PvdA moet zichzelf alleen opheffen als het er voldoende voor terugkrijgt

Etienne Conte, Rose rouge fanée, 2006

Moet de PvdA fuseren met GroenLinks? Het frame is dat dit onder druk van rechts (VVD en CDA) tot stand komt en daarom per definitie verkeerd is. Naast het feit dat dit onhaalbaar is omdat de weerstand binnen beide linkse partijen groot is.

Waarom fuseren VVD en D66 niet? Of VVD en het CDA dat zich de afgelopen jaren als een schaduw van de VVD opstelt. Wie de eigen strategie door andere partijen laat bepalen verliest de zeggenschap over de eigen koers. Weg geloofwaardigheid van elke partij die daar instapt. Of intrapt.

In een commentaar in 2015 concludeerde ik: ‘Nu de praktijk nog. In de PvdA wordt goed nagedacht, maar verkeerd gekozen. Leiders zijn te pragmatisch (Kok), te weinig tactisch (Bos), te weinig operationeel (Cohen), te weinig strategisch (Samsom) of te wendbaar (Asscher). Welke leider past bij het nieuwe profiel?‘ Daar kunnen we inmiddels de te weinig overtuigende Lilianne Ploumen aan toevoegen. Het zijn allen aimabele en kundige personen, maar leiders van de PvdA die de partij boven zichzelf uit laten stijgen zoals Drees, Burger of Den Uyl zijn de recente leiders van de PvdA niet. En dan ontbreekt nog de rampzalige Ad Melkert in het rijtje van partijleiders.

Voormalig lid van de PvdA Eddy Terstall schetste die kritiek dat de PvdA het eigen sociaal-democratisch gedachtengoed om electorale redenen zou verpatsen, teveel naar de moskee zou luisteren en de scheiding van kerk en staat te ver oprekt in 2010 in zijn boek Ik loop of ik vlieg: ‘Dezelfde verbazing hebben tegenwoordig van oorsprong linkse atheïstische activisten die gebroken hebben met de islam. Die zien vol verbazing aan hoe hun medeprogressieven en vooral ex-feministen zich het vuur uit de sloffen lopen om de islam te verdedigen en hoe die blind smoorverliefd zijn op de hoofddoek, terwijl ze ooit hun bh’s verbrandden. In 2006 zei toenmalig partijleider Wouter Bos in Het Parool: ‘Ik zie het gevaar van een Partij van de Allochtonen waar de autochtonen weglopen. Maar als wij vasthouden aan ons verhaal, blijven we de partij voor iedereen.’ De zoektocht binnen de brede volkspartij PvdA naar politieke wonderlijm die alles met alles verbond was gestart. En zou nooit gevonden worden. Dat kon alleen maar in teleurstelling eindigen.

De PvdA maakte de afgelopen 25 jaar één fout, maar wel een grote: het koos niet voor het eigen gedachtengoed. Het is de strijd tussen verstandig en dom links. Tussen behoudend en progressief. Tussen cultureel en economisch waarbij sinds de jaren 1980 het evenwicht bij culturele waarden als identiteit kwam te liggen.

Verder is er niets aan de hand. De eigen overbodigheid is geen schande, maar een verdienste van de PvdA omdat de doelstellingen bereikt zijn en de eigen achterban zo geëmancipeerd is dat het niet meer op de partij stemt omdat het die niet meer nodig heeft. Dat is de crisis van de Europese sociaal-democratie. Het aantonen van de eigen overbodigheid zou voor elke politieke partij het streven moeten zijn. Maar zelfs D66 dat de eigen opheffing in het DNA had zitten durfde dat niet aan. Er waren te veel D66’ers die hun macht aan de partij waren gaan ontlenen. Politieke partijen zijn vooral met de eigen continuïteit bezig. Dat maakt politici zo kinderachtig.

