George Knight

Debat tussen links en rechts

Posts Tagged ‘Piratenpartij

Lubach: Thierry Baudet breekt met het Forum voor Democratie al zijn eerste verkiezingsbelofte door de politiek in te gaan

with 7 comments

Arjen Lubach is in ‘Zondag met Lubach‘ kritisch op politieke splinterpartijen en zegt in een toelichting: ‘Er zijn inmiddels zoveel kleine partijen op het Binnenhof, dat je op moet passen dat je niet in een splinterpartij stapt. Op dit moment staan er al 57 partijen geregistreerd bij de Kiesraad, waaronder de Piratenpartij, Forum voor Democratie en De Vrijzinnige Partij. Is dat een probleem of goed voor de democratie?’ De vraag stellen is de vraag beantwoorden. Lubach bespot vooral Thierry Baudet en zijn Forum voor Democratie. Lubach toont aan dat Baudet zichzelf tegenspreekt omdat hij nog recent verklaarde ‘buiten de politiek te willen staan’ en zeker niet de politiek in te zullen gaan. En ook de invloed van politiek trouwens verwaarloosbaar te vinden. Lubach: ‘Dit is dus een partij die zijn eerste verkiezingsbelofte al heeft gebroken, door überhaupt mee te doen.’

Advertenties

Bestuur Piratenpartij stapt over naar Forum voor Democratie. Partij is in rechtse richting bijgebogen. Hoe nu verder?

with 10 comments

pir

Het schip van de Nederlandse Piratenpartij (PPNL) heeft ernstige averij opgelopen. De NOS bericht dat alle bestuursleden zijn overgestapt naar het Forum voor Democratie (FvD). Het vehikel dat Thierry Baudet rond zich opgetrokken heeft en nu meedoet aan de komende verkiezingen voor de Tweede Kamer. Het bevestigt mijn vermoeden dat de PPNL de afgelopen jaren in rechts vaarwater verzeild was geraakt. De overstap van leden van de in beginsel toch links-liberale of links-anarchistische PPNL naar de rechts-populistische FvD is een politieke oversprong die vrijdenkende Piraten het schaamrood naar de kaken jaagt. Of lijsttrekker Ancilla van de Leest die interviews afneemt voor Café Weltschmerz in politiek opzicht zoveel anders is betwijfel ik.

Op 15 juli 2012 maakte ik hier in een commentaar bekend dat ik lid was geworden van de PPNL. Tegen mijn natuur in omdat ik een natuurlijk wantrouwen heb jegens politieke partijen. Het was de toenmalige lijsttrekker Dirk Poot die me over de streep trok. Hij is een voormalig VVD-stemmer met een links-liberaal wereldbeeld. Iemand die als een wetenschapper bleef uitgaan van de feiten en geen complottheorieën optuigde door feiten te verdraaien. Vanaf 2013 analyseerde hij in de media scherp en deskundig de gebeurtenissen rond Edward Snowden en de NSA. Mij bleef het een raadsel waarom Poot met zijn genuanceerd beoordelingsvermogen en digitale expertise niet ingelijfd werd door de journalistiek of een NGO. Of door de overheid die liever met Bas Eenhoorn in zee ging. Maar bij de verkiezingen voor de Tweede Kamer van 12 september 2012 had de PPNL niet meer dan een halve zetel gehaald. Mijn stem en steunbetuiging aan de partij hadden niet geholpen.

In 2014 en 2015 raakte de PPNL uit mijn gezichtsveld. Ik hield me verre van partijbijeenkomsten. De partij haalde nauwelijks de media nog. Tot ik in oktober 2015 een nieuwsbrief van de PPNL las en me doodschrok. Erin stond: ‘De opstelling van de PP t.o.v. de GeenPeil actie is besproken en er is besloten hieraan steun te verlenen omdat alle uitbreidingen van de democratische inspraakmogelijkheden welkom zijn.’ Dat was in de periode dat Geen Peil (voor het commercieel aanjagen van Geen Stijl) in de zomer van 2015 het Oekraïne-referendum had opgestart. Met partners zoals FvD. Naar nu achteraf valt te reconstrueren gebruikten de voormannen Jan Roos (Geen Stijl) en Baudet (FvD) dit referendum als carrière-opstapje naar de partijpolitiek.

