Parlami d’amore Mariù (1932)

Dit stukje verscheen eerder op George Knight Kort op 24 maart 2012. Licht gewijzigd.

Vittorio de Sica (1901-1974) zingt Parlami d’amore Mariù van componist Cesare Andrea Bixio en tekstdichter Ennio Neri. Het liefdeslied voor Mariù klinkt op een pianolo in een taveerne aan het Comomeer in Gli uomini che mascalzoni (1932) van Mario Camerini. Mannen zijn schurken zegt de titel. De komedie in documentaire stijl gefilmd in Milaan en omgeving wordt soms als de eerste neorealistische film opgevat.

Vittorio de Sica (als Bruno) en Lia Franca (als Mariuccia) in Gli uomini che mascalzoni (1932).

In 1932 is de geluidsfilm nieuw. Het lied is het Leitmotiv in de film en wordt een internationale hit. Engelse (Lily Pons) en Zweedse (Zarah Leander) versies verschijnen. 

Het Franse Le chaland qui passe van tekstdichter André de Badet is een bewerking die tekst en Napolitaanse stijl omgooit. Lys Gauty zingt het in 1933. Onderwerp is het binnenschip. Jean Vigo is zo onder de indruk dat hij zijn meesterwerk L’Atalante doopt. Die film is weer een voorbeeld die leidt tot navolging, onder meer in Young Adam uit 2003.

Mariù wordt nog steeds aanbeden. In allerlei bewerkingen. De Milanese jazzpianist Stefano Bollani brengt een ode aan zijn jeugd en aan De Sica, Camerini en Bixio. En aan de liefde.

Parlami d’amore, Mariù!
Tutta la mia vita sei tu!
Gli occhi tuoi belli brillano
Come due stelle scintillano!
Dimmi che illusione non è,
Dimmi che sei tutta per me!
Qui sul tuo cuor non soffro più:
Parlami d’amore, Mariù. 

Stukjes van ‘George Knight Kort’ worden overgezet

Schermafbeelding van site George Knight Kort en deel van de blogpost Tin Tan en de Mambo (1950-1951).

Behalve dit blog (eigenlijk ‘George Knight Lang‘) dat gaat over politiek, religie, kunst en cultuurpolitiek, en maatschappelijke onderwerpen is er het blog ‘George Knight Kort‘ (GKK). Het bevat meer dan 300 stukjes (vandaar ‘Kort‘) over wat men doorgaans licht amusement en populaire cultuur noemt.

Rond 1990 hoorde ik de Surinaams-Nederlandse schrijver Edgar Cairo in het vrijdagprogramma ‘Het Gebouw‘ van VPRO-radio de vraag stellen waarom er geen of nauwelijks muziek werd uitgezonden. Waarom het allemaal zo bloedserieus was. Daar had de strenge presentator, was het Djoeke Veeninga of Harmke Pijpers?, geen antwoord op.

Cairo had gelijk. Ernst en luim versterken elkaar. Niemand moet zichzelf te serieus nemen. Maar af en toe ontspannen en het bestaan relativeren. Zonder dat de zware onderwerpen vergeten worden.

Als de betreurde Cairo nu nog had geleefd, zo heb ik achteraf wel eens gedacht, dan zou zijn kritiek waarschijnlijk andersom zijn. Waarom is het op de Nederlandse radio allemaal zo lichtvoetig met muzikaal behang die de muziek niet serieus neemt, maar per strekkende meter uitrolt over de luisteraar die evenmin serieus wordt genomen? De zwaarte van 1990 is doorgeschoten naar een nietszeggende vlinderachtigheid van nu.

Ik weet niet meer of de woorden van Cairo in mijn achterhoofd meespeelden toen ik in mei 2011 begon met GKK. Maar ik besefte wel dat zware en lichte onderwerpen samen een evenwichtig pakket bieden. Ik verdeelde dat over twee blogs, mede vanwege de vormgeving van GKK die was gebaseerd op de vormtaal van ontwerper Saul Bass en me overrompelde.

