George Knight

Debat tussen links en rechts

Posts Tagged ‘Open samenleving

GroenLinks Amersfoort twijfelt aan het bestaan van de waarheid over het Armando Museum en wijst een onderzoek hoe dan ook af

with 3 comments

Groenlinks neemt in Amersfoort met twee wethouders deel aan de coalitie. Dit feit alleen verklaart het optreden van de woordvoerder cultuur van GroenLinks Linda van Tuyl. Wat ze zegt is zo afwijkend van waar GroenLinks voor zegt te staan dat nauwelijks valt te geloven dat Van Tuyl echt gelooft in wat ze zegt.

Van Tuyl zegt in een raadsdebat dat ze niet wil dat de onderste steen boven tafel komt in een mogelijk onderzoek naar de besluitvorming over de verhuizing van het Armando Museum naar Bunnik. De reden die ze daarvoor geeft is dat het een complex onderzoek zou worden. Dat meent ze al op voorhand te weten, zonder dat het onderzoek is verricht. En als men de onderste steen boven tafel krijgt vraagt ze zich af wat men ermee gaat doen. Men krijgt medelijden met haar dat Van Tuyl dit om partijpolitieke redenen moet zeggen.

Aan de orde is een onderzoek naar de gang van zaken rond het MOA. Dat heeft de gemeente veel geld gekost. Deze Amersfoortse vertegenwoordiger van GroenLinks gaat niet voor openheid en onderzoek, maar voor het tegendeel. In haar argumenten redeneert ze naar een situatie toe die juist onderzocht moet worden om te weten wat de situatie is. Evenmin is het duidelijk waar Van Tuyl haar observatie op baseert dat het dossier MOA zo uniek is dat een onderzoek weinig oplevert. Afgelopen jaren zijn opvallend veel culturele projecten in Amersfoort mislukt. Valt daar geen patroon in te herkennen? Volgens Van Tuyl niet, want ze weet op voorhand het antwoord. Zij redeneert in een cirkel en stelt haar uitgangspunt als onherroepelijke conclusie voor.

Van Tuyls argumenten kunnen ook omgekeerd worden en tegen haar gebruikt worden. Als namelijk het dossier MOA zo uniek is zoals ze veronderstelt, dan verdient dat juist een onderzoek. Of in de vorm van een raadsenquête of anderszins, naargelang de wens van de meerderheid van de raad. Dit soort onderzoeken zijn ernstig en gaan niet over futiliteiten. Ze zijn bedoeld om de controlerende rol van de raad te herstellen, en om van gemaakte fouten te leren zodat die in de toekomst vermeden kunnen worden.

Precies dat is aan de orde bij het dossier MOA toen het toenmalige college het convenant uit 1998 met Armando en zijn ex eenzijdig opzegde. Toenmalig directeur Gerard de Kleijne van Amersfoort-in-C noemde dat in 2010 ‘onbehoorlijk bestuur’ en woordbreuk van de toenmalige gemeenteraad die via de coalitiepartijen het besluit van het college volgde. Het is niet niks als een ambtelijk diensthoofd de raad (en in het directe verlengde daarvan het gemeentebestuur) beticht van onbehoorlijk bestuur. Verdient dat geen onderzoek?

Blijft de vraag over de beeldvorming en GroenLinks. Is dit nog wel de partij van voormalig kamerlid Mariko Peters die in 2012 een wetsvoorstel indiende voor een transparante overheid? In de motivatie zei ze: ‘Teveel publieke informatie blijft nu geheim of te lang achter slot en grendel.’ Van Tuyl vindt het blijkbaar prima dat informatie achter slot en grendel blijft. Namens welk GroenLinks spreekt zij? Het is soms politieke realiteit als een partij kernwaarden inwisselt voor deelname aan de macht, maar doorgaans gaat dat gepaard met geloofwaardig theater. Van Tuyl voert dat echter zo ongeloofwaardig en onhandig op dat het absurd wordt.

