebreid kan worden naar andere terreinen. Want daarop zijn ze net zo onwetend en ondeskundig als elke willekeurige, nadenkende burger. Voor Ad Verbrugge geldt hetzelfde.

Verbrugge neemt een loopje met de waarheid. Is het angst of realisme dat er in de VS nu al meer dan een half miljoen geregistreerde doden zijn als gevolg van COVID-19? Overheden handelen aarzelend en nemen soms de verkeerde beslissingen omdat ze dit (sinds 1919) niet meer bij de hand hebben gehad. De macht van overheden en techbedrijven moet ingeperkt worden en de privacy en vrijheid van burgers moet beschermd worden. Dat is zinvolle kritiek, maar het is grotesk en gevaarlijk voor de volksgezondheid om dit direct te koppelen aan de bestrijding van de huidige pandemie.

Afgelopen maand was er op de Vlaamse publieke omroep VRT de 3-delige serie BDW met de rechtse politicus Bart De Wever. Voorzitter van de rechts-nationalistische N-VA en burgemeester van Antwerpen. Hij gaf een inkijkje in zijn handelen en de strategie van de (partij)politiek. Of men het nou met zijn politieke overtuiging eens is of niet. Hij zei dat politici moeten zwijgen als ze niks te zeggen hebben. Daarmee doelde hij vooral op PS-voorzitter Paul Magnette die volgens hem telkens de onderhandelingen over een regeringscoalitie bemoeilijkte en zelfs onmogelijk maakte door er in de media bijna dagelijks zijn commentaar op te geven. Interessant is dat de kritiek van De Wever deels bestaat uit fundamentele mediakritiek en deels uit eigen politieke profilering. Hij is zo door de wol geverfd dat moeilijk valt te zien waar het een in het ander overgaat.

Wat zou het helpen als we weten dat als een politicus of opinieleider publiekelijk spreekt en daar in de media verslag van gedaan wordt we er vanuit konden gaan dat zo iemand dan ook echt iets zinvols te melden heeft. De talkshows en krantenkolommen zouden er opgeruimd door worden (‘Less is more’) en de kwantiteit van de loze beweringen zou ingewisseld worden voor de kwaliteit van de inhoud. En we weten nu toch al dat er eerder een te groot dan een te gering beroep wordt gedaan op de tijd, het geduld en de goede smaak van de nieuwsconsument? Het is zoals gezegd niet in de laatste plaats aan omroep of krant om de oprispingen en losse flodders van ‘wetenschappelijke’ opinieleiders die zich buiten hun vakgebied begeven en zich manifesteren als pseudo-deskundigen geen plek te geven.

Sommigen noemen het hoogmoed, publiciteitsgeilheid of een verdienmodel van al die (pseudo)-wetenschappers die met hun praatjes als een plaag de media teisteren. Het is de hoogste tijd dat de loze beweringen, schijnwaarheden en filosofietjes in het publieke debat fundamenteel worden bestreden. Nu gebeurt dat goedbedoeld, maar halfslachtig vanuit het idee om desinformatie te bestrijden. Het valt te bezien of dat de juiste invalshoek is. Verboden of blokkades zijn niet het juiste antwoord, maar een aanschouwelijke weerlegging met argumenten als boter bij de vis is dat wel.

Er is in Nederland een vrije pers, maar de interne correctiemechanismen van de journalistiek zoals Ombudsmannen zijn verregaand uitgekleed. Het mechanisme van zelfregulering heeft weinig tanden. Op sociale media is de tegenspraak en correctie zo goed als uitgeschakeld door het eilandenrijk van de bubbels.

Waar de publieke uitspraken van politici en opinieleiders raken aan of gaan over wetenschappelijk onderwerpen is in de media een evenknie van de Vereniging tegen de Kwakzalverij nodig die per omgaande en wijd verspreid corrigeert, in de goede context zet en deskundigen die onder de pretentie van alwetendheid buiten hun vakgebied gaan terechtwijst. Dan kunnen in elk geval de misverstanden die opgeroepen worden snel opgeruimd worden. Als het vuil van het land dat uit de studio’s en krantenredacties wordt verwijderd. En ook van de universiteiten.

Foto 1: Schermafbeelding van deel artikelOnze angst voor het virus geeft de staat te veel ruimte’ van Kees Versteegh in NRC, 28 februari 2921.

Foto 2: Schermafbeelding van deel aankondigingWebinar 2020 On demand: Sociale media, slecht voor de gezondheid?’ van de Vereniging tegen de Kwakzalverij, 19 augustus en 21 oktober 2020.

