George Knight

Debat tussen links en rechts

Posts Tagged ‘NVOA

Bestuurders van Hogescholen pleiten vanwege diversiteit voor lagere lat taalonderwijs. Ze gooien Nederlandse taal te grabbel

with 2 comments

De maatschappelijke discussie moet niet alleen maar gaan of wij goed kunnen spellen met d’s en t’s en dergelijke, maar dat het ook gaat over de rijkheid van de taal, over de manier hoe je de taal gebruikt om te communiceren. Daarmee zet je ook een breder palet neer voor diegene die die taalachterstand hebben. Het moet niet alleen over de techniek van de taal gaan, maar ook om het gebruik. Zo ga je van taalachterstand naar taalenthousiasme.’ Aldus een citaat van Nienke Meijer in een verslag op ScienceGuide over een bijeenkomst (‘meet-up) van de NVAO (de Nederlands-Vlaamse Accreditatieorganisatie) en de Verenigde Hogescholen. Nienke Meijer is geen taalkundige of sociolinguïst, maar volgens opgave van haar werkgever Fontys Hogescholen ‘studeerde ze organisatie en sociale psychologie en marketing’.

In hetzelfde artikel op ScienGuide wordt ook Marja Poulussen van de Hogeschool Rotterdam geciteerd: ‘Ik denk dat het heel belangrijk is dat wij niet precies op die grammatica gaan zitten, maar op de betekenis van taal. Op de po-scholen in Rotterdam-Zuid waar ik weleens kom is er geen enkele docent die grammaticaal perfect Nederlands spreekt. Hoe belangrijk is die ‘d’ en ‘t’ of het juiste gebruik van een lidwoord ‘de’ of ‘het’ nu eigenlijk? In een bi-culturele samenleving moet er gewoon wat water bij de wijn.’ Poulussen is geen taalkundige of sociolinguïst, maar volgens haar LinkedIn-profiel opgeleid als onder meer psychiatrisch verpleegkundige en culturele antropologe.

Op dat idee van Meijer en Poulussen om in het taalonderwijs water bij de wijn te doen kwam kritiek van onder gastcolumnist Izz ad-Din Ruhulessin in de Volkskrant. Hij schrijft onder meer: ‘Aandachtig lees ik het artikel op ScienceGuide. Hoe verder ik in het artikel vorder, hoe meer een gevoel van walging mij bekruipt. Ik wil nog een glas whisky inschenken, maar de fles is leeg. Het doet een beetje denken aan dat memorabele moment waar Job Cohen tijdens een televisiedebat zei dat allochtonen succesvol zijn omdat ze zijn geholpen.’

Ruhulessin heeft gelijk, Meijer en Poulussen spannen het paard achter de wagen. Als het taalonderwijs niet toereikend is, dan moet dat verbeterd worden door de inspanning van de Verenigde Hogescholen. Dat kan door een betere organisatie van middelen en een hogere prioriteit voor onderwijs in de Nederlandse taal. Het is een teken van zwakte en een brevet van onvermogen die de Verenigde Hogescholen zichzelf geven door de lat te verlagen. Ruhulessin: ‘Het docentencorps moet diverser worden en om dat te bereiken moeten we de lat verlagen zodat die diversiteit ook de kans krijgt om toe te treden. Wat? Dan kun je toch net zo goed alle vormen van toetsing afschaffen zodat iedereen overal een gelijke kans heeft om ergens binnen te komen.

Bestuurders als Meijer en Poulussen tornen vanuit problemen die ze in hun opleidingen niet op kunnen lossen aan de Nederlandse taal en het taalonderwijs. Het is alarmerend als Poulissen zegt dat op ‘po-scholen in Rotterdam-Zuid (..) geen enkele docent is die grammaticaal perfect Nederlands spreekt’. Dat vraagt om actie van de Verenigde Hogescholen om te zorgen dat de opleidingen die ze aanbieden beter van kwaliteit worden. Docenten met taalachterstand, hoe kunnen ze aangesteld worden in zo’n pedagogische voorbeeldfunctie? Ze geven het verkeerde voorbeeld. Evenals niet-taalkundigen als Meijer en Poulussen die onvoldoende beseffen welke schade ze de Nederlandse taal en het taalonderwijs aandoen met hun gratuite schoten voor de boeg.

Foto: Schermafbeelding van deel artikelVan taalachterstand naar taalenthousiasme’ van Frans van Heest op ScienceGuide, 29 maart 2017.