In het dossier Armando Museum en MOA speelde een van de voorlopers van Van Tuyl een andere rol. Ook toenmalig fractievoorzitter van GroenLinks Hiske Land pleitte in 2010 voor pragmatiek en haalbaarheid, maar koos vervolgens niet voor een kleinere, maar een grotere rol van de raad. Ze pleitte voor een brede, kritische blik en zoektocht naar de waarheid die Van Tuyl bij voorbaat als onmogelijk kenschetst. Hiermee verschilt Van Tuyl niet van rechts-populisten die succesvol het idee van ‘de waarheid’ ondermijnen. Dat is het verschil in intellectuele nieuwsgierigheid en politiek-filosofische stellingname tussen Land en haar opvolger Van Tuyl.

In 2010 schreef Land: ‘Essentie dus: het Amersfoortse culturele klimaat wordt voor een groot deel bepaald door de verzelfstandigde instellingen. We kunnen niet veel meer doen dan hopen dat zij kiezen voor het belang van de stad… Ik pleit voor een brede blik op het museale aanbod, in plaats van te focussen op één instelling zoals nu gebeurt. De bezuinigingen zijn wat mij betreft alleen de aanleiding om ernaar te kijken. Wat willen we voor de stad? Welke betekenis heeft iedere instelling daarin?’ Een zoektocht naar de waarheid is aan Van Tuyl en GroenLinks Amersfoort niet besteed. Linda van Tuyl ontkent het bestaan van de waarheid.

Advertenties

Joe Walsh en conservatief Amerika. Schoppen van rechts tegen media is onvergelijkbaar met links dat haatspraak wil verbieden

with 3 comments

Joe Walsh is een voormalig Republikeins, conservatief congreslid voor Illinois. Ooit lid van de Tea Party causus. Hij is nu gastheer van een conservatief radioprogramma. Walsh was aanvankelijk een aanhanger van Trump, maar kwam daar na de ontmoeting van Trump met Putin en de ontluisterende afsluitende persconferentie in juli 2018 op terug. Walsh noemde Trump een verrader. Walsh steunt het onderzoek van speciale aanklager Robert Mueller naar de samenwerking van Team Trump met het Kremlin. Walsh is vergelijkbaar met het wereldbeeld van andere vanouds conservatieve opinie-makers als Max Boot, Ben Shapiro, John Schindler of Bill Kristol die doorgaans pro-Israël, pro-kleine overheid en een strikte fiscale politiek, anti-abortus, pro-Navo, pro-Westerse alliantie en anti-Putin zijn. Een artikel van Arch Puddington in het conservatieve Weekly Standard gaat in op de vraag in hoeverre conservatieven en Republikeinen de Rusland-politiek van Trump steunen. Zijn Walsh en consorten de regel of de uitzondering binnen de conservatieve beweging in de VS?

Bij genoemd wereldbeeld hoort de opvatting van ongebreidelde persvrijheid en de vrijheid van meningsuiting. Zoals Jaap Tielbeke in een artikel in De Groene uitlegt valt dat te herleiden tot de liberale filosoof John Stuart Mill die van mening was dat ‘een ongehinderde uitwisseling van ideeën‘ in het publieke debat ‘een essentiële voorwaarde‘ was ‘om dichter bij de waarheid te komen’. Tielbeke doet het af als ‘naïef‘ en ‘een valse voorstelling van zaken’ omdat ‘de vrije markt voor ideeën een illusie’ is. Overigens des te meer omdat door de verslechterde economische situatie van traditionele media de rol van de journalistiek is afgenomen en er gaten zijn gevallen in ‘de vrije markt voor ideeën‘ en nieuwe media als Facebook tot nu toe onvoldoende beseffen en aarzelen om de verantwoordelijkheid te nemen die bij hun journalistieke verplichtingen past. 

