George Knight

Debat tussen links en rechts

Posts Tagged ‘Ondergangsfantasie

Lachen bij de nuanceringen van Asha over het Redelijke Midden. De geschiedenis leert: een column kan om te lachen en te huilen zijn

with 2 comments

Wat een opmerkelijk onbezonnen mens, die Asha ten Broeke. Ik kende deze columniste van De Volkskrant niet en vind het met terugwerkende kracht oprecht jammer dat ik haar geniale inzichten heb gemist. Want een beetje humor is nooit weg. En om de ‘denkbeelden’ van Asha valt smakelijk te lachen. Ze is zo cool.

Asha, redelijke tijden zijn de uitzondering. Wat dat betreft leven we op dit moment in normale tijden. De geschiedenis is te veelgelaagd om daar op emoties gebaseerde verregaande uitspraken over te doen.

Asha, wat heb je een enge opvatting van wat een radicaal is. Herinner je de radicaal-liberalen van de jaren 1880? Ze namen een middenpositie in en waren hervormingsgezind. De historicus E.H. Kossmann omschreef deze radicalen zo: ‘zij vormden integendeel een nieuwe, politieke, sociale en artistieke avant-garde.’ Nuancering dus. Het is wellicht comfortabel om de geschiedenis uitsluitend met de bril van 2019 te bekijken, maar verklaren doet dat weinig.

Maar ok, laten we voor het debat meegaan in je framing die radicalen met hun neusjes haaks zet op wat je zo grappig het Redelijke Midden noemt. Lachen bij de nuanceringen van Asha. Maar wat hebben we dan op dit moment te verwachten van de ideeën van links-radicalen en rechts-radicalen? Wat hebben ze te bieden aan constructiefs? Ze schoppen tegen de gevestigde orde zonder een blauwdruk voor de reconstructie van de puinhopen bij te leveren die ze in hun ondergangsfantasieën aanrichten. Pim Fortuyn had het als rooms-katholiek over zichzelf, met zijn puinhopen van paars. Maar laten we niet persoonlijk worden. Je weet dat Lenin niet alleen bij radicaal-links, maar ook bij radicaal-rechts gehoor vindt? Vraag het Steve Bannon.

Het is juist dat het ‘gematigd realisme’, dat in Nederland loopt van gematigd-rechts (VVD) tot gematigd-links (PvdA), op dit moment wars van daadkracht, ambitie en ideeën is. Dat is niet per definitie altijd zo. Herinner je je de opbouw van de verzorgingsstaat en de rol van krachtige sociaal-democraten als Floor Wibaut, Clement Attlee en Willem Drees die veel goeds hebben gebracht? Het was niet hun radicalisme, maar hun realisme dat dit bewerkstelligde. Je weet ook dat sociaal-democraten en linkse-radicale communisten in de 20ste eeuw een bloedhekel aan elkaar hebben gehad. Maar communisten hebben met hun ideeën nergens iets voor elkaar gebokst. Of je moet Noord-Korea of Nicaragua als voorbeelden beschouwen die volgen uit radicale ideeën.

Je analyse kan daarom maar beter een andere zijn. Het gaat er niet om dat het gematigd-realisme vervangen of gevoed moet worden door het radicalisme, maar hoe het gematigd realisme gerevitaliseerd kan worden. Want dat dat laatste nodig is ben ik met volmondig je eens. Het is overigens linke soep zoals uit je betoog blijkt dat je onder radicalen uitsluitend links-radicalen verstaat. Pas op je wat je overhoop haalt. Herinner je je de geschiedenis van de Weimar-republiek waar de gematigde realisten niet door rechts-radicalen, maar door de links-radicalen werden verraden? Bezin eer je begint.

De Volkskrant verdient je humor. Hopelijk blijf je met je woorden onderstrepen hoe het niet zit. Je dia-positief van de omgekeerde mening helpt de lezer om je argumenten in tegenargumenten, en omgekeerd, om te zetten. Je bent de provocateur om aan te tonen dat radicalen met hun ideeën geen oplossing geven. Gematigd realisten zorgen ervoor dat Nederland marcheert. Schoon water uit de kraan, verwarming, vuilnisophaal, kunstuitvoeringen, bouw van huizen, noem maar op. In theorie hebben filosofische vergezichten over wat jij onder radicalen verstaat zin, maar in praktijk zijn ze een bedreiging die we maar beter niet goedpraten.

Foto: Schermafbeelding van deel artikelDe geschiedenis leert: vooruitgang begint vaak met een radicaal idee’ van Asha ten Broeke in De Volkskrant, 5 september 2019.

Advertenties

Kanttekening bij ‘Make America Hate Again’ van deathcore band Thy Art Is Murder. Is het satire die zijn doel voorbijschiet?

leave a comment »

De Australische deathcore band Thy Art Is Murder spreekt zich in het nummer ‘Make America Hate Again’ van het op 26 juli 2019 te verschijnen album ‘Human Target’ uit over de VS. Deathcore wordt door de meeste fans als een verguisde term gezien. Een commentaar op nuclearblast.com zegt over dit nummer: ”’Make America Hate Again‘ is niet bedoeld om de meer naar rechts leunende toehoorders van de linkse band te vervreemden; het is een aanval op het hele politieke systeem, de verwachting hekelend dat elke regering dingen “geweldig” voor de massa’s zal maken.’ Klopt dit commentaar en hoe pakt deze satire echt uit bij de supporters?

