Opinieonderzoek van Elabe over gele hesjes: vermoeidheid doet zich voelen in mening van Frans electoraat. Steun ervoor kalft af

Het bericht zat er al aan te komen, maar in Frankrijk hebben de gele hesjes het momentum verloren. Volgens een opinieonderzoek van bureau Elabe in opdracht van nieuwzender BFMTV keert het electoraat zich geleidelijk van hen af. Het wordt er vermoeid van en wil dat de zaterdagse betogingen stoppen. Volgens een meerderheid zijn ze steeds verder af komen te staan van de aanvankelijke eisen die wel als gerechtvaardigd werden gezien. Ook radicaal-linkse (achterban Jean-Luc Mélenchon) en radicaal-rechtse (achterban Marine Le Pen) kiezers identificeren zich relatief minder met de gele hesjes. Wat de beweging lijkt te zijn opgebroken is dat het geen profiel, programma en door allen gesteunde leider had. Ergens tegen zijn kan een breekijzer zijn om vastgeroeste machtsverhoudingen te doorbreken, maar als dat uiteindelijk een richtingloos negativisme blijkt te zijn, dan slaan vermoeidheid en moedeloosheid toe. Toch is het interessant om de komende tijd te volgen hoe de beweging verandert, zich opsplitst en zich gaat verhouden tot de bestaande partijpolitiek.

Politieke kleur van de ‘Gele hesjes’ is vooralsnog onbekend

Het is een wetmatigheid dat maatschappelijke basisbewegingen geïnfiltreerd worden. Dat was al zo bij de Franse revolutie die door beroepsrevolutionairen gekaapt werd. Of bij de Russische opstanden van februari en oktober 1917. Er tekent zich een opvallende gelijkenis aan tussen de beweging van de Gele hesjes en een andere recente beweging die doodgebloed, gefragmenteerd, opgebrand, gekaapt en vertrut is: Anonymous.

Hoe deze beweging verburgerlijkte beschreef ik in een commentaar van 2013 over de Belgische kunstenaar Jan Fabre: ‘Anonymous zou zich beter richten op die ontwikkelingen die ons leven voor de toekomst bepalen. Zoals de opbouw van de controlestaat door overheden en de inperking van de burgerrechten. Maar kritiek daarop vraagt inzicht, kennis, een lange adem en het opbouwen van weerstand tegen de invloed van geheime diensten. Een aanval op een individuele kunstenaar is net zo gemakzuchtig als wat overheden doen door de kunstensector bovenmatig te korten. De aanval op Jan Fabre symboliseert de verburgelijking van Anonymous.

Anonymous werd een sleets merk omdat het gekaapt werd. Met de Gele hesjes dreigt in snel tempo hetzelfde te gebeuren zoals deze video toont van een ‘Volhardend vader en rechtzoekend burger vecht voor zijn drie dochters en tegen criminele jeug’hulp’verlening & Co!’. Nu lijkt een ‘volhardend vader’ nog een tamelijk onschuldig opererend individu, maar als de Guy Fawkes-maskers worden ingewisseld voor Gele hesjes waarachter gefrustreerde of verwarde individuen of binnen- en buitenlandse actoren zich in betrekkelijke anonimiteit kunnen verschuilen, dan gaat het niet om de politisering van de maatschappij, maar om een poging om de politiek buiten de politiek om te kapen. De instrumenten zijn de gemakzuchtig opgestoken middelvingers van de sociale media die vooral wijzen op het protest om het protest. Niet meer dan dat.

Door de verscheidenheid aan actoren in diverse landen, op sociale media en met opvattingen is lastig te onderscheiden wie namens de Gele hesjes handelt of het woord voert. Een basisbeweging die zich verliest in negativisme, complottheorieën, rellerigheid, onhaalbare doelstellingen, frustratie over zowel de eigen persoonlijke situatie als de huidige maatschappij biedt weinig perspectief. De beste hoop is nog dat door het protest de zittende macht met schrik tot het besef komt dat het in haar eigen belang is om de macht te delen, de verzorgingsstaat niet verder uit te kleden en de economisering van de politiek die wordt aangejaagd door de almacht van financiële instellingen en multinationals terug te dringen. Als het protest van de Gele hesjes als hefboom werkt om de macht in gesprek te brengen met linkse partijen en vakbonden, dan heeft het zin.