Walsh’ tweet verwijst in de tweede alinea (‘hate speech banned’) naar complotdenker Alex Jones en diens radicaal-rechts vehikel ‘Infowars’. Zoals techsite The Verge in het artikel ‘How Alex Jones lost his info war; Misinformation is fine — but hate speech isn’t’ opmerkt is Jones door de techbedrijven behalve Twitter in de ban gedaan vanwege haatspraak of aanzetten tot haat. Casey Newton vraagt zich trouwens af of de echte uitdaging voor de techbedrijven pas komt als gebruikers de inhoud van Jones’ programma’s gaan kopiëren.

Walsh’ vergelijking tussen rechts dat niet gelooft in persvrijheid en links dat niet gelooft in vrijheid van meningsuiting is onevenwichtig. Het eerste is realiteit, maar het tweede niet. Trumps tirades tegen ‘de pers als vijand van het volk’ omdat nieuwsorganisaties ‘nepnieuws’ zouden bieden is een afleiding om de actuele en nog te verschijnen verslagen van de media over de uitkomsten van de onderzoeken naar de samenzwering van Team Trump met het Kremlin in een kwaad daglicht te stellen. Walsh heeft gelijk dat Trumps achterban hem daarin steunt. Ook onafhankelijk kiezers zijn gevoelig voor die continue tirades van Trump en zijn waterdragers tegen de media. Enig bewijs dat media werkelijk vijanden van het volk zijn ontbreekt echter.

Dat is anders met haatspraak. Zoals ook Tielbeke stelt is een ‘een ongehinderde uitwisseling van ideeën’ waarin het denken van Alex Jones past naïef. Niet alleen omdat de ‘vrije markt van ideeën’ van de traditionele media een illusie is en nieuwe (sociale) media nu pas schoorvoetend hun journalistieke verantwoordelijkheid beginnen te nemen, maar ook omdat in de echokamers van de sociale media per definitie een publiek debat ontbreekt waarbij de beste ideeën komen bovendrijven. Hier moeten overheden op inspringen om het open, publieke debat en de democratie te redden. Door zelf actie te nemen en richtlijnen op te stellen, en door bedrijven te verplichten tot actie. Het is Jones’ intentie niet om zijn meningen te meten met die van anderen en zonodig in te wisselen voor een betere mening. Kwam Jones met het verspreiden van desinformatie jarenlang weg, nu hij wordt aangesproken op haatspraak of aanzet tot haat lijkt ineens de maat vol te zijn. Als indirecte terechtwijzing van Trump? De maat die allang vol was, maar eindelijk echt als vol bevonden wordt. 

Foto: Tweet van Joe Walsh, 9 augustus 2018.

Kanttekeningen bij plaatsing column van Lamyae Aharouay in NRC. Is het politiek correct om identiteit als maat der dingen te nemen?

with one comment

Pluriformiteit binnen een nieuwsmedium is een goede zaak. Dat wil zeggen dat verschillende politieke of maatschappelijke meningen erbinnen tot uiting komen. Zo ontstaat door breedte in de verslaglegging, analyse en opinievorming reliëf die door vergelijking diepte geeft. Tegenwoordig wordt die pluriformiteit doorgaans vertaald met het begrip ‘diversiteit’, zoals uit verslagen als hier volgt. Met ‘de witte blik’ als schrikbeeld dat vermeden moet worden. Maar diversiteit als vertaling voor pluriformiteit is een ongelukkig en tekortschietend begrip. Het neemt namelijk als enig uitgangspunt de identiteit van de opiniemakers, maar zegt nog niets over de pluriformiteit van het nieuwsmedium. Iemand met een paarse identiteit kan een zwart wereldbeeld hebben waaruit een zwarte opinie volgt, terwijl iemand met een zwarte identiteit een witte opinie geeft.

Vraag is of media zich niet laten gijzelen door een schijndebat over diversiteit en het regelrechte debat over pluriformiteit hiermee uit de weg gaan. Dat werkt twee kanten uit. Want als pluriformiteit niet altijd direct volgt uit diversiteit kan dat ongecontroleerd en bijna ongemerkt doorschieten naar standpunten die niet binnen de beginselen van het nieuwsmedium passen of naar standpunten die niet verder gaan dan symboliek en diversiteit tot een uitstalling van diversiteit reduceert. Een en ander kan ook allebei tegelijk voorkomen. Het debat over diversiteit binnen organisaties moet overigens wel degelijk gevoerd worden omdat het belangrijk is dat organisaties een afspiegeling van de bevolking vormen. Maar dat is een ander debat dan pluriformiteit.