Er dreigt het Jacobse en Van Es-effect, namelijk dat de satire andersom wordt opgevat dan bedoeld wordt. Een commentaar bij de video van ene Zachary Scott wijst in die richting: ‘I am very conflicted. I love the band but find myself disagreeing with these calls to violence. I understand that they may be/are hyperbolic, but in an era where calls to violence are growing, this is unnerving.’ Ofwel, beangstigend. Hebben de aangesprokenen door dat het chargerend is bedoeld? Dus een poging om iets door overdrijving belachelijk te maken. Zelfs dan, ook als ze doorhebben dat het satirisch is bedoeld, dan kunnen ze de dramatische overdrijving opvatten als een realistisch politiek programma. Hoe verantwoordelijk is het dan van een Australische band om oproepen tot geweld die binnen de Amerikaanse samenleving al zo sterk leven verder aan te wakkeren? Hoewel het onduidelijk is hoever de invloed van deze band doordringt tot de haarvaten van de Amerikaanse samenleving.

Wie profiteert het meest van ‘een aanval op het hele politieke systeem?’ Is dat de linkse beweging van de VS waar de band blijkbaar mee sympathiseert of zijn dat de tegenstanders? Beide kampen kunnen niet in gelijke mate profiteren. Is het niet vooral de alt-right, voormalig Breitbart ideoloog en adviseur van Trump Steve Bannon die een duistere kijk op de VS verspreidt en de ondergangsfantasie die Thy Art Is Murder persifleert serieus meent? Het risico bestaat dat een achterban van radicaal-rechts en extreem-rechtse activisten, witte racisten en neo-nazi’s door de teksten van Thy Art Is Murder bevestigd wordt in een Powelliaanse Rivers of Blood ondergangsfantasie of positiever gezegd, waarschuwing. Zo kunnen de aanhangers van Bannon of andere rechtse activisten aan dit nummer ondersteuning voor hun overtuiging ontlenen. Dat sterkt ze in hun motivatie. Als dat vanuit de subcultuur van de deathmetal of deathcore aangevuld en verdubbeld wordt met ‘een cultuur van de dood’ waar deze keer niet de kritiek op abortus of euthanasie mee bedoeld wordt, maar op de verharding van de politieke strijd met grof geweld, dan schiet dit nummer definitief zijn doel voorbij.

Nu is nog niet de slotsom te maken of Thierry Baudet zijn partij zal willen laten passen in het nieuwe, Europese conservatisme

leave a comment »


Het is de vraag of Forum voor Democratie (FvD) in de derde categorie tussen traditioneel rechts (VVD) en ultra- of nationaal-populistisch rechts (PVV) past zoals Volkskrant-columnist Martin Sommer oppert. Volgens vele critici is FvD radicaler dan de PVV, onder meer door de afwijzing van politiek, media en ‘universiteiten’.

Een complicatie voor de plaatsbepaling is het gedachtengoed van het Amerikaanse alt-right zoals dat door Steve Bannon, Richard Spencer en Jared Taylor wordt gerepresenteerd. President Trump haakt daar bij aan. Zijn politiek is er deels op gebaseerd en staat haaks op het conservatisme en de conservatieve beweging binnen de Republikeinse partij. Alt-right en het conservatisme verkeren op voet van oorlog met elkaar.

Baudet baseert zich deels op alt-right zoals zijn gesprek met Taylor aangeeft die hij in 2017 ontmoette in Amsterdam. Alt-right is zoals gezegd anti-conservatief. Het wordt verwoord in de ondergangsfilosofie van Bannon die onder meer bleek uit de duistere en gitzwarte aanvaardingstoespraak van Trump waaraan Bannon had meegeschreven. Dat is geen ongedaan maken van onwelgevallige veranderingen met de opzet om een verloren gegane traditie terug op te poetsen, dat is het tot op de grond toe afbreken van de bestaande structuren. Baudet leende daar in zijn overwinningsspeech na de Provinciale Statenverkiezingen de geest van.

In zijn afwijzing van het modernisme, hedendaagse kunst en architectuur stelt Baudet zich echter weer op als een traditionele conservatief, of misschien eerder anti-revolutionair die zich afzet tegen de verworvenheden van de Verlichting en de vruchten van de Franse revolutie. Dat staat weer los van een wetmatigheid in Baudets optreden, namelijk zijn terugkerende contacten met racisten binnen en buiten Forum voor Democratie.

Baudet combineert conservatieve en anti-conservatieve denkbeelden en probeert die tot een samenhangende, hanteerbare en aantrekkelijke mix te kneden. Met een heterogene intellectuele inbreng van ideeën en met het oog op beoogde electorale effecten. De stelling van Sommer dat Baudet met zijn partij ‘naadloos in het nieuwe Europees conservatisme past’ is dan ook zeer de vraag omdat op dit moment nog niet uitgekristalliseerd is of Baudet met zijn partij wel binnen het conservatisme past en er zelfs voor kiest om erbinnen te willen passen. De op Baudet invloedrijke Amerikaanse voorbeelden hebben fors afstand genomen van het conservatisme.

Het lijkt vooralsnog te voorbarig om te concluderen dat bij FvD het conservatieve gedachtengoed het zal winnen, zoals Martin Sommer doet. Laat staan dat het duidelijk is dat indien FvD ondubbelzinnig kiest voor het conservatisme FvD een plaats zal vinden rechts van de VVD en links van de PVV. FvD kan evengoed rechts van de PVV uitkomen als het het abnormale en buitenissige zoals bleek uit Baudets overwinningsspeech op 20 maart 2019 blijft normaliseren en als beginselprogramma aanneemt. Afwachten dus voordat we oordelen.

Foto: Schermafbeelding van deel columnThierry Baudet past naadloos in het nieuwe Europese conservatisme’ van Martin Sommer in De Volkskrant, 5 april 2019.