In een artikel op BuzzFeed gaat Ryan Broderick in op de rol van Facebook bij de protesten in Frankrijk. Ik schreef er elders over: ‘Interesting analysis that is not about the protest, but about spreading fake news and conspiracy theories via social media and the infiltration of a grassroots movement by professional agitators. Because the latter is the danger for every popular movement that is hijacked by radical elements with other motives. What now? Do the radical yellow jackets push the original and more moderate yellow jackets into the background? You can count on the fact that at the moment the French and friendly (German, British, American) intelligence services are working overtime to chart the political influence and undermining by domestic and foreign actors who have joined the protests to weaken the position of President Macron.’

In een opvallende reeks recente optredens in de Franse media meent de gezaghebbende historica Danielle Tartakowsky dat het lastig is om de beweging van de Gele hesjes te vergelijken met eerdere opstanden of maatschappelijke onrust. Zoals de opstand van mei 1968, de rechtse Poujadisten van de jaren ’50 (‘de gewone man tegen de elites’), het linkse Volksfront van de jaren ’30 of de Revolutie van 1789. Wel constateert ze dat een volksbeweging altijd richting en krediet ontleent aan eerdere bewegingen. De politieke kleur van de Gele hesjes is het onbekende zoals de interviewer Tartakowsky in een interview voorhoudt. Haar bedachtzame antwoord verklaart, maar houdt ook alle opties voor de toekomst open: ‘In alle omstandigheden is het nodig om onderscheid te maken tussen de lidmaatschappen (of liever hier niet-lidmaatschappen) die opgeëist worden door de actoren van een beweging, en de objectieve politieke plaats die deze beweging vandaag, morgen en overmorgen speelt en zal spelen. Daar worden dingen nog ingewikkelder.’ De beweging van de Gele hesjes wacht de verandering waar het tegen zegt te strijden, namelijk fragmentatie en vervlakking.

Foto: Schermafbeelding van artikelQuand une historienne spécialiste des mouvements sociaux analyse les “Gilets jaunes”’ van Mathieu Dejean op lesinrocks, 29 november 2018.

College Utrecht wil rijksmonument Willibrordkerk verkopen aan conservatief-katholieke Pius X. Staat Utrechtse raad dit toe?

Het is merkwaardig dat een met 8,5 miljoen euro gemeenschapsgeld gerestaureerd neogotisch rijksmonument in het centrum van Utrecht wordt geprivatiseerd. Dus onttrokken wordt aan het algemeen kunstbezit. Hoewel het openbaar toegankelijk blijft, maar wel onder de ideologische voorwaarden die de beoogde koper Priesterbroederschap Sint Pius X stelt. De afweging is of die voorwaarden aanvaardbaar zijn.

Hamvraag is of dit te rijmen valt met de open en tolerante sfeer van Utrecht als vrijzinnige stad waar D66 en GroenLinks de grootste partijen zijn. Het is merkwaardig dat het college geen andere bestemming voor dit monument weet te vinden. Is het wel actief de boer opgegaan? Zijn alle opties goed onderzocht? Hebben de verantwoordelijke wethouder en zijn ambtenaren wel hun best gedaan om de beste bestemming te vinden?

De aanpak van wethouder Kees Geldof (VVD) doet denken aan de exploitatie van landhuis Amelisweerd door de noodlijdende Stichting Museum Oud Amelisweerd. Het toenmalige gemeentebestuur kwam in 2011 door korte consultatie en verkokerd denken bij een exploitant uit -Armando Bureau- die zichzelf aangeboden had. In een vermenging van bestuur, politiek en private stichtingen werd toen niet verder gekeken. Er werd buiten de eigen ambtelijk-bestuurlijke omgeving niet gezocht naar andere exploitanten en nooit is goed onderzocht of nou de beste exploitant voor deze bestemming was gevonden. Hetzelfde lijkt nu opnieuw aan de orde.

Er is ook een verschil want de internationale Priesterbroederschap Sint Pius X is kapitaalkrachtig en weet geld aan te boren in Zwitserland en Frankrijk. Maar de vraag is of zo’n conservatieve koper in het centrum van de stad gewenst is. Het valt te vergelijken met islamitisch-fundamentalistiche stichtingen die in politieke standpunten haaks staan op de rechtsstaat. In steden als Rotterdam worden ze om die reden door de gemeente tegengewerkt om gebouwen te verwerven. Maar het Utrechtse gemeentebestuur ziet geen beletsel om de Priesterbroederschap Sint Pius X die van antisemitisme en Holocaust-ontkenning wordt beschuldigd als koper aan te wijzen. Dit vraagt op zijn minst om nader onderzoek over aard en karakter van de beoogde koper. Zelfs als de moederorganisatie projectmatig op afstand is gezet verandert dat het profiel ervan niet.