Aanleiding voor deze kanttekening is de columnHet is politiek correct om moslims te bashen’ van Lamyae Aharouay in NRC. Zoals de titel aangeeft suggereert ze dat het politiek correct is om af te geven op moslims. Dat probeert ze te onderbouwen door een citaat uit het manifest van Vrij Links dat zegt dat het ‘afstand neemt van de suggestie dat niet-westerse Nederlanders in bescherming moeten worden genomen tegen het vrije debat, omdat ze nog niet klaar zouden zijn voor uitingen van de moderniteit’. Op dat zinsdeel van een specifieke zin uit een heel manifest bouwt Aharouay haar column om daar bovenop als conclusie haar uitgangspunt te herhalen dat het manifest blijft hangen in de bescherming van niet-westerse Nederlanders.

Maar het is niet Vrij Links, maar Lamyae Aharouay die blijft hangen en niet verder kijkt. Als door een bij gestoken reageert ze in een geconditioneerde reflex op de verwijzing naar de niet-westerse Nederlander. 

In een tweet reageerde ik op Lamyae Aharouay: ‘Bescherming waar @eddy_terstall cs over praten pleit voor emancipatie en een eind aan betutteling van groepen die in het overheidsbeleid als achtergesteld werden bestempeld. Het zegt iets over uw blik dat u het citaat tegengesteld opvat zoals het bedoeld is en uit de tekst blijkt’. Feitelijk toont de kritiek van Aharouay het gelijk van de opstellers van het manifest aan. Namelijk dat binnen links het debat over identiteit een open debat over de inrichting van de samenleving blokkeert. Want telkens weer trekken critici van dat open debat zich vanuit een defensieve houding terug op hun identiteit waarvan ze claimen dat die allesbepalend is. Overigens is dit geen specifiek linkse bezigheid, de alt-right-beweging heeft zich door zich te richten op identiteit als politieke belangengroep weten te vestigen.

In het geval van Aharouay is het een moslim-identiteit die de columniste blijkbaar als maat van alle dingen ziet. Waarbij ze ook nog eens het actuele debat over de positie van niet-westerse Nederlanders terugbrengt tot beeldvorming en voorbijgaat aan het overheidsbeleid vanaf de jaren ’60 (vdve) over integratie. Zij gaat ook voorbij aan de kritiek op het multiculturalisme zoals dat in 2000 werd verwoord door Paul Scheffer en waar het manifest van Vrij Links op inhaakt met een pleidooi voor een seculiere samenleving. Scheffer merkte onder meer op: ‘Waar het vooral om gaat, is dat de scheiding van staat en kerk niet werkelijk is aanvaard in islamitische kring’, ‘Al die apologeten van de diversiteit zijn niet geïnteresseerd in wat zich in de grote steden van Nederland afspeelt‘ en ‘In het openbare leven behoort geen plaats te zijn voor stromingen die de scheiding van staat en kerk of de gelijke rechten van man en vrouw willen opheffen’. De bescherming waarover het manifest het heeft verwoordde Scheffer in dat modewoord van vroegere tijden: ‘De cultuur van het gedogen, die nu op haar grenzen stuit, gaat hand in hand met een zelfbeeld dat onwaarachtig is.

Lamyae Aharouay wil mogelijk de moderniteit naar de islam brengen, maar zoals uit haar column blijkt de islam zeker niet naar de moderniteit. In die betekenis heeft ze gelijk met haar kritiek op het manifest. Want Aharouay is wel klaar voor uitingen van moderniteit, zoals Tariq Ramadan dat ook was voordat hij door de beschuldiging van molestatie van vrouwen van zijn voetstuk viel, maar dat zijn niet de uitingen die passen binnen de politieke filosofie van het secularisme dat probeert identiteit en religie te overstijgen. Aharouay beschouwt haar identiteit als positief kenmerk dat gekoesterd moet worden, terwijl de opstellers van het manifest het als een sta-in-de-weg voor de toekenning van gelijke rechten voor allen opvatten.