Wat moet de PvdA doen? Moet het samengaan met GroenLinks dat overblijfselen van anti-democratisch denken bevat en dat combineert met modieuze marketing, maar in de verduurzaming wel een sterk programmapunt heeft? Het is lastig te zeggen. De SDAP hield ook ooit op te bestaan en ging na de oorlog op in een bredere beweging die een doorbraak wilde forceren naar andere politieke richtingen. Dat mislukte jammerlijk, hoewel het 30 jaar later alsnog slaagde met de formatie van het kabinet Den Uyl. Falen of slagen valt dus niet te voorspellen.

Je zou kunnen zeggen dat het geen halszaak is als de PvdA zichzelf opheft en ophoudt te bestaan als zelfstandige partij. De vraag van belang is wat die opheffing voor herschikking van elementen brengt die daar tegen opweegt. Daar moet de discussie binnen de PvdA over gaan.

Opponenten vormen het beeld dat Macron pseudo-socialistisch is. Begrijpen ze echt niet wat centrumpolitiek inhoudt?

Er is niet tegen herschikking van politieke partijen. Dus tegen partijvorming. In Nederland waren er afgelopen jaren initiatieven met onder andere Eddy Terstall, Teun Gautier, Thijs Kleinpaste. Dus wat in Frankrijk gebeurt met ‘En Marche!’ is niet zo uitzonderlijk. Wel opvallend is dat zo’n nieuwe partij zo succesvol is en de nieuwe president levert. Hoe men daar politiek ook over denkt, dat is een bijzondere prestatie.

Bezwaren tegen een partij kunnen divers zijn. Zo waren vele PvdA’ers uitgekeken op hun partij omdat het zich in de praktijk pseudo-religieus opstelde (‘compenserende neutraliteit’) en niet meer gedroeg als een seculiere partij zoals het in 1946 ooit bedoeld was. Logisch is dan dat dat soort critici over partijgrenzen heen contact zoeken met medestanders in andere partijen en een vrijzinnige partij op willen richten.

En zo zijn er vele indelingen en samenklonteringen mogelijk. Denk aan CDA’ers die vinden dat hun partij te weinig christelijk is of aan VVD’ers die vinden dat hun partij te nationalistisch of juist te weinig nationalistisch is. De PVV is vanuit de VVD ontstaan vanwege het standpunt van Geert Wilders over Turkije.

Het is te vroeg om conclusies te trekken over het profiel van ‘En Marche!’. Dat zal pas duidelijk worden bij de samenstelling van de kandidatenlijst voor de parlementsverkiezingen. Het is logisch dat rechtse sociaal-democraten zoals ex-premier Manuel Valls er onderdak vinden. Er zijn echter meer stromingen die in ‘En Marche!’ samenkomen, zoals de centrumalliantie van Jean Arthuis, de blauwe Groenen, gematigde christen-democraten of de Democratische beweging van François Bayrou. Kandidaat-premier in de regering Macron.

Het is dus te vroeg om te concluderen dat ‘En Marche!’ de nieuwe socialistische partij van Frankrijk wordt. Maar het is ook om meerdere redenen onlogisch. Ten eerste omdat er van allerlei kanten vanuit de centrumpolitiek politici overstappen en ‘En Marche!’ naar verwachting geen sociaal-democratisch profiel krijgt. En ten tweede omdat de Europese sociaal-democratie vanwege de spanning tussen globalisme en nationalisme geen antwoord heeft op de uitdagingen van nu. Zie hoe het Britse Labour met Jeremy Corbyn zich onmachtig maakt en goede politici die in een andere partijomgeving goed zouden kunnen functioneren als het ware worden gegijzeld door de gek-linkse Corbyn.

Juist dat -het gevangen zitten tussen tradities en hardliners van een politieke partij- wil Macron vermijden en daarom stapte hij uit de PS. De partij twijfelde onder president Hollande tussen een linkse en rechtse koers, bleef zwalken en kreeg geen smoel. Het zou gek zijn als Macron na een klinkende overwinning vrijwillig in de gevangenis stapt waar hij met berekening en een langetermijnvisie een jaar geleden uit ontsnapte.