De vraag blijft onbeantwoord hoe het mogelijk is dat het gebouw van de St. Willibrordkerk door de gemeente Utrecht wordt verkocht aan een organisatie die geen van de hoofdstromen van de Utrechtse samenleving vertegenwoordigt. De projectmatige koper is de conservatief-katholieke Stichting Sint Jozef (SSJ) die onderdeel is van de Priesterbroederschap Sint Pius X die er weer een heiligdom van wil maken. Dat laatste is de kern.

In een raadsbrief wordt namens wethouder Geldof een voorbehoud gemaakt: ‘De SSJ garandeert in de overeenkomst dat het kerkgebouw gebruikt kan worden, voor zover niet in strijd met het kerkelijk gebruik’ en dan volgen potentiële gebruikers zoals Kerken Kijken Utrecht, Open Monumentendag, Culturele Zondagen en Festival Oude Muziek. Zo’n afspraak die Geldof maakt is vragen om grensgevechten vanwege het ideologische verschil van mening tussen het conservatief-katholieke gedachtengoed van de beoogde koper en de vrijzinnige en wereldse gebruikers van het monument. Het is een compromis waarvan Geldof bij voorbaat weet dat het problemen gaat opleveren. Maar het verschil is dat de Utrechtse raad nu is gewaarschuwd. In mei 2014 kon theatermaker Dries Verhoeven in de St. Willibrordkerk zijn project De Uitvaart realiseren, terwijl dat bij gebruik en eigendom door de Priesterbroederschap Sint Pius X of SSJ naar verwachting onmogelijk wordt. Vraag is of progressieve partijen als D66 of GroenLinks in de Utrechtse raad in kunnen stemmen met het idee een conservatief-katholieke stichting het laatste woord over het gebouw van de St. Willibrordkerk te gunnen.

Foto: Schermafbeelding van deel artikelPius X neemt ondanks protest Willibrordkerk over’ in DUIC, 6 juni 2017.

Oekraïeners zijn geschokt door de corruptie van hun politici

Oekraïne heeft zich door de Euromaidan opstand van 2013-2014 dan wel deels aan de invloed van de Russische Federatie weten te onttrekken, maar vervolgens blijft het hangen in corruptie. Half gesovjetiseerd, half gedesovjetiseerd. Dankzij opofferingen van vooral jongeren is Oekraïne geen verplicht lid hoeven worden van de door het Kremlin geleide Euroaziatische Unie. Die trouwens ook blijft hangen in daadkracht. Zo tekent zich in Oekraïne en de Russische Federatie een beeld af van halfslachtigheid. Putin voert een race tegen de klok. De Russische reserves zijn naar verwachting midden 2017 op. Exit dure avonturen. Maar de EU heeft genoeg van het uitblijven van hervormingen in Oekraïne en van een kortzichtige politieke klasse die de urgentie van de eigen situatie niet inziet. Nu nog heeft het steun in het Westen, maar hoe lang nog? Al sinds eind 2013 hangt de vraag in de lucht wie het eerst moet inbinden, Oekraïne of de Russische Federatie? Op zich is het een overwinning voor het kleinere Oekraïne dat de vraag nog steeds niet definitief beantwoord is.

President Petro Porosjenko die in de Panama Papers wordt genoemd is een deel van het probleem. En niet van de oplossing. In 2014 wist hij het land voor de poorten van de hel weg te slepen. En te verenigen tegen de Russische agressor. Zo kon Oekraïne gered worden voor een grootschalige Russische invasie die tot veel doden en schade zou hebben geleid. Vervolgens wist hij met zijn ruime mandaat niets te doen. Daarin is hij vergelijkbaar met president Obama die een meester was in het spreken van mooie woorden, maar uit lafheid of berekening de macht van bedrijven niet kon of niet wilde aanpakken. De Oekraïense politieke klasse is corrupt tot op het bot. Het laat kansen voorbijgaan om het eigen land te hervormen. Dat is destructief.