Toen ik gisteren op zoek naar een bepaald onderwerp GKK na lange tijd weer eens bekeek zag ik dat ik die verwaarloosd heb. Vele verwijzingen naar YouTube-filmpjes zijn dood. Ik ben van mening dat er vele waardevolle stukjes of mijmeringen op staan, maar dat die lastig te vinden zijn. Dat is jammer omdat ze me aan het hart gaan en ik ze graag wil delen. Uiteindelijk zal ik het gemuteerde GKK niet sluiten, maar laten voortbestaan.

Vanaf nu wil ik de stukjes van GKK overzetten naar dit blog. Weliswaar in een andere vormgeving, maar met dezelfde inhoud. Of met niet meer dan een lichte wijziging. Dan zal ik tevens proberen om de dode verwijzingen te herstellen. Als dat niet lukt, dan vallen ze af. Andere stukjes zullen afvallen omdat ik ze niet meer zo sterk vind of omdat ze niet tijdloos genoeg zijn, maar te veel zijn gebonden aan de datum van ontstaan. In 2011, 2014 of 2017. Over de stukjes in concept die nog niet zijn geplaatst op GKK overweeg ik om ze te zijner tijd hier te plaatsen.

Bedenk dat het korte overpeinzingen zijn die uitgaan van de populaire cultuur van voor en na de Tweede Wereldoorlog. Ik heb het niet precies nagegaan, maar de verwijzingen lopen tot in de jaren 1960. Soms hebben ze weinig om het lijf, soms zit er achter de glitter een waarheid verborgen. De stukjes van GKK die ik hier de komende tijd plaats zal ik onderscheiden van de reguliere stukken door ze te voorzien van het kenmerk GKK en de originele datum van plaatsing.

Nederland in populaire cultuur van VS

Affiche voor Amerifilm ‘Hans Brinker or The Silver Skates‘, (1962)

In de VS heerste ooit een Holland-cultus in de populaire cultuur. Geschiedschrijving à la Walt Disney die doordringt in de beeldvorming. Hans Brinker is de serieuze jongen die met zijn vinger in de dijk zijn gemeenschap redt.

Was New York in de 17de eeuw niet gesticht als Nieuw Amsterdam door de Nederlanders en hadden de WASP’s (White Anglo-Saxon Protestant) die tot in het midden van de 20ste eeuw het politieke leven van de VS bepaalden en de calvinistische Hollanders geen overeenkomsten?

Denk aan het schip de Mayflower dat in 1620 na een verblijf van 11 jaar in Leiden met vanwege hun godsdienst naar de Republiek gevluchte Engelsen naar Virginia voer. Deze oervaders worden nu nog gezien als Amerikaanse adel. Het lijkt er sterk op dat na het afnemend belang van de WASP’s ook het accent op de vlijtige, arbeidzame en betrouwbare Nederlanders in de beeldvorming is verminderd. In het latere globalisme en door andere immigratiegolven nam het relatieve belang van Nederland in de VS hoe dan ook af.

Denk aan songs als Little Dutch Mill die Dave Fleischer in 1934 in een cartoon verwerkte. De Nederlanders in klederdracht zijn aan het schoonmaken en tonen zich van hun beste kant als zogezegde wereldverbeteraars. Half satire en half serieus.

Een zinswending in de song heeft een plagende ondertoon: ‘They both had so much moon, that it was a real Dutch treat‘. Dat laatste betekent dat iedereen voor zichzelf betaalt. Dat wijst op schraapzucht en wordt niet als goede eigenschap gezien. Maar het wijst ook op realiteitszin en egalitarisme. Vandaar is het een kleine stap naar het motto ‘doe-maar-gewoon-dan-doe-je-al-gek-genoeg’ van een land zonder paleizen, maar met molens. Hoe ook in Nederland dat idee werd bijgebogen blijkt uit het apocriefe verhaal dat jarenlang verteld werd over het legendarische kaakje waarmee toenmalig premier Willem Drees in 1948 de Amerikaanse Marshallhulp zou hebben verzekerd wegens zijn zuinigheid en ernst.

De herkomst van dit soort begrippen met ‘Dutch‘ heeft in het Amerikaans-Engels trouwens geen Nederlandse, maar een Duitse herkomst. Het tekent het belang van Nederland in een bepaalde periode (al is het in negatief opzicht) dat in de loop van de tijd Dutch niet langer Duits, maar Nederlands ging betekenen.

