Petitie van ‘Meer Democratie’: Stop partijpolitieke benoemingen

40_236998_stop-partijpolitieke-benoemingen-hier

Politieke partijen gijzelen het openbaar bestuur en ontlenen daar hun macht aan. Ze claimen publieke functies en menen daar zelfs recht op te hebben. Slechts 2,75% van de Nederlanders is lid van een politieke partij zodat het niet alleen een onrechtvaardig systeem is dat 97,25% buitensluit, maar ook een onverstandig systeem omdat het talenten van buiten de politiek negeert. Voor de BV Nederland dat economisch, politiek en mentaal stagneert is het een gemiste kans dat een potentieel van betrokken, en goed opgeleide en geïnformeerde burgers uitgesloten is van het openbaar bestuur. Juist omdat ze een frisse blik kunnen bieden.

demo

De beweging Meer Democratie dat min of meer een doorstart is van het ook naar democratische vernieuwing strevende Agora Europa startte op 27 mei het burgerinitiatief Stop Partijpolitieke Benoemingen met als doel om publieke functies voor iedereen open te stellen, niet alleen voor leden van politieke partijen. Tekenen hier.

In mei 2013 verwees dit blog naar politicoloog Nico Baakman naar wie Meer Democratie ook verwijst: ‘Ter onderbouwing verwijst Baakman naar artikel 1 van de Grondwet. Discriminatie wegens politiek gezindheid is niet toegestaan. In artikel 5,4 van de Algemene Wet Gelijke Behandeling wordt dit uitgewerkt. Een direct onderscheid vanwege politiek gezindheid wordt verboden, maar tegelijk geldt de volgende uitzondering: ‘Het eerste lid is niet van toepassing op eisen met betrekking tot de politieke gezindheid die in redelijkheid kunnen worden gesteld in verband met de vervulling van functies in bestuursorganen en adviesorganen.

wet

Ik vervolgde: ‘Ofwel, de wetgever vindt het redelijk dat er bijkomende eisen van politieke gezindheid voor de vervuling van functies in het openbaar bestuur worden gesteld. Omdat uitsluitend leden van een kartel van politieke partijen dit onder elkaar toetsten worden buitenstaanders voor publieke functies wettelijk en praktisch buiten de deur gehouden. Feit dat de omschrijving ‘in redelijkheid‘ niet is gedefinieerd, maakt het er nog extra partijdig op.’ Baakman zag het in 2010 somber in: ‘Als je om politieke criteria uit een functie in het openbaar bestuur geweerd bent, heb je juridisch geen poot om op te staan. Wil je serieus iets aan politieke benoemingen doen, dan zal dit wetsartikel op de schop moeten.Meer Democratie pakt Baakmans idee nu op.

Partijpolitieke benoemingen zijn nauwelijks uit te roeien omdat politieke partijen hun macht niet vrijwillig opgeven, de benoemingen in de wet verankerd zijn en niemand de wetgever (dus: de politieke partijen) kan dwingen een deel van hun macht op te geven. Tegen deze gelegitimeerde onrechtvaardigheid liepen velen binnen en buiten politieke partijen al te weer. Zo laakte J.W. Oerlemans in zijn befaamde artikel ‘Eenpartijstaat Nederland‘ uit 1990 de stand van de democratie, maar veranderde er in 25 jaar niets fundamenteels.

Twijfelachtig is of de petitie de schil van de macht ver genoeg afpelt. Macht draait niet om benoemingen in publieke functies en politieke partijen. Deze zijn instrumenten van de macht en worden door anderen aangestuurd. Ik schreef in 2010: ‘De macht achter de macht stuurt het systeem feilloos. Het is tot perfectie gevoerd, leidt af van de macht en focust op incidenten. Het meerpartijenstelsel kent geen ideologische strijd, de bevolking herkent zich niet in de politiek en de politicus wordt door het systeem ingekapseld. Burgers worden gevoed zich zorgen te maken over symptomen en zo de structuur te vergeten. De montage is onzichtbaar en de vicieuze cirkel immens.’ Toch kan het geen kwaad de petitie te tekenen om een begin te maken met machtsdeling die burgers een kans geeft. Maar naar verwachting levert het niet meer op dan gekrabbel in de marge. Bewustwording over het functioneren van het politieke bestel is mooi meegenomen.