Oekraïne valt heel wat te verwijten. De politieke leiding van het land laat zich omkopen en handelt niet in het landsbelang. Zelfs de missie van de EU in Oekraïne is op een laag pitje gezet omdat de corruptie het werken zo goed als onmogelijk maakte. Het gaat bij deze corruptie niet om een keuze tussen de Russische Federatie en Oekraïne. Maar om de keuze tussen hervormingsgezind en corrupt Oekraïne. Deze twee meest corrupte landen van Europa worden trouwens miserabel geleid en geven de burgers van hun landen niet waar ze recht op hebben. Ze presteren beneden hun kunnen. Beide landen hebben in de top maffia-achtige structuren. Met als gevolg dat geld onttrokken wordt aan het staatsbudget en in de zakken van individuen verdwijnt.

Volgens het Nationaal Referendum Onderzoek 2016 naar het Nederlandse Oekraïne-referendum was voor 34.1% van de nee-stemmers ‘De corruptie in Oekraïne’ de belangrijkste reden om tegen te stemmen. Oekraïne zou te corrupt zijn om deel te nemen aan de associatieovereenkomst met de EU. Geen onzinnig argument. Maar het is wel een argument dat makkelijk omgekeerd kan worden. Want als de EU de hervormingsgezinden zou steunen, dan zou de corruptie teruggedrongen kunnen worden. Het is immers halszaak voor de EU om de buitengrenzen te stabiliseren. Europeanen snakken naar rust, overzichtelijkheid, eenheid en daadkracht van hun leiders. De Oekraïense politieke klasse is crimineel bezig en leeft op de eigen planeet. Mogelijk werkt het om corruptie terug te dringen door het openbaren ervan. Wie weet, Oekraïne heeft een laatste kans. Ogenblik.

Protest in Armenië ook gericht tegen Russische afhankelijkheid

In de Armeense hoofdstad Yerevan zijn de met 16% gestegen energieprijzen de aanleiding voor protesten. De regering die er eerst op los sloeg en daarmee olie op het vuur gooide, treedt nu terughoudender op. De politie wacht af. Naast de directe aanleiding kunnen ook de slechte economische situatie, de afhankelijkheid van de Russische Federatie en de autoritaire regering van president Serzh Sargsyan van belang zijn bij de protesten. De Raad van Europa betwijfelt de eerlijkheid van de verkiezingen sinds 1995. De onafhankelijke Oekraïense omroep Hromadske doet verslag en labelt de vreedzame protesten als ‘Electric Maidan’. Eindigt het net als in Kiev in een situatie die de regering tot aftreden kan dwingen? Het valt niet in te zien dat Rusland dat tolereert.

Oliver Stone krijgt kritiek op zijn uitleg van de Maidan-opstand

10604643_901387473218886_1664496716787648418_o

De Amerikaanse filmregisseur Oliver Stone heeft zich nooit beziggehouden met Rusland of Oekraïne, maar vooral met Amerikaanse onderwerpen. Zoals JFK en Nixon. Nu draait Stone een documentaire over de vorige Oekraïense president Viktor Janoekovitsj die in februari 2014 naar Rusland vluchtte vanwege de Maidan-opstand. Opzet was een film over president Vladimir Putin, maar dat kreeg Stone niet rond. Op zijn Facebook-pagina plaatste Stone op 30 december een verklaring die hem het verwijt van naïviteit opleverde. Vooral wegens zijn standpunt dat de Maidan-opstand volledig opgehangen kon worden aan de CIA en daarom weinig waard zou zijn: ‘A dirty story through and through, but in the tragic aftermath of this coup, the West has maintained the dominant narrative of “Russia in Crimea” whereas the true narrative is “USA in Ukraine.”

Omdat het past binnen het frame van de Russische propaganda wordt Stone’s uitleg er niet geloofwaardiger door. In een nieuwe reactie verdedigt Stone zich tegen kritiek door toe te geven dat Janoekovitsj wellicht de meest corrupte Oekraïense president ooit was en het goed mogelijk is dat een meerderheid van de Oekraïners hem kwijt wilde, maar stapt hij opnieuw in het frame van de Russische propaganda door zich over de Maidan-doden af te vragen: ‘Why for instance are so many policemen dead and wounded, and yet no one has investigated this in the new government?’ Een terechte vraag met een simpel antwoord. Het komt door de corruptie in Oekraïne, de nog overal aanwezige Russische spionnen, en het volledig gebrek aan doelmatigheid van de overheid. De echte redenen waarom een meerderheid van de Oekraïners aansluiting bij de EU zoekt.

