In het spiegelpaleis van de politiek miskennen velen hun eigen rol

AfficheHinab mit dem Geschmeiß! Wählt Kommunisten!‘(Weg met het tuig! Kies Communisten!) van de KPD, 1924.

I. Dat het enerzijds-anderzijds denken als pose en begrip een gat in de markt is valt af te lezen aan een rechtse site die de eigen overtuiging als redelijk en neutraal probeert te presenteren. Bij nader inzien is het een alledaagse radicaal-rechtse site die niet redelijk en neutraal is en via een gematigde overtuiging verschillen wil overbruggen. Opzet is het presenteren van meningen die haaks staan op democratie en rechtsstaat.

Waarschijnlijk vinden deze rechts-radicalen het niet chique om open en bloot voor de eigen overtuiging uit te komen en moet de lezer misleid worden door een gematigde verpakking. Ook kan het een manier zijn om gematigde kiezers onder valse voorwendsels in het eigen kamp te trekken.

Het is een oude truc uit communistische hoek. De communisten zetten ooit mantelorganisaties op die een zogenaamde onafhankelijke organisatiestructuur hadden, maar in werkelijkheid een verlengstuk van de communistische partij waren. Alleen waren degenen die lid van zo’n mantelorganisatie daarvan niet op de hoogte.

Zo begrijpen linkse maatschappijcritici die niet alleen het regeringsbeleid afkraken inzake de bestrijding van de pandemie, de armoedebestrijding of de inkomensongelijkheid, maar verdergaan door de democratie ter discussie te stellen, onvoldoende dat ze zich hiermee onbewust tot lid verklaren van een mantelorganisatie. In dit geval niet de communistische, maar de ultra-rechtse partij die de oorlog heeft verklaard aan de democratie die het omver wil werpen om te vervangen door een autoritaire staat. Zeg maar, het Weimar-scenario.

Het is het cynisme van goedwillende linkse maatschappijcritici die zichzelf beschouwen als redelijk en evenwichtig, maar het omgekeerde bereiken van wat ze beogen. Want ze steunen indirect een partij waarbij de linkse ‘onderwerpen’ in slechte handen zijn.

II. Hiermee is niet gezegd dat links geen kritiek kan hebben op het regeringsbeleid. Integendeel. Het is juist de taak van links om de status quo en het beleid ter discussie te stellen met de intentie om het te willen veranderen. Want er valt nog zoveel te verbeteren. Leidraad daarbij zijn ideeën over grondrechten, gelijkheid en solidariteit die nog immer universele waarde hebben.

Het gaat pas mis als linkse critici hun kritiek niet onlosmakelijk combineren met een pleidooi voor een weerbare democratie, maar zich door de ultra-rechtse retoriek mee laten voeren in een cynische houding jegens de democratie of het standpunt dat er verschillende waarheden naast elkaar bestaan. Zodat niets meer door allen getoetst en gedragen kan worden.

Vermoedelijk is dat het verschil tussen radicaal-links en gematigd-links. De eersten stoppen niet bij de kritiek op het beleid, maar willen een systeemverandering. De laatsten, ouderwets gezegd, de revisionisten, stoppen wel bij de kritiek op het beleid en steunen onbetwistbaar de democratie.

III. Zo ontstaat het beeld van het hoefijzer. Daar gaan radicaal-links en radicaal-rechts in elkaar over. Zoals bij een magneet is het de vraag wie nou wie aantrekt. Hoofdzaak voor beide soorten radicalen is een systeemverandering die op een niet gelijklopende manier samengaat met sociaal-culturele aspecten over identiteit en nationaliteit. Want waar het rechts voornamelijk is te doen om de culturele onderwerpen als afleiding te gebruiken, meent links het serieus als emancipatiedoel. De wijziging van het ‘gewone’ beleid wordt bij bede groepen radicalen echter ondergeschikt.

IV. Dat is via een omweg precies waar het de zittende macht van gematigd-rechts om te doen is, namelijk het afzwakken van sociaal-economisch beleid over belastingontwijking, eigendomsverhouding en armoedebestrijding. Dat gebeurt in nauwe samenwerking met het bedrijfsleven dat ook de status quo wil handhaven. Toegespitst op de Nederlandse politiek maakt dat vanuit het perspectief van gematigd-rechts (VVD en CDA) duidelijk waarom het aan gematigd-links (PvdA en GL) geen grote rol in een volgend kabinet wil toebedelen.