Foto 1 en 2: Schermafbeelding van Meer Democratie / Stop partijpolitieke benoemingen: achtergrondinformatie, 29 mei 2015.

Foto 3: Schermafbeelding van Algemene wet gelijke behandeling, artikel 5.4.

Bernie Sanders stapt in race om president te worden. Echte hoop?

11205486_10153260404302908_2800591635437173445_n

De onafhankelijke en tegen de Democratische Partij aanleunende senator van Vermont Bernie Sanders maakte deze week bekend dat hij presidentskandidaat is voor de Democraten. Hij moet het opnemen tegen de gedoodverfde kandidaat Hillary Clinton. Sanders geeft velen hoop nu de progressieve Elizabeth Warren zich niet kandidaat stelt. En president Obama een teleurstelling voor progressieve politiek bleek te zijn. Sanders laat met verstand het hart spreken als hij opkomt voor de werkende klasse, zoals vorige week in de Senaat waar hij de Republikeinse voorstellen fileerde: ‘Republicans Want to Take America in the Wrong Direction’. Republikeinen gaan met het land aan de haal en leiden het de verkeerde kant op. Weg van de working class.

Sanders vecht voor het terugdringen van de rol van het grote geld in de Amerikaanse politiek. Die spottend ‘corporate politics’ genoemd wordt omdat bedrijven de politiek bepalen en politici opkopen. Zodat de burgers het nakijken hebben. En in het congres nog nauwelijks vertegenwoordigd zijn door beeldbepalende politici. Sanders is de uitzondering. Maar is hij kansrijker dan die andere eeuwige linkse kandidaat Eugene McCarthy?

Politici van het kaliber Sanders zijn om jaloers op te zijn. In 2013 vroeg ik me af waarom Nederland ze mist: ‘Hoe komt het dat ik in Nederland geen ‘progressieve‘ politici kan vinden? Want die zoek ik en vind ik niet. Als referentie voor de richting waarin ik zoek verwijs ik naar de Amerikaanse senator Elizabeth Warren. Dat soort ongebonden en eigenzinnige politici mis ik in Nederland. Vele politici zoals Ronald van Raak, Gerard Schouw of de teruggetreden Mariko Peters of Boris van der Ham verenigen volop kwaliteiten in zich, maar kan ik toch niet opvatten als ‘progressief‘. Zo wordt hun vrijzinnigheid aangevuld met een economisch wereldbeeld dat ik te behoudend (D66), te etatistisch (SP) of te naïef (GroenLinks) vind. Ik begrijp waarom deze politici zo zijn. Maar ik begrijp niet waarom er in Nederland geen progressieve partij is die progressieve politici voortbrengt.

Foto: Publiciteit van Bernie Sanders op Facebook.

Haagse crisissfeer benadrukt intelligente domheid kabinet Rutte

3aa0e3622e848dc76291cabb7d2b399c

Schrijft nooit aan kwaadwilligheid toe, wat verklaard kan worden door domheid. Aldus Napoleon Bonaparte: ‘N’attribuez jamais à la malveillance ce qui peut s’expliquer par la stupidité‘. De uitspraak lijkt gemaakt voor het kabinet Rutte-Asscher dat zegt terug te treden, maar de burgers wantrouwt en met steeds meer regels opzadelt, de burgerrechten inperkt en zich onderhand gedraagt als een bemoeial die zich met alle facetten van het leven wil bemoeien. Ik karakteriseerde dat in mei 2013 in een posting als intelligente domheid.

Da’s anders dan pure domheid waarvan de drager niet intelligent genoeg is om die te verbergen. Intelligente domheid is halfslachtigheid die de wereld in geholpen wordt vanwege het schijnbaar bestaan van een kantelpunt waarachter het verbloemen van de eigen domheid mogelijk wordt. Intelligente dommeriken laten zich die kans niet ontnemen. Bij intelligente domheid neemt het succesvol verhullen van de domheid de plaats in van het aanspreken van de domheid of de intelligentie. Naargelang de specifieke achtergrond. Positionering en marketing nemen het over in een continu proces dat nooit meer ergens voet op vaste bodem zet.