Kiezen tussen D66 en GroenLinks. Hoe de stemkeuze beredeneren?

look_outs_aboard_hms_ashanti_whilst_escorting_a_russian_convoy_march_1942-_a8202

Gisteren vroeg iemand me op FB wie goed en wie slecht is. Dat naar aanleiding van m’n commentaar op de brief van Mark Rutte en de selectieve hufterigheid die ik met velen daarin las. De laatste 24 uur wordt die hufterigheid van de VVD nog eens extra benadrukt door de nieuwste ontwikkelingen over de Teevendeal (‘de bonnetjesaffaire’) als gevolg van de onderzoeksjournalistiek van Bas Haan van Nieuwsuur. Het verschil tussen mooie verkiezingspraatjes en de werkelijkheid, tussen schijn en wezen, kan bijna niet groter zijn. De timing zit de VVD tegen. De mooie woorden van Rutte tonen nog potsierlijker en meer misplaatst dan ze al waren.

Iemand schreef op FB: ‘Iedereen moet maar zijn eigen keuze maken, de politiek is toch niet te vertrouwen.’ Daar antwoordde ik op: ‘Nou, dat is weer te veel van het goede. Het gaat om het verschil tussen goede en slechte politiek.’ Waarop dus de vraag aan me gesteld werd wat dan goede en slechte politiek was. Ik kwam niet weg met het antwoord dat iedereen dat maar voor zichzelf moet uitmaken. Uiteindelijk antwoordde ik: ‘Ik kan hooguit zeggen welke partijen op dit moment op m’n shortlist staan. Dat zijn D66 en GroenLinks. Maar ik zou daarmee niet willen suggereren dat dat goede partijen zijn.’ Met de belofte om dat nader toe te lichten. 

Partijen in het politieke landschap van Nederland lijken nog meer dan anders in te delen in tegenstellingen die niet exclusief zijn. Anders gezegd, partijen kunnen op de ene tegenstelling niets gemeenschappelijk hebben, maar op een andere tegenstelling raakvlakken of overeenkomsten vertonen. Dat maakt het vergelijken van partijen lastig. De volgende tegenstellingen zijn aan te wijzen als de belangrijkste kenmerken: 1) links-rechts (sociaal-economie); 2) progressief-conservatief (sociaal-cultureel; identiteit); 3) pro- en anti-EU; 4) religieus-vrijzinnig; 5) democratisch-anti-democratisch; 6) kwaliteit en doelmatigheid van leider en partijorganisatie.

Niet iedere kiezer vindt voor de eigen afweging hetzelfde kenmerk even belangrijk. Waar de één de relatie tot de EU vooropzet, zet de ander de economische situatie centraal. Of het religieuze karakter van de partij of het idee over identiteit en nationalisme. En op een bepaald kenmerk kan men natuurlijk ook verschillend denken.

Op mijn huidige shortlist fungeren de twee als links-liberaal te omschrijven partijen D66 en GroenLinks (GL). Ze hebben veel gemeen, maar verschillen ook sterk. Ze zijn de twee meest uitgesproken pro-EU partijen (3). Sociaal-economisch is D66 rechts en GL links (1). Sociaal-cultureel zijn ze allebei progressief (2). Ook zijn ze vrijzinnig (4). D66 is een door en door democratische partij, GL kent anti-democratische elementen. Of liever gezegd D66 steunt het idee van democratie onvoorwaardelijk, terwijl daar bij GL met een oude kern van anti-democratische kaderleden twijfel over bestaat (5). D66 is een coherente partij met een niet al te aansprekende leider, terwijl GL een onsamenhangende partij met gefragmenteerd gedachtengoed en een sterke leider is (6).