CentERdata en VVD kloppen vragenlijst op tot onderzoek: ***%

cent

Een opinieonderzoek door het academische Tilburgse onderzoeksbureau CentERdata naar elektronisch stemmen wordt door dit bureau afwisselend een ‘onderzoek‘ en een een ‘enquête‘ genoemd. In totaal 2133 mensen die deel uitmaken van het CentERdata-panel vulden in mei 2013 de vragenlijst compleet in, aldus een persbericht van 27 november 2013. Met het logo van de VVD maar het adres van CentERdata:

dat

Naast de begripsverwarring tussen (opinie)onderzoek, rapport en enquête en de vraag naar de rol van de VVD -is er een opdrachtgever van het opinie-onderzoek?- is er de uitkomst die voor vele interpretaties vatbaar is. Op 18 december 2013 schrijft de VVD in een bericht: ‘Uit het onderzoek van CentERdata blijkt dat nu al een ruime meerderheid van de ondervraagden (59%) via internet zou willen stemmen‘. Het persbericht van 27 november zegt het anders: ‘Uit het onderzoek van CentERdata blijkt dat nu al een ruime meerderheid van de ondervraagden (*** %) liever via internet zou willen stemmen.‘  en: ‘Driekwart van de Nederlanders geeft de voorkeur aan elektronisch stemmen via stemmachines boven het stemmen met potlood‘. CentERdata noch VVD geeft een verwijzing naar de basisgegevens van het opinieonderzoek. Hoe waardevrij zijn ze bezig?

ele

Foto 1: Schermafbeelding van ongedateerd ‘Driekwart Nederlanders wil stemmachine terug‘ van CentERdata, 24 januari 2014.

Foto 2: Schermafbeelding van deel van VVD-persbericht ‘Driekwart Nederlanders wil stemmachine terug‘ van 27 november 2013, 24 januari 2014.

Foto 3: Schermafbeelding van deel bericht VVD ‘Driekwart Nederlanders wil stemmachine terug‘ van 18 december 2013, 24 januari 2014.

Bedrog van bijbel en koran volgens Deo Volente

Voor iemand die niks met religie heeft is het verbazingwekkend om te zien hoe vaak gelovigen die uit dezelfde bron putten elkaar het licht in de ogen niet gunnen. Een constatering aan de zijlijn. Shiietische moslims zijn in het Midden Oosten in een strijd op leven en dood gewikkeld met soennieten. Er vallen in die strijd veel doden en landen worden verwoest. En zoals de video aantoont gaan christenen de verkettering van andere christenen niet uit de weg. Integendeel, er spreekt een veroordeling en gelijkhebberigheid uit die grenst aan intolerantie.

Wetenschappelijk lijkt de site bijbelenkoran.nl van de IKON en de Wereldomroep niet veel om het lijf te hebben. Wat moet volgens beide omroepen de vergelijking op zoektermen tussen beide heilige schriften nou eigenlijk aantonen? Is tekstkritiek door dat soort kwantificering mogelijk? Het is wetenschap op z’n janboerenfluitjes. Waarom roepen omroepen zo’n site in het leven dat appels met peren vergelijkt? Het zal wel in een behoefte voorzien. Enfin, wie ‘gelijk’ intikt vindt in de bijbel 60 en in de koran 76 vindplaatsen. Maar ook dat bewijst niks.

Rob Riemen als half-intellectueel

Het rommelt in wetenschappelijk Tilburg. Op de universiteit die om begrijpelijke reden geen Katholieke Universiteit Tilburg mocht heten. Maar waardeloos is het wel. Hoogleraar en sociaal-psycholoog Diederik Stapel wordt beticht van fraude. Hij zou onderzoeksgegevens uit zijn duim gezogen hebben. Het meest schrijnend is dat Stapel tevens over professioneel ethos doceerde. Degene die de certificaten uitreikt is zelf corrupt. Zo dondert de basis vanonder het wetenschappelijk bedrijf.

Na het jarenlang afglijden van het hoger onderwijs was het wachten op een wetenschappelijk bedrijfsongeval. De ver doorgeslagen bureaucratisering en accentverlegging van onderzoek en onderwijs naar management en ondersteuning heeft de kritische massa uit de meeste universiteiten gezogen. Diederik Stapel is de eerste die door de mand valt, maar zal naar verwachting niet de laatste zijn.

Er kondigt zich in Tilburg al een volgende slachtoffer aan en dat is de theoloog Rob Riemen. Hij is directeur van het Nexus Instituut dat in 1994 door hem werd opgericht. Het bestudeert het Europese cultuurgoed in zijn kunstzinnige, levensbeschouwelijke en filosofische samenhang, om zo inzicht te bieden in eigentijdse vragen en uitdagend vorm te geven aan het cultuurfilosofische debat. Ik heb altijd een hogere dunk gehad van zijn publicitaire handigheid en succesvol lobbyen dan van zijn wetenschappelijke kwaliteiten.

De PVV-Brabant stelde een maand geleden in de Staten vragen over de subsidie aan Nexus. Volgens de PVV ontvangt Nexus subsidie van OCW, de Universiteit van Tilburg, de Provincie Noord-Brabant en de gemeente Tilburg, bij elkaar ruim een miljoen euro aan belastinggeld per jaar. Da’s een aanzienlijk bedrag voor een instituut dat op het raakvlak van publiciteit, journalistiek, (cultuur)politiek en wetenschap opereert. Nexus is geen academisch instituut. Het roept de vraag op of Nexus overheidssubsidie ontvangt die kranten, tijdschriften en uitgeverijen niet mogen ontvangen.