De crisissfeer die deze week in Den Haag hangt over de bed-bad-en-broodregeling en de uitgeprocedeerde asielzoekers heeft alles te maken met de intelligente domheid van de kabinetsleden. Bram van Ojik (Groen Links) denkt te weten hoe het zit: ‘Ik snap heus wel dat het ingewikkeld is, maar zo ingewikkeld kan het ook weer niet zijn om te zeggen: we gaan humanitaire hulp bieden.’ Maar is dat niet te simpel gedacht? Want het gaat de bewindslieden niet zozeer om het vinden van een oplossing voor een concreet beleidspunt, maar om het tijdens het zoeken ernaar verbloemen van eigen domheid. Extra gevaarlijk omdat door de crisissfeer juist de aandacht op de domheid gevestigd wordt doordat een oplossing uitblijft. Kabinetsleden van VVD en PvdA vliegen zonder vangnet door de lucht en kennen een noodgreep: de ander van kwaadwilligheid betichten.

Foto: 1950s circus trapeze artists

PvdA-leden willen naar links. Maar kijken naar rechts. Bizar?


Wordt het chagrijn van de PvdA’ers ingegeven door verloren posities als gevolg van verkiezingen, een fletse leiding, een slechte presentatie of een koers die te veraf is komen te staan van het sociaal-democratische gedachtengoed? In de analyse en de emoties loopt het allemaal door elkaar: campagne, leiding, inhoud en coalitie. Waarom een koers samen met de VVD die verkeerd geacht wordt niet opgezegd wordt vanwege een dreigend slecht resultaat bij de verkiezingen laat zien dat bij de PvdA principes niet de boventoon voeren. De analyse zegt: de inhoud deugt niet en de oplossing wordt gezocht in de vorm en de bijverschijnselen. Wat is zo’n partijbijeenkomst meer dan een therapeutisch praathuis als frontaal de waarheid wordt ontweken?

PvdA: notitie ‘Met vertrouwen linksom!’ bevat bruikbare elementen

death-of-10000-roses-07

De samenbindende sleutelzin van de notitie ‘Met vertrouwen linksom!’ van verontruste PvdA-ers luidt: ‘Echter, als wij blijven hangen in het naar rechts opgeschoven politieke centrum, zullen de extreem-rechtse, conservatief-nationalistische en xenofobe bewegingen zoals PVV, Front National, de Liga Nord, De Gouden Dageraad en vele anderen aan de macht komen.’ Dat wordt uitgewerkt in het laatste van de aandachtspunten ‘Vijf over Links’: ‘Het assertief uitdragen en verdedigen van onze Europese waarden uit de Verlichting’:

Wij pleiten ook voor meer aandacht voor het uitdragen van en de verdediging van onze Europese waarden die zijn oorsprong vinden in de Verlichting, zoals tolerantie, pluriformiteit, vrijheid, democratie, mensen- en burgerrechten, non-discriminatie, rechtstaat en scheiding van kerk en staat. Ze worden aan onze buitengrenzen openlijk aangevallen door jihadisten en autoritair- islamitische regeringen als ook door de conservatief-nationalistische autoritaire regimes in Rusland en China. De soft-power van Europa moet geloofwaardiger worden met een Europees geïntegreerd buitenlands beleid, een humaner en effectiever asielbeleid, meer hulp aan vluchtelingen en meer en effectievere ontwikkelingssamenwerking, en worden versterkt met hard-power van een moderne, effectieve Europese defensie.’

In drie zinnen wordt een helder perspectief voor de Nederlandse- en Europese buitenlandpolitiek geschetst die erop neerkomt dat om de EU te redden de EU moet veranderen door terug te gaan naar de eigen waarden. Dit is ook richtinggevend voor de binnenlandse politiek. Hier valt weinig op af te dingen, hoewel het de vraag is of de beschikbare middelen deze principes kunnen dragen. Maar de richting tussen aantasting van waarden door externe (Rusland) en interne krachten (‘neoliberalisme’) is een geloofwaardige en realistische koers.