Deze opsomming geeft aan hoe lastig kiezen het al is tussen twee partijen die programmatisch dicht bij elkaar liggen. Het is niet makkelijk te beantwoorden wat een kiezer het zwaarste moet laten wegen. Tegen het einde van een campagne wordt de inschatting van de kwaliteit van partij en leider steeds belangrijker. Hoe opereren ze strategisch en sorteren ze verstandig voor op de onderhandelingen na de verkiezingen? De PVV kan de grootste of op een na grootste partij worden, maar heeft zich buitenspel gemanoeuvreerd door een harde politieke en persoonlijke toon naar de andere partijen. Fouten worden afgestraft en kiezers haken graag aan bij een leider of partij die het beeld van een winnaar vertoont en perspectief heeft voor na de verkiezingen.

Als Jesse Klaver (GL) zich in m’n ogen niet waarmaakt of de beslissing neemt om de toenadering van de PvdA en SP te gedogen en goed te praten zal ik in gedachten GL van mijn shortlist schrappen. Als Alexander Pechtold (D66) teleurstelt in debatten of interviews dan maakt dat nog geen verschil omdat zijn kwaliteit niet de reden is dat D66 op mijn shortlist staat. Maar als D66 als partij beslissingen neemt over vrijzinnigheid, de EU of directe democratie die afwijken van wat ik van die partij op z’n minst verwacht, dan schrap ik D66. Nieuwe partijen kunnen op m’n shortlist komen als ze de kenmerken vertonen die ik van een partij verwacht. Rechts-populistische of christen-democratische partijen zullen dat niet zijn omdat die voor mij de verkeerde kenmerken vertonen. Als op 15 maart 2017 geen enkele partij meer op mijn shortlist blijkt te staan, dan ga ik niet stemmen. Niet door een tekort aan politieke interesse, maar vermoedelijk door een teveel eraan.

Foto: Uitkijkposten aan boord van HMS Ashanti dat een Sovjet-convooi escorteert, maart 1942.

Drie uitgangspunten om Wilders te weerstaan. Niet richten op de persoon, geen isolatie PVV en vernieuwing middenpartijen

Wat is de beste strategie om politici als Donald Trump of Geert Wilders te weerstaan? Jimmy Dore verwijst naar een opinie-artikel van Luigi Zingales in The New York Times dat een les trekt voor de aanpak van Trump uit de opkomst van Silvio Berlusconi. Zingales ziet parallellen tussen Trump en de Italiaanse oud-premier. Hij vreest dat de Trump-dynastie twee decennia aan de macht blijft als Donald Trump nu niet goed aangepakt wordt. Voor Nederlanders is het interessant om die les ook op Wilders te betrekken. Hoewel hij niet aan partijvorming doet. Hier volgen de aanbevelingen voor het counteren van Berlusconi, Trump en Wilders (BTW):

a) de oppositie moet zich competent opstellen en niet richten op de persoon BTW, maar op het beleid. Probleem hierbij is dat BTW doorgaans een hap-snap beleid voert en dat op één A4-tje samenvat (Wilders) of vaag blijft over de voornemens (Trump). De hoofdlijn van BTW biedt echter nog voldoende aangrijpingspunten om het beleid centraal te zetten en aan te vallen. Zoals standpunten over moslims en immigratie die in strijd zijn met de grondwet (Trump, Wilders). De Nederlandse les: Media en politieke partijen moeten terug naar de basis: het politieke programma van de PVV en het stemgedrag in de Tweede Kamer. Dit biedt de mogelijkheid om woordvoerders van de PVV die hun beleidsterrein verwoorden centraal te zetten. Dat heeft een tweeledig effect: minder focus op Wilders door verbreding op andere PVV-politici en meer aandacht voor het beleid.

b) de oppositie moet de standpunten van BTW op eigen verdiensten beoordelen en niet op voorhand vanuit een voorgevormde mening afwijzen. Als een standpunt van BTW waardevol is en aansluit bij het programma van een politieke partij dan kan die betreffende partij het omarmen en politieke steun geven. Politieke isolatie van BTW werkt averechts omdat het gematigde kiezers die meegaan in de anti-establishment retoriek van BTW in hun richting jaagt. De Nederlandse situatie: Om de tweedeling tussen PVV en de middenpartijen (VVD, CDA, PvdA, D66) te bestrijden moet de PVV in de beeldvorming zoveel mogelijk gepresenteerd worden als een genormaliseerde politieke partij die in het politieke proces dingen voor elkaar krijgt. Succesjes relativeren de positie van de PVV als paria. De SP kan samenwerking zoeken met de PVV over beleid in de zorg, met de PvdD over dierenwelzijn, met de VVD over strenger immigratiebeleid (dat binnen de grondwet blijft), met D66 over bestuurlijke hervorming, met 50PLUS over pensioenen, met het CDA over drugsbeleid en de joods-christelijke wortels en met de PvdA over de aanpak van fraude in het openbaar bestuur of investeringen in infrastructuur.

c) de oppositie moet zich verjongen en door de-academisering verbreden door leden van jongere generaties van buiten de eigen partijstructuur in de eigen machtsstructuur op te nemen en belangrijke posities te geven. Dat slaat BTW het argument uit handen dat het als enige namens het volk spreekt, haar noden begrijpt en gevestigde partijen de belangen van het establishment vertegenwoordigen. Politieke partijen die BTW willen weerstaan moeten zich opstellen als een beweging en niet als een politieke partij die het eigen voortbestaan centraal zet. De Nederlandse situatie: De Nederlandse politieke partijen hebben in totaal minder dan 290.000 leden en nog slechts 2,2% van de kiesgerechtigden is lid van een politieke partij. Dus de partijpolitiek is hevig aan vernieuwing toe. Een autoritaire leider als Wilders in een partij zonder interne partijdemocratie als de PVV moet niet bestreden worden door andere langgedienden en partijtijgers als Rutte, Samsom, Asscher, Pechtold, Van der Staaij of Zijlstra, maar door jongeren als Jesse Klaver die Wilders juist uit doen komen als bedaagd en gevestigde orde en één van de langzittende parlementariërs die zelf het politieke establishment symboliseert.

Brexit of toch Bremain? Verdeeldheid in Leave-kamp wat doorslag moet geven: single market of immigratie

Simon Ostrovsky gaat voor Vice News op reportage naar het Engelse Clacton-on-Sea in Essex. Hij peilt de stemming. Kan het Leave-kamp dat het referendum heeft gewonnen de belofte houden over de beperking van immigratie? Want als het Verenigd Koninkrijk om economische redenen toegang wil houden tot de single market van de EU, dan moet het in die Europese Economische Ruimte vrij verkeer van personen toelaten.

Zo tekent zich een splitsing aan in het Leave-kamp tussen fundamentalisten en realisten. De Conservatieve politicus Boris Johnson is een vertegenwoordiger van het laatstgenoemde kamp, UKIP-voorman Nigel Farage van het eerstgenoemde. Los van elkaar trokken ze de kar. Het lijkt erop dat Farage die geen machtspositie in het Britse parlement heeft op een zijspoor wordt gezet. Geldschieters die hem steunen willen hun economisch belang niet schaden door een vrijhandelspositie voor hun land te kiezen die leidt tot ongunstige voorwaarden.

Aaron Banks plant volgens een bericht in The Guardian een nieuwe partij die de resten van het Leave-kamp van Labour, Conservatives en UKIP bij elkaar veegt. Zonder Nigel Farage die er volgens Banks ‘genoeg van kan hebben’. Maar het lijkt eerder dat Banks en andere ondernemers genoeg hebben van Farage die ‘uitgewerkt’ is. De teleurstelling van de mensen die Ostrovsky spreekt zal immens zijn. Ze zullen zich verraden voelen.

De paradox is dat de enige manier om dit schisma binnen het Leave-kamp uit de weg te gaan afstel van een Brexit is. Dan kan Farage zijn machtspositie houden, is Johnson niet verplicht maatregelen uit te voeren die hij in de campagne afwees en hoeft er niet gekozen te worden tussen de ondernemers die een single market met de EU willen en kiezers die tegen immigratie zijn. Of de manier om dit te realiseren vervroegde verkiezingen of een tweede referendum zijn is een detail. Het wordt steeds duidelijker dat een Brexit velen slecht uitkomt.

Zoek de verschillen: VNL en Groep Bontes/ Van Klaveren

Naamloos

Louis Bontes stapt uit de partij VNL en legt het voorzitterschap neer omdat Bram Moszkowicz lijsttrekker voor de komende verkiezingen wordt. Dit wordt naar verluidt deze week bekendgemaakt. Hij kan zich niet vinden in de keuze voor de ex-advocaat en zegt in een verklaring: ‘Ik heb onvoldoende vertrouwen in de ingeslagen weg. Het nieuwe boegbeeld staat te ver van mij af. Er is sprake van onverenigbaarheid van karakters.’

De vooruitzichten zijn niet best omdat de laatste jaren behalve de PVV nieuwe rechtse partijen niet door weten te breken. Het wordt druk op rechts met de VVD, PVV, SGP en de niet van huis uit rechtse partijen als het CDA, D66 en de PvdA die naar rechts leunen. VNL profileert zich als een klassiek-liberale partij van het behoudende soort. Fatsoenlijker dan de PVV en libertarischer (‘minder overheid’) dan de VVD. Met meer accent op de kernpunten van de staat zoals veiligheid en de vrijheden van de rechtsstaat en minder verzorgingsstaat. Of Moszkowicz zonder politieke ervaring het aansprekende boegbeeld voor de VNL kan worden is de vraag.

Bontes blijft wel in de Kamer voor de Groep Bontes/Van Klaveren. Als er geen kabinetscrisis komt vindt de eerstvolgende Tweede Kamerverkiezing naar verwachting plaats op 15 maart 2017. Dat zal in de dagelijkse praktijk van de VNL de komende anderhalf jaar vermoedelijk voor problemen gaan zorgen. Want de integratie tussen de fractie in de Tweede Kamer, de Groep Bontes/ Van Klaveren en de politieke partij VNL moet weer deels ontvlecht worden. De VNL wacht dus een eigen integratiebeleid met de Groep Bontes/ Van Klaveren zoals dit zich al aankondigt in de presentatie van de foto’s. Louis has left the building.

Naamloos2

Foto 1: Joram van Klaveren op site vnl.nu.

Foto 2: Louis Bontes op site bontesvanklaveren.nl.

De Jong symboliseert verdeeldheid PvdA. Past hij in SP, GL of D66?

Arjen de Jong symboliseert de verdeeldheid die de PvdA splijt. Hij is zowel student technische planologie als vakkenvuller bij Albert Heijn en boerenknecht. De Jong is op 18 maart verkiesbaar voor de Provinciale Staten van Friesland. Zijn lef om het koude water in te duiken verdient steun, maar of dat ook geldt voor de PvdA is de vraag. Matthijs Rooduijn beschreef in een opinieartikel een oplossing voor de PvdA. Splits deze verdeelde partij en streef naar fusie of partijvorming met andere partijen: SP, GroenLinks en D66. Daar kunnen dan respectievelijk 1) lager opgeleiden en nationalisten; 2) progressieven en kosmopolieten; en 3) liberale sociaal-democraten terecht. Simpel, ook ik heb hier partijvorming meermalen geopperd. Vele varianten zijn mogelijk. Maar hoe lastig dat is maakt Arjen de Jong zichtbaar. Moet hij meegaan met SP, GroenLinks of D66?

Bert de Vries verlaat PvdA: ‘partij is niet langer seculier’

bdv

Deze tweet van 14 november is niet bijzonder door de inhoud, maar wel door de afzender. Er bestaat immers al enige jaren tijd kritiek op de PvdA omdat het het eigen sociaal-democratisch gedachtengoed om electorale redenen zou verpatsen, teveel naar de moskee zou luisteren en de scheiding van kerk en staat te ver oprekt.