De ironie van de geschiedenis is dat in de Vrede van Breda (1667) de Republiek Nieuw-Amsterdam moest afdragen aan de Engelsen en Suriname kon behouden. Hiermee was de weg definitief vrij voor de opwaardering van Nederland in de populaire cultuur van de VS. Nederland was in latere eeuwen immers geen bedreiging meer voor de VS en was na Frankrijk het tweede land dat de VS in 1776 officieel erkende. Het hielp ook mee dat in hun geschiedschrijving Nederlanders en Amerikanen de verwaande en gehate Engelsen als vijand hadden. Ook dat schiep een band tussen beide volkeren.

Hoe stereotypering ook neveneffecten heeft en de blik beperkt leert de ondertitel van onderstaande foto uit 1915. Van twee zwarte vrouwen in Paramaribo wordt gezegd dat ze op Nederlandse vrouwen lijken. Maar dan ‘turned black‘. Dat klinkt normatief. Het is ook vloeken in de kerk van de puristen van culturele toe-eigening die grenspalen tussen bevolkingsgroepen opwerpen. Suriname werd in 1954 (tot 1975) officieel een deel van het Koninkrijk Nederland en was vanaf 1667 een Nederlandse kolonie.

Alpheus Hyatt, ‘The women look like Dutch women turned Black, Paramaribo‘, 1915. Collectie: The New York Public Library

Bestaat pretentieloos amusement met pretentie? Met als voorbeeld ‘The Secret Music of China’ (1947)

Nu iets geheel anders. Populaire muziek uit 1947. Maar niet zomaar amusement. Het gaat om de LP ‘Secret Music of China‘ van het orkest van Alexander Laszlo met een bijdrage op theremin van Samuel Hoffman. Het is de weergave van een musical. De laatste is in Nederland bekend door de uitgave uit 1999 van Basta Music met 3 CD’s met daarop vreemde salonmuziek van EP’s uit de jaren 1947 -1950. In 1949 werd na een lange burgeroorlog de Volksrepubliek China uitgeroepen.

De vraag hoe pretentieloos amusement pretentie krijgt roept deze LP op. Hoe zuiver is dat?  

Valerio Saggini besteedt in een blogpost uit 2002 aandacht aan deze LP en zegt over het nummer Rape of Nanking: ‘Night. December 13, 1937. Nanking is raging in battle. Women left the maelstrom tremble with fear. Outside the room, a command to halt is heard, and a child calls out: The Japanese are here! In a rush, the crowd tries to escape, but some are too late. Trapped, a group of women return to the room and lock themselves in. A soldier pounds at the door, and then crashes through, followed by others. One girl nearly escapes, but a soldier blocks her way. Amid the uproar and screams, he thrusts at her with his bayonet. Night, December 13, 1937‘.

Pretentieus amusement met een boodschap is een ongekende tussencategorie. Licht amusement gaat nergens over en omvat geen systeemkritiek. Het bedient zichzelf en de industrie waar het uit voortkomt en die gaat voor geldelijk gewin.

Met een variant op de uitspraak van theoloog Harry Kuiter over het mensbeeld en God: ‘Alle spreken over Boven komt van beneden, ook het spreken dat beweert van Boven te komen‘ zou je kunnen zeggen over pretentieus amusement: ‘Alle muziek over Boven komt van beneden, ook de muziek die beweert van Boven te komen‘. Het hoort bij de marketing van de muziekindustrie om een hoger doel te suggereren dat er eigenlijk niet is. Dat wordt er opgeplakt om het beter te verkopen. Meer dan dat is het niet.

Hoe een musical of LP als ‘The Secret Music of China‘ daarin past is nog niet zo makkelijk te beantwoorden. De vorm is die van het amusement van Hollywood dat systeemkritiek per definitie verbergt achter andere doelstellingen: een lopend verhaal waarvan de ‘montage’, de constructie wordt verhuld, individualisering van structuren zodat een aanval op het systeem uit de weg wordt gegaan en aansluiting bij de op dat moment geldende vormgeving van de populaire cultuur.