Op het niveau van de praktische politiek steunen radicaal-links én radicaal-rechts op hun ongelijksoortige manier de afwaardering van de sociaal-economische onderwerpen waarmee ze gematigd-rechts in de kaart spelen omdat dit nou precies het hoofddoel van gematigd-rechts is. Namelijk het handhaven van de status quo, inclusief eigendomsverhoudingen. Gematigd-links is daarop de uitzondering, mits het zich niet teveel af laat leiden door de sociaal-culturele onderwerpen over identiteit, integratie en nationaliteit.

V. Dus? Iedereen moet beseffen dat hij of zij voor het karretje van een ander kan worden gespannen zonder dat door te hebben. Of op een politiek-filosofisch niveau zelfs zonder door te kunnen hebben.

Beleidskritiek van links werkt averechts als het niet direct verbonden is aan de verklaring om democratie en rechtsstaat te ondersteunen. Ook radicaal-rechts laat zich in de luren leggen door de zittende macht van gematigd-rechts als het zegt te opteren voor de omverwerping van de democratie, maar in werkelijkheid de meeste energie steekt in culturele onderwerpen die niet meer dan een nevenattractie zijn van een politiek waarvan het doel het zaaien van verwarring is en het onzichtbaar maken van verschillen. Een spiegelpaleis waarin velen niet alleen de weg kwijt zijn, maar evenmin beseffen wat hun eigen positie is.

Aandacht voor topsport is buitensporig. Het verbindt niet, maar verdeelt

Bukayo Saka, 19, was targeted with racist abuse after Sunday’s Euro 2020 loss. (Reuters/Carl Recine)

De claim dat topsport verbindt is een misverstand. Degenen die dat zeggen en verbinding naar voren brengen als kenmerk van topsport weten dat het onzin is, maar om commerciële en politieke redenen houden ze uit eigenbelang de claim in de lucht.

De Londense Metropolitan Police meldt vandaag volgens een bericht op Politico dat het ‘onderzoek deed naar de golven van online raciaal misbruik waarmee de zwarte spelers van het Engelse voetbalteam werden geconfronteerd nadat de ploeg door Italië was verslagen in de Euro 2020-finale’. Bukayo Saka, Marcus Rashford en Jadon Sancho, die allemaal zwart zijn, namen deel aan de strafschoppenserie die nodig was nadat de stand na 120 minuten wedstrijd gelijk was. Sindsdien zijn ze het slachtoffer van racistische scheldpartijen op hun sociale media-pagina’s.

Tweet van Londense politie, 12 juni 2021.

De claim over die verbinding maakt topsport belangrijker dan het feitelijk is en trekt geld aan. Omroepen die hun zendtijd rijkelijk vullen met uitzendingen van topsport werken er bewust aan mee om het misverstand in de lucht te houden. Ze geven zich over aan de gemakzucht. Zodat het misverstand in de beeldvorming nog sterker benadrukt wordt. Want omroepen hebben zich grotendeels afhankelijk gemaakt van de aanbieders van topsport. Ze larderen dat met ellenlange praatprogramma’s over sport die relatief makkelijk te maken zijn en niet veel kosten.

Zo tekent zich een bizarre samenklontering af van sportbobo’s, sportbemiddelaars, sportbonden, investeerders in topsport, politici die de nationale kaart trekken als er een sportprestatie geleverd wordt door de ‘eigen’ sporters, mediabedrijven die sport aanbieden, omroepen die topsport uitzenden en het publiek dat topsport in grote porties voorgeschoteld krijgt en geconditioneerd is om niet verder te vragen.

De politiek vindt de buitensporige aandacht voor topsport best omdat het de perfecte afleiding is van echte problemen die niet of slechts mondjesmaat aangepakt worden. Zoals de klimaatproblematiek, de pandemie, goed bestuur of evenwichtige eigendomsverhoudingen.

Van de aandacht voor topsport wordt gezegd dat het iets is ‘waarmee je het volk tevreden houdt’. Maar de waarheid is dat de Romeinse schrijver Juvenalis die de term brood en spelen (‘panem et circenses‘) bedacht het niet serieus, maar spottend bedoelde. Onze Taal zegt in een trefwoord hierover: ‘De keizers zorgden voor deze gratis spelen en dit gratis brood om het volk rustig te houden. Juvenalis gebruikte de term brood en spelen sarcastisch. Hij wilde ermee aangeven dat het Romeinse volk oogkleppen ophad voor het verval van het Romeinse Rijk. Zolang er maar brood werd uitgedeeld en spelen werden georganiseerd, was het volk tevreden, en keek het niet verder dan zijn neus lang was.

