Gedachte bij de foto ‘Bij het smalspoorstation in Mrągowo’ (1957)

Na dworcu kolejki wąskotorowej w Mrągowie (= Bij het smalspoorstation in Mrągowo), circa 1957. Collectie: Stadsbibliotheek Mrągowo.

We zien een man met kalotje die op een koffer zit. In Noord-Polen in Mrągowo, Mazurië. Dat heette Sensburg toen het deel uitmaakte van het Duitse Oost-Pruisen. De man bevindt zich op de smalspoorhalte Mrągowo Wąskotorowe. De smalspoorlijn is na de Tweede Wereldoorlog hersteld en in 1948 weer in gebruik genomen. Tot het in 1966 definitief werd stilgelegd.

De man is onderweg. We weten niet waarheen. Wellicht naar Kętrzyn. Wie zal het zeggen.

Het is verleidelijk om in het beeldarchief te zoeken om een andere foto met dit gezicht te vinden. Zoals een foto uit 1947 van drie jongens die de Eerste Heilige Communie ontvangen. Is de man op de foto uit 1957 de rechterjongen? Zit hij op het seminarie en is hij op weg erheen? Ach, hoe kunnen we dat nu nog achterhalen? De foto uit 1957 is een schenking van Jerzy Polaczek.

Van dit soort foto’s die niet volledig zijn beschreven wemelt het in digitale archieven. De foto is in 2021 gedigitaliseerd. Juist omdat de informatie onvolledig is wordt de fantasie aan het werk gezet. Dat is de aantrekkingskracht ervan. Het verhaal kan niet rond gemaakt worden.

Advertentie

Gedachten bij de foto ‘Der Überseedampfer “Fritz Schoop” im Seenebel im Hafen Königsberg, Ostpreußen, 1930er Jahre’

Karl Heinrich Lämmel, ‘Der Überseedampfer “Fritz Schoop” im Seenebel im Hafen Königsberg, Ostpreußen’,  1930er Jahre‘. Collectie: United Archives.

Na duizenden foto’s van de Duitse fotograaf Karl Heinrich Lämmel (1910-1945) in het archief van United Archives te hebben bekeken, werd ik er wee van.

Lämmel laat zich kennen als een professionele fotograaf die de landschappen en steden van Duitsland vaardig in beeld bracht. Maar bijna altijd schijnt de zon. Letterlijk en figuurlijk. Hij moest vanwege de lastige politiek situatie waarschijnlijk de zon laten schijnen. Hij werkte in de jaren dertig als fotoreporter voor Mauritius-Verlag, het in 1929 opgerichte en nog steeds bestaande Duitse fotobureau.

De waarde van de foto’s zit hem erin dat Lämmel een Duitsland in beeld brengt dat verdwenen is. Of door de vernietiging van steden of door verlies van land, zoals Oost-Pruisen.

Lämmel geeft een geïdealiseerd beeld van Duitsland zonder scherpe kantjes. Ook in de jaren dertig was dat al gedateerd, maar de toenmalige Duitse media hadden waarschijnlijk behoefte aan een beeld van Duitsland dat boven of naast de werkelijkheid stond.

Lämmel lijkt niet de opportunistische Leni Riefenstahl van de fotoreportage, maar hij ontkwam er toch niet aan om reportages over de HJ, Hitler Jeugd in al zijn verschijningsvormen te maken. De controverses en maatschappelijke verschillen wordt buiten beeld gehouden. Het lijkt altijd vakantie met aangename plaatjes. Media die klant waren bij Mauritius wisten vanwege de censuur wat ze wel en niet konden publiceren. En daarom maakte Lämmel wat hij maakte. Dat soort commercie is de economische beperking van artistieke vrijheid.

Het is te hopen dat ooit het privé-archief van Lämmel boven water komt. Meer dan 75 jaar na zijn verdwijning in de toenmalige Sovjet-Unie valt dat niet te verwachten. Hij lijkt met zijn fotografisch talent voorgoed verdwenen in de mist van de oorlog en de geschiedenis. Zijn eenzijdige kleuring van het toenmalige Duitsland roept voor ons overigens de vraag op of dat nu fundamenteel anders is. Terugkijken op de geschiedenis is uiteraard akkoord, maar neerkijken niet.

Verleden, verlangen en verlakkerij: geschiedenis

Update 4 februari 2016: Commentator Dmitry Altufyev verhaalt over het ontstaan van de Russo-Balten die een eigen identiteit ontwikkelen die verschilt van de andere inwoners van de Russische Federatie die het idee van ‘de Russische wereld’ (Roesski Mir) volgen die hun wordt voorgehouden. Paul Goble zet het in een blogposting op een rijtje. De ontwikkeling van die nieuwe identiteit maakt het er des te prikkelender op omdat Königsberg of Kaliningrad officieel niet bij de Russische Federatie hoort. Dat biedt perspectief voor externe inmenging. 

Wat is dat toch het verlangen naar wat geweest is? Niet naar het eigen voorbije leven, maar naar een tijdperk voor de eigen geboorte. Het is een reconstructie naar oude luister, praal en macht. Een restauratie van landen die niet meer bestaan of in een andere vorm voortleven.

Waartoe dient dat verlangen? Welk tekort vult het? Tempoe doeloe voor de Nederlanders, Congo voor de Belgen, Algerije voor de Fransen, Oost-Pruisen voor de Duitsers, de dubbelmonarchie voor de Oostenrijkers, Cuba voor de Amerikanen. De geschiedenis is een prullenmand vol landsnippers, verschoven grenzen en nostalgie naar het land van ooit. Terugkijken is een voortgaande beweging die het verleden leefbaar maakt. En functioneel is.

Een bijzonder geval zijn regio’s die afscheid namen van hun oude status, maar officieel nog geen nieuwe status hebben verworven. Ze zijn juridisch statenloos. Op de vlucht, maar nog niet geland. Als Vliegende Hollanders van de geschiedenis. Ze vinden geen rust, maar zoeken die wel. Het uitstralen ervan komt soms in de plek van het bezit.

Zoals het vroegere Königsberg -nu: Kaliningrad- dat sinds 1945 volgens het verdrag van Potsdam tussen de geallieerden en de Sovjet-Unie geen deel meer uitmaakt van het Derde Rijk, maar officieel nog steeds geen deel is van de Sovjet-Unie, of haar juridische opvolger de Russische Federatie. Raymond Smith zette dat na de opdeling van de Sovjet-Unie in 1992 op een rijtje en concludeerde dat het voor de hand ligt om het vroegere Königsberg bij Litouwen te voegen. Wie weet.

Anderen met andere belangen denken daar weer heel anders over. Zo is de geschiedenis naast versnipperde en verscheurde kaarten in een prullenmand, ook een lappenmand en een kruitvat. Maar bovenal een phenakistiscoop, een optisch instrument uit de vroege filmgeschiedenis dat zoals elke film de toeschouwer bedriegt door beweging in stilstand te suggereren. Dat ons laat aanvullen wat ontbreekt. Dat is het wonder. We zien allen dezelfde film of maken dezelfde geschiedenis mee, maar hebben er andere gedachten bij.