Het gevolg van identitaire kritiek is dat binnen links geen debat op een hoger abstractieniveau tot stand komt dat probeert identiteit te overstijgen om een gemeenschappelijke basis te formuleren van waaruit links geloofwaardig en vanaf een solide basis kan opereren. Zo wordt Vrij Links met een pleidooi voor een seculiere samenleving waarin niet de identiteit, maar de rechtsstaat en de grondrechten de maat der dingen zijn gemangeld tussen radicaal-rechts en radicaal-links die zweren bij de eigen achtergrond en eigenheid.

In de beginselen uit 1970 van NRC zijn talloze aanknopingspunten te vinden die haaks staan op de opinie van Lamyae Aharouay. Onder meer over ‘De vrijheidsgedachte die wij voorstaan, verdraagt zich niet met geloof in enig dogma, aanvaardt niet bij voorbaat enig gezag’ of ‘waanzin de mens als onderdeel van een collectiviteit’. De plaatsing van en keuze voor de column van Aharouay door de NRC-hoofdredactie sluit niet aan bij de conclusie van de beginselen: ‘Wie zich richt tot een publiek dat bereid is na te denken, doet een beroep op de rede, die hijzelf ook hanteert. In een tijd dat allerlei irrationele verschijnselen weer de kop opsteken en vaak op modieus applaus kunnen rekenen, menen wij hiermee een functie te verrichten die nog zin heeft.’ De column van Aharouay vertegenwoordigt standpunten die niet binnen de liberale beginselen van NRC passen en diversiteit tot een uitstalling van diversiteit reduceert. De lezer die een beroep doet op de rede kan er niks mee beginnen. De hoofdredactie van NRC lijkt zelf in de val van het modieus applaus getrapt door een beeld van diversiteit te verwarren met pluriformiteit en dat boven de eigen beginselen te plaatsen.

Foto: Schermafbeelding van deel artikelHet is politiek correct om moslims te bashen’ van Lamyae Aharouay in NRC, 24 mei 2018.

Manifest van ‘Vrij Links’ (Aynan, Lakerveld, Terstall en Yücel) over openheid en secularisme roept misverstand op bij Oudenampsen

with one comment

In een manifest dat in De Volkskrant wordt gepubliceerd pleiten vier auteurs voor een open samenleving en het secularisme. Asis Aynan, Femke Lakerveld, Eddy Terstall en Keklik Yücel noemen zich ‘Vrij Links’ en verzetten zich tegen het groepsdenken en nemen het op voor progressief links. Ze pleiten voor een ‘Vrij Links’ dat ‘weer trouw is aan haar vrijzinnige, seculiere wortels‘. Hiermee claimen ze geen uniciteit en laten open dat er niet-linkse groepen zijn met dezelfde wortels en dezelfde claim. Maar hun claim kan verwarring scheppen en was beter achterwege gebleven. Ofwel, het optuigen van een ‘Vrij Linkse’ beweging staat de duidelijkheid over een open, seculiere samenleving in de weg. Het instrument komt zo deels voor het doel te staan.

Het is geen nieuw geluid, maar een geluid dat als nieuw wordt gepresenteerd. Het manifest weerspreekt het misverstand dat vooral door orthodoxe religieuze leiders de wereld in wordt geholpen dat secularisme hetzelfde als atheïsme zou zijn. Dat is onjuist. Dat zeggen die religieuzen eenvoudigweg vanuit een defensieve reflex omdat het secularisme hun voorrechten wil terugbrengen tot de rechten die ook de minder dominante religies en levensovertuigingen hebben. Daarnaast zijn er zoals Jacques Berlinerblau zegt ook niet-seculiere atheïsten zoals Sam Harris of Chistopher Hitchens die vijandig tegenover het secularisme staan:

Iemand die niet begrepen heeft wat secularisme is, of doet alsof hij het niet begrijpt, is socioloog/politicoloog Merijn Oudenampsen die vanuit links-radicale hoek in een twitterstorm het manifest aanvalt. Hij bezondigt zich aan twee denkfouten. Hij verwart secularisme met atheïsme, en daar bovenop suggereert hij dat wat hij ziet als een kluwen van secularisme/atheïsme links of rechts zou kunnen zijn. Alsof de rechtsstaat en de universele waarden in de hedendaagse praktijk links of rechts zijn. De auteurs van het manifest willen daaraan ontsnappen, hoewel het erop lijkt dat ze in vervoering naar Isfahan reizen. Oudenampsens misverstand is door de onhandige bewoordingen van de vier auteurs zelf de wereld in geholpen door hun claim op linkse progressiviteit. Dat is onnodig en contra-productief in een pleidooi voor een open, seculiere samenleving.

Ouderampsen ontspoort pas echt met een kwaadwillende tweet waarin hij verwijst naar de radicaal-rechtse atheïst Paul Cliteur. Er is veel voor te zeggen om deze in de laatste jaren geradicaliseerde aanhanger van Forum voor Democratie Cliteur net zoals Berlinerblau zegt over Sam Harris en Christopher Hitchens als een niet-seculiere atheïst te beschouwen. Dat is een heel andere weg dan de vier auteurs van het manifest inslaan.

Foto 1: Schermafbeelding van deel artikelOpinie: Vrij Links moet trouw zijn aan zijn vrijzinnige, seculiere wortels’ van Asis Aynan, Femke Lakerveld, Eddy Terstall en Keklik Yücel in De Volkskrant, 17 mei 2018.

Foto 2: Tweet van Merijn Oudenampsen, 19 mei 2018.

Overheid moet speciale aanklager benoemen om handelaren in nepnieuws aan te pakken. Dat kan via het economisch delict

with 3 comments

De Groene geeft door onderzoek en analyse in een artikel een goed beeld van de Nederlandse en buitenlandse handelaren in nepnieuws. In het open Nederland kunnen buitenlanders in nepnieuws handelen, terwijl ze dat in eigen land nooit zouden mogen. Door veiligheidsdiensten zouden ze per direct opgepakt worden en achter de tralies verdwijnen. Maar Nederland kan niet naïef zijn en ongenode gasten hier de Nederlandse democratie laten ondermijnen omdat in Nederland nu eenmaal mag wat in autoritaire landen niet mag. Maatregelen zijn nodig. Het artikel in De Groene maakt inzichtelijk in welke richting dat gezocht moet worden: het economisch delict. Het tonen van die weg is de verdienste van de journalisten Linda van der Pol en Coen van de Ven.

Het is een ongelijke strijd. De open samenleving die Nederland is biedt Russen de mogelijkheid om hier als vrij handelende individuen te opereren wat in de gesloten Russische Federatie onmogelijk is. Terwijl het handelen van de leiders in het Kremlin nog begrepen kan worden vanuit hun traditie, ambigue relatie tot het Westen en Sovjet-mentaliteit die blijkbaar in de genen is gaan zitten, past Nederlanders die hierop meeliften geen enkel begrip. Het zijn landverraders die juridisch als zodanig aangepakt dienen te worden.

Het gaat er niet om om de vrijheid van meningsuiting in Nederland in te perken. Dat is een doodlopende weg die haaks staat op de mentaliteit van openheid, overleg, nuchterheid en publiek debat die zo bij Nederland past. De meningsuiting moet blijven zoals die is en niet door restrictieve overheidsmaatregelen ingeperkt worden. Het gaat erom om de meningsuiting te beschermen tegen de valse speculanten in meningsuiting.