Het is merkwaardig dat de term brood en spelen ontdaan is van de spottende betekenis en tegenwoordig ver is afgedwaald van wat het ooit betekende. Het wordt als verdienste voorgesteld, maar dient om te verhullen. Dat is het gevolg van misleiding (‘sport verbindt’) en afleiding (‘het volk kijkt niet verder dan de neus lang is’).

Moeten we ons druk maken over de in ogen van sommigen onevenredige aandacht voor topsport in de media? Je kunt toch zeggen dat het volk uiteindelijk krijgt wat het verdient? Maar dat is te simpel bekeken omdat er geen echte keuze meer is. De rest is wegbezuinigd. Liefhebbers van sport die buiten de topsport valt, kunst, film of natuur worden in de media stiefmoederlijk bedeeld. Ze worden in de steek gelaten. Daar gaat het mis.

Het begin van een oplossing om te komen tot een evenredige aandacht voor topsport die niet zo buitensporig is als nu is het besef dat topsport niet verbindt, maar verdeelt. Wellicht kan men nog beweren dat aandacht voor topsport mensen in de eigen kring beter insluit, maar de keerzijde daarvan is dat het de verdeeldheid tussen groepen mensen vergroot. Topsport raakt aan de open zenuwen van een samenleving zoals de racistische uitingen van het Engelse voorbeeld illustreren.

Welke sport- of mediabobo wil daarmee geassocieerd worden in deze tijden waar de termen diversiteit en inclusie bekende begrippen zijn? Laten we ze ter verantwoording roepen door de claim dat sport verbindt door te prikken. Het sprookje heeft lang genoeg geduurd.

Video die we van Café Weltschmerz niet mogen zien. Ab Gietelink verliest coronadebat van Maarten Keulemans

Villamedia meldt in het artikelCafé Weltschmerz wist video coronadebat wetenschapsjournalist Maarten Keulemans‘ het volgende medianieuws: ‘Wetenschapsredacteur Maarten Keulemans (Volkskrant) heeft zijn ergernis laten blijken over een door discussieplatform Café Weltschmerz verwijderde video van een gesprek tussen hemzelf en publicist en coronascepticus Ab Gietelink. Volgens Café Weltschmerz was het debat inhoudelijk niet goed genoeg.

De claim van Café Weltschmerz is onjuist. Keulemans slaat Gietelink in het gesprek knockout. Hij beschuldigt hem in het gesprek van populisme en Gietelink heeft daar geen antwoord op.

Uit het artikel van Villamedia blijkt dat nadat Café Weltschmerz de video van het gesprek tussen Gietelink en Keulemans offline heeft gehaald er een kopie circuleert die Yarno Ritzen ervan heeft gemaakt. Keulemans bedankt Ritzen daarvoor in een tweet. Deze video is hier te zien. Het maakt het mogelijk voor kijkers om zelf te controleren of de bewering van Café Weltschmerz klopt of uitsluitend dient om Ab Gietelink en de eigen agenda te beschermen.

Gietelink is een prominente presentator op Café Weltschmerz die sinds begin 2020 COVID-19 als aandachtsterrein heeft gekozen en daarmee een nieuwe alternatieve loopbaan probeert op te bouwen. Hij is van oorsprong theatermaker zonder medische expertise.

Gietelink trekt in eigen kring met een schare van vaste medestanders voortdurend de wetenschap, de politiek en de media in twijfel. Ook dat verwijt Keulemans hem en daar heeft Gietelink geen weerwoord op. Keulemans verwijt Gietelink dat hij voortdurend beschuldigingen over ‘de media’ ventileert zonder concreet te worden, zodat media zich niet verdedigen kunnen tegen deze ongerijmde aantijgingen.

Feit dat Café Weltschmerz deze video verwijdert geeft aan dat het zelf precies doet wat het ‘de media’ verwijt. Namelijk, selectief en eenzijdig te werk gaan. Feitelijk zijn ‘de media’ pluriformer en geven meer ruimte aan ‘tegengeluid’ dan Café Weltschmerz dat vrijwel uitsluitend vanuit een gesloten wereldbeeld voor eigen parochie preekt. Media hanteren een professionele code en zijn daardoor verplicht zich aan een aantal gedragsregels te houden, terwijl Café Weltschmerz dat niet doet.