Aangepaste wet beschermt namen ‘universiteit’ en ‘hogeschool’. En kan discriminatoire gedragingen en uitlatingen aanpakken

leave a comment »

Er is wetgeving in de maak die namen ‘universiteit’ en ‘hogeschool’ of vertalingen daarvan beschermt. Dat is voortaan voorbehouden aan bepaalde instellingen van hoger onderwijs. Een nieuwsbericht van februari 2016 zegt: ‘Minister Bussemaker wil met het voorstel een einde maken aan de praktijk dat instellingen zich ten onrechte universiteit, university (of applied science) of hogeschool noemen en studenten daardoor misleiden. Met het wetsvoorstel wordt onterecht gebruik van de namen verboden.’  Zo’n 40 opleidingsinstituten in Nederland inclusief de ‘Islamitische Universiteit Rotterdam’ moeten op zoek naar een nieuwe naam.

Artikel 1.3, vijfde lid gaat in op discriminatie: ‘De instellingen voor hoger onderwijs schenken mede aandacht aan de persoonlijke ontplooiing van hun studenten en de bevordering van hun maatschappelijk verantwoordelijkheidsbesef. De bevordering van maatschappelijk verantwoordelijkheidsbesef houdt ten minste in dat de instellingen, met inbegrip van degenen die hen formeel of informeel vertegenwoordigen, zich onthouden van discriminatoire gedragingen en uitlatingen. De instellingen richten zich in het kader van hun werkzaamheden op het gebied van het onderwijs wat betreft Nederlandstalige studenten mede op de bevordering van de uitdrukkingsvaardigheid in het Nederlands.

Hoe in Nederland gevestigde opleidingsinstituten die met buitenlands geld worden gefinancierd kunnen worden aangepakt is onduidelijk. Ook is het ongewis wanneer artikel 1.3, vijfde lid wordt overtreden. In een toelichting zegt het voorstel: ‘Er is ook sprake van een onmiskenbare verzaking van voornoemde plicht indien bijvoorbeeld intolerantie jegens bepaalde bevolkingsgroepen wordt uitgedragen op de website van de instelling. Er is nadrukkelijk geen sprake van strijd met artikel 1.3, vijfde lid, wanneer het gaat om wetenschappelijk of toegepast onderzoek. In het kader van de academische vrijheid moeten instellingen immers onderzoek kunnen doen. Onderzoek kan ook bijdragen aan het maatschappelijk debat. Dat is niet het geval wanneer wordt opgeroepen tot discriminatie. In dat geval wordt de grens overschreden van wat toelaatbaar is voor een instelling die deel uitmaakt van ons hoger onderwijs.’ Gezien de academische vrijheid zal de overheid terughoudend zijn met ingrijpen. In situaties van herhaalde discriminerende uitlatingen zoals door de rector van de Islamitische Universiteit Rotterdam biedt de wet voortaan een handvat om op te treden.

Wie gelooft de rector Islamitische Universiteit Rotterdam nog?

with 7 comments

Update 10 juni 2015: Minister Jet Bussemaker (OCW) heeft het vertrouwen in rector Akgündüz opgezegd, aldus de NOS. Zij eist zijn vertrek nadat hij  afgelopen weken in de aanloop naar de Turkse verkiezingen de links-Koerdische partij HDP ‘een partij van homo’s en Armeniërs’ noemde. Maar er zijn mer incidenten geweest. De rector is een aanhanger van de AKP van president Erdogan. Bussemaker kan de rector van deze HBO-instelling niet ontslaan, ze heeft de Raad van Toezicht verzocht Akgündüz weg te sturen. Of de Raad naar Bussemaker luistert valt te bezien. De stok achter de deur is dat het kabinet de accreditatie van de Islamitische Universiteit Rotterdam intrekt, vice-premier Asscher dreigde daar in oktober 2013 al mee.  

De Islamitische Universiteit Rotterdam (IUR) is een academische instelling in wording. De titel ‘Universiteit‘ is in Nederland onvoldoende beschermd waardoor elke instelling zich zo kan noemen. Het is een soennitisch-Turkse instelling die afwijzend is naar de alevitische of sjiitische islam. Rector Ahmet Akgündüz is in opspraak gekomen na anti-westerse uitspraken. Vice-premier Asscher dreigt met intrekken van de accreditatie als de rector zijn woorden niet terugneemt. Ze passen volgens Lodewijk Asscher niet binnen de Nederlandse rechtsstaat. De IUR ontkent in een persbericht alle beschuldigingen. Maar hoe kan Akgündüz nog overtuigen?

