George Knight

Debat tussen links en rechts

Posts Tagged ‘Populaire muziek

Sociale onthouding in tijden vóór de coronacrisis: ‘Mag ik van u een lift meneer’ (1970) met de Zangeres Zonder Naam

leave a comment »

Dit prachtlied over een tragisch voorval wordt gezongen door Mary Servaes, ofwel de Zangeres Zonder Naam. Het geeft het verschil aan tussen ‘sociale onthouding’ en ‘sociale afstand’. Hoewel het in het lied om het laatste gaat, zou de amper 16-jarige hoofdpersoon Marileen meer baat hebben gehad bij sociale onthouding. Dan had zij niet huilend door de nacht hoeven te dwalen, over haar toeren heen. Dit in 1970 op een single uitgekomen nummer verwijst naar het toenmalige alarmnummer van de Amsterdamse politie: vijf maal acht.

Tekst:
Mag ik van u een lift, meneer?
Toe laat mij hier niet staan
Ik heb voor de trein geen centen meer
Ik woon hier zo ver vandaan

Mag ik van u een lift, meneer?
‘k zal er zo dankbaar voor zijn
Neemt u mij mee voor die ene keer
Mag het meneer, o wat fijn

De kleine blonde Marileen
Van amper 16 jaar
Stond ’s nachts te liften heel alleen
en dacht niet aan gevaar
een grote wagen kwam tot staan
met aan het stuur een heer
ze keek de onbekende aan
en vroeg toen ach meneer

Mag ik van u een lift, meneer?
Toe laat mij hier niet staan
Ik heb voor de trein geen centen meer
Ik woon hier zo ver vandaan

Mag ik van u een lift, meneer?
‘k zal er zo dankbaar voor zijn
Neemt u mij mee voor die ene keer
Mag het meneer, o wat fijn

Maar die meneer was een schavuit
Dat merkte zij te laat
Hij gooide haar de wagen uit
Na het plegen van zijn daad
Een wagen van de vijf maal acht
Vond blonde Marileen
Ze dwaalde huilend door de nacht
Over haar toeren heen

Mag ik van u een lift, meneer?
‘k zal er zo dankbaar voor zijn
Neemt u mij mee voor die ene keer
Mag het meneer, o wat fijn

‘Ik hou toch van je’ zingt in 1950 Jean Marco in ‘Pigalle-Saint-Germain-des-Prés’. Vullen we onszelf aan door terug te kijken?

with one comment

Nu iets compleet anders. Lichte muziek uit voorbije jaren die buiten de hoofdstroom van het Amerikaanse amusement staat. Zo lijkt het. In 2017 besteedde ik in het commentaar ‘Ontlening in de populaire muziek (1951). Van Charlie Parker, Trio Do-Ré-Mi, Hubert Giraud, Jacques Hélian tot Lily Fayol’ aandacht aan de muziek van de Franse componist Hubert Giraud. Daarin gaf ik een link naar een versie uit 1950 van ‘Je vous aime malgré tout’ of kortweg ‘Malgré tout’ van het orkest van Jacques Hélian met crooner Jean Marco. Lichte muziek is ontlening over grenzen heen, van melodieën maar ook van individuen. Hélian nam een Frans-klinkende artiestennaam aan vanwege zijn Armeense naam Jacques Mikaël Der Mikaëlian. De beroemde componist Michel Legrand is ook van Armeense afkomst en een neef van Jacques Héliard. Jean Marco klinkt als de Zuid-Franse zangers uit die naoorlogs periode als Tino Rossi of Luis Mariano met een accent dat nog eens extra vet lijkt te worden aangezet. Marco was een Griek die oorspronkelijk Jean Marcopoulos heette. In 1953 kwam hij op slechts 29-jarige om het leven bij een auto-ongeluk. In de traditie van James Dean.

De fragmenten komen uit ‘Pigalle-Saint-Germain-des-Prés’ (1950) van producent Ray Ventura en regisseur André Berthomieu die in België werd uitgebracht als ‘Parijs bij Nacht’, zoals uit de affiche blijkt. Het staat in de traditie van de muziekfilm als ‘The Broadway Melody‘ (1929) waarin een groep mensen een show opzet die de inhoud van de film is. De verhaallijn is dat het slecht gaat met nachtclub ‘Le Tambourin’ in Montmartre. Wat niet helpt is dat de eigenaar een gangster is. In dat pre-rock and roll tijdperk komt de concurrentie van de jazz die in de kelders van St. Germain des Prés klinkt. Het existentialisme met als schakelaar Boris Vian die zijn versie van Trenets ‘Que reset-t-il De Not Amours?’ verbeeldt. De bakens worden verzet en een nieuwe club wordt succesvol geopend: ‘La pivoine écarlate’ (De scharlaken pioen). Een Amerikaanse trailer maakt er met hoofdrolspeelster Jeanne Moreau een naaktfilm van die spot met de goede zeden: ‘No Morals’. 