Deze principiële stellingname stelt de vergezichten over een linkse meerderheid in de schaduw die klinken als een uitgevonden traditie die nooit was en zelfbedrog is als gevolg van groepsdynamiek. Het schetst het tekort van de PvdA dat romantisch blijft terug-verlangen naar een linkse meerderheid die Nederland nooit gekend heeft. Als de PvdA van dat denken en die retoriek afstand kan doen en beseft dat het beter een sterke linkse eigenheid en standvastigheid kan combineren met een soepele en niet rigide toenadering tot partijen in het politiek midden (D66, CDA) dan kan de PvdA weer relevant worden en in zichzelf gaan geloven. Uitgevonden traditie en symboliek met rozen zit de PvdA in de weg. Dat moet slijten om de PvdA bij de tijd te brengen.

PvdA-denker René Cuperus zag Nederland voor drie vuurproeven staan: de uitweg uit de financiële crisis, het antwoord op het politieke onbehagen, en herstel en rehabilitatie van het publieke ethos van overheid en publieke sector. Het accent op de Europese waarden verbindt in de notitie deze drie vuurproeven en voorziet ze van een positief stempel. Weg van het verwijt van jaloezie. Bovenop de alarmtoestand die alle sociaal-democratische partijen treft en niet typisch PvdA is. Nu de praktijk nog. In de PvdA wordt goed nagedacht, maar verkeerd gekozen. Leiders zijn te pragmatisch (Kok), te weinig tactisch (Bos), te weinig operationeel (Cohen), te weinig strategisch (Samsom) of te wendbaar (Asscher). Welke leider past bij het nieuwe profiel?

Foto: Anya Gallaccio ‘The Beautiful Life and Death of 10,000 Roses’.

Activistisme en journalistiek van TYT komen samen in Wolf PAC

The Young Turks zijn progressief, maar niet per definitie aanhangers van de Democratische Partij en nog minder van president Obama. Cenk Uygur is een activistische journalist of een journalistieke activist. Hij vermengt het een met het ander en is daar open in. Het in 2011 opgerichte burgercomité Wolf PAC heeft als doelstelling het terugdringen van het grote geld in de politiek. Die spottend ‘corporate politics’ genoemd wordt omdat bedrijven de politiek bepalen en politici opkopen. Zodat de burgers het nakijken hebben. Via wetgeving wil Wolf PAC dit stap-voor-stap en staat-voor-staat via een amendement bereiken. Bedrijven zijn geen mensen en zouden niet toegestaan moeten worden om politici direct of indirect geld te geven. Nu verziekt het grote geld de Amerikaanse politiek. Uygur maakt onbeschroomd reclame voor het succes van Wolf PAC dat kandidaten hielp verkiezen die de macht van het grote geld willen terugdringen. Da’s de tactiek.

De Amerikaanse politiek is door de macht van het grote geld zo ontspoord dat gezorgd moet worden dat dit in Nederland niet zover komt. Daar wordt aan gewerkt. In maart 2014 ging de Commissie van toezicht financiën politieke partijen van start, met Liesbeth Spies (voorzitter), Ewout Irrgang en Ed Anker. Maar het aan regels binden van partijfinanciering is niet voldoende om een scheefgegroeid politiek bestel vlot te trekken. De dominantie en geslotenheid van het systeem van partijpolitiek en vermenging ervan met het openbaar bestuur zouden ook onderwerp van onderzoek moeten zijn. Bijvoorbeeld door nieuwe digitale vormen van burgerparticipatie als E-democracy sneller te ontwikkelen en er in een proefproject mee te experimenteren.

28

Foto: Voorbeeld van een amendement om de macht van het grote geld in de Amerikaanse politiek terug te dringen.