Liefdevol PvdA-lid Eddy Terstall schetste die kritiek in 2010 in zijn boek Ik loop of ik vlieg: ‘Dezelfde verbazing hebben tegenwoordig van oorsprong linkse atheïstische activisten die gebroken hebben met de islam. Die zien vol verbazing aan hoe hun medeprogressieven en vooral ex-feministen zich het vuur uit de sloffen lopen om de islam te verdedigen en hoe die blind smoorverliefd zijn op de hoofddoek, terwijl ze ooit hun bh’s verbrandden. In 2006 zei toenmalig partijleider Wouter Bos in Het Parool: ‘Ik zie het gevaar van een Partij van de Allochtonen waar de autochtonen weglopen. Maar als wij vasthouden aan ons verhaal, blijven we de partij voor iedereen.’ De zoektocht binnen de brede volkspartij PvdA naar politieke wonderlijm die alles met alles verbond was gestart. En zou nooit gevonden worden. Dat kon alleen maar in teleurstelling eindigen.

Afzender is Bert de Vries. Tot voor kort Statenlid van de PvdA in de Provinciale Staten van Utrecht. Hij heeft nu een eigen fractie gevormd. Naar verluidt ontbrak-ie op de conceptlijst van kandidaten voor de komende Provinciale verkiezingen. Mogelijk speelde dat mee bij zijn overstap. In zijn afscheidsbrief schrijft De Vries: ‘Ik vind dat de PvdA seculier moet blijven dus los van de invloeden van kerk en moskee. Ik verzet me er tegen dat de PvdA bij elke verkiezing zo gedreven in de moskee probeert stemmen te winnen. Met deze stemmen wordt ook de invloed van de moskee naar binnen gehaald. De fractie heeft een werkbezoek afgelegd aan drie moskeeën. Het lijkt mij een verkeerd signaal. Ik ben dan ook niet mee geweest. (..) De PvdA stond eerst driedubbelvierkant achter vrouwenrechten en homorechten. Hoe scherp zit de PvdA hier tegenwoordig in?

De PvdA maakte afgelopen 20 jaar één fout, maar wel een grote: het koos niet voor het eigen gedachtengoed. Het is de strijd tussen verstandig en dom links. Tussen behoudend en progressief. Verder is er niets aan de hand. Er is gewoon sprake van emancipatie van minderheidsgroepen. Waar voorheen kiezers van Turkse, Marokkaanse, Surinaamse of Antilliaanse herkomst in met name de grote steden in meerderheid op de PvdA stemden, is dat veranderd. Dat dat gebeurde was abnormaal en wordt nu gecorrigeerd door maatschappelijke ontwikkelingen. Leden uit de minderheidsgroepen diversifiëren zich en hebben de PvdA niet meer nodig. Dit proces is mede door de PvdA in gang gezet. De eigen overbodigheid is geen schande, maar een verdienste van de PvdA omdat de doelstellingen bereikt zijn. Zoals dat voor elke politieke partij zo zou moeten zijn.

De prestaties van de PvdA liggen in het verleden. Daar worstelen alle Europese sociaal-democratische partijen mee. De PvdA moet een nieuwe bestaansgrond met een nieuw kernelectoraat vinden dat naadloos aansluit bij de ideeën over vrijheden, gelijkheid en verheffing. Daar passen geen leden bij die religie boven de waarden van de sociaal-democratie stellen. De herstart kan het best gerealiseerd worden door een nieuwe partij te vormen. Zonder VVD-light of SP-light te worden. Vogelaristen en islam-socialisten kunnen dan in de oude partij blijven. Partijvorming kan de balast van het verleden afschudden en de ideologische veren weer opprikken. Zolang links en progressief elkaar niet langer overlappen -en neutraliseren- blijft de PvdA een in zichzelf gekeerde bestuurderspartij die niet gevoed wordt door kritische geesten die naast de macht staan.

bdv2

Foto 1: Tweet van Bert de Vries, 14 november 2014.

Foto 2: Tweet van Bert de Vries, 2 december 2014.

Een miljard euro meer voor politie. Partijpolitiek aan het werk

21_noir062-b

Louis Bontes van de groep Bontes Van Klaveren (GRBVK) vraagt in kamervragen aan minister Opstelten van Veiligheid en Justitie om 1 miljard euro voor de politie om te investeren in rechercheurs. Want door de liquidatiegolf onder criminelen zou er een tekort aan rechercheurs zijn. Voor de duidelijkheid, criminelen liquideren dus elkaar, niet de rechercheurs. Bontes was lid van de PVV en heeft onlangs met groepsgenoot Joram van Klaveren Voor Nederland (VNL) opgericht. Rechtlijniger dan de VVD en fatsoenlijker dan de PVV.

Een investering van 1 miljard euro in de politie is niet niks in schrale tijden. Zeker niet omdat zo’n investering er nog geen garantie voor is dat de doelmatigheid van de politie ook toeneemt. Door de organisatie worstelt de Nederlandse politie met oplossingspercentages die in vergelijking met vergelijkbare regio’s in het buitenland laag zijn. De politiek is daar mede schuldig aan door een niet-optimale aansturing. Daar valt vooralsnog winst te halen. Maar met gewoon werk aan de winkel en handen uit de mouwen kan uiteraard geen enkele politieke partij zich profileren. Vandaar de vlucht in cijfers en getallen. Ach, een politicus moet wat.

Foto: Melissa Love, film noir.

Nieuwe methodieken en verdienmodellen voor PvdA’ers: de markt

Laat de markt z’n gang gaan en wees daar niet te kritisch op’, zegt een deelnemer aan de ‘Masterclass nieuwe methodieken en verdienmodellen’ van de dienst Stadsontwikkeling van de gemeente Rotterdam. Externe expert en projectontwikkelaar Friso de Zeeuw inspireert de deelnemers ‘over de wijze waarop we onze rol opnieuw kunnen invullen’. Friso de Zeeuw is directeur Nieuwe Markten bij Bouwfonds Ontwikkeling en heeft namens de PvdA in het verleden talloze bestuursfuncties in het openbaar bestuur bezet.

Samen met een andere PvdA’er en oud-wethouder Jos Feijtel schreef De Zeeuw een opiniestuk voor de NRC. Beide PvdA-leden proberen de kritiek op de PvdA-leiding te ontkrachten. De partij zou lusteloos zijn. Ze verwijten de critici ‘hang naar dramatiek met de onweerstaanbare neiging om juist bij regeringsdeelname de hele wereld in één keer te willen hervormen’. Vooral Sander Terphuis nemen ze op de korrel.

De PvdA’ers schuiven Terpstra van alles in de schoenen. Hij zou vinden dat ‘nivellering de belangrijkste missie van de PvdA in dit kabinet is’. Maar Terpstra heeft het in z’n stuk ‘Het is code rood voor de PvdA’ waarnaar ze verwijzen over meer dat mis is in de huidige PvdA. Zoals een vertrouwenscrisis tussen partij en kiezer, het accent op de economie en het weggeven in de onderhandelingen met de VVD van principiële zaken van de PvdA. Kortom, over de uitverkoop van de sociaal-democratische beginselen dat verder gaat dan kritiek op nivellering en niet zozeer de hele wereld in één keer wil hervormen, maar juist het ouderwetse sociaal-democratisch gedachtegoed weer centraal wil zetten. Met behoud van de verzorgingsstaat.

De Zeeuw en Feijtel denken fundamenteel anders over de inrichting van de samenleving dan Terphuis. De Zeeuw wil de markt z’n gang laten gaan en Terpstra niet. Binnen een partij zijn er altijd rechtse en linkse vleugels die van mening verschillen. De Zeeuw en Feijtel verwoorden de visie van de PvdA-leiding die akelig dicht tegen de markt en de VVD aanschuift. Het kan zijn dat ze Terphuis en andere critici wereldvreemd en dramatisch vinden, maar het is leugenachtig van De Zeeuw en Feijtel om vervolgens die goedbedoelende critici van alles in de schoenen te schuiven en hun kern van kritiek bewust verkeerd voor te stellen.