Ab Gietelink is de prediker die ontmaskerd wordt als inhoudsloos en demagogisch. Keulemans prikt dat keihard door.

Het is duidelijk waarom Café Weltschmerz dit gesprek heeft verwijderd. Gietelink heeft geen argumenten en dat wordt hem door Keulemans verteld. Café Weltschmerz kan de video niet online laten staan omdat daardoor de bodem onder de eigen agenda wordt weggeslagen. Met terugwerkende kracht blijkt er namelijk uit dat wat Gietelink in tientallen video’s over de medische, publicitaire, politieke en andere aspecten van COVID-19 heeft beweerd niet onderbouwd is en geen basis in de werkelijkheid, maar in zijn eigen fantasie vindt. Dat dient de harde kern van kijkers van Café Weltschmerz onthouden te worden omdat het schadelijk is voor de geloofwaardigheid van Gietelink en Café Weltschmerz.

Verkiezingsdebatten zijn saai en voorspelbaar, en blijven braaf binnen de perken van de gevestigde orde

Verkiezingsdebatten op televisie of interviews met lijsttrekkers in taxi’s, kappersstoelen of studio’s, ik kijk er niet naar. Eerlijk gezegd begrijp ik niet waarom anderen er wel naar kijken. Wat valt er te halen of te ontdekken? Het ontgaat me volledig. Het is alleen leuk voor partijtijgers die bevestiging van en identificatie met hun kandidaat zoeken.

Verkiezingsdebatten gaan om herkenning en niet om miskenning. Het maken van onderscheid is weliswaar een functie van de journalistiek, maar als dat resulteert in het beschrijven van en toetsen van het bekende aan het bekende, dan verwordt het tot een lege en plichtmatige exercitie

Hetzelfde geldt de krantenkolommen waarin journalist, redactie of krant partijen vanuit hun perspectief doorlichten op blauwe of bruine ogen, kunst of geen kunst, man, vrouw of anders zijn. Het is saai en voorspelbaar en blijft braaf binnen de perken. Binnen de mentale ruimte van de gevestigde orde waar het draait om marketing, haalbaarheid, gespeelde menselijkheid en verkiesbaarheid.

Pseudo-kritiek van media die nooit doorbijten maakt het onnozel en vals. Het ligt zwaar op de maag en is niet voedzaam. Media houden met een show vol rituelen en harde afspraken het beeld van een Potemkin-façade in stand onder het mom het af te breken. Ze wijzen trots naar zichzelf en weerleggen kritiek door te verwijzen naar hun wapenfeit hoe kritisch ze durfden zijn tegen meneer A, mevrouw B of partij C. Tegelijk zijn ze close en onderhorig om hun toegang in stand te houden.

Media laten de politieke klasse als beroepsgroep geheel bewust buiten beeld. De Consumentengids van het vrije woord test de techniek, de levensduur, de prijs, de beschrijving in de gebruiksaanwijzing, maar vraagt zich niet af hoe zinvol het product voor Nederland is en wat we er eigenlijk voor kopen.

Verkiezingsdebatten en interviews met lijsttrekkers zijn bedrog van de nieuwsconsument door de media. In een gesloten een-tweetje. Politici zijn acteurs die een rol spelen en op hun persoonlijkheid worden bevraagd. Het is illusie die als werkelijkheid wordt gepresenteerd. Als fictie of tijdverdrijf heeft het nog enigszins een functie, maar als informatievoorziening heeft het de inhoud van een lege huls. Verkiezingsdebatten zijn het reservaat dat speciaal is bestemd voor de bescherming van politici.

Graag ben ik het eens met columnist Aylin Bilic die haar column van 4 maart 2021 in NRC zo besluit:

Foto 1: PubliciteitsfotoDe zes lijsttrekkers bij het RTL-verkiezingsdebat’ van het verkiezingsdebat van RTL op 28 februari 2021. Credits: ANP.

Foto 2: Still uit videoDe Hofkar – Afl. 5: Thierry Baudet’ voor Omroep PowNed.

Foto 3: Schermafbeelding van deel columnVerkiezingsdebat is geen potje armpje drukken’ van Aylin Bilic in NRC, 4 maart 2021.