Na de affaire Stapel gaat PVV-kamerlid Martin Bosma en rechterhand van Geert Wilders opnieuw in de aanval. Riemen zou volgens Bosma in een rede Menno ter Braak citaten toegedicht hebben die in het geheel niet door Ter Braak zijn gedaan. De inzet van Bosma is duidelijk, hij wil een lastige tegenstander verzwakken die het op de PVV voorzien heeft. Da’s normale politiek, hoewel het blootleggen van andermans zwaktes wat negatief gericht is. Maar Riemen doet zelf niet anders en nu geeft Bosma hem een koekje van eigen deeg.

Bosma heeft gelijk. Riemen verandert en verzint citaten en dat is literair, journalistiek en wetenschappelijk onaanvaardbaar. Riemen maakt er potje van door in zijn boekjes en redes Ter Braak naar zijn hand te zetten. Menno ter Braak is Nederlands cultureel erfgoed dat beschermd moet worden. Des te erger als Riemen op festivals optreedt voor een redelijk onwetend publiek dat veel wijs gemaakt kan worden. De half-intellectueel Riemen moet met zijn fikken van de intellectueel Ter Braak afblijven.

Foto: De redactie van Forum: Menno ter Braak, Simon Vestdijk en Edgar du Perron (1932-1935)

Wilders onverklaard

Eenzijdige berichtgeving in de media over Wilders is gebaseerd op een bizarre klontering van conservatief-islamisme, multiculturalisme anno 1998, anti-secularisme, christen-evangelische machtsvorming, recycling van linkse opiniemakers en denkbeelden, linkse omroeppolitiek en deskundologie. Het domineert het publieke debat. Een monsterverbond dat over de houdbaarheidsdatum heen is. Daarnaast bakt de rechtse pers er evenmin veel van in de kritiekloze steun en bewondering voor Wilders.

Een aanval op Wilders is een verdediging van de gevestigde politiek. Het afgelopen jaar werden alle middelen ingezet om Wilders in diskrediet te brengen. Zelfs juridische, wat grandioos mislukte. Deels terecht vanwege idiote gedachten van Wilders. De aanval is de beste verdediging moet de gevestigde politiek denken. Het gaat voorbij aan een aanzienlijk deel van de eigen kiezers dat overliep naar de PVV. De oorzaak daarvoor countert de politiek liever met de demonisering van Wilders dan in een analyse van het eigen tekort.

Wilders is een interessante politicus omdat-ie reactionaire en liberale aspecten in zich verenigt. Daarin is-ie uniek. Hij overschrijdt politieke grenzen. Dat maakt hem lastig grijpbaar. Om Wilders te begrijpen helpt het niet een karikatuur van hem maken. Of de opzet zou moeten zijn hem als vijandbeeld in stand te houden. Macht in de coulissen vindt in Wilders een afleiding.

Sommigen krijgen een waas voor de ogen als de naam Wilders valt. Komt het door de pseudo-wetenschap van de Jaap van Donselaars? Of zijn het de Pechtolds die hun lot als deel van een Siamese tweeling aan de demonisering van Wilders verbonden hebben? Of is het het zeuren en trekken in de media waarvan iets blijft hangen?

Gemiste kans is dat zakelijke kritiek op zowel islam als Wilders nauwelijks voorkomt in het Nederlandse publieke debat. Het eerste wordt geblokkeerd en het laatste weet de gepaste methode niet te vinden. Zo sukkelen islam en Wilders voort. Onverklaard blijft wat ze Nederland te bieden hebben.

Paul Lucardie gaat verder en analyseert in Rechts-extremisme, populisme of democratisch patriottisme? de aard van de PVV. Hij definieert allerlei termen waarmee de PVV geassocieerd wordt en beredeneert een plaatsbepaling: De conclusie van deze analyse luidt dan ook dat Wilders en zijn fractiegenoten als rechtse, halfslachtig-liberale nationalisten en populisten, maar niet als rechts-extremisten beschouwd moeten worden.

Deze plaatsbepaling is getoetst aan partijprogramma, uitspraken en opereren van de PVV en nauwelijks in het publieke debat terug te vinden. De PVV blijft binnen de wet en is binnen de Europese familie van rechtse populisten of nationalisten gematigd en liberaal te noemen.

Waar blijven de onafhankelijke intellectuelen die moed en onafhankelijkheid, scherpzinnigheid en inzicht combineren met de behoefte om vanuit kennis van de recente politieke geschiedenis een dwingende lijn naar de toekomst te schetsen? Dit type intellectuelen bestaat nauwelijks in Nederland of houdt zich verre van het publieke debat. Kritische geluiden naar alle kanten door Paul Scheffer plaatsten hem onterecht in het rechtse kamp. Die afrekening doet de rest zwijgen.

Toch bladdert het laagje politieke correctheid af. In media en politiek zitten kopstukken op leeftijd nog in de klem van het correcte denken. De jongere generatie weet beter en kijkt breder. En zoals het in Nederland vaker gebeurt, gaat men collectief door de wind als het tijd is. Te laf om het eerder te doen en te laf om het later te doen. Het wachten is op het juiste moment. Dan pas wordt Wilders verklaard.

Foto: Nederlandse meisjes in klederdracht, omstreeks 1920