De enscenering van het nummer bevat elementen zoals Latijns-Amerikaanse ritmes (‘South of the Border’-stijl), een chique, goedgekleed publiek, een verwijzing naar Amerikaanse musicals, gangsterfilms en muziekfilms (zie Charlie Barnets Skyliner). Het optreden van de begeleidingsgroep Les Hélianes kan als een voortzetting van de traditie van de oer-begeleidingsgroep The Modernaires worden opgevat. De fascinatie van de fragmenten zit hem in de constructie van een ook in 1950 niet bestaande werkelijkheid die nu toch een reconstructie van deze periode het dichtst benadert. Het is nep én echt tegelijk. We beseffen dat, maar kijken aan de constructie die zo supervet is toch voorbij omdat de congruenties zoals we ons die (willen) voorstellen groter zijn dan de incongruenties die we wel degelijk bespeuren. Zo wordt een constructie genormaliseerd, zoals het gereconstrueerde beeld mag invallen voor het ontbrekende beeld. Bij gebrek aan beter.

En nog eens zingt de 26-jarige Jean Marco die drie jaar later na deze opnames het leven zou laten vol melancholie over een onbereikbare liefde. Toch houdt hij van haar en wat maakt het uit? Hoewel er twijfel is over de zin van deze liefde zoals in elk liefdeslied: ‘Il vaudrait mieux que je renonce à vous attendre// Il vaudrait mieux vous oublier’ (‘Het zou beter voor me zijn om op te houden met wachten op jou// Het is beter om het te vergeten’). Maar Marco kan niet ophouden met wachten. Het verlangen is te groot en hoeft niet ingelost te worden om zinvol te zijn. Wij verlengen dat oneindig wachten namens hem door dit nummer te reproduceren. Hij kan alleen de twijfel uiten, niet het smachten naar haar stopzetten. Hij houdt toch van haar.

Foto: Belgische affiche van de film ‘Pigalle-Saint-Germain-des-Prés’ (1950). 

Rinus naar Eurovisiesongfestival 2018. Met een Nederlandstalige tekst en met voorbijgaan aan de vaste kliek die het als kitsch ziet

with 2 comments

PetitieZANGER RINUS MOET NAAR HET SONGFESTIVAL IN 2018!’ vraagt om Rinus op het Eurovisiesongfestival 2018 Nederland te laten vertegenwoordigen. Geen slecht idee. Samen uiteraard met zijn vaste zangpartner Debora, ofwel Romana. Het is geen probleem dat ze niet kunnen zingen. Daar gaat het immers op het Songfestival allang niet meer om. Welbeschouwd een podium voor marketing, commercie, extravagantie en politieke koehandel tussen landen. Wie vreest dat Rinus en Romana een modderfiguur zullen slaan in Portugal moet zich meerdere ondermaatse vertegenwoordigers van de afgelopen jaren die Nederland stuurde voor de geest halen. Zoals Joan Franka in 2012, Sieneke in 2010 (‘Ik ben verliefd (sha-la-lie)’) of De Toppers in 2009.

De afvaardiging van Rinus Dijkstra uit Drachten heeft drie voordelen. 1) Het herstelt de traditie van zingen in het Nederlands. Want waarom moeten Nederlandse vertegenwoordigers zich uiten in een soort pudding-Engels dat voor een internationaal publiek tekstueel alle scherpte en finesse mist? Van de laatste 18 edities werd slechts eenmaal in het Nederlands gezongen door genoemde Sieneke. Waarom zou Nederland niet met Nederlandstalige tekstschrijvers kunnen schitteren? Was het niet Lucebert die voor de Zangeres Zonder Naam samen met Jean Kraft ’De Soldatenmoeder’ schreef op muziek van Bruno Maderna? Kan Louis Andriessen zo’n project niet herhalen en van de grond tillen? Want het blokkeren  van de ambitie om Nederlandse muziek met Nederlandstalige tekst op het hoogste podium van de populaire muziek te presenteren is kortzichtig en dom.