Ik kom er niet uit wat een project als ‘The Secret Music of China‘ is. Denk ook aan de goede doelen acties van populaire artiesten om het onrecht in de wereld te bestrijden. Dat toont vaak vals en hypocriet. Zie ze dringen om vooraan te staan. Bestaat pretentieloos amusement met pretentie die het echt meent?

Queen Opp en Michelle maken parodie van bekeringsvideo: ‘WE AINT MUSLIM NO MORE’

Sinds een week is er reuring op sociale media over de muziekvideo ‘We ain’t Muslim no more’ van Queen Opp (‘I RUN PHILLY AND IM THE MOST HATED PERSON IN PHILADELPHIA’) en Michelle. Ze zouden nooit moslims zijn geweest, maar net doen alsof ze uit de islam zijn gestapt. Critici vinden dat ze respectloos zijn jegens de islam. Ze storen zich eraan. Queen Opp beroept zich op haar vrijheid van meningsuiting.

Bekeringsvideo’s zijn een apart genre die worden ingegeven door publicitaire, economische en politieke belangen. Soms is het een echt ‘verhaal’, meestal is het fabricatie vanwege het effect. Onderdeel van een industrie. Van moslim naar christen, van christen naar moslim, van moslim naar atheïst, van moslim naar hindoe, van christen naar atheïst, van atheïst naar christen. De mogelijkheden zijn groot. Elk subgenre kent eigen kanalen en belangengroepen. Religie is een lucratieve markt waarop veel geld valt te verdienen. De producenten van Queen Opp en Michelle maken daar handig gebruik van. Door hun groteske overdrijving ondermijnen ze de geloofwaardigheid van de bekeringsvideo. Daarom besteedt dit blog er aandacht aan. 

Kenmerkend is dat de actieve Queen Opp en de apathische Michelle zo gigantisch over de top gaan, dat het er weer aardig op wordt. Zonder talent, maar met durf en brutaliteit weten ze de publiciteit te halen. Hun talent is hun brutaliteit. Hun bekering van de islam naar het christendom is niet alleen nep en immers nog steeds non-nieuws als het echt zou zijn, maar het wordt door hen ook zo geframed dat de indruk niet anders kan zijn dan het nep is. Queen Opp en Michelle zijn met hun producent de ultieme vertegenwoordigers van nep-feitelijkheid tijdens de periode van het Trumpisme. Het is onbeschaamd, narcistisch, gekunsteld, tergend, ijdel en gespeend van elk waarheidsgehalte. Vorm overwoekert de inhoud van individuen die erin verdwijnen.

Foto: Still uit een video op Instagram waarin Queen Opp (links) uitlegt waarom ze zich bekeert van de islam naar het christendom.

Zaak Michael Jackson toont aan dat musea op moeten passen met het binnenhalen van sociale fenomenen uit de populaire cultuur

De vraag wat er pleit tegen de tentoonstelling ‘Michael Jackson: On the Wall’ roept de vraag op wat er voor pleit. De tentoonstelling is ontwikkeld door de National Portrait Gallery in Londen met medewerking van de Michael Jackson Estate en reisde daarna door naar Parijs en zal de Kunsthalle Bonn (22 maart – 14 juli 2019) en het Espoo Museum of Modern Art (EMMA) in Finland (21 augustus 2019 – 26 januari 2020) aandoen.

Een persbericht van de Kunsthalle zegt: ‘Michael Jackson is een van de meest invloedrijke kunstenaars die de 20e eeuw heeft voortgebracht. Ook in de 21e eeuw blijft zijn erfenis ongekend populair. Zijn enorme impact op de gehele popcultuur is alom bekend, maar bijna niemand heeft weet van zijn aanzienlijke invloed op de moderne kunst.’ Dat is een nieuwe invalshoek, namelijk dat Michael Jackson ‘aanzienlijke invloed’ op de ‘moderne kunst’ heeft gehad. Met dat laatste wordt waarschijnlijk de hedendaagse westerse kunst bedoeld.