Ik schreef op 30 oktober 2015 een brief naar het partijbestuur en vroeg om opheldering: ‘Deze opstelling van de PPNL treft me onaangenaam. Niet alleen omdat ik de campagne van GeenPeil als een conservatief en rechts-populistisch geluid inschat en de PPNL daartoe geen afstand houdt, maar juist omdat de PPNL het nog ondersteunt ook. De reden die wordt gegeven komt me eerlijk gezegd tamelijk naïef voor en doet me opnieuw twijfelen aan het politiek-strategisch inzicht van de leiding van de PPNL. Waar staat de PPNL nou eigenlijk voor als het steun geeft aan een conservatieve EU-scepticus als Thierry Baudet die de belangrijkste geestelijke vader van de campagne tegen het Associatieverdrag met Oekraïne is? (..)// Graag nodig ik het bestuur uit om duidelijk te maken wat de overwegingen waren van de PPNL om steun te verlenen aan genoemde campagne van GeenPeil. Van het antwoord laat ik mijn besluit afhangen of ik mijn lidmaatschap opzeg. Dit laatste bedoel ik niet als dreigement, maar eerder om aan te geven welk belang ik aan deze kwestie hecht. Een lidmaatschap van een politieke partij vat ik op als een afspraak van twee kanten. Ik meende in juli 2012 lid geworden te zijn van een links-liberaal-anarchistische beweging met mooie kernpunten over internetvrijheid, bestuurlijke transparantie, democratisering en andere onderwerpen die me aan het hart gaan en waarin ik me helemaal kan vinden. // Sinds 2012 bespeur ik weinig voortgang in de opbouw van de PPNL en het doordringen van het Piratengeluid in de publiciteit. Op een incidenteel optreden van Dirk Poot na waarvan het me trouwens meestal onduidelijk is of hij voor de partij of op eigen titel optreedt. Ik begrijp de organisatorische en financiële  problemen van de PPNL en wil daar niet te hard over vallen. Maar als de PPNL nu ook al steun verleent aan de campagne van GeenPeil dat ik inschat als een vehikel om de democratie en de EU te verzwakken dan voel ik me niet meer thuis bij zo’n PPNL. Ik zie het als een teken van het wegglijden van de PPNL in een richting die niet de mijne is. Hoe dat dan ook komt. Een halszaak is het allemaal niet. Zo gaat het nu eenmaal. Mensen ontmoeten elkaar en nemen weer afscheid. Vat dit schrijven dan ook niet op als kritiek, maar als een tussenbalans, als een teken van een buitenstaander die hoe dan ook constructief staat tegenover de PPNL.’ 

Constructief was ik tot vandaag. Ik heb dit 11 maanden laten rusten. Maar nu het bestuur van de PPNL in zijn geheel overstapt naar het FvD en ik evenmin vertrouwen heb in de koers van de huidige lijsttrekker voel ik me niet meer gebonden om te zwijgen. De top van de partij heeft de eigen denkbeelden verloochend.

Op 21 december 2015 kreeg ik een mailtje van de nieuwbenoemde penningmeester als reactie op het mailtje waarin ik om opheldering vroeg. Het antwoord bevatte zinsneden die me tegen de haren in streken. Zoals ‘Wie denk jij wel dat je bent als jij de mening van zeer veel Nederlanders kan afdoen als populair of conservatief’ en ‘In een (politieke)discussie is er geen foute mening, maar vrijheid van mening’. Ik laat het hier maar bij, ik vond het niet van het niveau dat ik verwachtte van het hoofdbestuur van een politieke partij. Ik antwoordde op 21 december 2015: ‘Hierbij zeg ik per 1 januari 2016 mijn lidmaatschap op de PPNL op. Ik verzocht via de secretaris om een uitspraak van het bestuur en krijg een in mijn ogen kwalitatief bedenkelijk antwoord van de penningmeester dat naar mijn idee ook nog eens persoonlijke opmerkingen bevat. Dat alles was niet wat ik voor ogen had en verwacht van het landelijk bestuur van een politieke partij. Bestuurlijk en politiek-inhoudelijk voel ik me niet thuis bij de huidige PPNL.’ Ik heb nooit antwoord gekregen van het bestuur.

Foto: Schermafbeelding van deel artikel ‘Het rommelt binnen de Piratenpartij’ van de NOS, 26 september 2016.

Eurokritiek van ‘Brexit: The Movie’ is bliksemafleider voor Brits rechts-nationalisme en belangen Britse elite

with 7 comments

Brexit: The Movie is gemaakt door televisieproducent en regisseur Martin Durkin die op zijn eigen site verwijst naar een citaat dat hem omschrijft als ‘de Michael Moore van de rechts’. Hij is klimaatscepticus en voormalig lid van de ontbonden Trotskistische Revolutionary Communist Party. Een radicalist dus die van uiterst links op uiterst rechts terecht is gekomen. Zijn filmThe Great Global Warming Swindle’ (2007) dat alles ontkent waar groen links zich voor inzet werd in een bericht in Media Lens als misleidend en pure propaganda ontmaskerd.

Vice News omschrijft in een recensie de mede door het Leave-kamp financieel ondersteunde documentaire als een slechte film en ziet Brexit als ‘de upperclasses in opstand’. Uiteraard schildert de film een ander beeld omdat daarmee het publiek niet te paaien valt. In de vorm bestaat de film overwegend uit pratende hoofden.

Vice News dat de première bijwoonde vermoedt wat de film verbergt: ‘De meeste mensen zijn ontvankelijk voor een verhaal over kleine jongens die verpletterd worden door een onverschillig staatsbureaucratie, maar de kleine jongens in het publiek op Leicester Square waren peers van de staat en Eton jongens. Er is een ongemakkelijke ironie in een film die tekeergaat tegen de ‘voorbehandelde’ presentatie van het Europese vriendjeskapitalisme dat vertoond wordt voor een publiek vol erfelijke aristocraten. Ze maken bezwaar tegen een EU-elite die ons vertelt wat te doen – en daarom financierden ze een documentaire waarin ze ons vertellen wat te doen, met hun grote leiders iets van onderen gefilmd die neerbuigend tegen de massa van kiezers spreken. Slachtoffers van de EU-ichtlijnen zijn hier geen gewone werknemers, maar ondernemers en bazen.’

Brexit: The Movie is bedoeld om het brede publiek voor het karretje van een elite te spannen die dit probeert te verbergen door zelf over een EU-elite te praten. Als verdediging kiest het daarom als bliksemafleider de aanval. Tragisch is dat het merendeel van het publiek niet in de gaten heeft hoe het zich laat manipuleren door de ene elite die tegen de ander elite zegt te ageren. Maar er is hoop zoals een FB-pagina van George van Houts leert die de documentaire van Durkin aanprees, maar vervolgens niet inhoudelijk op m’n kritiek reageerde en de pagina tijdelijk verwijderde. Van Houts opperde zelfs het idee van een Nexit, waarna allerlei vrienden hem bijvielen. Dat tekent het politiek debat van een publiek dat de weg kwijt is en zonder dat zelf te beseffen de agenda van Britse aristocraten, zakenmensen en rechts-nationalistische politici als Nigel Farage volgt. Dat onder verwijzing naar het gedachtegoed van Occupy of de Piratenpartij een documentaire prijst van een rechtse regisseur die met zijn broodheren een agenda heeft die haaks op zo’n gedachtenwereld staat.

Barbara Visser leest Christiaan Weijts les over z’n kritiek op Daan Roosegaarde. En hekelt gebrek aan solidariteit tussen kunstenaars

with one comment

OPIafsluitdijk2

Populisme woekert in de hele samenleving. Het heeft in het dagelijkse taalgebruik verschillende betekenissen. Als politieke opvatting die de kloof tussen volk en bestuur zo klein mogelijk wil houden, en de politiek naar de burger wil brengen. Dat is een redelijk streven en dient gerealiseerd te worden. Juist om erger te voorkomen. Want het populisme slaat door als het er de verwerping van ‘de gewone man’ door ‘de elite’ mee bedoeld wordt. Of eigenlijk nog meer dan dat, namelijk de verwerping van het gezag omdat ‘het volk’ onderdrukt zou worden. Dat eindigt in anarchie, fragmentatie en het einde aan de sociale cohesie.

Dus, populisme is in beginsel een goed streven, maar kan ontaarden in wrok en ongerichte woede. Vooral als allerlei mensen uit ‘de elite’ zich opwerpen als vertegenwoordigers van ‘het volk’. Zij hebben immers de vaardigheid om dat te doen en ‘de gewone’ man niet. Het is de paradox die al door Lenin in praktijk werd gebracht. In Nederland zijn dat bijvoorbeeld een van de langstzittende parlementariër Geert Wilders (PVV) en de in Leiden gepromoveerde jurist Thierry Baudet. In samenwerking met de Telegraaf-dochter Geen Stijl wierp laatstgenoemde zich op als spreekbuis van ‘het volk’ in de NEE-campagne van het Oekraïne-referendum.

Er is ook populisme in de kunsten. In een opinie-artikel in NRC geeft KNAW-lid en beeldend kunstenaar Barbara Visser aan hoe dat werkt. Ze verwijst naar het artikelDure Afsluitdijkkunst geeft kunstenaars een slecht imago’ van Christiaan Weijts over een project van 13 miljoen euro van Daan Roosegaarde. Zij meent dat hij ‘precies doet wat wat hij zegt te bestrijden: de kunst een slechte naam bezorgen’. Visser: ‘De argumenten waarmee hij het lichtjesontwerp van Daan Roosegaarde diskwalificeert, zijn reactionair en schadelijk voor de kunsten. (..) De grieven gaan over belangen en geld. Laten we als maker niet in die val trappen. (..) Wat de kunsten pas echt een slecht imago bezorgt, is het onderlinge gebrek aan solidariteit, dat met de bezuinigingen op kunst en cultuur groeit. De schrijver die zegt: met dat bedrag hadden driehonderd romans gesubsidieerd kunnen worden, die bedoelt: het is niet te veel geld, maar het gaat naar de verkeerde kunst. Het moet naar mijn discipline gaan, want die is voor mij belangrijker in deze tijd van schaarse middelen.

Wow, die zit. Weijts weggezet als reactionair en opportunist die de kunsten een slechte naam bezorgt. Weijts die zich voegt in het populistische debat en zich opstelt als zelfbenoemd vertegenwoordiger van de ‘gewone man’ die het als een Don Quichot met een zelfbeeld van iemand met een onafhankelijke, eigen stem opneemt tegen de elite. Maar evenmin als Wilders of Baudet deel van de elite zijn, is Weijts dat. Deze populisten spelen een rol die vals oogt. Het gaat types als Weijts er vooral om de eigen belangen te dienen en uiteindelijk zelf een plaats binnen de elite te bekleden. Hij interesseert zich niet voor het volk en kan niet de ruimdenkendheid opbrengen gas terug te nemen om Roosegaarde’s kunst de ruimte te geven. En de kunst niet te beschadigen.

Waarom is het nou exact de financiering van een kunstproject dat Weijts aanvalt en niet de financiering voor landbouw, industrie, Defensie, het koningshuis, de omroep, professionele sport, de wetenschap, het bijzonder onderwijs of politieke partijen? In zijn gespeelde wijsheid valt Christiaan Weijts de beeldende kunst aan. Lekker meewaaiend met de wind van populisme die vanaf de rechterflank over Nederland waait en vooral de hedendaagse kunst in de hoek trapt. Ontluisterend. Ook voor NRC dat Weijts regelmatig ruimte geeft in haar kolommen. Die ruimte kan beter besteed worden aan een schrijver met een echt hart voor de kunsten.

Foto: Afsluitdijk.

Piratenpartij wil budget kunstproject Afsluitdijk doorsluizen naar Afrika. Wat denkt de partij te winnen bij dit populisme?

leave a comment »

pp

Wat is er in hemelsnaam in de Piratenpartij gevaren? De partij waarvan ik 3,5 jaar lid was totdat ik me een half jaar geleden genoodzaakt zag mijn lidmaatschap op te zeggen vanwege de opstelling van de partij in het Oekraïne-referendum. Niet eens zozeer omdat de partij zich in het NEE-kamp bevond, maar vanwege de in mijn ogen onnodig neerbuigende en naïeve manier waarop ik door een bestuurslid werd bejegend toen ik om uitleg vroeg. Naar mijn idee ongepast bij een landelijke politieke partij. Een uitleg die ik 6 maanden later nog steeds niet heb gekregen van het partijbestuur. Communiceren is de grote zwakte van de Piratenpartij.

In juli 2012 bood ik aan om op het ‘piratepad’ mee te schrijven aan de kunstparagraaf van de Piratenpartij en deed enkele suggesties. Ik hield het door uitblijven van reacties snel voor gezien. Voor Nederlandse Piraten is kunst geen kernpunt. Een legitieme keuze. Maar dat het in mei 2016 zou resulteren in bovengenoemde tweet verbaast me toch. Het is klinkklare demagogie en gaat voorbij aan budgettering en besef van het openbaar bestuur. Alsof de 13 miljoen euro die Daan Roosegaarde voor projecten op het raakvlek van kunst voor de Afsluitdijk mag besteden niet geoormerkt zijn en via het Rode Kruis naar Afrika kunnen worden omgeleid.

Waarom doet de Piratenpartij zich dit aan? Wat denkt het te winnen bij bovenstaande tweet? En waarom is het nou exact een kunstproject dat opgeofferd moet worden, en niet landbouw, Defensie, het koningshuis, de omroep, sport of de bekostiging van het bijzonder onderwijs of de financiering van politieke partijen? Nee, in haar wijsheid valt de Piratenpartij de beeldende kunst aan. Lekker meewaaiend met de wind van populisme die vanaf de rechterflank over Nederland waait en vooral de hedendaagse kunst in de hoek trapt. Ontluisterend.

Foto: Schermafbeelding van tweet van de Piratenpartij, 2 mei 2016.

Café Weltschmerz biedt geen kwalitatief alternatief voor de gevestigde media. Een gemiste kans. Kan het professionaliseren?

with one comment

Café Weltschmerz is een YouTube-kanaal dat zichzelf presenteert als ‘een nieuwe initiatief waarbinnen journalisten, wetenschappers, ondernemers en kunstenaars samenwerken aan cultureel-maatschappelijke innovatie. Door experts uit verscheidene disciplines in een open confronterent gesprek te brengen met bestuurders en beleidsmakers, wil Café Weltschmerz een inhoudelijker en informatiever programma creeeren. De huidige interviewers zijn, Erik de Vlieger, Dirk van Weelden, Jens van Trigt en Cesar Majorana.’

Weltschmerz is wat je noemt: confronterent. Confron te rent? Het denkt van zichzelf kritische noten te kraken waarvan het vindt dat die door andere media niet worden gekraakt. En zelfs een informatiever programma te bieden. Maar dat valt te bezien. Weltschmerz kraakt ook valse noten en biedt niet altijd een weergave die uit de feiten blijkt. De redactie van Weltschmerz zou kritischer moeten zijn op de kwaliteit en de voorbereiding van de burgerjournalisten die het in de arm neemt. Als bij de presentator basale kennis over het onderwerp ontbreekt dan wordt het wringen en keert een item zich tegen Weltschmerz. Dat kan de bedoeling niet zijn.

Een gesprek tussen Ancilla Tilia en Arjan Kamphuis maakt inzichtelijk wat er fout is aan Weltschmerz. Het kent de constructie van een kaartenhuis dat op foute aannames wordt gebouwd. Gaandeweg het gesprek wordt daar steeds meer uit afgeleid en aan toegevoegd. Dat laat de geïnformeerde, kritische kijker met verbazing achter. Ongetwijfeld bedoelen Tilia en Kamphuis het serieus en hebben ze zelfs goede punten te pakken, maar door de slechte voorbereiding en hun houding om overal een complot in te zien kletsen ze uit hun nek en geven de indruk niet exact te weten waarover ze het hebben. Als Weltschmerz een alternatief wil zijn voor ‘establishment media‘ die op de hand van het bedrijfsleven en de zittende politiek zijn dan moet de redactie van Weltschmerz het serieuzer aanpakken en beter voorbereide en gekwalificeerde mensen het veld insturen.

Ik plaatste bij bovenstaand item de volgende reactie die vooral verwijst naar wat volgt na 7’55’’ en wat Tilia beweert: ‘Ancilla Tilia heeft zich onvoldoende voorbereid en legt een verband dat niet bestaat. Ze suggereert dat de Oekraïense premier Arseni Jatsenjoek is afgetreden naar aanleiding van de Panama Papers, maar dat is onjuist. Jatsenjoek is om partijpolitieke redenen afgetreden in een confrontatie met president Petro Porosjenko dat in Kiev al enkele maanden tot een patstelling leidde. Het aftreden van Jatsenjoek op 10 april valt toevallig samen met de publicatie van de Panama Papers vanaf 3 april maar heeft daar niets mee te maken. Het is president Porosjenko die in de Panama Papers wordt genoemd vanwege een constructie via de Britse Maagdeneilanden van z’n bedrijf Roshen en zijn belastingaangifte. In de tweestrijd tussen Jatsenjoek en Porosjenko had de publicatie van de Panama Papers juist de positie van Jatsenjoek kunnen versterken als ze een rol hadden gespeeld. Maar die rol speelden ze niet zoals Tilia abusievelijk suggereert.

Kevin Levie stopt als voorzitter van SP Rotterdam. Waarom?

leave a comment »

designprijs_STA501570191

Kevin Levie in zijn afscheidsbrief als voorzitter van SP afdeling Rotterdam: ‘En terwijl we onze mond hielden over vluchtelingen, besloot de partijraad ondertussen wel ‘voluit’ campagne te voeren voor het GeenPeil-referendum over Oekraïne. Ik vond en vind: zeker als je het één niet doet en het ander wel, verzaakt de SP wat je van een linkse volkspartij zou mogen verwachten. Dan duw je de maatschappij niet de goede kant op, dan sta je niet stil: dan duw je de verkéérde kant op.’ Levie blijft wel lid. Waarom de SP aansluiting zocht bij de door de conservatieve ideoloog Thierry Baudet en het rechts-populistische weblog Geen Stijl aangejaagde campagne tegen Oekraïne is een raadsel van de politiek als extremen elkaar raken. Het bestuur van de zich doorgaans als open, vrijdenkend en kritisch opstellende Piratenpartij sloot zich eveneens bij de campagne van Geen Peil aan, wat me er vorige maand toe bracht mijn lidmaatschap van deze partij op te zeggen.

Vooral in de buitenlandse politiek stelt de SP zich archaïsch op. Op onderwerpen over mensenrechten na waar het zich krachtig en principieel voorbeeldig uitspreekt. Als voormalig maoïstisch-leninistische partij verkeert het nog voor een groot deel geestelijk volop in de sfeer van de koude oorlog en richt het zich op oude vijandbeelden. Vaak neemt het standpunten in vanuit een slecht begrepen automatisme en de herinnering aan de oude nestgeur  zoals bleek uit mijn uitwisseling met de fractievoorzitter Dennis de Jong in het Europarlement. Hij stemde tegen een resolutie van de EU met de Russische Federatie zonder te weten waarom.

Levie vindt dat vooral op landelijk niveau de SP stilstaat en geen open intern debat kent: ‘De SP staat op dit moment volstrekt stil, heeft geen politieke strategie voor de komende jaren behalve ‘doen wat we altijd gedaan hebben’, en durft daar ook intern nog altijd nauwelijks over te praten.’ De SP zou hete hangijzers zoals het vluchtelingendebat uit de weg gaan. Een oud euvel waarop Levie wijst is het ontbreken van interne democratie binnen de SP, zelfs de verkiezing van een nieuwe partijvoorzitter was ingestoken: ‘Tegelijkertijd probeerde het oude partijbestuur extra krachtig de regie te houden: in de congresstukken werd de bestaande praktijk gecodificeerd, ging het nauwelijks over onze politieke strategie, en werd vrijwel ieder substantieel idee van onderop als onzinnig afgedaan.’ Kortom, de SP is geen partij van ideeën, verandering en democratie.

Levie ziet de grote waarde van de SP in de werkwijze en het activisme dat vooral op lokaal niveau goed tot zijn recht komt. In de marketing werkt dat op landelijk niveau volgens Levie tegen de SP: ‘Op landelijk niveau lijkt wat men ziet als de mening van de ‘massa’, echter steeds meer gereduceerd tot één homogene hypothetische voorstelling: hun eigen vermoeden van wat een blanke oude man in een Brabantse kroeg waarschijnlijk zou vinden. (..) En erger nog dan dat: de opvattingen die men toeschrijft aan een specifieke constructie van ‘de’ massa worden in de praktijk ook nog eens vaak gezien als onveranderlijk, in plaats van die te analyseren en het gesprek met mensen aan te gaan over hun zorgen en problemen en de oorzaken daarvan.’

Wat na lezing van Levie’s brief blijft hangen is de vraag of de SP een zuivere politieke partij is of een mix van een organisatie die in de inhoud kiest voor centralistisch politiek activisme en in de vorm voor een politieke partij. Zodat er een scheidslijn door de partij loopt die steeds voor teleurstelling, niet ingeloste verwachtingen en een gijzeling van de vorm door de inhoud zorgt. De SP is hierin niet uniek, want vele partijen zijn hybride. Zo staan de christelijke partijen met één voet in het georganiseerde christendom, de VVD in het bedrijfsleven en de PVV in de politieke marketing van peilingen en positionering om uitsluitend electorale redenen. Toch heeft de SP de potentie een krachtige en aantrekkelijke politieke partij te worden omdat het in tegenstelling tot andere partijen onderscheidend is op tal van sociale terreinen. Wellicht moet eerst de generatie Kox-Marijnissen-Van Heijningen van het toneel verdwijnen voordat de SP zich om kan vormen tot een partij die voorgoed de last van het verleden van zich afschudt. Als politieke partijen dan nog bestaansrecht hebben.

Foto: ‘Ontwerpbureau Thonik heeft de tweejaarlijkse, prestigieuze Designprijs van de stad Rotterdam gewonnen’, 2007.