Speculanten die investeren in nepnieuws zijn in de kern economische profiteurs die daarom ook zo opgevat en aangepakt moeten worden. Investeerders in nepnieuws zijn de nieuwe bunkerbouwers, de nieuwe OW’ers (oorlogswinstmakers). Over de rug van het algemeen belang halen ze zonder verantwoordelijkheidsbesef hun economische winst binnen. Handelaren in nepnieuws die met of zonder een verguld omhulsel van ideologie de handel als nepnieuws als een investering beschouwen moeten hard in hun portemonnee geraakt worden.

Handel in nepnieuws is een economisch delict en moet via de weg van de investering, de winst (‘Pluk ze’) en de wetten die hiervoor gelden strafrechtelijk worden aangepakt. Te denken valt aan de Telecommunicatiewet of de Wet financiële betrekkingen buitenland 1994 die handvaten bieden om Nederlandse en buitenlandse investeerders in nepnieuws in Nederland aan te pakken. Door onderzoek moet de overheid deze Nederlandse en buitenlandse actoren die in Nederland handelen in nepnieuws in kaart brengen, er het gepaste wetsartikel uit het repertoire van economische delicten bij zoeken en vervolgens tot vervolging overgaan. Te denken valt aan een speciale aanklager met voldoende bevoegdheden die op het raakvlak van de beleidsterrein van de ministeries van Economische Zaken, Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, Justitie en Veiligheid, Binnenlandse Zaken en Buitenlandse Zaken opereert. Hiermee kan minister Ollongren tegelijk haar huidige machteloosheid van zich afschudden en wordt de vervolging op afstand van het kabinet gezet. Politiek wel zo gewenst.

Foto 1: Schermafbeelding van deel artikelHollands nepnieuws; Russische desinformatie of online kattenkwaad?’ in De Groene, 21 februari 2018.

Foto 2: Reactie op tweet van Erik de Vlieger, 21 februari 2018.

Kauffmann verklaart de affaire Ramadan voor een Angelsaksisch publiek. Kunnen vrouwen de islam helpen emanciperen?

with 2 comments

In een opinie-artikel in The New York Times gaat de Franse journaliste Sylvie Kauffmann in op de affaire Tariq Ramadan. Deze 55-jarige Zwitsers-Franse islamoloog zou twee vrouwen verkracht hebben, van wie alleen Henda Ayari zich bekend heeft gemaakt. Kauffmann merkt op dat het voor vrouwen al lastig is om hun recht te halen in een kwestie van seksuele intimidatie of verkrachting, maar dat dat binnen islamitische kringen extra moeilijk is. Waarom hebben ze als moslimvrouwen aanleiding gegeven? Ramadan wordt in bescherming genomen door moslims, maar ook door linkse, academische kringen die in de bres springen als er ergens islamkritiek klinkt. Bijvoorbeeld bij het uitkomen van de film Beauty and The Dogs (‘Aala Kaf Ifrit’) van de vrouwelijke regisseur Kaouther Ben Hania over de 20-jarige studente Mariam die verkracht wordt door twee politieagenten en veel moeite moet doen om een aanklacht in te dienen. Of als kritiek op de aanrandingen van vrouwen in Keulen in de Nieuwjaarsnacht 2016. De Algerijnse publicist Kamel Daoud verklaarde dat als ‘de seksuele ellende van de Arabische wereld’. Hij werd vervolgens beschuldigd van ‘Oriëntalistische clichés’.

Kauffmann constateert dat de seksuele revolutie die in de 20ste eeuw westerse vrouwen bevrijdde in de moslimwereld nog moet plaatsvinden.  Behalve in Tunesië waar een soort islam-democratie wordt opgebouwd is de Arabische Lente overal tot stilstand gekomen. Of zelfs gerestaureerd met nieuw conservatisme.