In een open brief aan Oliver Stone weerlegt de Canadees-Oekrainse historicus Stephen Velychenko Stone’s lezing van de Maidan-opstand. Hij schetst in een rondgang langs gebeurtenissen uit de moderne geschiedenis dat geheime diensten altijd onderdeel uitmaken van opstanden maar deze daarmee nog niet gediscrediteerd zijn. Velychenko meent dat een film die slechts focust op de aanwezigheid van een geheime dienst en die van andere landen buiten schot laat goedkope propaganda bedrijft. Hij zegt een kritische blik op de Amerikaanse regering en bedrijven te hebben, maar: ‘But I am among those who do not allow their critical view of the US and corporate power to blind them to the reality of Stalinist or Putinist Russia.’ Ofwel, wat hier al ontelbare keren gezegd is, de agressie van de VS wast de agressie van Rusland in en jegens Oekraïne niet schoon.

Oliver Stone is een filmregisseur die fictiefilms met een documentaire-achtig voorkomen maakt die gebaseerd zijn op waar gebeurde verhalen. Stone’s handelsmerk is het mengen van fictie en non-fictie die een nieuwe lezing van de geschiedenis probeert te geven. Op zijn best leidt dat tot de reactie ‘aannemelijk dat het zo gebeurd had kunnen zijn’ en op zijn slechts tot ‘onwaarschijnlijk’. Mogelijk heeft Stone de publiciteit gezocht door het afgeven van een verklaring die zo controversieel was opgesteld dat die wel reacties uitlokken moest. Niet ongewoon in de filmwereld. Maar nu Stone komt met een documentaire over Janoekovitsj roept dat andere tegenkrachten op dan Stone in de VS gewend is. Vraag is hoe hoog Stone deze keer de lat wil leggen.

Foto: Oliver Stone en Viktor Janoekovitsj in Rusland, december 2014.

Frie Leysen kritisch op uitverkoop kunst door politiek

3218576383_22e3fa25cf_o

Het dankwoord van Frie Leysen, bij het ontvangen van de Erasmusprijs op 12 november 2014:

(…) De toekenning van de prijs dit jaar zie ik als een alarmsignaal. Realiseren we ons wat we aan het verliezen zijn in dit klimaat van verrechtsing, nationalisme en commercialisering?

Deze prijs wordt mij uitgereikt door de koning van Nederland, Koning Willem-Alexander. Majesteit, uw land is een plek geworden waar de kunsten nog nauwelijks kunnen ademen,

Waar het onderscheid tussen kunst, cultuur en culturele industrieën nog nauwelijks gemaakt wordt;
Waar brutaal het mes gezet werd in de cultuur- en kunstbudgetten. Het theaterlandschap is grondig opgekuist. Alle wildgroei en onkruid zijn netjes weggesneden. Jammer, want van daaruit komt precies vernieuwing, verandering…;
Een land waar artistieke creatieplekken, laboratoria en onderzoekscentra niet meer bestaan;
Waar conservatisme welig tiert;
Waar kunst een ‘hobby van de linksen’ genoemd wordt;
Waar internationale circulatie van artiesten en hun werk tot een belachelijk minimum herleid is;
Waar schouwburgen (bijna) allemaal, op enkele uitzonderingen na, hetzelfde doen: een ongeprofileerd programma aanbieden, voor elk wat wils, met als belangrijkste doel cijfers halen. Met als gevolg dat de meeste leeggelopen zijn;
Een land waar het artistiek geïnteresseerde publiek niet meer aan zijn trekken komt;

Kortom, een land waar kunst en cultuur, en hun publiek, stevig onder druk staan. Niet alleen in Nederland trouwens, overal in Europa is de aanslag op kunst en cultuur ingezet. Ook mijn eigen land, België, deelt sinds kort in de klappen. Er is iets dat ik niet begrijp. België en Nederland behoren tot de rijkste regio’s ter wereld, de crisis is in beide landen nog tamelijk beperkt gebleven. En tot voor kort voerden beide een heel stimulerend en toonaangevend kunstenbeleid. Hoe kan het dat dit beleid en alle investeringen zomaar, met één pennentrek afgevoerd worden? Dat begrijp ik echt niet. En ik weiger het te begrijpen.

Het veranderende politieke klimaat is één ding. Maar onder het aloude motto – het is goed in eigen hart te kijken – kan het geen kwaad ook onszelf te bevragen. Zijn de kunsten niet te ver meegegaan in politieke, economische, diplomatieke, behaagzieke logica’s? Laten we ons niet te veel voor de kar spannen van de politiek om problemen op te lossen die de politiek zelf niet geklaard krijgt, zoals sociale achterstand, migratie, racisme? Problemen die de kunsten niet zullen/moeten/kunnen oplossen. Ook de modieuze “participatieve kunst”, of het “iedereen kunstenaar!” niet. Niet iedereen is interessant, en zeker niet iedereen is kunstenaar. Rechtvaardigen we onszelf niet te veel met cijfers en economische argumenten in de plaats van inhoudelijk-artistieke? (…).