Europa beseft ondanks alle onheilspellende signalen onvoldoende hoe gevaarlijk het Trumpisme is. Het wordt verward met conservatisme

De conservatieve voormalig Republikeinse strateeg Rick Wilson die een van de oprichters van The Lincoln Project is gaat in gesprek met DW News. Hij wijst op het gevaar van het Trumpisme in de VS en elders en wijst op de noodzaak om deze anti-democratische stroming te bestrijden. Velen verwarren ultra-rechtse stromingen als alt-right, nieuw rechts, extreem-rechts of rechts-populisme met conservatisme. Er zijn overeenkomsten tussen het een en ander, maar de verschillen zijn groter. Voor de duidelijkheid moet toegevoegd worden dat het conservatisme niet eenduidig is. Er zit variatie in. Maar als het buiten de bandbreedte komt houdt het op conservatisme te zijn.

Ook journalisten van Nederlandse media maken dat onderscheid tussen het rechts-populisme en conservatisme onvoldoende. Waarbij de vraag is of ze het niet begrijpen of het met een specifieke bedoeling bewust verkeerd voorstellen. Dat is een gemiste kans om de urgentie van het gevaar van het Trumpisme te beseffen. Signaleren van ontwikkelingen is toch een hoofdtaak van de journalistiek. Iemand als Thierry Baudet wordt soms een conservatief genoemd, wat hij in de verste verte niet is of ooit is geweest. Hij heeft reactionaire denkbeelden over kunst, wetenschap, journalistiek, architectuur, samenleving, democratie en politiek die ver af staan van het conservatisme.

Ook een socioloog en politicoloog als Merijn Oudenampsen die zich meermalen over dit onderwerp uitliet heeft een gereduceerd en verwrongen beeld van wat conservatisme is. Hij lijkt de gelijkschakeling of vermenging van Trumpiaans alt-right met conservatisme te gebruiken om dat laatste in een kwaad daglicht te stellen. Hij komt daar nog mee weg ook. Ik vind hem partijdig en niet objectief en schreef in een commentaar over Tim Carney van september 2019: ‘Linkse opinieleiders als Merijn Oudenampsen dichten het conservatisme zelfs een revolutionaire dimensie toe zodat ze het naadloos kunnen verbinden met de denkwereld van Thierry Baudet of Donald Trump. Dat is bedenkelijke en kwaadaardige retoriek. Dat is ongelukkige, linksige intellectuele acrobatiek die vanwege de eigen politieke agenda het onverenigbare probeert te verenigen. Dat zou niet erg zijn als het de verwarring niet vergroot over wat conservatisme is.’

De constatering is dat het Nederlandse publieke debat over politiek rechts waarbij Trumpisme en conservatisme niet worden onderscheiden van laag niveau is. Met als gevolg dat het debat erover niet van de grond komt. Omdat er in Nederland geen gezaghebbende conservatieve intellectuelen en een conservatieve politieke partij bestaan en progressieven begrijpelijkerwijze maar al te graag het conservatieve gedachtengoed aanvallen, kan de misleiding over wat conservatieve politiek is in de Nederlandse publieke opinie zonder verheldering verder woekeren.

Trump, Baudet, Farage, Orbán, Kaczyński, Jansa of dat soort politici zijn geen conservatieven omdat ze het conservatieve gedachtengoed niet onderschrijven of te ver oprekken. Ze hullen zich af en toe met de mantel van het conservatisme om aan te sluiten bij een gelauwerde traditie waarvan ze hopen dat die op hen afstraalt. Dat is nep.

Conservatieven als Rick Wilson behoorden in de campagne van 2020 tot de felste en best georganiseerde tegenstanders van Trump. Zonder hen had Biden waarschijnlijk niet gewonnen. Juist omdat ze beter dan progressieven wisten hoe ze Trump emotioneel, maar ook programmatisch konden raken en het gevaar van deze anti-democratische en autoritaire stroming voor een levensvatbare en weerbare democratie doorzien.

Vanuit centrum-links perspectief hebben conservatieven onder meer verwerpelijke denkbeelden over medisch-ethische kwesties, belastingdruk en eigendom. Maar dat kan binnen de normale politieke kaders bestreden worden. De bestrijding van het Trumpisme is lastig omdat de aanhangers ervan tot een sekte behoren. Trumpisme is een godsdienst waar mensen zo worden opgejut met racistische en christelijke denkbeelden dat ze tegen hun eigenbelang in handelen.  Omdat religie niet om argumenten en verstand, maar om emotie en geloof draait is de normale politieke verstandhouding niet meer mogelijk. Dat is het verschil tussen Trumpisme en conservatisme.