Protesten bij bezoek Erdogan leiden af van Turkse tegenstellingen

with 4 comments

Taqiyye

Update 21 januari 2014: VVD-Kamerlid Pieter Duisenberg pleit voor intrekking van de accreditatie van de Islamitische Universiteit in Rotterdam, aldus Trouw. Aanleiding zijn uitlatingen van de rector, dr. Ahmet Akgündüz die het geweld van de regering-Erdogan tegen demonstranten goedpraat. Nog in oktober 2013 dreigde vice-premier Asscher met intrekking van de accreditatie na anti-westerse uitspraken van de rector. 

De Islamitische Universiteit Rotterdam (IUR) is een academische instelling in wording. De titel ‘Universiteit’ is in Nederland onvoldoende beschermd waardoor elke instelling zich zo kan noemen. In 2009 oordeelde een commissie over de hoogste opleiding, de masteropleiding Islamitische geestelijke verzorging dat het ‘voldoet aan de eisen voor de basiskwaliteit die een voorwaarde zijn voor accreditatie’. Maar de IUR laat weten dat deze opleiding door de  Nederlandse en Vlaamse Accreditatieorganisatie NVOA nog steeds niet geaccrediteerd is. Dat betekent dat een officieel keurmerk ontbreekt, dat de voorwaarde voor bekostiging door de overheid ontbreekt en dat de IUR geen recht heeft om erkende diploma’s af te geven. Opmerkelijk is dat dr. Jan Peters zowel deel uitmaakte van de accreditatiecommissie uit 2009 als lid is van de Raad van Toezicht van de IUR.

De IUR presenteert zich als een instituut voor moslims met diverse achtergronden. Maar da’s schijn. Het is een Turks-soennitische instelling waar Turkse namen in de staf de meerderheid vormen. Ondanks die Turkse steun dreigde in 2003 een faillissement door de aankoop van het kapitale pand van 2,5 miljoen euro aan de Bergsingel. De Triodos Bank schoot de IUR  te hulp met een lening. Wat een criticus tot de verzuchting brengt waarom een bank die uit de antroposofie voortkomt islamisten steunt. In 2002 merkte Johan Meuleman van de concurrerende Islamitische Universiteit Europa (IUE) op over de IUR: ‘(..) een groot deel van de bestuurders zit gewoon in Ankara achter een bureau. De meeste docenten, inclusief de rector zelf, spreken geen woord Nederlands. Dus wie zouden dan die financiers moeten zijn?‘ De IUE staat ook onder Turkse invloed.

Volgens Jan Felix Engelhardt heeft de IUR hechte banden met de Nurcu-beweging. Een nadeel voor studenten. Een hedendaagse representant die zich internationaal manifesteert is Fethullah Gülen die tegenstanders als pseudo-modernist zien. De beweging brengt de moderniteit naar de islam, maar niet omgekeerd. Het wijst de moderne wetenschap echter niet af. De samenwerking tussen premier Erdogan en de Gulen-beweging lijkt sinds kort voorbij. Binnen de regerende AK-partij bestaan verschillende facties. Premier Recep Erdogan is een Nakşiler, een aanhanger van de Nakşibendi die ook voortkomt uit de spirituele Soefi-beweging.

Erdogan bezoekt komende donderdag de IUR. Turkse-Nederlanders combineren zijn bezoek met een protest tegen de plaatsing van Yunus. Dat wijst in hun ogen op verkeerde keuzes die de Nederlandse pleegzorg maakt. Door de commotie over Yunus en de aandacht die Turkse media en politici voor de vermeende onverenigbaarheid van islam en homosexualiteit opeisen wordt de interne Turkse strijd gemaskeerd. Daar waar extreem-rechts, nationalisme en conservatieve islam elkaar kruisen. Premier Erdogans bezoek geeft het zoveelste signaal dat-ie de assimilatie van Europeanen van Turkse herkomst afwijst. Maar frappanter is dat-ie zich waagt in een bolwerk van de Fethullah Gülen beweging. Voor nu een binnenlandse vijand in Rotterdam.

Foto: Banner bij ‘To taqiyye or not to taqiyye? De Gulenbeweging = Vijfde colonne..?‘ op www.fethullahgulen.nl.