Deze prijs verdedigt de kunstenaars en hun werk, die dreigen te verstikken in een bourgeois en artificieel wereldje van glamour, geld, macht, namedropping, prestige, commercie, behaagzucht, compromissen, ziekelijk carrièrisme en ijdelheid. Het Disneyland van de artistieke 21ste eeuw. (…).

Deze prijs gaat over de kern van ons werk, over kunstenaars en hun werk, over engagement, over risico’s nemen, over radicaliteit en verandering. Het herdenken van structuren en werkwijzen, aangepast aan de noden van vandaag. (…).

Op het politieke en economische vlak stelt Europa vandaag wereldwijd niet veel meer voor. Maar onze cultuur en kunsten blijven internationaal toonaangevend. Daarvoor moeten we blijven vechten. Tegen de stroom in om alles te herleiden tot het museaal bewaren van ons verleden, moeten we blijven investeren in een klimaat van levendige, open en innoverende kunsten voor de toekomst. (…).

Ik durf te dromen dat deze geste de politieke wereld mee aan het denken zet over waar het naar toe moet met de kunsten, voor wie, hoe en waarom. (…).

In de reacties is het merkwaardig dat deze toespraak als moedig en gedurfd wordt omschreven. Niet dat het dat niet is, maar gek is dat dat nou het eerste is wat eraan op zou vallen. Feitelijk is voor elke kunstenaar met zelfbewustzijn en ambitie geen andere houding mogelijk. Deze witte raaf uit België laat zien hoe murw en getemd de Nederlandse kunstwereld sinds de politieke kaalslag onder leiding van de VVD is geworden. Verdwaald in een leegte tussen overschreeuwen om beschaving, en een intellectueel antwoord en dat wat in Vlaanderen contestatie heet. Het uitdagen van de macht.

Het is voor een post-1968 generatie wennen dat kunst meer kan zijn behang en franje bij de macht. De mooiste zin uit het verslag in De Volkskrant over de prijsuitreiking gaat over de zure reactie van de opperbobo van de kunstbobo’s die dan maar recht praat wat naar zijn idee krom is: ‘Martijn Sanders had het er even moeilijk mee, maar zei blij te zijn te leven in een land waarin dit zomaar kan.’ Het kan dus, in opstand komen tegen het cultuurbeleid van de politieke klasse van Nederland opdat de verbeelding weer aan de macht komt.

When Lights are Low. Over Putin, Greenwald, internet en recht

gg

Mijn tweet moet cynisch gelezen worden. Een commentaar van activist en journalist nationale veiligheid Glenn Greenwald ontbreekt over de plannen van het Kremlin om Rusland los te koppelen van het internet. Luke Harding van The Guardian ziet het als een radicale maatregel. In twee gevallen zou afsluiting aan de orde zijn: bij een ernstige militaire confrontatie of omvangrijke binnenlandse demonstraties tegen de overheid. Vooral dat laatste geeft te denken over de democratische rechtsorde van de Russische Federatie. De plannen die volgend jaar in zouden moeten gaan -maar waarvan onduidelijk is of ze gerealiseerd kunnen worden- passen in een patroon waarin kritische websites geblokkeerd worden door de procureur-generaal.

Er is een ontwikkeling weg van de democratie in vele niet-westerse landen. In deze landen worden zogenaamde universele mensenrechten als westers gezien. Dat is een opportunistisch antwoord van de machthebbers om hervormingen niet door te voeren, de macht geconcentreerd te houden en de burgers rechten te ontzeggen. China is daarvan een stuitend voorbeeld, evenals vele Arabische en Afrikaanse landen.

Terwijl dat in 1948 anders binnen de VN is geaccepteerd: ‘Alle mensenrechten zijn universeel, wat betekent dat mensenrechten gelden voor ieder mens op de wereld. De UVRM is, als resolutie aangenomen door de AVVN, niet als zodanig juridisch bindend. Omdat in de loop der jaren steeds naar de UVRM is verwezen in andere instrumenten wordt tegenwoordig algemeen aangenomen dat een groot deel van de inhoud van de UVRM deel uitmaakt van het internationale gewoonterecht, en daarmee juist wel juridisch bindend is.