Kauffmann citeert een voormalige islamdeskundige van het Ministerie van Binnenlandse Zaken Bernard Godard die in het weekblad L’Obs over het gedrag van Ramadan verklaarde dat hij ‘maîtresses had, sites raadpleegde, dat aan het einde van zijn lezingen meisjes naar het hotel werden gebracht, dat hij sommigen uitnodigde om zich uit te kleden, dat sommigen zich verzetten en dat hij gewelddadig en agressief kon worden.’ Godard voegt toe (zie ook hier) verbijsterd te zijn over de beschuldiging van verkrachting waar hij nooit over had gehoord. Maar het lijkt een voorstelbare stap van Ramadans omgang met vrouwen die Godard schetst naar de verkrachtingen. L’Obs brengt het verhaal groot en noemt het een onderzoek naar de val van een goeroe. 

Kauffmann eindigt positief met een verwijzing naar de noodzaak van veranderingen in de moslimwereld waarbij vrouwen een hoofdrol kunnen spelen. Ook om de hypocrisie en de gemankeerde omgang met seksualiteit van een schizofrene samenleving te veranderen. Vrouwen hebben door hun ondergeschikte positie het meest te winnen bij zo’n verandering en het ontmaskeren van de ‘obscuranten’ die de islam misbruiken vanwege de macht die het oplevert. Tariq Ramadan is niet het laatste voorbeeld van een valse profeet. Er is wellicht tegen beter weten in de hoop dat het goedkomt met de moslimwereld. Kauffmann: ‘Ironisch genoeg was deze wereld van religieuze dogma’s over seksualiteit eens een heel andere wereld. Tien eeuwen geleden, schrokken de Arabische erotica geschreven door religieuze hoogwaardigheidsbekleders en verfijnde woordenboeken van seks het Westen. Zes decennia geleden droegen vrouwen minirokjes in Kabul en in Tunis.’

Foto 1: Schermafbeelding van deel artikelA Toxic Mix: Sex, Religion and Hypocrisy’ van Sylvie Kauffmann in The New York Times, 13 november 2017.

Foto 2: L’Obs,’Tariq Ramadan, la chute d’un gourou’, 8 november 2017.

Tariq Ramadan door Henda Ayari beschuldigd van verkrachting

with 9 comments

De voormalige salafiste Henda Ayari die feministe is geworden en de scheiding van kerk en staat verdedigt maakte gisteren op haar FB-pagina de naam bekend van de man die ze vorig jaar in haar boek ‘ J’ai choisi d’être libre anoniem beschuldigde van verkrachting en seksuele agressie. Achter het pseudoniem Zoubeyr lijkt nu de Zwitsers-Franse islamist en moslimbroeder Tariq Ramadan schuil te gaan. Haar woordvoerder zegt dat Henda Ayari uit angst er niet over durft te communiceren, aldus een bericht van BFMTV. Islamisten dreigen vaak met geweld en gebruiken dat ook. Haar onthulling komt in het kielzog van de wereldwijde campagne op sociale media die ontstond na de beschuldiging van de Amerikaanse filmproducent Harvey Weinstein.

Ramadan is in buiten eigen kring niet populair omdat hij de verantwoordelijkheid van de islam altijd afschuift. Hij wil zijn versie van de islam niet naar de moderniteit brengen, maar hooguit de moderniteit naar de islam. Ramadan wijt wat er mis gaat binnen de islam of in de moslimnaties altijd aan externe factoren. Maar hij wil dat nooit herleiden tot de islam zelf. Zodat Ramadan de hervorming van de kern van de islam in lijn met de moderne islamisten -die het modernisme naar de islam willen brengen en niet andersom- blijft blokkeren.

Tariq Ramadan is een handige debater en gebruikt voor zijn aanvallende verdediging een tweetrapsraket. Hij definieert de uitwassen van de islam zoals het terrorisme als niet behorend tot de islam. En hij probeert kritiek op de islam af te leiden door de boodschapper van de kritiek in een kwaad daglicht te stellen. Ramadan heeft in Frankrijk vele vijanden gemaakt en plukt daar nu de wrange vruchten van. Het valt niet te verwachten dat hij na de beschuldiging van verkrachting door Ayari bijval of compassie buiten eigen kring zal krijgen. Zijn rol in het publieke debat is beschadigd en waarschijnlijk uitgespeeld. Islamisten zullen dat vertalen als racisme.