Was het opperwezen in de war of toonde het tekenen van dementie toen het de basis legde voor vele godsdiensten en denominaties?

J. Warner Wallace is naast aartsbisschop William Goh van Singapore een prediker die ik op sociale media graag antwoord geef. Wallace is detective en christelijke apologeet. Dat laatste betekent dat hij zijn christelijk geloof verdedigt door argumenten ertegen te ontmantelen. In pseudo-forensisch onderzoek. Dat gaat er niet altijd fijnzinnig en zorgvuldig aan toe. Hoewel hij goed de schijn van het tegendeel weet op te houden. Dat is zijn verdienste. Warner Wallace schiet zoals al die Amerikaanse predikers graag uit de heup. Men kan dat grof en brutaal noemen. Hij doodt daarbij mogelijk zijn opponent, maar in die handeling ook zijn geloofwaardigheid.

Hieronder mijn antwoord bij de op zich zeer belangwekkende vraag waarom er zoveel stromingen binnen godsdiensten bestaan (en in het verlengde daarvan, waarom er zoveel godsdiensten naast elkaar bestaan).

Warner Wallace suggereert antwoord te geven, maar geeft dat niet. Het gaat hem om de schijn dat hij deze bewering ter verdediging van zijn geloof afdoende heeft beantwoord. Niets is minder waar en kan ook niet waar zijn omdat de cirkelredeneringen van types als Warner Wallace daar per definitie niet in kunnen voorzien:

J. Warner Wallace maakt twee denkfouten in zijn betoog.

1) Er zijn in de moderne geschiedenis duizenden godsdiensten en godsdienstromingen aan te wijzen die zich allen beroepen op een geloofsleer en een verwijzing naar een God. Dat wordt onhoudbaar als blijkt dat deze religieuze organisaties tegengestelde claims doen over het bestaan en ontstaan van een opperwezen. Welnu, die tegengestelde claims bestaan, zodat de dogmatiek van godsdiensten ernstig moet worden gerelativeerd. Want de waarheid die als hoogste waarheid wordt voorgesteld blijkt uiteindelijk een waarheid te zijn die door mensen is gecreëerd.

Een en ander ondermijnt in de kern de claim van godsdiensten dat ze niet door mensen zijn gecreëerd. Dat zijn ze wel naar nu blijkt uit al die tegengestelde claims, beweringen en dogma’s die alleen door mensen kunnen zijn gemaakt. Want als een opperwezen ze had gemaakt, dan hadden die verschillen niet kunnen ontstaan. Of was het opperwezen in de war of vertoonde het tekenen van dementie toen het duizenden godsdiensten creeerde?

2) De vergelijking tussen religie en atheïsme is ongelukkig. En eerlijk gezegd ook wel wat brutaal en ongepast omdat Warner Wallace de beleefdheid niet kan weerstaan om atheisme zijdelings in te lijven als een namaak-geloof. Dat toont geen enkel respect voor andersdenkenden.

Uit het feit dat er vele soorten atheisme zijn leidt Warner Wallace het argument af dat er daardoor ook vele soorten christendom kunnen bestaan. Al die andere godsdiensten met hun specifieke opperwezen neemt hij niet eens in beschouwing. Maar de vergelijking klopt niet omdat atheisme geen geloof is met een centrale dogmatiek. Dat geldt voor de stromingen van het christendom wel.

Warner Wallace maakt ongemerkt en ongewild een koe van een fout omdat zijn betoog ook omgekeerd kan worden. Want als de vergelijking tussen de verschillen binnen het atheisme worden geëxtrapoleerd naar de verschillen binnen het christendom, dan moet daarmee ook het uitgangspunt van het atheisme gewaardeerd worden. Dat zegt dat er geen God bestaat die niet door mensen is gemaakt. Via een omweg weeft Warner Wallace dus het uitgangspunt in zijn betoog dat God door mensen is gemaakt. Het lijkt erop dat Warner Wallace zijn eigen betoog niet doorgrondt.