2) Rinus is in een sociale werkplaats werkzaam als houtbewerker en vertegenwoordigt dat deel van de bevolking dat doorgaans niet of slechts door anderen vertegenwoordigd wordt in de samenleving. Met zijn afvaardiging kan dat goed worden gemaakt. Het geeft een opvallend signaal van emancipatie waar Nederland zich positief mee kan onderscheiden. Dat kan worden versterkt door hoge en lage cultuur te verbinden in het levenslied. Dit geeft kansen die het afvaardigen van steeds weer middelmatige vertegenwoordigers met middelmatige tekst en muziek zonder enige Nederlandse authenticiteit overstijgt. 3) Het kan dan wel zo zijn dat een subcategorie van BN’ers als Paul de Leeuw en anderen die het Songfestival met een vette knipoog bezien zich het hebben toegeëigend, maar dat passeert jaar na jaar die categorie Nederlanders die het Songfestival nog wel echt serieus nemen. Het niet als camp zien, maar het op eigen waarde willen schatten.

Ontlening in de populaire muziek (1951). Van Charlie Parker, Trio Do-Ré-Mi, Hubert Giraud, Jacques Hélian tot Lily Fayol

with 4 comments

Iets geheel anders. Ontlening in de populaire muziek. Voor de documentatie van het nummer ‘Le petit cireur noir’ (Het zwarte schoenenpoetsertje) stuitte ik op dit nummer van de Franse actrice Lily Fayol. IMDB noemt haar actrice en Wikipedia zangeres. Wie luistert hoort dat ze geen zangeres is. Waarom ze meent te moeten zingen is een raadsel. Haar zingen is als het ploegen door een uitgeput paard van een weerbarstige akker.

Volgens de Amerikaanse Charlie Parker-deskundige Phil Schaap -op weekdagen te horen op WKCR met zijn programma Birdflight– is Parkers nummer My Little Suede Shoes gebaseerd op schema’s van twee nummers van het Franse Trio Do-Ré-Mi, Pedro Gomez en Le petit cireur noir. Ze werden geschreven door componist Hubert Giraud, onder meer bekend van het populaire nummer ‘Sous le Ciel de Paris‘. Giraud was na onder meer een Zuid-Amerikaanse tournee gegrepen door ‘exotische ritmes’ en richtte Trio Do-Ré-Mi op als een soort vehikel voor zijn composities. Parker nam het nummer met Afro-Latijnse ritmes voor het eerst op in maart 1951 in New York City met onder meer Luis Miranda op conga en José Manguel op bongo. Parker had de Giraud’ nummers van het Franse trio gehoord tijdens een reis door Europa eind 1950, zoals de Annual Review of Jazz Studies bevestigt. Waarom ik van al die prachtige muziek het gekrijs van Lily Fayol kies is het raadsel. Vooruit dan, nog een ‘exotische’ compositie van Giraud. Hij overleed in 2016 op 94-jarige leeftijd.

.

Na Eurovisie Songfestival voelen Russen zich in de steek gelaten door Europa

with one comment

Zelfs als Oekraïne niet had gewonnen, dan had de Russische Federatie nog niet gewonnen. Australië dat nu als tweede eindigde zou dan hebben gewonnen. Dus het argument van sommige Russen over een vermeende gemanipuleerde jurering van het Eurovisie Songfestival is op z’n minst onvolledig en niet de enige verklaring.

Sommige Russen suggereren nu dat Oekraïne meer vrienden in Europa heeft dan Rusland. Maar dat is nog maar helemaal de vraag. Toen in 2014 de Russen de Oekraïense Krim bezetten bleef het Westen tamelijk stil op wat voorzichtige sancties na. De VS en het Verenigd Koninkrijk kwamen hun garanties van het Boedapester Memorandum 1994 niet na. Met ook een garantie van Frankrijk. Maar als Oekraïne werkelijk meer vrienden in Europa heeft, dan moeten Russen zich afvragen waarom ze bijna al hun Europese vrienden hebben verloren.

Nog geen vier jaar geleden waren de relaties tussen het leiderschap in het Kremlin en de leiders van de EU-lidstaten redelijk goed. Vooral tijdens het presidentschap van de liberaal gezinde Dmitri Medvedev die het redelijk kon vinden met president Obama en Europese leiders. Maar die relaties verslechterden snel vanaf najaar 2013 door de druk van president Putin op de toenmalige Oekraïense president Viktor Janoekovitsj om geen associatie-overeenkomst met de EU te sluiten. En daarna ging het bergafwaarts door de Russische bezetting van de Krim, het beginnen van een oorlog in de Donbas en het neerhalen van de MH17 in juli 2014. En door de snel verslechterde mensenrechten en het hardhandig optreden tegen oppositie en kritische media.