Bas Eenhoorn heeft haast en maakt periode niet vol. De commissaris vertelt

SFA04_SFA002003643_X

VVD’er Bas Eenhoorn (68) is sinds 1 augustus in functie als Nationaal Commissaris Digitale Overheid. Een nieuwe functie die dient om de digitale infrastructuur te coördineren. Moeilijk valt in te zien waarom juist de toen al 67-jarige Eenhoorn dit jaar voor vier jaar tot Nationaal Commissaris Digitale Overheid werd benoemd. Waren er echt geen goede bestuurders van jongere generaties die beter alle facetten van de digitalisering bestrijken en tot in hun haarvaten begrijpen? Evenals de mislukte voordracht tot Nationaal Ombudsman van ANWB’er en VVD’er Guido van Woerkom roept dit de vraag op hoe zwaar partyloyaliteit telt bij een benoeming voor openbare functies. Functies in het openbaar bestuur zijn eigendom van de partij die het op dat moment voor het zeggen heeft. Een groot nadeel van de partijpolitiek. Opvallend is trouwens dat minister van Justitie en Veiligheid Ivo Opstelten (70) ook al van gevorderde leeftijd is. Waar blijft de jonge generatie in de VVD?

Op 30 september 2014 vond het eerste 1e Nationaal Beraad Digitale Overheid plaats. Binnenlands Bestuur besteedt er aandacht aan en laat Eenhoorn aan het woord. Hij benadert zijn functie procesmatig. Hij wil een stip aan de horizon zetten en weet niet of-ie zijn periode van vier jaar zal volmaken. Want hij heeft haast. Wat voor onnavolgbare redenering is dat? Van de ene kant benadrukt Eenhoorn dat de urgentie groot is omdat Nederland niet langer vooroploopt als beste digitale overheid, dus volop werk aan de winkel, maar van de andere kant zegt Eenhoorn dat-ie zijn tijd niet volmaakt en het waarschijnlijk bij twee jaar laat. Wat opnieuw twijfel zaait over zijn benoeming. Waarom is iemand benoemt die nu al zegt zijn tijd niet vol te zullen maken?

Eenhoorn kan uitstekend open deuren opengooien en cliché’s verwoorden. Hoe hij opkomt voor de burger en de burgerrechten blijft het raadsel. Een staalkaart van Eenhoorns inzichten: ‘We moeten knopen doorhakken over de digitale infrastructuur en de dienstverlening aan burgers’ en ‘Ik zie het als belang­rijke taak om over twee jaar de dienstverlening geheel digitaal te hebben georganiseerd’ Binnenlands Bestuur legt Eenhoorn de volgende constatering in de mond: ‘Aandacht voor beveiliging is zeer belangrijk.’ De juiste man op deze plek?

SFA04_SFA002004252_X

Foto 1: Walter Blum, Grote schoonmaak, omstreeks 1961. Collectie Spaarnestad Photo/ Walter Blum.

Foto 2: Walter Blum, Bevallige secretaresse met bril in de hand op draaistoel. Studio-opname, jaren ’60. Collectie Spaarnestad Photo/ Walter Blum.

Van Woerkom schiet tekort in gedrag of geloofwaardigheid

anwbBrommer-1

De verwikkelingen rond de vorige week door 91 stemmen van de Tweede Kamer benoemde Nationale Ombudsman Guido van Woerkom gaan verder. Nu is er weer gedoe over een vertrekpremie van 310.000 euro voor deze ANWB-hoofddirecteur. Da’s om twee redenen opmerkelijk. Tot nu toe leek het erop dat Van Woerkom vrijwillig per 1 augustus vertrekt, maar nu blijkt-ie door de commissarissen gevraagd te zijn om op te stappen. Het jaarverslag 2013 doet alsof het om een eigen besluit van Van Woerkom gaat: ‘De raad van commissarissen respecteert het besluit van hoofddirecteur Guido van Woerkom per 1 augustus 2014 na 15 jaar de ANWB te verlaten.’ Over de vertrekpremie heeft Van Woerkom zich in het openbaar nog niet uitgelaten. ANWB-woordvoerder Ad Vonk zegt dat ‘het vertrek niet geheel vrijwillig is gegaan, maar het is ook geen ontslag op staande voet.’ Dat roept de vraag op waarom de naar eigen zeggen goed functionerende Van Woerkom de ANWB moet verlaten. Is de nieuwe koers werkelijk een steen des aanstoots of speelt er meer?