Dat valt van meer iconen uit de populaire cultuur te zeggen, zoals Elvis Presley, James Dean, The Beatles, Madonna, Prince, Yves Saint Laurent, David Bowie of Mickey Mouse. Een persbericht van het EMMA zoekt de verklaring voor de populariteit van Jackson vooral in de kwantiteit: ‘Almost a decade after his death, Jackson’s influence has not waned: his record sales, now in excess of one billion, continue to grow; his short films are still watched; and his enormous fan base remains loyal.’ Rechtvaardigen volksgunst en naamsbekendheid in de populaire cultuur een tentoonstelling met werk van onder meer Dara Birnbaum, Isa Genzken, Michael Gittes, Paul McCarthy, Grayson Perry, Mark Ryden en Andy Warhol in een gerenommeerd museum?

De aandacht voor een tentoonstelling die Jackson als uitgangspunt heeft wordt door deze musea verantwoord door hem als een sociaal fenomeen te presenteren. Dat is een schijnverklaring. Want een sociaal fenomeen is nog geen voldoende reden voor een museumpresentatie. Waarom is dan wel deze tentoonstelling ”Michael Jackson: On the Wall’ ontwikkeld? Is het te plat om te zeggen dat het een vehikel is voor sponsors die hun naam eraan willen verbinden omdat een icoon uit de populaire cultuur altijd bezoekers trekt? Zodat de musea met hun populisme de kloof met het volk kunnen verkleinen en het volk krijgt wat het graag wil vreten, namelijk het bekende. En bovenal musea met zakken geld van de sponsors hun balans kunnen oppoetsen.

Ach, nu is er de kritische documentaire Leaving Neverland waarin Michael Jackson van kindermisbruik wordt beticht. Zelfs het op veilig spelen door musea biedt geen garantie meer voor de toekomst. Musea kunnen beter terugkeren naar hun kernzaak en zich niet af laten leiden door bezoekcijfers, sponsorgeld en het behagen van volk en politiek. Musea moeten op scherp zetten, niet behagen en zelf populair willen zijn.

Het ‘National Football Museum’ in Manchester loopt vooruit op de ontmanteling van Jackson als sociaal fenomeen en heeft een standbeeld van hem verwijderd, aldus een bericht in The Sun. Het museum geeft als commentaar: ‘While it’s not our place to comment on or react to allegations made in the new documentary, it’s our intention as part of our new plans for transforming the museum over the coming months to tell relevant stories about football.’ Kortom, een voetbalmuseum behoort in de kern over voetbal te gaan en een kunstmuseum over kunst. Door teveel belang te hechten aan marketing en bezoekcijfers kunnen musea onderuit gaan omdat ze geen controle hebben over het fenomeen dat ze willen presenteren en dat op hen af moet stralen. Dat kan positief, maar ook negatief. Dat is de keerzijde zoals de zaak Michael Jackson aantoont.

Rinus naar Eurovisiesongfestival 2018. Met een Nederlandstalige tekst en met voorbijgaan aan de vaste kliek die het als kitsch ziet

PetitieZANGER RINUS MOET NAAR HET SONGFESTIVAL IN 2018!’ vraagt om Rinus op het Eurovisiesongfestival 2018 Nederland te laten vertegenwoordigen. Geen slecht idee. Samen uiteraard met zijn vaste zangpartner Debora, ofwel Romana. Het is geen probleem dat ze niet kunnen zingen. Daar gaat het immers op het Songfestival allang niet meer om. Welbeschouwd een podium voor marketing, commercie, extravagantie en politieke koehandel tussen landen. Wie vreest dat Rinus en Romana een modderfiguur zullen slaan in Portugal moet zich meerdere ondermaatse vertegenwoordigers van de afgelopen jaren die Nederland stuurde voor de geest halen. Zoals Joan Franka in 2012, Sieneke in 2010 (‘Ik ben verliefd (sha-la-lie)’) of De Toppers in 2009.

De afvaardiging van Rinus Dijkstra uit Drachten heeft drie voordelen. 1) Het herstelt de traditie van zingen in het Nederlands. Want waarom moeten Nederlandse vertegenwoordigers zich uiten in een soort pudding-Engels dat voor een internationaal publiek tekstueel alle scherpte en finesse mist? Van de laatste 18 edities werd slechts eenmaal in het Nederlands gezongen door genoemde Sieneke. Waarom zou Nederland niet met Nederlandstalige tekstschrijvers kunnen schitteren? Was het niet Lucebert die voor de Zangeres Zonder Naam samen met Jean Kraft ’De Soldatenmoeder’ schreef op muziek van Bruno Maderna? Kan Louis Andriessen zo’n project niet herhalen en van de grond tillen? Want het blokkeren  van de ambitie om Nederlandse muziek met Nederlandstalige tekst op het hoogste podium van de populaire muziek te presenteren is kortzichtig en dom.

2) Rinus is in een sociale werkplaats werkzaam als houtbewerker en vertegenwoordigt dat deel van de bevolking dat doorgaans niet of slechts door anderen vertegenwoordigd wordt in de samenleving. Met zijn afvaardiging kan dat goed worden gemaakt. Het geeft een opvallend signaal van emancipatie waar Nederland zich positief mee kan onderscheiden. Dat kan worden versterkt door hoge en lage cultuur te verbinden in het levenslied. Dit geeft kansen die het afvaardigen van steeds weer middelmatige vertegenwoordigers met middelmatige tekst en muziek zonder enige Nederlandse authenticiteit overstijgt. 3) Het kan dan wel zo zijn dat een subcategorie van BN’ers als Paul de Leeuw en anderen die het Songfestival met een vette knipoog bezien zich het hebben toegeëigend, maar dat passeert jaar na jaar die categorie Nederlanders die het Songfestival nog wel echt serieus nemen. Het niet als camp zien, maar het op eigen waarde willen schatten.

Day Above Ground bespot zichzelf met Asian Girlz

Waar verandert satire in racisme? De Amerikaanse jongensband Day Above Ground stopt allerlei vooroordelen in 5 minuten. Angry Asian Man valt de video frontaal aan: ‘This racist, yellow fever bullshit is an actual song, and it is possibly the worst song I’ve ever heard.’ Levy Tran is de dame in bad. Moet het verboden worden? Nee. Is het de moeite waard? Nee. Beelden en tekst zijn van een onbegrijpelijke dommigheid. Gaat de vlieger op dat het ‘maar’ rock ’n roll is? De video bevestigt aloude stereotypen over orientalisme. Day Above Ground exploiteert deze met een satirische platheid. Zo bezien wordt het weer satire. Niet door, maar over een jongensband die gevangen zit in marketing, racisme, obsessie met Aziatische vrouwen, sexuele fantasie en een beperkt wereldbeeld. Het probeert de draak met China te steken, maar eindigt in zelfbeschimping.

In de VS wordt Day Above Ground ook door anderen beschimpt. Er wordt druk op festivals en concertzalen uitgeoefend om de groep niet te engageren. Bijvoorbeeld: ‘and please stop Day Above Ground from ever performing at your great venue‘. Lees meer op de Facebook-pagina van de House of Blues Sunset Strip. Is Asian Girlz een inschattingsfout van het management van deze groep die tot economische schade leidt?

LT

Asian girl, She’s my Asian girl
You’re my Asian girl, You’re my Asian girl
You’re my Asian girl, She’s my Asian girl
Yes, my Asian girl, You’re my Asian girl

I love your sticky rice
Butt fucking all night
Korean barbecue
Bitch I love you
I love your creamy yellow thighs
Ooh you’re slanted eyes
It’s the Year of the Dragon
Ninja pussy I’m stabbin’

Asian girl, You’re’s my Asian girl
You’re my Asian girl, She’s my Asian girl
You’re my Asian girl, She’s my Asian girl
Yes, my Asian girl, You’re my Asian girl

Superstitious feng shui shit (what)
Now lay your hair by the toilet
I’ve got your green tea boba
So put your head on my shoulder
Your momma’s so pretty
Best nails in the city
Pushing your daddy’s Mercedes

Asian girl, She’s my Asian girl
You’re my Asian girl, You’re my Asian girl
You’re my Asian girl, She’s my Asian girl
Yes, my Asian girl, You’re my asian girl

New Year’s in February (February?)
That’s fine with me (I guess)
Yeah, shark soup (What? Fuck it, we’ll eat it)
Oh, tradition, tradition, tradition, yeah yeah
Baby, you’re my Asian girl
You’re legally (best kind)
So baby marry me
Come on sit on my lap (right here baby)
Or we’ll send you back
And you age so well
I can barely tell
17 or 23?
Baby doesn’t matter to me

Asian girl, She’s my Asian girl
You’re my Asian girl, You’re my Asian girl
You’re my Asian girl, She’s my Asian girl
Yes, my Asian girl, You’re my asian girl

Arcadia
J-Town
Alhambra
K-Town
Temple City
Don’t forget Chinatown
Get down
Happy endings all over
Bruce Lee
Toyota
Spicy tuny
Sashimi
Tasty Garden
Fried Lice
Sailor Moon
Wonton soup
Spring roll
Tibet
Foot rub rub a down down down
Fa ra ra ra ra ra ra ra ra ra ra
Tofu
All over you all over me

Foto: Schermafbeelding met Levy Tran uit Asian Girlz van Day Above Ground. Uitgekomen op 27 juli 2013. 

Heilsarmee in Songfestival: Kan kerkmuziek de pop-hemel bestormen?

Het Zwitserse Leger des Heils neemt deel aan de voorronden van het komende Eurovisie Songfestival in het Zweedse Malmö. De finale is op 18 mei 2013. De band ‘Heilsarmee‘ won de Zwitserse voorronde met een Engelstalig, evangelisch en Euro-egalitaristisch liedje. Het heet You and Me en is door Georg Schlunegger geschreven. Directe verwijzingen naar het christendom ontbreken. Er wordt een beeld van blijde verbondenheid opgeroepen: ‘Sailing on a stormy sea, we’re together you and me‘. Kortom, een kanshebber.

Helaas kwam er een kink in de kabel: de uniformen en de naam. Van de organisatie mag de Heilsarmee op de Bühne geen uniform dragen. Zo’n verbod maakt zangeres Sarah Breiter niets uit, want achter elk uniform steekt een mens merkt ze filosofisch op: ‘Hinter jeder Uniform steckt ein Mensch und das wollen wir auch zeigen‘. Van de organisatie mag evenmin de naam ‘Heilsarmee’ gebruikt worden. Te christelijk. In Duitsland staat intussen de groep ‘Die Priester‘ klaar om mee te doen aan de voorronde. Is hier sprake van een tendens?

image

Foto: Partituur van You and Me van Georg Schlunegger

Project Mayhem

Update 20 oktober: Onderdeel van Project Mayhem is TYLER. Zo kan Anonymous de nieuwe WikiLeaks worden. Als het lukt. Het in het nauw gebrachte WikiLeaks desintegreert en Anonymous neemt het over. Decentraal en daarom beter bestand tegen het counterterrorisme van de regering-Obama. De lancering van TYLER bezegelt het einde van de samenwerking tussen Anonymous en WikiLeaks. Een logische ontwikkeling. Zie bij reacties.

Ontlenen en herschikken doen het ‘m. Als basis dient een voorbeeld uit de populaire cultuur. Amerikaans. Iets dat diepzinnigheid en maatschappijkritiek oproept. Zo velen aanspreekt. Maar ook weer niet te ver gaat door werkelijk politiek ondermijnend te worden. Dat schrikt af. Ofwel, vaagheid binnen ruime contouren. Zeg, een film als Blade RunnerThe MatrixProject X. Of Fight Club uit 1999 van David Fincher. Met Edward Norton en Brad Pitt. Over een ondergrondse vechtclub die koerst op revolutie. Of apocalyps. Project Mayhem is geboren.

Aanduidingen naar sociale media en internetcultuur maken het plaatje rond. Bij Anonymous met robotstem, masker en vaste woordkeuze is het aantrekkelijk lenen. Concreet genoeg om niet alles uit te hoeven leggen. Het verplicht tot niks en speelt in op bewustwording. Tientallen filmpjes op YouTube verwijzen naar Project Mayhem. Iedereen kan meedoen en beweging geven aan de tegenbeweging. Bewuste burgers lekken samen informatie van 12 tot 21 december 2012. Vederlicht scheert de revolutie langs de oppervlakte. Dat u het weet.

Foto: Edward Norton en Helena Bohham Carter in eindscène van ‘Fight Club‘: Everything’s Gonna Be Fine