Met de rechtsstaat in de RF is het slecht gesteld. Zo schreef MEP Marietje Schaake in een resolutie in 2011 over de rechtsstaat van de RF: ‘uit zijn bezorgdheid over berichten over politiek gemotiveerde rechtszaken, oneerlijke processen en verzuim om ernstige misdaden zoals moord, intimidatie en andere gewelddaden te onderzoeken; dringt er bij de Russische gerechtelijke en rechtshandhavingautoriteiten op aan dat zij hun taken effectief, onpartijdig en onafhankelijk uitvoeren om plegers van misdaden voor het gerecht te brengen;’

Als het ontbreken van een stabiele rechtsstaat vergezeld gaat met het terugdringen van persvrijheid, beperking van en controle op bloggers of zelfs uitsluiting van internet en sociale media en een omvangrijke informatie-oorlog van de overheid om zoveel mogelijk meningen gelijk te schakelen, dan gaat het licht uit.

Glenn Greenwald kiest zelf zijn onderwerpen en is nu eenmaal gespecialiseerd in Amerikaans recht, politiek en instituties. Kritiek op een persoon is dan ook onrechtvaardig, en op hem met zijn verdiensten -zoals de onthullingen aan de hand van de Snowden-documenten- al helemaal. Wel verbaast het me al geruime tijd dat bijna alle linksgerichte media in de VS of Europa door hun verwoed anti-Amerikanisme er mentaal niet meer aan toe lijken te komen nog kritiek op Putin te formuleren. Ze laten het afweten. Zoals het omgekeerde trouwens ook het geval is. Journalistiek valt dat niet te noemen. Als troost Americana met Benny Carter:

Foto: Tweet, 23 september 2014.

Schotse onafhankelijkheidsstreven toont dat Oekraïne kansen mist

De president van Catalonië Artur Mas zou in een referendum voor Schotse onafhankelijkheid ‘ja’ stemmen. Hij legt uit dat Catalonië een referendum door de Spaanse regering onthouden wordt. Mas meent dat als een meerderheid van de Schotten ‘ja’ stemt dat door de EU zal worden erkend en Schotland door onderhandelingen een plek in de EU krijgt. Juist vanwege de zorgvuldige procedure en voorbereiding.

Op een ander front meent de Oekraïense zender Ukraine Today dat gebruikers van sociale media die het Kremlin steunen in het streven naar onafhankelijkheid van de Schotten parallellen ziet met het streven naar onafhankelijkheid in Oekraïne. Maar eerder is het omgekeerde waar. Het Schotse referendum is volgens alle partijen wettelijk, goed georganiseerd, tijdig gepland (al in 2012), heeft maatschappelijke steun en is door overleg tussen vertegenwoordigers van het Schotse en het Britse parlement tot stand gekomen.

Niet door geweld, maar met overleg is het Schotse referendum tot stand gekomen. Dat is de enige juiste manier om te beslissen over onafhankelijkheid. Wellicht was dat begin 2014 in Oekraïne onmogelijk omdat evenals in Spanje de centrale macht uit angst zo’n referendum niet toe wilde staan. Maar het opdelen van een staat is ook niet niks en vraagt tijd en geduld. Bij een boedelscheiding wat de afscheiding van een regio is dienen complexe belangen uit elkaar geknoopt te worden. Dat vraagt rust, overleg en bezinning.

Degenen in Oekraïne die naar onafhankelijkheid streven, zoals op de Krim of de Donbass hadden hun oprechtheid getoond als ze evenals de Schotten of de Catalanen niet hun toevlucht tot haastige manipulatie van referenda of geweld hadden genomen. Ook nog eens met inroepen van hulp uit andere landen. Het onafhankelijksheidsstreven van de staat Azawad in Noord-Mali maakt duidelijk dat het omvormen van een stateloze staat tot een staat een traag proces is dat niet overhaast moet worden. Juist om de culturele bedding van onderop vorm te geven en volken tijd te geven om te wennen aan een idee van verzoening.

Jonas Staal en Moussa Ag Assarid over Azawad. De stateloze staat

The%20Revolution%20is%20Without%20Frontiers_re-size[e-flux]

Gisterenavond bezocht ik een debatavond op de ‘ambassade’ van Azawad in Utrecht. In kunstcentrum BAK. Een ambassade als onderdeel van een onderzoeksproject met de staat als culturele uiting en uitdrukking van het volk. Voordat het een concrete bureaucratische en zelfs militaire constructie wordt. Beeldend kunstenaar Jonas Staal zocht binnen zijn langlopend project over stateloze staten New World Summit samenwerking met de nu in Frankrijk wonende schrijver en vertegenwoordiger van het seculiere MNLA (Nationale Beweging ter Bevrijding van Azawad) Moussa Ag Assarid. Staal bezocht de regio in mei 2014 en deed er in NRC verslag van.

Azawad is het noordelijke deel van Mali dat in 2012 na een opstand door de MNLA tot staat werd uitgeroepen. Nog door geen enkel land erkend, hoewel er contacten zijn met de Franse missie en de VN-blauwhelmen in Mali. Vergemakkelijkt omdat MNLA en Fransen zich beide afzetten tegen de moslimterroristen van de lokale Al Qaida. Geleid door de Toeareg streeft de beweging voor de multi-etnische bevolkingsgroepen (ook: Songhai, Fula en Arabieren) geweldloos naar zelfbeschikking. Een referendum moet uitwijzen hoe reëel de steun voor onafhankelijkheid is. Omdat er  bodemschatten in de grond zitten kan Azawad economisch levensvatbaar zijn.

Moussa Ag Assarid kreeg kritische vragen over de representativiteit van de MNLA die hij in welluidend en goed navolgbaar Frans -vertaald in het Engels- beantwoordde. Nicolaas Vrijboer schetste op 25 juni 2014 min of meer gelijkluidende bezwaren in een stuk voor de Max van der Stoel Stichting. Ag Assarid weersprak dat de MNLA samenwerkte met moslimterroristen. Hij verklaarde de beeldvorming op drie manieren: 1) Strijders van de MNLA en de terroristen bevonden zich soms in hetzelfde gebied zonder militair samen te werken; 2) Een minderheid van de MNLA ziet militair optreden als hoofddoel; 3) De Malinese regering heeft er belang bij de MNLA in een kwaad daglicht te stellen. Op dit moment vinden er in Algiers onderhandelingen plaats tussen de diverse bevrijdingsbewegingen (ook: HCUA en MAA) en de Malinese regering. Een langlopend proces.

Volgens een toelichting van Staal bestaat de stateloze ‘in de vorm van taal, poëzie, muziek en literatuur, en door symbolen en beelden. Het is kunst die de geschiedenis van van een volk draagt, en daarmee de belofte van een nieuwe wereld.’ Debatdeelnemer en oorlogsjournalist Arnold Karskens gaf het MNLA het advies mee die symboliek te benadrukken en contact met de media te zoeken om juist dat over te brengen. Het debat eindigde met een humanistisch betoog van Ag Assarid dat volkeren zich met elkaar moeten verbinden zonder zich te laten beperken door staatsbelang dat vaak dat volksbelang in de weg zit. Jonas Staal sprak even vlammend en weersprak daarmee terloops het idee dat kunst en kunstenaars maatschappelijk niet relevant kunnen zijn. Of zich in de kunstpraktijk weg moeten laten stoppen en temmen in het vakje ‘politieke kunst’.

Wat te denken van het streven naar een autonome staat Azawad? Juist in de week dat het Britse establishment alles op alles zet om te verhinderen dat het Schotse volk voor autonomie kiest. Deze gebeurtenis is ook van invloed op Azawad en andere stateloze staten die zowel een vorm als legitimatie voor hun aspiraties zoeken. Ze leggen dat uit als het corrigeren van fouten die tijdens de periode van het kolonialisme zijn gemaakt. Hoe grijpen ze hun kans? Sympathiek in het streven van de MNLA is dat uitgaat van culturele uitingen van het volk en militair optreden niet voorop zet. Maar zelfbeschikkingsrecht van volkeren opent een doos van Pandora die tot verzwakking en fragmentatie van bestaande staten kan leiden. Zoals de Russische Federatie waar talloze etnische niet-Russische volkeren naar federalisering of autonomie streven. Het voorbeeld Azawad toont aan dat staatsvorming niet altijd zo vanzelfsprekend is als het lijkt en er ruimte voor correcties wordt gezocht.

Mali_EN_azawad_rev2

Foto 1: Moussa Ag Assarid, ‘The Revolution is Without Frontiers’, met vlag van Azawad.

Foto 2: Azawad, zoals geclaimd door de MNLA.

Opmerking: De reader ‘The Art of Creating a State’ geeft meer bijzonderheden over het project van Jonas Staal.