Waarom aartsbisschop William Goh mijn favoriete kerkredenaar is

Mijn favoriete religieuze prediker is aartsbisschop van Singapore William Goh. In deze video zet hij zijn kruistocht voort tegen het secularisme. Dit keer is het onderwerp de relatie tussen politiek en religie. In Gohs frame worden religie en politiek tegenover het secularisme gezet. Hilarisch is de volgende passage waarin hij alles in harmonie brengt: ‘Both religion and politics are concerned with the promotion of harmony, justice, dignity of the human person, the freedom of conscience, and the well being of every human person. And for this reason, politics and religion, they are partners in the development, not just of the country, but of the people. (..) In fact, religion adds the dimension to what a secular country would not be able to achieve.

Niemand kan zo goed als Goh de geschiedenis vol religieuze oorlogen verdraaien. Niemand kan zo goed als Goh wensdenken en naïviteit voor realisme plaatsen. Niemand kan zo goed als Goh een verkeerde voorstelling van het secularisme geven, dat ook onderdak biedt aan religie. Niemand kan zo goed als Goh een onnozele mening verkondigen. Niemand kan zo goed, onder het verkondigen van zalvende woorden, de ogen sluiten voor de wereld om hem heen. Goh is religie zoals het in de kern is, maar zich zelden vertoont omdat de ware bedoelingen worden verhuld. Dat doet Goh niet. Daarom is William Goh mijn favoriete religieuze prediker.

Column Roderick Veelo: ‘Populisten verkwanselen kun kansen’

Met de commentaren van RTL-journalist Roderick Veelo ben ik het doorgaans oneens. Vaak neemt hij een populistisch standpunt in. Bijvoorbeeld over kunstsubsidies en identiteitspolitiek of over moralisme en racisme. Kortom, Veelo identificeert zich aan de hand van de heersende opinies in de meeste gevallen met de rechterkant van het politieke spectrum om dat vervolgens in bescherming te nemen. Dat is uiteraard zijn goede recht. Maar ik moest wel even in mijn ogen wrijven of ik het goed las toen ik vandaag zijn commentaarPopulisten verkwanselen hun kansen’ met bovenstaande conclusie las.

Het is op zich niks nieuws wat Veelo zegt, namelijk dat politiek een vak is dat vakmanschap vereist. Politiek is het verdelen van de macht door iets voor elkaar te brengen. Het laten klinken van een tegenstem alleen is het halve verhaal zonder afronding en daarom per definitie geen politiek. Commentatoren als NRC-medewerker Tom-Jan Meeus zeggen dit al jaren. Dus dat politiek een vak is dat in de praktijk geleerd moet worden.

Wat Veelo tot zijn column brengt waarin hij rechts-populisten als Donald Trump, Boris Johnson en Thierry Baudet afvalt beantwoordt hij zelf. Dat is de obstructie van president Trump in het eerste verkiezingsdebat met de Democratische uitdager Joe Biden. Het is een teken aan de wand van Trumps onkunde. Veelo meent dat Trump geen plan van aanpak had in dat debat en dat overigens evenmin in zijn beleid heeft. Dat is in overeenstemming met vragen van journalisten over Trumps programma voor een tweede termijn indien hij herkozen wordt. Daar heeft Trump geen antwoord op. Omdat hij geen programma heeft. Trump kan anderen hinderen door tegen de gevestigde orde te schoppen en op enkele speerpunten zijn doelen te verwezenlijken (benoeming conservatieve rechters, invoering belastingwet waarvan zijn vermogende sponsors profiteren), maar een politiek programma voor een heel land en samenleving heeft hij niet. Dat geldt ook voor rechts-populisten als Johnson en Baudet die zich manifesteren als politici die het vak niet onder de knie hebben en waarschijnlijk nooit onder de knie zullen krijgen. Baudet zei in 2016 dat hij ongeschikt was als politicus.

De logica van rechts-populisten is dat ze zich afzetten tegen de politiek dat ze het establishment, het kartel of de deep state noemen. Hoe deze populisten politiek willen bedrijven zonder deel uit te maken van de politiek is het raadsel. Dwarsliggen of kapotmaken is niet zo lastig en kan men in zijn eentje of met een hecht groepje vertrouwelingen, maar een land of samenleving opbouwen en stroomlijnen vraagt om samenwerking, overleg en vakmanschap. Dat vraagt meer dan afbreken en bekritiseren en minder eigendunk van leiders die onterecht claimen namens ‘het volk’ te spreken. Deze rechts-populisten zijn briljante stoorzenders en criticasters, maar belabberde constructeurs die iets bereiken door op te bouwen. Zoals Veelo opmerkt is de tragiek dat de achterban van de rechts-populisten de hoop voor situatieverbetering heeft gevestigd op deze leiders die daar echter niet aan kunnen voldoen omdat ze het vak om dat te realiseren totaal niet beheersen.

Foto: Schermafbeelding van deel columnPopulisten verkwanselen hun kansen’ van Roderick Veelo voor RTL4, 1 oktober 2020.

Bosch Parade hekelt de beperkte blik op Brabantse cultuur van het Brabantse provinciebestuur

De video ‘Beperkte blik op Brabantse cultuur’ is op 9 mei 2020 geplaatst op het YouTube-kanaal van Bosch Parade. Deze kunstmanifestatie ‘de varende parade in de geest van Jheronimus Bosch’ staat gepland voor 21-23 juni 2020. De tekst zegt: ‘De beperkte visie van de nieuwe coalitie gaat meer kosten dan de bezuinigingen die eruit worden gehaald. Wij zien dat kunst en cultuur positieve bijdragen levert aan de samenleving, het onderwijs en aan de Brabantse economie. Dat kan niet in vrije tijd worden ontwikkeld. Daarvoor is een sector nodig met professionals die verbinding leggen met andere sectoren. Een provincie zonder cultuur is een lege huls. Geen inhoud, geen verdieping, geen verbondenheid. Dat is vrij spel voor polarisatie. Wij willen niet leven in een wereld die geregeerd wordt vanaf een eiland waar politiek oogkleppen op heeft.

Tja, wij willen niet leven in een wereld die geregeerd wordt vanaf een eiland waar politiek oogkleppen op heeft. Mooi, maar wat is daarvan het gevolg als onmiskenbaar blijkt dat de politiek in het provinciehuis in Den Bosch oogkleppen op heeft en kunst en cultuur niet meer ziet staan? Gaat de wij dan emigreren of stopt die met leven? Ik begrijp het onbegrip over de politiek. Is dit de juiste wijze om daar iets aan te veranderen? Toegegeven, te voorzichtig zijn is laf en slap. Maar niet voorzichtig genoeg valt evenmin aan te bevelen.

Gedoe bij DENK, FvD, 50PLUS of CDA houdt herwaardering van politiek als vak in

Update 29 juni 2020: Bijna twee maanden gelden schreef ik in onderstaand commentaar dat het logisch zou zijn als Henk Krol en Henk Otten hun krachten zouden bundelen in een nieuwe partij. Vandaag maakten ze bekend samen verder te gaan als Partij voor de Toekomst. Met Krol als lijsttrekker en Otten als voorzitter. Jammer is dat ze mijn voorstel voor een naam van de nieuwe partij niet overnemen. Klinkt ‘Verenigde Henk Partij’ niet prikkelender en uitdagender dan het saaie en nietszeggende Partij voor de Toekomst?

Het gedoe bij 50PLUS leert dat politiek een vak is. Dat wordt wel eens vergeten. De verwikkelingen bij partijen als DENK, FvD, 50PLUS, maar ook het CDA (Brabant!) leren dat politiek niet vanzelf gaat. Er is regie, logica, vakmanschap en inzicht voor nodig. Dat ontbreekt bij deze partijen die ten onder gaan aan gesteggel en grote ego’s. In hun kortzichtigheid rollebollen ze over straat. Dit houdt een herwaardering van de politiek als vak in.

Waarom bundelen partijverlaters Henk Otten (ex-FvD) en Henk Krol (ex-50PLUS) niet hun krachten? Ze hebben programmatisch veel gemeen met hun traditioneel-conservatieve opvattingen en ook organisatorisch zitten ze in hetzelfde schuitje met een verbrokkelde partij. En met mentaal de klap van een ongelukkige scheiding. Gun Krol het accent op ouderen en pensioenen en Otten op economie en veiligheid. Otten heeft aangegeven geen fractieleider te willen worden, dus dat kan Krol worden. Ofschoon Otten zei voor die rol een vrouw te zoeken. Otten kan optreden als de organisator achter de schermen en als fractievoorzitter in de Eerste Kamer. Een naam ligt al voor de hand: ‘Verenigde Henk Partij’. De VHP kan in het politieke spectrum het gat rechts van de VVD en links van radicaal-rechts afdekken. Gezien het rumoerige verleden van vooral Krol verdient het zeer de aanbeveling om een psycholoog in de partij-organisatie op te nemen die gespecialiseerd is in narcisme.