Voorzitter van de FNV Ton Heerts vindt dat Van Woerkom z’n ‘gouden handdruk van 3 ton’ moet terugbetalen aan de ANWB. Heerts vindt het niet kunnen dat Van Woerkom die van baan naar baan gaat ook nog een vertrekpremie krijgt. De Volkskrant die het nieuws over de vertrekpremie naar buiten bracht wijst erop dat volgens de regels van goed bestuur ‘bestuurders alleen recht op een vertrekpremie hebben als ze gedwongen moeten vertrekken’. In de aanloop naar de benoeming van Van Woerkom door de Tweede Kamer is dit aspect in de openbaarheid niet genoemd. Volgens artikel 3g van de Wet Nationale Ombudsman heeft de Tweede Kamer de mogelijkheid om Van Woerkom te ontslaan op grond van beschadigd vertrouwen: ‘wanneer hij naar het oordeel van de Tweede Kamer door handelen of nalaten ernstig nadeel toebrengt aan het in hem te stellen vertrouwen.’ Officieel is Guido van Woerkom benoemd, maar pas later dit jaar wordt-ie beëdigd.

Van Woerkom heeft zichzelf klem gereden door niet open te zijn geweest over het verzoek op te stappen bij de ANWB. Of-ie tegen de commissie Binnenlandse Zaken die ging over z’n benoeming wel openheid van zaken heeft gegeven is de vraag. Alleen als-ie gedwongen is vertrokken heeft-ie recht op een vertrekpremie, maar zelf zegt-ie in het ANWB-jaarverslag dat het om een eigen besluit gaat. Geen ongewone formulering om een verschil van mening te verhullen, maar wel belastend voor z’n geloofwaardigheid. Kortom, Van Woerkom zit met een gedrags- of een geloofwaardigheidsprobleem. Als-ie vrijwillig is weggegaan heeft-ie geen recht op een vertrekpremie en als-ie gedwongen is vertrokken heeft-ie daarover in de openbaarheid gelogen. Dit trekt een zware wissel op het vertrouwen in Van Woerkom die hoe dan ook nalatig heeft gehandeld. Reflectie op z’n eigen gedrag lijkt bij hem karig aanwezig, zoals de episode met de Marokkaanse taxichauffeur ook al leerde. De stapeling van onzorgvuldigheden maakt Guido van Woerkom ongeschikt als Nationale Ombudsman.

Foto: Wegenwacht ANWB Mobylette station Kapelle bij Zeelandbrug.

Benoeming ongeschikte Van Woerkom vraagt om tegenbeweging

Wat heeft Nederland geleerd van de benoeming van Guido van Woerkom tot Nationale Ombudsman? Met 91 van de 144 aanwezige stemmen voor. Het antwoord is een kwestie van perspectief. Vele commentaren zijn scherp over de onmacht en de gemakzucht van de gevestigde politieke klasse. De politiek ontmantelt maar al te graag de eigen tegenspraak. Druk als het met zichzelf bezig is. Daarom kan Van Woerkom met zowel een ongeschikte professionele als persoonlijke achtergrond benoemd worden als Nationale Ombudsman. De ongeschiktheid van Van Woerkom is de ongeschiktheid van de politieke partijen uit de Tweede Kamer die hem benoemden. Met de VVD aan het stuur om partijgenoot Van Woerkom binnen te halen. Dat de Nederlandse burger de komende jaren opgezadeld zit met een ongeschikte Nationale Ombudsman is dus een politieke benoeming. Wat moeten burgers nog met deze in zichzelf gekeerde politieke klasse die bang is voor kritiek?