Geen land kan in welke competitie dan ook met gegarandeerd succes vooraf de overwinning claimen. De reactie van sommige Russen dat ze bestolen zouden zijn is dan ook dwaas. Zelfs Cliff Richard kon niet winnen in 1968 en 1973 hoewel hij een ster was en huizenhoog favoriet. Wellicht werd hem in 1968 de overwinning ontstolen door toedoen van de Spanjaarden. Dat is de terugkerende logica van het Eurovisie Songfestival. Het gaat niet alleen over populaire muziek, maar ook over de goede relaties tussen landen. Over de factor om een vertegenwoordiger van een ander land iets te gunnen. En over landen om zich in zo’n gunstige positie te manoeuvreren. Als delen van de Russische bevolking zich nu in de steek gelaten en tekort gedaan voelen door Europa, dan moeten ze hun leiders vragen hoe het zover heeft kunnen komen. Die vraag is aan de orde.

Nick & Simon presenteren hun album ‘Open’ in Museum de Fundatie

with one comment

In Museum de Fundatie in Zwolle is de tentoonstelling ‘Open’ te zien. Uitgangspunt is het album ‘Open’ van het Volendamse zangduo Nick & Simon. Ze zetten deze tentoonstelling op poten. Het eerste exemplaar van hun nieuwe studio-album ‘Open’ werd bij de opening op 18 september uitgereikt aan museumdirecteur Ralph Keuning. ‘OPEN is vanaf vandaag zowel fysiek als digitaal verkrijgbaar via o.a. iTunes, Spotify, Bol.com en That’s Entertainment’, aldus de informatie op de site van Nick & Simon. En: ‘Op vrijdag 2 oktober vindt de live albumpresentatie plaats in de intieme setting van Rock- en Poptempel Paradiso Amsterdam. Begin deze maand bracht uitgeverij New Skool Media ook een unieke eenmalige editie uit van dé ‘Nick & Simon’, een glossy magazine.’ Nick & Simon stellen: ‘Open’ maakt de verbinding tussen muziek en beeldende kunst.’

Wat moeten we hier van vinden? Niets. We moeten hier niks van denken. De museumsector is precies zo krachtig en autonoom als het zelf wil zijn. David Bade/Tirzo Martha/IBB, Ard Doko, Lidy Jacobs, Joseph Klibansky, Danielle Kwaaitaal, Ans Markus, Ruud de Wild en Niels Smits van Burgst gingen ieder met één of meerdere songs uit het album ‘Open‘ van Nick & Simon aan de slag. Is dit het begin van een nieuwe ontwikkeling, de albumisering van de museumsector? Naast de popup-musea en bedrijfsmarketing en bekende ondeskundige Nederlanders als curator -zoals Lotte Haagsma het in Metropolis noemde- kunnen Nick & Simon er nog wel bij met de presentatie van hun nieuwe studio-album ‘Open’ in Museum de Fundatie.

Armenië verwijst naar genocide 1915 op Eurovisiesongfestival

with 2 comments

Vanavond is de eerste halve finale van het Eurovisiesongfestival. Deze keer in Wenen. Armenië doet mee met de gelegenheidsformatie Genealogy die bestaat uit vier zangeressen en twee zangers. Ze zingen het nummer ‘Face The Shadow’ met muziek van Armen Martirosyan and tekst van Inna Mkrtchyan dat ze zelf een ‘krachtig volkslied over vrede, eenheid en liefde’ noemen. Onmiskenbaar gaat het over de genocide van 1915. De lege stoelen symboliseren de dood. Van de 14 familieleden blijft niemand over. De suggestie is dat ze vermoord zijn. Turkije dat de Armeense genocide ontkent heeft weinig mogelijkheden om te interveniëren doordat het onder druk van de islamitische regering van president Erdogan zich afkeert van Europa en sinds 2012 niet meer meedoet aan het Eurovisiesongfestival. Nationale identiteit en geschiedenisglitter als voer voor stilisten.

arm

Foto: Licht bijgesneden schermafbeelding van still uit de Armeense bijdrage van het Eurovisiesongfestival 2015: Face The Shadow‘ van Genealogy.

%d bloggers liken dit: