George Knight

Debat tussen links en rechts

Posts Tagged ‘Philippe Remarque

Gevestigde media verantwoorden zich voor hun buitensporige aandacht voor Baudet. Maar ze geven verkeerde argumenten

with 4 comments

De weinig kritische aandacht voor Baudet van de gevestigde media is een terugkerend thema. In NRC vroeg econoom en columnist (onlangs gestopt) Coen Teulings zich af waarom NRC zoveel kritiekloze aandacht aan Baudet besteedt. NRC-ombudsman Sjoerd de Jong had er geen goed antwoord op. Ik vraag het me ook herhaaldelijk af. Verzaken de media hun plicht in de berichtgeving? De Jong tekent de reactie van chef Den Haag René Moerland op: ‘Wij zijn er niet om politici groot of klein te maken, we willen nieuwsgierig en kritisch zijn tegenover iedereen’. Dat eerste klopt, maar dat tweede staat juist ter discussie. Want het lijkt er sterk op dat in de berichtgeving de gevestigde  media juist niet kritisch genoeg zijn tegenover Baudet en zijn partij.

Wat is dat voor mechanisme van de media om zoveel aandacht aan Baudet te besteden? Ook nog kritiekloos. De 2,5 maal zo sterk in de Tweede Kamer vertegenwoordigde PvdD krijgt minder media aandacht.

Naast de juridische invalshoek van Mihai Martoiu Ticu in zijn open brief aan de hoofdredacteur Philippe Remarque van De Volkskrant is er een politiek-filosofische invalshoek die te maken heeft met de weerbare democratie. Zoals dat door Bastiaan Rijpkema onder de aandacht wordt gebracht in het publieke debat. Deze opvatting houdt in dat een weerbare democratie grenzen dient te stellen aan anti-democratische krachten. Vooralsnog is dat geen kwestie van tijdig ingrijpen om een politieke partij als FvD te verbieden, maar van bewustwording en signalering om te beseffen dat een politicus die zich buiten het politieke spectrum begeeft en niet ondubbelzinnig de democratische instituties steunt een gevaar voor die democratie kan worden.

Het is niet gezegd dat de politiek leider Thierry Baudet op dit volledig samenvalt met zo’n anti-democratische kracht, maar met zijn gedachtengoed leunt hij wel stevig aan tegen radicaal gedachtengoed zoals dat door nationalisten, populisten en de nihilisten van de alt-right beweging wordt vertegenwoordigd. Dat zou de Nederlandse journalistiek kritisch en alert moeten maken, maar dat gebeurt op dit moment onvoldoende.

Hoewel het er raakvlakken mee heeft, gaat de koers van FvD voorbij aan het traditionele rechts-conservatisme dat de status quo verdedigt. Baudet wil juist de gevestigde orde omver schoppen zonder dat hij overigens duidelijk maakt wat daarvoor in de plaats moet komen. Of men moet de mantra over de natiestaat Nederland die het autonoom rooit in een financiële, economische, politieke en militaire arena vol concurrente krachten een geloofwaardig en consistent verhaal vinden. Met politiek realisme heeft het echter weinig te maken.

Waarom stellen interviewers Baudet geen kritische vragen over zijn ideologie? Waarom stellen de interviewers Baudet geen kritische vragen over zijn contacten in rechts-radicale kringen? Waarom is er nog steeds geen achtergrondartikel verschenen dat deze rechtse en nihilistische contacten gedetailleerd in kaart brengt? Waarom vragen interviewers -die zich politiek, economisch en militair geschoold hebben- niet door over de onhaalbaarheid van een zelfstandige natiestaat Nederland die weerloos, machteloos en krachteloos zal zijn tussen de eigen multinationals, bevriende en vijandige naties of supranationale organisaties (IMF, EU)?

Zijn de journalisten die Baudet niet of op z’n best halfslachtig aanpakken lui en oppervlakkig? Klopt de aloude klacht dat de oudere generatie academische geschoolde journalisten superieur is aan de huidige generatie journalisten die academisch tekortschiet? Of is het de angst om teruggefloten te worden door de eigen hoofdredactie die de journalisten berooft van de ambitie, durf en de wil om de potentiële vijanden van de democratie niet minder hard, maar juist harder aan te pakken? ‘Dus de media presenteren zich als waakhonden van onze welzijn en vrijheid, maar ze doen hun plicht niet echt’, concludeert Mihai Martoiu Ticu. Ik denk ook dat de gevestigde media hun plicht verzaken. De media worden ook wel het venster op de democratie genoemd, maar in Nederland zitten de gordijnen potdicht om de democratie actief te verdedigen. 

Als de journalistiek signaleert en iedereen over één kam scheert is het verkeerd bezig. Het neemt daarmee onvoldoende verantwoording. Nieuwsgierig en kritisch zijn tegenover iedere politicus, is een abstracte en ondoelmatige werkwijze. Uiteraard moet de journalistiek niet op de plek van de politiek gaan zitten of zich tot deelnemer maken aan het politieke debat. Het moet aan de buitenkant blijven. Maar het standpunt van NRC-redacteur Moerland dat elke politicus dezelfde mate van nieuwsgierigheid en kritiek oproept is onzinnig en geeft precies aan wat er mis is met de Nederlandse journalistiek. Het weet dat het geen partij mag kiezen, maar verwart dat met het idee dat iedere politicus dezelfde mate van kritiek gegeven moet worden. Als een politicus uitspraken doet die erop duiden dat hij of zij de wet of de democratie in gevaar kan gaan brengen, dan is het de functie van de journalistiek om dat te melden. Dan passen meer nieuwsgierigheid en kritiek.

Foto: Schermafbeelding van deel FB-posting van Mihai Martoiu Ticu, 31 december 2017. 

Advertenties

Vrijheid start aan de zijlijn

with 11 comments

Op 11 oktober 2010 begon ik een blog op de site van De Volkskrant. Op 22 augustus ging de stekker eruit. Als uitgestelde euthanasie van een aangekondigde dood. De dood zat in de woorden van hoofdredacteur Philippe Remarque verscholen.Op 7 januari 2011 schreef-ie: De reden hiervoor is dat wij het blog helaas niet meer de aandacht en technische ondersteuning kunnen bieden, die het vereist. Een cirkelredenering zonder weerga, want wat was dan de reden dat de VK geen aandacht en technische ondersteuning meer kon bieden?

Nu ben ik hier. Gezien de reacties en mijn uiteenlopende interesses besloot ik tot een tweedeling. De kortere stukken over media, populaire cultuur, geschiedenis, YouTube-filmpjes en wat ik niet anders kan omschrijven als het kauwgomplaatjesgevoel verschijnen op George Knight Kort. Met het grafisch interessante WordPress-thema Vertigo dat gebaseerd is op de vormgeving van Saul Bass. U weet wel, hij is bekend geworden door de begintitels van heel wat films van Alfred Hitchcock. De bronnen zijn onuitputtelijk. Da’s heerlijk putten.

De beschouwelijke, langere stukken over politiek, religie, cultuurpolitiek en allerlei maatschappelijke onderwerpen verschijnen op George Knight. Dat leest u nu. Ondertitel van dit blog blijft Debat tussen links en rechts. Met een knipoog naar zowel confrontatie als tussengebied. Mijn politieke tehuis was ooit D66 toen de partij nog ongebreideld ideëen ontwikkelde en nog geen diapositief van rechts was.

Vraag is of de marge relevant is in een verhardend politiek klimaat waar Wilders verbaal beschoten wordt omdat Breivik in Noorwegen doodschiet. Of waar een moslim een jood verkettert omdat een jood een moslim verkettert. Soms treffen me verwijten dat we ons binnen de Nederlandse politiek een positie aan de zijlijn niet kunnen veroorloven. Het wordt als wegduiken in enerzijds, anderzijds gezien. Ik begrijp de kritiek, maar zie het precies andersom. Systeemkritiek is naar mijn idee nodig. Geen meeliften met lange tanden.

Mijn horizon is anders dan het Binnenhof. Mijn analyse is dat de politiek collectief ziek is en hervormd moet worden. Da’s mijn hoofdthema onder alle langere stukken. Om me daaraan te onttrekken moet ik afstand nemen. Ik verbaas me er overigens ook over waarom een welvarend en uiteindelijk toch gematigd land als Nederland zo slecht in haar vel zit en zich opblaast van chagrijn. Als tegenwicht om niet zelf om te komen in verzuring en gelijkhebberigheid besteed ik volop aandacht aan kunst en cultuur waar mijn hart ligt.

In elk geval probeer ik een weg te schetsen tussen het dogmatisme van links en versimpeld denken van rechts. Enfin, zo zie ik het. Het niveau van zowel het publieke als het politieke debat stellen me teleur. Mijn teleurstelling is dat de rechtse politiek woningmarkt, arbeidsmarkt, kenniseconomie en onderwijs niet hervormt. En links evenmin veel klaar speelt. Partijen zijn in zichzelf gekeerd, denken hoofdzakelijk aan hun eigen voortbestaan en doen aan branchevervaging. J.W. Oerlemans heeft er over geschreven, zie hier en hier. Partijen vergeten eigen kernwaarden. Vragen voor de toekomst worden niet aangepakt maar doorgeschoven.

Ontwikkelingen in de cultuursector zijn tekenend voor het absurdisme van hedendaags Nederland. Een waardevolle sector wacht de botte bijl van de politiek. Er valt daar veel te hervormen, mede door het ontbreken van goed bestuur en controle daarop. Maar het politieke gebrek aan inzicht, stuurloosheid, averechts werkende maatregelen en rancune raken juist de hardwerkende en onderbetaalde Henk en Ingrid van de cultuur. Maar dat absurdisme biedt ook kansen. Vraag het in gedachten aan Pinter, Ionesco of Beckett.

Verantwoordelijke burgers zie ik nog als enige hoop om het verloren terrein op de politiek terug te veroveren. De aantasting van privacy en burgerrechten terug te draaien. Het kost echter steeds meer om ons recht te halen. Straks is de drempel te hoog om de staatsbureaucratie nog aan te spreken. Zonder aan activisme te doen probeer ik mijn steentje bij te dragen om dat proces mogelijk te maken. Pretentie en autoriteit zijn de dood in de pot. U bent gewaarschuwd. Vertrouw ook mij voor geen cent en spreek me aan op mijn woorden.

Foto: TV Studio Control Room, VS, 1961