Nodig is actie vanuit de samenleving. Een mogelijkheid is om parallelle organisaties op te richten of onder te brengen bij bestaande initiatieven en organisaties vanuit de burgerij. Die functies als Nationale Ombudsman, Nationaal Commissaris Digitale Overheid (de onlangs benoemde 67-jarige VVD’er Bas Eenhoorn), directeuren van het CPB of SCP schaduwen. En als straks de kritische directeur van het CBP Jacob Kohnstamm ook wordt opgevolgd door een filiaalhouder van de gevestigde politiek kan die functie ook geschaduwd gaan worden. Want de politiek kan niet langer aan de politieke partijen overgelaten worden. Burgers moeten het initiatief terugveroveren op de defensieve politiek die teveel redeneert vanuit het eigen voortbestaan. De benoemingen van Van Woerkom en Eenhoorn zijn een wakker schudden en openbaring die aangeven dat de gevestigde politiek niet langer aanvaardbaar opereert. Dat kan niet onbeantwoord blijven. Nodig is een tegenbeweging.

image002

Foto: Jordaanoproer, juli 1934. Collectie Spaarnestad.

Weerstand tegen ombudsman Van Woerkom neemt toe

omb

Update: In een reactie maakte Van Woerkom het er nog erger op. Hij meent de ophef niet te snappen en zegt het jammer te vinden ‘dat de discussie tussen de bevolkingsgroepen nu oplaait.’ Deze reactie die eerder een afleiding dan een verklaring is, zet opnieuw twijfels bij zijn geschiktheid. Want niet de discussie tussen bevolkingsgroepen staat centraal, maar zijn eigen geschiktheid voor de functie. Daarover bestaan vanuit verschillende doelgroepen twijfels. Het gaat over de vraag of ondubbelzinnig vaststaat dat deze beoogde kandidaat boven de partijen staat. Het antwoord daarop beantwoorden velen negatief. Dat geeft te denken. 

Niet iedereen valt zo’n eer ten deel, maar beoogd Nationaal Ombudsman en ANWB-directeur Guido van Woerkom wel: een Facebook-pagina die stemmen mobiliseert en focust die tegen z’n benoeming zijn. Hij is afgelopen woensdag voorgedragen door de Commissie Binnenlandse Zaken. De Tweede Kamer debatteert komende dinsdag 3 juni over de voordracht. De NOS vat de gewraakte uitspraak samen: ‘Vier jaar geleden maakte hij een discriminerende opmerking over Marokkaanse taxichauffeurs. Hij zei dat hij zijn vrouw niet met de taxi wilde laten gaan, omdat er weleens een Marokkaan achter het stuur zou kunnen zitten.’

Er is een petitie gestart die genoemde Kamercommissie oproept de voordracht van Guido van Woerkom in te trekken, want: ‘Een Nationale Ombudsman dient neutraal te zijn en de belangen van alle Nederlanders te kunnen vertegenwoordigen. Integriteit en geloofwaardigheid van Guido van Woerkom is in het geding. Wij achten dat de heer van Woerkom deze functie niet naar behoren kan uitvoeren.’ Ik ben het met de conclusie eens en heb hier de petitie getekend. Van Woerkom heeft alle schijn tegen niet boven de partijen te staan.

Gisteren zette ik vragen bij de reden waarom in hemelsnaam een VVD’er met een achtergrond als ANWB-hoofddirecteur Nationale Ombudsman moet worden. Zo’n benoeming ligt niet voor de hand. De vorige Nationale Ombudsman Alex Brenninkmeijer kwam herhaaldelijk in aanvaring met het kabinet. Vooral met minister Opstelten van Veiligheid en Justitie. Zo sprak Brenninkmeijer in 2012 de 15de Burgemeester Dales lezing uit en hekelde daarin de toon van het debat dat-ie intolerant vond. Naast Wilders richtte hij daarbij z’n pijlen op premier Rutte. Brenninkmeijer was iemand met een autonoom oordeel die zich weinig gelegen liet liggen aan de partijpolitiek. Nu haalt het kabinet met Guido van Woerkom een hardcore VVD’er binnen die door zijn partijloyaliteit de schijn tegen heeft niet autonoom te zijn en vooral dekking te moeten geven aan beperkende maatregelen van het kabinet over immigratie, illegalen en de toegang tot het recht. Nederland verdient een meer onafhankelijke Nationale Ombudsman die op afstand van de partijpolitiek staat.

pet

Foto 1: Facebook-pagina

Foto 2: Petitie